CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

Db08 Bijlage 1 - Programma van Eisen.pdf

Gemeenteraad 30 juni 2022, gemeente HillegomBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken45.401 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 6

12 alinea's met “advisering”: 914 981 1001 1510 1512 1603 1746 2078 2084 2110 2170 2185

4.

De Concessieverlener kan, na overleg met de Concessiehouder, Corridors of verplichte verbindingen toevoegen en/of laten vervallen, in welk geval de Concessiehouder de aanpassingen in het eerstvolgende Dienstregelingjaar verwerkt in zijn netwerk van Vast Openbaar Vervoer. De Concessieverlener verwacht van de Concessiehouder een actieve en constructieve rol bij het uitwerken en uitvoeren van deze aanpassingen. De Concessiehouder volgt daarbij de procedure zoals beschreven in artikel 3.8.2.

Artikel 3.3.3 Verplichte Haltes 1.

De Concessiehouder neemt alle Verplichte Haltes op in zijn netwerk van Vast Openbaar Vervoer. Tot de Verplichte Haltes behoren in elk geval:

2.

a.

OV-Knooppunten;

b.

Overstappunten; en

c.

R-nethaltes zoals genoemd in Bijlage B4

De Concessieverlener kan, na overleg met de Concessiehouder, Verplichte Haltes toevoegen en/of laten vervallen, in welk geval de Concessiehouder de aanpassingen uiterlijk in het eerstvolgende Dienstregelingjaar verwerkt in zijn netwerk van Vast Vervoer. De Concessieverlener verwacht van de Concessiehouder een actieve en constructieve rol bij het uitwerken en uitvoeren van deze aanpassingen. De Concessiehouder volgt daarbij de procedure zoals beschreven in artikel 3.8.2.

3.4

R-netlijnen Artikel 3.4.1 R-netlijnen 1.

De Concessiehouder biedt R-netlijnen aan op de routes van de bestaande R-netlijnen zoals genoemd in tabel 3.3. De Concessiehouder zet op deze R-netlijnen uitsluitend R-netbussen in.

Tabel 3.3 Overzicht R-netlijnen Lijnnummer

R-netlijn

400

Leiden – Zoetermeer

410

Leiden – Leiderdorp Alrijne Ziekenhuis

430/432

Leiden – Katwijk – Noordwijk ESA ESTEC

431

Leiden – Katwijk – Katwijk Boulevard

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 23 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

Tabel 3.3 Overzicht R-netlijnen

2.

Lijnnummer

R-netlijn

470

Alphen aan den Rijn – Schiphol

497

Gouda – Schoonhoven

De Concessiehouder bedient met elke R-netlijn zoals bedoeld in het vorige lid, alle Rnethaltes die op de route van de desbetreffende R-netlijn gelegen zijn.

3.

De Concessiehouder biedt vanaf elke R-nethalte een directe verbinding (dat wil zeggen zonder overstap) met ten minste één van de OV-Knooppunten zoals genoemd in artikel 3.3.1.

4.

De Concessiehouder biedt alle R-netlijnen ten minste aan tijdens de tijdvakken en met de minimumfrequenties zoals genoemd in tabel 3.4 12.

Tabel 3.4. Bedieningseisen R-netlijnen

Tijdvak

Minimumfrequentie

Werkdagen Spits: 06:30-9:00 en 16:00-18:30

6x per uur per richting

Dal: 09:00-16:00

4x per uur per richting

Avond: 18:30-24:00

2x per uur per richting

Zaterdag 08:00-18:30

4x per uur per richting

18:30-24:00

2x per uur per richting

Zon- en Feestdag 09:00-24:00

2x per uur per richting

Maatgevend of de Concessiehouder tijdens ieder tijdvak aan de minimumfrequenties zoals genoemd in tabel 3.3 voldoet, zijn de aankomsttijden op en vertrektijden vanaf het (de) aan de desbetreffende R-netlijn gelegen OV-Knooppunt(en). In afwijking van het bepaalde in het lid 6 is het de Concessiehouder daarbij toegestaan om bij de laatste Rit af te wijken van de patroontijden in het uurblok 18:30-24:0013. 5.

In aanvulling op het vorige lid biedt de Concessiehouder R-netlijn 470 (zie tabel 3.3) ook buiten de in tabel 3.4 genoemde tijdvakken aan met een frequentie van ten minste 1x per uur per richting.

6.

De Concessiehouder zorgt ervoor dat Ritten van R-netlijnen zo gelijkmatig mogelijk over het uur verdeeld zijn (dat wil zeggen, bij een frequentie van zes Ritten per uur bedraagt op het Beginpunt het interval tussen twee opeenvolgende Ritten steeds tien minuten), met dien

12

Ingeval de in tabel 3.4 genoemde bedieningstijden ruimer en frequenties hoger zijn dan de bedieningstijden en frequenties van de betreffende R-netlijn volgens de Dienstregeling voor het Dienstregelingjaar 2024, dan gelden de in deze Dienstregeling gehanteerde bedieningstijden en frequenties als minimumeis voor deze R-netlijn.

13

Het is bijvoorbeeld toegestaan om een patroon op het OV-Knooppunt van 21.55, 22.55 en 23.55 uur aan te passen naar 21:55, 22:55 en 24:00 uur.

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 24 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

verstande dat het de Concessiehouder is toegestaan om maximaal twee minuten van de patroontijden af te wijken om Aansluiting te bieden op één van de maatgevende OVKnooppunten zoals bedoeld in lid 4. 7.

Het is de Concessiehouder niet toegestaan om met R-netlijnen Haltes te bedienen die niet gelegen zijn aan de Corridors zoals weergegeven in figuur 3.1. Het is de Concessiehouder wel toegestaan om met één R-netlijn meerdere Corridors te koppelen die in elkaars verlengde liggen.

Artikel 3.4.2 R-nethaltes 1.

De Concessieverlener beoogt voor aanvang van de Concessie alle R-nethaltes zoals genoemd in Bijlage B4 te hebben uitgevoerd conform de R-netproductformule. De Concessiehouder kan hieraan echter geen rechten ontlenen.

2.

Het is de Concessiehouder toegestaan om met R-netlijnen Haltes aan te doen die (nog) niet als R-nethalte zijn benoemd mits deze Haltes liggen aan een Corridor zoals weergegeven in figuur 3.1. De Inschrijvers (tijdens de aanbesteding) en de Concessiehouder (tijdens de Concessie) mogen voorstellen doen aan de Concessieverlener om dergelijke Haltes op te waarderen tot R-nethalte. Voor zover het budget van de Concessieverlener dit toelaat en hij de opwaardering waardevol acht voor Reizigers, zal hij zich inspannen om de betreffende Halte op te waarderen. De Concessieverlener is echter op geen enkele manier verplicht om tot opwaardering van een Halte tot R-nethalte over te gaan.

3.

Nadat een Halte als bedoeld in leden 1 en 2 tot R-nethalte is opgewaardeerd, voegt de Concessieverlener deze Halte toe aan het overzicht van R-nethaltes zoals opgenomen in Bijlage B4 en past zij, voor zover dit noodzakelijk is, de Corridor(s) zoals weergegeven in figuur 3.1 overeenkomstig aan. De Concessiehouder bedient uiterlijk vanaf het Dienstregelingjaar volgend op het moment dat de opwaardering van de Halte een feit is, deze Halte overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.4.1.

Artikel 3.4.3 (Door)ontwikkelen van R-netlijnen 1.

De Concessieverlener betrekt de Concessiehouder bij aanpassingen van de Infrastructuur in het kader van de R-netproductformule en verwacht van de Concessiehouder een actieve en constructieve rol bij de uitwerking en tijdens de uitvoering van deze aanpassingen, bijvoorbeeld door over deze aanpassingen mee te denken of daarvoor noodzakelijk onderzoek te verrichten.

2.

Gedurende de looptijd van de Concessie kan de Concessiehouder, al dan niet op verzoek van de Concessieverlener, voorstellen doen aan de Concessieverlener voor het introduceren van R-netlijnen op andere routes dan de Corridors die in figuur 3.1 zijn weergegeven. De Concessiehouder voorziet zijn voorstellen van een onderbouwing waaruit blijkt dat de (verwachte) Vervoervraag op de betreffende routes voldoende is om de introductie van een R-netlijn die voldoet aan het bepaalde in artikel 3.4.1 te rechtvaardigen.

