D06 VRHM, Vastgesteld beleidsplan Veiligheidsregio Hollands Midden.pdf
Tekst van het document
Hoofdstuk 2.3.2: Onze (beperkte) capaciteit moet daar ingezet worden waar de risico’s voor de verstoring van een gezonde en veilige leefomgeving voor mens en dier het grootst zijn.
Leiderdorp Lisse
Nieuwkoop
Noordwijk
Oegstgeest
Regionaal Beleidsplan is pas onlangs behandeld in de raad, dus reactie zit nog in het proces. De raad wil tijdig en met redenen omkleed geïnformeerd worden wanneer aanvullende financiële middelen noodzakelijk zijn. Tijdig betekent in dit verband een maand voordat het AB van de veiligheidsregio de begrotingswijziging vaststelt. Daarbij zal de raad van de gemeente Lisse terughoudend en zeer kritisch zijn als het gaat om de vraag om aanvullende financiële middelen. De gemeenteraad heeft besloten in te stemmen met het Regionaal Beleidsplan 2024-2027. Wel belangrijk om in goede samenwerking met elkaar een weg te vinden met een beleidsplan waar zekerheid minder ruimte krijgt en meer flexibiliteit belangrijker is. Vanuit de gemeenteraad worden de volgende twee onderwerpen genoemd om explicieter opgenomen te worden in het RBP: 1) Arbeidsmarkt; 2) Zorg voor vrijwilligers.
De gemeenteraad vind het RBP een prima stuk, maar geeft wel een aantal aandachtspunten mee: • • • •
Veiligheid voor hulpverleners komt nu niet echt terug in RBP, wel graag aandacht daarvoor; Bijhouden van vakbekwaamheid is een uitdaging vanwege kortere dienstverbanden; Graag focus aanbrengen middels de jaarplannen; Financiën: de focus met name in de eerste jaren moet liggen op investeren op nieuwe ontwikkelingen want vanaf 2026 zal er minder geld beschikbaar zijn
Nog niet van toepassing. Indien aanvullende middelen noodzakelijk zijn, wordt het bestuur een uitgewerkt voorstel (met keuzemogelijkheden) aangeboden. De eventuele financiering hiervan vindt plaats via de reguliere begrotingscyclus (kadernota en programmabegroting). VRHM herkent en erkent het belang van een goede samenwerking in tijden van minder zekerheid en meer flexibiliteit.
De genoemde onderwerpen herkent VRHM als aandachtspunten. De krapte op de arbeidsmarkt zorgt voor uitdagingen in het op peil houden van de capaciteit. Tegelijkertijd is het belangrijk om de collega’s die binnen zijn ook voldoende aandacht te geven. Dit wordt onder andere opgepakt onder opgave 6 van het RBP. Het vinden, binden en boeien van brandweercollega’s (zowel vrijwillig als beroeps) is een belangrijk aandachtspunt. Zorg voor vrijwilligers is hier ook één van de thema’s. VRHM herkent de genoemde aandachtspunten een heeft hier ook zeker aandacht voor. Veiligheid voor hulpverleners is niet alleen binnen VRHM, maar landelijk een belangrijk thema. VRHM houdt de ontwikkelingen hierop goed in de gaten. Daarnaast blijft vakbekwaamheid een thema. Opgave 5 van het RBP richt zich specifiek hierop. De uitdaging van de kortere dienstverbanden is bekend en
Op dit moment niet van toepassing. Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
en zal er dus opnieuw gekeken moet worden naar de financiering. De raad wordt daar graag bij betrokken.
Teylingen
De raad wil tijdig geïnformeerd worden wanneer aanvullende financiële middelen noodzakelijk zijn.
Voorschoten
De raad heeft besloten in te stemmen met het Regionaal Beleidsplan VRHM 2024-2027 en de besproken visie op het beleidsplan mee te geven aan de burgemeester voor de bespreking en besluitvorming in het Algemeen Bestuur van VRHM. In de commissievergadering is steun uitgesproken voor het voorstel, en de commissie benoemt daarbij eerdere aandachtspunten vanuit Voorschoten zoals vergrijzing en mate van zelfredzaamheid, een financieel realistische aanpak, afbakening t.o.v. andere gemeenschappelijke regelingen en invloed van digitale systemen in de fysieke leefomgeving.
Waddinxveen
Zoeterwoude
De gemeenteraad kan zich vinden in de gekozen opzet. Veiligheidsregio Hollands Midden kiest bij de opzet voor een compacte beleidsagenda waarin 12 opgaven worden genoemd. De gemeenteraad steunt deze keuze. De gemeenteraad besluit:
wordt ook opgepakt in verschillende activiteiten uit het jaarplan. Dit is dan ook het document waar de focus van de 12 opgaven in wordt aangebracht. Met betrekking tot de financiën wordt het bestuur, indien aanvullende middelen noodzakelijk zijn, een uitgewerkt voorstel aangeboden. De eventuele financiering hiervan vindt plaats via de reguliere begrotingscyclus (kadernota en programmabegroting). Indien aanvullende middelen noodzakelijk zijn, wordt het bestuur een uitgewerkt voorstel (met keuzemogelijkheden) aangeboden. De eventuele financiering hiervan vindt plaats via de reguliere begrotingscyclus (kadernota en programmabegroting). VRHM herkent de genoemde aandachtspunten. Dit zijn onderwerpen die op het jaarplan 2024 staan of al vanuit het jaarplan 2023 worden opgepakt. Met betrekking tot een financieel realistische aanpak kan worden gemeld dat indien aanvullende middelen noodzakelijk zijn, een uitgewerkt voorstel aangeboden. De eventuele financiering hiervan vindt plaats via de reguliere begrotingscyclus (kadernota en programmabegroting). Niet van toepassing.
Indien aanvullende middelen noodzakelijk zijn, wordt het bestuur een
Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
•
Zuidplas
In te stemmen met het concept Regionaal Beleidsplan VRHM 2024-2027; Aan de VRHM mee te geven dat de gemeenteraad van Zoeterwoude tijdig meegenomen en geïnformeerd wil worden indien aanvullende financiële middelen noodzakelijk zijn. De gemeenteraad geeft geen op- en aanmerkingen mee aan de burgemeester voor de bespreking en besluitvorming in het Algemeen Bestuur van VRHM.
uitgewerkt voorstel (met keuzemogelijkheden) aangeboden. De eventuele financiering hiervan vindt plaats via de reguliere begrotingscyclus (kadernota en programmabegroting). Niet van toepassing.
Niet van toepassing.
Jaarplan 2024 De eerste stap op weg naar morgen
2
Jaarplan 2024 De eerste stap op weg naar morgen
Datum: Auteurs:
27 februari 2024 Afd. Strategie & Beleid
3
Inhoud
1
Samenvatting ...................................................................................................... 5
2 2.1 2.2
Inleiding ............................................................................................................... 7 Regionaal Beleidsplan 2024-2027 ...................................................................................... 7 Insteek Jaarplan 2024 ......................................................................................................... 7
3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5 3.6
Hoofdtaken VRHM ............................................................................................... 8 Risico- en crisisbeheersing (RCB)....................................................................................... 8 Brandweerzorg .................................................................................................................... 8 Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de regio (GHOR) ......................................... 9 Bureau gemeentelijke crisisbeheersing (BGC) ................................................................... 9 Meldkamerfunctie .............................................................................................................. 10 Bedrijfsvoering ................................................................................................................... 10
4 4.1 4.2
Ontwikkelopgaven 2024 .................................................................................... 11 Twaalf opgaven ................................................................................................................. 11 Monitoring voortgang ......................................................................................................... 23
Bijlage 1: Overzicht Programmabegroting 2024 ............................................................................ 24
4
1 Samenvatting Het jaarplan 2024 is anders ingestoken dan voorgaande jaren. Het Regionaal Beleidsplan 2024-2027, met het karakter van een beleidsagenda, is hiervoor de basis. Onder de twaalf ontwikkelopgaven uit het beleidsplan zijn in dit jaarplan 27 activiteiten geformuleerd. Maar de ontwikkelopgaven zijn maar een deel van het werk wat de veiligheidsregio doet. Dus naast deze opgaven wordt ook het going concern van VRHM belicht op basis van de hoofdtaken. De 27 activiteiten die in 2024 worden opgepakt ter realisatie van de ontwikkelopgaven uit het beleidsplan zijn in onderstaande tabel opgesomd. Ontwikkelopgave uit beleidsplan
Voorgenomen activiteit
1. Wij hebben positie in het omgevingsrecht
Monitoren en analyseren aanvragen en adviezen 2024-1a onder het nieuwe omgevingsrecht Monitoren start- en vakbekwaamheid adviseurs in 2024-1b het kader van het nieuwe omgevingsrecht Opvolgen conclusies en aanbevelingen 2024-2a zorgrisicoprofiel Verbeteren cyclisch risicomanagement 2024-2b
2. Wij werken risicogericht
Nr.
