CConstaterende datHilvarenbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

08 Beleidskader Wet inburgering 2022 (3 bijlage Beleidskader)

Gemeenteraad 25 maart 2021, gemeente HilvarenbeekBij agendapunt: Raadsvoorstel tot vaststelling van het beleidskader Wet inburgering 2022.4.654 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

GV 58455

Wet Inburgering 2022 Lokaal beleidskader Februari 2021

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader

1

GV 58455

Inhoud 1 2

Inleiding ............................................................................................................................... 3 Context ................................................................................................................................ 4 2.1 Landelijk: Doel en visie nieuwe Wet inburgering ............................................................. 4 2.2 Regionaal: gezamenlijke visie ...................................................................................... 4 3 Hilvarenbeek............................................................................................................................ 6 3.1 Onderdelen Wet inburgering ........................................................................................... 6 3.2 Koppeling met Koersdocument ........................................................................................ 9 3 Monitoring en Evaluatie.................................................................................................... 10 4 Financiën ........................................................................................................................... 11 Bijlagen .....................................................................................................................................

13 Bijlage 1 Oude wetgeving versus nieuwe wetgeving .................................................... 13 Bijlage 2 Doelgroepen en taken Wet inburgering......................................................... 14 Bijlage 3 Wettelijke onderdelen inburgeringsplicht ..................................................... 16

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader

2

GV 58455

1

Inleiding

Elk jaar komen er nieuwe inburgeraars in Hilvarenbeek wonen. De aantallen kunnen per jaar erg verschillen. Desondanks heeft de gemeente de verantwoordelijkheid voor het aanbieden van een variëteit aan mogelijkheden tot ondersteuning bij het opbouwen van een leven in de gemeente. Naast het aanbieden van een passende woning wordt er bijvoorbeeld begeleid bij het aanvragen van regelingen en voorzieningen. De ondersteuning kan daarnaast ook bestaan uit het zoeken naar een taalcursus of het lid worden van de lokale voetbalvereniging. De gemeente krijgt bij het begeleiden ondersteuning van de verschillende partners uit het maatschappelijk veld. Het blijft daarbij een uitdaging om voor elk persoon een programma op maat te vinden, wat naar tevredenheid is van zowel de gemeente als de inburgeraar. Er is geconstateerd dat de Wet inburgering 2013 niet voldoet aan het streven naar participatie en zelfredzaamheid. De huidige wet is in 2018 geëvalueerd en hieruit is gebleken dat de wet niet tot de gewenste resultaten leidt1: -

Inburgeraars zijn minder goed in staat zelfstandig invulling te geven aan hun traject dan wordt verondersteld en de huidige mate van ondersteuning is onvoldoende. Er is geen goede aansluiting van inburgering met participatie en onderwijs. Inburgeraars worden onvoldoende uitgedaagd om het hoogst haalbare taalniveau te halen. De aansluiting tussen voorinburgering en het inburgeringstraject kan beter.

Het gevolg is dat veel inburgeraars onnodig lang afhankelijk blijven van zorg en bijstand. Om die reden wordt per 1 januari 2022 de nieuwe Wet inburgering van kracht. De regie gaat daarmee terug naar gemeenten, waardoor betere ondersteuning geboden kan worden bij het toewerken naar participatie en zelfredzaamheid. Gemeente Hilvarenbeek wil nieuwe inwoners graag hartelijk ontvangen en eraan bijdragen dat mensen zich op hun plek voelen en weten waar ze terecht kunnen met hun vragen. Door middel van de nieuwe Wet inburgering wordt hiervoor een basis gelegd. We zetten als gemeente in op het versterken en vergroten van zelfredzaamheid. Ook willen we graag ondersteunen bij het ontwikkelen van bestaande talenten en het ontdekken van nieuwe talenten. Het leren van de Nederlandse taal loopt als een rode draad door de verschillende vormen van begeleiding en opleiding. Het beheersen van de taal geeft immers ook toegang tot de samenleving en zorgt er daarmee voor dat iemand zo snel mogelijk naar vermogen kan participeren. Daarnaast versterken taal en participatie elkaar en willen we graag dat inburgeraars financieel zelfredzaam worden. Om die reden streven we ernaar inburgeraars zo veel mogelijk te laten participeren door middel van werk.

1 Significant, Inburgering: Systeemwereld versus leefwereld, Evaluatie Wet inburgering 2013, 13 juni 2018, W. Koolmees, Brief Tweede Kamer, Evaluatie van de wet inburgering, 27 juni 2018.