3.

Indien de Concessiehouder ten genoegen van de Concessieverlener heeft aangetoond dat introductie van een R-netlijn op een bepaalde route gerechtvaardigd is, kan de Concessieverlener, na afstemming met de betreffende Wegbeheerder(s), besluiten tot aanpassing van de Infrastructuur als bedoeld in lid 1. De Concessiehouder kan hieraan echter geen rechten ontlenen.

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 25 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

4.

Alleen indien de Concessieverlener besluit tot aanpassing van de Infrastructuur als bedoeld in leden 1 en 3, bedient de Concessiehouder uiterlijk vanaf het Dienstregelingjaar volgend op het moment dat de aanpassing van de Infrastructuur een feit is, de betreffende route en/of Rnethaltes met een R-netlijn die voldoet aan het bepaalde in artikel 3.4.1.

3.5

Eisen aan andere Lijnen Artikel 3.5.1 Stads- en Streeklijnen 1.

De Concessiehouder zet op de Stadslijnen in de Leidse regio, bestaande uit de gemeenten Leiden, Leiderdorp, Oegstgeest, Voorschoten en Zoeterwoude-Rijndijk, vanaf de start van de Concessie Nulemissiebussen in met een gezamenlijke vervoerscapaciteit die ten minste vergelijkbaar is met die van de 23 over te nemen elektrische bussen zoals genoemd in artikel 5.1.1, lid 1.

2.

Het is de Concessiehouder toegestaan om Stadslijnen en Streeklijnen aan te bieden op verzoek van Derden, mits de Concessieverlener hier toestemming voor verleent. Het is de Concessiehouder echter niet toegestaan om de minimale bedieningseisen zoals genoemd in tabel 3.1 in te vullen met Lijnen die hij op verzoek van Derden in zijn netwerk van Vast en Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer heeft opgenomen.

Artikel 3.5.2 Lijnen uitgevoerd volgens een specifieke Productformule 1.

Het is de Concessiehouder toegestaan om voor een door hem te bepalen categorie Lijnen, niet zijnde R-netlijnen, een voor Reizigers aantrekkelijke en herkenbare Productformule te hanteren, onder andere wat betreft de kleurstelling en het comfort van de Voertuigen die hij op de betreffende categorie Lijnen inzet. De Concessiehouder voert in dat geval alle Lijnen binnen deze categorie conform deze Productformule uit.

2.

Ingeval de Concessiehouder ervoor kiest om naast de R-netproductformule een Productformule voor HOV-lijnen aan te bieden, zorgt hij ervoor dat: a.

de HOV-lijnen tijdens de Spits (06:30-9:00 en 16:00-18:30) ten minste 2x per uur in de spitsrichting rijden; en

b.

de afstand tussen opeenvolgende Haltes van de HOV-lijnen ten minste 1.200 meter bedraagt.

3.

De Concessiehouder legt gedurende de looptijd van de Concessie, als onderdeel van het Vervoerplan, voorstellen voor eventuele wijzigingen in zijn aanbod aan Productformules zoals opgenomen in zijn Inschrijving ter goedkeuring aan de Concessieverlener voor. De Concessieverlener is op geen enkele manier verplicht om het in de vorige volzin bedoelde voorstel goed te keuren.

Artikel 3.5.3 Buurtbuslijnen 1.

De Concessiehouder faciliteert de door de Concessieverlener op basis van de Regeling Buurtbusprojecten van de Provincie (of diens eventuele opvolger) goedgekeurde Buurtbuslijnen14 zoals genoemd in tabel 3.4 en neemt deze op in zijn netwerk van Vast Openbaar Vervoer.

14

De vermelde lijnnummers zijn gebaseerd op de dienstregeling 2020 ingaande 15-12-2019. De lijnnummers zijn slechts ter indicatie aangegeven.

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 26 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 27 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

Tabel 3.4 Overzicht Buurtbuslijnen

2.

Lijn

Buurtbusproject

722

Bodegraven – Alphen aan den Rijn

723

Roelofarendsveen – Lisse

724

Bodegraven – Woerden

725

Berkenwoude – Lekkerkerk – Stolwijk

726

Gouda – Reeuwijk

727

Ter Aar – Woubrugge

728

Boskoop

Al dan niet op verzoek van een (nieuwe) buurtbusvereniging kan de Concessieverlener, na overleg met betrokken Gemeente(n) en de Concessiehouder, besluiten om de in lid 1 genoemde Buurtbuslijnen uit te breiden of te beëindigen dan wel hier Buurtbuslijnen aan toe te voegen.

3.

Het is de Concessiehouder niet toegestaan nieuwe Buurtbuslijnen te initiëren en/of Buurtbuslijnen te beëindigen zonder voorafgaand overleg met en schriftelijke toestemming van de Concessieverlener.

4.

De Concessiehouder richt samen met de betreffende buurtbusvereniging de exploitatie van een Buurtbuslijn zodanig in dat op ten minste één OV-Knooppunt of Overstappunt sprake is van een veilige en comfortabele Gegarandeerde Aansluiting tussen Buurtbussen en Vast Openbaar Vervoer en/of de trein.

5.

De Concessiehouder stelt jaarlijks de Dienstregeling voor Buurtbuslijnen op en stemt deze tijdig af met de betreffende buurtbusvereniging, opdat buurtbusverenigingen tijdig advies kunnen uitbrengen over eventuele wijzigingen in de Dienstregeling (zie ook artikel 3.8.1).

6.

De Concessiehouder stelt één vaste contactpersoon beschikbaar die beschikt over voldoende mandaat om namens de Concessiehouder te kunnen beslissen over wijzigingen in de Dienstregeling van Buurtbuslijnen en die als aanspreekpunt fungeert voor alle buurtbusverenigingen in het Concessiegebied.

7.

De Concessiehouder initieert ten minste één keer per jaar een gezamenlijk overleg (over onder andere ontwikkelingen en de uitvoering van de Buurtbuslijnen) met de Concessieverlener en vertegenwoordigers van alle (potentiële) buurtbusverenigingen in het Concessiegebied.

8.

De Concessiehouder maakt met alle (potentiële) buurtbusverenigingen afspraken over de verdeling van verantwoordelijkheden rondom de exploitatie van Buurtbuslijnen, waarbij hij chauffeurs van Buurtbuslijnen vrijwaart van aansprakelijkheid voor schade en ongevallen tijdens Ritten die opgenomen zijn in de Dienstregeling.

9.

In geval van geschillen tussen de Concessiehouder en een buurtbusvereniging treden de Concessiehouder, de Concessieverlener en de desbetreffende buurtbusvereniging in overleg. Wanneer dit overleg niet tot overeenstemming leidt, neemt de Concessieverlener de eindbeslissing over het geschil.

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 28 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

Artikel 3.5.4 Nachtlijnen 1.

Het is de Concessiehouder toegestaan om Nachtlijnen aan te bieden, al dan niet op verzoek

2.

Het is de Concessiehouder niet toegestaan om Nachtlijnen in te zetten om te voldoen aan de

van Derden, mits de Concessieverlener hier toestemming voor verleent.

minimumbedieningseisen zoals opgenomen in artikelen 3.2.1 en 3.2.2. 3.

Met uitzondering van (Gewogen) Dienstregelinguren die hij op R-netlijn 470 inzet om aan de eis in artikel 3.4.1, lid 5 te voldoen, mag de Concessiehouder de (Gewogen) Dienstregelinguren die hij op (een) Nachtlijn(en) inzet, niet meetellen bij (de invulling van) het in de Inschrijving aangeboden aantal Gewogen Dienstregelinguren als bedoeld in artikel 7.1.1, lid 1.

Artikel 3.5.5 Toeristenlijnen 1.

Het is de Concessiehouder toegestaan om in het Concessiegebied en op de in Bijlage B2 genoemde concessiegrensoverschrijdende verbindingen Toeristenlijnen aan te bieden, al dan niet op verzoek van Derden, mits de Concessieverlener hier toestemming voor verleent.

