10 Onderzoeksgebied Gebiedsontwikkeling de Baars (3 bestuursopdracht energiehubs De Baars en Kattenberg)
Tekst van het document
Bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg
Bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg
Opgesteld door: Gemeente Goirle Gemeente Hilvarenbeek Gemeente Oisterwijk Gemeente Tilburg Waterschap De Dommel Publiek Ontwikkelbedrijf REKS B.V.
datum betreft
28 februari 2024 Bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
4
2.
Vertrekpunten
5
2.1 2.2 2.3 2.4
Vertrekpunt 1: Het REKS-bod Vertrekpunt 2: Resultaten verkenning energiehubs De Baars en Kattenberg Veranderde context (2021-2023) Gezamenlijke start De Baars en Kattenberg
5 6 8 10
3.
Plan van Aanpak
12
3.1 3.2
Doelen Strategie en aanpak planvormings- en ontwikkelproces
12 13
4.
Uitwerking aanpak fase 1 ‘koers bepalen’
16
4.1 4.2 4.3 4.4
Stappenplan Stuurgroep en bestuurlijk proces Projectorganisatie Participatiestrategie
16 18 18 20
3
datum betreft
1.
28 februari 2024 Bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg
Inleiding Voor u ligt de bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg. In deze bestuursopdracht beschrijven we het planvormings- en onderzoeksproces om te komen tot gebiedsvisies voor de energiehubs De Baars en Kattenberg. Deze bestuursopdracht is opgesteld door de projectgroep De Baars en Kattenberg, waarin de vier samenwerkende gemeenten Goirle, Hilvarenbeek, Oisterwijk en Tilburg, Waterschap De Dommel en het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS (POB REKS) samenwerken. De bestuursopdracht heeft tot doel om vooraf een transparant proces en een herkenbare projectorganisatie te schetsen, waarbinnen samengewerkt wordt aan de gebiedsgerichte uitwerking van de doelen uit de Regionale Klimaat- en Energiestrategie Hart van Brabant (REKS 1.0) voor de zoekgebieden De Baars en Kattenberg. Het totale proces tot aan realisatie wordt beschreven, waarbij de focus van de bestuursopdracht ligt op de totstandkoming van de gebiedsvisies. De energiehubs doorlopen ieder een eigen planvormingsproces passend bij de gebiedsopgave. De eerste fase doorlopen we vanuit oogpunt van efficiëntie voor beide energiehubs gezamenlijk. Afhankelijk van de uitkomsten van het planvormingsproces zullen we bepalen op welke wijze we de gebiedsvisies zullen opstellen voor de beide energiehubs. Uitgangspunt is dat dit in twee separate planvormingstrajecten zal plaatsvinden.
Met de vaststelling van de bestuursopdracht nemen we een besluit over: 1. 2. 3. 4.
het te doorlopen inhoudelijke planvormings- en onderzoeksproces voor de uitwerking van de energiehubs; de uitgangspunten die hierbij leidend zijn; de rollen, taken en verantwoordelijkheden van de diverse partijen in het proces om te komen tot (een) integrale gebiedsvisie(s) voor beide energiehubs; de participatiestrategie, in lijn met de eerdere participatieplannen, waarmee we stakeholders en inwoners ruimte geven om inbreng te hebben in de uitwerking van de gebiedsvisie(s).
De bestuursopdracht kent de volgende opbouw: •
•
•
In hoofdstuk 2 vindt u een overzicht van de vertrekpunten van het planvormingsproces. Deze komen voort uit drie bouwstenen: o de uitgangspunten en kaders uit het REKS-bod; o de resultaten van de verkenningen die uitgevoerd zijn voor de beide energiehubs; o de recente economische, juridische, technische en maatschappelijke ontwikkelingen die invloed hebben op de ontwikkelmogelijkheden. In hoofdstuk 3 beschrijven we het beoogde onderzoeks- en planvormingsproces dat moet leiden tot de gefaseerde en gebiedsgerichte uitwerking van de energiehubs in samenhang met andere opgaven in het gebied (water, klimaat, natuur, landbouw, recreatie). In hoofdstuk 4 vindt u een gedetailleerdere uitwerking van de eerste fase van het planvormingsproces dat voor beide energiehubs in gezamenlijkheid wordt doorlopen. Hier gaan we nader in op het stappenplan, het bestuurlijk proces, de projectorganisatie en de participatiestrategie.
In de bijlagen 1, 2 en 3 zijn de resultaten van de verkenningsfase voor respectievelijk De Baars en Kattenberg opgenomen.
4
datum betreft
2.
28 februari 2024 Bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg
Vertrekpunten We beginnen niet vanaf nul. In de afgelopen jaren is hard gewerkt aan het opstellen van de REKS 1.0 en (deels parallel) aan het verkennen van de ontwikkelmogelijkheden in de zoekgebieden De Baars en Kattenberg. Het voorwerk biedt kaders, randvoorwaarden en uitgangspunten voor het te doorlopen proces. Daarnaast volgen uit actuele ontwikkelingen in de energietransitie en andere opgaven in het gebied belangrijke aandachtspunten voor de planvorming.
2.1
Vertrekpunt 1: Het REKS-bod In juli 2021 hebben de negen gemeenten in de regio Hart van Brabant, samen met de provincie en drie waterschappen de Regionale Energie- en Klimaatstrategie (REKS 1.0) ingediend bij het Rijk. In de REKS laten de gemeenten, de waterschappen en de provincie hun ambities zien op het gebied van energiebesparing, opwekking van grootschalige duurzame energie en aanpassingen als gevolg van de klimaatveranderingen. Bij de totstandkoming van deze ambities zijn stakeholders, zoals netbeheerders, natuurorganisaties, en energiecoöperaties actief betrokken. De REKS is door alle gemeenteraden, het algemeen bestuur van de waterschappen en Provinciale Staten vastgesteld. De REKS gaat ervan uit dat in 2030 in de regio Hart van Brabant 1 Twh electriciteit duurzaam wordt opgewekt. Vanuit de ruimtelijke ordeningsprincipes zonering en clustering is ervoor gekozen om de nieuwe grootschalige opwekking van wind- en zonne-energie te verdelen over drie zones: wind in het noorden van de regio, wind boven nieuw bos in het zuiden en energiehubs waar diverse vormen van energieopwekking, -opslag en innovatie worden geclusterd in de middenzone. In het REKS-bod zijn vijf zoekgebieden aangewezen voor energiehubs in de middenzone van de regio Hart van Brabant. De energiehubs worden onderdeel van de belangrijke nieuwe gebiedsopgaven voor de regio.
Hier zal de energie- en klimaatopgave hand-in-hand moeten gaan met andere ontwikkelingen in deze gebieden. Kortom, het bepalen van de exacte locaties voor windturbines en zonnepanelen vindt integraal plaats in een gebiedsproces, samen met andere opgaven in het gebied en de klimaatopgaven die meegeven zijn vanuit de REKS. Het opstellen van (een) integrale gebiedsvisie(s) is hierbij een cruciaal onderdeel. De Baars en De Kattenberg zijn twee van deze zoekgebieden. Het REKS-bod gaat uit van de realisatie van twintig windturbines in de middenzone. De uitwerking van de energiehubs zal sturing geven aan de verdeling van de beoogde turbines over de vier energiehubs. In de Voortgangsrapportage REKS ’23 wordt de verwachting uitgesproken dat de energiehubs De Baars en Kattenberg ieder ruimte kunnen bieden aan 20 Megawatt (MW) opgesteld vermogen windenergie (afhankelijk van de omvang komt dit neer op in totaal 10 tot 15 windturbines).
