Programmabegroting 2025-2028 Hillegom.pdf
Tekst van het document
Een integrale aanpak van grote maatschappelijke vraagstukken-, op basis van het vastgestelde beleidskader Participatie en de Leidraad. Waarbij we oplossingen zoeken met behulp van relevante maatschappelijke partners en inwoners.
Doel 3:
In 2027 een participatieverordening gereed hebben, die de huidige inspraakverordening gaat vervangen
Laatste meting
Effectindicatoren (incl. bron) Doel 1 Inwoners waarderen de samenwerking met de gemeente met minimaal een 7.
6,49 (2020)
Begroting 2025
Streefwaarde 2028
7
7
WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN?
Activiteit
Type
Omschrijving activiteit
Doel 1 A1
Project
A2
Proces
Bij het betrekken van de samenleving bij beleidsontwikkelingen en projecten zetten we methoden in om het stille midden te bereiken. ook beogen we zo de doelgroepen actief te betrekken waarvoor beleid en projecten juist bedoeld zijn. Vanuit de Omgevingswet wordt ervaring opgedaan met de bedoeling en rollen die ook zijn beschreven in de kadernota Participatie. De werkwijze wordt geëvalueerd en de toolbox wordt op basis van de evaluatie mede aangevuld en aangescherpt.
Doel 2 B1
Programma
In het sociaal domein wordt de maatschappelijke opgave Wonen, Welzijn en Zorg op deze manier in een programma uitgevoerd. Om zo te leren van de rol van de gemeente in een netwerk waarin partijen ook zelf de missie hebben om een rol te vervullen. Zie ook programma 1,
Doel 3 C1
Project
In 2025 wordt de bestuurlijke opdracht opgehaald qua ambitieniveau en randvoorwaarden en gestart met een plan van aanpak.
SAMENWERKINGSPARTNERS
Prestatie indicatoren (incl. bron)
Laatste meting
Begroting 2024
Streefwaarde 2027
Het huidige meetinstrumentarium biedt voor dit thema (nog) geen geschikte informatie om passende prestatieindicatoren te definiëren en te meten. Het aantal participatietrajecten is moeilijk voorspelbaar.
Verbonden partijen Trends & ontwikkelingen De nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen maakt het nodig de gemeenschappelijke regelingen waaraan onze gemeente deelneemt aan te passen aan de nieuwe wetgeving. Eén vraag die daarbij speelt is of aanleiding bestaat al dan niet te komen tot de vorming van een intergemeentelijke raadscommissie gekoppeld aan de desbetreffende gemeenschappelijke regeling. WAT WILLEN WE BEREIKEN? Doel: Versterken van de grip op verbonden partijen en beheersing van de uitgaven aan verbonden partijen.
71
WAT GAAN WIJ DAARVOOR DOEN? Activiteit
Activiteitsomschrijving
A1
Aanpassing van de verschillende gemeenschappelijke regelingen aan de nieuwe Wet gemeenschappelijke regelingen.
A2
In samenwerking met raden en partners in gemeenschappelijke regelingen (per regeling) de afweging maken of de instelling van een intergemeentelijke raadscommissie al dan niet wenselijk is.
A3
Vereenvoudiging en actualiseren van de Nota Verbonden Partijen.
A4
In samenspraak tussen college en raad per verbonden partij afwegingskader herdefiniëren en actualiseren.
Voor informatie over de verbonden partijen wordt verwezen naar de paragraaf Verbonden partijen.
Beleidsindicatoren Indicator
Eenheid
Formatie
Fte per 1.000 inwoners
Bezetting
Fte per 1.000 inwoners
Externe inhuur
Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen
Apparaatskosten
Kosten per inwoner
Overhead
% van de totale lasten
Realisatie 2022
Realisatie 2023
Begroting Begroting 2024 2025
Zie Zie Zie Zie rekening rekening begroting begroting GR GR GR GR HLTsamen HLTsamen HLTsamen HLTsamen
66 13 %
11%
13 %
Bron
*
* 12 %
*
* Eigen gegevens Toelichting indicator Formatie Het gaat hier om de toegestane formatie in fte van het ambtelijk apparaat van de organisatie op peildatum 1 januari. Uitgangspunt is het vastgestelde formatieplan, dus niet de werkelijke bezetting. Het gaat om formatieplaatsen ongeacht of die worden ingevuld door iemand met een vaste aanstelling, een tijdelijke aanstelling of nog openstaan in de vorm van een vacature. Fte is het equivalent van een 36-urige werkweek. Toelichting indicator Bezetting Het gaat hier om het werkelijk aantal fte dat werkzaam is, dus niet om de toegestane formatieve omvang uit het formatieplan. Terugkijkend naar een begrotingsjaar wordt de werkelijke bezetting berekend. Conform de definitie van Vensters voor Bedrijfsvoering is berekend de gemiddelde bezetting in dat begrotingsjaar door het gemiddelde te nemen van de werkelijke bezetting op 1 januari en op 31 december. Toelichting indicator Externe inhuur Onder externe inhuur wordt verstaan: het uitvoeren van werkzaamheden in opdracht van een bij de organisatie in dienst zijnde opdrachtgever, door een private organisatie met winstoogmerk, door middel van het tegen betaling inzetten van personele capaciteit en deskundigheid, zonder dat daar een arbeidsovereenkomst of aanstelling tussen organisatie en de daarbij ingezette personen aan ten grondslag ligt.
Toelichting indicator Apparaatskosten Apparaatskosten (ofwel organisatiekosten) zijn de noodzakelijke financiële middelen voor het inzetten van personeel (salarissen), organisatie-, huisvestings-, materieel-, automatiseringskosten e.d. voor de uitvoering van de organisatorische taken. Apparaatskosten zijn dus alle personele en materiële kosten die verbonden zijn aan het functioneren van de organisatie, exclusief griffie en bestuur.
72
Toelichting indicator Overhead Overheadkosten zijn alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Dit zijn de kosten voor piofach (leidinggevende, informatievoorziening, juridische zaken, bestuurszaken en bestuursondersteuning, financiën, automatisering, inkoop, communicatie en huisvesting).
Kaderstellende stukken · · · · · · · · · ·
www.klantinfocus.nl www.operatiebrp.nl Reglement van orde voor de raad Coalitie akkoord: Met trots vooruit 2022-2026 Verordening op de raadscommissie www.omgevingswetportaal.nl Nota Verbonden Partijen 2018 (raad 22 februari 2018) HLT Samen Sterker! (Bedrijfsplan werkorganisatie HLT Samen) De raadsbesluiten van Hillegom, Lisse en Teylingen over de ambtelijke samenwerking. Governanceregime_Verbonden_Partijen_Hillegom 2018
Wat mag het kosten? Lasten
Rekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2023
2024 na wijziging
2025
2026
2027
2028
Bestuur
1.891
2.091
2.119
2.155
2.161
2.161
Totaal Bestuur en Regionale samenwerking
1.891
2.091
2.119
2.155
2.161
2.161
Beheer overige gebouwen en gronden
271
224
198
198
204
204
Burgerzaken
713
871
916
923
941
923
Totaal Dienstverlening
984
1.095
1.114
1.121
1.145
1.127
Totaal lasten
2.875
3.186
3.233
3.276
3.306
3.288
Baten
Rekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2023
2024 na wijziging
2025
2026
2027
2028
Bestuur
-267
-28
-28
-28
-28
-28
Totaal Bestuur en Regionale samenwerking
-267
-28
-28
-28
-28
-28
Beheer overige gebouwen en gronden
-106
-69
-71
-71
-71
-71
Burgerzaken
-261
-398
-406
-424
-460
-420
Thema Bestuur en Regionale samenwerking
Thema Dienstverlening
Thema Bestuur en Regionale samenwerking
Thema Dienstverlening
73
Totaal Dienstverlening
-367
-467
-477
-495
-531
-491
Totaal baten
-634
-495
-505
-523
-559
-519
Saldo van baten en lasten
2.240
2.691
2.730
2.754
2.748
2.769
Reserves
Rekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2023
2024 na wijziging
2025
2026
2027
2028
Toevoegingen reserves
0
0
0
0
0
0
Onttrekkingen reserves
-57
-22
-22
-22
-22
-22
Totaal reserves
-57
-22
-22
-22
-22
-22
Saldo na resultaatbestemming
2.187
2.669
2.704
2.728
2.723
2.744
74
Algemene dekkingsmiddelen We voeren, met de beschikbare middelen, een degelijk en transparant financieel beleid. Structurele uitgaven worden betaald uit structurele inkomsten. Op basis van de beschikbare middelen is het uitgangspunt dat de tarieven voor de OZB de komende periode slechts met het jaarlijkse inflatiepercentage stijgen. Voor wat betreft de tarieven voor de riool- en afvalstoffenheffing en voor leges, deze moeten in principe 100% kostendekkend zijn. Wij heffen geen hondenbelasting, parkeerbelasting, forensenbelasting, BIZ-bijdrage en toeristenbelasting (of verblijfbelastingen). Het huidige kwijtscheldingsbeleid zetten wij voort. Mocht er in de toekomst bezuinigd moeten worden, dan rust er op geen enkel programma een absoluut taboe. De (financieel) meest kwetsbare inwoners in onze gemeente worden in die opgave ontzien. Bij de decentralisaties hanteren wij onverkort het principe rijksbudget = werkbudget. Actiepunten Gelijkblijvende (woon)lasten voor onze inwoners Huidig financieel beleid voortzetten In de Programmabegroting meeruitgaven decentralisaties structureel opnemen Raakvlakken Verplichte onderdelen besluit begroting en verantwoording geboekt. De baten in algemene middelen bestaan uit doeluitkeringen, specifieke rijksvergoedingen, huuropbrengsten en dergelijke.