2.

De Concessiehouder verbindt met elke Toeristenlijn ten minste één attractie dan wel

3.

Het is de Concessiehouder toegestaan om met een Toeristenlijn niet alle op de route gelegen

recreatieve voorziening direct (dat wil zeggen zonder overstap) met een OV-Knooppunt.

Haltes te bedienen. 4.

De Concessiehouder biedt met iedere Toeristenlijn ten minste drie reismogelijkheden per dag van de attractie dan wel recreatieve voorziening naar een OV-Knooppunt en vice versa waarbij hij de vertrektijdstippen afstemt op de Vervoervraag.

5.

Voor Toeristenlijnen waarmee de Concessiehouder de Keukenhof bedient, geldt dat de Concessiehouder de (Gewogen) Dienstregelinguren die hij op deze Toeristenlijnen inzet niet mag meetellen bij (de invulling van) het in de Inschrijving aangeboden aantal Gewogen Dienstregelinguren als bedoeld in artikel 7.1.1, lid 1.

Artikel 3.5.6 Scholierenlijnen 1.

Het is de Concessiehouder toegestaan om Scholierenlijnen aan te bieden, al dan niet op verzoek van Derden, mits de Concessieverlener hier toestemming voor verleent.

2.

Met inachtneming van het bepaalde in artikel 2.1.2 voor zover het concessiegrensoverschrijdende Scholierenlijnen betreft, stemt de Concessiehouder de reismogelijkheden met Scholierenlijnen af op de lestijden van de scholen die hij met de Scholierenlijnen bedient, waarbij: a.

onder een school wordt verstaan: een (vestiging van een) instelling voor voortgezet onderwijs of middelbaar beroepsonderwijs (i) die is gevestigd in het Concessiegebied of (ii) die is gevestigd aan de in Bijlage B2 genoemde concessiegrensoverschrijdende verbindingen en waar Reizigers vanuit het Concessiegebied naartoe reizen; en

b.

de Concessiehouder een Scholierenlijn niet hoeft aan te bieden op dagen dat op alle door de betreffende Scholierenlijn bediende scholen geen onderwijs wordt gegeven, mits de Concessiehouder dit duidelijk communiceert naar Reizigers.

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 29 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

3.6

Lijnnummering Artikel 3.6.1 Eisen aan de nummering van Lijnen 1.

De Concessiehouder nummert de Lijnen in overeenstemming met door de Concessieverlener goedgekeurde uitgangspunten voor de lijnnummering.

2.

De Concessiehouder kent de volgende lijnnummers aan Lijnen toe: a.

Stadslijnen: een nummer uit de reeks 1 tot en met 19, waarbij de Concessiehouder eenzelfde nummer aan Stadslijnen in verschillende gemeenten mag toekennen, mits de betreffende gemeenten niet aan elkaar grenzen;

3.

b.

Streeklijnen: een nummer uit de reeks 20 tot en met 299;

c.

HOV-lijnen: een driecijferig nummer, beginnend met een 3;

d.

R-netlijnen: een driecijferig nummer, zoals opgenomen in tabel 3.3;

e.

Oproepafhankelijke Lijnen: een driecijferig nummer, beginnend met een 5;

f.

Scholierenlijnen: een driecijferig nummer, beginnend met een 6;

g.

Buurtbuslijnen: een driecijferig nummer, beginnend met een 7;

h.

overige Lijnen: een driecijferig nummer, beginnend met een 8; en

i.

Nachtlijnen: een nummer beginnend met een “N” gevolgd door 2 cijfers.

Het is de Concessiehouder niet toegestaan om Lijnen die rijden op de routes zoals beschreven in Bijlage B2 lijnnummers toe te kennen die in gebruik zijn in de desbetreffende aangrenzende concessie(s).

4.

De kosten van wijzigingen van de lijnnummering, waaronder begrepen de eventuele kosten als gevolg van aanpassing van het OV-Betaalsysteem, zijn voor rekening en risico van de Concessiehouder.

3.7

Oproepafhankelijke vormen van (Openbaar) Vervoer Artikel 3.7.1 Deur-Halte Vervoer 1.

De Concessiehouder verzorgt in Woonkernen met minder dan 800 inwoners en van/naar woonadressen buiten een Woonkern – ook als de Vervoervraag tijdens de looptijd van de Concessie toeneemt – Deur-Halte Vervoer tussen een in de logische reisrichting gelegen OV-Knooppunt en/of Overstappunt en het door Reizigers opgegeven adres van bestemming of vertrek, tenzij het Geografisch Zwaartepunt van de Woonkern, dan wel de woonadressen buiten Woonkernen hemelsbreed maximaal 800 meter ligt/liggen van een Halte die bediend wordt door Openbaar Vervoer.

2.

In aanvulling op lid 1 verzorgt de Concessiehouder Deur-Halte Vervoer in alle Woonkernen, naar alle woonadressen buiten Woonkernen en op alle Bedrijventerreinen met ten minste 2.500 arbeidsplaatsen waar tijdens de bedieningsperiode zoals bedoeld in leden 3 en 4 gedurende een aangesloten periode van ten minste twee uren een op grond van artikel 3.2.1 minimaal te bedienen Halte of een in lid 1 bedoelde Halte niet door Openbaar Vervoer wordt bediend, en wel vanaf één uur na vertrek van de Rit van het Openbaar Vervoer.

3.

De Concessiehouder biedt het in leden 1 en 2 genoemde Deur-Halte Vervoer op Werkdagen ten minste van 6:30 tot 24:00 uur, op zaterdag ten minste van 8:00 tot 24:00 uur en op zonen Feestdagen ten minste van 9:00 tot 24:00 uur aan, met dien verstande dat de Concessiehouder op OV-Knooppunten en/of Overstappunten met het Deur-Halte Vervoer

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 30 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

een Gegarandeerde Aansluiting biedt op het vertrek van de eerste Rit en de aankomst van de laatste Rit van het Openbaar Vervoer vanaf het betreffende OV-Knooppunt of Overstappunt. 4.

In afwijking van het vorige lid hoeft de Concessiehouder vóór 9:00 uur en na 20:00 uur geen Deur-Halte Vervoer aan te bieden indien binnen een afstand van 20 kilometer (hemelsbreed) van het door Reizigers opgegeven adres van bestemming of vertrek geen OV-Knooppunt en/of Overstappunt ligt waar een Rit van Openbaar Vervoer vertrekt respectievelijk aankomt.

5.

De Concessiehouder biedt op OV-Knooppunten dan wel Overstappunten een veilige en comfortabele Gegarandeerde Aansluiting met een maximale overstaptijd van vijftien minuten tussen het Deur-Halte Vervoer en Openbaar Vervoer. De Concessiehouder zorgt er hierbij voor dat Reizigers die verder willen reizen met Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer, hun aansluitende Rit niet zelf hoeven te bestellen. Indien een Reiziger die gebruik maakt van Deur-Halte Vervoer zijn Aansluiting mist, zorgt de Concessiehouder voor eigen rekening en risico (dus: zonder meerkosten voor de betreffende Reiziger) voor een alternatieve reismogelijkheid waarmee de Reiziger met zo min mogelijk vertraging op haar/zijn bestemming komt.

6.

De Concessiehouder zorgt dat chauffeurs die hij inzet voor het verrichten van Deur-Halte Vervoer: a.

indien zij een Rit met een rolstoeltoegankelijk Voertuig uitvoeren, kennis en ervaring hebben met het vastzetten, opklappen en bedienen van onder meer (elektrische) rolstoelen die aan de NEN-ISO 7176-19 norm voldoen, en rollators en zorgen dat deze veilig worden vastgezet;

b.

de zit- en tiltechniek ten behoeve van Reizigers met een Functiebeperking beheersen en in de praktijk indien nodig toepassen;

c.

uiterlijk 5 minuten, maar niet eerder dan tien minuten voor de verwachte aankomsttijd van het Voertuig bij de aanvrager van de Rit telefonisch contact (door de centralist laten) opnemen met of een (SMS-)bericht (laten) sturen naar de aanvrager om deze te verzoeken op straatniveau klaar te gaan staan;

d.

indien de aanvrager nog niet op straatniveau en/of de Halte klaar staat, aanbellen bij de voordeur van de aanvrager van de Rit dan wel contact op (laten) nemen indien het afgesproken ophaalpunt geen woonadres betreft, en

e. 7.

desgevraagd de aanvrager van de Rit helpen met het dragen van bagage.