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader

3

GV 58455

2

Context

2.1 Landelijk: Doel en visie nieuwe Wet inburgering Het nieuwe inburgeringsstelsel beoogt dat alle inburgeraars zo snel en volwaardig mogelijk meedoen in de Nederlandse maatschappij, het liefst via betaald werk. Hierbij bereiken inburgeraars het voor hen hoogst haalbare taalniveau (met taalniveau B1 als uitgangspunt) en leren de Nederlandse maatschappij goed kennen. Dit wordt gecombineerd met zo snel mogelijk participeren naar vermogen vanaf de start van het inburgeringstraject. Volgens de nieuwe wet wordt dit behaald door:  Tijdig starten met inburgeren, waarbij de wachttijd op het asielzoekerscentrum (azc) zo goed mogelijk wordt benut.  Aandacht te hebben voor de snelheid van het doorlopen van het inburgeringstraject;  Een passend traject voor iedere inburgeraar; maatwerk  Het combineren van het leren van taal met participatie; dualiteit  Het borgen van de kwaliteit van het inburgeringsaanbod De Wet inburgering wordt gepositioneerd als onderdeel van het sociaal domein en gekoppeld aan de Participatiewet. Vaststelling inburgeringsplicht De Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) stelt ook onder de nieuwe Wet inburgering vast wie inburgeringsplichtig is. De inburgeringsplicht van een persoon wordt vastgesteld op basis van gegevens die bekend zijn bij de Immigratie- Naturalisatiedienst (IND).

DUO stelt vast wanneer de inburgeringstermijn start en behandelt aanvragen voor verlenging van de inburgeringstermijn of vrijstelling van de inburgeringsplicht. De gemeente en DUO zijn verantwoordelijk voor de handhaving van de Wet inburgering 2022. DUO is verantwoordelijk voor het bewaken van de termijn van inburgering. De gemeente bewaakt of de inburgeraar zich voldoende inzet en verantwoordelijkheid toont. Schematische weergave van verantwoordelijkheden van de gemeente

2.2

Regionaal: gezamenlijke visie

Om lokaal passende ondersteuning aan inburgeraars te kunnen geven is het noodzakelijk om op onderdelen (boven)regionaal samen te werken. Het aantal inburgeraars in Hilvarenbeek is laag, maar de diversiteit in de groep is groot. Door regionale samenwerking kunnen we meer differentiatie in het aanbod realiseren. Hierdoor kunnen we de inburgeraar een beter passend inburgeringstraject aanbieden en het aanbod zo veel mogelijk binnen de financiële kaders houden, ook bij veranderende doelgroepen. In de regio Hart van Brabant werken we sinds 2016 nauw samen vanuit onze gezamenlijke ambitie om inburgeraars te ondersteunen bij hun integratie en participatie. Onze aanpak ten aanzien van inburgering kenmerkt zich door ‘learning by doing’. Ter voorbereiding op de nieuwe wet hebben we in de regio vanaf 2018 diverse pilots uitgevoerd. Hierdoor hebben we onder meer onderstaande inzichten opgedaan, in de aanpak van ondersteuning aan inburgeraars:  Vroegtijdig starten met kennismaking en begeleiding werkt. Wanneer de inburgeraar al aanbod heeft wanneer hij of zij nog in het azc verblijft, kan er vroegtijdig begonnen worden met het opbouwen van een netwerk. Dit geeft meer rust en duidelijkheid voor de inburgeraar en leidt tot een completer klantbeeld bij de consulent inburgering.

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader

4

GV 58455

 

Participatie en (vrijwilligers)werk leveren een positieve bijdrage aan de integratie in de Nederlandse samenleving en het leren van de Nederlandse taal. Daarnaast wijst landelijk onderzoek uit dat participatie ook een positief effect heeft op andere leefgebieden zoals bijvoorbeeld gezondheid.2 Communicatie aangepast op het niveau van de inburgeraar is noodzakelijk. Het aansluiten bij de leefwereld en behoeften van de inburgeraar is essentieel en verschilt sterk per persoon. Er kunnen belangrijke stappen worden gezet door het bieden van de juiste ondersteuning. Werkzame elementen hierin zijn: nabijheid, persoonlijke aandacht, vertrouwen, het ondersteunen op maat, het investeren (coachen) in zelfstandigheid en het oplossen van praktische problemen. Samenwerking in de hele keten is essentieel voor slagen van het integrale inburgeringstraject. Een goede oriëntatiefase is belangrijk om inburgeraars te laten onderzoeken welke richting (sector/leerroute) ze op willen en om, samen met de consulent inburgering, te bepalen welk traject passend is. Deze inzichten hebben geleid tot een regionale visie op inburgering. In regio Hart van Brabant hebben we daarbij afgesproken dat we bij het nieuwe inburgeringsmodel inzetten op een vroegtijdige, integrale en doorlopende aanpak waardoor iedere inburgeraar optimaal de kans krijgt om zichzelf te ontwikkelen en op maat ondersteund wordt.

