D16 RBL, jaarverslag schooljaar 2023-2024.pdf
Tekst van het document
Pia Teeuwen Van: Verzonden: Aan: Onderwerp:
Regionaal Bureau Leerrecht <communicatie@hollandrijnland.nl> donderdag 6 maart 2025 13:51 Griffie-Hillegom Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht
Jaarverslag Schooljaar 2023-2024
Beste samenwerkingspartner, Met veel plezier attendeer ik u op het jaarverslag van Regionaal Bureau Leerrecht over het schooljaar 2023-2024. Een jaar waarin het RBL weer volop in ontwikkeling was en onze medewerkers zich iedere dag inzetten om thuiszitten tegen te gaan, schooluitval te voorkomen en jongeren te begeleiden naar een positieve, zelfstandige toekomst. Natuurlijk deden wij dit niet alleen. Ik wil u hartelijk danken voor de prettige samenwerking het afgelopen jaar. Inmiddels zijn we alweer even onderweg in het nieuwe schooljaar. Juist in deze uitdagende tijd voor de jeugd is het ontzettend belangrijk dat wij als organisaties gezamenlijk blijven optrekken en oplossingen weten te bedenken. Het huidige schooljaar staat onder andere in het teken van voorbereiding op een nieuw VSV-programma en nieuwe wetgeving, maar ook vooral het juiste blijven doen voor kinderen en jongeren in onze regio. Ik hoop dat u dat opnieuw samen met ons wilt doen. Hartelijke groeten, Kim van der Poel U kunt het jaarverslag van het Regionaal Bureau Leerrecht hier downloaden.
1
Regionaal Bureau Leerrecht We steunen kinderen en jongeren bij het pakken van kansen.
Verstuurd naar: griffie@hillegom.nl Uitschrijven Holland Rijnland, Schuttersveld 9, Leiden, , The Netherlands
2
Jaarverslag Schooljaar 2023-2024
Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland November 2024
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
Voorwoord Alle kinderen in Nederland hebben recht op onderwijs en ontwikkeling, om zo een positieve basis te leggen voor hun toekomst. Door zich te ontplooien en onderwijs te volgen, worden zij toegerust om deel te nemen aan de samenleving en vergroten zij de kans op een arbeidsplek die aansluit bij hun talenten en interesses. Voor u ligt het jaarverslag over schooljaar 2023-2024 van het Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland (RBL). Het RBL voert de gemeentelijke taken van onze elf gemeenten uit op het gebied van leerplicht, thuiszitters en voortijdig schoolverlaten. Dit gaat in totaal om bijna 60.000 kinderen en jongeren. Gelukkig gaat het overgrote deel van hen ‘gewoon’ naar school. Medewerkers van het RBL zetten zich iedere dag in om thuiszitten tegen te gaan, schooluitval te voorkomen en jongeren te begeleiden naar een positieve, zelfstandige toekomst. Dit doen zij niet alleen. Samen met jongeren zelf, ouders, onderwijs, jeugdhulpaanbieders, gemeenten en andere betrokken partijen zoeken ze voor ieder kind naar een passende oplossing. Schooljaar 2023-2024 was een jaar vol met ontwikkelingen. Zo werd de speciale inzet op thuiszitters verder aangescherpt, ging het RBL in gesprek met scholen om het melden van verzuim te verbeteren en vonden de voorbereidingen voor het nieuwe VSV-programma en de nieuwe wet ‘Van school naar duurzaam werk’ plaats.
Natuurlijk werden er, net als ieder jaar, vooral veel kinderen, jongeren en hun ouders gesproken en ondersteund. Ik vind het bijzonder om te zien hoe de consulenten van het RBL onverminderd goede ondersteuning leveren en altijd zoeken naar creatieve oplossingen. We horen dit ook terug van jongeren en van samenwerkingspartners. Dit alles gebeurde in uitdagende omstandigheden. We zien het aantal thuiszitters nog altijd stijgen. Kinderen en jongeren ervaren steeds meer stress en druk en is er nog niet altijd een passend aanbod voor ieder van hen, ondanks de vele inspanningen hierop in de regio. Het RBL denkt hierin volop mee. Het is positief dat het percentage voortijdig schoolverlaters in de regio is gedaald. Ook het verzuim op het mbo daalde het afgelopen schooljaar. De consulenten van het RBL hebben zich ingezet om verzuim en voortijdig schoolverlaten te voorkomen. Jongeren zonder schoolinschrijving zijn benaderd en het RBL heeft een groot gedeelte van de voortijdig schoolverlaters in beeld. In dit jaarverslag leest u meer over de cijfers en ontwikkelingen van afgelopen jaar en natuurlijk over de activiteiten en resultaten van het RBL. Ik kijk positief terug op dat wat het RBL deed afgelopen schooljaar en ik hoop u met mij. Jolanda Langeveld, Portefeuillehouder Maatschappij Holland Rijnland
2
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
Conclusie en reflectie Ook in het schooljaar 2023-2024 heeft het RBL zich iedere dag ingezet om thuiszitten te voorkomen en te verminderen en verzuim tegen te gaan. Dit deden wij in opdracht van 11 gemeenten, waarin bijna 60.000 kinderen en jongeren wonen. Schooljaar 2023-2024 in cijfers
60.000 kinderen en jongeren totaal in de regio Actief op 200 scholen 7000 verzuimmeldingen van 163 verschillende scholen 500 lopende vrijstellingen 400 meldingen absoluut verzuim 850 meldingen voor kinderen die (gedeeltelijk) thuiszitten 1500 jongeren gebeld 1000 jongeren thuis bezocht 280 jongeren begeleid naar school of werk 600 preventieve gesprekken op het mbo
Primair- en Voortgezet Onderwijs Iedere basisschool heeft één verzuimconsulent aan zich verbonden. Iedere VO-school heeft twee consulenten als aanspreekpunt. Eén consulent die zich richt op het kortdurende verzuim en één die zich inzet voor thuiszitters en langdurig verzuim. Ook afgelopen schooljaar bleken partners en consulenten tevreden over deze werkwijze. Het RBL doet er alles aan om alle kinderen en jongeren in de regio die uitgevallen zijn of dreigen uit te vallen in beeld te krijgen en hen waar nodig te ondersteunen. Het maakt hierbij niet uit of dit om ‘geoorloofd’ of ‘ongeoorloofd’ thuiszitten gaat. Dit is een aanvullende, regionale opdracht op de wettelijke taken vanuit de Leerplichtwet. Schoolverzuim staat immers vrijwel nooit op zichzelf. Vaak is er iets anders aan de hand, zoals een lastige thuissituatie of achterliggende problematiek. Daarom zoekt het RBL, samen met ouders, school en eventuele andere partners, naar oplossingen om het kind tot ontwikkeling te laten komen. Dit doen wij o.a. door te bepalen wie regie heeft in een casus (of deze zelf te nemen als regie ontbreekt), te monitoren hoe alles loopt, te ondersteunen in gesprekken en mee te denken en zoeken naar een geschikte plek. Het aantal thuiszitters in de regio is afgelopen schooljaar opnieuw gestegen, maar wel minder hard dan het jaar daarvoor.
Psychische gesteldheid wordt met name als oorzaak van het thuiszitten gezien. Kinderen en jongeren ervaren steeds meer druk en stress. Daarnaast lukt het in de regio nog niet voldoende om een dekkend onderwijs- en zorgaanbod te creëren. Dit ondanks de inspanningen van scholen, samenwerkingsverbanden, gemeenten, jeugdhulpaanbieders en andere partners. Zo zien we het inzetten van jeugdteammedewerkers in de scholen, het experimenteren met onderwijszorgarrangementen en de verschillende maatwerktrajecten op scholen als een grote meerwaarde. Als RBL hebben we ons het afgelopen schooljaar, naast het reguliere werk, ingezet in verschillende (sub)regionale werkgroepen en overleggen om samen tot goede oplossingen te komen. Naast het aantal thuiszitters is ook het aantal verzuimmeldingen gestegen. Deze verzuimmeldingen worden afgehandeld volgens de Methodische Aanpak Schoolverzuim (MAS). Afgelopen schooljaar is tijdens gesprekken en overleggen flink ingezet op het verbeteren van het meldgedrag van scholen. De focus ligt hierbij op schoolaanwezigheid. Het is van belang om al vroegtijdig te signaleren dat het niet goed gaat met een leerling. Door tijdig en goed te signaleren kan het RBL ook op tijd de nodige ondersteuning bieden. We zien dat dit op in ieder geval een deel van de scholen heeft geleid tot het beter en daarmee vaker melden van leerlingen.
