D05 VNG, ledenbrief 24_051 Model Participatieverordening 2024.pdf
Tekst van het document
Artikel [7.] Plan voor [Inwonersparticipatie OF Participatie] In dit artikel is geregeld dat het bestuursorgaan een plan voor de [inwonersparticipatie OF participatie] moet opstellen. Dit zorgt dat er duidelijkheid is over het proces, het doel en de vorm van de participatie. [Benadrukt is dat het
plan in lijn moet zijn met het door de gemeenteraad vastgestelde participatiebeleid. ] [Verder zijn de elementen opgenomen die in ieder geval in het participatieplan
moeten staan.] Het plan kan in overleg met inwoners en maatschappelijke partijen worden opgesteld.
28
[Wat betreft de te kiezen vorm van participatie is aangesloten bij de
participatieladder waarbij elke trap op de ladder meer invloed op de besluitvorming betekent.] De vorm van een participatieplan is vrij. Het plan kan onderdeel zijn van een voordracht, projectplan of beleidsstuk, maar ook een losstaand document is mogelijk. Van belang is vooral dat inzichtelijk is waar het participatieplan te vinden is en het duidelijkheid biedt. [Verder is geregeld dat het college voor het opstellen
van het plan zorgt als het om een bevoegdheid van de gemeenteraad gaat. ] Artikel [8.] Inspraak Een bestuursorgaan kan op grond van de verordening inspraak verlenen, ook als de wet daartoe niet verplicht. Inspraak kan eventueel naast een andere vorm van participatie plaatsvinden. Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht bevat de uniforme openbare voorbereidingsprocedure. Deze afdeling is in beginsel van toepassing als inspraak wordt verleend. Het bestuursorgaan kan hier echter van afwijken en een andere inspraakprocedure vaststellen. Voor de uniforme openbare voorbereidingsprocedure geldt dat het doel is om zorgvuldige besluitvorming te waarborgen, de uitkomsten hiervan te legitimeren, de rechten en belangen van burgers te beschermen en beleid met andere overheden te coördineren. De procedure voorziet daartoe in de wijze waarop een bestuursorgaan ontwerpbesluiten ter inzage moet leggen, hoe belanghebbenden hierop kunnen reageren en hoe bestuursorganen met deze reacties moeten omgaan. Zo moeten belanghebbenden zowel schriftelijk als mondeling kunnen reageren en moet de termijn voor de reactie minimaal zes weken bedragen. Dit geldt dus ook als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht op inspraak wordt toegepast. [Artikel [9.] Ondersteuning participatie
Het college biedt laagdrempelige ondersteuning aan de degenen die aan de participatie willen deelnemen of een verzoek om participatie hebben ingediend. Dit om ervoor te zorgen dat dit voor alle inwoners mogelijk is. De ondersteuning kan bijvoorbeeld plaatsvinden door middel van een (buurt)loket. ] Hoofdstuk 4 – [Inwonersparticipatie OF Aanvullende bepalingen inwonersparticipatie] Dit hoofdstuk bevat [aanvullende] bepalingen specifiek voor inwonersparticipatie. 29
[Artikel [10.] Eindverslag inwonersparticipatie
Het bestuursorgaan moet een eindverslag van de inwonersparticipatie opstellen dat een compleet overzicht geeft van het inwonersparticipatieproces. [In het verslag moeten in elk geval het proces, de reacties en de uitkomsten van de participatie worden beschreven. Het is genoeg om kort te beschrijven wat mensen hebben gezegd en wie dat heeft gedaan. In de eindfase van de participatie moet het bestuursorgaan ook laten weten wat er met de uitkomsten van de participatie is gedaan.] Het eindverslag kan worden opgenomen in een losstaand document, maar het kan ook een onderdeel van een voordracht of een passage in een brief zijn. Het ligt voor de hand om degenen die hebben geparticipeerd het eindverslag toe te sturen. Als dat mogelijk is, is het raadzaam om de deelnemers van het participatietraject ook bij het opstellen van het eindverslag te betrekken. Het eindverslag wordt openbaar gemaakt.] [Verder is geregeld dat het college voor het opstellen van het verslag zorgt als het om een bevoegdheid van de gemeenteraad gaat.] Hoofdstuk 5 – [Overheidsparticipatie OF Aanvullende bepalingen overheidsparticipatie] Dit hoofdstuk bevat specifieke bepalingen met betrekking tot overheidsparticipatie.