Er is sinds de start van de regionale pilots begonnen met het toewerken naar deze werkwijze. Het jaar 2021 wordt gebruikt om nog dichter bij deze doelen te komen. Omdat we de leermethode ‘learning by doing’ hanteren, blijft dit een proces in ontwikkeling.

2

Lex Burdorf, Artsen en beleidsmakers moeten weten: arbeid is het beste medicijn, Erasmus Universiteit, april 2020.

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader

5

GV 58455

3 Hilvarenbeek 3.1 Onderdelen Wet inburgering Huisvesting Wanneer een inburgeraar gehuisvest wordt in gemeente Hilvarenbeek dienen er praktische zaken geregeld te worden voor elk leefgebied. Hiervoor willen we de inburgeraars zo veel mogelijk praktische hulp bieden. Dit houdt in dat praktische zaken voor hen ingeregeld worden, maar dat ze ook worden meegenomen in wat deze zaken betekenen. Wanneer zaken niet goed ingeregeld zijn, merken we dat de inburgeraars weinig ruimte hebben om met bijvoorbeeld taalles of participatie bezig te zijn. De praktische hulp bij vestiging in de gemeente is een reeds bestaande taak van de gemeente. Financieel ontzorgen Een nieuwe gemeentelijke taak is het financieel ontzorgen van de inburgeraars. Concreet betekent dit dat de gemeente tijdelijk het beheer van inkomsten en uitgaven uit handen neemt. Het verplicht ontzorgen bestaat uit het inhouden op de bijstanduitkering van de kosten voor huur, gas, water, stroom en zorgverzekering. De periode van ontzorging gaat volgens de wettelijke verplichting in op het moment dat het recht op bijstand ontstaat en duurt zes maanden. Wanneer blijkt dat het ontzorgen langer nodig is, dan kunnen we dit in samenspraak met de inburgeraar voortzetten. Naast het inhouden van de vaste lasten is het belangrijk dat de inburgeraar tegelijkertijd begeleid wordt naar financiële zelfredzaamheid.

Deze begeleiding kan ook een langere periode dan zes maanden beslaan en vindt plaats vanuit het onderdeel ‘voorlichting en vaardigheden’. Wat is de verandering - Door vroegtijdige regie zien we de inburgeraars al vóór huisvesting in de gemeente. Dit betekent dat we vroegtijdig al praktische hulp kunnen inzetten, zodat de overgang naar wonen in de gemeente vlot verloopt. - De gemeente gaat inburgeraars financieel ontzorgen. Brede Intake en Plan Inburgering en Participatie (PIP) We starten zo vroeg mogelijk met de brede intake, indien mogelijk al op het azc. Zodra een inburgeraar bekend is bij de gemeente krijgt de gemeente de regie en kan de fase van brede intake starten. Om optimale kansen te kunnen bieden, is het belangrijk om zo volledig mogelijk in beeld te brengen welke talenten, mogelijkheden en achtergrond iemand heeft. Om hier toe te komen doorloopt de inburgeraar een uitgebreid intake programma, zodat de consulent inburgering sámen met de inburgeraar een PIP op kan stellen. De brede intake is een uitgebreid programma dat een inburgeraar volgt waarin: - de consulent inburgering de inburgeraar zo goed mogelijk leert kennen op alle leefgebieden. Ook worden de talenten en behoeften in kaart gebracht om een inhoudelijk zo compleet mogelijk PIP vast te kunnen stellen en een route op maat te kunnen bieden; - de inburgeraar onderzoekt wat hij wil en kan.