3
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
In december 2023 is door bestuurders uit de regio bepaald dat een uitbreiding van de formatie noodzakelijk was om het werk goed te kunnen blijven doen. Deze uitbreiding heeft inmiddels plaats gevonden en maakt dat consulenten, ondanks de grote uitdagingen die er zijn, hun werk zo goed mogelijk kunnen blijven doen. Uit de feedback van scholen en ketenpartners blijkt dat de kennis, manier van communiceren en de creatieve oplossingen van consulenten zeer gewaardeerd wordt.
Mbo en voortijdig schoolverlaters In het voorkomen van voortijdig schoolverlaten werken veel partijen (scholen, gemeenten, het RBL) samen. Samen met de jongeren en ouders wordt ingezet op het voorkomen van uitval. Daar waar dat geen optie is, wordt zo mogelijk ingezet op begeleiding naar werk of andere vormen van begeleiding. De consulenten van het RBL hebben zich, samen met het mbo, ingezet om verzuim en schooluitval zo veel mogelijk te voorkomen. De consulenten werken zo veel mogelijk op locatie van het mbo, zodat samenwerken vanzelfsprekend wordt. Het percentage voortijdig schoolverlaters nam het afgelopen jaar af. Ook het verzuim van de mbo’ers daalde het afgelopen schooljaar. Jongeren zonder schoolinschrijving zijn in beeld bij het RBL; het RBL bereikt een groot deel van deze groep. De consulenten van het RBL zetten zich in om deze jongeren zo nodig begeleiding te bieden naar school en werk. Nieuwe voortijdig schoolverlaters blijken meer behoefte te hebben aan deze begeleiding. Dit schooljaar zijn weer meer jongeren benaderd. Er zijn veel jongeren gebeld en thuis bezocht. Met de meeste voortijdig schoolverlaters gaat het goed. Zij geven aan met veel plezier te werken. Vaak werken zij in loondienst of hebben een eigen onderneming. Op de krappe arbeidsmarkt zijn nog steeds veel kansen voor jongeren; ook zonder startkwalificatie.
Het afgelopen schooljaar is ook de voorbereiding op de nieuwe wetgeving ‘van school naar duurzaam werk’ gestart. Het doel van deze wet is zorgen voor meer gelijke kansen. Jongeren die het nodig hebben krijgen hulp in de stap van school naar werk. Ook zorgt de wet dat jongeren hulp krijgen als ze hun baan verliezen. De wet heeft invloed op de dienstverlening van mbo-instellingen, gemeenten en Doorstroompunt-regio’s omdat zij jongeren ondersteunen in deze stap. De ingangsdatum van deze wet is onlangs verschoven naar januari 2026, maar de voorbereiding gaat onverminderd door. Het RBL werkt daarin nauw samen met de arbeidsmarktregio en de scholen. Het RBL is zich aan het voorbereiden om jongeren in de toekomst jongeren langer te kunnen monitoren en begeleiden, zoals wordt voorgesteld in de nieuwe wet. De pilots voor de doelgroep 23-27 jaar geven daarvoor steeds meer inzichten.
4
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
Inhoudsopgave
Voorwoord .............................................................................................................................................. 2 Conclusie en reflectie ........................................................................................................................... 3 Primair- en Voortgezet Onderwijs ........................................................................................................ 3 Mbo en voortijdig schoolverlaters ........................................................................................................ 4 Inleiding: missie en leidende principes van het RBL ........................................................................ 7 Leidende principes ............................................................................................................................... 7 Juridische kaders ................................................................................................................................. 8 Samenwerking met partners ................................................................................................................ 8 Leeswijzer ............................................................................................................................................
8 Hoofdstuk 1 – Thuiszitters in het PO, SO en V(S)O ........................................................................... 9 1.1.
Cijfers en ontwikkelingen ......................................................................................................... 9
1.1.1.
Aantal thuiszitters gestegen, maar minder dan voorheen ................................................. 10
1.1.2.
Thuiszitters met schoolinschrijving aan het einde van het jaar nog volledig thuis ............ 10
1.1.3.
Psychische problematiek belangrijkste reden voor thuiszitten .......................................... 11
1.1.4.
Verklaringen voor stijging thuiszitters ................................................................................ 12
1.2.
Inzet van RBL op thuiszitters ................................................................................................. 13
1.2.1.
Twee consulenten per VO-school ..................................................................................... 13
1.2.2.
In gesprek over oorzaken verzuim en regie bepalen ........................................................ 13
1.2.3.
Op zoek naar een oplossing in een keten die op slot zit ................................................... 13
1.2.4.
Preventief inzetten en integraal arrangeren ...................................................................... 14
1.2.5.
Thuiszitters zonder een schoolinschrijving (absoluut verzuimers) .................................... 14
1.2.6.
Kinderen en jongeren met vrijstelling van de leerplicht ..................................................... 15
1.2.7.
Alle thuiszitters in beeld ..................................................................................................... 15
Hoofdstuk 2. Kortdurend verzuim in het PO en VO ......................................................................... 16 2.1.
Cijfers en ontwikkelingen ....................................................................................................... 16
2.1.1.
Gemeld verzuim in de regio opnieuw gestegen ................................................................ 16
2.1.2.
Verzuim in het primair onderwijs stijgt ............................................................................... 17
2.1.3.
Verzuim in het voortgezet onderwijs opnieuw gestegen ................................................... 17
2.2.
Inzet van RBL op kortdurend ongeoorloofd verzuim .......................................................... 19
2.2.1.
Elke school een verzuimconsulent .................................................................................... 19
2.2.2.
Verzuimmeldingen afhandelen volgens de MAS en in gesprek met ouders ..................... 19
2.2.3.
Meldgedrag bespreekbaar maken ..................................................................................... 19
2.2.4.
Verstandig omgaan met politiegegevens .......................................................................... 20
Hoofdstuk 3 – Voortijdig schoolverlaten .......................................................................................... 21 3.1.
Samenwerking in de regio ...................................................................................................... 21
3.2.
Cijfers en ontwikkelingen voortijdig schoolverlaters .......................................................... 22
3.2.1.
Inkomenspositie van voortijdig schoolverlaters ................................................................. 22
3.2.2.
Voorbereiden op nieuwe wetgeving .................................................................................. 23
3.2.3.
Jongeren in beeld .............................................................................................................. 23 5
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
3.3.
Inzet van het RBL bij voortijdig schoolverlaten ................................................................... 23
3.3.1.
Werkwijze .......................................................................................................................... 23
3.3.2.
Onze inzet: voortijdig schoolverlaters zijn in beeld ............................................................ 24
3.3.3.
De dagbesteding van benaderde vsv’ers .......................................................................... 25
3.3.4.
Onze inzet in de begeleiding van voortijdig schoolverlaters.............................................. 26
3.3.5.
Aantal begeleidingstrajecten is stabiel .............................................................................. 26
3.3.6.
Trajectbegeleiding is vaak duurzaam ................................................................................ 27
3.3.7.
Meer uitstromers Praktijk- en Speciaal onderwijs aan het werk ........................................ 28
3.3.8.
Pilots in voorbereiding op nieuwe wetgeving .................................................................... 29
3.3.9.
Het RBL ondersteunt en begeleidt schoolkeuze ............................................................... 30
3.4.
