CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

Nota Parkeernormen 2023 (14-12-2023).pdf

Gemeenteraad 14 december 2023, gemeente HillegomBij agendapunt: 10: Parkeerbeleidsplan en Nota parkeernormen Hillegom12.546 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Inhoud van de data De resultaten uit de data zijn gebaseerd op niet-openbare microdata van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) aangevuld met onderzoeksgegevens van Goudappel. De data gaan over autobezit, woningvoorraad, type woningen, eigendomssituatie en inkomen. Voor de duidelijkheid wordt vermeld dat CBS-microdata altijd binnen de volledig afgesloten netwerkomgeving van het CBS blijft, en alleen resultaten van bewerkingen/statistische gegevens die niet naar personen te herleiden is, worden geëxporteerd. En om in deze gegevens de laatste mogelijke vorm van onthullingsgevaar naar huishoudens te voorkomen, zijn alle gegevens die

Pagina 28/37

betrekking hebben op minder dan tien huishoudens verwijderd. Ook zijn de aantallen huishoudens afgerond op vijftallen en het gemiddelde aantal auto’s per huishouden is afgerond op 2 decimalen. De gebruikte indeling van gemeente, wijk en buurt is conform de CBS-indeling van 2022. De stedelijkheidsgraad (omgevingsadressendichtheid) van gemeenten, wijken en buurten komt uit ‘Kerncijfers wijken en buurten 2022’. De in de analyse gebruikte gegevens betreffende woningvoorraad, eigendomssituatie en RDW-gegevens hebben betrekking op het jaar 2022. Het ‘bezit’/gebruik van een leaseauto heeft betrekking op het jaar 2021 en is ook inbegrepen in de data. De data over autobezit is exclusief bezoekers en exclusief grijze/buitenlandse kentekens. Onder grijze kentekens vallen voornamelijk bedrijfsauto’s en -busjes die mee naar huis worden genomen. Denk hierbij aan busjes van schilders en timmerlui die de bedrijfsbussen na afloop mee naar huis nemen en voor de deur parkeren. Het aandeel van grijze/buitenlandse kentekens verschilt per buurt. Hiervoor wordt de data opgehoogd met een percentage. Tevens is de data op één decimaal naar boven afgerond om rekening te houden met verschillen tussen individuele woningen en toekomstige ontwikkelingen.

Grijze en buitenlandse kentekens Er zijn auto’s die niet staan geregistreerd bij het CBS. Dit zijn voornamelijk auto’s met een buitenlands kenteken en bedrijfswagens. Voor laatstgenoemde geldt dat deze kentekens meestal beginnen met een B of V. Uit ervaringscijfers van Goudappel blijkt dat het aandeel grijze en buitenlandse kentekens circa 8% is. Deze 8% dient daarom opgeteld te worden bij het autobezit van bewoners zoals blijkt uit de data.

2. Passende parkeernormen in Hillegom, Lisse en Teylingen Bewonersdeel Wanneer naar de data wordt gekeken, blijkt dat het autobezit voor de drie gemeenten met elkaar vergelijkbaar zijn. De parkeernormen zijn daarom ook gebaseerd op de gemiddelden voor deze drie gemeenten samen. Uit de data blijkt tevens dat binnen elke gemeente het autobezit tussen buurten verschilt. Om recht te doen aan deze verschillen is op buurtniveau onderscheid gemaakt naar centrum, overig bebouwde kom en buitengebied. In onderstaande tabel zijn de op basis van lokale data gebaseerde parkeernormen voor het bewonersdeel weergegeven.

