D01 VRHM, programmabegroting 2026 en meerjarenraming 2027-2029 VRHM.pdf
Tekst van het document
Reëel (50%) € 0,5 - € 0,75 mln.
Bedrag t.b.v. Weerstandsvermogen:
€ 250.000 - € 375.000
Kans: Impact, financieel risico ingeschat op:
Reëel (50%) € 0,25 - € 0,5 mln.
Bedrag t.b.v. Weerstandsvermogen:
€ 125.000 - € 250.000
Momenteel is er landelijk een behoorlijke impuls op het dossier PTSS; zowel op preventie en nazorg, als rechtspositionele kwesties en aansprakelijkheid. Op 5 december 2024 is het Algemeen Bestuur VRHM geïnformeerd over de laatste (landelijke) ontwikkelingen rondom PTSS. Als arbeidsongeschiktheid wordt gekwalificeerd als in en door de dienst, dan volgen de aanspraken uit de rechtspositie.
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Uit de risicobeoordeling zijn 4 (hoofd)risico’s in beeld gebracht. Deze risico’s worden gezien als een potentieel substantieel financieel risico, mochten deze risico’s zich daadwerkelijk voordoen.
56
1 2 3 4 5
De afgelopen tijd is een uitvoerig traject doorlopen om te komen tot een “(concept) Regeling erkenning en aanspraken bij PTSS als beroepsziekte”. De regeling voorziet in de erkenning van PTSS als beroepsziekte en in het toekennen van aanspraken.
Uitgangspunten Regeling erkenning en aanspraken PTSS als beroepsziekte De aanspraken bij PTSS voor beroepsmedewerkers en vrijwilligers zijn gelijk. In de regeling komt te staan dat PTSS onder voorwaarden als beroepsziekte wordt aangemerkt. Daarmee wordt PTSS landelijk als beroepsziekte erkend. De regeling bepaalt alleen de rechtspositionele aanspraken en regelt niet de aansprakelijkheid. Gezien de eventuele financiële impact van de regeling en aansprakelijkheid stelt de VRHM voor (bestemming rekeningresultaat 2024) het bedrag t.b.v. het weerstandsvermogen voor onvoorziene juridische claims te verhogen met € 250.000.
4. Het risico van frictiekosten a.g.v. bezuinigingstaakstelling op formatiekrimp Nu de VRHM een bezuinigingstaakstelling vanaf 2026 heeft gekregen en het personeelsbestand moet inkrimpen, kan ze te maken krijgen met verschillende frictiekosten. Bijvoorbeeld vrijwillige vertrekregelingen of kosten voor herplaatsing. De ‘werkgroep financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen Financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen HollandsMidden’ heeft in haar brief (31 oktober 2024, kenmerk Z/24/3752082) voor begrotingen 2026 geschreven: “Ombuigingen kunnen gepaard gaan met frictiekosten. Veel gemeenschappelijke regelingen kennen een beperkte reservepositie. Wij adviseren om eventuele frictiekosten incidenteel bij gemeenten in rekening te brengen”. De VRHM stelt voor (bestemming rekeningresultaat 2024), ter grootte van de bezuinigingstaakstelling op de formatiekrimp, ad € 400.000, de Algemene Reserve te verhogen zodat voor eventuele frictiekosten geen incidentele dekking aan gemeenten gevraagd hoeft te worden.
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Landelijke regeling PTSS
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
57
Beleid weerstandsvermogen en risicobeheersing
Weerstandscapaciteit (bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
Algemene Reserve Bestemmingsreserve Stille reserve Te bestemmen resultaat Onvoorzien Totaal Weerstandscapaciteit (1+4+5) Weerstandscapaciteit
Weerstandsvermogen
(1) (2) (3) (4) (5)
Realisatie
Begroting
Begroting (in €)
2024
2025
2026
1.125 5.019
1.775 5.276
1.125
Meerjarenramingen 2027
2028
2029
1.775.000 4.880.203
1.775 4.847
1.775 4.344
1.775 4.162
1.775
1.775.000
1.775
1.775
1.775
Realisatie
Begroting
Begroting (in €)
2024
2025
2026
1,0
1,0
Meerjarenramingen 2026
1,0
1,0
2027
1,0
2028
1,0
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
3.1.3
58
1 2 3 4 5
De beschikbare weerstandscapaciteit van VRHM bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico’s in financiële zin incidenteel af te dekken. Deze bestaat primair uit de algemene reserve. In 2026 bedraagt de algemene reserve € 1.775.000 Om te bepalen of de beschikbare weerstandscapaciteit toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de beschikbare weerstandscapaciteit enerzijds, en anderzijds de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarvoor benodigde weerstandscapaciteit. De beschikbare weerstandscapaciteit kan worden afgezet tegen de benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen:
Huidige weerstandsvermogen =
Beschikbare weerstandscapaciteit Benodigde weerstandcapaciteit
€ 1.775.000 =
= 1,0 € 1.775.000
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Het weerstandsvermogen (artikel 11 BBV) is de relatie tussen: • De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover VRHM beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. • Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie.