Samenstellen brand(weer)risicoprofiel op operationeel niveau 3. Wij zetten ons in voor de Opstellen beleidsplan (Brand)veilig leven 2024zelfredzaamheid van inwoners 2027 Opstellen visie op zelfredzaamheid
2024-2c
4. Wij hebben tactieken en technieken die passen bij nieuwe uitdagingen 5. Wij hebben vakbekwame brandweercollega’s
Opstellen projectplan, risicoanalyse en plan van aanpak natuurbrandbeheersing
2024-4a
Opstellen programma toekomst-bestendige vakbekwaamheid brandweer Flexibele schil vakbekwaamheids-organisatie in overeenstemming brengen met wettelijke en fiscale regelgeving Verbeteren evaluatieprotocol brandweer
2024-5a
6. Wij zijn en blijven paraat
Verdere uitwerking dekkingsplan brandweer
2024-6a
7. Wij hebben een moderne crisisorganisatie
Opstellen programmaplan modernisering crisisorganisatie Verbeteren volhoudvermogen bij langdurige crises Opstellen businesscase en implementatieplan VeiligheidsInformatieKnooppunt (VIK) Doorontwikkeling netwerkmanagement
2024-7a
I-veilig: Werkplan informatieveiligheid 2024 en realisatie vernieuwing datacenter I-volwassen: Opstellen plan van aanpak informatiegestuurd werken I-vaardig: Diverse opleidingen voor generieke of specifieke vaardigheden
2024-9a
8. Wij kennen onze partners 9. Wij beschikken over een goede en veilige informatievoorziening
2024-3a 2024-3b
2024-5b
2024-5c
2024-7b 2024-7c 2024-8a
2024-9b 2024-9c
5
10. Wij nemen onze maatschappelijke verantwoordelijkheid 11. Wij investeren in onze collega’s
12. Wij zijn wendbaar
Opstellen Programma en Plan van Aanpak 2024-10a ‘Diversiteit, Inclusie, Gelijkwaardigheid (DIG)’ Opzetten van het Programma 2024-10b Duurzaamheid/invoering CO2-prestatieladder Ontwikkelen van een doelgroepgericht (trainings-) 2024-11a programma voor leidinggevenden en medewerkers Opstellen strategisch personeelsplan 2024-11b Verbetertraject budgettering
2024-12a
Verbetertraject meerjareninvesteringsplannen
2024-12b
Ontvlechten GHOR-bureau uit Hecht en 2024-12c invlechten in veiligheidsregio Opstellen jaarstukken inclusief 2024-12d rechtmatigheidsverantwoording, het opstellen van de programmabegroting en het opvolgen van de aanbevelingen uit de managementletter
6
2 Inleiding 2.1 Regionaal Beleidsplan 2024-2027 Het beschermen van de veiligheid van onze inwoners en het waarborgen van de continuïteit van de samenleving is de missie van de veiligheidsregio. VRHM signaleert en adviseert over mogelijke risico’s, om te voorkomen dat onveilige situaties kunnen ontstaan en draagt bij aan een weerbare samenleving. Wij schieten te hulp als dan toch een onveilige situatie ontstaat of dreigt te ontstaan en helpen daarmee mens en dier in nood. Dat vraagt voortdurende voorbereiding van VRHM, zodat wij zijn toegerust voor de belangrijke taak die we vervullen. De wereld om ons heen verandert snel. Ontwikkelingen in de samenleving als klimaatverandering, verdichting, digitale afhankelijkheid, hyperconnectiviteit, energietransitie, vergrijzing en polarisatie leiden tot nieuwe en complexere risico’s voor de veiligheid van onze inwoners. Wat deze nieuwe tijd betekent voor ons werk in de komende jaren is opgenomen in het nieuwe Regionaal Beleidsplan (RBP) 2024-2027 ‘Focus op veiligheid, vandaag én morgen’. Sommige ontwikkelingen gaan zo snel, dat we hier nu nog geen pasklaar antwoord op hebben. Het nieuwe beleidsplan heeft daarom het karakter van een beleidsagenda met een aantal opgaven, die leidend zijn voor de ontwikkeling van onze organisatie en ons vakgebied in de komende jaren.
Omdat het beleidsplan geen dichtgetimmerde jaarschijven kent is het maken van beleidskeuzes meer verlegd naar de jaarplanvaststelling. Deze werkwijze maakt het voor VRHM mogelijk om gericht verder te kunnen ontwikkelen. Dat doen we met focus, stap voor stap. Periodiek beschouwen we het ambitieniveau om te kijken wat noodzakelijk is voor de verdere ontwikkeling van de veiligheidsregio. Hiermee kunnen we ook de beschikbare capaciteit en middelen beter inzetten.
2.2 Insteek Jaarplan 2024 Omdat het RBP meer het karakter van een beleidsagenda heeft is het maken van het jaarplan 2024 op een andere manier ingestoken dan in voorgaande jaren. De twaalf opgaven die in het RBP zijn opgenomen, vormen de basis onder het jaarplan 2024. Het jaarplan gaat daarbij met name in op de ontwikkelopgaven van VRHM. Going concern activiteiten die voortkomen uit de wettelijke taken worden zijn niet gedetailleerd opgenomen. Wel worden in hoofdstuk 3 van dit jaarplan de wettelijke taakvelden van VRHM opgesomd. Verder is ervoor gekozen om 2024 te benutten voor een verdere verdieping van de twaalf ontwikkelopgaven uit het beleidsplan. Dit jaar zullen de activiteiten veelal visies opleveren en daarmee een verkenning van de ontwikkelopgaven. Deze visies zullen in dit jaar bestuurlijk besproken en deze zullen leiden tot vervolgopgaven in 2025. Vanzelfsprekend zullen daar waar mogelijk reeds op basis van plannen van aanpak in 2024 de eerste stappen ter realisatie worden gezet. Na de opsomming van de wettelijke taken in hoofdstuk 3 zullen de activiteiten die gebaseerd zijn op de twaalf beleidsplanopgaven in hoofdstuk 4 verder worden uitgewerkt.
7
3 Hoofdtaken VRHM VRHM is in belangrijke mate een uitvoeringsorganisatie. Onze capaciteit en middelen worden met name ingezet voor de reguliere advisering over en toezicht op veiligheid (2.300 preventie-adviezen, 600 evenementen-adviezen en 1.000 controles per jaar), de paraatheid (ruim 8.000 uitrukken, 25.000 telefoontjes meldkamer, 15 crisisinzetten per jaar), de vakbekwaamheid (250 opleidingen, 5.000 oefenen bijscholingsmomenten per jaar) en het onderhoud (45 kazernes en 110 voertuigen) en de bijbehorende bedrijfsvoering. In ons dagelijks werk vinden continu aanpassingen en verbeteringen plaats. Het dagelijks werk vraagt dus veel van onze capaciteit en middelen. Hieronder wordt per hoofdtaak kort omschreven wat het going concern is.