Pagina 29/37

wonen

centrum bewoners

overig bewoners

buitengebied

eenheid

bewoners

grondgebonden woningen (m.u.v. sociale huur) - kleiner dan 100 m2 gbo

1,3

1,5

1,6

woning

- 100 tot 125 m2 gbo

1,4

1,6

1,8

woning

- 125 tot 150 m2 gbo

1,6

1,8

2,0

woning

- groter dan 150 m2 gbo

1,8

2,0

2,2

woning

- kleiner dan 100 m2 gbo

1,0

1,1

1,2

woning

- groter dan 100 m gbo

1,2

1,3

1,4

woning

sociale huurwoningen 2

appartementen (m.u.v. sociale huur) - kleiner dan 50 m2 gbo

0,9

1,0

1,1

woning

- 50 tot 75 m2 gbo

1,0

1,1

1,2

woning

- 75 tot 100 m2 gbo

1,1

1,2

1,3

woning

- 100 tot 125 m2 gbo

1,3

1,4

1,6

woning

- groter dan 125 m2 gbo

1,4

1,6

1,8

woning

sociale huurappartementen - kleiner dan 50 m2 gbo

0,5

0,6

0,7

woning

- 50 tot 75 m2 gbo

0,6

0,7

0,9

woning

- groter dan 75 m2 gbo

0,8

0,9

1,0

woning

Tabel A.1: Bewonersdeel parkeernorm (exclusief bezoekers) (in parkeerplaatsen per eenheid)

Bezoekersdeel Waar bij parkeernormen voor het bewonersdeel binnen CROW onderscheid wordt gemaakt in stedelijkheid, locatie binnen een stad en woningtype is dat bij bezoekersparkeren niet het geval. Voor nagenoeg ieder type woning op iedere locatie in Nederland hanteert CROW 0,3 parkeerplaats per woning. Uit onderzoek blijkt dat het toepassen van 0,3 per woning leidt tot een onderbezetting van de parkeercapaciteit in het algemeen. In gebieden zonder betaald parkeren (zoals in de HLT-gemeenten) wordt binnen de literatuur16 een norm van 0,15 aangehouden. Binnen de parkeernormen voor de HLT-gemeenten is dit veiligheidshalve naar boven afgerond tot een bezoekersnorm van 0,2 parkeerplaatsen per woning. De parkeernorm voor woningen is daarbij een opstelling van het bewonersdeel en dit bezoekersdeel.

16 Parkeerkencijfers voor bezoek aan bewoners: de grote onbekende, bijdrage aan CVS-congres (november 2021) en A new perspective on

residential parking policy, TU Delft (augustus 2021).

Pagina 30/37

3. Stationsomgeving Uit onderzoek naar het autobezit in Nederland valt af te leiden dat het autobezit in Nederland in stationsomgevingen lager ligt dan in gebieden zonder station. Hoeveel lager het autobezit ligt is afhankelijk van diverse factoren, zoals de voorzieningen in de buurt en de stedelijke dichtheid. Ook de mate van het openbaar vervoer is een van de invloedsfactoren. Grote stations hebben een grotere impact op het autobezit dan kleinere stations. De impact is groter naarmate het openbaar vervoer sneller is, de frequentie hoger en het aantal bestemmingen toeneemt. Voor Hillegom, Sassenheim en Voorhout is de frequentie (2x per uur in Hillegom en Voorhout en 4x per uur in Sassenheim) en de snelheid (aantal stops met sprinter) beperkt. Hierdoor is het bereik van het openbaar vervoer ook beperkter ten opzichte van bijvoorbeeld het station van Leiden.

Impact per type halte Als het gaat om het invloedsgebied van een openbaar vervoerhalte is de gangbare theorie dat dit gebied groter is, naarmate het openbaar vervoer sneller is, de frequentie hoger en de reis over een grotere afstand gaat. Volgens deze principes maakt men in Nederland in de regel onderscheid naar het invloedsgebied van haltes van de verschillende openbaar vervoermodaliteiten: • bus- en tramhaltes: 400 tot 500 meter; • metrohaltes: 700 tot 1000 meter; • HOV-halte: 1.000 tot 1.300 meter; • treinstations (klein of voorstadstation): 2000 meter; • treinstations (hoofdstations): 5000 meter. In gebieden die binnen het invloedsgebied van een OV-halte liggen wordt het openbaar vervoer vaker gebruikt dan in gebieden die daarbuiten liggen. De impact van een halte op het autobezit geldt echter in een kleiner gebied. Dit blijkt onder andere uit onderzoek naar het autobezit in Haarlem en uit de microdata voor de HLT-gemeenten. Uit deze data blijkt dat het gebied waarbinnen het autobezit lager ligt ongeveer de helft is van het invloedsgebied van de halte. Ook blijkt uit deze data dat de impact dichter bij het station groter is, dan op iets grotere afstand. In onderstaande tabel is het effect van openbaar vervoer op de parkeernorm in de HLT-gemeenten opgenomen. loopafstand tot OV-halte type halte