Indien de Concessiehouder besluit om meerdere aanvragen voor Deur-Halte Vervoer in één Rit te combineren zorgt hij ervoor dat de reistijd voor de desbetreffende Reizigers maximaal twee keer zo lang is als de reistijd via de kortste route.

8.

De Concessiehouder zorgt ervoor dat rollators, (opklapbare) rolstoelen en andere losse hulpmiddelen tijdens een Rit met Deur-Halte Vervoer vastgezet kunnen worden en neemt

hierbij de bepalingen over het veilig vastzetten van hulpmiddelen uit het document ‘Code VVR’ of diens opvolger(s) in acht. Indien de aanvrager van een Rit aangeeft een rolstoelgebruiker te zijn, zet de Concessiehouder voor de uitvoering van de Rit een rolstoeltoegankelijk Voertuig in dat is voorzien van een liftvoorziening (geen hellingbaan) en van een adequaat werkend (universeel) systeem om rolstoelen vast te zetten.

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 31 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

9.

De Concessiehouder zorgt ervoor dat Reizigers die gebruik maken van Deur-Halte Vervoer in principe op de afgesproken tijd, maar in ieder geval niet eerder dan vijftien minuten voor het afgesproken tijdstip en niet later dan vijftien minuten na het afgesproken tijdstip, bij: a.

het afgesproken adres worden opgehaald, daarbij rekening houdend met de actuele vertrektijd van het Voertuig waarop Aansluiting wordt geboden; of

b.

de afgesproken Halte worden opgehaald, daarbij rekening houdend met de actuele aankomsttijd van het Voertuig waarop Aansluiting wordt geboden (ook als het Voertuig vertraagd is).

10. De Concessiehouder voorziet de Voertuigen die hij voor het Deur-Halte Vervoer inzet van een geautomatiseerd registratiesysteem waarmee kan worden vastgesteld of Aansluitingen en normen ten aanzien van ophaaltijden zoals genoemd in het vorige lid worden gehaald (bijvoorbeeld een systeem dat van GPS gebruik maakt).

Artikel 3.7.2 Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer 1.

Het is de Concessiehouder toegestaan om Stads- en Streeklijnen in de vorm van Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer uit te voeren, indien hij ten genoegen van de Concessieverlener aantoont dat de gemiddelde Vervoervraag per Rit minder dan 6 Reizigers bedraagt.

2.

In afwijking van het bepaalde in het vorig lid, is het de Concessiehouder niet toegestaan een Streeklijn die Haltes bedient die noodzakelijk zijn om aan de bedieningseisen zoals genoemd in tabel 3.1 te voldoen, volledig uit te voeren met Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer. In dat geval voert de Concessiehouder ten minste het aantal Ritten genoemd in tabel 3.1 uit in de vorm van Vast Openbaar Vervoer.

Artikel 3.7.3 Bestellen en annuleren van Ritten van Deur-Halte Vervoer en Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer 1.

De Concessiehouder zorgt ervoor dat Reizigers in ieder geval tot 60 minuten voor het (afgesproken tijdstip van) vertrek van Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer en Deur-Halte Vervoer een Rit kunnen bestellen dan wel een reeds bestelde Rit kunnen annuleren.

2.

De Concessiehouder zorgt ervoor dat Reizigers overeenkomstig het bepaalde in artikel 6.3.8 Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer en Deur-Halte Vervoer ook via MaaS-aanbieders kunnen reserveren.

3.

De Concessiehouder zorgt ervoor dat Reizigers bij hun reservering kunnen aangeven of zij een Functiebeperking (in het bijzonder: een mobiliteitsbeperking) hebben en zet een rolstoeltoegankelijk Voertuig in (zoals beschreven in artikel 3.7.1 lid 8) indien dit gelet op deze Functiebeperking noodzakelijk is.

4.

De Concessiehouder zorgt ervoor dat bij 70 procent van de belpogingen tijdens operationele uren (dit wil zeggen: tijdens die momenten waarop Reizigers van Deur-Halte Vervoer en/of Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer gebruik kunnen maken) de centrale binnen 30 seconden de telefoon opneemt en begint met het aannemen van de ritopdracht. De Concessiehouder zorgt ervoor dat bij alle belpogingen de centrale binnen 60 seconden de telefoon opneemt en begint met het aannemen van de ritopdracht. Wanneer een beller in de wacht wordt gezet of een wachtrijmelder te horen krijgt, geldt dat niet als het opnemen van de telefoon zoals hiervoor bedoeld.

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 32 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

5.

De Concessiehouder biedt Reizigers de mogelijkheid om door middel van een gebruikersvriendelijke procedure één of meerdere Rit(ten) – ten minste tot zes maanden vooruit – in één gesprek, sessie of bezoek aan een website te reserveren via een gratis telefoonnummer, een app en (mobiel) internet.

6.

De Concessiehouder biedt Reizigers de mogelijkheid om hun reservering voor Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer of Deur-Halte Vervoer tot 60 minuten voor de afgesproken vertrektijd zonder kosten of nadere voorwaarden te annuleren.

3.8

Dienstregeling Artikel 3.8.1 Dienstregeling 1.

De Concessiehouder voert het Vast en Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer uit op basis van een Dienstregeling die hij publiceert conform het bepaalde in artikel 4.7.1, lid 5.

2.

De Concessiehouder baseert de Dienstregeling op reële rij- en halteringstijden en onderbouwt in het Vervoerplan de gehanteerde tijden op basis van een analyse van de rijtijden zoals genoemd in bijlage B12. Indien noodzakelijk maakt hij onderscheid tussen rijtijden tijdens de Spits en buiten de Spits. De Concessiehouder is zelf verantwoordelijk voor de inschatting of de rij- en halteringstijden die hij in zijn Dienstregeling opneemt in de praktijk haalbaar zijn.

3.

De Concessiehouder neemt in ieder geval OV-Knooppunten, Overstappunten, Verplichte Haltes en eventueel logisch gelegen Tijdhaltes op in de Dienstregeling.

4.

In aanvulling op het bepaalde in het vorige lid neemt de Concessiehouder in de Dienstregeling voor het Dienstregelingjaar 2025 alle Haltes op die in de Dienstregeling voor het Dienstregelingjaar 2024 zijn opgenomen.

5.

De Concessieverlener kan, na overleg met de Concessiehouder, de Concessiehouder verplichten om (een) extra Halte(s), Overstappunt(en) en/of Tijdhalte(s) in de Dienstregeling op te nemen en/of (een) Halte(s), Overstappunt(en) en/of Tijdhalte(s) te verwijderen.

6.

De Concessiehouder vermeldt in de Dienstregeling alle (Gegarandeerde) Aansluitingen die hij biedt, waaronder Aansluitingen zoals bedoeld in artikel 3.1.1 en Gegarandeerde Aansluitingen zoals bedoeld in artikelen 3.5.3 en 3.7.1.

7.

De Concessiehouder mag gedurende een Dienstregelingjaar één of meerdere Vakantiedienstregelingen hanteren tijdens de vakanties van het voortgezet onderwijs in de regio Midden. De Concessiehouder onderbouwt in zijn Vervoerplan waarom hij ervoor kiest om in bepaalde periodes te rijden volgens een Vakantiedienstregeling en hoe deze Vakantiedienstregeling aansluit bij de Vervoervraag in deze periodes.

Artikel 3.8.2 Voorstellen voor het wijzigen van de Dienstregeling 1.

De Concessiehouder mag de Dienstregeling maximaal vier maal per Dienstregelingjaar wijzigen (de eventuele overgangen van de reguliere Dienstregeling naar de Vakantiedienstregeling en vice versa en tijdelijke wijzigingen van de Dienstregeling voor Scholierenlijnen niet meegerekend), tenzij de Concessiehouder en de Concessieverlener anders overeenkomen (bijvoorbeeld in geval van tijdelijke (lokale) wijzigingen).