3.1 Risico- en crisisbeheersing (RCB) Op basis van de Wet veiligheidsregio’s zijn risicobeheersing en crisisbeheersing taken van de veiligheidsregio. Onder crisisbeheersing wordt verstaan de multidisciplinaire afstemming en coördinatie van (de voorbereiding op) de crisisbeheersing. In die voorbereiding speelt ook risicobeheersing een belangrijke rol vanuit de benadering van een samenhangende veiligheidsketen. De beschikbare capaciteit van de vier afdelingen van de sector (Risicoduiding, Omgevingsveiligheid, Crisisbeheersing en Brandveiligheid) wordt in belangrijke mate besteed aan reguliere uitvoeringstaken. Advisering over en allerlei vormen van toezicht op brandveiligheid, evenementenveiligheid, externe veiligheid en (brand)veilig leven zijn werkzaamheden die elke dag plaatsvinden. Zoals eerder gezegd betreffen dit 2.300 (brand)preventie-adviezen, 600 evenementen-adviezen en 1.000 controles per jaar. Dit doen we in samenwerking met onder andere de Omgevingsdiensten, politie, de GHOR en gemeenten en op basis van zowel bekende als nieuwe risico’s en crisistypen. Vanuit een regisserende rol op (fysieke) veiligheid draagt VRHM bij aan een veilige en zelfredzame samenleving. Daarnaast worden plannen opgesteld en worden crisisfunctionarissen opgeleid, getraind en wordt er geoefend. Dit houdt de verschillende crisisfunctionarissen vakbekwaam.
Hierbij worden nieuwe crisistypen en ontwikkelingen in de samenleving ook meegenomen. Daarnaast wordt elke crisisinzet (circa 15 per jaar) geëvalueerd om hiervan te leren. Ook bij deze going concern-werkzaamheden is belangrijk de primaire werkprocessen steeds te beschouwen op verbeter- en ontwikkelmogelijkheden. Bijvoorbeeld om andere manieren van (projectmatig) toezicht te ontwikkelen, andere partners daarbij te betrekken etc. Hiervoor moet ruimte en capaciteit vrijgemaakt worden. Dit vraagt een goed samenspel met gemeenten over de inhoud en prioritering in onze uitvoeringsplannen.
3.2 Brandweerzorg Op basis van de Wet veiligheidsregio’s is het instellen en in stand houden van de brandweer een taak van de veiligheidsregio. Tot deze taak behoort: • • • • • •
Het voorkomen, beperken en bestrijden van brand; Het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand; Het bestrijden van ongevallen met gevaarlijke stoffen; Het verkennen van gevaarlijke stoffen en het verrichten van ontsmetting; Het waarschuwen van de bevolking; Het bestrijden van waterongevallen;
8
•
• • • • •
Het adviseren van andere overheden en organisaties op het gebied van de brandpreventie, brandbestrijding en het voorkomen, beperken en bestrijden van ongevallen met gevaarlijke stoffen; Het uitvoeren van taken bij rampen en crises in het kader van de rampenbestrijding en de crisisbeheersing; Het uitvoeren van het landelijke Specialisme Technische Hulpverlening (STH) (tevens uitvoeren landelijke coördinatie); Het afhijsen van patiënten; Het uitvoeren van reanimaties, vooruitlopend op de komst van een ambulance (first responder); Deelname aan USAR.NL
Veel capaciteit en middelen worden ingezet om de brandweer 24/7 operationeel en paraat te laten zijn: 8.000 uitrukken per jaar, het vakbekwaam houden van onze 1.150 brandweermensen (250 opleidingen, 5.000 oefen- en bijscholingsmomenten per jaar) en het onderhoud van het materiaal (45 kazernes en 110 voertuigen). Naast de bijdrage aan de twaalf opgaven in het regionaal beleidsplan en de concrete uitwerking hiervan in het jaarplan 2024, wordt in 2024 ook voortgang geboekt op het materieel vervangen. Eind 2024 zijn alle nieuwe tankautospuiten en autoladders in dienst genomen en is ook een aanvang gemaakt met de uitlevering van de nieuwe waterwagens. De aanbesteding voor de nieuwe hulpverleningsvoertuigen wordt ook afgerond in 2024. Enkele complexe interne ICT-systemen voor vakbekwaamheid en het registeren van vergoedingen worden geïmplementeerd. Tevens wordt een nieuwe systematiek voor de zogeheten warme logistiek tijdens en na repressieve inzetten ingevoerd, waarmee ook de arbeidshygiëne verder wordt verbeterd. Het nader uitwerken van nieuwe landelijke regels voor PTSS is een belangrijke taak in het kader van de zorg voor onze brandweermensen.
3.3 Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de regio (GHOR) Op basis van de Wet veiligheidsregio’s is de taak van GHOR de coördinatie, aansturing en regie van de geneeskundige hulpverlening in het kader van de rampenbestrijding en crisisbeheersing, en het adviseren van overheden en andere organisaties over de geneeskundige hulpverlening. De verantwoordelijkheid voor deze taakuitvoering is wettelijk belegd bij de veiligheidsregio. De GHOR opereert hierdoor op het grensvlak van zorg en veiligheid. In onze regio is de positie op dit snijvlak vormgegeven door de GHOR in te bedden in de Regionale Dienst Openbare Gezondheidszorg Hollands Midden (Hecht), samen met de GGD Hollands Midden en de RAV Hollands Midden. Vanaf 1 januari 2025 zal de GHOR worden ingebed in de veiligheidsregio. De GHOR verbindt de dynamische netwerken van zorgpartners, veiligheidspartners en openbaar bestuur, waarin samen wordt gewerkt aan (voorbereiding op) de geneeskundige hulpverlening en zorgcontinuïteit. De advisering aan gemeenten, veiligheidsregio en zorgpartners is iets wat de GHOR op dagelijkse basis doet.
3.4 Bureau gemeentelijke crisisbeheersing (BGC) De Wet veiligheidsregio’s schrijft voor dat een coördinerend functionaris aangewezen moet zijn die is belast met de coördinatie van de maatregelen en voorzieningen die de gemeenten treffen met het oog op een ramp of crisis. In het verlengde hiervan bepaalt de gemeenschappelijke regeling dat VRHM de taak heeft om de gemeenschappelijke belangen van de deelnemende gemeenten te behartigen op het gebied van de samenwerking bij gemeenschappelijke crisisbeheersing en rampenbestrijding (bevolkingszorg). Hiervoor is het Bureau Gemeentelijke Crisisbeheersing (BGC) opgericht in 2009. Dit bureau is organisatorisch ondergebracht bij de veiligheidsregio en staat onder leiding van de coördinerend functionaris. Het bureau zorgt dat de volgende taken worden uitgevoerd: • Geven van voorlichting aan de bevolking;
9
• • • • •
Voorzien in opvang en verzorging van de bevolking; Verzorgen van nazorg voor de bevolking; Registreren van de slachtoffers; Registreren van schadegevallen; Adviseren van het regionaal operationeel team.
BGC is het aanspreekpunt en de vertegenwoordiging van de gemeentelijke kolom in de multidisciplinaire rampenbestrijding en crisisbeheersing. Via intergemeentelijke samenwerkingsverbanden wordt gewerkt aan crisisbeheersing. De inzet van BGC is erop gericht om bij een crisis het bevolkingszorgproces zo optimaal mogelijk te laten verlopen. Hier hoort ook het vakbekwaam maken en houden van piketfunctionarissen bij.
3.5 Meldkamerfunctie Sinds de oprichting van de veiligheidsregio zijn wij verantwoordelijk voor de meldkamerfunctie voor brandweer, crisisbeheersing en geneeskundige hulpverlening, als onderdeel van de gemeenschappelijke meldkamer (25.000 telefoontjes per jaar). Het bestuur van de Regionale Ambulance Voorziening (RAV) is verantwoordelijk voor de meldkamer voor ambulancezorg. De korpschef van politie is verantwoordelijk voor de meldkamer voor politie. In 2024 wordt, na een interne verbouwing, de meldkamer aangesloten op het nieuwe landelijke ICT-systeem voor de meldkamers.