Dit onderdeel van de begroting volgt uit artikel 8 van het Besluit begroting en verantwoording (BBV). In algemene dekkingsmiddelen staan de volgende onderwerpen: • Lokale heffingen • Algemene uitkering uit het Gemeentefonds • Dividenden • Saldo financieringsfunctie • Overige algemene dekkingsmiddelen De zogenaamde algemene dekkingsmiddelen zijn diverse inkomsten waarvan de besteding niet gebonden is. Deze baten zijn niet aan een concreet programma toe te rekenen. Artikel 8 van het BBV schrijft voor dat, naast de begroting van lasten en baten per programma, ook een overzicht van de algemene dekkingsmiddelen en de post onvoorzien moet worden opgenomen. Lokale heffingen Dit zijn gemeentelijke belastingen die geen directe relatie hebben met een bepaalde gemeentelijke taak; de besteding is niet geoormerkt. De onroerendezaakbelasting en de precariobelasting vallen hieronder. De rioolrechten, afvalstoffenheffing, leges-, en marktgelden vallen hier niet onder. Deze worden op de Lokale heffingen voor een uitgebreidere toelichting. In de paragraaf Weerstandsvermogen is een berekening opgenomen over de dekkingspercentages in relatie tot het weerstandsvermogen. Algemene uitkering uit het gemeentefonds In de begroting is rekening gehouden met de effecten van de Meicirculaire 2024.
Voor de berekening van de algemene uitkering 2025 is rekening gehouden met de verwachte stijging van het aantal inwoners en het aantal gereed gekomen woningen in 2024. Meerjarig zijn deze stijgingen eveneens meegerekend. Van de meerjarige extra inkomsten is 50% in de uitgaven opgenomen als toename van kosten areaaluitbreiding. De maatstaven zijn in de meerjarenbegroting constant gehouden. De onderschrijding van de gelden met betrekking tot het BTWcompensatiefonds (BCF) zijn meerjarig meegerekend. De decentralisatie Jeugdhulp, die vanaf 2026 nog niet zijn opgenomen in de algemene uitkering, is voor 75% opgenomen in de berekeningen van de algemene uitkering
75
vanaf 2026. vanaf 2026 wel opgenomen. Het deel dat is achtergebleven als deelfonds is de decentralisatie Participatiewet. Dividenden We ontvangen dividend van Alliander, Bank voor Nederlandse Gemeenten (BNG) en De Meerlanden NV naar rato van het bedrijfsresultaat.
Dividend
Realisatie 2022
Realisatie 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Alliander
373
302
373
640
Bank Nederlandse Gemeenten
113
124
113
113
Meerlanden
95
45
95
95
581
471
581
848
Saldo financieringsfunctie In de vernieuwde BBV zijn de regels over rentetoerekening gewijzigd. De notitie Rente van de Commissie BBV geeft in een stellige uitspraak aan, dat er niet meer rente mag worden toegerekend dan de werkelijke rentelasten. Er is geadviseerd geen rente meer toe te rekenen aan eigen vermogen (voorheen bespaarde rente). We berekenen in Hillegom geen rente over investeringen. De werkelijke rentelasten zijn verantwoord in de begroting. Tijdelijke overschotten op de financiering worden overeenkomstig het schatkistbankieren 'gestald' bij het Rijk. Door de lage rente zijn er geen rentebaten over overtollige gelden, er worden wel rentebaten ontvangen voor het lenen van tijdelijke gelden (kasgeld). De overhead wordt verantwoord in prestatieveld bedrijfsvoering en de directe bedrijfskosten worden rechtstreeks toegerekend aan de producten en activiteiten. De overhead wordt wel meegenomen in de berekening van de kostendekkende tarieven. Mutaties reserves Per programma is vermeld wat de mutaties op de reserves zijn. Een aantal mutaties is niet toe te wijzen aan een programma en wordt daarom hier verantwoord. Toelichting Doel A WAT WILLEN WIJ BEREIKEN? Doel: Een transparant financieel beleid met structurele uitgaven betalen uit structurele inkomsten. WAT GAAN WIJ DAARVOOR DOEN? Activiteit
Activiteit omschrijving
A1
Een solide financiële huishouding voeren.
A2
Het opnemen van structurele meeruitgaven van decentralisaties in de Programmabegroting.
SAMENWERKINGSPARTNERS Verbonden partijen
Overige samenwerkingspartners
Bank Nederlandse gemeenten (BNG) Duin- en waterbedrijf Zuid-Holland (Dunea) Alliander N.V. Cocensus
76
Wat mag het kosten? Lasten
Rekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2023
2024 na wijziging
2025
2026
2027
2028
Treasury
43
70
68
134
434
434
Belastingen overig
261
275
273
273
273
273
Overhead
7.339
8.312
8.787
8.768
8.764
8.759
Overige baten en lasten
-45
436
25
164
307
503
Totaal Algemene middelen
7.598
9.093
9.153
9.339
9.778
9.969
Totaal lasten
7.598
9.093
9.153
9.339
9.778
9.969
Baten
Rekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2023
2024 na wijziging
2025
2026
2027
2028
Treasury
-1.027
-1.118
-1.155
-1.055
-1.005
-955
Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds
-39.816
-42.529
-43.368
-41.610
-41.777
-42.187
OZB niet-woningen
-1.400
-1.401
-1.450
-1.450
-1.450
-1.450
OZB woningen
-3.774
-4.005
-4.180
-4.268
-4.358
-4.482
Belastingen overig
-45
-43
-43
-43
-43
-43
Overhead
-15
-16
-16
-16
-16
-16
Overige baten en lasten
-2
Thema Algemene middelen
Thema Algemene middelen
Totaal Algemene middelen
-46.079
-49.112
-50.212
-48.442
-48.649
-49.133
Totaal baten
-46.079
-49.112
-50.212
-48.442
-48.649
-49.133
Saldo van baten en lasten
-38.481
-40.019
-41.059
-39.103
-38.871
-39.164
Reserves
Rekening
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2023
2024 na wijziging
2025
2026
2027
2028
Toevoegingen reserves
0
0
0
0
0
Onttrekkingen reserves
0
0
0
0
0
-38.478
-40.020
-41.059
-39.104
-38.872
Totaal reserves Saldo na resultaatbestemming
-39.165
77
Overhead In het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) is onderlinge vergelijkbaarheid van gemeenten het uitgangspunt. Daarom is er door de wetgever voor gekozen om de kosten van overhead op één taakveld te laten registreren en op één centrale plaats in de begroting te vermelden. Door deze nieuwe systematiek gaan gemeenten op dezelfde wijze om met kostentoerekening, waardoor de vergelijking van kosten van producten/diensten volgens de wetgever ook zuiverder is. Om dit effect te versterken is er een uniforme definitie van overhead gegeven in de Notitie overhead. Overheadkosten zijn alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Dit zijn de kosten voor piofach (leidinggevende, informatievoorziening, juridische zaken, bestuurszaken en bestuursondersteuning, financiën, automatisering, inkoop, communicatie en huisvesting). De direct toe te rekenen kosten worden verantwoord op de taakvelden.
gaat. Het opnemen van het totaalbedrag aan ondersteunende activiteiten zegt daarnaast weinig zonder de relatie met het primaire proces te leggen/kennen. Daarom houden wij conform de financiële beheersverordening extra comptabel ook nog zicht op de integrale kostprijs zodat daarop sturing kan plaatsvinden. In 2025
8.787.372. Dit is 12
71.547.765.
