CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

D01 VRHM, voorlopige jaarstukken VRHM 2024.pdf

Gemeenteraad 28 mei 2025, gemeente HillegomBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken23.197 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Aan de gemeenteraden van gemeenten die deelnemen in de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Hollands Midden T.a.v. de griffiers

Bezoekadres Rooseveltstraat 4a 2302 BC Leiden Postadres

Cc. Colleges

Postbus 1123 2302 BC Leiden

Datum: Ons kenmerk:

18 april 2025 D2025-00016106

Uw kenmerk:

Telefoon: E-mail: Onderwerp:

Uw brief van: Contactpersoon:

Ernst Breider, Concerncontroller

06 46 34 44 64 ernst.breider@vrhm.nl

Bijlage:

1

Voorlopige Jaarstukken Veiligheidsregio Hollands Midden 2024 Graag bij correspondentie kenmerk en onderwerp vermelden.

Geachte leden van de raad, Aanbieding van de voorlopige Jaarstukken 2024 Het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) biedt u hierbij de voorlopige Jaarstukken 2024 van de Veiligheidsregio Hollands Midden ter informatie aan. Jaarrekeningresultaat 2024 Het voorlopig rekeningresultaat 2024 (voor bestemming) bedraagt € 3.152.807 positief. Dit positieve resultaat heeft een sterk incidenteel karakter. In 2024 is sprake van een onderschrijding van de salariskosten als gevolg van openstaande vacatures en van een onderuitputting van de kapitaallasten door uitgestelde investeringen. Daartegenover staan echter extra inhuurkosten en benodigde dotaties aan de voorzieningen Verlofsparen en Regeling vervroegd uittreden (RVU). Enerzijds zag VRHM zich gesteld voor structurele lastenverhogingen, zoals een stijging van de loonkosten met 6,4% (ten opzichte van de in de begroting opgenomen 3,9%) en hogere rentekosten door het aantrekken van langlopende leningen. Anderzijds zorgden onverwachts hoge incidentele baten voor een positief jaarrekeningresultaat. Deze baten bestaan onder andere uit een niet-begrote vergoeding voor coördinatiekosten COA, de verkoop van vervangen brandweermaterieel, een hogere beschikking en loon- en prijsbijstelling van de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR), en onderuitputting van extra BDuR-gelden.

Toelichting resultaat voorlopige jaarrekening VRHM 2024 Toelichting baten 2024 De baten in 2024 bedroegen € 81,8 mln. ten opzichte van € 78,3 begroot, totaal € 3,5 mln. meer.

Toelichting gemeentelijke bijdragen De gemeentelijke bijdragen, begroot op € 60,0 mln., zijn € 0,3 mln. lager. Oorzaak is dat de in de gemeentelijke bijdrage van Gouda de vordering op Gouda ingevolgde FLO via de balans wordt verwerkt en niet meer via de Verlies & Winstrekening. Deze bijdrage was in de begroting 2024 nog niet via de balans verwerkt. Rijksbijdrage BDuR (Brede Doeluitkering Rampenbestrijding) De beschikking bedraagt uiteindelijk € 600.000 meer dan de verwachte bijdrage voor 2024 in de beschikking voor 2023 (december 2022) was aangegeven. De (niet begrote) toekenning van de loon- en prijsbijstelling over de BDuR 2024 bedraagt € 400.000. Deze bedragen zijn structureel en werken door in de komende jaren, waarbij op het moment van schrijven in de ontwerpProgrammabegroting 2026 rekening moet worden gehouden van een taakstelling door het Ministerie van Justitie en Veiligheid van € 722.000. Overige baten De overige baten bedragen € 2,4 mln. meer dan begroot, met name veroorzaakt door boekwinst op verkoop van activa (vervangen brandweermaterieel) ad € 1.200.000, rente uit deposito ad € 800.000 en hogere uitkering werknemersverzekeringen ad € 300.000. Deze zijn incidenteel. Overige baten - Vergoeding coördinatiekosten COA VRHM heeft ook in 2024 asielzoekers opgevangen in het kader van de crisisnoodopvang (CNO).

De door de VRHM gemaakte kosten zijn in rekening gebracht bij het Centraal Opvang Asielzoekers (COA). In de overige baten is de vergoeding verwerkt van de kosten voor COA en Oekraïne. Conform afspraak met veiligheidsregio’s en COA brengt ook de VRHM coördinatiekosten bij het COA in rekening op basis van het overheadpercentage (voor de VRHM 20,2%) als opgenomen in de Programmabegroting 2024. De incidentele vergoeding voor deze coördinatiekosten door het COA bedraagt in 2024 € 600.000. Toelichting lasten 2024 De lasten in 2024 bedroegen € 78,8 mln. ten opzichte van € 78,5 begroot, totaal € 0,3 mln. meer. In de lasten is € 8,4 mln. verwerkt voor de kosten die de VRHM heeft gemaakt voor de crisisnoodopvanglocatie(s) COA (€ 3,2 mln.) en 1e opvang ontheemden Oekraïne (€ 5,2 mln.). Deze zijn ook als vergoeding bij de baten ook opgenomen. Deze overschrijding (0,4% t.o.v. de begrote lasten) zit als saldo op verschillende kostencategorieën, waarbij de volgende worden genoemd: - Loonkosten, saldo CAO en vacatureruimte € 500.000 (structureel) - Inhuurkosten € 600.000 (incidentele overschrijding) - Rentekosten € 910.000 (structureel) - Projectkosten transitie GHOR € 141.000 (incidenteel) - Dotatie aan voorziening Verlofsparen € 528.000 (structureel, dotatie variabel) - Dotatie aan voorziening RVU € 100.000 (incidenteel) -

Onderuitputting extra BDuR-gelden Vrijval voorziening FLO Onderuitputting kapitaallasten Diverse budgetonderschrijdingen

-/- € 733.000 (incidenteel) -/- € 241.000 (structureel, vrijval variabel) -/- € 1.200.000 (incidenteel) -/- € 300.000 (deels structureel en incidenteel)

Bestemming Jaarrekeningresultaat 2024 Aan het algemeen bestuur wordt gevraagd in te stemmen met een verhoging van de algemene reserve (€ 650.000), het vormen van een bestemmingsreserve voor het thema Weerbaarheid (€ 733.000) en restitutie van het resterend deel (€ 1.769.807) aan de deelnemende gemeenten conform hun (relatieve) aandeel in de gemeentelijke bijdragen aan de VRHM.

2

Verhoging Algemene Reserve met € 650.000 1. Verhoging Algemene Reserve met € 250.000 voor het risico van onvoorziene juridische claims (PTTS als beroepsziekte en aansprakelijkheidstelling) In de Algemene Reserve van de VRHM is een bedrag t.b.v. het weerstandsvermogen opgenomen van € 250.000 voor onvoorziene juridische claims. Momenteel is er landelijk een behoorlijke impuls op het dossier PTSS; zowel op preventie en nazorg, als rechtspositionele kwesties en aansprakelijkheid. Op 5 december 2024 is het algemeen bestuur VRHM geïnformeerd over de laatste (landelijke) ontwikkelingen rondom PTSS. Als arbeidsongeschiktheid wordt gekwalificeerd als in en door de dienst, dan volgen de aanspraken uit de rechtspositie. De afgelopen maanden is een uitvoerig traject doorlopen om te komen tot een “(concept) Regeling erkenning en aanspraken bij PTSS als beroepsziekte”. De regeling voorziet in de erkenning van PTSS als beroepsziekte en in het toekennen van aanspraken. Als uitgangspunten in de nieuwe regeling gelden: - De aanspraken bij PTSS voor beroepsmedewerkers en vrijwilligers zijn gelijk. - In de regeling komt te staan dat PTSS onder voorwaarden als beroepsziekte wordt aangemerkt. Daarmee wordt PTSS landelijk als beroepsziekte erkend. - De regeling bepaalt alleen de rechtspositionele aanspraken en regelt niet de aansprakelijkheid.