Hiermee stimuleren we zelfregie op het PIP en de route; - er, voor zo ver mogelijk, onderzoek plaats vindt naar gevolgd onderwijs in land van herkomst (diplomawaardering) - de inburgeraar kennis maakt met de Nederlandse cultuur, samenleving en arbeidsmarkt; - een leerbaarheidstoets afgenomen wordt; - gestart wordt met taal- en participatieactiviteiten;

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader

6

GV 58455

Het resultaat van de Brede Intake is een PIP met advies voor de leerroute, opgesteld door de consulent inburgering in samenspraak met de inburgeraar. In het PIP staan de doelen voor de inburgeraar in het kader van talentontwikkeling, zelfredzaamheid, het taalniveau, examinering en slagingstermijnen. Eventuele aandachtspunten en ontwikkelmogelijkheden worden per leefgebied opgenomen. Mogelijke ontheffingen en vrijstellingen worden eveneens benoemd. Voor de inburgeraars die een bijstandsuitkering ontvangen wordt het PIP geïntegreerd met het plan van aanpak vanuit de Participatiewet. Het PIP is een dynamisch document. Wat is de verandering? - We zetten in op een te doorlopen programma voor de brede intake in plaats van enkele gesprekken met de consulent inburgering. - Naar aanleiding van het PIP heeft de gemeente de plicht om een passend aanbod van een leerroute te doen voor inburgeraars. De gemeente heeft een adviserende rol voor de gezinsmigranten die verantwoordelijk blijven voor de inkoop van hun eigen traject. Er wordt een leerbaarheidstoets afgenomen bij alle inburgeraars. Oriëntatie De oriëntatiefase is gericht op het overbruggen van verschillen in cultuur, samenleving en arbeidsmarkt. We beogen hiermee te bereiken dat de inburgeraar de Nederlandse cultuur en arbeidsmarkt begrijpt, weet wat hij kan en wil en de leerroute vanuit eigen motivatie doorloopt.

De ervaring leert dat het aanbieden van losse modules moeizaam en minder effectief werkt dan het integraal aanbieden van modules. Daarom worden de volgende wettelijk verplichte onderdelen opgenomen in een te doorlopen oriëntatieprogramma: - het Participatieverklaringstraject (PVT) - de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) - de module Kennis Nederlandse Maatschappij (KNM) - begeleiding naar financiële zelfredzaamheid - voorlichting over de verschillende leefgebieden - participatieactiviteiten - Nederlandse taal Essentieel bij het oriëntatieprogramma is de manier waarop het programma wordt aangeboden. Het moet gericht zijn op zelfkennis en ontwikkeling van de inburgeraar, met als doel het opbouwen van een zelfstandig leven in Hilvarenbeek. De oriëntatiefase is gericht op het onderzoeken welke route geschikt kan zijn voor de inburgeraar. Wat is de verandering? - We kiezen voor een integrale oriëntatiefase in plaats van losse modules. - De modules sluiten aan bij de praktijk en leefwereld van de inburgeraar. Leerroutes De wet kent drie verschillende leerroutes: de onderwijsroute, B1 route en zelfredzaamheidsroute. Met de inzet van deze drie verschillende leerroutes kunnen we meer maatwerk bieden en kunnen inburgeraars een programma volgen dat bij hen past.

Vanuit ervaring weten we dat het belangrijk is, dat er een combinatie gemaakt wordt tussen participatie en taal, gericht op het versterken van de eigen kracht van de inburgeraar. Dit betekent dat de taal en vaktaal afgestemd moeten zijn op de participatieactiviteiten.

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader

7

GV 58455

Onderwijsroute De onderwijsroute is één van de leerroutes binnen het nieuwe stelsel en is bedoeld voor (jongere) inburgeraars met hoge leerbaarheid en die gemotiveerd zijn een opleiding in het reguliere Nederlandse onderwijs te voltooien. De onderwijsroute bestaat uit een taalschakeltraject, waarin de inburgeraar niet alleen de Nederlandse taal op minimaal B1-niveau haalt, maar waarin hij tegelijkertijd voorbereid wordt op de instroom in het reguliere Nederlandse onderwijs (MBO2, HBO of WO). Gezien de kleine aantallen potentiele deelnemers, die ook nog eens verspreid gedurende het jaar binnen komen, is het wenselijk om bovenregionaal samen te werken in de onderwijsroute. We hebben hierbij ook speciale aandacht voor de volgende groepen; -

-

Inburgeraars boven de 30 jaar. Zij hebben geen recht op studiefinanciering na afronden schakeltraject. We hanteren hier als gemeente maatwerk en sluiten aan bij de bestaande afspraken UAF en het Leven Lang Leren Krediet. Jonge inburgeraars vanuit de Internationale Schakelklas (ISK, MBO 1), voor wie doorstroom binnen regulier onderwijs (nog) niet haalbaar is, maar te hoog leerbaar zijn voor de zelfredzaamheidsroute.

