CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

D70 Raadsbrief Voortgangsevaluatie GPR en DGO - duurzame gebiedsontwikkeling.pdf

Gemeenteraad 28 april 2022, gemeente HillegomBij agendapunt: 13: Ingekomen stukken737 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Hillegom

Raadsbrief Voortgangsevaluatie GPR en DGO - duurzame gebiedsontwikkeling aan:

de raad van de gemeente Hillegom

zaaknummer: Z-22-241920 datum collegevergadering: portefeuillehouder: Karin Hoekstra behandelend ambtenaar: Rob de Mooij emailadres: R.deMooij@hltsamen.nl telefoon: 14 0252 embargo: ☐

Aanleiding Duurzame gebiedsontwikkeling en duurzaam bouwen staan hoog op de prioriteitenlijst van Hillegom. Daarom heeft de gemeente in de Omgevingsvisie opgenomen om bij gebiedsontwikkeling duurzame doelstellingen na te streven. Daarvoor zijn in de Omgevingsvisie een aantal streefwaarden voor GPR opgenomen: Bij nieuwbouw van woningen worden onderstaande streefwaardes (GPR Gebouw) gehanteerd: · DuurzaamheidsPrestatie Gebouwen (DPG, combinatie van milieu en energie) minimaal een 8; · Gezondheid en gebruikskwaliteit minimaal een 8; · Toekomstwaarde minimaal een 7 (of bij de keuze voor een ander instrument vergelijkbare streefwaardes te formuleren). In het Omgevingsplan 2.0 zullen deze streefwaardes (of hoger) opgenomen worden. De Omgevingsvisie kan dan volstaan met het benoemen van een abstracte ambitie. In 2019 heeft de raad van Hillegom een motie aangenomen inzake Duurzaam Bouwen. En in 2020 heeft het college toegezegd de raad te informeren over de tussentijdse resultaten van het gebruik van de Gemeentelijke Praktijk Richtlijnen Gebouw (GPR-Gebouw) en de methode Duurzame Gebiedsontwikkeling (DGO). Met deze raadsbrief informeert het college de raad over de inzet en de resultaten van de gebruikte instrumenten bij de verdere ontwikkeling van duurzame gebiedsontwikkelingen. Het college beschouwt hiermee de motie en het actiepunt als afgehandeld.

Gebruik in anterieure overeenkomsten De streefwaarden die in de Omgevingsvisie zijn opgenomen, worden als minimum niveau gebruikt bij het opstellen van overeenkomsten, maar kunnen ook hoger overeengekomen worden. Als voorbeeld daarvan project Jozefpark 2019.

Ook voor de projecten Vossepolder fase 6 en SIZO-velden zijn hogere GPR-scores opgenomen dan in de Omgevingsvisie. Om te kunnen toetsen of de overeengekomen waarden ook gerealiseerd worden, verstrekt de gemeente aan de ontwikkelaar een licentie voor GPR. De ontwikkelaar moet per woning of per reeks (gelijke) woningen de GPR-score via het GPR-programma indienen. Dit is een indieningsvereiste. Bij de vergunningverlening wordt getoetst of voldaan wordt aan de afspraken in de overeenkomst, als voorwaarde voor de vergunningverlening. De GPR-scores zijn daar expliciet onderdeel van. In hoeverre na oplevering voldaan is aan wat in de verleende vergunning is vastgelegd, wordt nu niet getoetst. Relatie GPR tot landelijke bouwvoorschriften Ontwikkelaars moeten wettelijk ook voldoen aan de BENG-eisen, maar dit is beperkt tot energie. GPR geeft naast energie ook inzicht in de milieuaspecten, gezondheid, gebruikskwaliteit en toekomstwaarde van de woningen. Naar verwachting zijn de kosten iets hoger, maar de woning behoudt daarmee ook een hogere kwaliteitswaarde voor in de toekomst. Gebruik DGO bij gebiedsontwikkelingsprocessen In het algemeen zijn duurzame thema’s vaste onderwerpen van gesprek tussen gemeente en ontwikkelaar/initiatiefnemers. Er is steeds duidelijker sprake van meer traditionele en vooruitstrevende partijen in de markt.

GPR verplicht alle partijen volgens deze systematiek de duurzaamheid van gebouwen te onderbouwen. Vanuit de gemeente zelf wordt daarnaast ingezet op het bereiken van zoveel mogelijk duurzame doelstellingen in een project. Naast de gehanteerde GPR-waardes is de Richtlijn Duurzame Gebiedsontwikkeling (DGO) die binnen HLT samen wordt gebruikt, in de praktijk een handig hulpmiddel bij besprekingen om als checklist te gebruiken, zodat alle onderwerpen, ook in de aan te leggen openbare ruimte, aan bod kunnen komen. Conclusie De marktontwikkelingen rondom nieuwbouw en gebiedsontwikkeling verlopen snel. Bovendien streven meer marktpartijen ernaar innovator en koploper te zijn bij deze ontwikkelingen; een deel van de markt zoekt zelf actief naar meer duurzame gebiedsontwikkeling. Desondanks is het verstandig dat de gemeente ook zelf instrumenten gebruikt die bijdragen aan een toekomstgerichte duurzame gebiedsontwikkeling. Het gemeentelijke gebruik van GPR draagt er zeker aan bij dat alle daarmee samenhangende onderwerpen aan bod komen bij de gesprekken met ontwikkelaars, en dat dit ook onderdeel is van overeenkomsten. De gemeente slaagt er daarbij ook al in de eerder vastgelegde streefwaarden te overtreffen. Daarmee blijkt het gebruik van GPR-streefwaarden vanuit de gemeente een succesvolle aanpak om resultaat te bereiken.

Voor de Richtlijn Duurzame Gebiedsontwikkeling geldt dat deze als waardevol wordt beoordeeld om naast het gesprek over de te bouwen woningen ook het gesprek over de gebiedsinrichting en het gebruik aan bod te laten komen. De Richtlijn DGO is in de praktijk een goede kapstok om zoveel mogelijk alle voor een toekomstgerichte gebiedsontwikkeling relevante onderwerpen met ontwikkelaars te bespreken en daarover ook afspraken vast te leggen. Tot slot het volgende. Beide instrumenten hebben hun nut inmiddels bewezen. Wij zien het als een stimulans om op deze wijze voort te gaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1447/documents/18253