De overhead bestaat uit: bedragen
.000,-
Onderdeel
2023
2024
2025
Bijdrage HLTtsamen-overhead deel
6.477
7.124
7.345
Huisvesting
206
206
346
Overige overhead
946
933
1.097
7.630
8.263
8.787
13
13
12
Totaal Overheadpercentage
Vennootschapsbelasting Vanaf 1 januari 2016 zijn overheidsondernemingen verplicht om vennootschapsbelasting af te dragen over winstgevende activiteiten. Gemeenten zijn onder de nieuwe wet in principe vennootschapsbelastingbelastingplichtig voor alle werkzaamheden, die als een ondernemingsactiviteit kunnen worden aangemerkt. Een inventarisatie wijst er op dat Hillegom geen onder de vennootschapsbelasting vallende activiteiten heeft. Onvoorzien 25.000,- geraamd voor onvoorziene incidentele uitgaven.
78
Paragrafen Paragraaf Lokale heffingen Algemeen De paragraaf lokale heffingen bevat, overeenkomstig het BBV een overzicht van het beleid inzake de lokale heffingen, de relevante ontwikkelingen die van invloed zijn op de tarieven en een verantwoording over de mate van kostendekkendheid van tarieven inclusief de uitgangspunten die daarbij zijn gehanteerd. Daarnaast wordt een overzicht op hoofdlijnen gepresenteerd van de diverse heffingen, de lokale lastendruk en een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid. In de Gemeentewet en een aantal bijzondere wetten is geregeld welke heffingen (belastingen en retributies) een gemeente mag opleggen. De gemeenteraad bepaalt de hoogte van het tarief en welke van die heffingen ook daadwerkelijk worden geheven. Belastingen De Gemeentewet geeft een limitatieve opsomming van de belastingen die een gemeente mag heffen. Tegenover een belasting staat geen rechtstreekse individuele tegenprestatie van de overheid. De opbrengsten dienen als algemeen dekkingsmiddel. Onze gemeente heft de volgende belastingen: onroerendezaakbelastingen (OZB) en precariobelasting. De gemeente Hillegom maakt geen gebruik van de wettelijke mogelijkheden om hondenbelasting, parkeerbelasting, forensenbelasting, BIZ-bijdrage en toeristenbelasting (of verblijfsbelastingen) te heffen. Rechten Rechten zijn betalingen voor een geleverde of een bewezen dienst.
Hiervan zijn de tarieven in principe volledig kostendekkend. Het is niet toegestaan een meer dan kostendekkend tarief te hanteren. In Hillegom worden afvalstoffenheffing, rioolheffing, leges en marktgeld als rechten geheven. In de raadsvergadering van december 2024 worden de belastingverordeningen 2025 voor de bijstelling van de tarieven voorgelegd. Ontwikkelingen/actualiteit
Belastinghervormingen In het kader van de nieuwe financieringssystematiek voor het Gemeentefonds vanaf 2026 wordt door de minister van BZK en de staatssecretaris van Financiën gekeken naar de mogelijkheid voor een groter eigen belastinggebied. De vervolgstappen om te komen tot belastinghervormingen en groter eigen gemeentelijk belastinggebied worden afgewacht. Er is onderzoek naar invoering van twee nieuwe belastingen namelijk, planbatenheffing en grondbelasting ter bevordering van de woningbouw. Verder wordt een maximum voor de stijging van de OZB genoemd. Besluitvorming hierover wordt afgewacht.
Financiële uitgangspunten •
•
Overeenkomstig de Kadernota 2025 wordt voor belastingen en retributies rekening gehouden met een inflatiepercentage van 3,7%. Voor de heffingen geldt dat een compensatie alleen aan de orde is, als deze binnen de grenzen van kostendekkendheid blijft. Voor de retributies geldt dat het uitgangspunt de 100% kostendekkendheid is. Bij de berekening van de overhead wordt de maximale toegestane opslag berekend. De overhead bestaat uit de kosten voor piofach (personeel, informatievoorziening, organisatie, financiën, automatisering, communicatie en huisvesting). De direct toe te rekenen kosten worden verantwoord op de taakvelden.
Kostendekkendheid Voor het bepalen van de kostendekkendheid mogen extra comptabel de volgende zaken worden meegerekend: a. De directe lasten van personeel HLTsamen zijn verantwoord op het taakveld en zijn gebaseerd op de geraamde lasten uit de begroting van HLTsamen. De overhead, de kosten voor leidinggevend personeel, informatievoorziening, juridische zaken, bestuurszaken en bestuursondersteuning, financiën, automatisering, inkoop, communicatie en huisvesting (piofach), zijn gerelateerd aan de totale lasten van de bedrijfsvoering (zie het onderdeel Overhead bij de Algemene dekkingsmiddelen.
79
b. c.
d. e.
De lasten in het prestatieveld zijn exclusief BTW. Omdat het BTW compensatiefonds (bcf) wordt gevoed uit het Gemeentefonds, is toerekening van de BTW geoorloofd. Bij de berekening van de baten wordt een derde van de kosten van het prestatieveld Straatreiniging toegerekend aan de heffing afvalstoffenheffing en het rioolrecht. De kosten van straatreiniging worden mede gemaakt om het zwerfvuil te verminderen en om verstoppingen in het rioolstelsel te voorkomen. Het is geoorloofd om het bedrag aan kwijtscheldingen te compenseren in het tarief. De kosten, gemaakt voor inning en invordering door de gemeenschappelijke regeling Cocensus, mogen worden toegerekend aan de rechten. Deze zijn gerelateerd aan de kostentoerekening van Cocensus en zijn ondergebracht bij het taakveld.
Overzicht lokale heffingen In het volgende overzicht worden de opbrengsten van de lokale heffingen weergegeven. Lokale heffingen
Realisatie 2022
Realisatie 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
4.883
5.174
5.389
5.630
Precariobelasting
14
13
11
11
Overige baten (dwangbevelen)
13
30
32
32
Totaal niet bestedingsgebonden
4.909
5.217
5.432
5.673
Afvalstoffen- en reinigingsheffingen
3.174
3.398
4.339
5.348
Rioolheffing
2.466
2.434
2.527
2.663
Secretarieleges
289
293
313
425
Bouwleges
652
496
474
474
Begrafenisrechten
84
65
81
81
Rechten en Marktgelden
12
13
13
13
6.674
6.698
7.747
9.004
11.584
11.915
13.179
14.677
Onroerende zaakbelasting
Totaal gebonden aan bestedingen Totaal
Wet waardering onroerende zaken (woz) De vastgestelde WOZ-waarde vormt de grondslag voor de onroerendezaakbelastingen (OZB), de Waterschapsomslag gebouwd (geheven bij woning- of bedrijfspandbezitters in het gebied van het waterschap) en het huurwaardeforfait voor de inkomstenbelasting. De WOZ-administratie is een basisregistratie. De waarden worden op grond van de WOZ jaarlijks herzien. De Waarderingskamer schat de marktontwikkeling 2023 voor woningen op een stijging van 3 procent. Voor niet-woningen wordt de waardeontwikkeling geschat op een stijging van 2 procent. Onroerend zaakbelastingen De tarieven van de OZB worden gebaseerd op de WOZ-waarde en de geraamde opbrengsten in de begroting. De aanslag OZB wordt berekend over de waardebepaling per 1 januari 2024. De marktontwikkeling wordt gevolgd door Cocensus. Bij het bepalen van de tarieven wordt rekening gehouden met de ontwikkeling van de WOZ-waarde. De geraamde leegstand bij niet-woningen is over beide heffingen verdeeld, zodat de prikkel tot verhuren mede bij de eigenaren is ondergebracht. De opbrengsten van de OZB voor zowel woningen als nietwoningen (eigenaren en gebruikers) zijn verhoogd met het inflatiepercentage van 3,7 procent.
80
De ontwikkeling van de onroerendezaakbelasting tarieven van de afgelopen jaren waren: % van de WOZ-waarde % van de WOZ-waarde
2022
2023
2024
Woningen
Eigenaar
0,1033%
0,0906%
0,0921%
Niet-woningen
Eigenaar
0,2223%
0,2208%
0,2265%
Niet-woningen
Gebruiker
0,1137%
0,1333%
0,1368%
Bij de vaststelling van de OZB-verordening, medio december, wordt de laatste prognose van de WOZ-waarde per 1 januari 2024 bepaald om zodoende een juist percentage van de heffingsmaatstaf te kunnen vaststellen en de geraamde opbrengsten, inclusief de uitgangspunten te garanderen. Precariobelasting Precariobelasting wordt geheven voor het innemen of gebruiken van openbare grond. De tarieven zijn verhoogd met het vastgestelde inflatiecijfer 3,7%. Overige baten Bij de inning van de achterstallige belastingen en rechten worden wettelijke aanmanings- en dwangbevelkosten in rekening gebracht. Reinigingsheffingen Reinigingsheffingen bestaan uit de afvalstoffenheffing voor huisgezinnen en overige reinigingsrechten. De overige reinigingsrechten heffingen worden betaald voor het inzamelen en verwerken van afvalstoffen op de gemeentewerkplaats. De afvalstoffenheffing geldt voor huishoudens. Door de stijgende kosten van verwerking van het afval, verwijderen bijzettingen bij milieuparkjes en achterblijven van inkomsten van restfracties is het tarief verhoogd om te komen tot 100% dekkingspercentage. 2023 Meerpersoons Vast tarief
Éénpersoons
2024 Meerpersoons
Éénpersoon
2025 Meerpersoons
Één-persoon
355,00
81
Het BBV schrijft voor dat er een duidelijk overzicht is van de kostendekking. Hieronder geven we inzicht in de kostendekking van de afvalkosten.