B1-route De B1-route wordt vanuit het Rijk gezien als de ‘standaardroute’ binnen de nieuwe wet inburgering. Het doel van deze route is de inburgeraar zo snel mogelijk te laten participeren (liefst via betaald werk) en de Nederlandse taal op niveau B1 te bereiken. Binnen deze route wordt zoveel mogelijk ingezet op dualiteit: een combinatie van taal én participatie. Hierbij is het belangrijk dat het praktijkdeel bij meerdere sectoren en in aansluiting op de behoefte van werkgevers en inburgeraars wordt georganiseerd. Zelfredzaamheidsroute De zelfredzaamheidsroute is een intensief traject voor laag leerbare inburgeraars waarvoor het taalniveau A2 niet haalbaar is. Er wordt ingezet op zelfredzaamheid in de samenleving, en gestreefd naar betaald werk. De doelgroep van de Z-route is heel divers: - Inburgeraars voor wie betaald werk moeilijk haalbaar zal zijn; - Inburgeraars die (al dan niet met ondersteuning) wel betaald werk kunnen gaan doen, maar niet het taalniveau B1 kunnen halen - Jonge inburgeraars die laag leerbaar zijn, maar voor wie het belangrijk is om een vorm van onderwijs te volgen Hierbij is het leren van de taal gericht op leren in de praktijk en zelfredzaamheid op alle leefgebieden en sluit deze aan bij de leefwereld van de inburgeraar.

Van hier uit wordt geprobeerd een zo hoog mogelijk taalniveau te bereiken en wordt toegewerkt naar de hoogst haalbare vorm van participatie. Wat is de verandering? - De gemeente heeft voor inburgeraars een aanbodplicht van de leerroutes. Inburgeraars hoeven dus niet zelfstandig een cursus in te kopen. - In de regio staat in de leerroutes de combinatie tussen taal en participatie centraal en wordt meer maatwerk geleverd door diversiteit in het aanbod. In samenwerking met de regio bepalen we op welk niveau we de inkoop voor de leerroutes gaan organiseren. Voor de onderwijsroute is het aantal inschrijvingen zo laag dat dit waarschijnlijk bovenregionaal georganiseerd wordt. Voor de B-1 en Z-route geldt dat deze regionaal of subregionaal ingekocht worden. Daar bekijken we vervolgens in hoeverre de uitvoering lokaal plaats kan vinden.

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader

8

GV 58455

3.2 Koppeling met Koersdocument Voor de lokale vormgeving van de Wet inburgering grijpen we terug naar het Koersdocument Sociaal Domein. Hierin worden de volgende 4 ambities benoemd: Vanuit de eigen kracht We willen als gemeente de inburgeraar zelf laten zien en ervaren wat hij of zij kan en waar zijn of haar kansen liggen. Dit doen we door in gesprek te gaan en voldoende tijd en aandacht te hebben voor de inburgeraar. We starten in een vroeg stadium met het ondersteunen bij het opbouwen van een netwerk. Dichtbij De inburgeraar weet waar hij of zij terecht kan met vragen. De consulent inburgering is laagdrempelig bereikbaar en toegankelijk. Wanneer de inburgeraar een vraag heeft die niet door de consulent behandeld kan worden, verwijst deze door naar de instantie die wel kan helpen. De dorpsondersteuners worden betrokken bij de ondersteuning van nieuwe inburgeraars en andersom zijn inburgeraars op de hoogte van het bestaan van dorpsondersteuners. Diamant-groep zal ingezet worden waar mogelijk. Zij bieden trajecten aan voor inburgeraars en kunnen ondersteuning bieden aan deelnemers aan de Z-route. In 2021 ontwikkelen we door op mogelijkheden voor inburgeraars bij Diamant-groep. Er zal onderzocht worden of er sleutelpersonen ingezet kunnen worden om contact te onderhouden met (nieuwe) inburgeraars.