Gezien de eventuele financiële impact van de regeling en aansprakelijkheid stelt de VRHM voor het bedrag ten bate van het weerstandsvermogen voor onvoorziene juridische claims te verhogen met € 250.000 tot € 500.000. 2. Verhoging Algemene Reserve met € 400.000 voor het risico van frictiekosten als gevolg van bezuinigings-taakstelling op formatiekrimp Nu de VRHM een bezuinigingstaakstelling vanaf 2026 heeft gekregen en het personeelsbestand moet inkrimpen, kan ze te maken krijgen met verschillende frictiekosten. Bijvoorbeeld vrijwillige vertrekregelingen of kosten voor herplaatsing. De werkgroep Financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen Hollands-Midden heeft in haar brief (31 oktober 2024, kenmerk Z/24/3752082) voor begrotingen 2026 geschreven: “Ombuigingen kunnen gepaard gaan met frictiekosten. Veel gemeenschappelijke regelingen kennen een beperkte reservepositie. Wij adviseren om eventuele frictiekosten incidenteel bij gemeenten in rekening te brengen”. De VRHM stelt voor, ter grootte van de bezuinigingstaakstelling op de krimp ad € 400.000, de Algemene Reserve te verhogen zodat voor eventuele frictiekosten geen incidentele dekking aan gemeenten gevraagd hoeft te worden.

Vormen van een bestemmingsreserve voor het thema Weerbaarheid Voorgesteld wordt een bestemmingsreserve weerbaarheid te vormen met een initiële vulling uit de niet-bestede middelen van de extra BDuR-uitkering 2024 (€ 733.000). In het licht van de toenemende klimatologische, maatschappelijke en geopolitieke risico’s, de veranderende rol van veiligheidsregio’s en de bredere verantwoordelijkheden ten aanzien van maatschappelijke weerbaarheid, adviseert de VRHM om een bestemmingsreserve in te stellen voor het thema Weerbaarheid.

3

Recente rapporten en beleidskaders, zoals de landelijke agenda crisisbeheersing, het programma verhogen maatschappelijke weerbaarheid en veerkracht van het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) en de publiekscampagne weerbaarheid van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) onderstrepen de noodzaak van een integrale en proactieve aanpak van maatschappelijke weerbaarheid. Dreigingen vanuit onder andere geopolitieke conflicten maar ook kwetsbaarheden op het gebied van vitale infrastructuur vragen om extra investeringen in voorbereidende maatregelen van de Veiligheidsregio en de samenleving. Het betrekken van de inwoners middels effectieve particuliere initiatieven is daarbij een belangrijk onderdeel. De structurele financiering van weerbaarheidsmaatregelen is momenteel echter onzeker. Deze reserve fungeert als startkapitaal om, in afwachting van structurele financiering, incidentele initiatieven te starten die bijdragen aan het vergroten van de weerbaarheid en veerkracht. Controleverklaring en Rapport van bevindingen van de accountant Het betreft de voorlopige Jaarstukken en het voorlopig rekeningresultaat 2024. Het 2e deel van de jaarrekeningcontrole is gepland medio mei 2025. De eindcontrole van de accountant is dus nog niet afgerond.

De controleverklaring en het Rapport van bevindingen van de eindcontrole van de accountant (Publieke Sector Accountants) zullen worden opgenomen in de definitieve Jaarstukken 2024 en worden nagezonden. Door de voorgestelde wijziging van de Gemeentewet geeft de accountant in de controleverklaring vanaf 2023 nog uitsluitend een oordeel over de getrouwheid van de jaarrekening. In plaats van het oordeel van de accountant over de rechtmatigheid legt het bestuur daarover zelf verantwoording af in de jaarrekening. De rechtmatigheidsverantwoording van het bestuur maakt onderdeel uit van de jaarrekening. Hierdoor ziet het getrouwheidsoordeel van de accountant ook op de rechtmatigheidsverantwoording die afgelegd wordt door het bestuur. Zienswijzeprocedure niet van toepassing De zienswijzeprocedure die geldt voor de programmabegroting is niet van toepassing op de jaarstukken. Het dagelijks bestuur van de gemeenschappelijke regeling dient de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, maar in ieder geval vóór 15 juli van het jaar volgende op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, toe te zenden aan gedeputeerde staten. Vaststelling De vaststelling van de (definitieve) Jaarstukken 2024 is geagendeerd voor de openbare vergadering van het algemeen bestuur van de VRHM op 3 juli 2025.

Hoogachtend, Namens het dagelijks bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden

J.J. Zuidijk Secretaris

4

Bijlage: 1. Voorlopige Jaarstukken VRHM 2024

5

Voorlopige jaarstukken 2024

Voorlopige jaarstukken 2024

Datum:

Juli 2025

Inhoudsopgave

Inleiding ............................................................................................................................................ 6 Vaststellingsbesluit Jaarstukken 2024 ............................................................................................. 7 Jaarverslag 2024 in één oogopslag ................................................................................................. 8 Organisatie en Beleidsontwikkelingen ............................................................................................. 9 1 Jaarverslag ............................................................................................................... 11 1.1 Programmaverantwoording Fysieke Veiligheid ..................................................................... 11 1.2 Programmaverantwoording Meldkamer 14 1.3. Programmaverantwoording Risico- en crisisbeheersing 15 1.4. Programmaverantwoording GHOR 16 1.5 Programmaverantwoording Bevolkingszorg 19 1.6. Programmaverantwoording Brandweerzorg 19 1.7 Programmaverantwoording Bedrijfsvoering 21 2 Overzicht Overhead .................................................................................................. 24 3 Paragrafen ...............................................................................................................

246 3.1 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing (artikel 11 BBV) ................................... 26 3.2 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen (artikel 12 BBV) ........................................................ 31 3.3 Paragraaf financiering (artikel 13 BBV) .................................................................................... 33 3.4 Paragraaf verbonden partijen.................................................................................................... 38 3.5 Paragraaf bedrijfsvoering (artikel 14 BBV) ............................................................................... 40 3.6 Paragraaf Wet open overheid (Woo)........................................................................................ 44 3.7 Paragraaf Klachtenregeling ...................................................................................................... 44 3.8 Paragraaf stand van zaken Stichting Risicobeheer Veiligheidsregio's en Waarborgfonds ..... 44

4. Jaarrekening 2024 .................................................................................................... 46 Balans per 31 december 2024 ....................................................................................................... 47 Overzicht van baten en lasten over 2024 ....................................................................................... 49 Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling ...................................................................... 52 Toelichting op het overzicht van baten en lasten over 2024 .......................................................... 70 Verantwoording rechtmatigheid 2024 ............................................................................................ 77 Bijlage 1: Taakveldenoverzicht....................................................................................................... 84 Bijlage 2: Verantwoordingsinformatie specifieke uitkeringen (SiSa-bijlage) ................................ 845 Voorstel resultaatbestemming 2024 ............................................................................................... 88

Inleiding De VRHM is een samenwerkingsverband van gemeenten in de regio Hollands Midden krachtens de (gewijzigde) Wet gemeenschappelijke regelingen 2015. Het openbaar lichaam Veiligheidsregio Hollands Midden bezit rechtspersoonlijkheid en is gevestigd in Leiden. De Veiligheidsregio behartigt, op grond van de vastgestelde gemeenschappelijke regeling, de gemeenschappelijke belangen van de deelnemende gemeenten op de volgende terreinen: •

De brandweerzorg;

•

Het inrichten en in stand houden van de gemeenschappelijke meldkamer;

•

De geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen;

• •

De multidisciplinaire rampenbestrijding en crisisbeheersing; De samenwerking bij de gemeentelijke crisisbeheersing en rampenbestrijding.

Gemeente

Aantal inwoners

Alphen aan den Rijn

112.926

Bodegraven-Reeuwijk

35.752

Gouda

74.095

Hillegom

22.312

Kaag en Braassem

27.895

Katwijk

66.032

Krimpenerwaard

57.062

Leiden

125.074

Leiderdorp

27.464

Lisse

23.015

Nieuwkoop

29.304

Noordwijk

44.365

Oegstgeest

25.499

Teylingen

37.942

Voorschoten

25.627

Waddinxveen

31.342

Zoeterwoude

9.302

Zuidplas

45.794

De wijze van uitvoering van de taken en de Totaal inrichting van de organisatie zijn vastgelegd in de gemeenschappelijke regeling en in de organisatie-verordening.

820.802

Bij de stemverhouding binnen het Algemeen Bestuur en de bijdrage van de deelnemende gemeenten wordt rekening gehouden met het aantal inwoners per gemeente. Hiernaast zijn de inwoneraantallen volgens CBS vermeld per 1 januari 2022 (basis voor programmabegroting 2024).