Berekening kostendekking afval Jaarrekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Kosten van taakveld
3.427
3.566
4.165
Baten van taakveld
174
345
335
Netto kosten
3.246
3.222
3.671
Taakveld
Omschrijving
Afval
Toe te rekenen kosten a.
Overhead
124
175
225
b.
BTW
743
726
871
c.
Afvoeren veegafval
117
106
130
d.
Kwijtschelding
108
110
110
Totale kosten
4.337
4.339
5.166
Opbrengsten heffingen
3.398
4.339
5.166
78%
100%
100%
Kostendekkingspercentage
Rioolheffing De rioolheffing wordt geheven ter bestrijding van de kosten van de gemeentelijke watertaken (afvalwater, hemelwater en grondwater). De opbrengst van de rioolheffing is gebaseerd op 100% dekking van de kosten. De kosten zijn opgenomen op basis van het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP). De grondslag bij woningen is gesplitst in één- en meerpersoonshuishoudens en bij niet-woningen het waterverbruik te hanteren als grondslag, verdeeld in acht schalen. Met alle (minimale) wijzigingen en de genoemde uitgangspunten is de rioolheffing 100% dekkend en zijn de tarieven berekend op: Woningen
2023
2024
2025
2 of meer persoonshuishoudens 1 persoonshuishoudens Niet-woningen <100 100-250 250-500 500-1000 1000-2000 2000-4000 4000-6000 >6000 Garages/trafo's
82
Het BBV schrijft voor dat er een duidelijk overzicht is van de kostendekking. Hieronder geven we inzicht in de kostendekking van de rioolkosten.
Berekening kostendekking Riolering Jaarrekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Kosten van het taakveld
1.845
1.727
1.834
Baten van het taakveld
0
0
0
1.845
1.663
1.834
Taakveld
Omschrijving
Riolering
Netto kosten
Toe te rekenen kosten a.
Overhead
162
226
231
b.
BTW
230
364
387
c.
Afvoeren veegafval
117
130
130
d.
Kwijtschelding
71
80
80
Totale kosten
2.434
2.527
2.663
Opbrengsten heffingen
2.434
2.527
2.663
100%
100%
100%
Kostendekkingspercentage
Leges burgerzaken In overeenstemming met de beleidsuitgangspunten zijn de leges waar nodig verhoogd met 3,7 %. De tarieven voor de reisdocumenten en rijbewijzen zijn aangepast aan de vastgestelde maximum tarieven. Hieronder geven we inzicht in de kostendekking van de leges.
Berekening kostendekkendheid leges burgerzaken Jaarrekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Kosten van taakveld
704
670
915
Baten van taakvelden
0
0
0
704
670
915
Taakveld
Omschrijving
Burgerzaken
Netto kosten Toe te rekenen kosten a.
Overhead
94
88
116
b.
BTW
133
120
163
Totale kosten
931
878
1.193
Opbrengsten leges
293
289
425
Kostendekkendheidspercentage
31%
33%
36%
Toelichting Onder de leges vallen de kosten van burgerlijke stand, reisdocumenten, rijbewijzen en vergunningverlening APV.
83
Leges bouw In overeenstemming met de beleidsuitgangspunten zijn de leges waar nodig verhoogd met 3,7%. De legesverordening en tarieventabel zijn aangepast aan de nieuwe Omgevingswet bij de inwerkingtreding op 1 januari 2024. Hieronder geven we inzicht in de kostendekking van de bouwleges.
Berekening kostendekking Wonen en bouwen Jaarrekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Kosten van taakvelden
313
375
611
Baten van taakvelden
0
0
0
313
375
611
Taakveld
Omschrijving
Bouw en wonen
Netto kosten Toe te rekenen kosten a.
Overhead
66
79
128
b.
BTW
38
49
77
Totale kosten
416
503
817
Opbrengsten heffingen
400
474
474
99%
96%
58%
Kostendekkingspercentage
Toelichting De omgevingsvergunningen zijn ondergebracht bij de taakvelden Dienstverlening. De opbrengsten heffingen zijn de leges voor omgevingsvergunningen en welzijnstoetsing en zijn de reguliere opbrengsten. In overeenstemming met de beleidsuitgangspunten zijn de leges waar nodig verhoogd met 3,7%. Grafrechten In overeenstemming met de beleidsuitgangspunten zijn de rechten verhoogd met 3,7%. Hieronder geven we inzicht in de kostendekking van de grafrechten.
Berekening kostendekking grafrechten Jaarrekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Kosten van taakveld
179
81
134
Baten van taakveld
48
6
3
Netto kosten
131
75
131
Taakveld
Omschrijving
Begraafplaats.
Toe te rekenen kosten a.
Overhead
17
11
11
b.
BTW
35
17
17
Totale kosten
184
103
103
Opbrengsten heffingen
65
81
81
35%
79%
46%
Kostendekkingspercentage
84
Toelichting De kosten en baten zijn verantwoord in het taakveld begraafplaatsen en crematoria. Marktgelden In overeenstemming met de beleidsuitgangspunten zijn de leges verhoogd met 3,7%. Hieronder geven we inzicht in de kostendekking van de marktgelden.
Berekening kostendekking Jaarrekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Kosten van taakveld
52
38
43
Baten van taakveld
0
0
0
Netto kosten
52
38
43
Taakveld
Omschrijving
Markt
Toe te rekenen kosten a.
Overhead
7
5
5
b.
BTW
11
8
9
Totale kosten
70
50
58
Opbrengsten heffingen
13
13
13
18%
26%
23%
Kostendekkingspercentage
Toelichting De kosten en baten zijn verantwoord in het taakveld Economie en bedrijvigheid, onderdeel straatmarkten. Kwijtscheldingen Aan degenen die niet in staat zijn om de een belastingaanslag te betalen, kan (op grond van de Invorderingswet 1990) gehele of gedeeltelijke kwijtschelding worden verleend. De ministeriële Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 geeft regels over de uitvoering. Deze regeling geldt ook voor de gemeentelijke heffingen (art. 255 Gemeentewet). De gemeenteraad heeft een beperkt aantal keuzen waaronder de criteria voor de kosten van bestaan. De kwijtscheldingsnorm is bepaald op 100% van de geldende bijstandsnorm en wordt jaarlijks met de belastingverordeningen bevestigd. Kwijtschelding kan worden verleend voor de OZB, de rioolheffing en de afvalstoffenheffing. Waar mogelijk wordt een automatische toets voor kwijtschelding uitgevoerd. Van mensen die in een jaar kwijtschelding hebben gekregen wordt het volgend jaar getoetst of de inkomens- en vermogenssituatie is gewijzigd. Bij gelijkblijvende omstandigheden wordt dan automatisch kwijtschelding verleend.
Jaarrekening 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Kwijtscheldingen rioolheffing
70
80
80
Kwijtscheldingen afvalstoffenheffing
108
110
110
Kwijtscheldingen OZB
0
0
0
Totaal kwijtscheldingen
108
190
190
Toegekende en ingeschatte kwijtscheldingen lokale heffingen
85
Woonlasten Onder de gemeentelijke woonlasten verstaan we het gemiddelde bedrag dat een huishouden in een bepaalde gemeente betaalt aan OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing. Woonlasten regio 2024 In het volgende overzicht staan de woonlasten 2024 van Hillegom en een aantal regio- en omliggende gemeenten van het afgelopen begrotingsjaar. De OZB is gebaseerd op de gemiddelde waarde van een woning per gemeente en een meerpersoonshuishouden.