5
datum betreft
28 februari 2024 Bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg
Energiehub De Baars Energiehub Kattenberg
Figuur 2.1: Ontwikkelscenario grootschalige opwekking elektriciteit (Bron: REKS 1.0 Hart van Brabant)
Voor beide energiehubs is in de REKS op hoofdlijnen een ontwikkelperspectief geschetst. Voor de Baars luidt deze als volgt: “Rondom het infrastructurele knooppunt De Baars ontwikkelen we met de gemeenten Tilburg, Oisterwijk, Goirle en Hilvarenbeek een hub, die de poort zal zijn naar de Kempen, het Van Gogh Nationaal Park, Beekse Bergen en Tilburg. Hier komen mobiliteitsopgaven, natuur- en klimaatopgaven, biodiversiteits- en landschapsopgaven, recreatieve opgaven en energietransitie samen.” Over Kattenberg is het volgende opgenomen: “Aan de A58 in en nabij het gebied de Kattenberg ontwikkelen we een hub van zonne- en windenergie in combinatie met landbouwtransitie (bijvoorbeeld circulaire landbouw of de VAB-problematiek), natuurontwikkeling (biodiversiteit en het herstel van beeksystemen) en klimaatopgaven (het tegengaan van hittestress en de effecten van verdroging en extreme vernatting). Bij de realisatie van deze hub zorgen we ervoor dat er geen schade optreedt voor het weidevogelgebied Moergestels Broek en het natuurpanorama Kampina.” Als eerste stap noemt de REKS het uitwerken van het bovenstaande ontwikkelperspectief tot een integrale gebiedsvisie, op basis waarvan de gebiedsontwikkeling voor de zoekgebieden kan worden opgestart. Ter voorbereiding hiervan is voor beide zoekgebieden een verkenning opgestart.
Voor het verdere verloop en het halen van de REKS doelen in 2030 is het nodig dat de vergunningverlening voor de energiehubs in 2025 plaatsvindt.
2.2
Vertrekpunt 2: Resultaten verkenning energiehubs De Baars en Kattenberg Voor beide studiegebieden is in de afgelopen periode op hoofdlijnen verkend welke mogelijkheden (en beperkingen) er zijn voor de ontwikkeling van wind- en zonne-energie, wat de klimaatopgaven zijn en wat de overige opgaven in het gebied zijn. In Box 1 en de bijlagen 1 en 2 zijn de resultaten uit de beide verkenningen beschreven.
6
datum betreft
28 februari 2024 Bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg
Box 1: Resultaten verkenningen De Baars en Kattenberg De verkenning van De Baars is al opgestart tijdens het opstellen van de REKS 1.0. De vier gemeenten Goirle, Hilvarenbeek, Oisterwijk en Tilburg hebben samen met Waterschap De Dommel en de provincie Noord-Brabant verkend hoe de opgave voor energieopwekking in samenhang met de andere opgaven in het gebied en de visie en ambities van belangrijke stakeholders kan worden uitgewerkt. Onder het perspectief ‘Toekomsttuin De Baars’ zijn 22 kaders en randvoorwaarden opgesteld op drie thema’s: Klimaatadaptatie en landschap, Energie en Economie. Ook is er een participatieplan opgesteld. Beide documenten zijn afgerond en in februari 2023 door de Stuurgroep vastgesteld. Colleges en gemeenteraden zijn geïnformeerd en hebben kennis kunnen nemen van de stukken. In Hilvarenbeek is het participatieplan bestuurlijk vastgesteld. De verkenning van de potenties en aandachtspunten op Kattenberg is in 2022 gestart. De betrokken gemeenten Hilvarenbeek en Oisterwijk hebben, op basis van een ruimtelijke verkenning en consultatie van stakeholders een concept Plan van Aanpak opgesteld. De resultaten zijn in de stuurgroep besproken, maar is niet door de colleges van B en W vastgesteld.
Tijdens de verkenning heeft afstemming plaatsgevonden met buurgemeente Oirschot, die onderdeel uitmaakt van de RES Metropoolregio Eindhoven en in het aangrenzende gebied ambities voor grootschalige opwekking van duurzame energie heeft. In bijlage 2 zijn de resultaten uit de verkenning opgenomen. In bijlage 1 en 2 zijn het “Kader van Randvoorwaarden” en het Participatieplan opgenomen. Een complexe ruimtelijke puzzel De conclusie uit beide verkenningen is dat de zoekgebieden voor de energiehubs in principe geschikt zijn voor het grootschalig opwekken van energie van wind en zon, dat er mogelijkheden zijn tot het vormen van hubs met andere vormen van energie, opslag en innovatie en dat er meekoppelkansen zijn voor andere opgaven in het gebied. Hierbij is een accentverschil tussen de energiehubs. Bij De Baars is duidelijk sprake van een samenloop van meerdere opgaven, in het bijzonder op het gebied van klimaatadaptatie, leisure, uitloop van bewoners van stad en dorp en transitie in de landbouw. Bij Kattenberg gaat het vooral om meekoppelkansen bij de energieprojecten, bijvoorbeeld op het gebied van de landbouwtransitie en landschapsverbetering.
Tegelijkertijd laten beide verkenningen zien dat de planologische plaatsingsruimte voor grootschalige wind- en zonneenergie, zowel in de hoogte als in het platte vlak, in de energiehubs substantieel wordt beperkt door gevoelige functies (zoals wonen en recreatie), kwetsbare en/of waardevolle gebieden (natuur, landschap, rust) en andere functionele ruimteclaims en ambities (zoals luchtvaart, defensie en (boven- en ondergrondse) infrastructuur). De gemeenteraad van Hilvarenbeek heeft in een amendement op de REKS 1.0 aangegeven dat het zoekgebied voor grootschalige energieopwekking binnen energiehub De Baars wordt begrensd tot maximaal 750 meter ten zuiden van de A58.1 De gemeenteraad van Goirle heeft besloten dat nieuwe windmolen op minimaal 500 meter van bestaand stedelijk gebied moeten worden geplaatst.
1 Amendement begrenzing zoekgebied grootschalige energieopwek, gemeenteraad Hilvarenbeek, 10 juni 2021.
7
datum betreft
28 februari 2024 Bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg
Tabel 2.1: De Baars en Kattenberg vergeleken
Betrokken gemeenten
Gedeelde stakeholders (selectie)
Onderscheidende stakeholders (selectie)
Urgente opgaven
2.3
De Baars
Kattenberg
Goirle Hilvarenbeek Oisterwijk Tilburg
Hilvarenbeek Oisterwijk
Waterschap De Dommel, Provincie Noord-Brabant, Lokale Energiecoöperaties (LEC’s), Landbouw/ZLTO, Defensie, Natuurmonumenten, Brabants Landschap, TenneT, Enexis, Staatsbosbeheer Beekse Bergen Gemeente Oirschot Elisabeth Twee-Steden Ziekenhuis Landgoed De Stille Wille Van Gogh Nationaal Park Landgoed Rozephoeve Koningshoeve Grondeigenaren en inwoners Grondeigenaren en inwoners Meerdere gebiedsopgaven, o.a.: Meer sectorale energieopgave met • klimaatadaptatie; meekoppelkansen: • leisure; • landbouwtransitie; • uitloop van de stad; • landschapsverbetering. • landbouwtransitie.