6

Vaststellingsbesluit Jaarstukken 2024 Het Algemeen Bestuur van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Hollands Midden; Gelet op het bepaalde in de Wet Gemeenschappelijke Regelingen en het bepaalde in de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Hollands Midden; Besluit: I. De jaarstukken 2024 van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Hollands Midden vast te stellen; II. Décharge te verlenen aan het Dagelijks Bestuur conform het bepaalde in de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Hollands Midden; III. Het resultaat van de jaarrekening 2024, te weten € 3.152.807 als volgt te bestemmen: ▪ Verhogen van de Algemene Reserve: - verhoogde kans juridische claims (PTTS als beroepsziekte en aansprakelijkheidstelling) € 250.000 - dekking eventuele frictiekosten bezuinigingstaakstelling € 400.000 ▪ Vormen bestemmingsreserve Weerbaarheid € 733.000 subtotaal € 1.383.000 ▪ Restitutie aan gemeenten € 1.769.807 Totaal € 3.152.807

Aldus besloten in de openbare vergadering van het Algemeen Bestuur van 3 juli 2025. De secretaris,

de voorzitter,

J.J. Zuidijk

P.J. Heijkoop

Ingezonden op xx juli 2025 aan: Het College van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland

7

Jaarverslag 2024 in één oogopslag Kengetal

2024

2023

Baten (totaal)

81.822

80.713

Lasten (totaal)

78.819

79.927

Resultaat (na bestemming)

3.153

936

Balanstotaal

84.268

86.202

Eigen Vermogen

9.297

6.511

Weerstandsvermogen

1.125

920

Adviezen Omgevingsveiligheid (WABO)

1.664

1.995

Adviezen evenementenveiligheid Adviezen overig

782

785

1.067

1.008

Controles brandveiligheid

888

1.187

Brand

1.873

1.882

Automatische brandmeldingen

1.019

934

Ongeval en dienstverlening

3.497

3.638

Ongeval gevaarlijke stoffen 1)

81

0

Waterongeval

314

267

First Responder

197

212

Vrijwilligers

976

976

Gemiddeld aantal intakegesprekken burgers en automatische meldingen per maand Gemiddeld aantal spoed (incl. Haaglanden) per maand

49.400

55.463

31.396

30.644

seconden gemiddelde opnametijd

14,7

12,7

Jaarrekening * € 1.000

Risico- en crisisbeheersing

Brandweerzorg

Meldkamer

1) In het meldkamersysteem (GMS) worden meldingsclassificaties en karakteristieken periodiek bijgesteld in een landelijke standaardisatie. Bij de laatste update in oktober 2024 worden o.a. gaslekken anders geclassificeerd en vallen nu onder IBGS.

8

Organisatie en Beleidsontwikkelingen Organisatie-ontwikkeling De samenleving verandert, dus zal de VRHM mee moeten veranderen. De snelle en grote veranderingen in de samenleving waren de aanleiding voor de directie om onze organisatievisie tegen het licht te houden. Het resultaat is een nieuwe organisatievisie die in oktober 2024 is besproken tijdens een bijeenkomst voor leidinggevenden. Tijdens vier werkateliers in november 2024 gingen collega’s uit alle ‘bloedgroepen’ van onze organisatie met elkaar in gesprek met als doel de visie te ‘verrijken’. Waarom een nieuwe visie? Wat staat erin? En wat betekent het voor jou als medewerker? Op basis van alle input die in de werkateliers is opgehaald, wordt de organisatievisie definitief gemaakt. Op 24 januari 2025 bespreekt de directie de aangepaste versie die vervolgens eind januari 2025 wordt vastgesteld en gepresenteerd. Transitie GHOR naar VRHM De GHOR Hollands Midden is per 1 januari 2025 ondergebracht bij de VRHM. In 2024 is deze transitie, onder leiding van een externe projectleider, in werkgroepen voorbereid en vervolgens uitvoering gegeven aan de overgang.

9

Omvang kantoor- en beroepsformatie VRHM ORGANISATIEONDERDEEL Sector Directie en Staf Sector Bedrijfsvoering Sector Brandweerzorg Sector Risico- en Crisisbeheersing Bevolkingszorg Totaal

10

Formatie (fte) 10,6 57,9 237.9 71,1 3,8 381,3

1. Jaarverslag 1.1 Programmaverantwoording Fysieke Veiligheid Nieuw Regionaal Beleidsplan 2024-2027 In 2024 is een nieuw Regionaal Beleidsplan opgesteld, wat heeft geleid tot een herziening van de oorspronkelijke opzet in de programmabegroting 2024. Daarin waren vier ontwikkelopgaven benoemd, maar bij de totstandkoming van het Regionaal Beleidsplan is besloten deze verder uit te werken naar twaalf gezamenlijke ontwikkelopgaven. Deze zijn vastgelegd in het Regionaal Beleidsplan 2024-2027 ‘Focus op veiligheid, vandaag én morgen’. Dit beleidsplan heeft de vorm van een beleidsagenda, op basis waarvan we gericht verder kunnen ontwikkelen. Vanuit alle organisatieonderdelen van de veiligheidsregio wordt hieraan invulling gegeven. De keuze voor een beleidsagenda komt voort uit de snelle veranderingen in de wereld om ons heen. Ontwikkelingen zoals klimaatverandering, verdichting, digitale afhankelijkheid, hyperconnectiviteit, energietransitie, vergrijzing en polarisatie brengen nieuwe en complexere veiligheidsrisico’s met zich mee. Wat deze ontwikkelingen betekenen voor ons werk in de komende jaren, is vastgelegd in het Regionaal Beleidsplan. Sommige ontwikkelingen gaan zo snel, dat we hier nu nog geen pasklaar antwoord op hebben. Het beleidsplan heeft daarom bewust het karakter van een beleidsagenda gekregen.

De hierin opgenomen ontwikkelopgaven zijn leidend voor de verdere ontwikkeling van ons vakgebied en onze organisatie, zodat we als veiligheidsregio adequaat kunnen inspelen op de vraagstukken van vandaag én morgen. De beleidsverantwoording 2024 bestaat uit een toelichting op de twaalf ontwikkelopgaven en de programmataken. 1. Wij hebben positie in het Omgevingsrecht Op 1 januari 2024 is de nieuwe Omgevingswet in werking getreden. Onze huidige wijze van (gevraagd en ongevraagd) adviseren van het bevoegd gezag is hierdoor veranderd. Onze advisering zal minder regelgericht en onze rol minder formeel geborgd zijn. Uit analyse is echter gebleken dat onze betrokkenheid bij intake- en/of omgevingstafels momenteel nog beperkt is. Gemeenten kampen met diverse uitdagingen, waardoor dit gesprek vaak nog niet gevoerd kan worden. 2. Wij werken risicogericht In 2024 heeft de veiligheidsregio verdere stappen gezet in risicogericht werken. De Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR) heeft gewerkt aan de implementatie van de conclusies uit het zorgrisicoprofiel. Belangrijke thema’s zoals zorgcontinuïteit, informatiemanagement en capaciteitstekorten zijn besproken tijdens overleggen van de themagroepen en verder uitgewerkt in een voortgangsnotitie. Er is een model ‘cyclisch risicomanagement’ uitgewerkt en beschreven.

De besluitvorming hierover en implementatie lopen door in 2025. Daarnaast is in samenwerking tussen de sectoren Risico- en Crisisbeheersing en Brandweerzorg een onderlegger ontwikkeld voor gesprekken met pilotkazernes waarvoor een brandweerrisicoprofiel opgesteld gaat worden. Er is gekozen voor drie kazernes waar de pilot zal plaatsvinden. De onderlegger is aangevuld met gegevens van de veiligheidsregio, kaartlagen van de Provincie en input van partners. Later wordt deze verder verrijkt met

11

informatie uit de kazernes en het veld om het brandweerrisicoprofiel per kazerne in kaart te brengen. 3. Wij zetten ons in voor de zelfredzaamheid van inwoners De meeste inwoners zijn zelfredzaam en veerkrachtig. Wij stimuleren hun veiligheidsbewustzijn met betrouwbare informatie over (nieuwe) risico’s en bieden hen handelingsperspectieven. Het Beleidsplan (Brand)veilig leven 2024-2027 is vastgesteld en de uitvoeringsplannen worden momenteel uitgevoerd met het netwerk. Daarnaast is gewerkt aan een Regionale Visie Zelf- en Samenredzaamheid. Deze conceptversie wordt in 2025 verder uitgewerkt en voor bestuurlijke besluitvorming voorbereid. Met deze stappen wordt een fundament gelegd voor verdere activiteiten in de beleidsplanperiode 2024-2027, zodat inwoners beter voorbereid zijn op (nieuwe) risico’s en over handelingsperspectieven beschikken. 4. Wij hebben tactieken en technieken die passen bij de nieuwe uitdagingen Nieuwe ontwikkelingen, zoals energie- en materiaal transitie, toenemende stedelijke verdichting (hoog- en complexbouw) en klimaatverandering, leiden tot nieuwe incidenttypen voor de brandweer. Wij moeten als veiligheidsregio beschikken over de operationele voorbereiding (tactiek) en het materiaal en materieel (techniek) passend bij deze nieuwe uitdagingen. De Risico-inventarisatie Natuurbrand (RIN) is opgesteld voor het duin- en kustgebied van onze veiligheidsregio.