Gemeente
OZB OZB niet woningen woningen
Haarlemmermeer
0,0723%
0,5903%
Teylingen
0,0851%
0,3969%
Katwijk
0,1080%
0,7063%
Hillegom
0,0921%
0,3633%
Noordwijk
0,0853%
0,3584%
Lisse
0,1055%
0,5072%
Leiden
0,1131%
1,1677%
Heemstede
0,0793%
0,5289%
Oegstgeest
0,1267%
0,7066%
Bloemendaal
0,1078%
0,6361%
ReinigingsRioolheffing heffing
Woonlasten huurder (afval en riool)
Woonlasten eigenaar OZB riool en afval
536
276
Bron: Coelo.nl Tabel kengetallen woonlasten Overeenkomstig regelgeving (BBV) is verplichte tabel belastingcapaciteit opgenomen. Woonlasten A OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde B Rioolheffing voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde C Afvalstoffenheffing voor een gezin D Eventuele heffingskorting E Totale woonlasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde (A+B+C-D) F Woonlasten landelijke gemiddelde voor gezin in t-1 Woonlasten t.o.v. landelijke gemiddelde jaar er voor (E/F) x 100%
2023
112%
2024
118%
2025
124%
86
Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing grondslag van deze paragraaf is vastgelegd in artikel 11 van het BBV.
Inleiding en Achtergrond Hillegom omschrijft een risico als een onzekere gebeurtenis die effect heeft op het kunnen behalen van een kunnen zowel intern als extern zijn.
• • • •
Wat willen wij bereiken? Wat is daarbij onzeker (voor wie)? Wat ga wij doen (voor wie)? Hoeveel risico is aanvaardbaar*?
*Ten aanzien van de hoeveelheid aanvaardbaar risico is het voorlopige uitgangspunt gekozen dat de (netto) kans programmabudget (gecorrigeerd voor uitgaven aan verbonden partijen) tenzij hier een door het college goedgekeurde onderbouwing aan ten grondslag ligt. Het uitgangspunt zal formeel worden vastgesteld wanneer er voldoende ervaring is opgedaan met de herziene methodiek van risicoberekening. In het huidige begrotingsjaar is nog geen goedkeuring vereist. haar maatschappelijke missie. Volledige controle vereist immers oneindig budget. De kern van bovengenoemde vragen is om een gedegen afweging te maken tussen effectiviteit en efficiency.
verder zal uitbreiden. In het huidige begrotingsjaar ligt de nadruk op het inventariseren en beheren van de
gelegd op risicobewustzijn op zowel strategisch als operationeel niveau. De huidige opzet ten aanzien van risicomanagement is weergegeven in onderstaand figuur.
87
Omvang Risico en Weerstandscapaciteit De omvang van het risico is berekend door per programma inzichtelijk te maken wat de belangrijkste strategische achtergrond) zijn, hoe groot de kans wordt ingeschat dat het risico zich door de jaren heen zal voordoen en hoe groot de impact (in euro) naar inschatting zal zijn wanneer dit plaatsvindt. De kans maal de impact is het risicobedrag dat wordt toegevoegd aan het benodigde weerstandsvermogen. Bij het inschatten van kans en impact wordt rekening gehouden met de beheersmaatregelen die zijn getroffen (of worden getroffen) om het risico en/of de impact te verkleinen, bijvoorbeeld een verzekering om de schade na een brand te beperken. Op deze manier wordt het netto risicobedrag berekend.
verbonden doelstellingen. Bij het inschatten van kans en impact hebben zij kunnen kiezen tussen het gebruik een van standaard tabel voor kans en impact of het maken van eigen beoordeling. Toelichting Omvang Risico Programma Categorie
Risico
Toelichting Impact
Samenleven
Open einde regelingen
Stijging van de vraag naar zorg en Dit resulteert in een toename van ondersteuning binnen open-einde- niet begrote kosten regelingen.
Snelle toeleiding naar de passende zorg versterken door de inzet van integrale toegang, POH Jeugd en Jeugdhulp in onderwijs als algemene voorziening.
Samenleven
Bedrijfsrisico
De verwachte kostenreductie in de Dit resulteert in een toename van begroting van de niet-begrote kosten. gemeenschappelijke regelingen in het sociaal domein kan niet worden gerealiseerd.
Snelle toeleiding naar de passende zorg versterken door de inzet van integrale toegang, POH Jeugd en Jeugdhulp in onderwijs als algemene voorziening.
Leefomgeving Bedrijfsrisico
Bij facilitaire projecten in Het risico bestaat dat deze projecten initiatieffase wordt toegewerkt naar worden gestaakt en de kosten niet een anterieure overeenkomst. kunnen worden verrekend op de Wanneer het tot een overeenkomst ontwikkelaar. Niet verrekenbare komt worden deze kosten, naar kosten worden uiteindelijk afgeboekt verwachting, volledig verrekend ten laste van het rekeningresultaat met de ontwikkelaar.
Leefomgeving Bedrijfsrisico
De woningbouwmarkt staat onder druk door inflatie bouwkosten, renteverhoging hypotheken en stikstof. Projecten worden uitgesteld.
Beheersmaatregel Aandeel
Het risico bestaat dat de werkzaamheden van de medewerkers van planvorming afnemen waardoor de kosten niet kunnen worden doorbelast aan bouwprojecten. Om dit risico te beheersen wordt er gebruik gemaakt van een flexibele schil van medewerkers. Daarnaast bestaat het risico dat toekomstige GREX'en minder rendabel zullen zijn.
88
Leefomgeving Bedrijfsrisico
Bij inspecties/groot onderhoud constateren dat er gebreken zijn aan civiele kunstwerken.
Bij onderhoud en inspecties is eerder Met regelmaat geconstateerd dat de staat van een inspecties uitvoeren. civiel kunstwerk niet direct zichtbare problemen had. Directe actie is hierbij vereist om verdere problemen te voorkomen.
Leefomgeving Bedrijfsrisico
De inventarisatie van kapitaalgoederen is onvolledig.
De oorzaak hiervan is uitbesteding en onvoldoende vastlegging van kennis. Het gevolg hiervan is dat kapitaalgoederen onvoorzien onderhoud nodig hebben. Kapitaalgoederen zijn kostbaar, herstel is vaak kostbaar.
Aanbesteding van kennispakketten en vastlegging van kennis moet het gat in de inventarisatie van kapitaalgoederen laten afnemen/wegnemen.
Leefomgeving Juridisch risico Een bestuurlijke maatregel is gebaseerd op een foute beoordeling.
Als uit de juridische procedure blijkt dat een bestuurlijke maatregel ten onrechte is opgelegd kan dit leiden tot een schadeclaim.
Leefomgeving Bedrijfsrisico
Schade door vandalisme is groter dan voorzien en is niet verzekerd.
De gemeente is verzekerd tegen brand,- storm-, vliegtuig- en inbraakschade voor gebouwen. Schades door vandalisme zijn voor rekening van de gemeente. Het risico bestaat dat bij onderverzekering een lager bedrag wordt uitgekeerd dan de werkelijke schade. De verzekerde waarden van de gebouwen zijn volgens de polissen geïndexeerd. Periodiek wordt de juistheid daarvan bezien door taxaties. De gemeente heeft budgetten voor vandalisme opgenomen. Tot op heden zijn deze budgetten toereikend.
Leefomgeving Bedrijfsrisico
Ziekten en plagen in de buitenruimte nemen toe door o.a. klimaatverandering.
We zien steeds meer ziekten en plagen in de buitenruimte ontstaan waartegen we maatregelen moeten nemen. Essentaksterfte, Kastanjebloedingsziekte, Eikenprocessierups. Hierdoor moeten vaker onvoorziene kosten worden gemaakt om de negatieve gevolgen hiervan te bestrijden.
Leefomgeving Bedrijfsrisico
Versneld vervangen of groot onderhoud uitvoeren door wijzigingen in o.a. het klimaat
Bestuur & Bedrijfsrisico Ondersteuning
Politieke agenda kan niet geheel worden uitgevoerd vanwege vroegtijdig vertrek bestuurder
Het klimaat is aan het veranderen Met regelmaat daarbij ontstaat de kans dat de inspecties uitvoeren huidige inrichting niet meer voldoet en daarnaast of sneller slijt dan voorzien. bijvoorbeeld zaken als de klimaatstresstest. Dit kan resulteren in vertraging van de politieke agenda en additionele kosten voor wachtgeld. Bij het financieel maken van dit risico is enkel rekening gehouden met het aspect wachtgeld. Het jaarsalaris van een wethouder exclusief werkgeverslasten is afhankelijk van het aantal resterende maanden in het jaar.
89
Bestuur & Bedrijfsrisico Ondersteuning
Participatietrajecten wekken vertrouwen dat onvoldoende kan worden waargemaakt.
Dit resulteert in imagoschade en Opstellen visie op additionele samenspel gemeentecommunicatieinspanningen. Kosten samenleving en verbonden aan communicatie opstellen gericht op het managen van handelingsperspectief verwachtingen en het incl. toolbox voor herstellen/beperken van zowel imagoschade. burgerparticipatie als overheidsparticipatie voor medewerkers
Overkoepelen Bedrijfsrisico d Risico
De borging van projecten (projectmatig werken) vindt onvoldoende plaats.