0-500 meter

500 – 1.000 meter

treinstation

10%

5%

R-net halte

5%

n.v.t.

Pagina 31/37

Bijlage B. Lijst met parkeernormen (auto) De parkeernormen voor niet-woonfuncties zijn gebaseerd op CROW-kencijfers voor ‘sterk stedelijke’ gemeente. Daarnaast kiest de gemeente ervoor om de gemiddelde CROWparkeerkencijfers als minimumwaarde te hanteren. Niet voor iedere functie is een parkeernorm opgenomen. Mocht een norm ontbreken, dan verwijzen wij u naar de meest recente CROWpublicatie (381 ‘Toekomstbestendig parkeren’, december 2018). De parkeernormen zijn uitgedrukt in aantal parkeerplaatsen per eenheid functie. Bij iedere functie is de eenheid weergegeven. De afkorting ‘bvo’ staat voor het Bruto-vloeroppervlak. Het Bruto-vloeroppervlakte is het vloeroppervlak van de buitenomtrek van een ruimte of gebouw incl. gevels, bouwmuren, ramen etc. Inpandig gebouwde parkeervoorzieningen maken geen deel uit van het bvo. Zie NEN 2580 voor verdere informatie. wonen

centrum bewoners

overig

bezoek

bewoners

buitengebied bezoek

bewoners

eenheid

bezoek

grondgebonden woningen (m.u.v. sociale huur) - kleiner dan 100 m2 gbo

1,3

0,2

1,5

0,2

1,6

0,2

- 100 tot 125 m2 gbo

1,4

0,2

1,6

0,2

1,8

0,2

woning woning

- 125 tot 150 m2 gbo

1,6

0,2

1,8

0,2

2,0

0,2

woning

- groter dan 150 m2 gbo

1,8

0,2

2,0

0,2

2,2

0,2

woning

sociale huurwoningen - kleiner dan 100 m2 gbo

1,0

0,2

1,1

0,2

1,2

0,2

woning

- groter dan 100 m2 gbo

1,2

0,2

1,3

0,2

1,4

0,2

woning

- kleiner dan 50 m2 gbo

0,9

0,2

1,0

0,2

1,1

0,2

woning

- 50 tot 75 m2 gbo

1,0

0,2

1,1

0,2

1,2

0,2

woning

- 75 tot 100 m2 gbo

1,1

0,2

1,2

0,2

1,3

0,2

woning

- 100 tot 125 m2 gbo

1,3

0,2

1,4

0,2

1,6

0,2

woning

- groter dan 125 m2 gbo

1,4

0,2

1,6

0,2

1,8

0,2

woning

- kleiner dan 50 m2 gbo

0,5

0,2

0,6

0,2

0,7

0,2

woning

- 50 tot 75 m2 gbo

0,6

0,2

0,7

0,2

0,9

0,2

woning

- groter dan 75 m2 gbo

0,8

0,2

0,9

0,2

1,0

0,2

woning

0,2

0,6

0,2

0,6

0,2

woning

appartementen (m.u.v. sociale huur)