Daarnaast is een Meerjarenbeheersplan opgesteld welke in de project- en stuurgroep is vastgesteld. Tevens zijn er gesprekken met de Provincie Zuid-Holland gestart voor wat betreft bovenregionale vraagstukken. De aandacht voor het onderwerp Natuurbrand krijgt in 2025 een vervolg. Waar het afgelopen jaar is gebruikt om in beeld te brengen wat ons bedreigt en wat daar preventief tegenover gesteld kan worden zal 2025 worden uitgewerkt om in beeld te krijgen welke repressieve slagkracht hiervoor noodzakelijk is. 5. Wij hebben vakbekwame brandweercollega’s Er is gewerkt aan het opstellen van een programma ‘Toekomstbestendige vakbekwaamheid brandweer’. Er zijn drie hoofdlijnen uitgewerkt: opstellen van het programmaplan, het vormgeven van de flexibele schil (conform juridische en financiële eisen) en de start van het evalueren van inzetten (mono-evaluatie). Dit laatste vormt op termijn input voor het verbeteren van het vakbekwaamheidsprogramma. 6. Wij zijn en blijven paraat In 2024 is verdere invulling gegeven aan de uitwerking van het dekkingsplan (brandweer). Door her prioritering van werkzaamheden is dit traject niet in 2024 afgerond. Naar verwachting zal dit in de loop van 2025 wel het geval zijn. 7. Wij hebben een moderne crisisorganisatie De samenleving, en dus ook wij als veiligheidsregio, krijgt steeds vaker te maken met andere, nieuwe en ongekende crisistypen.

Deze crisistypen kenmerken zich door hun complexiteit, langdurigheid en bovenregionale/landelijke omvang. Onze ambitie voor een toekomstbestendige en adaptieve crisisorganisatie is uitgeschreven in een programmaplan. In het kader van het verbeteren van ons volhoudvermogen bij langdurige crisis is door de projectgroep gewerkt aan het uitwerken van ideeën en voorstellen (verkenning). Het VeiligheidsInformatieKnooppunt (VIK) is samen met Veiligheidsregio Haaglanden uitgewerkt op basis van een businesscase. ’Producten en diensten', 'data en techniek' en 'organisatie' zijn uitgewerkt. In december zijn de producten ontwikkeld. Dit betekent dat 1

12

januari 2025 een eerste versie van VIK zal gaan starten (light-versie). Doorontwikkeling vindt zoals gepland in 2025 plaats. 8. Wij kennen onze partners Wij zijn een netwerkorganisatie. Voor een goede uitvoering van onze taken kunnen wij rekenen op onze partners. Het is daarom belangrijk om onze partners te kennen en afspraken te maken over de samenwerking, de rolverdeling, de informatiedeling en -veiligheid en het samen oefenen (regionaal partnerprofiel). In 2024 is gewerkt aan de doorontwikkeling van netwerkmanagement binnen crisisbeheersing. Het samenwerken in netwerken is versterkt en een definitief conceptplan is opgesteld. In 2025 zal deze de besluitvormingslijn ingaan. 9. Wij beschikken over een goede en veilige informatievoorziening Afgelopen jaar is ingezet op informatieveiligheid, informatiegestuurd werken en het verbeteren van digitale vaardigheden van medewerkers en organisatie. Het Security Operations Center (SOC) 1.0 is gerealiseerd. Voor de doorontwikkeling is de uitbreiding van capaciteit voor de Chief Information Security Officer (CISO) een aandachtspunt. De eerste slag in informatiegestuurd werken is gemaakt. Daarnaast is er een intersectoraal datateam opgestart. De vervanging van het financiële systeem is uitgesteld. De doorontwikkeling van het systeem ‘LiveOp’ heeft de operationele informatievoorziening verbeterd.

Het project digitaal vaardig bleek intensiever dan gedacht en vraagt komend jaar extra aandacht. 10. Wij nemen onze maatschappelijke verantwoordelijkheid De samenleving is in ontwikkeling op de thema’s duurzaamheid, sociale veiligheid, gezondheid, diversiteit, gelijkwaardigheid en inclusie, en verandert hierdoor. Wij zetten daarom in op een duurzame, veilige en gezonde organisatie waarin iedereen zich welkom en thuis voelt. In 2024 is voortgang geboekt op de thema’s Sociale Veiligheid (SV) en Diversiteit, Inclusie en Gelijkwaardigheid (DIG). Nulmetingen zijn besproken en aanbevelingen overgenomen. Er zijn inspiratiesessies, team- en persoonlijke coaching georganiseerd. De basis is op orde gebracht met een klachtenregeling, klokkenluidersregeling en het aanstellen van twee vertrouwenspersonen. Het Programma Duurzaamheid is van start gegaan en de herbeoordeling van het CO₂certificaat is succesvol afgerond. Duurzaamheidspresentaties zijn breed uitgerold en de planning voor duurzame HVO100-brandstof is afgerond. 11. Wij investeren in onze collega’s Wij vragen veel van onze collega’s, zowel in hun dagelijkse werk als bij hun inzet op onze opgaven. Welke functie ze ook vervullen in onze organisatie, we hebben hun talent hard nodig. Daarom investeren we in hun ontwikkeling, hun leiderschap en hun medewerkerschap.

In 2024 is gestart met de herijking van de organisatievisie en kernwaarden, wat richting geeft aan de verdere ontwikkeling van medewerkers, leidinggevenden en directie. Daarnaast zijn leidinggevendenbijeenkomsten georganiseerd met aandacht voor zowel informatievoorziening als PIOFACH-ontwikkeling. Het strategisch personeelsplan (SPP) is deels getemporiseerd, maar pilotgewijs opgepakt bij de sector Brandweerzorg. Hier zijn de data rondom de 24uursdienst in kaart gebracht en wordt in 2025 een passende digitale oplossing ontwikkeld.

13

12. Wij zijn wendbaar Om goed in te spelen op toekomstige uitdagingen, werken we aan een verbeterde bedrijfsvoering, werkwijzen en organisatiestructuur. Het Versnellingsplan Finance & Control is gestart om versnippering binnen financiële processen aan te pakken. Daarnaast zijn de eerste stappen gezet in het verbetertraject meerjareninvesteringsplannen (MIP) en meerjarenonderhoudsplannen (MJOP). Het MJOP is gedetailleerd uitgewerkt en het MIP globaal. Ook de transitie van het GHOR-bureau van Hecht naar de veiligheidsregio is voorbereid en grotendeels uitgevoerd. Personeelsdossiers zijn overgezet, onboarding is gepland en de bedrijfsvoering is grotendeels ingericht. Tot slot is gewerkt aan de jaarstukken en rechtmatigheidsverantwoording, de programmabegroting en het opvolgen van aanbevelingen uit de managementletter. Wij maken meer en slimmer gebruik van informatie

1.2 Programmataakverantwoording Meldkamer De meldkamer VRHM voor brandweer, crisisbeheersing en opgeschaalde geneeskundige zorg voor de VRHM wordt gezamenlijk geëxploiteerd met de Veiligheidsregio Haaglanden (VRH) en maakt onderdeel uit van één van de tien gemeenschappelijke meldkamers in Nederland. De samenwerking met de VRH is verder vormgegeven door gestructureerde bestuurlijke en ambtelijke overleggen en een jaarplan. Op 14 mei 2024 heeft de migratie naar het nieuwe landelijke ICT-systeem succesvol plaatsgevonden. Dit was in opdracht van de Landelijke Meldkamersamenwerking (LMS). Aan dit succes is een gedegen voorbereiding van enkele jaren voorafgegaan en hiervoor was een grondige verbouwing noodzakelijk. In 2024 hebben er een aantal landelijke verstoringen van ICT- en meldkamersystemen plaatsgevonden. Onze meldkamer heeft hierbij tijdig kunnen schakelen naar backupsystemen en -werkprocessen, waardoor het voor de hulpverlening geen gevolgen heeft gehad. In 2024 was de 24/7 beschikbaarheid van de Calamiteiten Coördinator (CaCo) een aandachtspunt, de werving van flex-CaCo’s zal daarom worden voortgezet om de 24/7 beschikbaarheid te garanderen.