Regionale gemeentelijke vsv projecten ................................................................................ 30
Hoofdstuk 4 Verzuim op het mbo ...................................................................................................... 33 4.1.
Cijfers en ontwikkelingen ....................................................................................................... 33
4.1.1. 4.2.
Minder verzuim, maar aanwezigheid blijft een aandachtspunt ......................................... 33
Inzet van het RBL bij verzuim op het mbo ............................................................................ 36
4.2.1.
Werkwijze .......................................................................................................................... 36
4.2.2.
De inzet van het RBL om verzuim en uitval tegen te gaan ............................................... 37
4.2.3.
Samenwerking en inzetten op aanwezigheid .................................................................... 38
Hoofdstuk 5 Samenwerking met partners en feedback .................................................................. 39 5.1.
Feedback van jongeren en ouders en/of verzorgers ........................................................... 39
5.2.
Feedback van PO/VO scholen ................................................................................................ 39
5.3.
Feedback van het mbo ............................................................................................................ 40
5.4.
Feedback van ketenpartners .................................................................................................. 41
6
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
Inleiding: missie en leidende principes van het RBL We werken bij het RBL in opdracht van 11 gemeenten, als onderdeel van Holland Rijnland. Leidend hierbij is het beleidsplan 2022-2025. Hierin heeft het Algemeen Bestuur van Holland Rijnland de missie van het RBL als volgt vastgesteld:
Missie van het RBL Iedereen verdient kansen op onderwijs en ontwikkeling. Sommige kinderen en jongeren hebben steun nodig bij het grijpen van die kansen. Wij bieden die steun. Waar we spreken van kinderen en jongeren gaat het om de doelgroep van 5- tot 23-jarigen. Onze primaire inzet is dat alle jongeren tussen de 5 en 23 jaar die daartoe in staat zijn, onderwijs volgen tot zij een startkwalificatie hebben behaald. Wanneer dat op geen enkele manier haalbaar is, helpen we jongeren op andere manieren – richting werk, zorg of dagbesteding. Wanneer het recht op onderwijs in het gedrang komt, heeft het RBL bovendien een belangrijke signaalfunctie richting scholen en andere partners. De vier doelstellingen volgend uit deze missie en geformuleerd in het beleidsplan, zijn: 1. Steeds meer kinderen en jongeren volgen onderwijs. Als onderwijs niet passend is werken ze, of krijgen ze (jeugd)hulp. 2. Thuiszitters (primair, voortgezet en speciaal onderwijs) en voortijdig schoolverlaters (mbo) worden vaker toegeleid naar onderwijs, of – als onderwijs niet passend is – naar werk of hulpverlening. 3. Verzuimende leerlingen volgen na onze interventies vaker de lessen. 4. Jongeren, ouders, scholen en partners waarderen onze dienstverlening steeds beter.
Leidende principes Medewerkers van het RBL zetten zich in voor de missie van het RBL en werken daarbij allemaal volgens dezelfde leidende principes.
Leidende principes van het RBL 1. We werken vanuit het belang van de jongere. 2. We stimuleren de eigen kracht van de jongere. 3. We werken nauw samen met de jongere, ouders en netwerkpartners. 4. We zorgen daarbij dat de regierol altijd is belegd. 5. We werken resultaatgericht, gericht op onze operationele doelstellingen. 6. We handhaven met de intentie dat dit een positief effect heeft op de jongere. 7. We hebben alle jongeren in beeld. 8. We signaleren helder richting scholen, opdrachtgevende gemeenten en ketenpartners. 9. We proberen onszelf constant te verbeteren. 10. We helpen elkaar te groeien en werken prettig samen.
7
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
Juridische kaders De juridische kaders waarbinnen het Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland (RBL) opereert zijn de Leerplichtwet (voor minderjarigen) en de Doorstroompunt-wetgeving:
Leer- en kwalificatieplicht Alle kinderen in de leeftijd van 5 tot en met 15 jaar die in Nederland wonen, zijn leerplichtig. Zij moeten ingeschreven zijn op een school en onderwijs volgen op de school waar ze staan ingeschreven. De leerplicht duurt tot en met het einde van het schooljaar waarin het kind 16 jaar wordt. Met de kwalificatieplicht wordt de leerplicht verlengd tot de dag dat de leerling een startkwalificatie (minimaal diploma op havo of mbo2-niveau) heeft gehaald, of tot de dag waarop de leerling 18 jaar wordt.
Doorstroompunt-wetgeving Naast de Leerplichtwet voert het RBL de Doorstroompunt-functie uit, voor jongeren onder de 23 jaar. Doel van de Doorstroompunt-wetgeving is het scheppen van voorwaarden voor jongeren om de voor hen hoogst haalbare en meest passende onderwijs- en/of arbeidsmarktpositie te bereiken. De Doorstroompunt-functie omvat vier taken: Zorgdragen voor goede registratie van alle jongeren tussen 18 en 23 jaar die niet op school zitten en nog geen startkwalificatie behaald hebben. In beeld brengen en begeleiden van jongeren die zijn uitgevallen, gericht op terugleiden naar school, werk of een combinatie daarvan. Coördineren en initiëren van samenwerking tussen partijen die te maken hebben met deze jongeren en het onderhouden van dit netwerk. Alle jongeren in beeld houden die van het Praktijk- en Speciaal onderwijs afkomen.
Samenwerking met partners Het RBL kan haar doelstellingen niet alleen realiseren. Individuele gemeenten, scholen, schoolbesturen en samenwerkingsverbanden passend onderwijs dragen deze verantwoordelijkheid gezamenlijk met het RBL. Vanzelfsprekend spelen ouders en kinderen zelf hier ook een grote rol, evenals jeugd- en wijkteams, welzijnsorganisaties, de Jeugdgezondheidszorg (JGZ) en soms ook jeugdhulpaanbieders. Daarom heeft het RBL ook dit jaar intensief samengewerkt met partners in de regio.
Leeswijzer In dit jaarverslag rapporteert het RBL over haar inzet in schooljaar 2023-2024. De eerste twee hoofdstukken beschrijven onze inzet en resultaten in het Primair, Speciaal en Voortgezet (Speciaal) Onderwijs (PO, SO, en V(S)O), respectievelijk voor de doelgroep thuiszitters en voor het kortdurend verzuim. Daarbij is ook aandacht voor de belangrijkste cijfers en ontwikkelingen van afgelopen jaar. In de twee hoofdstukken die daarop volgen gaan we in op onze inzet en resultaten in het middelbaar beroepsonderwijs (mbo), namelijk voortijdig schoolverlaten en verzuim op het mbo.
8
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
Hoofdstuk 1 – Thuiszitters in het PO, SO en V(S)O In dit hoofdstuk lichten we de trends en de ontwikkelingen en de inzet van het RBL daarin toe voor de eerste twee doelstellingen van het beleidsplan, namelijk: ‘Steeds meer kinderen volgen onderwijs. Thuiszitters worden vaker teruggeleid naar het onderwijs of, als onderwijs niet passend is, toegeleid naar werk of hulpverlening’.
Definitieverheldering Voordat we ingaan op de cijfers en ontwikkelingen en onze acties is het van belang om enkele definities helder te hebben. De term thuiszitters is een verzamelnaam geworden voor kinderen en jongeren die om uiteenlopende redenen geen of niet volledig onderwijs volgen. Landelijk hanteren organisaties verschillende definities als het gaat om thuiszitters. De Onderwijsinspectie verstaat onder thuiszitters alle kinderen die geen schoolinschrijving en geen vrijstelling hebben en de leerlingen die langer dan 4 weken ongeoorloofd afwezig zijn op school. Het RBL verstaat onder thuiszitters alle kinderen die geen onderwijs volgen. Het gaat hierbij om kinderen tussen de 5 en 18 jaar zonder startkwalificatie. Dus niet alleen kinderen die op een school staan ingeschreven en langdurig ongeoorloofd niet naar school gaan, maar ook leerlingen die geoorloofd geen onderwijs volgen, kinderen die niet op een school staan ingeschreven en wel leerplichtig zijn (absoluut verzuim) en kinderen met een vrijstelling vanwege medische of psychische beperkingen (5 onder a). In de regio hanteren we deze bredere definitie om ervoor te zorgen dat alle kinderen in beeld zijn en de kans hebben op een zo goed mogelijke ontwikkeling. Achtergronden van deze keuze zijn te lezen in het rapport van Ingrado uit 2023: Ingrado - Iedere jongere heeft recht op ontwikkeling.