sociale huurappartementen

overige woningtypen aanleunwoning

0,5

zorgwoningen

zie paragraaf 4.2, de toelichting na tabel 4.1

kamerverhuur

0,3

0,2

0,4

0,2

0,4

0,2

kamer

kamerverhuur studenten

-

0,2

-

0,2

-

0,2

kamer

logies/huisvesting arbeidsmigranten

0,2

-

0,2

-

0,3

-

bed

Pagina 32/37

functie

centrum

overig

buitengebied

bouwmarkt

1,75

2,25

2,45

aandeel bezoekers (parkeren) 87%

eenheid

tuincentrum

2,25

2,55

2,85

89%

100 m² bvo

groencentrum

2,25

2,55

2,85

89%

100 m² bvo

bruin- en witgoedzaken

5,55

7,35

9,25

92%

100 m² bvo

woonwarenhuis (zeer groot)

nvt

4,75

5,15

95%

100 m² bvo

kringloopwinkel

1,15

1,65

2,25

89%

100 m² bvo

woonwarenhuis/woonwinkel

1,55

1,65

1,95

91%

100 m² bvo

meubelboulevard/woonboulevard

1,85

2,25

nvt

93%

100 m² bvo

winkelboulevard

3,45

3,95

nvt

94%

100 m² bvo

outletcentrum

8,8

9,6

10,4

94%

100 m² bvo

binnenstad, wijk- en dorpscentrum

3,3

3,7

nvt

72%

100 m² bvo

100 m² bvo

buurtsupermarkt

2,7

3,4

nvt

89%

100 m² bvo

fullservice supermarkt

4,3

5,15

nvt

93%

100 m² bvo

groothandel specialist (bijvoorbeeld levensmiddelen, kantoorartikelen) grote supermarkt (XL)

5,65

5,9

nvt

80%

100 m² bvo

6,8

7,7

nvt

84%

100 m² bvo

groothandel algemeen

6,4

6,4

nvt

80%

100 m² bvo

weekmarkt

0,195

0,195

nvt

85%

100 m² bvo

kantoren (zonder baliefunctie)

1,55

1,65

2,55

5%

100 m² bvo

commerciële dienstverlening (kantoren met baliefunctie) bedrijf arbeidsintensief/bezoekersextensief (industrie, laboratorium, werkplaats) bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief (loods, opslag, transportbedrijf) bedrijfsverzamelgebouw

1,85

2,25

3,55

20%

100 m² bvo

1,75

2,15

2,35

5%

100 m² bvo

0,75

0,95

1,05

5%

100 m² bvo

1,35

1,55

1,95

5%

100 m² bvo

bowlingcentrum

2,2

2,8

2,8

89%

baan

biljart-/snookercentrum

1,05

1,35

1,75

87%

tafel

fitnessstudio/sportschool

3,4

4,75

6,5

87%

100 m² bvo

fitnesscentrum

4,4

6,2

7,4

90%

100 m² bvo

dansstudio

3,8

5,4

7,4

93%

100 m² bvo

golfbaan (18 holes)

nvt

95,6

118,3

98%

18 holes

golfoefencentrum (pitch and putt)

nvt

50,7

56,2

93%

centrum

sporthal

2,05

2,65

3,45

96%

100 m² bvo

sportzaal

1,85

2,65

3,55

94%

100 m² bvo

sportveld

20

20

nvt

95%

ha netto terrein

stadion

0,12

0,12

nvt

99%

zitplaats

kunstijsbaan (kleiner dan 400 meter)

1,35

1,65

2,05

98%

100 m² bvo

kunstijsbaan (400 meter)

2,05

2,35

2,75

98%

100 m² bvo

ski- en snowboardhal

nvt

2,35

nvt

98%

100 m² bvo

Pagina 33/37

functie indoorspeeltuin (kinderspeelhal), gemiddeld en kleiner indoorspeeltuin (kinderspeelhal), groot