Veranderde context (2021-2023) De REKS 1.0 is vastgesteld in juli 2021. Dat is 2,5 jaar geleden. Sindsdien heeft de wereld niet stilgestaan. Beweging in bovenregionale beleidskaders, technologische ontwikkelingen, veranderende marktomstandigheden en parallelle ruimtelijke planoprocessen hebben invloed op de ontwikkelmogelijkheden voor de energiehubs. Het gaat hier om zowel zaken die de urgentie vergroten, als om belemmerende factoren. Deze maken een brede, integrale benadering nodig. Risico’s en aandachtspunten Als relevante risico’s en aandachtspunten noemen we: -
-
-
-
-
2
Congestie op het hoogspanningsnet. We kunnen er de komende jaren niet zonder meer vanuit gaan dat we de geproduceerde elektriciteit probleemloos kunnen leveren aan het hoogspanningsnet. Dit betekent dat een aanpak die zich alleen richt op het creëren van aanbod niet meer volstaat. We zullen ook met voorstellen moeten komen voor de vraagkant (lokale afname, tijdelijke opslag, slimme distributie) voor de te produceren elektriciteit. Vraag en aanbod moeten meer bij elkaar gebracht worden (in de ruimtelijke zin). Eén van de bijeffecten van de groei van de hernieuwbare energieopwekking, is een toename van de schommelingen in de energieprijs met vooral overdag frequenter negatieve energieprijzen. Dit versterkt de noodzaak om de afname en opslag van elektriciteit mee te nemen in de uitwerking. Technische ontwikkelingen en veranderende regelgeving bieden mogelijk nieuwe perspectieven. De richting die het Rijk kiest met het ‘nee-tenzij’-beleid voor zon op landbouwgrond2: In de Kamerbrief voorkeursvolgorde zon geeft minister De Jonge aan dat het gebruik van landbouw- en natuurgronden voor zonnepanelen in principe ongewenst is. Dit betekent dat een extra onderbouwing nodig is als het nodig is dat zon onderdeel uitmaakt van de energieopwekking. De voorgestelde nieuwe en strengere normen voor windparken op land3 maken het moeilijker om windprojecten te realiseren.
Het ontwerpbesluit leefomgeving windturbines is gepubliceerd, waarin (onder andere) strengere normen voor geluid en externe veiligheid zijn opgenomen evenals een algemene afstandsnorm voor windturbines ten opzichte van gevoelige functies (voorstel in het ontwerpbesluit: twee keer de tiphoogte). Wanneer deze normen na de zienswijzeperiode in het besluit blijven gehandhaafd, kan dit de potentiële plaatsingsruimte voor windenergie beperken. We moeten de afbakening van de zoekgebieden onderbouwen in het m.e.r. bij de gebiedsvisie(s). In maart 2022 heeft de Werkgroep RES in antwoord op Kamervragen, op basis van een onderzoek, aangegeven dat
Ministerie van BZK, Kamerbrief Aangescherpte voorkeursvolgorde zon, 26 oktober 2023
3 Ministerie van I&W, ontwerpbesluit windturbines leefomgeving, 11 oktober 2023
8
datum betreft
-
28 februari 2024 Bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg
de RES’en 2.0 onder de Omgevingswet m.e.r.-plichtig zijn. Voor de REKS is besloten de m.e.r.-plicht in te vullen bij de uitwerking van de energiehubs in de zoekgebieden. Dit betekent dat we in het planvormingsproces de locatiekeuze voor de energiehubs moeten onderbouwen. Belangrijk toetsingskader vanuit het m.e.r. is dat alle redelijk te beschouwen alternatieven zijn onderzocht. Een te smalle invulling van de locatie-alternatieven is een veelvoorkomende reden van afwijzing bij de Raad van State. Het zoekgebied van de energiehubs ligt in de invloedzone van de militaire luchthavens Gilze-Rijen en Eindhoven (radar- en laagvlieggebieden). Mede vanwege de verslechterde veiligheidssituatie in de wereld zal de Nederlandse krijgsmacht een grotere inzet moeten leveren om het eigen grondgebied en dat van de bondgenoten te beschermen. Om de grondwettelijke taken uit te kunnen voeren, zullen er meer en vaker militaire activiteiten plaatsvinden. Het ministerie van Defensie werkt dit uit in een Nationaal Programma Ruimte voor Defensie4. Met het ministerie van Defensie wordt in ander verband bekeken of en wat de invloed hiervan is voor windturbines met een hogere tiphoogte dan 150 meter (het toetsingsvlak vanuit Defensie). De uitkomst van deze afstemming kan substantiële invloed hebben op de plaatsingsruimte en/of de economische haalbaarheid.
Kansen/urgentie - Aan de vraagkant ontstaan steeds meer knelpunten. Netbeheerders hebben grote moeite om nieuwe afnemers van elektriciteit - bedrijven, voorzieningen en zelfs woningen - aan te sluiten op het elektriciteitsnet. Stroom is geen vanzelfsprekendheid meer. Dit bedreigt direct het regionale vestigingsklimaat. Het is urgenter om met de energiehubs een bijdrage te leveren aan het oplossen van dit probleem. - Om de REKS-doelen te kunnen halen is een voortvarende aanpak voor de energiehubs de Baars en Kattenberg nodig. We gaan uit van vergunningverlening voor de energiehubs in 2025 om in 2030 de energiedoelen uit de REKS te kunnen halen. In Hoofdstuk 3 wordt het stapsgewijze planvormings- en ontwikkelproces toegelicht. Kans en aandachtspunt - Op diverse gebiedsthema’s lopende parallelle planprocessen, denk aan klimaatadaptatie, wateropgaven, de transitie van de landbouw (met name in Kattenberg), verstedelijking en natuurversterking en biodiversiteit. Er lopen regionale planprocessen om invulling te geven aan deze opgaven, die tot nieuwe combinatiekansen kunnen leiden, maar ook tot nieuwe conflicterende ruimteclaims. Voorbeelden van regionale plannen en planprocessen zijn: - Integrale gebiedsvisie A58 - Het natuurbod Regio Hart van Brabant - Ontwikkeling Oostflank: Koersdocument zit nu in de inspraakfase en wordt naar verwachting in het voorjaar van 2024 vastgesteld.
- Groenblauwe gebiedsgerichte aanpak Kampina en Oisterwijkse vennen - Omgevingsvisies van Oisterwijk (vastgesteld), Goirle (actualisatie), Hilvarenbeek (in ontwikkeling) en Tilburg (in voorbereiding) - SRBT-trajecten: o.a. Landschapspark - Ontwikkelperspectief stedelijk Brabant Integrale benadering Kortom, sinds 2021 is de noodzaak voor een integrale aanpak zowel vanuit het energiesysteem (aanbod, vraag, opslag) als vanuit de ruimtelijke ordening (schaarse ruimte, meerdere opgaven in een gebied, integrale afweging) verder toegenomen. Kenmerkend voor huidige tijd is dat ontwikkelingen onzeker zijn en op elkaar inwerken; veel ruimtevragen voor de gebiedsontwikkeling zijn nog niet helder afgebakend of nog in beweging. Verschillende opgaven kunnen niet meer naast elkaar worden ontwikkeld, maar moeten slim gemengd of gecombineerd worden. De uitdaging die hieruit volgt is om als samenwerkende gemeenten vanuit eigenaarschap actief te sturen op een samenhangend perspectief. Een sectorale benadering leidt tot suboptimale oplossingen, een groot risico op conflicterende ruimteclaims en een onaanvaardbare druk op de ruimte (met alle negatieve effecten voor bewoners, eigenaren, landschap en natuur). Voor de visievorming volgt hieruit de noodzaak om vanuit een brede blik – maar binnen de kaders van de REKS – naar de energiehubs en de gebiedsopgaven te kijken.
4 Ministerie van Defensie, Notitie reikwijdte en detailniveau Nationaal Programma Ruimte voor Defensie, 15 december 2023
9
datum betreft
28 februari 2024 Bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg
Dit betekent voor de uitwerking van de gebiedsopgaven, de klimaatopgaven en de energiehubs dat het nodig is om te verkennen hoe de kwantitatieve opgave voor energieopwekking past binnen de veranderende context, de uitwerking van andere opgaven in het gebied en de bijbehorende flankerende planprocessen. Wij kiezen daarom bewust voor een integraal gebiedsproces, waarin we beginnen met het samen verkennen van de oplossingsruimte door opgaven te combineren en te koppelen.