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
59
Bestemmingsreserves
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
Begroting
Begroting (in €)
Resultaat 1-1-25 bestemming Dotatie Onttrekking Realisatie 31-12-25 2024
Flankerend beleid 432 FLO Gouda 579 Samenwerken loont 419 Afschrijvingskosten Meldkamer HM 1.455 Ontwikkel en Innovatiebudget VRHM 387 Reserve Groot Onderhoud Gebouwen 890 Tweede Loopbaanbeleid 180 Reserve Wendbare en Weerbare 677 Bedrijfsvoering Weerbaarheid door de VRHM Totaal bestemmingsreserves
5.019
1-1-26
Dotatie
Meerjarenramingen
Onttrekking
31-12-26
1-1-27
+/-
31-12-27 1-1-28
+/-
31-12-28 1-1-29
+/-
31-12-29
-
73
-150 -38
-
432 432.149 432.149 432 432 432 579 579.401 579.401 579 579 579 419 419.019 419.019 419 419 419 1.305 1.304.977 -150.000 1.154.977 1.155 -150 1.005 1.005 -150 387 387.231 387.231 387 387 387 890 889.589 100.000 -28.333 961.256 961 146 1.108 1.108 -220 215 215.299 73.000 -90.729 197.570 198 -14 183 183 -133
432 579 419 855 387 887 51
432 432 579 579 419 419 855 -150 705 387 387 887 -79 808 51 47 98
-
-
-362
-
315
315.200
-
-299.600
15.600
16
-16
-
-
-
-
-
-
-
733
-
-
-
733
733.000
-
-
733.000
733
-
733
733
-
733
733
-
733
733
73
-549
-
5.276 5.275.865 173.000 -568.662 4.880.203 4.880 -33 4.847 4.847 -503 4.344 4.344 -182 4.162
De bestemmingsreserves zijn opgebouwd ter financiële dekking van projecten en incidentele lasten. Op basis van de “Nota Reserves 2024 – 2027” is nader door het algemeen bestuur besloten welke onttrekking en dotaties de komende jaren zullen worden verricht.
Voorzieningen Voorzieningen
Begroting
Begroting (in €)
Dotatie Onttrekking Realisatie 31-12-25
1-1-26
Dotatie
Onttrekking
Meerjarenramingen
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
1-1-25
31-12-26
1-1-27
+/-
31-12-27
1-1-28
+/-
31-12-28
1-1-29
+/-
31-12-29
Functioneel Leeftijdsontslag Gouda Verlofsparen Regeling voor Vervroegd Uittreden
6.001 1.699 137
-
-588 -103
-
5.413 5.413.000 1.699 1.699.000 34 34.000
-
-567.000 4.846.000 4.846 -567 4.279 4.279 -567 3.712 3.712 -567 3.145 1.699.000 1.699 - 1.699 1.699 - 1.699 1.699 - 1.699 34.000 34 34 34 34 34 34
Totaal Bestemmingsreserves
7.837
-
-691
-
7.146 7.146.000
-
-567.000 6.579.000 6.579 -567 6.012 6.012 -567 5.445 5.445 -567 4.878
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Bestemmingsreserves
Op de volgende pagina volgt de aanvullende toelichting op de voorzieningen.