3,7

4,4

5,1

aandeel bezoekers (parkeren) 97%

4,3

5,3

6,1

98%

100 m² bvo

indoorspeeltuin (kinderspeelhal), zeer groot

4,6

5,5

6,4

98%

100 m² bvo

tennishal

0,4

0,5

0,5

87%

100 m² bvo

squashhal

2,4

2,7

3,2

84%

100 m² bvo

zwembad overdekt

10,7

11,5

13,3

97%

100 m² bassin

zwembad openlucht

10,1

12,9

15,8

99%

100 m² bassin

zwemparadijs

nvt

4

nvt

99%

100 m² bvo

wellnesscentrum (thermen, kuurcentrum, beautycentrum) sauna, hammam

nvt

9,3

10,3

99%

100 m² bvo

4,6

6,6

7,3

99%

100 m² bvo

bibliotheek

0,75

1,05

1,35

97%

100 m² bvo

museum

0,6

0,95

nvt

95%

100 m² bvo

bioscoop

7,9

11

13,7

94%

100 m² bvo

filmtheater/filmhuis

5,2

7,7

9,9

97%

100 m² bvo

theater/schouwburg

7,9

9,8

12

87%

100 m² bvo

musicaltheater

3,4

3,9

5,1

86%

100 m² bvo

casino

6,1

6,5

8

86%

100 m² bvo

volkstuin

1,25

1,35

1,45

100%

10 tuinen

8

8

8

99%

ha netto terrein

atractie- en pretpark

centrum

overig

buitengebied

eenheid 100 m² bvo

dierenpark

8

8

8

99%

ha netto terrein

jachthaven

0,6

0,6

0,6

99%

ligplaats

manege (paardenhouderij)

nvt

nvt

0,4

90%

box

kinderboerderij (stadsboerderij)

3,7

4,4

5,1

97%

boederij

plantentuin (botanische tuin)

7,5

10,5

13,5

99%

tuin

bungalowpark (huisjescomplex)

nvt

1,6

2,1

91%

bungalow

camping (kampeerterrein)

nvt

nvt

1,2

90%

standplaats

1* hotel

0,8

2,3

4,5

77%

10 kamers

2* hotel

2,15

3,95

6,25

80%

10 kamers

3* hotel

3,1

4,7

6,8

77%

10 kamers

4* hotel

4,9

6,8

9

73%

10 kamers

5* hotel

7,75

10,1

12,6

65%

10 kamers

discotheek

12,3

18,4

20,8

99%

100 m² bvo

5

6

nvt

90%

100 m² bvo

café/bar/cafetaria restaurant (inclusief fastfoodrestaurant)

9

13

nvt

80%

100 m² bvo

evenementenhal/beursgebouw/congresgebouw

5,5

7,5

nvt

99%

100 m² bvo

huisartsenpraktijk (-centrum)

2,45

2,95

3,25

57%

behandelkamer

fysiotherapiepraktijk (-centrum)

1,45

1,75

1,95

57%

behandelkamer

consultatiebureau

1,55

1,85

2,15

50%

behandelkamer

Pagina 34/37

functie

centrum

overig

buitengebied

gezondheidscentrum

1,85

2,15

2,45

aandeel bezoekers (parkeren) 55%

eenheid

consultatiebureau voor ouderen

1,6

1,9

2,2

38%

tandartsenpraktijk (-centrum)

1,95

2,35

2,65

47%

behandelkamer

apotheek

2,75

3,15

nvt

45%

apotheek

ziekenhuis

1,6

1,7

2

29%

100 m² bvo

crematorium

nvt

30,1

30,1

99%

begraafplaats

nvt

31,6

31,6

97%

penitentiaire inrichting

2,15

3,25

3,65

37%

gelijktijdige plechtigheid gelijktijdige plechtigheid 10 cellen

religiegebouw

0,15

0,15

nvt

99%

zitplaats

verpleeg/verzorgingstehuis

0,6

0,6

nvt

60%

wooneenheid

kinderdagverblijf (crèche)