2.

De Concessiehouder onderbouwt voorstellen voor het wijzigen van de Dienstregeling in zijn Vervoerplan voor het betreffende Dienstregelingjaar. Het Vervoerplan bevat een gemotiveerd

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 33 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

voorstel voor aanpassingen van lijnvoeringen (routes, Haltes, OV-Knooppunten, Overstappunten en/of Tijdhaltes), vertrek- en aankomsttijden, rijtijden, frequenties, Aansluitingen (op Openbaar Vervoer alsook op Deur-Halte Vervoer en (Andere) Mobiliteitsdiensten), tariefkilometermatrices zoals genoemd in artikel 4.1.2, lid 14), Infrastructuur (in overleg met de betreffende Wegbeheerder(s)) en andere aspecten van het aanbod van Openbaar Vervoer en Deur-Halte Vervoer. 3.

De Concessiehouder inventariseert jaarlijks bij de Regio’s en de gemeenten in het Concessiegebied de gewenste wijzigingen van de Dienstregeling van het Openbaar Vervoer en Deur-Halte Vervoer binnen de gemeente en betrekt deze informatie bij de onderbouwing van zijn voorstellen voor het wijzigen van de Dienstregeling zoals bedoeld in het vorige lid.

4.

De Concessiehouder legt het Vervoerplan ter goedkeuring voor aan de Concessieverlener en neemt daarbij het bepaalde in Bijlage B12 in acht.

5.

Voordat de Concessiehouder het Vervoerplan ter goedkeuring aan de Concessieverlener voorlegt, legt de Concessiehouder het ontwerp Vervoerplan ter advisering voor aan de Stuurgroep OV-ZHN, het ROCOV Hollands Midden (RHM) en de buurtbusverenigingen en neemt daarbij het bepaalde in artikel 6.3.5, lid 1 in acht.

6.

De Concessieverlener toetst de voorgestelde wijzigingen in de Dienstregeling zoals opgenomen in het Vervoerplan aan onder andere het Programma van Eisen en de wijze waarop de Concessiehouder met het advies van de Stuurgroep OV-ZHN en het ROCOV Hollands Midden (RHM) en eventuele adviezen van buurtbusverenigingen is omgegaan, waarbij hij bij afwijkingen van (delen van) de ontvangen adviezen gedegen onderbouwt waarom hij hiervan is afgeweken.

7.

De Concessieverlener geeft binnen zes weken na ontvangst van het Vervoerplan, inclusief de onderbouwing van eventuele afwijkingen van (delen van) adviezen zoals bedoeld in het vorige lid, aan of zij instemt met de in het Vervoerplan opgenomen wijzigingsvoorstellen voor de Dienstregeling. De Concessieverlener stemt in met de wijzigingsvoorstellen indien de voorstellen passen binnen de kaders van dit Programma van Eisen en de Concessiehouder eventuele afwijkingen van (delen van) de ontvangen adviezen gedegen heeft onderbouwd. Indien dit niet het geval is kan de Concessieverlener het betreffende wijzigingsvoorstel of onderdelen daarvan afkeuren, waarbij zij aan de Concessiehouder (bindende) aanwijzingen kan verstrekken om de wijzigingsvoorstellen zodanig aan te passen dat zij alsnog passen binnen de kaders van dit Programma van Eisen en/of invulling geven aan de adviezen van de Stuurgroep OV-ZHN en het ROCOV Hollands Midden (RHM) en eventuele adviezen van buurtbusverenigingen. De Concessiehouder verwerkt aanwijzingen van de Concessieverlener in de Dienstregeling en geeft binnen zes weken na ontvangst aan hoe hij met de aanwijzingen is omgegaan.

8.

De Concessiehouder informeert de Wegbeheerders over de procedure die aan een wijziging van de Dienstregeling voorafgaat, waaronder de uiterste momenten waarop Wegbeheerders input kunnen leveren en eventueel op wijzigingsvoorstellen kunnen reageren.

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 34 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

4

Eisen aan de betaalbaarheid, betrouwbaarheid en kwaliteit

4.1

Tarieven en productassortiment Artikel 4.1.1 Tarieven en productassortiment 1.

De Concessiehouder hanteert uitsluitend door de Concessieverlener vastgestelde of goedgekeurde tarieven, Reisproducten en Vervoerbewijzen.

2.

De Concessiehouder heeft binnen de kaders van dit Programma van Eisen, het provinciaal Tarievenkader OV (zie Bijlage B16.@) en het Landelijk Tarievenkader (LTK) of diens eventuele opvolgers, de mogelijkheid om voorstellen te doen voor te hanteren tarieven, Reisproducten en Vervoerbewijzen (zie verder artikel 4.1.2 voor de omgang met tariefvoorstellen).

3.

De Concessiehouder accepteert de Reisproducten en conformeert zich aan de afspraken en spelregels zoals opgenomen in het LTK.

4.

De Concessiehouder hanteert vanaf de start van de Concessie tot 1 januari 2026 als maximum de Kilometertarieven genoemd in onderstaande tabel vermeerderd met de Landelijke Tariefindex (LTI) voor 2023, en 2024 en 2025 (zie voor de indexering van de tarieven vanaf 1 januari 2026 artikel 4.1.2, lid 1):

Maximum

Voor

Bijzonderheden

€ 0,145

Openbaar Vervoer

Met uitzondering van Buurtbuslijnen, Lijnen

€ 0,113 € 0,186

Buurtbuslijnen

Maximaal €

Nachtlijnen

(prijspeil 2022) benoemd in Bijlage 4 en Nachtlijnen

Lijnen benoemd in Bijlage 4.

5,00 per Rit

Voor Ritten van R-netlijn 470 tijdens de nacht geldt een maximum Kilometertarief van € 0,186 (prijspeil 2022).

€ 0,500 5.

Deur-Halte Vervoer

De Concessiehouder heeft de mogelijkheid om speciale tarieven en/of Reisproducten zoals abonnementen (waaronder zoneabonnementen of vergelijkbare abonnementen) en kortingsproducten aan te bieden, bijvoorbeeld voor het reizen tijdens daluren en/of in groepen en ten behoeve van (promotie)acties. Speciale tarieven mogen niet hoger zijn dan de in lid 4 genoemde Kilometertarieven eventueel vermeerderd met administratiekosten.

6.

De Concessieverlener verwacht dat de Concessiehouder zich actief inspant om, al dan niet in samenwerking met Derden, speciale tarieven en/of Reisproducten zoals genoemd in het vorige lid te ontwikkelen voor in elk geval de typen (potentiële) Reizigers genoemd in paragraaf 1.2.

7.

De Concessiehouder biedt op verzoek van Derden, na overeenstemming met de aanvrager over de afwikkeling van de financiële gevolgen en na instemming van de Concessieverlener,

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 35 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

voor specifieke doeleinden en/of doelgroepen, waaronder leerlingen in het speciaal onderwijs, medewerkers van sociale werkplaatsen en mensen met een wmo-indicatie, Openbaar Vervoer tegen een speciaal tarief, onder de voorwaarde dat het speciale tarief niet strijdig is met het Tarievenkader OV en het LTK. 8.

De Concessiehouder maakt met concessiehouders van aangrenzende concessies afspraken over (i) de onderlinge acceptatie van Reisproducten en Vervoerbewijzen en (ii) de verdeling van opbrengsten uit deze Reisproducten en Vervoerbewijzen. Daarbij geldt in ieder geval het volgende: a.

De Concessiehouder biedt met concessiehouders van door de Concessieverlener en de MRDH verleende concessies een gezamenlijk Reisproduct aan voor frequente reizigers, waaronder in ieder geval het Regio Abonnement (of diens eventuele opvolger);

b.

De Concessiehouder biedt met concessiehouders van de concessies van de MRDH een gezamenlijk Reisproduct/Vervoerbewijs aan voor toeristen, waaronder in ieder geval het

‘Tourist Day Ticket’ (of diens eventuele opvolger); c.