Overigens geldt voor veel thuiszitters dat er wel sprake is van hulp of een vorm van dagbesteding.
1.1. Cijfers en ontwikkelingen Hoewel elk kind dat geen onderwijs volgt er één te veel is, is het goed te benadrukken dat 98,6% van alle kinderen tussen de 5 en 18 jaar – die nog geen startkwalificatie hebben - ‘gewoon’ naar school gaat. We hebben het hier over bijna 60 duizend kinderen. 1,4% van de kinderen in onze regio volgde vorig schooljaar een periode van 3 maanden of langer geen onderwijs.
9
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
1.1.1. Aantal thuiszitters gestegen, maar minder dan voorheen Ruim 774 kinderen onder de 18 jaar uit onze gemeenten volgden volgens onze registratie vorig schooljaar een aaneengesloten periode van drie maanden of langer helemaal geen onderwijs. Deze groep is ten opzichte van vorig jaar (706 kinderen) opnieuw gestegen, maar wel minder hard dan vorig jaar. Het aantal leerplichtige thuiszitters zonder schoolinschrijving (zogenaamd ‘absoluut verzuim’) is gedaald: van 215 in 2022-2023 naar 189 in afgelopen schooljaar. Het aantal thuiszitters mét een schoolinschrijving liep voor het tweede jaar op rij wel op, van 268 naar 317. De stijging van het aantal thuiszittende kinderen is te verklaren, maar blijft een zorgwekkende ontwikkeling.
Aantal thuiszitters opnieuw gestegen Aantal thuiszitters, per type 900 800 700 600
222
268
Geen leerplicht, geen schoolinschrijving (vrijstelling 5 onder A)
189
Wel leerplicht, geen schoolinschrijving (geen laatste school of laatste school PO of VO)
500 400 300
197
216
Thuiszitters met schoolinschrijving
200
83
100
184
268
317
2022-2023
2023-2024
0 2021-2022
1.1.2. Thuiszitters met schoolinschrijving aan het einde van het jaar nog volledig thuis Een meerderheid (184) van de 317 thuiszitters met een schoolinschrijving volgt aan het eind van het jaar nog geen onderwijs. Voor bijna een derde (99) verandert de situatie wel ten goede. Dit tekent de weerbarstigheid van het probleem. Als kinderen eenmaal uit zijn gevallen, is terugleiden naar onderwijs ontzettend lastig. Voor bijna een derde (99) veranderde de situatie gelukkig wel ten goede. 38 van hen volgden aan het eind van het schooljaar weer deels onderwijs, veelal in de vorm van een opbouwschema. 61 kinderen volgden aan het eind van het schooljaar weer volledig onderwijs.
Thuiszitters met een schoolinschrijving Situatie aan het einde van het schooljaar 350 300
Nog open (0% onderwijs)
250
Verhuisd 184
200 177
150 100 50
110 1 3 11 23 28
5 3 1 11 30 30
2021-2022
2022-2023
Vrijstelling Geen info school meer
5 3 4 3 38
Einde leerplicht
61
Weer naar school
Gedeeltelijk naar school
2023-2024
10
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
1.1.3. Psychische problematiek belangrijkste reden voor thuiszitten Als RBL registreren wij de oorzaak van thuiszitten 1. Zo’n 340 kinderen volgen geen onderwijs omdat er sprake is van psychische problematiek. Vaak (225 kinderen) gaat het om internaliserende psychische problematiek (angst, depressie, eetstoornissen etc.). Bij 101 kinderen met een schoolinschrijving was juist externaliserende psychische problematiek de voornaamste reden van uitval. 24 kinderen volgen geen onderwijs vanwege oorzaken gerelateerd aan hoogbegaafdheid/hoogsensitiviteit. De groep kinderen die vanwege psychische problematiek geen onderwijs volgt, neemt de laatste jaren flink toe. Tot slot is een belangrijk deel van de thuiszitters ‘meervoudig beperkt’. Deze kinderen gaan dagelijks naar een instelling of wonen daar. Deze kinderen zijn vrijgesteld van de leerplicht, omdat er veelal geen onderwijsperspectief is.
Thuiszitters kampen vaak met psychische problematiek Oorzaken thuiszitters 900
800
700
600
55
Overig
52
8 46
Reden (nog) niet bekend
16
31
59
40
Verhuisd
46 30
500
400
300
206 8 6 10 36 15
172
Aangemeld op school, wacht op startmoment
Geen (overeenstemming over) passend onderwijs Meervoudige beperking
185 24 24 13 20
101
Fysieke oorzaak Psychisch, HoogBeg/HoogSens. Psychisch (externaliserend)
91 200
6 13
Psychisch (internaliserend)
59 225 186
100
Capaciteitsgebrek/wachtlijst passend onderwijsplek
131 8 2021-2022
8 2022-2023
14 2023-2024
1
De geregistreerde oorzaak is een subjectieve inschatting van de consulent, op basis van de informatie die hij/zij heeft. Het aantal ‘categorieën’ oorzaken is daarom bewust beperkt gehouden. Wij zijn immers geen arts en kunnen geen diagnose stellen.
11
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
1.1.4. Verklaringen voor stijging thuiszitters Vermoedelijk spelen meerdere zaken een rol in de stijging van het aantal thuiszitters.
Psychische gesteldheid jeugdigen Zoals hierboven aangegeven wordt psychische gesteldheid steeds vaker genoemd als reden voor thuiszitten. Het aantal jongeren met psychische problemen is de afgelopen jaren sterk toegenomen en die problemen worden bovendien steeds complexer. Volgens de Gezondheidsmonitor Jeugd 2023 geeft 50% van de jongeren aan zich (zeer) vaak gestrest te voelen door één of meerdere factoren. Meisjes hebben vaker psychische klachten en ervaren meer stress dan jongens. Jongeren ervaren steeds meer druk om te presteren. Zij voelen deze druk vanuit zichzelf of van anderen. Ook voelen steeds meer jongeren zich eenzaam. Zij kunnen zich eenzaam voelen ondanks een groot sociaal netwerk2. In de casuïstiek komen wij gameverslaving, gezinsproblematiek, sociale uitsluiting, (school)angst, ervaren druk en pesten veel tegen. Volgens onderzoek van Unicef ervaart een op de vier jongeren het vaakst stress door druk op school.3 Maar ook social media lijkt van invloed te zijn.
Nog geen dekkend aanbod van onderwijs en zorg in de regio Om kinderen binnen het onderwijs te houden is veelal extra ondersteuning nodig. Soms is dat extra begeleiding vanuit het onderwijs en/of jeugdhulp. Andere kinderen zijn gebaat bij kleinere klassen of maatwerkarrangementen. Het is aan de samenwerkingsverbanden passend onderwijs in de regio om hun aanbod zó vorm te geven, dat er een ‘dekkend netwerk’ van voorzieningen ontstaat. Innovatie en doorontwikkeling van het aanbod zijn nodig om dat dekkend netwerk te onderhouden. Zo kan voorkomen worden dat kinderen thuis komen te zitten. Idealiter kan het er zelfs voor zorgen dat thuiszitters weer wat onderwijs kunnen gaan volgen. Voorbeelden van innovaties in het dekkend netwerk zijn maatwerklassen, ambulante onderwijsvoorzieningen, toevoegen van zorg aan onderwijs (OnderwijsZorgArrangementen) of toevoegen van onderwijs aan zorg (ZorgOnderwijsArrangementen). In de regio zijn door samenwerkingsverbanden hier de afgelopen jaren al stappen in gemaakt. Toch is het nog niet voldoende gelukt om, samen met gemeenten, een dekkend aanbod te creëren. Met name voor de groep jongeren met externaliserende problematiek mist aanbod en passend onderwijs. Daarbij kampen jeugdhulpaanbieders en toegangsorganisaties met wachtlijsten, waardoor jeugdigen soms lange tijd moeten wachten totdat zij geholpen worden.