3.6 Bedrijfsvoering De uitvoering van onze wettelijke taken als veiligheidsregio kan niet zonder de ondersteuning vanuit de sector Bedrijfsvoering. De sector Bedrijfsvoering is verantwoordelijk om de organisatie dermate te ondersteunen dat de organisatie in een continu veranderende omgeving haar doelen zo optimaal kan blijven behalen. De sector heeft een belangrijke adviserende, ondersteunende en ontwikkelende rol in het kader van integraal management richting onze leidinggevenden, de managementteams en het directieteam en het faciliteren van een optimale werkomgeving van alle medewerkers. Binnen de sector zijn momenteel de volgende taken/bedrijfsprocessen ondergebracht: •
• •
• • •
Personeel en organisatie gaat over het aantrekken, behouden en ontwikkelen van talent om de organisatiedoelstellingen te ondersteunen, het ontwikkelen en beheren van personeels- en organisatiebeleid en –instrumenten en het beheren en voeren van de personeels- en salarisadministratie. Financiën houdt zich bezig met het beheren en voeren van de financiële administratie en controleren en rapporteren van alle financiële gegevens, processen en transacties. Informatiemanagement is een afdeling welke gaat over ontwerpen en onderhouden van informatiearchitectuur, ondersteunen van gegevensgebruik, het leveren van informatievoorzieningsdiensten, en ondersteunen van het ICT-gebruik en de ICT-projecten. Het op tijd beschikbaar hebben van elkaar informatie over actuele risico’s en veiligheidsbeeld is onmisbaar voor de (mono- en multidisciplinaire) operationele voorbereiding, monitoring en besluitvorming tijdens een incident of dreigende crisis. Accurate en consistente informatie en bijbehorende informatievoorziening zijn dus meer en meer een belangrijke steunpilaar in onze taakuitvoering. Inkoop- en contractmanagement specificeert, selecteert, contracteert, bestelt en bewaakt de levering van een product of dienst waar uiteindelijk een externe factuur tegenover staat.
Communicatie gaat over het adviseren over en coördineren en uitvoeren van de interne en externe communicatie ten behoeve van de corporate communicatie. Facilitaire Zaken houdt zich bezig met het intern verlenen van diensten, ter beschikking stellen, plannen, investeren in en onderhouden van de huisvestingsfaciliteiten die nodig zijn voor de ondersteuning van de VRHM-activiteiten.
10
4 Ontwikkelopgaven 2024 4.1 Twaalf opgaven Naast ons dagelijks werk, focussen wij ons op de twaalf opgaven die geformuleerd zijn in het Beleidsplan 2024-2027. Deze opgaven zijn onze respons op de inhoudelijke en organisatorische ontwikkelingen die wij zien voor onze taakuitvoering en organisatie. Op deze opgaven focussen wij en zetten wij extra concrete stappen; in het belang van de veiligheid van onze inwoners en de continuïteit van de samenleving. De benodigde capaciteit voor de uitvoering wordt gedekt vanuit de programmabegroting 2024 (zie bijlage 1). Opgave 1: Wij hebben positie in het Omgevingsrecht Op 1 januari 2024 is het nieuwe Omgevingsrecht in werking getreden. Onze huidige wijze van (gevraagd en ongevraagd) adviseren van het bevoegd gezag verandert hierdoor. Onze advisering zal minder regelgericht zijn en onze rol minder formeel geborgd. Hierop moeten wij voorbereid zijn en onze ontwikkeling op aansluiten. Voor alle betrokken partijen is dit een verandertraject. Onze deskundigheid moet tijdig betrokken worden bij het opstellen van omgevingsvisies en -plannen. Alleen dan kunnen (nieuwe) risico’s zorgvuldig afgewogen worden en kunnen maatregelen genomen worden, in het belang van een gezonde en veilige leefomgeving voor onze inwoners.
Het eerste jaar van het van kracht worden van deze nieuwe wet- en regelgeving wordt benut om te monitoren of de nieuw gemaakte werkafspraken voldoen (activiteit 2024-1a). Tevens wordt gemonitord of onze medewerkers voldoende start- en vakbekwaam zijn om deze nieuwe werkwijzen uit te oefenen (activiteit 2024-1b). Bij dit monitoren wordt samengewerkt met de omgevingsdiensten, GGD, GHOR en politie die als gevolg van deze wetswijziging eveneens met wijzigingen in hun adviesprocessen van doen hebben. Einde T2 wordt vanuit de 3 genoemde activiteiten ook gezamenlijk gekeken naar de bevindingen. 2024-1a
Doel: We nemen deel aan omgevingstafels/intaketafels in alle gemeenten en borgen daarmee dat het aspect veiligheid en gezondheid in omgevingsvisies en -plannen herkenbaar terug te vinden. Resultaat: Een overzicht en analyse van de aanvragen en adviezen omgevingswet en eventuele aanpassingen van het adviesproces. Betrokken sector(en): RCB Betrokken afdeling(en): Risicoadvisering, brandveiligheid en GHOR
2024-1b
Doel: Onze accounthouders en adviseurs zijn goed opgeleid en we blijven investeren in hun adviesvaardigheden. Resultaat: Het opleidings-/trainingsaanbod 2024 uitgewerkt voor de adviseurs en accounthouders VRHM. Betrokken sector(en): RCB Betrokken afdeling(en): Risicoadvisering, brandveiligheid en GHOR
11
Opgave 2: Wij werken risicogericht De risico’s voor een gezonde en veilige leefomgeving veranderen snel door nieuwe risico’s en de effecten van aanjagers als verdichting, vergrijzing en klimaatverandering. Onze (beperkte) capaciteit moet daar ingezet worden waar de risico’s voor de verstoring van een gezonde en veilige leefomgeving het grootst zijn. Hiermee kan veel veiligheidswinst behaald worden. Het in beeld hebben en beoordelen van risico’s, samen met onze partners, is daarmee een belangrijk uitgangspunt om risicogericht te kunnen adviseren en toezicht te kunnen houden. Het is bovendien het startpunt van het cyclisch proces van onze taakuitvoering. Op deze wijze kunnen wij de ondergrens van de (fysieke) veiligheid bewaken en daarmee ook die van ons operationeel optreden. Voor wat betreft de risico’s rondom geneeskundige hulpverlening en zorgcontinuïteit heeft de GHOR in 2023 een zorgrisicoprofiel vastgesteld. Aan dit profiel waren conclusies en aanbevelingen verbonden die opvolging behoeven (activiteit 2024-2a). Risico-inventarisatie en -duiding zijn belangrijke voorwaarden voor risicogericht werken. Daarnaast dient cyclisch risicomanagement vormgegeven te worden.
Hoe verhouden risico-inventarisatie en risicoduiding zich tot mitigatie, voorbereiding en respons? En hoe krijgen, omgekeerd, genomen maatregelen of geleerde lessen een plek in risico-inventarisatie en -duiding? Een visie op deze samenhang van activiteiten zal in 2024 worden opgesteld (activiteit 2024-2b). Zoals bovenstaand al is aangegeven is risico-inventarisatie een belangrijke voorwaarde voor risicogericht werken. Het inventariseren van risicovolle situaties die tot brand kunnen leiden, de soorten branden die zich in de veiligheidsregio kunnen voordoen en de analyse hiervan is een wettelijke taak van veiligheidsregio (Wet Veiligheidsregio’s, art. 15). Dit is een belangrijke basis onder de onderbouwing van de sterkte van de brandweer. Dit wordt een brand(weer)risicoprofiel genoemd en kan gezien worden als een verdere specificatie van het reguliere risicoprofiel. Aan deze inventarisaties en het opstellen van dit profiel zal in 2024 uitvoering worden gegeven (activiteit 2024-2c) zodat het mede de basis vormt onder verdere opgaven in deze beleidsplanperiode. 2024- 2a
Doel: De GHOR gaat aan de slag met de conclusies en aanbevelingen van het zorgrisicoprofiel. Resultaat: Met de geneeskundige keten (beter) voorbereid te zijn op incidenten, rampen en crises om zo de continuïteit van zorg te waarborgen. Betrokken sector(en): Hecht Betrokken afdeling(en): GHOR
2024-2b
Doel: Verbeteren cyclisch risicomanagement. Resultaat: In T3 wordt een visiedocument opgeleverd met een voorstel voor de werkwijze. Betrokken sector(en): RCB Betrokken afdeling(en): RCB
2024-2c
Doel: Inzicht in de externe risico's voor brandweerzorg zodat we daadkrachtig incidenten kunnen blijven bestrijden. Door inzicht in risico's kunnen we risicoactoren
12
beïnvloeden met behulp van mitigerende maatregelen. Hierbij beïnvloeden we de kans en/of de impact van een risico voor ons operationeel optreden. Resultaat: Een projectplan en Brandweerrisicoprofiel op operationeel niveau t.b.v. verschillende thema's. Betrokken sector(en): Brandweerzorg en RCB Betrokken afdeling(en): Plannen, Procedures en Ontwikkeling (PPO), Risicoduiding, Risicoadvisering, Brandveiligheid, Informatiemanagement en Operationele dienst.