Sleutelpersonen zijn (voormalig) inburgeraars die kunnen fungeren als cultureel vertaler en zodoende kunnen ondersteunen in communicatie door de gemeente, in de breedste zin van het woord. Samen De gemeente werkt nauw samen met de organisaties die ook werken met inburgeraars. Dit betekent regelmatig overleggen en allemaal op de hoogte zijn. Er zal onderzocht worden of er een centraal dossier aangelegd kan worden waarvan de inburgeraar eigenaar is waarin alle relevante gegevens komen te staan. Voorkómen Door al in het asielzoekerscentrum kennis te maken met de inburgeraar en hem of haar op alle leefgebieden te bevragen, ontstaat al in een vroeg stadium een zo compleet mogelijk beeld van de inburgeraar. Hierdoor kan er tijdig een Plan Inburgering en Participatie (PIP) opgesteld worden waarbij de inburgeraar op de volgende gebieden bevraagd wordt: -

Huisvesting Financiën Gezin en huiselijke relaties Netwerk Dagbesteding Gezondheid

Op deze leefgebieden zetten we de benodigde acties uit en monitoren deze acties. Op deze manier creëren we goede randvoorwaarden voor een succesvolle en tijdige inburgering.

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader

9

GV 58455

3

Monitoring en Evaluatie

Om de voortgang te bewaken gaan we in ieder geval de volgende onderwerpen monitoren: -

Behalen landelijke taakstelling huisvesting Opstellen van het PIP binnen 10 weken na inschrijving bij de gemeente Inburgeren binnen gestelde termijn Alle leefgebieden worden betrokken bij het opstellen van het PIP. Al deze leefgebieden worden gemonitord Iedereen doet vanaf het begin naar vermogen mee

De resultaten van deze doelstellingen worden elke 6 maanden tussen de medewerkers van de gemeente besproken. Wanneer het nodig blijkt te zijn, gaan we ook in gesprek met andere partijen die bijdragen aan deze doelstellingen. Op die manier kan er tijdig bijgestuurd worden als dat nodig is.

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader 10

GV 58455

4

Financiën

Het vertrekpunt voor de uitvoering van de taken in het kader van de Wet Inburgering vormen de middelen die we ontvangen van het Rijk. Deze middelen bestaan uit twee structurele inkomstenstromen en incidentele middelen: Structurele middelen uitvoeringskosten Dit budget is bestemd voor de uitvoeringskosten die verband houden met de uitvoering van de wet. Het betreft hier onder andere inzet van formatie, communicatie en financiën voor ICT. Gemeenten zijn in de meicirculaire 2020 geïnformeerd over de verdeling van deze middelen. De structurele middelen voor de uitvoeringskosten worden verstrekt met ingang van de nieuwe wet en zijn verdeeld op basis van het aantal inwoners en het aantal personen met een niet westerse migratieachtergrond. De bedragen onder de nieuwe Wet inburgering zijn voorlopig als volgt per persoon vastgesteld: Asielinburgeraar € 4.000 Gezinsmigrant € 2.700 Structurele middelen Inburgeringsvoorzieningen Dit budget is bestemd voor inburgeringsvoorzieningen die gemeenten inzetten bij de uitvoering van inburgeringstaken. Hieronder vallen de kosten van de leerroutes, de module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP), maatschappelijke begeleiding en het Participatieverklaringstraject (PVT). Voor de verschillende onderdelen hanteert het Rijk normbedragen waarover verantwoording dient te worden afgelegd.

De hoogte is gebaseerd op het aantal inburgeraars en is mede afhankelijk van de jaarlijkse taakstelling. Vanaf 2024 zal hierop voor een klein gedeelte (10%) prestatiebekostiging plaats gaan vinden. De resultaten die gemeenten bereiken met de uitvoering van inburgeringstaken worden meegenomen in de landelijke verdeling van het beschikbare budget. De bedragen onder de nieuwe Wet inburgering zijn voorlopig als volgt per persoon vastgesteld: Asielinburgeraar € 12.172 Gezinsmigrant € 589 Incidentele middelen Daarnaast zijn er vanuit het Rijk incidentele middelen ter beschikking gesteld in de periode 2019 t/m 2021. Deze middelen hebben betrekking op de invoerings- en voorbereidingskosten van de nieuwe wet. Een gedeelte van deze incidentele middelen met betrekking tot ICT wordt in het eerste kwartaal 2021 bekend gemaakt. Voor het huidige jaar en de komende jaren zijn de volgende bedragen bekend: 2021 19.467 2022 43.265 2023 ev. 47.597 Aangrenzende beleidsterreinen De uitvoering van de taken in het kader van deze beleidsnota doen we binnen de financiële kaders van bovengenoemde gelden. Behalve op de middelen die we ontvangen van het Rijk zal mogelijk ook een beroep worden gedaan op middelen uit aangrenzende beleidsterreinen zoals re-integratie of wmo.