In de tussentijd zitten zij thuis, zonder invulling en een duidelijk plan voor terugkeer naar het onderwijs of toeleiding naar werk.
Verbeterd meldgedrag Ook dit schooljaar kunnen wij niet uitsluiten dat verbeterd meldgedrag van invloed is geweest op het aantal thuiszitters met een schoolinschrijving. Er is samen met de scholen en de samenwerkingsverbanden geïnvesteerd in het beter melden van thuiszitters. Ook de inzet van onze thuiszittersconsulenten draagt hieraan bij. Dit kan een opwaarts effect hebben gehad op de cijfers.
2 Gezondheidsmonitor Jeugd 2023 | Gezondheidsmonitor (monitorgezondheid.nl) 3
Geluk onder druk?' voor professionals- UNICEF
12
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
1.2. Inzet van RBL op thuiszitters Het RBL zet zich actief in om thuiszitten te voorkomen en te verminderen, zodat ieder kind zich zo goed mogelijk kan ontwikkelen. Dit is aanvullend op de wettelijke taken vanuit de Leerplichtwet.
1.2.1. Twee consulenten per VO-school Sinds het schooljaar 2022-2023 zijn aan elke VO-school twee consulenten gekoppeld. Eén van de twee consulenten houdt zich voornamelijk bezig met langdurig geoorloofd verzuimende leerlingen. De andere richt zich meer op het kortdurende verzuim, luxe verzuim, verlofaanvragen, etc. Deze werkwijze is in 2023-2024 voortgezet. Door consulenten wordt deze samenwerking als positief ervaren. Ook scholen zijn in overgrote meerderheid blij met de opsplitsing van taken naar de 2 consulenten. Dit blijkt uit een uitvraag die wij in juni 2024 deden. ‘We waarderen de korte lijnen, snelle reactie en actie. Prettige communicatie naar ouders en leerling. Denkt actief mee en kijkt ook toekomstgericht in het belang van de leerling.’ (VO-school)
1.2.2. In gesprek over oorzaken verzuim en regie bepalen Het RBL voert twee à drie keer per schooljaar met alle VO-scholen het gesprek over leerlingen die volledig thuiszitten en kinderen die structureel minder dan 50% van het onderwijs volgen. Alle POscholen is gevraagd om – wanneer het speelt – langdurig geoorloofd verzuim te melden bij het RBL. Ook met die scholen wordt vervolgens regelmatig contact gezocht. In de gesprekken met de scholen bespreken consulenten wat de oorzaak is van het (gedeeltelijk) thuiszitten, wat de huidige dagbesteding is, hoeveel onderwijs het kind nog volgt en of er sprake is van een wachtlijst voor onderwijs, jeugdhulp of een andere plek. Ook wordt expliciet stilgestaan bij de vraag of – en vanuit welke ketenpartner - de regie is belegd. Het is namelijk essentieel dat er een partij is die zich verantwoordelijk voelt voor de voortgang in de casus. Meestal is dat de school, maar vooral wanneer het kind al langer niet naar school gaat, is dit soms iemand uit het jeugdteam of de jeugdhulpverlener. Ook de JGZ kan de regie hebben. Als RBL vinden we het essentieel dat er altijd regie is. Indien deze ontbreekt en de casus stagneert, pakken we deze rol zelf op.
1.2.3. Op zoek naar een oplossing in een keten die op slot zit De intensiteit van onze betrokkenheid verschilt per casus. Wanneer er duidelijke afspraken zijn tussen school, ouder, kind en hulpverlening en een gezamenlijk beeld is van de ontwikkelmogelijkheden en te nemen stappen, hebben wij meestal een monitorende rol. Wanneer er onduidelijkheid of onenigheid is hebben we meer regisserende en sturende rol. Dit betekent dat wij anderen soms ook wijzen op hun verplichtingen of verantwoordelijkheid. Vanuit de neutrale positie tussen alle partijen (school, ouder, jeugdhulp) werken we toe naar de beste oplossing voor het kind – vanuit het recht op onderwijs en ontwikkeling. Dat blijft vaak een uitdaging voor de consulenten, omdat zij afhankelijk zijn van andere partijen en van (belemmerende) wet- en regelgeving. Ondanks dat zoeken we vooral naar mogelijkheden en creatieve oplossingen en stimuleren we onze ketenpartners dat ook te doen. ‘Positief over out of the box denken & luisteren naar wat een jongere nodig heeft.’ (ketenpartner).
13
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
1.2.4. Preventief inzetten en integraal arrangeren Juist omdat het terugleiden van thuiszitters naar onderwijs zo lastig is, is preventie zeer belangrijk. Sommige scholen maken tijdig en adequaat gebruik van externe partijen, zoals het samenwerkingsverband passend onderwijs, de JGZ, het RBL en de jeugdteams. We merken dat de gesprekken met de VO-samenwerkingsverbanden waarin casuïstiek wordt besproken daarin ook zeker helpen. Soms houden scholen de problematiek wel lang binnen de school. Zij kloppen dan pas aan als de situatie geëscaleerd en onhandelbaar is geworden. Op dat moment kan het RBL veelal minder betekenen. We investeren samen met andere partijen in ‘integraal arrangeren’ (goed samenwerken tussen school en ketenpartners teneinde een samenhangend aanbod van onderwijs/begeleiding/zorg aan te kunnen bieden). Door voor álle leerlingen met een ondersteuningsvraag een goed plan (OPP) te maken, wordt geborgd dat er planmatig samen wordt gewerkt tussen onderwijs en jeugdhulp. Afgelopen schooljaar is de handreiking ‘rollen, taken en verantwoordelijkheden voor professionals’ vastgesteld en verspreid. In het najaar van 2024 verschijnt een nieuwe versie hiervan om de samenwerking in de uitvoering nog verder te verbeteren.
Het RBL beheert als onderdeel daarvan de regionale afsprakenkaart, waarin alle partners zich committeren aan procesafspraken (‘wie doet wat wanneer’) bij verzuim of thuiszitten. Integraal arrangeren is op zichzelf echter niet voldoende, wanneer een dekkend aanbod ontbreekt. Capaciteitsgebrek in het (V)SO, wachtlijsten bij de toegangsorganisaties, tekorten in de jeugdhulp en onvoldoende aanbod op het snijvlak van onderwijs en zorg maakt het voor consulenten lastig hun werk te doen. Als RBL blijven we actief meedenken en werken in verschillende overleggen, werk- en regiegroepen van gemeenten en onderwijspartners om gezamenlijk oplossingen hiervoor te bedenken. We zijn hierin echter wel afhankelijk van externe factoren.
1.2.5. Thuiszitters zonder een schoolinschrijving (absoluut verzuimers) Wanneer minderjarige kinderen in onze gemeenten staan ingeschreven, maar geen schoolinschrijving hebben, krijgt het RBL een signaal dat er mogelijk sprake is van thuiszitten (‘absoluut verzuim’). Wij nemen contact op met de laatst bekende school en met ouder(s)/verzorgers om erachter te komen waarom het kind of de jongere niet staat ingeschreven. Het komt regelmatig voor dat het kind verhuisd is, maar nog niet is uitgeschreven uit de gemeente. Is dat niet het geval dan sturen wij vervolgens aan op een aanmelding. In het schooljaar 2022-2023 was er sprake van een grote stijging vanwege de komst van een grote groep Oekraïense vluchtelingen. Inmiddels is het aantal absoluut verzuimers weer gedaald. Vorig jaar ging het om 101 Oekraïense kinderen. Dit jaar zijn dat er nog 30. Als RBL ondersteunden wij gemeenten en onderwijs door maandelijks een update te sturen van het aantal nieuwkomers-kinderen per sub-regio dat (nog) zonder inschrijving is. Op deze manier hebben alle partijen een beeld van de opgave. Veel van het absoluut verzuim is binnen het schooljaar weer opgelost. Zo gaan 70 kinderen volledig naar school en zijn eveneens 34 kinderen inmiddels weer verhuisd uit de regio. 22 kinderen zijn 18 geworden en niet langer leerplichtig. Er resteert (dd.