Opgave 3: Wij zetten ons in voor de zelfredzaamheid van inwoners De meeste inwoners zijn zelfredzaam en veerkrachtig. Wij stimuleren hun veiligheidsbewustzijn met betrouwbare informatie over (nieuwe) risico’s en bieden hen handelingsperspectieven. Zowel preventief als tijdens een incident of crisis. Een groeiende groep inwoners (o.a. door vergrijzing, langer thuis wonen, digitalisering) is echter niet of minder zelfredzaam. Zij verdienen extra aandacht met een meer gerichtere benadering. Hierbij benutten wij de kracht van de samenleving. Veel inwoners zijn maatschappelijk betrokken en willen zich nuttig maken bij een incident of crisis. Al jarenlang verricht de brandweer activiteiten op het gebied van voorlichting en inwonerseducatie gericht op het voorkomen van branden. Deze activiteiten worden uitgevoerd op basis van een beleidsplan (Brand)veilig leven. De planperiode van dit specifieke beleidsplan loopt synchroon met het algemene regionale beleidsplan. Dit beleidsplan zal geactualiseerd worden voor de periode 2024–2027 (activiteit 2024-3a). Het is belangrijk om de activiteiten die passen bij deze opgave te baseren op een visie op zelfredzaamheid. Wat is de gewenste toekomst op het gebied van weerbaarheid en veerkracht van de samenleving. Vanuit deze op te stellen visie (activiteit 2024-3b) zullen de activiteiten in de verdere beleidsplanperiode worden afgeleid. 2024-3a
Doel: Het opstellen en vaststellen Beleidsplan (Brand)veilig leven 2024-2027 (vervolg op het plan 2020-2023). Het beleidsplan is de onderlegger onder alle brandveilig levenactiviteiten in de periode 2024-2027. Hierbij worden landelijke prioriteiten gevolgd en betrokken. In belangrijke mate betreft dit het continueren van eerder ontwikkelde activiteiten. Het beleidsplan dient inzicht te geven in de inzetbehoefte vanuit andere sectoren. Resultaat: Een bestuurlijk vastgesteld beleidsplan en de uitvoering van het jaarplan (Brand)veilig Leven 2024. Betrokken sector(en): RCB en Brandweerzorg Betrokken afdeling(en): (brand)Veilig Leven en medewerkers uit diverse afdelingen van alle sectoren
2024-3b
Doel: Concretiseren visie op zelfredzaamheid. Het is belangrijk dat we in het eerste beleidsplanjaar een integrale visie (samen met GHOR, BGC, RCB (CB en BVL)) op zelfredzaamheid vaststellen om daarmee een onderlegger te creëren voor verdere activiteiten in de beleidsplanperiode 2024-2027. We maken daarbij gebruik van het concept-document dat in de vorige beleidsplanperiode is ontwikkeld.
13
Resultaat: Een vastgesteld visiedocument zelfredzaamheid en een eerste aanzet voor de activiteiten in 2024-2025. Betrokken sector(en): RCB Betrokken afdeling(en): Crisisbeheersing, GHOR, BGC en (brand)Veilig leven.
Opgave 4: Wij hebben tactieken en technieken die passen bij nieuwe uitdagingen Nieuwe ontwikkelingen, zoals energietransitie, verdichting, klimaatverandering, leiden tot nieuwe incidenttypen voor de brandweer. Denk aan brand in een mobiele energieopslag, hoogbouw, natuurgebieden. Wij moeten beschikken over de operationele voorbereiding (tactiek) en het materiaal/materieel (techniek) passend bij deze nieuwe uitdagingen. Het uitgangspunt blijft wel dat repressief optreden het uiteindelijke restrisico afdekt, nadat andere (risicobeheersings)maatregelen door daarvoor verantwoordelijke partijen zijn uitgevoerd. Het ontwikkelen van technieken en tactieken die passen bij ontwikkelingen als klimaatverandering, energietransitie en verdichting betreft een grote opgave waarvoor de benodigde voorbereidingscapaciteit onvoldoende aanwezig is. Daarom zal dit gefaseerd opgepakt moeten worden. Omdat de effecten van verdroging van de natuur tot grote uitdagingen leidt voor natuurbrandbeheersing wordt in 2024 gestart met de uitwerking van dit thema (activiteit 2024-4a). 2024-4a
Doel: Ontwikkelen natuurbrandbeheersing. O.a. door de klimaatveranderingen (droogte) zullen in de toekomst meer natuurbranden ontstaan. Het gebrek aan c.q. het zuinig omgaan met (drink)water betekent ook iets voor de brandbestrijding. In de regio hebben we ook een aantal natuurgebieden waar we bij brand voor uitdagingen staan i.v.m. nabije bebouwing en recreatie. We willen zowel de kans op en de uitbreiding van brand voorkomen (samen met partners als gebiedsbeheerders) als wel dat de brandweer de tactieken en technieken heeft om dit type branden doelmatig te bestrijden. Resultaat: Een projectplan, risicoanalyse en plan van aanpak voor de komende jaren. En quickwins t.b.v. operationeel optreden. Betrokken sector(en): Brandweerzorg en RCB Betrokken afdeling(en): PPO, Operationele Dienst (OD) en Risicoadvisering.
14
Opgave 5: Wij hebben vakbekwame brandweercollega’s De vakbekwaamheid van onze brandweercollega’s staat onder druk. Kortere dienstverbanden en minder (grote) inzetten leiden tot minder ervaring. Hierdoor staat de vakbekwaamheid van onze brandweercollega’s onder druk. De brandweer verandert van een ervaringsgerichte naar een kennisgerichte organisatie. In het recente belevingsonderzoek onder onze collega’s komt deze zorg dan ook nadrukkelijk naar voren. Aanvullend daarop leiden nieuwe incidenttypen noodzaken tot aanvullende vakbekwaamheidseisen. Gelet op de aard van het werk van onze brandweercollega’s voelen wij hiervoor een grote werkgeversverantwoordelijkheid. De wijze waarop we ons vakbekwaamheidsprogramma toekomstbestendig willen organiseren zal uitgewerkt worden in een programmaplan (activiteit 2024-5a). Dit loopt parallel aan een heroriëntatie op de vormgeving van de personele flexibele schil (docenten, instructeurs, veiligheidsfunctionarissen, stokers) rondom de vaste vakbekwaamheidsorganisatie. Deze dient in lijn gebracht te worden (activiteit 2024-5b) met vigerende juridische en fiscale eisen. Tot slot is leren van incidenten een belangrijke bron voor het verbeteren van de vakbekwaamheid van brandweerpersoneel.
In 2024 zal het evaluatieprotocol worden verbeterd (activiteit 2024-5c), gericht op het beter organisatiebreed kunnen leren van lessen uit incidentbestrijding, zowel van regionale als (inter)nationale incidenten. 2024-5a
Doel: We hebben een toekomstbestendige vakbekwaamheidsorganisatie, waarmee we ervoor zorgen dat over voldoende en aantoonbaar vakbekwaam brandweermensen kunnen beschikken. Daarbij maken we de transitie van vooral ervaring gedreven werken naar kennisgericht werken met behoud van vaardigheden. Onze brandweermensen zijn en voelen zich voldoende vakbekwaam en zijn in staat om veilig te werken. Resultaat: Een programma-/projectplan, een resultaatbeschrijving aantoonbare vakbekwaamheid, en een meerjarenimplementatieplan aantoonbare vakbekwaamheid. Betrokken sector(en): Brandweerzorg Betrokken afdeling(en): Vakbekwaamheid, OD, Integrale Planning, Beheer en Onderhoud (B&O), PPO, Financiën, Planning & Control en Strategie & Beleid.
2024-5b
Doel: De flexibele (specifiek: zelfstandige) schil binnen de VRHM moet voldoen aan de geldende juridische en financiële eisen. Resultaat: Financieel risico VRHM verminderen. Betrokken sector(en): Bedrijfsvoering Betrokken afdeling(en): Personeel, Organisatie en Communicatie (POC)
2024-5c
Doel: Door te leren van incidenten verbeteren we onze daadkracht op straat, en verhogen we de veiligheid voor onze mensen op straat. Dit doen we door het identificeren van geleerde lessen, en nieuwe risico's. Resultaat: Een procesbeschrijving voor een mono evaluatieprotocol met evaluatoren. Een plan van aanpak t.b.v. implementeren mono-evaluatie. Het opleiden van mono evaluatoren. Het mono-evalueren geïmplementeerd hebben. Betrokken sector(en): Brandweerzorg Betrokken afdeling(en): PPO en OD.