1,1

1,2

1,5

0%

100 m² bvo

basisonderwijs

0,75

0,75

0,75

0%

lokaal

behandelkamer behandelkamer

middelbare school

4

4,3

4,9

11%

100 leerlingen

ROC

4,8

5,2

5,9

7%

100 leerlingen

hogeschool

8,9

9,5

10,9

72%

100 studenten

universiteit

13,5

14,7

16,8

48%

100 studenten

5

6

10,5

95%

10 studenten

avondonderwijs

Pagina 35/37

Bijlage C. Aanwezigheidspercentages Dubbelgebruik wordt berekend volgens de CROW-methodiek. In onderstaande tabel zijn de te gebruiken aanwezigheidspercentages opgenomen. Deze percentages zijn afkomstig van CROW. Wanneer CROW haar aanwezigheidspercentages wijzigt, worden de meest actuele aanwezigheidspercentages overgenomen. Voor de functies waarvoor geen aanwezigheidspercentages zijn opgenomen, dient te worden aangesloten bij een passende alternatieve functie of dient een specifieke onderbouwing voor de gebruikte aanwezigheidspercentages te worden gegeven.

functie woningen bewoners

werkdag

werkdag

werkdag

koop-

werkdag

zaterdag

zaterdag

zondag

ochtend

middag

avond

avond

nacht

middag

avond

middag

50%

50%

90%

80%

100%

60%

80%

70%

woningen bezoekers

10%

20%

80%

70%

0%

60%

100%

70%

kantoor/bedrijven

100%

100%

5%

5%

0%

0%

0%

0%

commerciële dienstverlening detailhandel

100%

100%

5%

75%

0%

0%1)

0%

0%

30%

60%

10%

75%

0%

100%

0%2)

0%3)

supermarkt

30%

60%

40%

80%

0%

100%

40%

0%2)

sportfuncties binnen

50%

50%

100%

100%

0%

100%

100%

75%

sportfunctie buiten

25%

25%

50%

50%

0%

100%

25%

100%

bioscoop/theater/podiu m sociaal medisch

5%

25%

90%

90%

0%

40%

100%

40%

100%

75%

10%

10%

0%

10%

10%

10%

verpleeghuis/serviceflat

50%

50%

100%

100%

25%

100%

100%

100%

ziekenhuis patiënten/bezoekers ziekenhuis medewerkers

60%

100%

60%

60%

5%

60%

60%

60%

75%

100%

40%

40%

25%

40%

40%

40%

dagonderwijs

100%

100%

0%

0%

0%

0%

0%

0%

avondonderwijs

0%

0%

100%

100%

0%

0%

0%

0%

1) Indien zaterdag open: 100% 2) Indien zaterdag open: 70% 3) Indien koopzondag 100%. Tabel C.1: Aanwezigheidspercentages

Pagina 36/37

Bijlage D. Kwaliteitseisen stallingen fiets en scooter Het gebruik van een stalling hangt sterk af van de kwaliteit, de bruikbaarheid en het comfort. Ook de routing binnen de stalling, de sociale veiligheid en de afmeting van de fietsparkeerplaatsen en de stabiliteit van de fiets in de aangeboden voorzieningen beïnvloeden het gebruik, evenals de (on)mogelijkheid om fietsen met bijzondere afmetingen te stallen.17 De Leidraad Fietsparkeren (CROW-publicatie 291), het Bouwbesluit 2012 (artikel 4.31) en Fietsparkeur gaan uitgebreid in op de kwaliteitsrichtlijnen voor fietsenstallingen. Hierna zijn de belangrijkste kwaliteitseisen voor het ontwerpen van een stalling opgenomen voor toegankelijkheid, inrichting en bruikbaarheid.

Toegankelijkheid De belangrijkste kwaliteitseisen voor een goed toegankelijke en bruikbare fietsenstalling zijn:  Vanuit de openbare ruimte is de toegang van de stalling duidelijk zichtbaar en herkenbaar, gezien vanaf de aanrijroute richting bestemming(en).  De stalling heeft bij voorkeur een voetgangersuitgang in de richting van de eindbestemming.  De afstand mag maximaal ca. 75 meter zijn van de stalling tot de hoofd-/ neven/personeelsingang van de bestemmingen en/of functies waarvoor de stalling is bestemd.  De toegang vanaf de weg naar een stalling op lager of hoger niveau is goed en comfortabel te gebruiken voor alle fietsen en scooters; dus ook voor zware fietsen, elektrische fietsen en fietsen met afwijkende maten (kratten, brede sturen, brede banden, lange fietsen, etc.).  Het hellingspercentage van een hellingbaan is maximaal 22%; een trap heeft ideaal een hellingspercentage van 18%, met een aantrede van 500 mm en een optrede van 90 mm of met een aantrede van 600 mm en een optrede van 100 mm. Naast een trap horen fietsgoten, bij voorkeur aan beide zijden.  Voor een stalling waar ook scooters, bakfietsen en andere zware fietsen in gestald worden kan geen trap worden toegepast. Het hellingpercentage moet zodanig zijn dat het hoogteverschil door bakfietsen, elektrische fietsen en scooters zonder ondersteuning overbrugd kan worden.