2.4
Gezamenlijke start De Baars en Kattenberg Vanwege de overlap in thema’s en stakeholders (gemeenten, medeoverheden, maatschappelijke organisaties, bewoners en eigenaren, etc.), de aangrenzende plangebieden en het feit dat beide energiehubs zich in dezelfde planfase bevinden, constateren we dat het inhoudelijk en procesmatig zinvol is om de eerste planfase voor beide energiehubs gezamenlijk te doorlopen. Dit betekent nadrukkelijk niet de samenvoeging van beide zoekgebieden tot één energiehub, maar de integratie van een processtap om deze efficiënter en overzichtelijker te kunnen doorlopen. Gedurende het proces zullen we monitoren of en op welke wijze we de planvorming gebundeld blijven doorlopen. De bestuursopdracht bouwt door op het onderzoekswerk dat in de verkenning voor beide energiehubs is verricht. De kaders en randvoorwaarden uit de verkenningen gelden als vertrekpunt voor de visieontwikkeling. Door de opgaven en ambities gebiedsgericht uit te werken inclusief verdiepend onderzoek op de ruimtelijke thema’s brengen we in beeld of en op welke wijze de verschillende opgaven en ambities in samenhang uitgewerkt kunnen worden. Dit biedt een solide onderbouwing voor het kiezen van een ontwikkelrichting. Tijdens de verkenningen is voor beide hubs een studiegebied gehanteerd.
Op Figuur 2.2 zijn de twee studiegebieden van de hubs weergegeven, zoals afgebakend in de verkenningen in het voortraject. Tijdens het planvormingsproces worden de gebiedsgrenzen bepaald. In het onderzoek krijgen de bredere landschappelijke structuren en de regionale effecten van ruimtelijke keuzes een duidelijke plek.
10
datum betreft
28 februari 2024 Bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg
Figuur 2.2: Onderzoeksgebied energiehubs De Baars en Kattenberg
11
datum betreft
28 februari 2024 Bestuursopdracht planvorming energiehubs De Baars en Kattenberg
3.
Plan van Aanpak
3.1
Doelen Op basis van de REKS, de verkenningen, de huidige context en de parallelle beleidsprocessen hebben we zes doelen geformuleerd voor de gebiedsontwikkeling van de energiehubs. 1. 2. 3.
4. 5.
6.
We werken toe naar een gebiedsontwikkeling, waarin ruimte is om het REKS-bod voor de grootschalige opwekking van duurzame energie en het REKS-bod voor de klimaatopgave te realiseren. We willen energiehubs realiseren die zorgvuldig zijn ingepast in het landschap. We willen een integrale gebiedsontwikkeling vanuit een integraal toekomstbeeld, waarin de grootschalige opwekking van duurzame energie in samenspel met kansen op andere thema’s en opgaven zoals natuur, water, landbouw en recreatie zijn uitgewerkt. De klimaatopgave is prominent: de K van REKS. Dit houdt in dat: a. de gebiedsontwikkeling invulling geeft aan een concrete uitwerking van de ‘hub-gedachte’ met concrete synergie door koppeling van functies en een gebundelde aanpak van gebiedsopgaven; b. voorafgaand aan de gebiedsontwikkeling de (klimaat)opgaven gebiedsgericht zijn uitgewerkt in de integrale gebiedsvisies. We streven naar een maatschappelijk gedragen gebiedsontwikkeling, waarbij verschillende maatschappelijke belangen zorgvuldig zijn afgewogen. We willen energiehubs waarin de nieuwe grootschalige opwekking van duurzame energie is afgestemd op het lokale gebruik en de inpassing op het elektriciteitsnet, onder andere door inzet van opslag, buffering en directe afname. We werken toe naar een uitvoerbare gebiedsontwikkeling door vooraf goede afspraken met ontwikkelpartners te maken.
Om dit mogelijk te maken zijn voor de energiehubs integrale gebiedsvisies nodig.5 Aan de gebiedsvisies stellen we hiertoe de volgende eisen: -
-
-
De gebiedsvisie biedt inzicht in wat er waar met wat aan energie opgewekt kan worden. De trechtering waarmee gekomen is tot ontwikkellocaties en andere keuzes op het gebied van opwekking is helder en navolgbaar (inzet MER). De gebiedsvisie bevat een integraal en gebiedsgericht toekomstperspectief: een stip op de horizon. We werken de gebiedsvisie uit in kaartbeelden. Daar hoort een ontwerpschets bij. De gebiedsvisie is gebaseerd op een brede verkenning van de kansen en belemmeringen in een bij de opgaven passend onderzoeksgebied. In de gebiedsvisie zijn (de aanpak van) concrete opgaven uit het gebied op de relevante thema’s, klimaat, water, natuur, landbouw en recreatie, uitgewerkt. De gebiedsvisie is gebaseerd op een inzicht in belangen van bewoners en betrokken partijen door een goede omgevingsparticipatie. In de gebiedsvisie is het concept energiehub voor het onderzoeksgebied concreet gemaakt. De gebiedsvisie heeft een uitvoeringsstrategie met daarin in ieder geval afspraken over de te volgen procedures, de afstemming met andere beleidstrajecten, de samenwerking met ontwikkelpartners en concrete doelen per deelproject. De gebiedsvisie is tot stand gekomen met behulp van een helder, efficiënt en navolgbaar besluitvormings- en participatieproces De gebiedsvisie is realistisch: verwachtingen en ambities (op lange en korte termijn) zijn haalbaar, scherp en concreet.
De gebiedsvisie biedt duidelijkheid over de rol van alle betrokken partijen in de uitwerking van de energiehubs, de klimaatopgaven en de andere opgaven in het gebied.
5
Afhankelijk van de uitkomsten van het planvormingsproces zullen we per energiehubs bepalen welke omvang en diepgang de gebiedsvisie voor de betreffende energiehub zal krijgen. Mogelijk kan ook gekozen worden voor ander ruimtelijke planvorm indien dat beter passend is bij de opgave. .
12
datum betreft
3.2
19 februari 2024 Bestuursopdracht gebiedsvisie energiehubs De Baars en Kattenberg
Strategie en aanpak planvormings- en ontwikkelproces Wij kiezen voor een stapsgewijze uitwerking van de energiehubs, die bestaat uit vier fasen: het bepalen van de koers, het uitwerken van de koers, het voorbereiden van de realisatie en, tenslotte, de bouw- en exploitatiefase. In de eerste twee fasen voeren de gezamenlijke overheden de regie; elke fase wordt afgesloten met een bestuurlijk besluit. De regie bij fase 3 en 4 ligt bij de ontwikkelende partijen, waarbij de gemeenten de uitgewerkte plannen toetsen op de kaders van de gebiedsvisies. De vaststelling van deze bestuursopdracht door de colleges van B&W markeert de gezamenlijke start voor De Baars en Kattenberg. Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. laat de vier plan- en ontwikkelfasen zien, inclusief een kort overzicht van de bijbehorende producten en besluiten. We lichten de vier fasen kort toe, waarna we in de volgende paragraaf de aanpak van fase 1 (met een doorkijk naar fase 2) concreter uitwerken.