15
Opgave 6: Wij zijn en blijven paraat Wij gaan als de brandweer, maar dat kan alleen maar als we voldoende brandweercollega’s hebben. Door maatschappelijke ontwikkelingen en regelgeving (o.a. 2e loopbaanbeleid) is het vinden, binden en boeien van brandweercollega’s, zowel vrijwillig als beroeps, een steeds grotere uitdaging. Hoewel wij hier op inzetten (inclusief benaderen nieuwe doelgroepen), kijken wij ook naar andere manieren om onze paraatheid, en daarmee snelle hulpverlening aan onze inwoners overeind te houden. Paraatheid omvat het vermogen om met voldoende vakbekwame mensen en voldoende materieel, materiaal en informatie binnen vastgelegde normtijden aanwezig te kunnen zijn. In de verdere uitwerking van het dekkingsplan (activiteit 2024-6a) wordt dit inzichtelijk gemaakt. Hierbij worden ook de lokale risico’s en omstandigheden meegenomen. Op deze wijze wordt meer inzichtelijk welk niveau van brandweerzorg geleverd kan worden en welke preventieve maatregelen hierin kunnen bijdragen. Deze werkwijze is in lijn met het vervolg van het landelijke project Gebiedsgerichte Opkomstentijden (GGO). 2024-6a
Doel: Het dekkingsplan 2022-2025 is geïmplementeerd in de organisatie. De gebiedsgerichte aanpak heeft naast de repressieve prestatie voor wat betreft snelheid ook betrekking op paraatheid, werkdruk en gelijktijdigheid. Het gaat hierbij om het inrichten van een proces waarbij prognose, prestatie en verantwoording aan elkaar zijn verbonden. Het eerste deel van het dekkingsplan, te weten de prognose is in 2022 doorlopen. Het actueel inzicht in de prestatie en de verantwoording hierop dient in 2024 te worden ingericht. Daarnaast dient er een verbinding met de voorkant van het brandweerproces te worden gemaakt. Dit is de zoektocht waarbij de grenzen van de repressieve prestatie worden verbonden met maatregelen aan de preventieve zijde waardoor er sprake is van een gericht evenwicht. Resultaat: Advisering op basis van het dekkingsplan, verantwoording richting bestuur over de realisatie van de prognose, betrokkenheid van de procesverantwoordelijk en een gericht evenwicht tussen de repressieve prestatie en preventieve maatregelen. Betrokken sector(en): Brandweerzorg, Bedrijfsvoering en RCB Betrokken afdeling(en): OD, PPO, Informatiemanagement (IM), risicoadvisering en Gemeenschappelijke meldkamer (GMK).
Opgave 7: Wij hebben een moderne crisisorganisatie De samenleving, en dus ook wij als veiligheidsregio, krijgt steeds vaker te maken met andere, nieuwe en ongekende crisistypen. Voorbeelden hiervan zijn de corona-, Oekraïne- en migratiecrises. Deze crisistypen kenmerken zich door hun complexiteit, langdurigheid en bovenregionale/landelijke omvang. Onze huidige crisisorganisatie is hiervoor, van oudsher, te veel gericht op de meer klassieke crises (kortdurend en lokaal/regionaal). De voorbereiding en beheersing van deze nieuwe crisistypen stelt
16
andere eisen aan de inrichting, werking, competenties en vakbekwaamheid van onze crisisorganisatie en de samenwerking hierbinnen met (nieuwe) partners. De vormgeving van een moderne crisisorganisatie zoals bovenstaand omschreven zal worden uitgewerkt in een programmaplan (activiteit 2024-7a). Een bijzonder kenmerk van moderne crises is de duur van de crises. Deze is vaak (veel) langer dan klassieke crises als grote branden, kettingbotsingen etc. Dat vraagt meer volhoudvermogen van de crisisorganisatie. Deze ervaring is ook opgedaan bij de coronacrisis en de coördinatie van de opvang van ontheemden uit Oekraïne en het voorzien in crisisnoodopvang. Dit element van moderne crisisbeheersing zal in 2024 worden uitgewerkt (activiteit 2024-7b). De samenleving wordt complexer. In het verlengde daarvan groeit de complexiteit en verbondenheid van de (potentiële) dreigingen met een groeiende maatschappelijke impact. Om onze rol als veiligheidsregio’s in de samenleving – het veilig houden van deze samenleving– te kunnen blijven vervullen, is een sterke informatiepositie essentieel. De complexiteit vraagt om meer, betere en diepere kennis over de effecten/gevolgen van dreigingen, bij zowel veiligheidsregio’s als samenwerkingspartners.
Eén van de aspecten van deze kennis betreft organisatie-overstijgende informatiedeling tijdens de verschillende fasen van risicobeheersing, incidentbestrijding en crisismanagement/ -beheersing. Een gezamenlijk en actueel veiligheidsbeeld zorgt ervoor dat samen met partners gericht keuzes gemaakt kunnen worden. Zowel VRH als VRHM streven ernaar beter gebruik te maken van beschikbare informatie, waarbij beide regio’s constateren dat er een groeiende behoefte is om vroegtijdig (koude en lauwe fase) inzicht te hebben in relevante informatie(beelden). Dit inzicht willen zij ontwikkelen door het inrichten van een Veiligheidsinformatie Knooppunt (VIK): VRH2M. VRH en de VRHM werken in deze ontwikkeling in een coalitie. In een gezamenlijk traject wordt hiervoor in 2024 een businesscase en implementatieplan uitgewerkt (activiteit 2024-7c). 2024-7a
Doel: Onze ambitie voor een toekomstbestendige en adaptieve crisisorganisatie is uitgeschreven, gedragen en breed gedeeld (o.a. door de opzet van een programmaplan); eerste stappen van de uitvoering worden in 2024 gezet. Resultaat: Een duidelijke, gedeelde en zo concreet mogelijke ambitie voor de doorontwikkeling van het domein crisisbeheersing; gedragen en ontwikkelt in gezamenlijkheid met de multidisciplinaire partners, veiligheidsdirectie en bestuur. Betrokken sector(en): RCB Betrokken afdeling(en): Crisisbeheersing, GHOR, BGC, PPO en politie.
2024-7b
Doel: Eén van de onderwerpen van het programmaplan is het thema langdurige crisis. In 2024 wordt een plan uitgewerkt op consequenties voor inrichting crisisorganisatie, gevraagde competenties crisisfunctionarissen, (aanvullende) vakbekwaamheid en netwerksamenwerking. Resultaat: VRHM is voorbereid om een langdurige crisis aan te kunnen. Dit wordt ondersteund door een plan/afspraken hoe we dit vormgeven. Dit omvat een in gezamenlijkheid te ontwikkelen herkenbare structuur en flexibiliteit om in te spelen op de dan voorliggende situatie. We hebben scherp wanneer en op welke wijze we de crisisorganisatie eventueel ombouwen naar een (tijdelijke) project- of werkorganisatie. En we hebben ook scherp wanneer we overdragen aan staande organisaties. De plannen van de afzonderlijke kolommen sluiten daarbij aan op de totale crisisorganisatie. Betrokken sector(en): RCB Betrokken afdeling(en): Crisisbeheersing, GHOR, BGC, PPO en politie.
17
2024-7c
Doel: Het VeiligheidsInformatieKnooppunt (VIK) wordt samen met VR Haaglanden uitgewerkt op basis van een businesscase die eind januari 2024 gereed is. Daarmee versterken we het informatiegestuurd werken in de koude, lauwe en warme fase. Resultaat: We implementeren de eerste producten en activiteiten van het VeiligheidsInformatieKnooppunt VRH2M. Betrokken sector(en): RCB Betrokken afdeling(en): Crisisbeheersing, GHOR, BGC, IM en GMK.