 Een gebruiker moet de toegang van een stalling gemakkelijk kunnen openen: automatisch, met een eenvoudig te bedienen drukknop of chipkaartlezer.

Inrichting en bruikbaarheid De belangrijkste kwaliteitseisen voor een goede inrichting en goed bruikbare fietsenstalling zijn:  De stalling moet logisch en overzichtelijk zijn ingedeeld.  Binnen en vanuit de fietsenstalling naar de bijbehorende bestemming is een logische, snelle en eenvoudige routing. Bij voorkeur kan men vanuit de stalling rechtstreeks (liefst binnendoor) doorlopen naar de bestemming, zonder terug te hoeven lopen door de stalling.  De sociale veiligheid wordt gewaarborgd door een overzichtelijke inrichting, goede verlichting en bij voorkeur daglichttoetreding. Als een stalling openbaar toegankelijk is kan (camera)toezicht of bewaking overwogen worden.  Gebruikers moeten elkaar in de verkeersruimtes van de stalling kunnen passeren.

17

Leidraad Fietsparkeren, CROW publicatie 291, hoofdstuk 6.

Pagina 37/37

 Stallingssystemen voor fietsen moeten voldoen aan de eisen van Fietsparkeur18 of zijn gelijkwaardig daaraan, met een hart op hart afstand van minimaal 400 mm.  De minimale vrije hoogte in een gebouwde stalling is 2900 mm om dubbellaags rekken te kunnen plaatsen. Bij gebouwen voor kinderen kan dit 2300 mm zijn, want dubbellaags rekken zijn ongeschikt voor kinderen.  De hart-op-hart afstand tussen twee fietsparkeerplaatsen bij een stallingssysteem op gelijk niveau is minimaal 800 mm breed;  De hart-op-hart-afstand tussen twee fietsparkeerplaatsen bij een hoog/laag fietsparkeersysteem is minimaal 400 mm breed voor zowel onder- als bovenlaag; De gangpaden in de stalling zijn minimaal 2100 mm breed en een hoofdgang is minimaal 3000 mm breed, zowel voor fiets als scooter;  De stalling moet voldoende parkeermogelijkheden bieden voor fietsen die afwijken van de standaard maten: o minimaal 5% van de plaatsen is geschikt voor bakfietsen of andere fietsen met sterk afwijkende maten (vakken minimaal 100 mm breed); o minimaal 15% van de plaatsen is geschikt voor fietsen die niet in een standaard fietsenrek passen (hart-op-hart afstand minimaal 500 mm);  Een parkeersysteem waarin naast standaardfietsen ook fietsen passen met veel voorkomende afwijkende maten, heeft de voorkeur.

Dan passen nagenoeg alle fietsen probleemloos op elke stallingsplek, ook die met een krat, bagagedrager vóór, breed stuur, brede banden, etc. Een andere mogelijkheid is een apart parkeervak, waarin afwijkende maten fietsen op hun standaard kunnen worden gestald.  De stalling biedt oplaadmogelijkheden voor elektrische tweewielers.  De netto-afmetingen van een scooterparkeerplek in een gebouwde stalling zijn minimaal 750 mm breed x 1800 mm lang.

18

Zie www.fietsparkeur.nl; Fietsparkeur is het keurmerk voor fietsparkeervoorzieningen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1589/documents/21415