Visie Uitvoering Fase 0: Gezamenlijke start (feb 2024) Producten o Bestuursopdracht o Participatieplan Besluitvorming o Colleges van B&W (via Stuurgroep) o Informeren gemeenteraden
Fase 1: Koers bepalen (2024) Producten: o Koersdocument o NRD o (afspraken LEC’s) Besluitvorming: o Colleges van B&W stellen koersdocument en NRD vast (via stuurgroep). o Wensen en bedenkingen door gemeenteraden Participatie o Brede consultatie o Inspraak op concept producten
Fase 2: Koers uitwerken (2025) Producten: o Gebiedsvisie(s) o MER o Samenwerkingsovereenkomst met initiatiefnemers Besluitvorming: o Gemeenteraden stellen gebiedsvisie(s) vast o (SOK via B&W) Participatie o Omgevingstafel / ontwerpend onderzoek o Inspraak op concept producten
Fase 3: Realisatie voorbereiden (2026) Producten: o Vergunningen (MER) o Contracten o Subsidie (SDE++) o Financiering o Anterieure overeenkomst Besluitvorming: o Colleges B&W Participatie: o Regie bij ontwikkelende partij conform kaders in gebiedsvisie o Inspraak vergunning
Fase 4: Bouwen en exploiteren (2027) Werkzaamheden: o Bouwen en daarna exploiteren o Uitvoering financiële participatie o Inrichting omgevingsfonds o Handhaving en toezicht o Bouwcommunicatie
Gebiedsgericht Projectgericht
Figuur 3.1: Stappenplan op hoofdlijnen: totaal
Fase 1: koers bepalen (2024) Fase 1 heeft tot doel het bepalen van de hoofdlijnen van de integrale ontwikkeling van de energiehubs en de klimaatopgave, in samenhang met andere opgaven in het gebied en passend bij het landschap. Deze fase bestaat uit verschillende stappen, welke in het algemeen voor de verschillende gemeenten en het waterschap gezamenlijk en gelijktijdig worden doorlopen. In de eerste stap echter doorloopt gemeente Hilvarenbeek een parallel spoor en spreken we van stap “Ia” alleen voor Hilvarenbeek en stap “Ib” gezamenlijk. In stap Ia wordt een quickscan uitgevoerd en worden de beperkingen en belemmeringen in de zogenaamde 750 meter zone vanaf de snelweg op Hilvarenbeeks grondgebied in kaart gebracht. In stap Ib wordt de ruimtelijke analyse uitgebreid en wordt het ruimtebeslag van alle opgaven en ambities in het onderzoeksgebied in kaart gebracht. Met hulp van inspirerende denkbeelden wordt in een transparant participatieproces de ontwikkelruimte in beeld gebracht. Deze input wordt gebruikt om de koers te bepalen en de in het m.e.r.-proces te onderzoeken varianten in beeld te krijgen.
Op basis van een ruimtelijke analyse, ontwerpend onderzoek en consultatie van stakeholders en omwonenden werken we aan een voorstel voor de integrale gebiedsontwikkeling. Hierbij bouwen we verder op het
13
datum betreft
19 februari 2024 Bestuursopdracht gebiedsvisie energiehubs De Baars en Kattenberg
onderzoekswerk uit de reeds uitgevoerde verkenningen voor beide energiehubs (zie bijlagen). Dit beschrijven we in het ‘Perspectief De Baars en Kattenberg’. Parallel aan, en in samenhang met, de visievorming starten we het milieuonderzoek op door het opstellen van een Notitie reikwijdte en detailniveau (NRD). Hierin beschrijven we welke mogelijke plaatsingslocaties van windenergie (alternatieven) we in het milieueffectrapport (m.e.r.) in fase 2 gaan onderzoeken en op welke wijze (diepgang en beoordelingscriteria) het onderzoek zal plaatsvinden. Een belangrijke stap in deze eerste fase is de confrontatie tussen de REKS-opgave enerzijds en het totaal aan kaders, randvoorwaarden en uitgangspunten anderzijds. Op basis van een scherpe confrontatie kiezen de gemeenten een ontwikkelrichting voor de beide energiehubs. Mocht dit consequenties hebben voor het REKSbod, dan wordt dit op de regionale tafel ingebracht. De vier colleges van B en W zullen het Perspectief De Baars en Kattenberg en de NRD vaststellen. De gemeenteraden worden voorafgaand in staat gesteld wensen en bedenkingen op het concept Perspectief De Baars en Kattenberg in te dienen. Hierbij zullen de gemeenten Goirle en Tilburg zich uiteraard beperken tot de energiehub De Baars, aangezien Kattenberg niet in beide gemeenten is gelegen. Doelstelling is om fase 1 begin 2025 af te ronden.
De participatie krijgt in deze fase op twee momenten vorm. In de beginfase nodigen we iedereen uit om met ons mee te denken met als doel zoveel mogelijk wensen, ideeën en zorgen op te halen die we kunnen verwerken in onze visie en/of de invulling van het m.e.r.-onderzoek. De lokale energie corporaties (LEC’s) hebben ook nu al een belangrijke rol. Aan het eind leggen we de ontwerp-NRD en het concept Perspectief De Baars en Kattenberg ter inzage, zodat iedereen zijn of haar wensen hierop kenbaar kan maken. In hoofdstuk 4 werken we het planproces voor de eerste fase concreter uit, inclusief een overzicht van de verschillende beslismomenten. Fase 2: koers uitwerken (2025) In deze fase stellen we de gebiedsvisies op: de gebiedsgerichte uitwerking van de hoofdlijnen uit het Perspectief de Baars en Kattenberg. Parallel aan de uitwerking wordt een MER opgesteld, waarin de milieueffecten van de verschillende alternatieven worden onderzocht en beoordeeld. Afhankelijk van de uitkomst van fase 1 kunnen we deze fase gezamenlijk voor beide energiehubs of separaat uitvoeren. In deze fase verandert de insteek van de participatie. In fase 1 lag de focus op het zo compleet mogelijk ophalen van informatie om alle belangen zorgvuldig mee te kunnen wegen bij het bepalen van de koers.
In deze fase gaan we gebiedsgericht in gesprek met stakeholders, initiatiefnemers en omwonenden om de ruimtelijke uitwerking van de deelprojecten vorm te geven. Deze fase resulteert in (een) integrale gebiedsvisie(s) voor de ontwikkeling van de energiehubs in samenhang met andere opgaven in het gebied (het voorkeursalternatief). De gebiedsvisie bevat een uitvoeringsstrategie met daarin afspraken over de te volgen procedures, de afstemming met andere beleidstrajecten, de wijze van samenwerking met ontwikkelpartners en concrete doelen per deelproject. De gebiedsvisie(s) is/zijn het sluitstuk van de planfase en zullen worden vastgesteld door de gemeenteraden van de betrokken gemeenten. Bij voorkeur hebben we voorafgaand afspraken gemaakt met de ontwikkelpartners over de samenwerking en rolverdeling bij de projectontwikkeling. Fase 3: realisatie voorbereiden Na vaststelling van de gebiedsvisie(s) is het ruimtelijk-planologisch kader helder en kunnen de initiatiefnemers starten met het voorbereiden van de realisatie (de ontwikkelfase). Dit start met het aanvragen van de benodigde (omgevings)vergunningen. De werkzaamheden in fase 3 spitsen zich toe op de werkzaamheden die nodig zijn voor de realisatie van de energieprojecten. Dit kan in samenhang met andere opgaven in het gebied, maar deze opgaven kunnen ook een eigen procedure doorlopen (bijvoorbeeld bij het Waterschap).
Conform de REKS 1.0 is het uitgangspunt dat het Publiek Ontwikkelbedrijf REKS de vergunningaanvragen voor de energieprojecten zal verzorgen. In de ontwikkelfase worden parallel verschillende werkzaamheden verricht die nodig zijn om de bouw en exploitatie te kunnen starten. De financiering wordt voorbereid, subsidies worden aangevraagd en contracten met leveranciers en afnemers worden voorbereid. Belangrijk onderdeel is het juridisch borgen van de afspraken tussen POB REKS, marktpartijen, grondeigenaren en LEC’s over de rolverdeling in de ontwikkel- en exploitatiefase. De verwachting is dat een deel van deze afspraken in een anterieure overeenkomst met de
14
datum betreft
19 februari 2024 Bestuursopdracht gebiedsvisie energiehubs De Baars en Kattenberg
betreffende gemeente(n) zal worden vastgelegd, waaronder in ieder geval de uitwerking van de financiële inwonersparticipatie en afspraken over een bijdrage aan een omgevingsfonds. In deze fase gaat de regie van de participatie over van de samenwerkende gemeenten naar de initiatiefnemers. Als uitwerking van afspraken die we hierover maken in fase 2 nemen zij het voortouw in de dialoog met de omgeving over de projecten. Fase 4: Bouwen en exploiteren Met de verleende vergunning, getekende contracten en subsidiebeschikking kan de bouw van de energiehub starten. De rol van de overheid zal zich in deze fase toespitsen op handhaving en toezicht en een faciliterende rol bij de uitwerking van het omgevingsfonds, de bouwcommunicatie en de uitwerking van de inwonersparticipatie. Bestuurlijk proces Deze grove planning voor planvorming en ontwikkeling is gebaseerd op de deadline zoals deze voor de REKS vastligt, dat in 2030 de energieopwekking gerealiseerd is. De planning is krap en vraagt om een strakke procesplanning. Het bestuurlijke besluitvormingsproces met de betrokken gemeenten en het Waterschap zijn hierbij cruciaal. In het volgende hoofdstuk is het bestuurlijke besluitvormingsproces voor fase 1 uitgewerkt.