Artikel [11.] Verzoek om overheidsparticipatie Overheidsparticipatie begint, ongeacht het bestuursorgaan dat bevoegd is, met een verzoek aan het college. Hiervoor is gekozen zodat het indienen van een verzoek laagdrempelig is en ook centraal ontvangen wordt. In het verzoek moet in ieder geval de overheidsparticipatie beschreven worden die de indiener voor ogen heeft, de reden waarom de indiener dit voor ogen heeft en het resultaat dat de indiener wil bereiken. [Daarbij levert de indiener ook specifieke informatie aan met betrekking
tot de uitvoering van de over te nemen taak. (Denk aan informatie over de kosten of andere middelen die daarmee gemoeid zijn) ]. [Voor het indienen van het verzoek is een formulier ontwikkeld. Dit moet het indienen van een verzoek om overheidsparticipatie vergemakkelijken.] Als aanvullende informatie nodig is om op het verzoek te reageren of het verzoek niet compleet is, kan het college deze informatie opvragen. Het ligt voor de hand dat het college dan met de indiener in gesprek gaat. [Artikel [12.] Ondersteuning indiener verzoek overheidsparticipatie 30
Het college biedt laagdrempelige ondersteuning aan indieners van een overheidsparticipatieverzoek. Dit om ervoor te zorgen dat het indienen van een dergelijk verzoek voor alle inwoners mogelijk is. De ondersteuning kan bijvoorbeeld plaatsvinden door middel van een (buurt)loket.] Artikel [13.] Beoordeling verzoek overheidsparticipatie Het college neemt alle verzoeken om overheidsparticipatie in ontvangst en zendt deze door aan het bevoegde bestuursorgaan. Het bevoegde bestuursorgaan moet
het verzoek onder bepaalde omstandigheden afwijzen. In dat verband is een aantal uitzonderingsgronden opgesomd. Dit is bijvoorbeeld aan de orde als het verzoek in strijd is met door de gemeente vastgesteld beleid. Verder is er een aantal omstandigheden genoemd waaronder het bestuursorgaan het verzoek kan afwijzen. Het is dan aan het bestuursorgaan om een afweging te maken welke belangen zwaarder wegen.] In het artikel is ook een termijn opgenomen waarbinnen op het verzoek moet worden gereageerd. Het bestuursorgaan moet de reactie onderbouwen en ook openbaar maken. Artikel [14.] Uitvoering overheidsparticipatie Als het verzoek om overheidsparticipatie wordt toegewezen, maakt het bestuursorgaan met de indiener afspraken over de overheidsparticipatie en ook over de stappen die volgen als de afspraken niet worden nagekomen. Het ligt voor de hand deze afspraken vast te leggen in een overeenkomst.
Hoofdstuk 6 – Slotbepalingen [Artikel [15.] Nadere regels college
Het college heeft de bevoegdheid om nadere regels vast te stellen en bepaalde artikelen uit de verordening dus nader uit te werken.] [Artikel [16.] Hardheidsclausule
Om maatwerk te garanderen en onevenredig bezwarende uitkomsten van de toepassing van deze verordening te voorkomen, heeft het bestuursorgaan de mogelijkheid om in uitzonderlijke gevallen af te wijken van de bepalingen in deze verordening. Het bestuursorgaan moet wel onderbouwen waarom het afwijkt.]
31
Model participatieverordening: Vormen & keuzes Inwonersparticipatie en uitdaagrecht
Inwonersparticipatie en overheidsparticipatie
Visie, plan en programma O
mg
Kaders gemeenteraad Variant 2
e vin g s w et
Reikwijdte
Jaarverslag Participatieparagraaf
Ondersteuning indiener verzoek uitdaagrecht
echt agr da
Uit
Verzoek toepassing uitdaagrecht Beoordeling verzoek uitdaagrecht Uitvoering taak Variant 1
Aanvullingen
Plan voor inwonersparticipatie
Inspraak Nadere regels college
Eindverslag inwonersparticipatie
Vaste onderdelen
Visie, plan en programma O
mg
e vin g s w et
Jaarverslag Verzoek om overheidsparticipatie
Beoordeling verzoek overheidsparticipatie
Participatieparagraaf
Zorgplicht Bestuursorgaan Experimenteerprogramma
Uitvoering overheidsparticipatie
Doelstelling Ondersteuning indiener overheidsparticipatie Ondersteuning inwonersparticipatie
Aanvullingen
Omg
Vergunning
Overlap Geldt in beide varianten
ng
i
Inwoners- en overheidsparticipatie Variant 2
Mogelijkheden tot participatie
ev
Inwonersparticipatie en uitdaagrecht Variant 1
sw
et