Prestatieverloop en kengetallen 2024 Intake totaal Intake politie totaal Intake brandweer totaal Intake MKA/ RAV totaal

2023 Verdeling in 2023 665.555 100% 344.895 52% 70.360 11% 250.300 37%

2024 Verdeling in 2024 592.786 100% 296.202 50% 70.386 12% 226.198 38%

Intake spoed totaal Intake politie spoed Intake brandweer spoed Intake spoed MKA

367.724 193.445 20.441 153.838

376.753 199.100 24.261 153.392

gem. opnametijd politie gem. opnametijd brandweer gem. opnametijd MKA * Wordt alleen in hele seconden weergegeven

2023 14,3 11,7 12,0

100% 53% 5% 41%

2024* 15,0 in seconden 13,0 in seconden 16,0 in seconden

In de tabel is het totaal opgenomen van alle spoedtelefonie binnen de GMK Den Haag van de veiligheidsregio’s Haaglanden en Hollands Midden (Politie, Brandweer, MKA/RAV). Onder spoed wordt verstaan: alle doorverbonden

14

100% 53% 6% 41%

112-telefonie (mobiel + vast), respons op burgernetlijnen en spoedlijnen ten behoeve van meldingen van professionele partners zoals huisartsen, particuliere alarmcentrales en openbaarvervoerbedrijven.

Meldkamer (bedragen x € 1.000)

Programmabegroting 2024 Primair

Wijziging

Realisatie 2024

Verschil

Saldo

Saldo

Saldo

-1.374

-

-1.374

-1.328

-1.249

-

-1.249

-1.249

0

-125

-

-125

-78

-47

Exploitatielasten

1.415

-

1.415

1.283

132

Salarislasten

Exploitatiebaten Gemeentelijke bijdrage Overige bijdragen

-46

1.415

-

1.415

1.283

132

Gerealiseerd saldo baten en lasten

41

-

41

-45

86

Toevoegingen aan reserves

-

-

-

-

-

-45

86

Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat na bestemming

41

-

-

-

41

-

1.3 Programmataakverantwoording Risico – en Crisisbeheersing Advisering en toezicht Met nieuwe procesbeschrijvingen is toezicht en advies vormgegeven op basis van de Omgevingswet. Ook risicogericht toezicht en risicogericht adviseren krijgen op deze manier meer vorm. Bij de samenwerking met de omgevingsdiensten en gemeenten spelen onze accounthouders een goede rol. Het aantal adviesaanvragen was in de eerste maanden van 2024 hoger dan normaal. Hoewel het aantal adviesaanvragen in de loop van het jaar gestabiliseerd is, worden de aanvragen wel complexer. Waar voorheen generieke regels volstonden, is nu steeds vaker een maatwerkbenadering vereist, gebaseerd op specifieke risico's en kenmerken. Voor alle betrokken partijen in het netwerk blijft de nieuwe wetgeving een zoektocht. Belangrijk is daarom de blijvende investering in het netwerk met gemeenten en omgevingsdiensten middels accounthouders. Daarmee beogen we dat veiligheid in een vroeg stadium wordt meegenomen in zowel de fase van omgevingsvisies en –plannen alsook bij meer concrete bouwprojecten. Crisisbeheersing Het reguliere werkaanbod op het gebied van planvorming, trainingen en oefeningen is in 2024 uitgevoerd. Dit waren onder andere Coördinatieplaats Incident (COPI)-weken, Regionaal Operationeel Team (ROT)-oefeningen en diverse BeleidsTeam (BT)-trainingen.

Ook de reguliere activiteiten op het gebied van planvorming, multi-evaluaties, netcentrisch werken, risico- en crisiscommunicatie en piketbeheer zijn uitgevoerd. Vanuit de afdeling Crisisbeheersing is in 2024 een belangrijke bijdrage geleverd aan de Tijdelijke Werkorganisatie Vluchtelingen (TWOV). Vanaf september is de multi-voorbereiding op de NAVO-top op 24 en 25 juni 2025 opgepakt. Risicogericht werken In 2024 is veel aandacht besteed aan (brand)veiligheid middels onze advisering op evenementen en door aanwezigheid van onze brandgevarenstand op allerlei veiligheids- en open dagen maar ook door verschillende 'broodje brandweer’ bijeenkomsten voor de doelgroep 65+. Het project Leidse zorg brandveilig is in 2024 afgerond als project; in 2025 zal het netwerk blijvend bijeenkomsten plannen én wordt de verdere uitrol naar de regio opgepakt.

15

Prestatieverloop 2021

2022

2023

2024

% adv. WABO binnen behandeltermijn

75%

74%

76%

68%

Aantal registraties Adviezen WABO Adviezen evenementen Adviezen overig Controles brandveiligheid

2021 1.773 249 219 717

2022 1.883 617 904 1.323

2023 1.995 785 1.008 1.187

2024 1.664 782 1.067 888

GRIP

2021

2022

2023

2024

GRIP 1 GRIP 2 GRIP 3 GRIP 4 Totaal

11

11

7

9

-

1

1

-

-

-

1

-

11

12

9

9

Risico- en Crisisbeheersing (bedragen x € 1.000)

Programmabegroting 2024

Saldo

Saldo

Saldo

-8.500

-10.244

-10.145

-99

-

-

-

-

-

-1.744

-

-1.744

-1.682

-62

-

-8.500

-8.500

-8.463

-37

Exploitatielasten

7.377

8.500

15.877

15.641

236

Salarislasten

5.664

-

5.664

6.557

-893

243

-

243

316

-73

1.470

-

1.470

381

1.089

Gemeentelijke bijdrage Rijksbijdrage (BDUR) Overige bijdragen

Opleiden en oefenen Overige lasten

Wijziging

Verschil

-1.744

Exploitatiebaten

Primair

Realisatie 2024

-

8.500

8.500

8.387

113

5.633

-

5.633

5.496

137

Toevoegingen aan reserves

-

-

-

-

-

Onttrekkingen aan reserves

-

-

-

-

-

5.633

-

5.633

5.496

137

Noodopvang vluchtelingen Gerealiseerd totaal van baten en lasten

Gerealiseerd resultaat na bestemming

1.4 Programmataakverantwoording GHOR De Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de regio (GHOR) heeft samen met Hecht en de veiligheidsregio intensief gewerkt aan de transfer van de GHOR van Hecht naar de

16

veiligheidsregio. De transfer is vanaf 1 januari 2025 een feit. De GHOR had te maken met een structurele onderbezetting. Hiermee was er een hoge werkdruk op het GHOR-bureau en zijn niet cruciale werkzaamheden soms uitgesteld. Crisisbeheersing Vanuit de GHOR-crisisbeheersing is er een grote update geweest van de planvorming voor de crisisorganisatie. Doordat informatiestromen steeds sneller gaan is het belangrijk dat de GHOR meer vooraan komt in een crisis. Om dat te realiseren zijn de processen van opschaling aangepast. Daarmee kan het informatiemanagementproces van de GHOR nu makkelijk gestart worden ook voordat er is opgeschaald naar GRIP 2. Risicobeheersing Voor de advisering op evenementen gebruikt de GHOR vanaf medio oktober een aangepast format en zijn de adviesteksten verbeterd. Ook zijn er stappen gezet met het verbeteren van de operationele voorbereiding op evenementen. Hiervoor zijn er steeds betere afspraken tussen de GHOR en de Regionale Ambulancevoorziening (RAV). De GHOR geeft daarbij bijzondere aandacht aan evenementen die de continuïteit van zorg kunnen gaan bedreigen. Hiernaast treft de GHOR voorbereidingen voor het werken met een de-escalatieladder voor grote sport intensieve evenementen. In 2024 is voor omgevingsadvisering vanuit de GHOR een verkennend jaar geweest.

In samenwerking met GGD, Omgevingsdienst en landelijke gremia (GGDGHOR NL) wordt gewerkt om de adviesrol te borgen. Vakbekwaamheid De GHOR is blijvend bezig geweest om de eigen crisisorganisatie vakbekwaam te houden. Voor oefeningen voor de Commando Plaats Incident (COPI), Regionaal Operationeel Team (ROT) en gemeentelijk beleidsteam (GBT)/regionaal beleidsteam (RBT) gebeurt dit in nauwe samenwerking met de veiligheidsregio. De GHOR heeft drie nieuwe crisisfunctionarissen opgeleid en diverse interne scholingen georganiseerd. Naast de interne vakbekwaamheid is er ook geoefend in de samenwerking met de geneeskundige keten: op 5 november hostte de GHOR Hollands Midden voor het eerst de jaarlijkse gewondenspreidingsoefening voor Regionaal Overleg Acute Zorgketen (ROAZ) West. Daarbij werden processen met ziekenhuizen, huisartsen en de RAV beoefend. Op 3 december heeft de GHOR een grote oefening van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) bij de heropening van de spoedeisende hulp ondersteund. Ketenregie Hiernaast is in 2024 netcentrisch werken door middel van het Landelijk Crisis Management Systeem (LCMS)-GZ verder doorontwikkeld. De GHOR en de keten raken meer vertrouwd met deze snelle en gestructureerde manier van informatie-uitwisseling. In samenwerking met het ROAZ West worden stappen gezet in het kader van het zorgrisicoprofiel voor de acute keten.