15
datum betreft
19 februari 2024 Bestuursopdracht gebiedsvisie energiehubs De Baars en Kattenberg
4.
Uitwerking aanpak fase 1 ‘koers bepalen’
4.1
Stappenplan De eerstkomende fase hebben we nader uitgewerkt in een stappenplan. We voorzien een werkwijze in vijf stappen, die erop gericht is om de mogelijkheden en beperkingen helder in beeld te brengen en de inbreng van stakeholders, gebiedspartners en inwoners op te halen en te betrekken bij het bepalen van de koers. Om een integrale benadering te bevorderen ontwerpen we een aantal integrale ontwerpschetsen (“denkbeelden”), die laten zien hoe het onderzoeksgebied eruit kan zien vanuit verschillende thematische invalshoeken. Voorafgaand hieraan vindt een cruciale stap plaats: de confrontatie van de REKS-opgave met het samenspel van kaders, randvoorwaarden en uitgangspunten. In samenwerking met het nog te werven ontwerp- en onderzoeksbureau zal de procesaanpak gedetailleerd worden uitgewerkt. In Figuur 4.1 zijn de vijf werkstappen schematisch weergegeven.
Stappenplan op hoofdlijnen fase 1
Stap I a maart- april 2024
Stap I b maart- mei 2024
Stap II juni – september 2024
Stap III september - oktober 2024
Stap IV november december
Stap V Januari 2025
Werkstap
Ruimtelijke analyse onderzoeksgebied (Quick Scan)
Ruimtelijke analyse en integrale perspectieven
Consultatie en verrijking
Concept koers bepalen
Toetsing concept Perspectief en NRD
Aanscherping en vaststelling
Werkzaamheden
Ruimtelijke analyse Overzicht belemmeringen en kansen
Verdieping ruimtelijke analyse met opgaven en ontwikkeling inspirerende denkbeelden
Aanscherping “denkbeelden” en ruimtelijke analyse
Opstellen concept Perspectief en opzetten NRD: alternatieven en wijze van onderzoek
Beantwoording inspraakreacties en toelichting in bijeenkomst(en)
Opstellen Perspectief en NRD met verwerking zienswijzen
Besluitvorming
Besluit onderzoeksgebied Gemeenteraad Hilvarenbeek
Gezamenlijke bijeenkomst (aftrap) gemeenteraden
-
Vrijgave concepten door colleges van B&W
Mogelijkheid tot wensen en bedenkingen gemeenteraden
Vastelling definitieve Perspectief en NRD door B&W
Participatie
Consultatie stakeholders en alle inwoners (ophalen wensen, zorgen, etc.)
Mogelijkheid tot inspraak op koersdocument en NRD
Figuur 4.1: Stappenplan op hoofdlijnen: fase 1 (2024)
Stap I: Ruimtelijke analyse (maart - mei 2024) De Ruimtelijke analyse splitsen we in stap Ia en stap Ib. De reden hiervoor is dat we in deze stap een parallel spoor bewandelen voor gemeente Hilvarenbeek. Vanaf stap Ib bewandelen de betrokken gemeenten en het waterschap weer gezamenlijk dezelfde route. Stap Ia: Parallel Spoor Ruimtelijke analyse Hilvarenbeek (maart - april 2024) Op 10 juni 2021 heeft de gemeenteraad van Hilvarenbeek een amendement aangenomen bij de vaststelling van de REKS 1.0 dat het zoekgebied voor windturbines en zonneparken groter dan 0,5 hectare op het grondgebied van Hilvarenbeek begrenst tot maximaal 750 meter ten zuiden van de A58. In stap Ia wordt een quickscan uitgevoerd naar de ontwikkelmogelijkheden in het onderzoeksgebied in relatie tot de REKS-opgave, de overige opgaven in het gebied en de gemeentelijke duurzaamheidsambities. Alle belemmeringen worden in kaart gebracht. Deze quickscan geeft inzicht in het onderzoeksgebied dat nodig is voor de ruimtelijke analyse in deze stap I richting het bepalen van de koers.
16
datum betreft
19 februari 2024 Bestuursopdracht gebiedsvisie energiehubs De Baars en Kattenberg
Stap Ib: Ruimtelijke analyse (maart - mei 2024) De quickscan breiden we uit naar een integrale ruimtelijke analyse van het onderzoeksgebied. Hierin werken we de relevante gebiedsopgaven - natuur, water, energie, recreatie en landbouw - thematisch uit op kaartbeelden. Op basis van een beschrijving van de huidige situatie en een overzicht van de opgaven in andere beleidsdocumenten maken we een overzicht van de sectorale waarden, knelpunten, kansen en bedreigingen. We kunnen hierin voortbouwen op het onderzoek dat in de verkenningen is verricht. We vragen een ontwerpbureau om op basis van de ruimtelijke analyse inspirerende integrale denkbeelden op te stellen, waarin de opgaven gecombineerd worden tot een toekomstperspectief. Onder denkbeelden verstaan we kaartbeelden van het gebied met uitgewerkte voorbeelden/referentiebeelden over hoe een samenhangend perspectief eruit kan zien en hoe de energieopgave daarin haar plek krijgt en hieraan ondersteunend is. Dit helpt het denken in integraliteit en het combineren van kansen. We gebruiken deze denkbeelden voor een informatieve en inspirerende bijeenkomst van de gemeenteraden gezamenlijk. In een brainstormsessie nemen we de raadsleden als het ware mee naar het onderzoeksgebied en geven met de inspirerende denkbeelden een indruk van de mogelijke ruimtelijke richtingen voor het gebied.
De inspirerende denkbeelden zijn tevens ondersteunend in het participatieproces in stap II. Deze fase valt samen met de pre-herijking van de REKS en kan hieraan richting geven doordat de ruimtelijke analyse een helder beeld geeft van de potentiële opwekmogelijkheden voor duurzame energie in beide zoekgebieden. Stap II: Consultatie en verrijking (juni - september 2024) In deze stap staat de consultatie van stakeholders, gebiedspartners, marktpartijen en inwoners centraal. Hoe we dit uitvoeren staat beschreven in hoofdstuk 4.4. Stap III: Concept koers bepalen (september - oktober 2024) In deze periode werken we op basis van de denkbeelden en de resultaten van de participatie en themaonderzoeken aan de eerste uitwerking van de koers voor de gebiedsvisie(s). In het perspectief De Baars en Kattenberg beschrijven we het toekomstperspectief op hoofdlijnen, hoe we daarin in samenhang aan verschillende gebiedsopgaven werken en op basis daarvan waar en hoe op hoofdlijnen de energiehubs vorm kunnen krijgen. Gelijktijdig stellen we in deze periode de concept-NRD op met daarin te onderzoeken locaties en het bijbehorende onderzoeksprogramma. Na bespreking in de stuurgroep zullen concept Perspectief De Baars en Kattenberg en concept NRD voor vrijgave worden aangeboden aan de colleges.
