CConstaterende datHilvarenbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

11 Bestemmingsplan Koningin Julianaweg 1 en 1B en Turkaaweg ong (04 bijlage 2 - Regels bestemmingsplan)

Gemeenteraad 1 februari 2024, gemeente HilvarenbeekBij agendapunt: Raadsvoorstel tot gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan “Koningin Julianaweg 1 – 1B en Turkaaweg ong.”.10.966 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

kleinschalig logeren in vrijstaande bijgebouwen.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

27

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

6.4.2

Waterberging

Het gebruik conform de bestemming 'Wonen' is alleen toegestaan indien de in de waterparagraaf opgenomen compenserende waterberging wordt gerealiseerd en in stand wordt gehouden. 6.4.3

Voorwaardelijke verplichting landschappelijke inpassing

Het gebruik conform de bestemming 'Wonen' is alleen toegestaan indien: a. binnen 12 maanden na verkrijging van een onherroepelijke omgevingsvergunning voor het bouwen van een hoofdgebouw als bedoeld in 6.2.2 de landschappelijke inpassing behorende bij de betreffende woning is aangelegd; b. na aanleg van de landschappelijke inpassing als bedoeld in sub a duurzaam in stand wordt gehouden; c.

onder de landschappelijke inpassing zoals bedoeld in sub a wordt in deze planregels verstaan het landschappelijk inpassingsplan zoals opgenomen in Bijlage 3.

6.5

Afwijken van de gebruiksregels

6.5.1

Kleinschalig logeren

Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in 6.1 ten einde kleinschalig logeren als nevenactiviteit in vrijstaande bijgebouwen bij een woning toe te staan, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan: a. kleinschalig logeren in de vorm van bed & breakfast, appartementen en/of gastenkamers is toegestaan. Het kleinschalig logeren bestaat uit maximaal 3 kamers van maximaal 2 personen per kamer per woning met een maximale omvang van 150 m² in totaal, met dien verstande dat niet meer dan 40% van de vloeroppervlakte van de woning gebruikt mag worden ten behoeve van kleinschalig logeren; b. permanente bewoning of huisvesting van tijdelijke werknemers is niet toegestaan; c.

de cultuurhistorische waarden mogen niet onevenredig worden aangetast;

d. er vindt geen uitbreiding van bebouwing ten behoeve van de nevenactiviteit plaats; e. overtollige bebouwing wordt gesloopt; f.

er vindt geen onevenredige aantasting plaats van de in geding zijnde belangen, waaronder die van omwonenden en omliggende (agrarische) bedrijven;

g. de verkeersaantrekkende werking van de nevenactiviteit dient te zijn afgestemd op de feitelijke ontsluitingssituatie; h. er dient op eigen terrein te worden voorzien in de parkeerbehoefte; i.

het mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van de in de omgeving aanwezige waarden.

6.5.2

Aan huis verbonden bedrijf

Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor afwijken van het bepaalde in 6.4.1 onder b teneinde een aan huis verbonden bedrijf toe te staan, mits: a. het ten behoeve van het aan huis verbonden bedrijf in gebruik te nemen bedrijfsvloeroppervlak niet meer bedraagt dan 25% van het vloeroppervlak van het hoofdgebouw en de erfbebouwing, met dien verstande dat de woonfunctie primair en in ruimtelijke zin gehandhaafd blijft;

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

28

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

b. het aan huis verbonden bedrijf voorkomt in de milieucategorie 1 of 2 van de in Bijlage opgenomen bedrijfsactiviteiten of kan, voor wat betreft de aard en omvang van de milieuhinder die het veroorzaakt, gelijk gesteld worden aan een bedrijf behorende tot één van die milieucategorieën; c.

het gebruik geen onevenredige afbreuk veroorzaakt op de verkeersafwikkeling en de parkeerbalans;

d. geen horeca

en geen detailhandel plaatsvindt, uitgezonderd een beperkte verkoop

ondergeschikt aan de uitoefening van het aan huis verbonden bedrijf; e. de aard en de activiteiten van het bedrijf niet leiden tot een onevenredige afbreuk van het woonen leefklimaat in de omgeving.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

29

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

Artikel 7 7.1

Waarde - Archeologie 2

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Waarde - Archeologie 2' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming van de middelhoge verwachtingswaarde en hoge verwachtingswaarde vanwege vindplaats jager/verzamelaars buiten natuurgebieden.

7.2

Bouwregels

7.2.1

Algemeen

In afwijking van het bepaalde bij de andere bestemmingen eisen burgemeester en wethouders uitsluitend voor gebouwen of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en vergroting van bestaande gebouwen of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, waarbij ter realisering bodemroerende werkzaamheden noodzakelijk zijn, die: a. een totale oppervlakte hebben groter dan 2.500 m², en b. waarvoor grond op een diepte van 0,5 meter of meer onder het maaiveld, moet worden geroerd dat alvorens de omgevingsvergunning wordt verleend, door de aanvrager een archeologisch rapport wordt overlegd waarin de archeologische waarde van de gronden die blijkens de aanvraag zullen worden verstoord, naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate zijn vastgesteld. 7.2.2

Voorwaarden omgevingsvergunning

Indien uit dit archeologisch rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning zullen worden verstoord, kunnen burgemeester en wethouders

een

of

meerdere

van

de

volgende

voorwaarden

verbinden

aan

de

omgevingsvergunning: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen of; c.

de verplichting de oprichting van het bouwwerk te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificaties.