De Concessiehouder biedt met concessiehouders van de concessies van de provincie Noord-Holland en de Vervoerregio Amsterdam een gezamenlijk Reisproduct aan voor frequente reizigers, waaronder in ieder geval het Randstad Noord Zone Abonnement (of diens eventuele opvolger);

d.

De Concessiehouder zorgt er samen met concessiehouders van aangrenzende concessies voor dat Reizigers die voor hun reis mede gebruik maken van Openbaar Vervoer behorend tot aangrenzende concessies niet geconfronteerd worden met een dubbel opstaptarief bij hun overstap;

e.

De Concessiehouder stemt met concessiehouders met wie hij samen (een) Lijn(en) exploiteert af welke Reisproducten en Vervoerbewijzen op de desbetreffende Lijn(en) geldig zijn, en accepteert in ieder geval alle Reisproducten en Vervoerbewijzen die de concessiehouder van de betreffende aangrenzende concessie voor de doorgaande Lijn op de route Utrecht – Schoonhoven West – Rotterdam Capelsebrug (zie artikel 3.3.2, lid 3) hanteert;

f. g.

De Concessiehouder accepteert in ieder geval abonnementen van de betreffende De Concessiehouder informeert de Concessieverlener proactief over de inhoud van de afspraken met andere concessiehouders en de gevolgen daarvan voor het aantal Reizigers en de Vervoeropbrengsten.

9.

De kosten voor onderzoek naar het gebruik van gezamenlijke Reisproducten en Vervoerbewijzen als bedoeld in lid 8 en voor de verdeling van de opbrengsten uit deze Reisproducten en Vervoerbewijzen zijn voor rekening en risico van de Concessiehouder.

10. De Concessiehouder biedt Reizigers de mogelijkheid om in de Bus en Auto, waaronder de Buurtbus, een Ritkaart aan te schaffen voor een prijs die vergelijkbaar is met het vigerende gemiddelde voltarief. De Concessiehouder biedt Reizigers daarbij de mogelijkheid om de Ritkaart te laden op een Productdrager waarmee hij het gebruik van de Ritkaart door Reizigers registreert en die Reizigers de mogelijkheid biedt met de Ritkaart over te stappen op een andere Lijn behorend tot de Concessie. Een vergelijkbare prijs betekent dat de Concessiehouder de prijs niet hoger mag vaststellen dan het vigerende gemiddelde voltarief behorende bij een reis met een lengte gelijk aan het gemiddeld aantal kilometers dat Reizigers die zonder korting op Saldo reizen, afleggen per Rit of een combinatie van Ritten HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 36 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

met daartussen ten hoogste 35 minuten overstaptijd. De Concessiehouder baseert zich hierbij op reis- en betaalinformatie uit het meest recente Jaar waarover data van het gehele Concessiegebied beschikbaar is. 11. De Concessiehouder maakt het gebruik van Ritkaarten aan de Concessieverlener inzichtelijk en geeft daarbij in ieder geval aan voor welke Lijn(en) en tijdens welke tijdvakken Ritkaarten zijn gebruikt. 12. De OV-jaarkaart en de Studenten-OV-Chipkaart zijn geldig in het Vast en Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer, waaronder de Buurtbus, maar niet in het Deur-Halte Vervoer. 13. In geval van een eventuele afschaffing of aanpassing van de Studenten-OV-Chipkaart treden de Concessieverlener en de Concessiehouder met elkaar in overleg over de eventuele gevolgen hiervan voor de uitvoering van de Concessie, overeenkomstig de regeling zoals opgenomen in Bijlage B6. 14. Het is de Concessiehouder toegestaan om voor aanvullende diensten die tot een verbetering van de dienstverlening aan Reizigers leiden (bijvoorbeeld voor Aansluiting op Nachtlijnen, een kortere vooraanmeldtijd en/of de garantie van een route zonder omrijden) een extra bijdrage te rekenen aan Reizigers, doch uitsluitend na voorafgaande schriftelijke toestemming van de Concessieverlener. 15.

De Concessiehouder biedt een restitutiemogelijkheid aan Reizigers die aangeven geen gebruik (meer) te willen maken van doorlopende Reisproducten zoals kortingsproducten en abonnementen, die zij bij de Concessiehouder hebben afgenomen. De Concessiehouder stelt hiervoor een restitutieregeling op. De Concessiehouder legt (wijzigingen in) de restitutieregeling ter advisering voor aan het ROCOV Hollands Midden (RHM) en vervolgens ter toetsing aan de Concessieverlener. De Concessieverlener toetst (wijzigingen in) de restitutieregeling op redelijkheid en billijkheid.

Artikel 4.1.2 Tariefvoorstellen en -wijzigingen 1.

De Concessiehouder mag de Kilometertarieven zoals opgenomen in lid 4 van artikel 4.1.1, de speciale tarieven en de tarieven voor Reisproducten jaarlijks maximaal indexeren met de LTI (of diens eventuele opvolger) conform het LTK en met inachtneming van de volgende bepalingen: a.

Bij de indexering van deze tarieven van Jaar op Jaar werkt de Concessiehouder met niet-afgeronde tarieven (= rekentarieven); en

b.

De tarieven die Reizigers betalen (= consumententarieven) rondt de Concessiehouder af op tienden van centen. In afwijking hiervan rondt de Concessiehouder de tarieven die Reizigers betalen voor Reisproducten af op centen of eventueel uit het oogpunt van

betalingsgemak op tienden euro’s of hele euro’s. 2.

De Concessiehouder kan bij aanvang van en tijdens de looptijd van de Concessie voorstellen doen tot wijzigingen in het aanbod aan speciale tarieven, Reisproducten zoals kortingsproducten en abonnementen, Ritkaarten en/of tarieven voor Deur-Halte Vervoer. De Concessiehouder toont in dat geval aan dat bij de wijzigingen: a.

sprake is van gemiddelde kostenneutraliteit voor Reizigers; en

b.

de eventuele kostenstijging voor individuele Reizigers maximaal tien procent bedraagt, met dien verstande dat de Concessiehouder een kostenstijging van meer dan tien procent voor individuele Reizigers mag voorkomen door een compensatieregeling te

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 37 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

hanteren. De Concessiehouder vult deze compensatieregeling in overleg met de Concessieverlener en het ROCOV Hollands Midden (RHM) in. 3.

De Concessiehouder dient jaarlijks overeenkomstig het bepaalde in Bijlage B12 een voorstel voor wijzigingen in het Tariefstelstel als bedoeld in leden 1 en 2 ter vaststelling bij de Concessieverlener in.

4.

De Concessiehouder geeft een gedegen onderbouwing van de effecten van de voorgenomen wijzigingen in het Tariefstelsel, waaronder de te verwachten effecten voor individuele Reizigers en voor de Vervoeropbrengsten.

5.

Alvorens het voorstel voor wijzigingen in het Tariefstelsel ter vaststelling bij de Concessieverlener in te dienen, legt de Concessiehouder de voorgenomen wijzigingen in het Tariefstelsel ter advisering voor aan het ROCOV Hollands Midden (RHM). De Concessiehouder geeft aan hoe hij in zijn voorstel is omgegaan met de adviezen betreffende de voorgenomen wijzigingen in het Tariefstelsel en geeft een gedegen onderbouwing wanneer hij van (delen van) het advies afwijkt.

6.

De Concessieverlener toetst het voorstel voor wijzigingen in het Tariefstelsel onder andere aan het Tarievenkader OV, het LTK en de opvolging van het advies van het ROCOV Hollands Midden (RHM).

7.

De Concessieverlener stelt het voorstel voor wijzigingen in het Tariefstelsel vast indien het voorstel past binnen het Tairevenkader OV en het LTK en het advies van het ROCOV Hollands Midden (RHM) naar tevredenheid van de Concessieverlener in het voorstel is verwerkt. Indien aan één of beide criteria niet is voldaan, kan de Concessieverlener het gehele voorstel of onderdelen daarvan niet vaststellen en is de Concessieverlener bevoegd een bindend oordeel te vellen over de hoogte van de Kilometertarieven, speciale tarieven en tarieven voor Reisproducten.