De koersbepaling in deze fase is een belangrijke stap, omdat de vier gemeenten en Waterschap hier bestuurlijk overeenstemming moeten krijgen over de ontwikkelrichting op hoofdlijnen en de ruimtelijke alternatieven. Stap IV: Toetsing concept-Perspectief en NRD (november - december 2024) Het concept perspectief De Baars en Kattenberg en de concept-NRD leggen we voor ter inspraak. In deze periode kan eenieder reageren op de concept koers en de wijze waarop we invulling hebben gegeven aan de consultatie in stap II. In een inspraaknota zullen we alle zienswijzen beantwoorden en aangeven of en hoe we hier in de tweede fase (gebiedsvisie en MER) mee om zullen gaan. In de inspraakperiode bieden we de vier gemeenteraden de mogelijkheid om wensen en bedenkingen in te dienen. Ook deze wensen en bedenkingen betrekken wij bij het definitieve document Perspectief De Baars en Kattenberg. Stap V: Aanscherping en vaststelling Perspectief De Baars en Kattenberg en NRD (januari 2025) Op basis van de inspraak in deze stap scherpen we het Perspectief De Baars en Kattenberg en de NRD aan en leggen het, na bespreking in de stuurgroep, voor aan de colleges van B&W ter vaststelling.
17
datum betreft
4.2
19 februari 2024 Bestuursopdracht gebiedsvisie energiehubs De Baars en Kattenberg
Stuurgroep en bestuurlijk proces Op basis van het in de vorige paragraaf geschetste stappenplan voorzien we voor deze fase het volgende bestuurlijke besluitvormingsproces:
4.3
Planning
Bestuurlijk overleg
Onderwerp
Feb 2024
Stuurgroep en Colleges van B en W
Accorderen bestuursopdracht en gelijkvormende Raadsinformatiebrief naar de gemeenteraden
Maart 2024 – April 2024
Besluitvorming gemeenteraad Hilvarenbeek
Onderzoeksgebied
April 2024
Stuurgroep
Bestuursagenda en inspiratiedenkbeelden
Mei 2024
Gemeenteraden, gezamenlijk informatief
Inspiratiesessie Denkbeelden
Oktober 2024
Stuurgroep
Concept perspectief de Baars en Kattenberg en concept- NRD
Oktober 2024
College van B en W van gemeenten en Waterschap
- Vrijgave concept-Perspectief de Baars en Kattenberg en NRD voor zienswijzen (ter inzagelegging - Vrijgave concept-Perspectief de Baars en Kattenberg en NRD voor wensen en bedenkingen van gemeenteraden
November - December 2025
Gemeenteraden gemeenten, wensen en bedenkingen
Wensen en bedenkingen op conceptPerspectief de Baars en Kattenberg en NRD
Januari 2025
Stuurgroep
Definitief Perspectief de Baars en Kattenberg en NRD
Januari 2025
College van B en W van grondgebied gemeenten
Vaststellen Perspectief de Baars en Kattenberg en NRD
Projectorganisatie De uitvoering van de planvormingsfase voor de gebiedsvisie(s) voor energiehubs De Baars en Kattenberg is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de gemeenten Goirle, Hilvarenbeek, Oisterwijk en Tilburg en het Publiek Ontwikkelbedrijf (POB REKS). De rolverdeling is erop gericht dat het POB REKS verantwoordelijk is voor de planuitwerking, de projectontwikkeling en het benodigde onderzoek voor de energiehubs. De gemeenten sturen het planvormingsproces aan, toetsen alle tussenproducten en zorgen voor de politiek-bestuurlijke besluitvorming en tussentijdse afstemming (via de stuurgroep). Vanuit de samenwerkende gemeenten is hiervoor een gebiedsregisseur aangesteld. Deze is primair verantwoordelijk voor de integrale gebiedsvisie(s) voor De Baars en Kattenberg. De gebiedsregisseur stuurt de projectgroep van de gemeenten aan. De regisseur draagt er zorg voor dat de planuitwerking door het POB past binnen de visie en de beleidskaders van de betrokken gemeenten, het Waterschap en de Provincie. De gebiedsregisseur is de secretaris voor de stuurgroep en behartigt vanuit het bestuurlijke beleidsproces de belangen van de gebiedsontwikkeling. De gebiedsregisseur werkt in dit proces nauw samen met de projectleider POB REKS. Het participatieproces is een gezamenlijke verantwoordelijkheid.
Voor de betrokken stakeholders zijn zowel koers als ontwikkeling belangrijke onderdelen bij deze gebiedsontwikkelingen. Vanuit het POB is hiervoor een participatiemanager aangesteld. Deze werkt in de uitvoering samen met de communicatiemedewerkers van de betrokken gemeenten. In de onderstaande tabel zijn de taken en verantwoordelijkheden van POB REKS en de gebiedsregisseur schematisch in beeld gebracht.
18
datum betreft
19 februari 2024 Bestuursopdracht gebiedsvisie energiehubs De Baars en Kattenberg
Taak/product
Karakter product
POB REKS
Gebiedsregisseur/ bestuurlijk proces
Middelen/ dekking
Gebiedsvisie(s)
Kaderstellend, gericht op ontwikkeling
Initiatiefnemer/ uitvoerder
Sturend / Kaderstellend
POB
Ontwerp-studie/ verbeelding scenario’s
Ondersteunend, gericht op verbeelding van integrale opgave ten behoeve van participatie
Initiatiefnemer/ uitvoerder
Sturend / Kaderstellend
POB
Plan-MER De Baars
Kaderstellend
Initiatiefnemer / uitvoerder
Sturend / Kaderstellend
POB
Plan-MER/project-MER Kattenberg
Kaderstellend
Initiatiefnemer / uitvoerder
Sturend / Kaderstellend
POB
Wijziging Omgevingsplan energiehubs
Ontwikkelend
Initiatiefnemer
Toetsend/faciliteren besluitvorming
POB
Omgevingsvergunningen energiehubs
Ontwikkelend
Initiatiefnemer
Toetsend/faciliteren besluitvorming
POB
Het Waterschap De Dommel en de provincie Noord-Brabant hebben als mede bevoegd gezag ook een verantwoordelijkheid. Het Waterschap maakt vanuit de klimaat- en wateropgave onderdeel uit van de stuurgroep. Zij hebben een sectorale inbreng, de integrale afweging van alle belangen vindt plaats in de gemeenten. De provincie is als agendalid aangesloten bij de stuurgroep en zal op zinvolle momenten aansluiten. Ook de lokale energiecoöperaties zijn een belangrijke stakeholdergroep. Zij krijgen gaandeweg het proces richting realisatie een steeds duidelijkere en grotere rol. In de hier uitgewerkte eerste fase hebben zij een belangrijke rol als stakeholder in het inbrengen van hun wensen en zorgen. Ook kunnen zij een belangrijke rol vervullen in de participatie. Zie hiervoor hoofdstuk 4.4. De projectorganisatie bestaat uit: •
•
•
•
Een projectgroep, bestaat uit de gebiedsregisseur (voorzitter), ambtelijk vertegenwoordigers van de gemeenten Goirle, Hilvarenbeek, Oisterwijk en Tilburg en Waterschap De Dommel, de projectleider van het POB REKS en de participatiemanager. Het projectteam wordt ondersteund door een projectsecretaris. Het projectteam bewaakt de voortgang en kwaliteit, de afstemming tussen de deelsporen, stuurt de uitvoerende bureaus aan en zorgt dat alle inhoudelijke deskundigheid tijdig wordt ingezet. Ook bereidt de projectgroep de stukken voor de stuurgroep voor. Een stuurgroep, met daarin de portefeuillehouders van de gemeenten Goirle, Hilvarenbeek, Oisterwijk en Tilburg en een bestuurder van het Waterschap. De stuurgroep komt aan het begin en eind van elke fase bijeen om respectievelijk de aanpak voor de komende fase goed te keuren en de conceptproducten vrij te geven voor politieke besluitvorming. De gebiedsregisseur is de secretaris van de stuurgroep en daarmee de linking pin naar de ambtelijke organisaties. De directeur van het POB REKS is agendalid van de stuurgroep en zal afhankelijk van de agenda uitgenodigd worden. Een ambtelijke werkgroep met inhoudelijk deskundigen vanuit de gemeenten, die inhoudelijk commentaar geven op de concept producten en op thema’s meedenken in de opzet van het onderzoek en (op basis hiervan) de uitwerking in de gebiedsvisie(s).