7.3 7.3.1

Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden Omgevingsvergunning

Het is verboden op of in deze gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren:

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

30

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

a. het ophogen, afgraven (ook ten behoeve van het verwijderen van bestaande funderingen), woelen, mengen, diepploegen, aanbrengen van heipalen, egaliseren en ontginnen van gronden met dien verstande dat het werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden betreft met een oppervlakte groter dan 2.500 m² en dieper dan 50 centimeter onder maaiveld; b. het wijzigen van de waterhuishouding, zoals draineren en het uitdiepen, graven en/of verleggen van waterlopen; c.

het aanbrengen van ondergrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur dieper dan 50 centimeter onder maaiveld;

d. het verlagen van de grondwaterstand over een oppervlakte van 2.500 m². 7.3.2

Uitzonderingen

Het verbod, zoals bedoeld in 7.3.1 is niet van toepassing, indien: a. het gaat om onderhouds- en vervangingswerkzaamheden van bestaande bestratingen en beplantingen en werkzaamheden binnen bestaande tracés van kabels, leidingen en rioleringen waarbij niet dieper gegraven wordt dan de reeds uitgegraven diepte; b. het gaat om het vervangen van bestaande drainages op dezelfde plaats en op maximaal dezelfde diepte; c.

op basis van inventariserend en/of definitief archeologisch onderzoek is aangetoond dat op de betrokken locatie geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn;

d. de werken en werkzaamheden: 1. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van het plan; 2. mogen worden uitgevoerd krachtens een reeds verleende omgevingsvergunning of een ontgrondingsvergunning; 3. worden uitgevoerd ten behoeve van uitvoering van de voorwaardelijke verplichting in sublid 7.3.3. e. de werken en werkzaamheden op inventariserend of definitief archeologisch onderzoek zijn gericht. 7.3.3

Voorwaarden voor een omgevingsvergunning

Indien uit dit archeologisch rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning zullen worden verstoord, kunnen burgemeester en wethouders

een

of

meerdere

van

de

volgende

voorwaarden

verbinden

aan

de

omgevingsvergunning: a. de verplichting tot het treffen van technische maatregelen, waardoor de archeologische resten in de bodem kunnen worden behouden; b. de verplichting tot het doen van opgravingen of; c.

de verplichting de oprichting van het bouwwerk te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van de archeologische monumentenzorg die voldoet aan door het bevoegd gezag bij de omgevingsvergunning te stellen kwalificaties.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

31

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

HOOFDSTUK 3 Artikel 8

ALGEMENE REGELS

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

32

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

Artikel 9

Algemene gebruiksregels

Onder het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, aanhef en onder c van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, wordt onder gebruik strijdig met het plan in ieder geval begrepen het gebruik van gronden en opstallen: a. ten behoeve van het boren naar gas.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

33

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

Artikel 10 Algemene aanduidingsregels 10.1

overige zone - groenblauwe mantel

Ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - groenblauwe mantel' zijn de gronden tevens bestemd voor behoud, herstel of duurzame ontwikkeling van het watersysteem en de ecologische en landschappelijke waarden en kenmerken van de onderscheiden gebieden.

10.2

Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden

10.2.1 Omgevingsvergunningplicht Het is verboden op en in de hierna genoemde gronden de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren te doen of te laten uitvoeren, zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning: Aanduidingen / Activiteiten

a

b

c

d

e

f

g

h

i

j

overige zone - groenblauwe mantel

+

-

+

-

-

-

-

-

+

-

+ omgevingsvergunning vereist - toegestaan (zonder omgevingsvergunning) a. het aanleggen van oppervlakteverhardingen groter dan 200 m², met dien verstande dat ter plaatse van de aanduiding 'overige zone - attentiegebied ehs' de verplichting geldt bij de aanleg van oppervlakteverhardingen groter dan 100 m²; b. aanbrengen van (infrastructurele) ondergrondse leidingen; c.

afgraven, vergraven, ophogen en egaliseren van de bodem;

d. diepploegen en diepwoelen van de bodem; e. dempen van poelen, sloten en greppels; f.

aanleggen van drainage;

g. verlagen van de waterstand door de aanleg van beregeningsinstallaties; h. beplanten van gronden met houtgewas hoger dan 1,3 meter; i.

vellen of rooien van houtgewas;

j.

het wijzigen van de perceelsindeling, zoals door sloten, greppels en beplantingselementen is aangegeven.