Opgave 8: Wij kennen onze partners Wij zijn een netwerkorganisatie. Voor een goede uitvoering van onze taken kunnen wij rekenen op onze partners. Soms omdat zij specifieke taken en bevoegdheden hebben. Soms omdat zij specifieke kwaliteiten en kennis hebben. Het is daarom belangrijk om onze partners te kennen en afspraken te maken over de samenwerking, de rolverdeling, de informatiedeling en -veiligheid, het samen oefenen (regionaal partnerprofiel). Wij werken al veel samen met onze partners, maar bij nieuwe risico’s, incidenten crisistypen horen ook nieuwe partners. Die nemen we op in ons netwerk en we maken met hen goede afspraken. Dit netwerkmanagement zal in 2024 verder worden doorontwikkeld (activiteit 20248a). 2024-8a
Doel: Doorontwikkeling netwerkmanagement. Crisismanagement is netwerkmanagement. Het partnerprofiel is hiervoor de basis. Netwerkmanagement gaat over samenwerken in netwerken met directe samenwerkingspartners, maar ook over bovenregionale en landelijke samenwerking. Het doel is een beter beeld te krijgen van het netwerk, een geactualiseerd partnerprofiel en een passend repertoire om onze netwerkvaardigheden verder te verbeteren. Resultaat: Onderzoek naar netwerkmanagement in relatie tot crisisbeheersing, een verbeterplan netwerkmanagement en een implementatieplan. Het uiteindelijke resultaat is dat VRHM bekend is met haar netwerk en, mede afhankelijk van de risico’s binnen het verzorgingsgebied van VRHM, een actieve samenwerkingsrelatie relatie onderhoudt met de geïdentificeerde partners. Hierbij is er aandacht voor landelijke ontwikkelingen en worden deze ook gebruikt. Betrokken sector(en): RCB Betrokken afdeling(en): Crisisbeheersing, GHOR, BGC en GMK.
Opgave 9: Wij beschikken over een goede en veilige informatievoorziening Het op tijd beschikbaar hebben van elkaars informatie over actuele risico’s en veiligheidsbeeld, is onmisbaar voor de (mono- en multidisciplinaire) operationele voorbereiding, de monitoring en de besluitvorming tijdens een incident of (dreigende) crisis. Zowel met de partners in onze veiligheidsregio, als tussen de veiligheidsregio’s en het Rijk. Accurate en consistente informatie en de bijbehorende informatievoorziening zijn dus meer en meer een belangrijke steunpilaar in onze
18
taakuitvoering. Dit belang en de toenemende afhankelijkheid hiervan voor onze taakuitvoering, stellen bovendien hogere eisen aan de informatieveiligheid van onze informatievoorziening. De activiteiten die in dit kader moeten worden ondernomen zijn te ordenen rondom de thema’s I-veilig, I-volwassen en I-vaardig. Ten aanzien van informatieveiligheid is binnen de organisatie de basis op orde. Ook zijn oefeningen gehouden om afgesproken procedures rondom informatieveiligheid te testen. In 2024 zal een oriëntatie plaatsvinden op wat de juiste vervolgstappen zijn in deze beleidsplanperiode (activiteit 2024-9a) en op basis hiervan een plan van aanpak worden uitgevoerd. In het kader van onze inzet om als organisatie I-volwassen te worden zal een programma informatiegestuurd werken worden opgesteld (activiteit 2024-9b). Een en ander vraagt (bij)scholing van onze medewerkers. Hiervoor zullen generieke en specifieke opleidingen worden ontwikkeld en verzorgd (activiteit 2024-9c). 2024-9a
Doel: I-veilig. Informatieveiligheid blijft in 2024 een belangrijk onderwerp. Regionaal en landelijk. Dit werkveld kent vele invalshoeken, aspecten en verwevenheden met tal van zaken, zoals toegangsbeveiliging (zowel digitaal als fysiek) back-up and recovery procedures, cybersecuritytrainingen, awareness etc. Resultaat: Een werkplan Informatieveiligheid 2024 en een projectplan en realisatie vernieuwing datacenter Betrokken sector(en): Bedrijfsvoering, RCB en Brandweerzorg Betrokken afdeling(en): Elke afdeling
2024-9b
Doel: I-volwassen met data en informatie. Het optimaal inzetten van informatie om veiligheid van de regio en bedrijfsvoering binnen VRHM te vergroten noemen we informatiegestuurd werken. Sterke relatie met punt 19 I-Vaardig: Hiervoor is randvoorwaardelijk dat medewerkers digitaal vaardig zijn, zijn opdat zij om kunnen gaan met systemen en technieken. Dit is randvoorwaardelijk om informatiegestuurd te kunnen gaan werken. Resultaat: Een plan van aanpak Programma Informatiegestuurd Werken, een roadmap en backlog BI en projectplannen en projectrealisatie nieuwe informatiesystemen. Betrokken sector(en): Bedrijfsvoering, RCB en Brandweerzorg Betrokken afdeling(en): Elke afdeling
2024-9c
Doel: I-vaardig. Vergroten van digitale vaardigheden van medewerkers en organisatie. Zowel generieke vaardigheden als afdelingsspecifieke vaardigheden. De organisatie leren samenwerken via moderne samenwerkingstools en met brandweer tools op straat als LiveOp. Zowel op kantoor als in crisis- en brandweerzorg werkzaamheden. Resultaat: Een projectplan en realisatie opleidingen en migratie, een ontwerp, projectplan en realisatie kantoor/kazerne/thuis werkplek en de realisatie van nieuwe functionaliteiten Repressieve Operationele Informatie Voorziening (ROIV). Betrokken sector(en): Bedrijfsvoering, RCB en Brandweerzorg Betrokken afdeling(en): Elke afdeling
19
Opgave 10: Wij nemen onze maatschappelijke verantwoordelijkheid De samenleving is in ontwikkeling op de thema’s duurzaamheid, sociale veiligheid, gezondheid, diversiteit, gelijkwaardigheid en inclusie, en verandert hierdoor. Wij staan midden in deze veranderende samenleving. En dus betekent dit ook iets voor onze organisatie, collega’s en toekomstig talent. Wij zetten daarom in op een duurzame, veilige en gezonde organisatie waarin iedereen zich welkom en thuis voelt. Op de genoemde thema’s is veel werk te verzetten om bij de tijd te blijven. Met de hiervoor beschikbare schaarse capaciteit zal in 2024 worden ingezet op een programma en plan van aanpak ter verbetering van diversiteit, inclusie en gelijkwaardigheid (DIG) (activiteit 202410a). Voor wat betreft duurzaamheid zal een programma en plan aanpak verduurzaming worden opgesteld (activiteit 2024-10b). In eerste instantie is de in 2023 vastgestelde CO 2-prestatieladder hiervoor de basis. 2024-10a
Doel: Vaststellen Programma & Plan van Aanpak "Diversiteit, Inclusie, Gelijkwaardigheid (DIG)" en het daarin onderbrengen van het lopende Plan van Aanpak "Sociale Veiligheid". Resultaat: Onderbouwd langlopend Programma en Plan van Aanpak DIG (met daarin verwerkt inclusieve organisatie, waar alle medewerkers zich veilig en geaccepteerd voelen en gelijkwaardig behandeld worden. Betrokken sector(en): Bedrijfsvoering, RCB en Brandweerzorg Betrokken afdeling(en): Elke afdeling.
2024-10b
Doel: Opzetten van het Programma Duurzaamheid/invoering CO2 prestatieladder: in 2026: - vermindering CO2 met 30%; - vermindering energieverbruik met 20%; - dienstreizen: vermindering CO2 met 15%. Resultaat: Programmaplan met geconcretiseerde, certificeerbare maatregelenlijst. Betrokken sector(en): Bedrijfsvoering, RCB en Brandweerzorg Betrokken afdeling(en): Elke afdeling.