1 augustus 2024) nog een groep van zo’n 51 leerplichtige minderjarigen zonder schoolinschrijving, maar sommigen van hen zitten wel al in een proces om tot een inschrijving te komen. Ook bij kinderen zonder schoolinschrijving speelt de wachtlijstproblematiek voor onderwijs en zorg, waardoor zij nog niet kunnen worden ingeschreven op een school. Bij een aantal kinderen speelt dermate veel problematiek dat onderwijs nog niet aan de orde is. Een beroep op vrijstelling is dan een vervolgstap.
14
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
1.2.6. Kinderen en jongeren met vrijstelling van de leerplicht In onze regio zijn 268 kinderen met een vrijstelling van de leerplicht (vrijstelling 5 onder a). De meesten van hen gaan dagelijks naar een instelling of wonen daar. Wij hebben afspraken met de instellingen in onze regio en de samenwerkingsverbanden om jaarlijks met elkaar te bekijken of deze vrijstellingen verlengd moeten worden. Een deel van deze kinderen is vrijgesteld van de leerplicht tot ze 18 jaar worden. Voor de vrijstellingsaanvragen die niet via een instelling komen hebben we afspraken gemaakt met de JGZ en Quistet om ons te adviseren over het al dan niet afgeven van de vrijstelling. Er is namelijk altijd een verklaring nodig van een onafhankelijk arts. We evalueren deze samenwerking en de afspraken daarin.
1.2.7. Alle thuiszitters in beeld Zoals eerder aangegeven hanteren het RBL en de regio een bredere definitie van thuiszitten dan landelijk of in andere regio’s gebeurt en kijken wij ook een andere manier naar schoolverzuim. Schoolverzuim staat vrijwel nooit op zichzelf en straffen is daarbij lang niet altijd de oplossing. Daarom zoekt het RBL samen met ouders, school en – indien nodig – andere partijen samen naar oplossingen om tot ontwikkeling te komen. Meer hierover is te lezen in het rapport van Ingrado uit 2023: Ingrado Iedere jongere heeft recht op ontwikkeling. Om ervoor te zorgen dat er een oplossing komt voor alle kinderen die thuiszitten, dienen deze kinderen wel in beeld te zijn. Daarom registreert het RBL deze kinderen en de oorzaken van uitval. Waarom vallen kinderen uit? Om welke doelgroep kinderen gaat het? En wat zouden kinderen nodig kunnen hebben om wél gedeeltelijk of volledig onderwijs te volgen of zich op een andere manier te ontwikkelen? Deze trends delen wij met het onderwijs, gemeenten en andere partijen. De data delen we, daar waar wettelijk gezien mogelijk vanuit privacybescherming, met relevante partijen om zo goed mogelijk casusoverleg te kunnen voeren en om samen slimme manieren te bedenken om thuiszitten zoveel mogelijk tegen te gaan.
15
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
Hoofdstuk 2. Kortdurend verzuim in het PO en VO Waar met het beleidsplan 2022-2025 ook aandacht is gekomen voor thuiszitters/langdurig verzuim, houdt het RBL zich vanzelfsprekend daarnaast nog altijd bezig met kortdurend ongeoorloofd verzuim. Kinderen die vaak verzuimen van school hebben namelijk een grotere kans om uit te vallen. Bovendien is het tegengaan van kortdurend ongeoorloofd schoolverzuim (van minderjarigen) een wettelijke taak van het RBL. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste cijfers en ontwikkelingen rond en onze inzet op doelstelling 3 van het beleidsplan beschreven, namelijk: ‘Verzuimende leerlingen uit het PO en VO volgen na onze interventies vaker de lessen’.
2.1. Cijfers en ontwikkelingen 2.1.1. Gemeld verzuim in de regio opnieuw gestegen Vorig schooljaar zijn 23 op de1000 ingeschreven kinderen (2,3%) bij ons gemeld voor verzuim. Net als voorgaande jaren werden in Leiden – met 3,4% van de ingeschreven kinderen tussen de 5 en 18 jaar (34 op de 1000 jongeren) – relatief de meeste kinderen gemeld. In de meeste gemeenten is het aantal gemelde kinderen gestegen ten opzichte van het afgelopen jaar. Hillegom, Voorschoten en Zoeterwoude zijn hier een uitzondering op. Over het algemeen lag het aandeel gemelde kinderen in de Duin- en Bollenstreek wat lager dan in de Leidse regio. Dit kan te maken hebben met de samenstelling van de bevolking in die gemeenten, maar ook met verschillen tussen scholen. Mochten scholen in de Duin- en Bollenstreek bijvoorbeeld ‘terughoudender’ melden dan scholen in de Leiden, dan beïnvloedt dat de verschillen in verzuimcijfers tussen die gemeenten. Het RBL stuurt niet op verzuim per gemeente, maar op verzuim per school. Het verzuimbeleid wordt immers op schoolniveau ingericht, niet op gemeenteniveau.
Aandeel POVO jongeren (5-18 jaar) dat 1 of meerdere keren is gemeld voor verzuim Per gemeente, per 1000 ingeschreven jongeren 40 35 30 25 20 15 10 5 0
34 25 16
24 19
2019-2020
17
2020-2021
2021-2022
20
17
2022-2023
16
16
20
23
2023-2024
In de volgende paragraaf zoomen wij verder in op het verzuim in het PO (en SO), daarna gaan we in op het VO en VSO.
16
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
2.1.2. Verzuim in het primair onderwijs stijgt Afgelopen jaar ontvingen wij 174 verzuimmeldingen vanuit het PO (over 155 personen). Dit is meer dan vorig jaar. Ook het aantal meldingen voor ‘luxe verzuim’ neemt toe. Het gaat hierbij om kinderen die vlak voor of vlak na schoolvakanties niet op school verschijnen, vermoedelijk omdat zij eerder dan wel langer op vakantie zijn. Deze toename van het luxe verzuim vormt ook de verklaring voor de toename van het aantal opgemaakte processen-verbaal (PV). In de afgelopen vijf jaar maakten wij niet eerder zoveel PV’s op richting ouders van basisschoolleerlingen als in het afgelopen schooljaar. Er staan nog 21 meldingen open. Het betreft hier vooral meldingen van verzuim die vlak voor de schoolvakantie binnen kwamen en nog niet zijn afgerond. Mogelijk dat hier dus nog meer PV’s uit voort zullen komen. Het aantal verzuimmeldingen dat wij vanuit het PO ontvangen ligt nog altijd laag. Het is de vraag of er echt zo weinig ongeoorloofd wordt verzuimd op het primair onderwijs. Sommige kinderen worden wel met grote regelmaat ziekgemeld door hun ouders, wat in eerste instantie als geoorloofd verzuim wordt vastgelegd en niet bij het RBL kan worden gemeld. Toch kan dit verzuim problematisch worden en resulteren in een thuiszitter. Dan komt het RBL pas in beeld als het kind al voor een groot deel thuis zit.
Toch zien we dat het meldgedrag van PO-scholen wel is verbeterd. Hier sturen wij ook actief op aan, bijvoorbeeld in overleggen, tijdens onze schoolbezoeken en in nieuwsbrieven.