De oorzaak hiervan is tijd (afhankelijkheid van andere projecten) kennis en cultuur. Dit resulteert in kwaliteitsproblemen en herstelwerkzaamheden.
Standaarden voor projecten en borging (professionele werkmethoden)
Overkoepelen Algemene d Risico uitkeringen
Ontwikkeling gemeentefonds
Risico dat de bestaande verdeelmaatstaven zich anders ontwikkelen dan geraamd
Volgen van circulaires
Bij een gerechtelijke procedure kan de gemeente veroordeeld worden tot het betalen van de financiele schade. Tevens kan achteraf blijken dat de aanbesteding niet op rechtmatige wijze heeft plaats gevonden Dit resulteert in een toename van niet-begrote kosten.
Interne controle proces monitoren en verder opleiden van medewerkers
Overkoepelen Juridisch risico Procedurefouten bij d Risico aanbestedingen
Overkoepelen Bedrijfsrisico d Risico
Prijsontwikkeling gaat harder dan begroot.
Overkoepelen Bedrijfsrisico d Risico
Hogere uitgaven en lagere Dit resulteert in een toename van inkomsten vanwege crisissen, zoals niet-begrote kosten. corona en vluchtelingen.
Financiering & Bedrijfsrisico Garantie
Risico dat directe tegenpartijen Dit heeft een negatief effect op de stoppen met betalen waardoor exploitatieruimte van de gemeente. leningen niet of deels terugbetaald worden.
Overkoepelen Bedrijfsrisico d Risico
De digitale dreiging van cyberaanvallen is aanwezig. Het risico van geslaagde cyberaanval is hier gekwantificeerd.
Verbonden partijen
Risico's in de bedrijfsvoering van een verbonden partij.
Bedrijfsrisico
De afgelopen jaren zien wij een groei Digitale beveiliging in de digitale dreiging voor optimaliseren. gemeenten. Gemeenten worden doelbewust aangevallen door zowel statelijke, criminele en activistische actoren. De impact van een succesvolle aanval kan enorm zijn. De continuïteit van onze dienstverlening kan stil komen te liggen en privacy gevoelige gegevens van onze inwoners kunnen op straat belanden. Een succesvolle hack brengt vervolgens ook zware financiële gevolgen met zich mee. Hierdoor is de verbonden partij onvoldoende in staat om haar opdracht uit te voeren en/of schade (euro) wordt doorbrekend aan de gemeente. TOTAAL
90
1.546.000
Op basis van bovengenoemde risico-inventarisatie is gebleken dat de omvang van het netto risico van Hillegom 3.501.180 bedraagt. Dit bedrag zal als ondergrens worden gehanteerd voor de omvang van de incidentele weerstandscapaciteit. De incidentele weerstandscapaciteit kan worden ingezet om niet geraamde (onvoorziene) lasten van substantiële aard mee te dekken. De structurele weerstandscapaciteit geeft de omvang van de maximale ruimte om de belastingen te verhogen om structurele lasten mee te dragen. Omvang weerstandscapaciteit Hillegom Rek. 2023 Totaal van de risico's
Begr. 2024 Begr. 2025 Begr. 2026
Begr. 2027 Begr. 2028
3.406
2.926
3.501
3.501
3.501
3.501
39.06 2
25.500
30.374
29.096
27.306
25.058
-6.000
6.000
-6.000
6.000
6.000
6.000
4.650
2.454
2.454
2.454
2.454
Totaal van de weerstandscapaciteit
37.71 2
21.954
26.828
25523
23.760
21.512
Ratio weerstandsvermogen
11,07
7,50
7,66
7,29
6,79
6,14
Weerstandscapaciteit Algemene reserve Stille reserve Vastgestelde buffer van de algemene reserve Onbenutte belastingcapaciteit
2.454
Wij maken gebruik van de waarderingstabel opgesteld door het Nederlands Adviesbureau voor risicomanagement. De minimale ratio is 1,4 < x < 2. Hoe hoger de ratio, hoe beter de gemeente in staat is om vangen. Financiële kengetallen Financiele Kengetallen
Rek.
Beg.
Beg.
Beg.
Beg.
Beg.
Bij begroting ultimo jaar
2023
2024
2025
2026
2027
2028
Netto schuldquote
-6,5%
61,8%
72,7%
82,4%
8641%
88,6%
Netto schuldpositie gecorrigeerd voor verstrekte leningen
-24,8%
43,4%
52,0%
61,2%
65,1%
67,3%
Solvabiliteit
73,0%
56,7%
50,2%
47,4%
45,1%
43,2%
Grondexploitatie
-3,1%
-0,3%
-1,0%
8,6%
9,8%
10,2%
Structurele exploitatieruimte
5,2%
0,3%
0,8%
-2,8%
-3,5%
-3,0%
111,8%
117,9%
123,7%
123,7%
123,7%
123,7%
rek. 2023
begr. 2024
begr. 2025
begr. 2026
begr. 2027
begr. 2028
Woonlasten Hillegom t.o.v. landelijk gemiddelde jaar ervoor
Toelichting van de financiële kengetallen Netto schuldquote Netto schuldquote Vaste schulden
+
10.621
33.421
41.746
46.046
49.996
51.646
Netto vlottende schuld
+
3.361
6.477
9.876
10.720
9.407
9.071
Overlopende passiva
+
7.173
6.000
6.000
6.000
6.000
6.000
Fin. activa (uitsluitend art. 36, d, e, f)*
-
0
0
0
0
0
0
Uitzettingen < 1 jaar
-
22.723
6.500
6.500
6.500
6.500
6.500
Liquide middelen
-
294
500
500
500
500
500
91
Overlopende activa
-
2.492
1.000
1.000
1.000
1.000
1.000
Totaal
-4.354
37.898
49.622
54.766
57.403
58.717
Totale baten, excl. mutaties reserves
67.294
61.362
68.209
66.440
66.456
66.243
Netto schuldquote (netto schuld/baten)
-6,5%
61,8%
72,7%
82,4%
86,4%
88,6%
De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Overigens hanteert de VNG een signaalwaarde van 100%, waarboven waakzaamheid is geboden. Een netto schuldquote van hoger dan 130% is een indicatie voor een te hoge schuld. Hillegom zit hier aanzienlijk onder. Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen Netto schuldquote gecorrigeerd voor verstrekte leningen (bedragen x
rek. 2023
begr. 2024
begr. 2025
begr. 2026
begr. 2027
begr. 2028
Vaste schulden
+
10.621
33.421
41.746
46.046
49.996
51.646
Netto vlottende schuld
+
3.361
6.477
9.876
10.720
9.407
9.071
Overlopende passiva
+
7.173
6.000
6.000
6.000
6.000
6.000
Fin. activa (uitsluitend art. 36, b,c,d,e,f)*
-
12.334
11.297
14.129
14.126
14.124
14.124
Uitzettingen < 1 jaar
-
22.723
6.500
6.500
6.500
6.500
6.500
Liquide middelen
-
294
500
500
500
500
500
Overlopende activa
-
2.492
1.000
1.000
1.000
1.000
1.000
Totaal
-16.688
26.601
35.493
40.640
43.279
44.593
Totale baten, excl. mutaties reserves
67.294
61.362
68.209
66.440
66.456
66.243
Netto schuldquote (netto schuld/baten)
-24,8%
43,4%
52,0%
61,2%
65,1%
67,3%
Om inzicht te verkrijgen in hoeverre sprake is van doorlenen wordt de netto schuldquote zowel in- als exclusief doorgeleende gelden weergegeven. Op die manier wordt duidelijk in beeld gebracht wat het aandeel van de verstrekte leningen is en wat dit betekent voor de schuldenlast. De wijze waarop de netto schuldquote gecorrigeerd voor de doorgeleende gelden wordt berekend is gelijk aan de netto schuldquote, met dien verstande dat bij de financiële activa ook alle verstrekte leningen worden opgenomen. Solvabiliteitsratio Solvabiliteitsratio
rek. 2023
begr. 2024
begr. 2025
begr. 2026
begr. 2027
begr. 2028
Eigen vermogen
73.511
65.597
63.223
60.417
56.853
53.631
Balanstotaal
100.688
115.687
125.834
127.402
126.163
124.074
73,0%
56,7%
50,2%
47,4%
45,1%
43,2%
Solvabiliteit (ev/balanstotaal)
De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin het bezit op de balans gefinancierd is door het eigen vermogen en in hoeverre de gemeente aan de financiële verplichtingen kan voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Onder het eigen vermogen verstaan we de algemene reserve en de overige bestemmingsreserves en het eventuele resultaat uit het overzicht baten en lasten. Met een solvabiliteit van 50,2% steekt Hillegom gunstig af in vergelijking met een gemiddelde gemeente.