8.

Het besluit tot verlening van de Concessie houdt niet de goedkeuring of vaststelling in van een in de Inschrijving opgenomen voorstel voor het te hanteren Tariefstelsel. De Concessiehouder dient overeenkomstig het bepaalde in Bijlage B12 een voorstel voor (wijzigingen in) het Tariefstelsel voor het eerste jaar van de Concessie dat is gebaseerd op de voorstellen in zijn Inschrijving ter vaststelling bij de Concessieverlener in.

9.

De Concessiehouder dient uiterlijk drie maanden voor de inwerkingtreding van de Concessie en daarna bij elke wijziging in de Dienstregeling bij de Concessieverlener ter vaststelling een voorstel in ten aanzien van de te hanteren tariefkilometermatrix per Lijn. In deze matrix neemt hij voor alle mogelijke Halte-Halte combinaties van de betreffende Lijn, het aantal tariefkilometers op dat hij aan Reizigers in rekening brengt. Indien de Concessiehouder Lijnen op verschillende tijdstippen via andere routes laat rijden, neemt de Concessiehouder in de tariefkilometermatrix voor elke routevariant per Halte-Halte combinatie het laagste aantal tariefkilometers over alle routevarianten op.

10. De Concessiehouder levert de vastgestelde tariefkilometermatrices voor alle Lijnen, waarbij hij voor de identificatie van Haltes de haltecodes conform het Centraal Halte Bestand gebruikt, digitaal aan de Concessieverlener aan. De Concessieverlener stelt deze matrix als open data beschikbaar. 11. In aanvulling op het bepaalde in lid 7 heeft de Concessieverlener de mogelijkheid om eenzijdig tarieven genoemd in lid 1 te verhogen overeenkomstig de regeling zoals opgenomen in Bijlage B7. HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 38 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

12. De Concessiehouder maakt (wijzigingen van) gebruiksvoorwaarden en verkrijgbaarheid van tarieven, Reisproducten en Vervoerbewijzen via de gebruikelijke communicatiekanalen bekend aan (potentiële) Reizigers en andere belanghebbenden.

4.2

OV-Betaalsysteem Artikel 4.2.1 OV-Betaalsysteem 1.

De Concessiehouder treft alle benodigde maatregelen, onder andere in de Voertuigen en binnen de organisatie van de Concessiehouder, om vanaf de start van de Concessie over een volledig functionerend OV-Betaalsysteem te beschikken.

2.

De Concessiehouder zorgt ervoor dat zolang dit een noodzakelijke voorwaarde is voor de verwerking van betalingen met Productdragers waaronder de OV-Chipkaart, het OVBetaalsysteem, eventueel met gebruikmaking van de backoffice van Derden, is aangesloten op de landelijke backoffice van Translink en dat zijn OV-Betaalsysteem is gecertificeerd door Translink, tenzij Translink voor certificering een ontheffing (“waiver”) heeft verleend.

3.

De Concessiehouder zorgt ervoor dat het OV-Betaalsysteem in staat is om in ieder geval de elektronische versie van de volgende Proposities te voeren: a.

Proposities voor specifieke doelgroepen, zoals groepen met een Functiebeperking;

b.

dalkortingen buiten de ochtend- en middagspits;

c.

aanvullende leeftijdskortingen voor jongeren van 12 tot en met 17 jaar;

d.

stapelingen van kortingen;

e.

Proposities op basis van tariefzones;

f.

Proposities op basis van reizen op rekening; en

g.

Reisproducten zoals bedoeld in lid 7 van artikel 4.1.1.

Indien de Concessieverlener hierom verzoekt voert de Concessiehouder Proposities zoals genoemd in dit lid binnen een door de Concessieverlener te bepalen redelijke termijn in. Alle eventuele kosten van aanpassingen aan het OV-Betaalsysteem van de Concessiehouder die nodig zijn om aan een dergelijk verzoek te voldoen zijn voor rekening en risico van de Concessiehouder. 4.

Alle kosten van de invoering, instandhouding, uitbreiding, vernieuwing en/of vervanging van het OV-Betaalsysteem van de Concessiehouder (waaronder de aanschaf en installatie van apparatuur, het (laten) plegen van onderhoud, het treffen van administratieve voorzieningen, et cetera) of anderszins gerelateerd aan het OV-Betaalsysteem zijn voor rekening en risico van de Concessiehouder.

Artikel 4.2.2 Beschikbaarheid van het OV-Betaalsysteem 1.

De Concessiehouder zorgt voor goed beheer en deugdelijk onderhoud van het OVBetaalsysteem gedurende de duur van de Concessie zodanig dat: a.

de gemiddelde beschikbaarheid van de Kaartlezers in de Voertuigen ten minste 98% is;

b.

de gemiddelde beschikbaarheid van de Oplaad- en/of Ophaalautomaten ten minste 98% is; en

c.

de gemiddelde beschikbaarheid van de Verkoopautomaten ten minste 98% is.

Beschikbaarheid geeft aan dat een in sub a tot en met sub c bedoeld object gedurende een bepaalde exploitatietijd de overeengekomen functionaliteit biedt. De beschikbaarheid per HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 39 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

object wordt uitgedrukt in een percentage van de totale tijdsduur van de openstellingsperiode (de uren waarop het systeem toegankelijk is voor gebruik door Reizigers) per maand. De Concessiehouder informeert de Concessieverlener maandelijks over de beschikbaarheid van het OV-Betaalsysteem. 2.

Na constatering door hemzelf of na melding van een Storing door een Reiziger, lost de Concessiehouder deze Storing zo snel mogelijk op of meldt hij deze Storing zo snel mogelijk aan de leverancier. Indien sprake is van een Storing wordt het betreffende object geacht niet beschikbaar te zijn. De niet-beschikbaarheid van een object geldt vanaf het eerste moment dat de Storing wordt geconstateerd tot aan het moment dat de Concessiehouder de Storing heeft verholpen of de leverancier het object terecht hersteld meldt.

3.

Bij alle normen in lid 1 geldt dat deze niet van toepassing zijn indien de Storing van een object aantoonbaar het gevolg is van vandalisme. In dat geval zal de Concessiehouder er in redelijkheid binnen zijn mogelijkheden alles aan doen om een Storing zo snel mogelijk op te lossen en rapporteert hij hierover desgevraagd aan de Concessieverlener.

4.

Indien hij door een Storing de vermelde normen zoals bedoeld in lid 1 niet haalt, herstelt de Concessiehouder binnen twee weken na constatering van een Storing deze Storing zodat de normen weer worden gehaald. De Concessiehouder informeert de Concessieverlener over de door hem te nemen maatregelen om de Storing te herstellen en het verwachte resultaat van deze maatregelen. De eventuele kosten van de verbeteringsmaatregelen zijn voor rekening van Concessiehouder.

5.

De Concessieverlener kan na een daartoe ingediende schriftelijke aanvraag van de Concessiehouder ontheffing verlenen voor de verplichting(en) zoals bedoeld in lid 1.

Artikel 4.2.3 Nieuwe OV-Betaalwijzen 1.

De Concessiehouder vervult een actieve rol bij, staat open voor en werkt constructief mee aan de ontwikkeling en invoering van Nieuwe OV-Betaalwijzen in aanvulling op of ter vervanging van de OV-Chipkaart. De Concessiehouder stemt de activiteiten die hij in dit kader onderneemt nauw af met de Concessieverlener en concessiehouders van aangrenzende concessies.

2.

De Concessiehouder conformeert zich aan besluiten die in de Coöperatie Openbaar Vervoerbedrijven en/of in het NOVB (of hun opvolgers) zijn en worden genomen over de ontwikkeling, invoering en ondersteuning van Nieuwe OV-Betaalwijzen gebaseerd op de EMVc-standaard, Bar-/QR-codes en applicaties voor mobiele telefoons.

3.