2.1.3. Verzuim in het voortgezet onderwijs opnieuw gestegen In het afgelopen schooljaar werd er flink meer verzuim gemeld door scholen uit het VO (inclusief PRO en VSO) dan in het schooljaar ervoor, namelijk 2131 meldingen voor 1118 personen. Soms waren dit meerdere meldingen per persoon. Waarschijnlijk is een groot deel van de stijging te verklaren vanwege beter meldgedrag. Zo is op een aantal scholen preventief ingezet op het tegengaan van verzuim, waarbij verzuim al bij minder uren werd gemeld. Op sommige scholen werd in het verleden te weinig gemeld. Dit is afgelopen schooljaar verbeterd, waardoor we dit verzuim beter in beeld hebben en er ook op geacteerd kan worden.
Stijging verzuim VO zet door Aantal personen met minimaal 1 verzuimmelding, per schooltype 1118
1200 921
1000 800 600
754 587
560
400 200 0 2019-2020
2020-2021
2021-2022
2022-2023
2023-2024
Verzuimrecidive en handhaving Bij recidive zijn we soms genoodzaakt handhavend op te treden. Zeker wanneer er geen complexe problematiek speelt. Vergeleken met vorige jaren kozen we vaker voor doorverwijzen naar Halt. Het RBL kan jongeren van 12 tot 18 jaar naar Halt verwijzen, wanneer er sprake is van minimaal 12 uur afwezig/te laat en maximaal 60 uur afwezig/te laat. Bij Halt gaat de jongere starten met een Halttraject. Meestal bestaat het traject uit meerdere gesprekken bij Halt met jongere en ouder(s), een digitale leeropdracht over het spijbelgedrag en tot slot een gesprek op school en/of thuis, waarin afspraken worden gemaakt over de toekomst. Er kan ook een werkstraf worden opgelegd. Het doel 17
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
van Halt is om ervoor te zorgen dat de jongere in de toekomst betere keuzes kan maken. Het is een preventieve interventie, die ervoor kan zorgen dat jongeren niet in aanraking komen met Justitie. De jongere mag maar één keer naar Halt voor schoolverzuim. Juist om te voorkomen dat jongeren gelijk strafrechtelijk vervolgd worden met een proces-verbaal, is het belangrijk dat scholen tijdig melden. Als verzuim gemeld wordt na de 60 uurs-grens is een traject bij Halt niet meer mogelijk.
Verzuimrecidive VO gestegen Na constatering van verzuim nog eens gemeld 20% 15%
16% 13%
11%
10%
11%
10% 5% 0% VO 2019-2020
2020-2021
2021-2022
2022-2023
2023-2024
Niet al het verzuim vraagt om actie Zo’n 40% van alle V(S)O meldingen wordt niet ter hand genomen door onze consulenten. Soms geeft school aan dat geen actie vereist is, of is er al lopend contact met leerling, ouders en ketenpartners op basis van een eerdere melding. Soms is in de melding al te zien dat het verzuim niet ongeoorloofd is. In dat geval wordt de casus indien nodig overgedragen aan de consulent thuiszitters.
Stijgend aantal meldingen VO Aantal meldingen vanuit VO, naar afdoening 1800 1600
4 104
1400
243
Niet behandeld: overig
13 77
1200
186
1000 15 40 800 600 400 200
Nog open
10 33 109 10 123 5 46
22 44 117 39 45 57 228
149 79 83 2 74
107 64 1 101
225 95 2 142
214
Geen actie gewenst door consulent Geen actie gewenst door school Leerling wordt uitgeschreven
490 PV/Halt
432 249
Waarschuwing gegeven
225 124
Niet behandeld: verzuim niet ongeoorloofd
246
249
316 Afspraken gemaakt
2019-2020 2020-2021 2021-2022 2022-2023 2023-2024
18
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
2.2. Inzet van RBL op kortdurend ongeoorloofd verzuim 2.2.1. Elke school een verzuimconsulent De eerste verantwoordelijkheid voor het stimuleren van schoolaanwezigheid en het aanpakken van verzuim ligt bij de school. Als RBL ondersteunen we de school bij het voorkomen van verzuim en uitval. Aan iedere school was ook afgelopen schooljaar een verzuimconsulent verbonden. Om goede afspraken te maken is er een jaarlijks schoolbezoek geweest op zowel de PO-scholen als de VOscholen. Daarnaast is er een startgesprek aan het begin van het schooljaar geweest op de VOscholen waar de verschillende ketenpartners afspraken maakten over de samenwerking op de scholen. Consulenten voeren preventieve gesprekken op de scholen en adviseren hen bij beginnend verzuim om te voorkomen dat het verzuim oploopt. ‘Ze is punctueel en zorgvuldig in de samenwerking en omgang met leerlingen en ouders, precies zoals wij gewend zijn te werken. Dus dit past prima bij onze werkwijze. Heerlijk!’ (VO-school)
2.2.2. Verzuimmeldingen afhandelen volgens de MAS en in gesprek met ouders Als een minderjarige leerling minimaal 16 uur in 4 weken verzuimt is de school wettelijk verplicht een verzuimmelding te doen bij DUO. De school geeft daarbij ook aan of actie gewenst is. Via DUO komt de melding bij het RBL binnen. Onze consulenten hebben 174 verzuimmeldingen voor het PO verwerkt en 1118 meldingen voor het VO. Dit is een grote hoeveelheid meldingen. Naar aanleiding van een VO-melding stemt het RBL af met school en gaat de consulent waar nodig met de leerling en ouder(s)/verzorger(s) in gesprek om de reden van het verzuim te bepalen. Verzuim kan namelijk een signaal zijn van achterliggende problematiek. In alle gevallen gaat het RBL samen met de leerling, ouder(s)/verzorger(s) en eventueel andere instanties op zoek naar een oplossing om het verzuim terug te dringen.
‘Ze dur zaken die gevoelig kunnen liggen heel goed te verwoorden.’ (VO-school) In het gesprek met de leerling en ouder(s)/verzorger(s) gaan onze consulenten altijd na of het verzuim verwijtbaar is. Dit is niet altijd het geval. Wanneer het verzuim verwijtbaar is, maakt het RBL meestal afspraken om het verzuim te stoppen. Een officiële waarschuwing kan dan op zijn plaats zijn. Wij wijzen jongeren er dan op dat nogmaals verzuimen zou kunnen leiden tot een Halt-verwijzing of proces-verbaal. Wanneer het verzuim continueert, kan handhaven passend zijn. Het RBL handhaaft alleen bij het vermoeden dat dit een positief effect heeft op de leerling en ouder(s)/verzorger(s). Wij volgen hierin de landelijke richtlijnen, zoals geformuleerd in de MAS (Methodische Aanpak Schoolverzuim).
2.2.3. Meldgedrag bespreekbaar maken Voor het RBL is het van groot belang dat scholen verzuim tijdig en goed melden. Hierdoor kan eerder, samen met school, leerling en ouder(s)/verzorger(s) naar een oplossing worden gezocht. Ook is het hierdoor nog mogelijk om daar waar passend een Halt traject in te zetten. Tijdens schoolbezoeken, in nieuwsbrieven en in overleggen vragen we hier constant aandacht voor. Dit heeft in ieder geval bij een gedeelte van de scholen voor beter meldgedrag gezorgd afgelopen schooljaar. Ook lijken scholen, met de komst van de speciale consulent thuiszitters, beter te weten wanneer het niet om ongeoorloofd 19
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
verzuim maar om langdurig geoorloofd verzuim gaat. Zij bespreken deze leerlingen dan met de consulent op school en melden dit minder als verzuim. Dit is een goede ontwikkeling, omdat we dan beter zicht hebben op de verschillende doelgroepen.
‘Ze is vriendelijk en wil het beste voor de leerling. Kent de wegen en stappen goed en kan daarin goed meedenken.’ (VO-school)
2.2.4. Verstandig omgaan met politiegegevens Holland Rijnland wil vanzelfsprekend de privacy van inwoners zo goed mogelijk beschermen. Naast de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) geldt voor het RBL ook de Wet op de Politiegegevens (WPG). In het afgelopen schooljaar zijn grote stappen gezet in de naleving van deze wet. Zo is een interne audit geweest en zijn de verbeterpunten die daaruit kwamen opgepakt. Ook is de voorbereiding voor de externe audit begin 2025 in gang gezet.