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader 11

GV 58455

Wat is de verandering? Onder de huidige Wet inburgering ontvangen we een vergoeding van €2.370 per inburgeraar voor maatschappelijke begeleiding en het participatieverklaringstraject. Daarnaast krijgen inburgeraars de beschikking over een lening van €10.000 euro via DUO voor het behalen van het inburgeringsdiploma. De grootste verandering is te zien in het beheer van het budget van €10.000. Onder de oude wetgeving was de inburgeraar ‘eigenaar’ van het budget. Onder de nieuwe wetgeving is dat de gemeente. Taakstelling In 2021 krijgen we te maken met een verhoogde taakstelling voor het huisvesten van inburgeraars. Dit heeft te maken met de inhaalslag die de IND aan het maken is voor het toe- of afwijzen van vergunningen aan asielzoekers. In 2020 hadden we een taakstelling van 11 personen voor een heel jaar. Voor 2021 is de taakstelling voor de eerste helft van het jaar op 12 bepaald. Dit heeft invloed op het huisvesten van inburgeraars, maar ook op het aantal personen dat aanspraak maakt op een uitkering.

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader 12

GV 58455

Bijlagen Bijlage 1

Oude wetgeving versus nieuwe wetgeving

Huidig stelsel 2013- tot (naar verwachting) 1 januari 2022

Nieuw stelsel vanaf (naar verwachting) 1 januari 2022

Rijk is verantwoordelijk en heeft regie

Rijk is verantwoordelijk, gemeenten hebben aanbodplicht en regie op de voortgang van inburgeringstrajecten voor inburgeraars. Voor gezins- en overige migranten hebben gemeenten een beperkte regierol en aanbodplicht.

Inburgeraar is volledig verantwoordelijk voor inburgeringstraject en krijgt DUO-lening van € 10.000 om zijn inburgeringstraject te financieren.

Inburgeraar en gemeente zijn samen verantwoordelijk voor het inburgeringstraject. Gemeente krijgt middelen van het Rijk om inburgeringstrajecten op maat aan te bieden aan inburgeraars. Gezins- en overige migranten krijgen een beperkte ondersteuning van de gemeente en blijven zelf verantwoordelijk voor hun taaltrajecten.

Inburgeraar kiest zelf opleider voor taal en Kennis Nederlandse Maatschappij

Gemeente koopt diensten in voor inburgeraars en enkele deelproducten voor gezinsmigranten.

A2-taalniveau

B1-taalniveau als uitgangspunt. (B2, A2 en A1 mogelijk in de onderwijsroute(B2), B1route (B1 en A2) en zelfredzaamheidsroute, A1 e.a.)

Focus op taal

Focus op taal en participatie

Handhaving door DUO

Handhaving op PIP door gemeente. Handhaving op inburgeringstermijn door DUO

Maatschappelijk begeleiding aan inburgeraars: praktische hulp, hulp bij het starten van het inburgeren, begeleiding gericht op integratie, stimuleren van participatie en integratie

Maatschappelijk Begeleiding aan inburgeraars: praktische hulp en voorlichting leefgebieden

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader 13

GV 58455

Bijlage 2

Doelgroepen en taken Wet inburgering

Met de term ‘inburgeraars’ in deze beleidsnota wordt verwezen naar de inburgeringsplichtigen onder de nieuwe Wet inburgering. De doelgroep van de Wet inburgering bestaat uit vreemdelingen van 16 jaar tot de AOW-leeftijd die zich duurzaam in Nederland vestigen en die in het bezit zijn van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd. EU onderdanen zijn vrijgesteld van de inburgeringsplicht. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt in de volgende doelgroepen: 1. Asielinburgeraars Deze groep bestaat uit 3 categorieën: a. Asielzoekers die zelfstandig naar Nederland zijn gekomen om asiel aan te vragen. Zij komen uit het AZC. Zodra ze een verblijfsvergunning hebben spreken we van vergunninghouder, inburgeraar of asielmigrant. Ook Turkse asielmigranten moeten sinds 1 mei 2020 verplicht inburgeren. b. Nareizigers: Echtgenoot, partner of kinderen van een persoon die in Nederland een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd heeft gekregen. Een nareiziger krijgt een afhankelijke asielvergunning. Dit houdt in dat deze vergunning gekoppeld is het gezinslid dat een zelfstandig verblijfvergunning asiel heeft. Bijvoorbeeld in geval van scheiding mag de nareiziger niet in meer in Nederland verblijven. c. Hervestigers: Vluchtelingen (in buitenlandse vluchtelingenkampen) die door het UNHCR worden uitgekozen om zich te hervestigen.