De Concessiehouder zorgt er voor dat zijn OV-Betaalsysteem zodanig is ingericht dat Reizigers vanaf de ingangsdatum van de Concessie met Nieuwe OV-Betaalbewijzen gebaseerd op de EMVc-standaard en Bar-/QR-codes kunnen betalen. Indien landelijk wordt vastgesteld dat deze Nieuwe OV-Betaalwijzen nog niet ingevoerd kunnen worden, treedt de Concessiehouder in overleg met de Concessieverlener over de invoeringsdatum van Nieuwe Betaalwijzen.

4.

De Concessieverlener bepaalt, na overleg met de Concessiehouder welke, mogelijk nieuwe, Reisproducten en Proposities de Nieuwe OV-Betaalwijzen en, gedurende de overgangsperiode, de OV-Chipkaart moeten kunnen voeren.

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 40 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

5.

Alle kosten voor ontwikkeling, invoering, instandhouding, uitbreiding, vernieuwing en/of vervanging van hard- en software van het OV-Betaalsysteem ten behoeve van Nieuwe Betaalwijzen zijn voor rekening en risico van de Concessiehouder.

6.

Ingeval de Concessieverlener na overleg met de Concessiehouder en het ROCOV Hollands Midden (RHM) bepaalt dat een Betaalwijze, hieronder mede begrepen de OV-Chipkaart, mag worden uitgefaseerd, zal de Concessieverlener hier een redelijke minimale uitfaseringstermijn voor stellen. Het is niet de intentie van de Concessieverlener om een lange uitfaseertermijn voor een (zeer) beperkt aantal Reizigers te hanteren, tenzij landelijk andere afspraken worden gemaakt.

Artikel 4.2.4 OV-Betaalsysteem in Bussen en Auto’s 1.

Ten behoeve van het in- en uitchecken voorziet de Concessiehouder: a.

Bussen en Taxibussen die hij voor Vast Openbaar Vervoer inzet, ten minste van een werkende, vast in het Voertuig gemonteerde Kaartlezer bij iedere deuropening; en

b.

alle overige Voertuigen die hij voor de uitvoering van de Concessie inzet, waaronder Voertuigen die de Concessiehouder inzet voor het Deur-Halte Vervoer, van een werkende mobiele (d.w.z. handhelds) of vast in het Voertuig gemonteerde Kaartlezer.

2.

De Concessiehouder vervoert Reizigers die als gevolg van ontbrekende of defecte Kaartlezer in het Voertuig niet kunnen in- en/of uitchecken gratis of hanteert, uitsluitend na voorafgaande schriftelijke goedkeuring door de Concessieverlener, een andere klantvriendelijke oplossing. Indien de Concessiehouder gebruik maakt van een andere klantvriendelijke oplossing dan gratis Openbaar Vervoer, legt hij deze oplossing tijdens de implementatieperiode ter goedkeuring voor aan de Concessieverlener.

Artikel 4.2.5 Verkrijgbaarheid (distributienetwerk) 1.

De Concessiehouder is verantwoordelijk voor de distributie van OV-Chipkaarten en Nieuwe Betaalwijzen, Proposities, Reisproducten en Vervoerbewijzen, en draagt alle hiermee

gepaard gaande kosten en risico’s. 2.

De Concessiehouder zorgt er vanuit zijn verantwoordelijkheid zoals genoemd in lid 1 in ieder geval voor dat: a.

hetzelfde of een naar het oordeel van de Concessieverlener qua dekking van het Concessiegebied vergelijkbaar netwerk van Distributiepunten als het distributienetwerk dat op 1 december 2022 beschikbaar is (zie voor een indicatie van het distributienetwerk Bijlage B16.@);

b.

Reizigers bij Distributiepunten anonieme OV-Chipkaarten, Saldo, Proposities, Reisproducten en Vervoerbewijzen kunnen kopen/opladen/ophalen en Baliehandelingen kunnen laten verrichten;

c.

bij een Distributiepunt ten minste één Verkoopautomaat dan wel Oplaad- en Ophaalautomaat aanwezig en voor Reizigers beschikbaar is;

d.

Reizigers bij de klantenservice van de Concessiehouder informatie over en een aanvraagformulier voor een Persoonlijke OV-Chipkaart kunnen opvragen. De Concessiehouder stuurt desgevraagd een aanvraagformulier naar het huisadres van Reizigers zonder dat hier voor Reizigers kosten aan zijn verbonden;

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 41 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

e.

Reizigers via de functie Automatisch Opladen Saldo op hun Persoonlijke OV-Chipkaart kunnen aanvragen, activeren en wijzigen; en

f.

Reizigers via de Webwinkel Saldo, Proposities en Reisproducten kunnen aanschaffen, waaronder in ieder geval alle regionale Reisproducten als bedoeld in lid 7 van artikel 4.1.1 en de landelijke Reisproducten die beschikbaar komen via de NAL-applicatie, zonder dat hierbij een (verkoop-)toeslag bij Reizigers in rekening wordt gebracht. De Concessiehouder zorgt er daarbij voor dat de Webwinkel voldoet aan de functionaliteit die op dat moment gebruikelijk is voor Webwinkels en dat Reizigers via de Webwinkel besteld(e) Saldo, Proposities en Reisproducten bij alle servicepunten en Distributiepunten kunnen ophalen.

3.

De Concessiehouder informeert de Concessieverlener jaarlijks, tezamen met de oplevering van het Marketingplan, over aanpassingen aan het distributienetwerk. De Concessiehouder kan voorstellen doen om Distributiepunten te laten vervallen mits hij aantoont dat Reizigers voor de aanschaf van OV-Chipkaarten, Saldo en Proposities in hoofdzaak geen gebruik maken van het desbetreffende Distributiepunt en/of er betere alternatieven zijn.

4.3

Uitvoering Artikel 4.3.1 Uitvoering Dienstregeling 1.

De Concessiehouder voert alle in de Dienstregeling vastgelegde Ritten met Vast Openbaar Vervoer en door Reizigers aangevraagde Ritten met Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer (waarbij het is toegestaan om Flexibele Haltes te gebruiken) nauwgezet, volledig en conform de Dienstregeling en voor zover het Oproepafhankelijk Openbaar Vervoer betreft conform de eisen in artikel 3.7.3 uit.

2.

In aanvulling op het bepaalde in lid 1, voert de Concessiehouder alle door Reizigers aangevraagde Ritten met Deur-Halte Vervoer nauwgezet, volledig en conform de eisen in artikelen 3.7.1 en 3.7.3 uit.

3.

De Concessiehouder realiseert bij de uitvoering van de Dienstregeling en het Deur-Halte Vervoer de outputnormen zoals genoemd in artikel 7.3.1.

Artikel 4.3.2 Vervoerplicht 1.

De Concessiehouder vervoert alle op een Halte aanwezige Reizigers die willen en mogen reizen met een Lijn die volgens de Dienstregeling die Halte aandoet, met het eerstkomende Voertuig waarmee deze Lijn wordt uitgevoerd mits dit wettelijk is toegestaan, dan wel, indien de Concessiehouder een Versterkingsrit aanbiedt, het Voertuig dat deze Versterkingsrit uitvoert.

2.

De Concessiehouder stemt de aangeboden vervoercapaciteit (d.w.z. het aantal voor Reizigers beschikbare zit- en staanplaatsen in een Voertuig, eventuele Versterkingsrittten meegerekend) zodanig af op de redelijkerwijs te voorziene Vervoervraag dat hij voldoet aan het gestelde in het vorige lid en de in artikel 7.3.1 genoemde outputnormen. Hieronder valt onder andere een voor de Concessiehouder redelijkerwijs te voorziene hogere Vervoervraag bij Evenementen. In alle andere omstandigheden spant de Concessiehouder zich maximaal in om bij onverwachte pieken in de Vervoervraag alle op een Halte aanwezige Reizigers

HOOFDSTUK Error! Use the Home tab to apply Kop 1;[K];Hoofdstuk to the text that you want to

appear here. - ERROR! USE THE HOME TAB TO APPLY KOP 1 ;[K];HOOFDSTUK TO THE TEXT THAT YOU WANT TO APPEAR 42 van 150

HERE.

PZH-2022-803488326 dd. 22-03-2022

zoveel mogelijk met het eerstkomende Voertuig van de Lijn waarmee zij willen reizen, mee te nemen. 3.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1453/documents/18520