20
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
Hoofdstuk 3 – Voortijdig schoolverlaten ‘Het is belangrijk om schooluitval vroegtijdig aan te pakken. Jongeren zonder startkwalificatie hebben meer moeite om aansluiting te vinden op de arbeidsmarkt en lopen een groter risico om bij criminele activiteiten betrokken te raken. Mensen zonder een startkwalificatie hebben ook hogere zorgkosten. Het is dus niet alleen nadelig voor de jeugdige zelf, maar ook voor de samenleving. Hoe voorkomen we dat leerlingen zonder onderwijs thuis komen te zitten?’ (NJI) Het Nederlands Jeugdinstituut geeft een uitgebreid overzicht van de verschillende factoren die een rol spelen bij voortijdig schoolverlaten.4 Uit onderzoek van het ROA onder duizenden jongeren blijkt dat uitval vooral wordt veroorzaakt doordat de opleiding inhoudelijk anders is dan verwacht of doordat er sprake is van persoonlijke/psychische of gezondheids- problemen.5 Uit recent onderzoek blijkt dat prestatiedruk en stress ook een rol spelen.6 In dit hoofdstuk lichten we de ontwikkelingen en de inzet van het RBL toe voor de eerste twee doelstellingen van het beleidsplan. Namelijk: steeds meer kinderen volgen onderwijs én voortijdig schoolverlaters worden vaker teruggeleid naar het onderwijs of, als onderwijs niet passend is, toegeleid naar werk of hulpverlening.
De inzet van het RBL is zowel gericht op nieuwe vsv’ers (uitgevallen in het huidige schooljaar), als op oude vsv’ers (uitgevallen in eerdere schooljaren). Cijfers en analyses over het aantal nieuwe vsv’ers in de regio rapporteert het RBL altijd in de jaarlijkse vsvanalyse in maart.7
3.1.
Samenwerking in de regio
Bij het tegengaan van voortijdig schoolverlaten (vsv) werken veel verschillende partijen en mensen samen. Jongeren zijn natuurlijk eerst zelf verantwoordelijk voor hun schoolloopbaan. Ook hun sociale netwerk is een belangrijke factor. Daarnaast hebben docenten, mentoren en begeleiders op school een belangrijke rol. Zij hebben dagelijks contact met hun studenten. Door hun inzet, aandacht en inspiratie dragen zij bij aan het voorkomen van voortijdige schooluitval. Bovenop deze samenwerking worden extra maatregelen ingezet in het regionale vsv-programma 2021-2024.8 In dit programma wordt in regionaal verband samengewerkt door mbo-instellingen, gemeenten en ketenpartners om voortijdig schoolverlaten tegen te gaan. Vanaf 2020 financieren onze 11 gemeenten, aanvullend aan het regionale vsv-programma, gezamenlijk een aantal vsv-projecten en een maatwerkbudget (scholing op maat voor vsv’ers). Het doel hiervan is het voorkomen en verder terugdringen van voortijdig schoolverlaten. De projecten en het maatwerkbudget richten zich met name op kwetsbare jongeren. Het RBL is beheerder van de middelen en zorgt voor de inhoudelijke afstemming met gemeenten. De gemeenten beslissen over de inzet (zie ook paragraaf 3.4). Voortgang en monitoring van zowel regionale als gemeentelijke vsv-projecten vindt plaats in de Regiegroep vsv, waarin bestuurders van gemeenten en het onderwijs participeren.
Hierdoor worden de projecten in samenhang ingezet.
4
Wat werkt bij schoolverzuim en voortijdig schoolverlaten? | Nederlands Jeugdinstituut (nji.nl)
5 Schoolverlatersonderzoeken | School leaver surveys | ROA 6 Rapport Als je door de bomen het bos niet meer ziet - Trimbos-instituut 7
Over het RBL - Holland Rijnland
8 In verband met de veranderende Doorstroompunt-wetgeving, te verwachten vanaf 2026, zal het VSV-programma verlengd
worden. Het nieuwe vsv-programma zal naar verwachting starten in januari 2026.
21
Jaarverslag Regionaal Bureau Leerrecht Holland Rijnland, 2023-2024
In de “Aanpak jeugdwerkloosheid”9 werken de gemeenten, mboRijnland, UWV10, SBB11 en het RBL sinds drie jaar regionaal samen om de gevolgen van de Coronacrisis voor jongeren op te vangen. De verbeterde situatie op de arbeidsmarkt heeft gezorgd voor een herijking van de doelen van deze samenwerking. Hierbij wordt met name ingezet op de kwetsbare jongeren. Het Doorstroompunt heeft in dit kader de aanpak van het huisbezoekenteam voortgezet (zie paragraaf 3.3.1). In verband met uitstel van de inwerkingtreding van de wet “van school naar duurzaam werk” (tot waarschijnlijk 1 januari 2026), wordt de “Aanpak jeugdwerkloosheid” met een jaar verlengd. Het RBL bereidt zich onverminderd voor op deze nieuwe wetgeving. De wet zal invloed hebben op de dienstverlening van het RBL. Zo zal de Doorstroompunt-leeftijd uitgebreid worden van 23 naar 27 jaar (zie paragraaf 3.2.2). De nieuwe wet stelt ook eisen aan de samenwerking tussen de “vsv-regio” en de “arbeidsmarktregio”. Vanaf 2024 werken het Doorstroompunt en de arbeidsmarktregio samen, om voorbereidende stappen te zetten voor de wetswijziging.
3.2. Cijfers en ontwikkelingen voortijdig schoolverlaters 3.2.1. Inkomenspositie van voortijdig schoolverlaters Op 31 juli 2024 had 55% van alle vsv’ers inkomsten van meer dan € 580,- per maand uit loondienst. Dit is ongeveer eenzelfde percentage als de voorgaande twee jaren. Wij ontvangen informatie over de inkomenspositie van onze doelgroep via SUWINET, een elektronische infrastructuur voor gemeenten om hun wettelijke taak te kunnen uitoefenen. Op basis van deze informatie kunnen wij onze doelgroep (jongeren in kwetsbare positie) scheiden van de vsv’ers die werk hebben en zelfstandiger in hun levensonderhoud kunnen voorzien.12 Het percentage werkende vsv’ers is de afgelopen jaren hoger. De arbeidsmarkt is nog steeds “krap”, er zijn personeelstekorten in alle sectoren. Voor jongeren zijn de mogelijkheden groot. Dit zorgt voor kansen, maar ook voor “groenpluk”13: jongeren die te vroeg stoppen met school omdat de arbeidsmarkt aantrekkelijk is.
Veel vsv'ers hebben werk Aandeel van alle vsv'ers op 31 juli, naar inkomenspositie 60% 50% 40% 30% 20% 10% 0%
55% 55% 55% 47% 44%
40%
35% 36% 35%
45%
13% 11% 10%
Geen of weinig werk, geen uitkering 2020
9
Werk 2021
2022
9% 10%
Uitkering 2023
2024
https://www.rijksoverheid.nl/documenten/publicaties/2021/07/06/werkagenda-jeugdwerkloosheid
10 UWV staat voor Uitvoeringsinstituut Werknemersverzekeringen. 11 Samenwerkingsorganisatie Beroepsonderwijs (SBB) werkt samen met diverse partners uit het onderwijs en het bedrijfsleven
aan optimale aansluiting van het beroepsonderwijs op de arbeidsmarkt. 12 Afgelopen jaar zijn de SUWI categorieën aangepast. Vorig jaar werden jongeren met een inkomen van €300 euro gezien als jongeren met weinig inkomen. Deze grens is het afgelopen jaar opgehoogd naar €580,-. Om gegevens te kunnen vergelijken heeft het RBL de tabel aangepast aan de nieuwe categorieën. 13 Definitie: van groenpluk is sprake als een student een aanstelling krijgt en nog voordat hij start bekwaam is op een school aan de slag gaat.