Dit heeft geleid tot afspraken om in 2025 daadwerkelijk verbeterstappen te zetten. Het zorgrisicoprofiel voor de care (waaronder verpleeghuiszorg en thuiszorg) blijkt complex om op te stellen en verreist een lange adem. Communicatie Vanaf 11 november is de nieuwe website van de GHOR online. Deze sluit aan op de stijl van de veiligheidsregio. Via nieuwsbrieven kan de GHOR nu ook beter de zorgketen bereiken.

17

Bedragen * € 1.000

Programma begroting 2024

Realisatie 2024

Exploitatiebaten Gemeentelijke bijdrage

2.585

2.614

Totaal baten

2.585

2.614

Exploitatielasten

2.635

2.643

Totaal exploitatielasten

2.635

2.643

Saldo

-50

-29

Onttrekking aan reserves

50

Resultaat

0

Bovengenoemde conceptcijfers zijn afkomstig van de GHOR. Deze cijfers zijn niet meegeconsolideerd in de jaarrekening 2024 van de VRHM en vormen ook geen onderwerp van controle. De cijfers van de GHOR maken onderdeel uit van de jaarrekening 2024 van de RDOG Hollands Midden (handelsnaam Hecht).

Het resultaat op de programmataak GHOR is (voor onttrekking aan de reserves) € 29.000 negatief.

18

1.5 Programmataakverantwoording Bevolkingszorg In 2024 zijn de prioriteiten binnen Bevolkingszorg en gemeentelijke crisisbeheersing (BGC) herzien en werkzaamheden herverdeeld. Dankzij een leerwerkstudent en een administratief ondersteuner is de werkdruk verminderd en het team versterkt. Op het gebied van vakbekwaamheid zijn belangrijke stappen gezet. Het vakbekwaamheidsprogramma is conform planning uitgevoerd, met deelname aan Regionaal Operationeel Team (ROT)-oefeningen, incidentenlunches en verdiepende trainingen.Daarnaast zijn de Commando Plaats Incident (CoPI)-oefenweken afgerond, waarbij Bevolkingszorg zich goed heeft gepresenteerd en waardevolle leerpunten heeft opgehaald. In 2024 zijn er twee belangrijke voorstellen van BGC door het bestuur goedgekeurd. Dit betrof het voorstel voor de werving van een Coördinerend Functionaris (CF) en afdelingsmanager en het voorstel voor de aanschaf van piketvoertuigen voor de Officier van Dienst Bevolkingszorg (OvD-Bz).

Bevolkingszorg (bedragen x € 1.000)

Programmabegroting 2024 Primair

Wijziging

Realisatie 2024

Verschil

Saldo

Saldo

Saldo

-770

-

-770

-843

Gemeentelijke bijdrage

-704

-

-704

-705

1

Rijksbijdrage (BDUR)

-66

-

-66

-130

64

Exploitatiebaten

73

-

-

-

-9

9

Exploitatielasten

631

-

631

746

-115

Salarislasten

281

-

281

385

-104

Opleiden en oefenen

108

-

108

105

3

Overige bijdragen

242

-

242

257

-15

-139

-

-139

-97

-42

Toevoegingen aan reserves

-

-

-

-

-

Onttrekkingen aan reserves

-

-

-

-

-

-139

-

-139

-97

-42

Overige lasten Gerealiseerd totaal van baten en lasten

Gerealiseerd resultaat na bestemming

1.6 Programmataakverantwoording Brandweerzorg In 2024 heeft Brandweerzorg de meeste materieelvervangingen afgerond, waaronder de uitlevering van tankautospuiten en redvoertuigen. De tweede fase van de WaterTransportSysteem-500 (WTS-500) aanbesteding is voltooid, evenals de aanbesteding van hulpverleningsvoertuigen. Reguliere vervangingen worden uitgevoerd en specialismen waar nodig herbezien. Er was daarnaast aandacht voor thema's als Natuurbrand, Vakbekwaamheid, Beheer en Onderhoud en Bedrijfsvoering. De risico-inventarisatie natuurbranden (RIN) heeft inzicht gegeven in risico's in duin- en kustgebieden. Drie scenario's zijn uitgewerkt, gericht op preventieve en repressieve inspanningen. De afdeling Vakbekwaamheid heeft stappen gezet richting aantoonbare vakbekwaamheid. Een denktank heeft de probleemanalyse en belemmeringen in kaart gebracht. De verdere uitwerking hiervan volgt in 2025. De visie op Beheer en Onderhoud is uitgewerkt en deels geïmplementeerd, met focus op logistiek en borging van het onderhoud van het nieuwe materieel. Tenslotte is afgelopen jaar gewerkt aan het verbeteren van de bedrijfsvoering van Brandweerzorg. Het financiële inzicht is verbeterd door het opzetten van het

19

meerjareninvesteringsplan (MJIP), dat input biedt voor een roadmap om de bedrijfsvoering gefaseerd te verbeteren.

Kerngegevens Prestatieverloop 2021

2022 39

2023 29

2024 28

Incidenten Doden bij brand Gewonden bij brand Reddingen

2021 7.149 2 67 51

2022 8.144 3 38 93

2023 6.721 1 44 36

2024 6.784 3 45 105

INCIDENTEN Brand Automatische brandmelding Ongeval en dienstverlening Ongeval gevaarlijke stoffen Waterongeval Totaal

2021 1.763 1.577 3.559 1 249 7.149

2022 2.031 1.425 4.407 0 281 8.144

2023 1.882 934 3.638 0 267 6.721

2024 1.873 1.019 3.497 81 314 6.784

ASSISTENTIE AMBULANCE Hoogte assist. ambulance BRW First Responder Totaal

2021 662 239 901

2022 661 225 886

2023 651 212 863

2024 745 197 942

OPSCHALING INCIDENT Middel brand Grote brand Zeer grote brand Middel hulpverlening Grote hulpverlening Zeer grote hulpverlening Middel waterongeval Groot waterongeval Middel IBGS Totaal

2021 73 16 6 14 1 0 0 0 2 112

2022 103 22 10 12 0 0 0 2 0 149

2023 100 10 10 15 1 0 7 2 0 145

2024 80 11 7 12 1 0 7 3 0 121

2021

2022

2023

2024

52 4 8 5 2 6 1

52 4 8 5 2 6 1

52 4 8 5 2 6 1

50 4 8 5 2 6 1

Ongeval met letsel personeel * * Betreft het aantal ongevallen met letsel onder de beroeps en vrijwilligers. Vanaf 2022 is gestart met een nieuwe meet- en registratiesystematiek

Kerngegevens Paraatheid PARATE EENHEDEN Tankautospuiten Hulpverleningsvoertuigen Autoladders Waterongevallenwagens GSE-eenheden Verkenningseenheden STH-teams

20

25kV teams BRW First Responder teams Totaal PERSONEEL EN KAZERNES Beroeps Vrijwilligers Kazernes

Brandweerzorg (bedragen x € 1.000)

2 28 108

2 28 108

2 28 108

2 28 106

2021 137 971 47

2022 141 985 47

2023 149 976 45

2024 146 976 45

Realisatie 2024

Verschil

Saldo

Saldo

Programmabegroting 2024 Primair

Wijziging

Saldo

-65.626

-

-65.626

-67.360

1.734

Gemeentelijke bijdrage

-58.074

-

-58.074

-57.773

-301

Rijksbijdrage (BDUR)

-6.677

-

-6.677

-7.688

1.011

Overige bijdragen

-875

-

-875

-1.900

1.025

Exploitatielasten

32.973

-

32.973

35.923

-2.950

Salarislasten

21.900

-

21.900

26.123

-4.223

Opleiden en oefenen

2.404

-

2.404

2.924

-520

Mobiliteit

5.591

-

5.591

4.533

1.058

Personele Functionele Uitrusting

1.738

-

1.738

1.229

509

Overige lasten

1.340

-

1.340

1.114

226

-32.653

-

-32.653

-31.438

-1.215

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-32.653

-31.438

-1.215

Exploitatiebaten

Gerealiseerd totaal van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat na bestemming