Opgave 11: Wij investeren in onze collega’s Wij vragen veel van onze collega’s, zowel in hun dagelijkse werk als bij hun inzet op onze opgaven. Welke functie ze ook vervullen in onze organisatie, we hebben hun talent hard nodig. Daarom investeren we in hun ontwikkeling, hun leiderschap en hun medewerkerschap. In de achterliggende jaren is binnen de organisatie een ontwikkeltraject voor leiderschap uitgevoerd onder de naam ‘samen verder’. Dit traject richtte
20
zich op de eisen die de VUCA-wereld heden ten dage aan leidinggevenden stelt. In 2023 is dit traject beëindigd. In 2024 zal een nieuw (trainings)programma als vervolg hierop worden opgesteld (activiteit 2024-11a). Daarnaast is, mede in lijn met opgave 12 (wij zijn wendbaar), het opstellen van een strategisch personeelsplan onontbeerlijk (activiteit 2024-11b). Dit plan dient de basis te zijn voor het gestructureerd en doelgericht toewerken naar de juiste mix van instroom, doorstroom en uitstroom en de duurzame en flexibele inzetbaarheid van medewerkers. 2024-11a
Doel: Voortzetting Samen verder: Ontwikkelen van een doelgroepgericht (trainings-) programma voor leidinggevenden en medewerkers met de focus op de P van PIOFACH-taken. Resultaat: De zelfredzaamheid te vergroten van de leidinggevende op P gerelateerde thema's en integraal management. Betrokken sector(en): Algemeen directeur VRHM Betrokken afdeling(en): POC
2024-11b
Doel: Opstellen strategisch personeelsplan (SPP) in relatie tot de vereiste wendbaarheid van de organisatie. Het startpunt is vraag hoe het huidige personeelsbestand er uit ziet, wat de ideale situatie nu zou zijn, wat we in de toekomst nodig hebben versus hoe het er volgens de verwachtingen uitziet en wat we te doen hebben om in de toekomst het juiste/ideale personeelsbestand hebben. Resultaat: Toekomstgericht personeelsbeleid, waarbij we mensen weten te binden en te boeien en voorbereid zijn op ontwikkelingen in de toekomst. Hierbij nemen we ook de ontwikkelingen in de omgeving (buitenwereld) mee. Betrokken sector(en): Algemeen directeur VRHM Betrokken afdeling(en): POC
Opgave 12: Wij zijn wendbaar Genoemde opgaven vragen, naast het vele dagelijkse werk veel van onze organisatie. We kunnen hier alleen invulling aan geven als onze bedrijfsvoering, werkwijzen en organisatiestructuur hierbij faciliteren, zodat we inzicht hebben in zowel proces als resultaat. Het vraagt om keuzes maken, verbeteren en kunnen veranderen. De opzet van dit beleidsplan en de wijze waarop we hier uitvoering aan geven helpt hierbij. In de achterliggende jaren is het inzicht ontstaan dat binnen de veiligheidsregio de regelkracht van de brandweerorganisatie de organisatiekracht van de crisisbeheersingsorganisatie versterkt en omgekeerd. Deze combinatie van competenties levert een groot adaptief vermogen, mits het kan steunen op een stevige bedrijfsvoering basis. Dit geheel zal in de voorliggende beleidsplanperiode 2024-2027 verder worden doorontwikkeld hetgeen moet leiden tot een verdere versterking van de wendbaarheid. Het jaar 2024 zal centraal staan om uit de adhoc en waan van de dag te komen, ondercapaciteit op sommige plekken op te lossen en de cruciale (wettelijke) verplichtingen en processen goed in te richten en parallel te bouwen aan een toekomstbestendige visie op integrale bedrijfsvoering en besturing met een duidelijke richting en kaders voor een continue ontwikkeling. We pakken de ontwikkeling van onze
21
dienstverlening met elkaar en in co-creatie met andere sectoren op. Kort cyclisch in kleine stapjes en inspelend op de interne en omgevingsbehoefte. In 2024 zal daarvoor met name gewerkt worden aan een versteviging van het financieel management. Dit valt uiteen in een project ter verbetering van onze budgettering (activiteit 2024-12a) en het verbeteren van onze meerjareninvesteringsplannen op het gebied van materieel, huisvesting, inventaris en informatiesystemen (activiteit 2024-12b). Daarnaast zal in de eerste maanden van 2024 gecoördineerd gewerkt worden aan het opstellen van de jaarstukken 2023 inclusief rechtmatigheidsverantwoording, het opstellen van de programmabegroting 2025-2028 en het opvolgen van de aanbevelingen uit de managementletter 2023. Deze activiteiten worden uitgevoerd onder de projectnaam operatie 2325 (activiteit 2024-12c). Daarnaast wordt in 2024 uitvoering gegeven aan het bestuursbesluit om de GHOR-organisatie te ontvlechten uit de gemeenschappelijke regeling Hecht en onder te brengen binnen de veiligheidsregio (activiteit 2024-12d). 2024-12a
Doel: Vervolg besturing en bedrijfsvoering op orde. Effect is dat prognose en realisatie van de financiën beter te voorspellen zijn en keuzen en besluitvorming makkelijker te maken zijn. Heeft een nauwe relatie met punt 12b. Resultaat: betere voorspelbaarheid en beheersbaarheid van de projecten, de financiële impact en een plan van aanpak. Betrokken sector(en): Bedrijfsvoering Betrokken afdeling(en): P&C, Strategie & Beleid en Financiën.
2024-12b
Doel: Het opstellen van meerjareninvesteringsplannen materieel, huisvesting en informatiesystemen. Genoemde plannen geven inzicht in de vervangings- en onderhoudsopgaven tot 2030 en zijn belangrijke pijlers onder het financieel management. Resultaat: Een overzicht van investeringen per jaar en per thema (materieel, huisvesting, informatiesystemen), een besluitenlijst herinvesteringen en vastgestelde meerjareninvesteringsplannen. Betrokken sector(en): Bedrijfsvoering en Brandweerzorg Betrokken afdeling(en): PPO, Planning & Control, Financiën, Facilitair en IM.
2024-12c
Doel: Het ontvlechten van het bureau GHOR uit de organisatiestructuur van Hecht en invlechten in de organisatiestructuur van de veiligheidsregio op basis van bestuurlijk vastgestelde uitgangspunten. Resultaat: De transitie van de GHOR naar VRHM op 1 januari 2025. Het bureau GHOR is dan een afdeling binnen de sector risico- en crisisbeheersing van VRHM. Betrokken sector(en): Hecht en Algemeen directeur VRHM Betrokken afdeling(en): GHOR, CB, POC, Planning & Control, Strategie & Beleid, IM en Facilitair.
2024-12d
Doel: Operatie 2325. Integrale samenwerking om het opstellen van de (wettelijk) vereiste P&C-documenten, een goedkeurend oordeel van de accountant op getrouwheid van de jaarrekening en rechtmatigheidsverantwoording 2023 en het zelf(standig) kunnen verantwoorden van rechtmatigheid vanaf 2024 integraal af te stemmen en door middel van (eenhoofdige) leiding, gecoördineerd uit te voeren. Resultaat: Een goedkeurend oordeel van de accountant op getrouwheid van de jaarrekening en rechtmatigheidsverantwoording 2023, een goedkeurend oordeel van de accountant op getrouwheid van de jaarrekening en rechtmatigheidsverantwoording 2023, zelf(standig) kunnen verantwoorden van rechtmatigheid vanaf 2024 (Rechtmatigheids-verantwoording 2024) en zelf(standig) kunnen verantwoorden van rechtmatigheid vanaf 2024 (Rechtmatigheids-verantwoording 2024). Betrokken sector(en): Algemeen directeur VRHM
22
Betrokken afdeling(en): Allen
4.2 Monitoring voortgang Net als afgelopen jaar zal ook in 2024 per tertiair worden gerapporteerd over de voortgang. Per activiteit (27 totaal) zal de voortgang gegeven worden, evenals een doorkijk voor de rest van het jaar. De eindverantwoording over heel 2024 zal opgenomen worden in de jaarstukken net als in 2023.
23
Bijlage 1: Overzicht Programmabegroting 2024
24
Kadernota 2025
Kadernota 2025 Veiligheidsregio Hollands Midden
Datum: Auteurs:
Maart 2024 Concernstaf
Inhoud
1
Inleiding ............................................................................................................... 2
2 2.1 2.2
Beleidskader VRHM 2025 .................................................................................... 2 Regionaal Beleidsplan 2024-2027 ...................................................................................... 2 Transitie GHOR Hollands Midden naar VRHM ................................................................... 3
3 3.1 3.2 3.3 3.4 3.5
Financieel kader 2025 VRHM .............................................................................. 4 Bestuurlijke afspraken financiering Veiligheidsregio ........................................................... 4 Advies Werkgroep Financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen .................... 4 Geen financiele middelen beschikbaar voor nieuwe ontwikkelingen .................................. 5 Inzet Rijksuitkering Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR) ................................. 5 Transitie GHOR Hollands Midden naar VRHM ................................................................... 5