10.2.2 Beoordelingscriteria Het bevoegd gezag verleent de omgevingsvergunning als bedoeld in sublid 10.2.1 alleen indien door de in sublid 10.2.1 genoemde werken of werkzaamheden, dan wel door de gevolgen daarvan, hetzij direct, hetzij indirect de waarden en/of functies die het plan beoogt te beschermen, niet blijvend onevenredige of niet onevenredig kunnen worden aangetast, tenzij hieraan door het stellen van voorwaarden voldoende tegemoet kan worden gekomen.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

34

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

10.2.3 Uitzonderingen vergunningplicht Geen omgevingsvergunning als bedoeld in sublid 10.2.1 is vereist voor: a. werken of werkzaamheden behorende bij het normale onderhoud, gebruik en beheer; b. werken of werkzaamheden die worden uitgevoerd ter ontwikkeling van landschaps- en natuurwaarden; c.

werken of werkzaamheden die op het moment van inwerkingtreding van het plan in uitvoering waren of konden worden uitgevoerd krachtens een vóór dat tijdstip geldende of aangevraagde vergunning;

d. werken en werkzaamheden die uitgevoerd worden binnen het bouwvlak.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

35

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

Artikel 11 Algemene afwijkingsregels 11.1

Omgevingsvergunning kleine windmolens

Het bevoegd gezag kan door middel van het verlenen van een omgevingsvergunning afwijken van de bestemmingsregels ten behoeve van een windmolen, geen gebouw zijnde, tot een maximale bouwhoogte van 15m, onder de volgende voorwaarden: a. Per bestemmingsvlak/bouwvlak is één windmolen, gericht op individueel gebruik, toegestaan. b. De afstand tot woningen van derden mag niet minder bedragen dan 100 m. c.

De hoogte van de windmolen mag niet meer bedragen dan 15 m.

d. De windmolens mag niet worden gerealiseerd binnen een afstand van 100 m van gronden met de bestemming 'Bos', 'Natuur'. e. De belangen van derden worden niet onevenredig geschaad. f.

De in het gebied aanwezige waarden mogen niet onevenredig worden aangetast.

g. Er moet sprake zijn van een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

36

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

Artikel 12 Algemene wijzigingsregels 12.1

Wijziging bebouwingsconcentraties

Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen teneinde de aanduiding 'overige zonebebouwingsconcentraties' op de verbeelding op te nemen, indien uit onderzoek blijkt dat ter plaatse sprake is van een bebouwingsconcentratie.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

37

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

Artikel 13 Overige regels 13.1

Parkeren

Het bevoegd gezag toetst bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor het bouwen en/of het verlenen van een omgevingsvergunning voor het afwijken van de gebruiksregels of wordt voorzien in voldoende parkeer- en stallingsgelegenheid. Een omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien wordt voldaan aan de volgende regels: a. In het geval van de oprichting of uitbreiding van een gebouw dient ten behoeve van het parkeren van auto's en het stallen van fietsen te worden voorzien in voldoende parkeer- en stallingsgelegenheid. b. In het geval van functiewijziging van een gebouw en/of van gronden dient ten behoeve van het parkeren van auto's en het stallen van fietsen te worden voorzien in voldoende parkeer- en stallingsgelegenheid. c.

Voor het bepalen van de benodigde parkeer- en stallingsgelegenheid dient te worden voldaan aan de gemeentelijke parkeernota, zoals bedoeld in artikel 1.41.

d. De parkeer- en stallingsvoorzieningen als bedoeld onder a en b dienen in stand te worden gehouden.

13.2

Laden en Lossen

Indien de bestemming van een gebouw aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het bijbehorend bouwperceel, overeenkomstig met de gemeentelijke parkeernota.

13.3

Afwijken van de parkeerregels

Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in lid 13.1 en 13.2 ten behoeve van een gebruiksverandering, dan wel de verlening van een omgevingsvergunning voor bouwen, voor zover in voldoende mate op andere wijze in de nodige parkeer- of stallingruimte, dan wel laad- of losruimte wordt voorzien, met dien verstande dat: a. Geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken; b. geen onaanvaardbare situatie ontstaat met betrekking tot milieu hygiënische kwaliteit, waterhuishouding en externe veiligheid; c.

geen nadelige beïnvloeding ontstaat van de normale afwikkeling van het verkeer en de feitelijke verkeerssituatie.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

38

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

HOOFDSTUK 4

OVERGANGS- EN SLOTREGELS

Artikel 14 Overgangsrecht 14.1

Overgangsrecht bouwwerken

14.1.1 Algemeen Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, danwel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, a. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; b. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. 14.1.2 Afwijken bij omgevingsvergunning Burgemeester en wethouders kunnen eenmalig in afwijking van het bepaalde in 14.1.1 een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in 14.1.1 met maximaal 10%. 14.1.3 Uitzondering Het bepaalde in 14.1.1 is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

14.2

Overgangsrecht gebruik

14.2.1 Algemeen Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. 14.2.2 Strijdig gebruik Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in 14.2.1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. 14.2.3 Onderbroken gebruik Indien het gebruik, bedoeld in 14.2.1 na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

39

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

14.2.4 Strijd met voorheen geldend bestemmingsplan Het bepaalde in 14.2.1 is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

40

Bestemmingsplan ‘Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong.’ - Regels

Artikel 15 Slotregel Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan Koningin Julianaweg 1 en 1b en Turkaaweg ong..

ONTWERP Crijns Rentmeesters bv

41

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13738533/1