92
Grondexploitatie Grondexploitatie
rek. 2023
Totaal activa niet in exploitatie genomen bouwgr.
begr. 2024
begr. 2025
begr. 2026
begr. 2027
begr. 2028
0
0
0
0
0
0
Totaal activa bouwgronden in exploitatie
-2.066
-189
-713
5.682
6.533
6.729
Totaal baten exclusief mutaties van reserves
67.294
61.362
68.209
66.440
66.456
66.243
Kengetal grondexploitatie
-3,1%
-0,3%
-1,0%
8,6%
9,8%
10,2%
Het kengetal grondexploitatie geeft aan hoe groot de grondpositie (de waarde van de grond) is ten opzichte van de totale (geraamde) baten. Het is dus belangrijk om te kunnen beoordelen of er een reële verwachting is of grondexploitatie kan bijdragen aan de verlaging van de schuld. De voorraden bouwgrond (inclusief bouwgrond in exploitatie en overige voorraden) kunnen als een aandeel van de inkomsten worden uitgedrukt. Dat levert het kengetal de voorraadquote op. Structurele exploitatieruimte Structurele exploitatieruimte
rek. 2023
begr. 2024
begr. 2025
begr. 2026
begr. 2027
begr. 2028
Totale structurele lasten
60.139
62.359
68.280
69.128
70.019
69.465
Totale structurele baten
62.733
61.362
68.209
66.440
66.456
66.243
Totale structurele toevoegingen aan de reserves
0
0
95
95
95
95
Totale structurele onttrekkingen aan de reserves
910
1.180
689
913
1.327
1.360
Totale baten (cf. art. 17 lid c BBV (dus excl. Mutaties reserves)
67.294
61.362
68.209
66.440
66.456
66.243
Structurele exploitatieruimte ((B-A)+(D-C))/(E) x 100%
5,2%
0,3%
0,8%
-2,8%
-3,5%
-3,0%
Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Een positief percentage betekent dat de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten (waaronder de rente en aflossing van een lening) te dekken. De relevantie van dit kengetal voor de beoordeling van de financiële positie schuilt erin dat het van belang is om te weten welke structurele ruimte een gemeente of provincie heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is.
Samenhang kengetallen De kengetallen moeten in samenhang worden bezien. Wanneer bijvoorbeeld de grondexploitatie niet bijdraagt aan vermindering van de schuldpositie en de structurele exploitatieruimte negatief is, geeft het kengetal belastingcapaciteit inzicht in de mogelijkheid tot hogere baten. De rente op de schulden krijgt de gemeente voor een deel terug via de uitgeleende gelden. Met de aflossingen op deze uitgeleende gelden kunnen de schulden worden afgelost. Voor het bedrag aan uitgeleende gelden veroorzaken de schulden per saldo geen lasten op de exploitatie. De uitgeleende gelden kunnen als een aandeel van de inkomsten worden uitgedrukt. Dat levert het kengetal de uitleenquote op. Deze uitleenquote laat zich makkelijk verrekenen met de netto schuldquote door hem simpelweg er van af te trekken. Wel wordt een risico op deze uitgeleende gelden gelopen. Het is de reden om ze apart van de netto schuldquote te houden. Daarbij zijn het geen vrije middelen die behoren tot het werkkapitaal, maar geldmiddelen die zijn ingezet voor de publieke taak. Bij de voorraden bouwgrond wordt onder normale condities de rente van de financiering voor de aankoop worden de rentekosten van deze schulden goed gemaakt. En ook worden met de verkoopopbrengst de leningen afgelost of neemt de behoefte om nieuwe geldleningen aan te trekken af.
De schulden, aangegaan voor de aankoop van bouwgrond veroorzaken bij een winstgevend bouwplan per saldo geen lasten op de exploitatie. Ook de voorraadquote laat zich makkelijk verrekenen met de netto schuldquote door hem simpelweg er van af te trekken. Door de uitleenquote en de voorraadquote van de netto schuldquote af te trekken krijg je de schuld die werkelijk op de exploitatie drukt.
93
Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding De gemeente beheert een groot deel van de openbare ruimte. Hierin vindt een groot aantal activiteiten plaats, zoals wonen, werken en recreëren. Daarbij maken we gebruik van kapitaalgoederen die in de openbare ruimte aanwezig zijn: • infrastructuur (wegen, water, riolering, kunstwerken, openbare verlichting) • voorzieningen (groen, sportfaciliteiten) • gebouwen. Deze paragraaf behandelt, conform artikel 12 uit het BBV, de belangrijkste kapitaalgoederen die de gemeente in eigendom en/of beheer heeft. De middelen die beschikbaar worden gesteld worden ingezet om het door de raad vastgestelde beleid in uitvoering te realiseren. Inrichting en onderhoud hebben een directe relatie met elkaar. Sommige inrichtingen vragen veel onderhoud, andere juist weinig. Aangezien dit een substantieel onderdeel van de begroting vormt, willen we zicht krijgen op het noodzakelijk onderhoud van deze kapitaalgoederen. In beleidsplannen maken we afspraken over de wijze waarop we onderhouden en hoe deze aansluit op de vastgelegde ambities op gemeentelijke opgaven zoals biodiversiteit en klimaatadaptatie en circulaire economie. De doelstellingen en activiteiten die gerelateerd zijn aan deze paragraaf staan in het programma "Leefomgeving; Openbare ruimte en duurzaamheid". Welke ontwikkelingen spelen er? • We werken aan een toekomstbestendige leefomgeving: .
Dit zorgt ervoor dat klimaat nadrukkelijker een plek krijgt in de beheer- en onderhoudsplannen van de gemeente. In 2023 is het Programma Water en Klimaatadaptatie (PWKA) vastgesteld. In 2024 geven we uitvoering aan het PWKA. In 2024 wordt met het groenbeheerplan verder invulling gegeven aan de opgaven biodiversiteit en klimaatadaptatie. • Integraal, gebiedsgericht en duurzaam inrichten en beheren van de openbare ruimte wordt verder ontwikkeld. Duurzame oplossingen zijn steeds vaker mogelijk. Door middel van circulaire ontwikkelprincipes willen we afwegingen gaan maken in het beheer en onderhoud van de openbare ruimte om te ontwikkelen naar een circulaire economie. Ook werken we aan het toepassen van assetmanagement principes om slimme keuzes te maken op gebied van beheer, onderhoud en inrichting van de openbare ruimte. Wat willen we bereiken? We willen bijdragen aan de doelen van de gemeente in het beheren en onderhouden van onze kapitaalgoederen. Met duurzaam en ontwikkelend beheer dragen we bij aan een toekomstbestendige leefomgeving en een positieve beleving van onze inwoners. Het niveau van onderhoud is vastgelegd in beleid. Om grote wisselingen in de exploitatie te voorkomen, werken we onder andere met onderhoudsvoorzieningen. Daaraan voegen we jaarlijks een vast bedrag toe. De uitname kan per jaar verschillen.
94
Wat gaan wij daarvoor doen? In de onderstaande tabellen staan de activiteiten voor het onderhoud van de kapitaalgoederen benoemd. Per discipline wordt aangeven wat we in een aangegeven tijdsbestek gaan doen. Straatmeubilair, bebording en wegbewijzering Naam beleidsplan
-
Vastgesteld
-
Looptijd
-
Actualisatie
-
Vastgesteld kwaliteitsniveau
Basis
Naam beheer- en onderhoudsplannen
-
Looptijd
-
Actualisatie
-
Is er sprake van achterstallig onderhoud? (zo ja, toelichting opnemen in paragraaf)
Nee
Onderwerp 1.000)
2025
Bedragen t.l.v. exploitatie
2026 179
2027 179
2028 179
179
Uitvoering in 2024 (omschrijving activiteit) -
Uitvoeren van groot onderhoud
Gemeentelijke gebouwen en objecten Naam beleidsplan
Beleidsplan beheer gemeentelijke gebouwen Hillegom 2021-2024
Vastgesteld
2021
Looptijd
2021-2024
Actualisatie
2024
Naam beheer- en onderhoudsplannen
Meerjaren Onderhouds Plan 2021-2030
Looptijd
2021-2040
Actualisatie
2024
Is er sprake van achterstallig onderhoud? (zo ja, toelichting opnemen in paragraaf)
Nee
Naam voorziening/reserve
Voorziening gemeentelijke gebouwen HIllegom
95
Voorziening gemeentelijke gebouwen Hillegom 2025
2026
2027
2028
Stand per 1 januari
1.199
1.095
898
818
Storting
168
168
168
168
Uitname
273
365
248
183
Stand per 31 december
1.095
898
818
803
Uitvoering in 2025 Kleinschalig en groot planmatig onderhoud aan diverse gebouwen
Riolering Naam beleidsplan
Gemeentelijk rioleringsplan 2021-2025
Vastgesteld
2021
Looptijd
2021 - 2025
Actualisatie
2025
Vastgesteld kwaliteitsniveau
n.v.t.