Deze vluchtelingen worden op verzoek van het COA en eigen initiatief van de gemeenten uitgenodigd. Daarom worden ze ook wel uitgenodigde vluchtelingen genoemd. Het zijn vaak zeek kwetsbare vluchtelingen. Zij hoeven bij aankomst geen asielprocedure te doorlopen en worden direct in de gemeente gehuisvest. 2. Gezinsmigranten Dit zijn migranten die voor gezinshereniging of gezinsvorming bij hun Nederlandse echtgeno(o)t(e) of partner zijn gekomen. Deze gezinsmigranten komen niet in een AZC. Zij hebben zich in het land van herkomst al voorbereid om hun komst naar Nederland en hebben veelal al enige kennis van de Nederlandse taal. De partner met wie zij zich verenigen moet voldoende inkomen hebben om de gezinsmigrant te onderhouden. Daarom is er geen recht op een bijstandsuitkering. Ook Turkse gezinsmigranten moeten onder de nieuwe Wet inburgering 01-01-2022 inburgeren. 3. Overige migranten Dit zijn de migranten die op vrijwillige basis naar Nederland zijn gekomen en moeten inburgeren. Over het algemeen heeft deze groep geen bijstandsuitkering. Bij overige migranten kan gedacht worden aan geestelijk bedienaren, zoals imams, rabbijnen en kloosterlingen, en vreemdelingen met een niet-tijdelijk humanitaire verblijfsstatus. Maar ook de Britten kunnen als gevolg van de Brexit inburgeringsplichtig worden.

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader 14

GV 58455

Doelgroepen en aanbodplicht nieuwe wet inburgering De wet kent ten opzichte van de verschillende doelgroepen, ook een verschillend aanbodplicht voor de gemeente. Zie onderstaande tabel voor de het aanbod vanuit de wet voor de verschillende doelgroepen. Onderdeel Asielinburgeraar Gezinsmigrant Voorinburgering In azc In land van herkomst Begeleiding inburgering x x Module Arbeidsparticpatie x x Participatieverklaringsaject x x Maatschappelijke begeleiding x Nvt Financieel ontzorgen x Nvt Volgen van een leerroute x Eigen initiatief en financiering Andere participatieonderdelen x Nvt

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader 15

GV 58455

Bijlage 3

Wettelijke onderdelen inburgeringsplicht

De Wet inburgering beschrijft de onderdelen die een inburgeraar moet afronden wil hij voldoen aan de inburgeringsplicht. Deze modules verschillen per persoon en zijn afhankelijk van de leerroute die de inburgeraar volgt. De wet biedt de flexibiliteit om binnen de eerste 1,5 jaar te wisselen van leerroute. Onderwijsroute Wanneer een inburgeraar via de onderwijs aan zijn inburgeringsplicht voldoet, moet hij: • Het diploma van het taalschakeltraject hebben behaald. Dit bestaat uit: - centrale taalexamens voor Lezen, Luisteren, Schrijven en Spreken of niveau B1 of hoger (+/1.000 uur) - centraal examen voor Kennis van de Nederlandse Maatschappij (KNM) - andere onderdelen van het taalschakeltraject, zoals loopbaan oriëntatie, rekenen, Engels en studievaardigheden (+/- 500 uur) • Het Participatieverklaringstraject (PVT) hebben gevolgd B1 route: Indien een inburgeraar via de B1 route aan zijn inburgeringsplicht voldoet, moet hij: • Geslaagd zijn voor de centrale taalexamen voor Lezen, Luisteren, Schrijven en Spreken of niveau B1 of hoger (of onder voorwaarden afgeschaald naar niveau A2) • Geslaagd zijn voor het centraal examen Kennis van de Nederlandse Maatschappij (KNM) • Het Participatieverklaringstraject hebben gevolgd • De Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP) hebben gevolgd Zelfredzaamheidsroute: Indien een inburgeraar via de zelfredzaamheidsroute aan zijn inburgeringsplicht

voldoet, moet hij: • De inburgeringscursus (taal en KNM) doorlopen voor 800 uur • Participatieactiviteiten uitvoeren voor 800 uur, waaronder de onderdelen Participatieverklaringstraject (PVT en Module Arbeidsmarktparticipatie (MAP) • Een eind gesprek voeren met de gemeente waarin wordt geconcludeerd of de afspraken in het PIP zijn nagekomen

Wet Inburgering 2022 – Lokaal beleidskader 16

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9891286/1