De werkgroepleden denken vanuit inhoudelijke expertise mee in de planuitwerking. De ambtelijke toetsing van concept producten is een verantwoordelijkheid van de projectgroepleden. Om het ambtelijk proces goed in te bedden in de gemeentelijke organisaties is een ambtelijk opdrachtgever door de stuurgroep aangewezen. Werkgroep communicatie en participatie, onder leiding van de participatiemanager (voorzitter) met daarin de communicatiemedewerkers vanuit de vier gemeenten (en LEC en Waterschap). De werkgroep verzorgt op basis van het communicatie- en participatieplan de projectcommunicatie, zoals het bijhouden van zowel de gemeentelijke als de POB REKS de website, de online dialoog en het voorbereiden van bijeenkomsten en communicatie-uitingen. Dit doet de participatiemanager in nauw overleg met zowel de projectleider van het POB REKS als de gebiedsregisseur.
In de eerste fase van het planvormingsproces zal de externe projectorganisatie beperkt zijn. Doelstelling is om alle stakeholders de mogelijkheid te geven hun wensen, zorgen en belangen kenbaar te maken, zodat we deze
19
datum betreft
19 februari 2024 Bestuursopdracht gebiedsvisie energiehubs De Baars en Kattenberg
inzichten kunnen betrekken bij het We zullen in deze fase vooral informatie ophalen bij de stakeholders in de vorm van gebiedsbijeenkomsten, online participatie en inspraakmomenten (zie paragraaf 3.2).
4.4
Participatiestrategie Bij de energiehubs Kattenberg en De Baars zetten we in op participatie die past bij het gebied, de bewoners en de gebruikers. Dit traject kent een aantal fasen die variëren in vorm en inhoud. Daarbij krijgen alle stakeholders een plaats. Bij het verder uitwerken van de participatiestrategie baseren we ons op het eerder opgestelde participatieplannen voor de beide gebieden We hanteren bij dit participatietraject vier ‘gouden regels’: 1. Betrek inwoners zo vroeg dat kan. 2. Alleen participatie waarover geparticipeerd kan worden. Dit betekent dat als al vaststaat dat er een bepaalde hoeveelheid MW opgewekt moet worden, we niet de vraag voorleggen of er duurzame energieopwekking gaat komen in dit gebied. Wat we wel kunnen vragen is of inwoners een voorkeur hebben voor heel veel lage windmolens of enkele hoge. 3. Vind de mensen waar ze zijn. We zorgen voor laagdrempelige methoden zodat iedereen mee kan praten, zowel online als offline. 4. We koppelen terug wat met de input gebeurd is. In lijn met het participatieplan werken we aan de hand van drie pijlers, met elk een eigen rol in dit participatieproces: 1. de betrokken gemeenten, 2. de gebiedspartners en 3. de inwoners. De betrokken gemeenten Goirle, Hilvarenbeek, Oisterwijk en Tilburg stellen de kaders en randvoorwaarden en staan daarmee aan het roer om de richting te bepalen.
De eerder opgestelde participatieplannen zijn hiervoor leidend. In het participatietraject halen we adviezen op van gebiedspartners en inwoners, elk in een eigen traject. Deze adviezen worden opgenomen in de NRD, m.e.r. en gebiedsvisie(s). De tweede pijler bestaat uit stakeholders die een sterke positie hebben in het gebied. Het gaat hier onder meer om de agrarische sector (ZLTO), natuurorganisaties (Natuurmonumenten en Brabants Landschap), netbeheerders (TenneT en Enexis), recreatiebedrijven, gebiedseigenaren, exploitanten en initiatiefnemers in het gebied. Ook andere betrokken overheden zoals Provincie Noord-Brabant en de Gemeente Oirschot worden gezien als gebiedspartner. Zij hebben aangegeven niet deel te willen nemen aan de stuurgroep maar wel geconsulteerd te willen worden. De derde pijler bestaat uit de inwoners. De ontwikkeling van energiehubs heeft immers invloed op hun woon-, werk-, en leefomgeving. We zorgen ervoor dat alle inwoners die dat willen hun zorgen, wensen en suggesties kunnen delen en dat we duidelijk zijn in hoe hun inbreng meegenomen is in het besluitvormingsproces. Dit doen we door mensen laagdrempelig te benaderen, zowel online als offline. De rol van de lokale energiecoöperaties De lokale energiecoöperaties (LEC’s) vormen een belangrijke partner bij de ontwikkeling van de energiehub.
Zeker in de fases 3 en 4 uit dit Plan van Aanpak, dat zich toespitst op de realisatie en exploitatie van de hub. Maar ook in het participatietraject dat hieraan voorafgaat en waar deze strategie zich op richt kunnen de LEC’s van grote meerwaarde zijn, bijvoorbeeld als schakel tussen de overheid en de inwoners. Zij hebben ervaring met energieprojecten en komen eenvoudig(er) bij inwoners achter de voordeur, bijvoorbeeld als het gaat om uitnodigingen voor de online consultatie. De gemeenten werken bovendien al vaker samen met de coöperaties, bijvoorbeeld op het gebied van energiebesparing. Er is bovendien door de gemeenten een raamovereenkomst gesloten met de onderkoepelende coöperatie van LEC’s over de samenwerking in de projecten van de REKS. Verder kunnen leden van de LEC’s uiteraard als (individuele) inwoner deelnemen aan het participatietraject van pijler 3.
20
datum betreft
19 februari 2024 Bestuursopdracht gebiedsvisie energiehubs De Baars en Kattenberg
Figuur 4.2: Schematische weergave van het participatieproces van fase 1
Aan de start van fase I uit het stappenplan organiseren we een informatiecampagne (stap 1). Deze is met name gericht op het informeren van inwoners, omdat de gebiedspartners al eerder betrokken zijn bij de hubontwikkeling. We gebruiken verschillende communicatiemiddelen, zoals een goede website en (sociale) media. We informeren inwoners over de hubs en nodigen hen direct uit om hun mening te geven (stap 2). In stap 2 organiseren we zowel een inwonersspoor en een spoor voor gebiedspartners. Voor de inwoners zorgen we voor diverse laagdrempelige manieren voor inwoners om betrokken te zijn. We doen dit door middel van een eenvoudige online peiling en door mensen op te zoeken op plekken waar zij toch al komen. We streven ernaar om niet alleen de uitgesproken voor- en tegenstanders te bereiken, maar juist ook de (vaak grote) groep mensen die er neutraler instaat. We nodigen mensen uit om hun zorgen, wensen en suggesties mee te geven. Voor de gebiedspartners organiseren wij aparte bijeenkomsten. Zij zijn in de voorstadia al betrokken en kunnen daardoor sneller “ter zake” komen. De adviezen verwerken we – voor zover mogelijk – in de concept-NRD. We koppelen iedereen die in fase 2 betrokken is geweest terug wat met hun input is gedaan. De concept-NRD leggen we vervolgens in een inspraakprocedure voor, waar de betrokkenen een zienswijze kunnen indienen.
Brieven en presentaties voor de gemeenteraden De gemeenteraadsleden worden met regelmatige brieven en presentaties op de hoogte gehouden over de vorderingen van het participatietraject. In de fase 1 van het stappenplan in hoofdstuk 3 kunnen zij wensen en bedenkingen indienen op de uitwerkingsrichting. In fase 2 kunnen raadsleden aansluiten bij de bijeenkomsten van de burgertafel.
21