Naam beheer- en onderhoudsplannen
Operationeel plan
Looptijd
2021 - 2025
Actualisatie
2022
Is er sprake van achterstallig onderhoud? (zo ja, toelichting opnemen in paragraaf)
Nee
Naam voorziening/reserve
Voorziening vervanging riolering
Onderwerp 2025 Investering
2026
2027
2028
0
0
423
496
Bedragen t.l.v. voorziening
780
826
403
330
Bedragen t.l.v. exploitatie
700
700
700
700
Voorziening vervanging riolering 2025
2026
2027
2028
Stand per 1 januari
1018
569
73
0
Storting
330
330
330
330
Uitname
780
826
403
330
Stand per 31 december
569
73
0
0
96
Uitvoering in 2025 Rioolvervanging/-renovaties op diverse locaties Afkoppelen van verhard oppervlak op diverse locaties Renovatie en vervanging rioolgemalen Structurele reiniging en onderhoud riolering Toelichting: Het onderhoud van de riolering voeren we uit op basis van het gemeentelijk rioleringsplan. Het gemeentelijk rioleringsplan omvat het gemeentelijk beleid ten aanzien van het stedelijk afvalwater, hemelwater en grondwater. De voorzieningen voor afval, hemel- en grondwater zijn nodig uit het oogpunt van de bescherming van de volksgezondheid, het tegengaan van wateroverlast en de bescherming van het milieu. Met het plan liggen het gemeentebeleid, de te volgen strategie, en de financiële consequenties voor de komende planperiode vast. Op basis van de financiële consequenties van het plan wordt de hoogte van de rioolheffing bepaald. Afkoppelen van regenwater In de gemeente ligt grotendeels een gemengd stelsel, wat betekent dat stedelijk afvalwater en hemelwater door dezelfde buis ingezameld en getransporteerd wordt naar de afvalwaterzuivering. Met het oog op de woningbouwopgave (leidend tot meer in te zamelen en transporteren afvalwater), klimaatverandering (met zwaardere regenbuien over kortere periodes) en te behalen efficiëntie-slag bij de afvalwaterzuivering (doordat deze nu ook regenwater zuiveren) dient er afgekoppeld te worden.
Dit betekent dat hemelwater in een aparte buis ingezameld zal worden en afgevoerd naar watergangen en/ of geïnfiltreerd wordt in de bodem. Hiervoor wordt een afkoppelplan voor de hele gemeente opgesteld. Dit geeft voor de komende jaren inzicht in welke diameter hemelwaterriool per straat nodig is, wat direct input geeft voor onderhoudsprojecten, herinrichting of bij ontwikkeling van woningbouw. Hiermee krijgen we meer zicht op de daartoe benodigde investeringen over de komende decennia heen. Groen Naam beleidsplan
Omgevingsvisie (Heerlijk Hillegom)
Vastgesteld
2021
Looptijd
2021-2025
Actualisatie
2025
Vastgesteld kwaliteitsniveau
Voor het centrumgebied en de kwaliteitsniveau A . Voor de overige gebieden en beheergroepen kwaliteitsniveau B.
Naam beheer- en onderhoudsplannen
Groenbeheerplan 2023-2032
Looptijd
10 jaar
Actualisatie
2032
Is er sprake van achterstallig onderhoud? (zo ja, toelichting opnemen in paragraaf) Nee Naam voorziening/reserve
N.v.t.
97
Onderwerp 2025
2026
2027
2028
Exploitatie
2.014
2.014
2.014
2.014
Investeringsbedragen Uitvoering in 2025 (omschrijving activiteit)
428
428
428
428
Boomveiligheidscontrole (BVC) Jaarlijks wordt een derde deel van de bomen in de gemeente beoordeeld d.m.v. een boomveiligheidscontrole (BVC). De BVC is een systematische en methodische aanpak om de veiligheid van bomen te beoordelen. De BVC is primair gebaseerd op een visuele beoordeling van de boom. Dit houdt in dat men kijkt naar zichtbare gebreken die binnen een bepaalde tijdsperiode schade kunnen veroorzaken. Deze controle is een momentopname en de zichtbaarheid van gebreken kan variëren met het seizoen. De gegevens die tijdens de BVC worden verzameld, worden vastgelegd in het beheersysteem GRIB en gebruik voor het uitvoeren van het cyclus beheer zoals b.v. het snoeien en kappen van bomen. In 2025 zal de BVC in het buitengebied worden uitgevoerd en waarbij de verwachting is dat er circa 2300 worden gecontroleerd. Daarnaast zullen er ook nog circa 329 Hillegom worden gecontroleerd. Binnen de Boomveiligheidscontrole (BVC) kan de controlefrequentie variëren afhankelijk van de vastgestelde risico's en de staat van de boom. In Hillegom wordt elke boom minimaal 1 keer per drie jaar gecontroleerd. Maar als een boom als 'Attentieboom' wordt geclassificeerd betekent dat er binnen de visuele BVC één of meer BVC-gerelateerde boomgebreken zijn geconstateerd die binnen 1 jaar een risico kunnen vormen, dan is het noodzakelijk de controlefrequentie te verhogen tot jaarlijks.
Na uitvoering van de BVC zal in het 4e kwartaal en 1e kwartaal 2026 de onderhoudswerkzaamheden worden uitgevoerd aan de bomen, zoals snoeien, om de gezondheid en veiligheid van de bomen te waarborgen en hun esthetische waarde te behouden. Groenvervanging Bij het vaststellen van het groenbeheerplan is afgesproken dat ieder vier jaar een complete technische schouw van het groenareaal zal worden uitgevoerd en dit de basis levert voor de vervangingsopgave voor de komende jaren. In 2024 is deze schouw voor de eerste keer uitgevoerd. In 2025 worden het groen met een levensverwachting van minder dan vijf jaar aanpakken. Hierbij gaat het voornamelijk om bermen en grassen. Daarnaast zal ook mee geparticipeerd gaan worden in het project Elsbroek Oost. Japanse Duizendknoop (JDK) Japanse duizendknoop (Fallopia japonica) wordt tot de meest invasieve exoten gerekend. Is de plant eenmaal gevestigd, dan is hij zeer moeilijk weer weg te krijgen. Door zijn sterke groeikracht worden inheemse plantensoorten verdrongen. De sterke wortelstokken en stengels van de Japanse duizendknoop zijn in staat om schade te veroorzaken aan gebouwen, leidingen en wegen. In Hillegom hebben we nu 13 locaties waar de JDK aanwezig is met een totaal van 5..314 m2. In de loop van 2023 is gestart met de bestrijding ,met behulp van heet water (stomen). De eerste resultaten in 2024 zijn hoopgevend.
Op diverse locaties zien we na diverse behandelingen een zichtbare afname van de JDK. Wel is er verschil in welke soort beplanting de JDK zich bevindt. Bestrijding in gazon en ruig gras geeft een beter effect dan JDK in heesterbeplanting. De JDK en de heesterwortels zijn met elkaar verweven en daardoor moeilijker bereikbaar (bijkomend nadeel is dat ook heesterwortels worden meegekookt). In 2025 wordt de bestrijding met heet water doorgezet en hopen we dat de uitbreiding van de JDK een halt wordt toegebracht en geleidelijk het aantal locaties zal afnemen waar JDK is waargenomen. In het Elsbroekpark zijn in maart 2024 drie varkens (Bonte Bernheimer landvarken) uitgezet om de JDK te lijf te gaan. Voor de varkens zijn de wortels van de JDK namelijk een lekkernij , waardoor de verdere verspreiding van de JDK wordt tegengegaan en waarbij de hoop is dat de JDK ook geleidelijk zal verminderen. De varkens hebben tussen de periode maart en september 2024 in het park gelopen en de afname van de JDK is duidelijk waarneembaar. Gezien de positieve resultaten is er voor gekozen om ook in 2025 weer varkens los te laten in het park. Belangrijke bijkomstigheid is dat de varkens een grote samenhorigheid geven in de wijk en er veel vrijwilligers zijn die een oogje in het zeil houden en de nodige hand en spandienst leveren.
98
Wegen Naam beleidsplan
Beleidsplan wegen 2020-2024
Vastgesteld
2020
Looptijd
2020-2024
Actualisatie
2024
Vastgesteld kwaliteitsniveau
B / A voor fietspaden, verhardingen winkelcentra en zorgcentra)