-32.653

1.7 Programmataakverantwoording Bedrijfsvoering In 2024 zijn alle cruciale basiswerkzaamheden uitgevoerd, soms door inspringen van managers of externen. Het opstarten van organisatiebrede ontwikkelopgaven blijft uitdagend, maar zichtbare successen zijn geboekt bij verschillende ontwikkelopgaven uit het Regionaal Beleidsplan op het gebied van goede en veilige informatievoorziening, maatschappelijke verantwoordelijkheid, investeren in collega’s en de ontwikkeling naar een wendbare organisatie. Ondercapaciteit, ontbrekende expertise en suboptimale procesafstemming leidden afgelopen jaar tot knelpunten. Een nieuwe sectordirecteur Bedrijfsvoering en interimmanagers bij Financiën en Facilitaire Zaken zijn aan de slag gegaan en hebben verbeteringen in gang gezet. De focus lag op structurele oplossingen voor belemmeringen en integrale strategische sturing op bedrijfsvoeringsthema’s. Er is een ‘bestemmingsreserve wendbare en weerbare bedrijfsvoering’ toegekend wat ertoe geleid heeft dat er (1) een ‘versnellingsplan finance & control’ opgestart kon worden en (2) een start is gemaakt met het strategisch huisvestingsplan. Ook is een concept organisatievisie met kernwaarden opgesteld. Hoewel de opgave groot is, ontstaan er zichtbare verbeteringen en een koers richting een toekomstbestendige bedrijfsvoering. De samenwerking verloopt soepeler, zowel binnen de

21

sector bedrijfsvoering als ook sector overstijgend. Echter is wel gebleken dat de opgave groter is dan vooraf ingeschat. De financiële taakstelling blijft een lastige opgave, wat vertraging in andere projecten veroorzaakt. Formatietekorten en versnippering in bedrijfsvoering maken de organisatie kwetsbaar. Interne borging van externe kennis en capaciteit is noodzakelijk, net als duidelijke prioritering en ondersteuning. Daarnaast is het belangrijk dat niet alleen de processen maar ook, of juist, de menselijke en veranderkundige aspecten extra aandacht krijgen.

Het ziekteverzuim is, na een daling in voorgaande jaren, in 2024 licht toegenomen van 4,13% tot 4,7%.

Indicator

2022

Facturen en declaraties < 30 dagen betaald (%)

Bedrijfsvoering (bedragen x € 1.000)

2023 98

2024 90

81

Programmabegroting 2024 Primair

Wijziging

Saldo

Realisatie 2024

Verschil

Saldo

Saldo

-

-350

-350

-978

628

-

-350

-350

-978

628

Exploitatielasten

17.031

350

17.381

20.600

-3.219

Salarislasten

5.798

-

5.798

7.029

-1.231

Huisvesting

6.926

-

6.926

8.129

-1.202 -29

Exploitatiebaten Overige bijdragen

168

-

168

197

Informatiemanagement & ICT

2.501

-

2.501

2.572

-71

Overige lasten

1.637

350

1.987

2.673

-686

Mobiliteit

17.031

-

17.031

19.621

-2.590

Toevoegingen aan reserves

-

-

-

-

-

Onttrekkingen aan reserves

-150

-

-150

-150

-

16.881

-

16.881

19.471

-2.590

Gerealiseerd totaal van baten en lasten

Gerealiseerd resultaat na bestemming

22

Directie & Staf (bedragen x € 1.000)

Programmabegroting 2024 Primair

Wijziging

Saldo

Realisatie 2024

Verschil

Saldo

Saldo

Exploitatiebaten

-324

-324

-1.167

843

Exploitatielasten

6.456

6.456

4.626

1.830

-

-

-

-

-

-

-

6.132

Toevoegingen aan reserves

-

Onttrekkingen aan reserves Gerealiseerd resultaat na bestemming

23

6.132

3.459

2.673

2. Overzicht Overhead 2.1 Algemeen Overhead bestaat uit alle loonkosten van de met name genoemde zogenaamde PIOFACHfuncties, ook de ICT kosten van alle PIOFACH-systemen, alle huisvestingskosten, de uitbestedingskosten bedrijfsvoering en naar rato de rentekosten die niet zijn toe te delen aan de taakvelden in het primaire proces. Dat betekent dat in ieder geval de kosten in verband met de volgende elementen tot kosten van overhead worden gerekend en moeten worden opgenomen: - Financiën, toezicht en controle organisatie - Personeel en Organisatie - Inkoop (incl. aanbesteding en contractmanagement) - Interne en externe communicatie - Juridische zaken - Bestuurszaken en bestuursondersteuning - Informatievoorziening en automatisering PIOFACH - Facilitaire zaken en huisvesting (incl. beveiliging) - Documentaire informatievoorziening (DIV) - Managementondersteuning primair proces

24

Prestatieverloop en kerngegevens De totale overheadkosten 2024 bedragen € 15,24 mln. en zijn per saldo € 0,8 mln. hoger dan de begroting 2024 (na begrotingswijziging € 14,43 mln.). De afwijkingen op overheadkosten binnen de programmataken Bedrijfsvoering, Brandweerzorg en Directie & Staf worden hieronder toegelicht. Overhead naar Programmataak

Begroting 2024

Begroting 2024 (na

(voor

begrotingswijziging)

Realisatie 2024

begrotingswijziging)

(x € 1 mln.) Brandweerzorg

2,88

2,88

2,65

Risico- en crisisbeheersing

0,65

0,65

0,69

Bevolkingszorg

0,11

0,11

0,06

Meldkamer

-

-

-

Directie & Staf

2,26

2,26

2,45

Bedrijfsvoering

8,18

8,53

9,39

Totaal

14,08

14,43

15,24

De hogere lasten binnen Bedrijfsvoering ad € 0,9 mln. worden voornamelijk veroorzaakt door: - hogere inhuurlasten als gevolg van knelpunten in de bezetting; - hogere salarislasten als gevolg van de financiële wijzigingen uit de nieuwe CAO met als ingangsdatum 1 januari 2024 en; - de extra lasten voor verlofsparen 2024. De hogere lasten binnen Directie & Staf ad € 0,2 mln. worden voornamelijk veroorzaakt door: • Kosten die verband houden met de transitie per 1 januari 2025 van de GHOR naar de VRHM; • De toename van de salarislasten als gevolg van de nieuwe CAO per 1 mei 2024. In de Programmabegroting 2024 is een lagere salaristoename (3,9%) begroot, terwijl de werkelijke salarisstijging 6,4% per 1 mei 2024 betreft. De lagere lasten binnen Brandweerzorg € 0,2 mln. worden voornamelijk veroorzaakt door de lagere salarislasten op tijdelijk niet bezette functies.

25

3. Paragrafen 3.1 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing (artikel 11 BBV) 3.1.1 Algemeen Op grond van het Besluit BBV bestaat het weerstandsvermogen uit de relatie tussen: • De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover de VRHM beschikt of kan beschikken om niet-begrote kosten te dekken. • Alle risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. De paragraaf betreffende weerstandsvermogen en risicobeheersing bevat ten minste: • Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit. • Een inventarisatie van de risico's. • Het beleid over de weerstandscapaciteit en de risico's. In de afgelopen jaren heeft de VRHM in het jaarbericht en in de begroting een gelijkluidende paragraaf opgenomen omdat beide documenten in dezelfde bestuursvergadering worden vastgesteld. In de paragraaf weerstandsvermogen worden vermeld: • De risico’s van materieel belang en een inschatting van de kans dat deze risico’s zich voordoen. • Het weerstandsvermogen en in hoeverre schade en verliezen als gevolg van risico’s van materieel belang met het weerstandsvermogen kunnen worden opgevangen.

3.1.2 Inventarisatie weerstandscapaciteit Het weerstandsvermogen is de mate waarin onvoorziene tegenvallers kunnen worden opgevangen zonder dat de continuïteit van het bedrijf in gevaar komt. Het weerstandsvermogen kan worden uitgedrukt als de verhouding tussen de reëel aanwezige weerstandscapaciteit en de geïnventariseerde (en gekwantificeerde) risico's. De weerstandscapaciteit is de optelsom van in de organisatie aanwezige middelen om dit soort

26

tegenvallers op te vangen. Deze middelen bestaan uit de algemene reserve, de bestemmingsreserves, de stille reserves en ook uit de nog niet ingevulde begrotingsruimte en de post onvoorzien. De belangrijkste component van de weerstandscapaciteit is het (vrije) eigen vermogen, dat wil zeggen de vrije componenten van de algemene reserve en van de bestemmingsreserves. De algemene reserve van de VRHM kent geen geoormerkte bestanddelen en is daarmee in haar geheel inzetbaar voor het afdekken van de financiële consequenties van risico’s. Ultimo 2024 bedraagt het saldo van de algemene reserve (voor resultaatbestemming 2024) € 1.125.000. Daarnaast beschikt de VRHM over bestemmingsreserves, waarvan de aard, de bestemming en het verloop in de Nota reserves 2024-2027 zijn aangegeven. De VRHM wenst de risico's die van invloed zijn op de bedrijfsvoering zoveel als mogelijk beheersbaar te maken. Door inzicht in deze risico's kan de organisatie in staat worden gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen, zodanig dat de huidige risico’s en de toekomstige risico’s in verhouding staan tot de vermogenspositie van de organisatie. Om een beeld te vormen van de mate waarin de VRHM de mogelijke risico’s inzichtelijk heeft is een risico-inventarisatie uitgevoerd.

Per programmataak (Risico- en Crisisbeheersing, Bevolkingszorg, GHOR, Meldkamer, Brandweerzorg en Bedrijfsvoering) is geïnventariseerd of er risico’s zijn, waarvoor wel zoveel als mogelijk beheersmaatregelen zijn getroffen, maar die toch bij het manifesteren van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. Het Directieteam heeft deze risico’s in relatie tot de organisatiedoelstellingen beoordeeld en heeft een inschatting gemaakt van kans (de mogelijkheid dat een gebeurtenis zich voordoet) en impact (het effect dat voortvloeit uit het optreden van een risico). De uitkomsten zijn vertaald in de Nota Reserves 2024-2027. De vrijval van de bestemmingsreserves Reserve Multiteam / LCMS (€ 36.957) en Reserve Reparatie FLOovergangsrecht (€ 124.600), totaal € 161.557 en (gedeeltelijke) bestemming van het jaarrekeningresultaat 2023 (€ 43.142) zijn aan de Algemene Reserve toegevoegd. VRHM streeft naar een ratio weerstandsvermogen van 1 of hoger. De benodigde weerstandscapaciteit voor de periode 2024-2027 is derhalve verhoogd met € 204.699 tot € 1.125.000. Dit wordt voldoende geacht om de gesignaleerde (hoofd)risico’s het hoofd te kunnen bieden, zeker omdat niet alle risico’s zich gelijktijdig dan wel in volle omvang gaan voordoen.

Het beleid van de VRHM is er op gericht te werken met een structureel sluitende exploitatiebegroting en de bestemmingsreserves in te zetten waarvoor zij zijn ingesteld. In de bestemmingsreserves is daarom geen ‘vrij besteedbare ruimte’ opgenomen die benut kan worden als een risico manifest zou worden. 3.1.3 Inventarisatie risico’s Onderstaande risico’s worden gezien als een potentieel substantieel financieel risico. Uit de risicobeoordeling zijn in totaal 3 (hoofd)risico's in beeld gebracht. Deze risico’s worden gezien als een potentieel substantieel financieel risico, mochten deze risico’s zich daadwerkelijk voordoen. 1. Meerkosten die samenhangen met de taken van de veiligheidsregio Het grootschalig en langdurig optreden bij incidenten en de bestrijding van rampen kan, incidenteel, leiden tot meerkosten voor de veiligheidsregio. Meerkosten die niet in de reguliere begroting zijn voorzien.

27

Kans: Impact, financieel risico ingeschat op: Bedrag t.b.v. Weerstandsvermogen:

Reëel (50%) € 0,5 - € 1,0 mln. € 250.000 - € 500.000

2. Cyber- en digitale verstoringen Het op tijd beschikbaar hebben van informatie over actuele veiligheidsrisico’s en het veiligheidsbeeld is onmisbaar voor het functioneren van de organisatie. Risico’s rondom cyber- en digitale verstoringen blijven toenemen en veranderen snel. In de afgelopen 5 jaar is er een toenemende trend in cyberaanvallen en digitale verstoringen in Nederland. Bijvoorbeeld de cyberaanval op de Veiligheidsregio Noord- en Oost-Gelderland (VNOG) in september 2020. Verstoringen aan digitale systemen en informatiebronnen kan leiden tot een ontwrichting van de organisatie. Aanvullende expertise is nodig, de dynamiek is anders in vergelijking met klassieke (niet-digitale) incidenten. Ook met de voorgenomen aanvullende investeringen op gebied van informatieveiligheid blijft het financiële risico verstoring groot. Kans: Impact, financieel risico ingeschat op: Bedrag t.b.v. Weerstandsvermogen:

Reëel (50%) € 0,5 - € 0,75 mln. € 250.000 - € 375.000

3. Onvoorziene juridische claims (aansprakelijkheidstelling) De VRHM wordt geconfronteerd met juridische claims van ziekte als gevolg van blootstelling aan asbest (asbestose). De VRHM wordt hierbij aansprakelijk gesteld voor de, als gevolg van deze ziekte, geleden en te lijden materiële en immateriële schade. Ook heeft in de afgelopen periode het onderwerp psychosociale ondersteuning van het personeel van de veiligheidsregio’s veel aandacht gehad. Als arbeidsongeschiktheid wordt gekwalificeerd als in en door de dienst, dan volgen de aanspraken uit de rechtspositie. Daarnaast heeft Brandweer Hollands Midden in het verleden gebruik gemaakt van PFAS (Per- en poly Fluor Alkyl Stoffen) bevattend blusschuim op oefenplaatsen. Door het gebruik van dit blusschuim kan onbedoeld PFAS in de bodem/het milieu zijn terechtgekomen. De VRHM kan aansprakelijk worden gesteld voor de mogelijke milieuschade die daardoor is ontstaan. Het risico bestaat dus dat de VRHM ook in de toekomst met onvoorziene juridische claims kan worden geconfronteerd. Kans: Impact, financieel risico ingeschat op: Bedrag t.b.v. Weerstandsvermogen:

Reëel (50%) € 0,25 - € 0,5 mln. € 125.000 - € 250.000

Om het benodigd weerstandsvermogen te berekenen vermenigvuldigen we de geschatte impact met een percentage volgens onderstaande tabel:

28

Kans Zeer waarschijnlijk Waarschijnlijk Reëel (50/50) Onwaarschijnlijk Zeer onwaarschijnlijk

90% 70% 50% 30% 10%

In 2024 hebben zich geen omstandigheden voorgedaan waarvoor een aanspraak gemaakt diende te worden op het weerstandsvermogen van de VRHM. 3.1.4 Beleid over weerstandscapaciteit en risico´s Risicomanagement is erop gericht de schadelijke gevolgen van in kaart gebrachte risico’s zo veel mogelijk te voorkomen of te beperken. Dit kan worden gedaan door het vermijden van het risico (opheffen van de oorzaak), het verminderen van de impact van het risico (terugbrengen netto verwachte omvang en/of terugbrengen waarschijnlijkheid) of het overdragen van het risico (bijvoorbeeld door te verzekeren). De VRHM heeft diverse verzekeringspolissen afgesloten voor aansprakelijkheid, schade aan opstallen, bedrijfsinventarissen en materieel. De VRHM voldoet hiervoor premie en kent per schade een beperkt eigen risico. Als de verwachte impact van het risico naar verhouding erg klein is, kan er ook voor gekozen worden het risico te accepteren. Als dat risico zich dan voordoet, draagt de VRHM de gevolgen zelf. Daar waar de VRHM een risico heeft verzekerd, maakt dit geen onderdeel meer uit van het vraagstuk rond het weerstandsvermogen. Immers het financieel risico is afgedekt en bij een derde, een verzekeringsmaatschappij, belegd.

3.1.5 Beoordeling verhouding kengetallen in relatie tot de financiële positie Het weerstandsvermogen is de mate waarin onvoorziene tegenvallers kunnen worden opgevangen De aan de gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten staan er garant voor dat de VRHM te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan zijn verplichtingen te kunnen voldoen (art. 51 gemeenschappelijke regeling VRHM). Daarmee is het weerstandsvermogen in principe altijd 100%. Maar de VRHM heeft hierin ook een eigen verantwoordelijkheid en acht het vanuit normale bedrijfsvoering onwenselijk om telkens als zich een onverwachte tegenvaller voordoet, de deelnemende gemeenten aan te moeten spreken om financieel bij te springen. Daarom kiest zij ervoor zelf een zekere weerstandscapaciteit op te bouwen die afdoende dient te zijn om (de belangrijkste) onvoorziene tegenvallers op te kunnen vangen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1732/documents/22895