60
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
Rekenregels spaarverlof
In het ontvlechtingsprotocol d.d. 18 december 2009 zijn afspraken gemaakt voor (onder andere) de overdracht van het beroepsbrandweerpersoneel. Voor het beroepsbrandweerpersoneel afkomstig van de gemeente Gouda is een afkoopregeling (‘clean cut’) overeengekomen. Hierdoor ligt de feitelijke verplichting en het financieel risico met betrekking tot het functioneel leeftijdsontslag (FLO) bij de VRHM. Voor de verwachte toekomstige uitgaven is een voorziening gevormd. De omvang van de voorziening wordt jaarlijks herrekend op basis van de toekomstige verplichtingen gebaseerd op de daarvoor geldende regels en voorwaarden van het FLO-overgangsrecht in de CAR(-UWO) Veiligheidsregio’s.
De VRHM sluit zich aan bij de volgende uitgangspunten van de Commissie BBV (‘de Commissie BBV kan zich voorstellen dat’): • De dotatie is de opbouw van het spaarverlof (verplichting voor de organisatie). • De onttrekking is de daadwerkelijke opname van het verlof. • De voorziening wordt niet contant gemaakt. • Het tarief is een gemiddelde per functielaag.
Voorziening Verlofsparen De afspraak over verlofsparen is ingegaan op 1 januari 2022 als gevolg van aanpassing van de CAO 2021-2022; het bovenwettelijke verlof, overwerkvergoeding, gekochte bovenwettelijke uren, verlofuren uit onregelmatig werken en beschikbaarheidsdienst kunnen nu in één keer door medewerkers worden omgezet in spaarverlof.
Bovenwettelijke verlof In 2022 is, bij de overgang van ADP naar AFAS (HRM), besloten de historische verlofsaldi van de kantoormedewerkers en de beroepsmedewerkers onder te brengen in het spaarverlof, omdat de verlofsaldi niet (meer) herleidbaar waren naar ontstaan (onder andere naar wettelijk c.q. bovenwettelijk). Dit betekent dat er binnen de VRHM geen sprake (meer) is van overmatige verlofsaldi (‘stuwmeren’) bij het bovenwettelijke verlof waarvoor een voorziening moet worden getroffen. Vanaf 2022 wordt het beleid rondom verlof-verjaring en het maximale verlof dat aan het einde van een kalenderjaar mag worden meegenomen naar een volgend jaar (jaargrens-overgangen) uitgevoerd.
Voorziening Regeling voor Vervroegd Uittreden (RVU) Ingaande 1 januari 2024 is een tijdelijke Regeling voor Vervroegd Uittreden (RVU) overeengekomen. Bij de RVU nemen medewerkers ontslag en volgt er een (maandelijkse) ontslagvergoeding die de exmedewerker in staat stelt om te overbruggen tot aan de AOW-leeftijd. De regeling geldt vanaf 1 januari 2024 waarbij o.a. de volgende voorwaarden gelden: • Je bereikt voor 1 januari 2029 de AOW-leeftijd. • Je hebt op het moment waarop je met RVU-ontslag gaat minimaal 40 jaar gewerkt bij de overheid (volgens ambtsjubileum), waarvan de laatste 10 jaar in dienst van een veiligheidsregio. • De afspraak over deelname aan de RVU moet uiterlijk 31 december 2025 zijn vastgelegd. • De duur van de RVU-uitkering is maximaal twee jaar (24 maanden). • De uitkering stopt uiterlijk op de datum dat je de AOW-leeftijd bereikt. • Bij deelname aan de regeling volgt ontslag. In een op te stellen vaststellingsovereenkomst verklaar je geen WW-uitkering aan te vragen.
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Voorziening Functioneel Leeftijdsontslag (FLO) Gouda
61
3.1.4 Financiële kengetallen Financiële kengetallen
Netto schuldquote Netto schuldquote (gecorrigeerd) Solvabiliteitsratio Begrote structurele exploitatieruimte
Begroting
Begroting (in €)
2024
2025
2026
63% 63% 11% 3,3%
70% 70% 8% 0%
73,9% 73,9% 7,1% 0,0%
Toelichting: De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de VRHM ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Vanaf 2025 zullen de baten minder toenemen dan voorgaande jaren, de lasten worden geïndexeerd en de stand van de leningen nemen toe. Deze ontwikkelingen zorgen voor een toename van de netto schuldquote in 2026. De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin VRHM aan haar financiële verplichtingen kan voldoen. De solvabiliteitsratio neemt in 2026 af, van 8% naar 7%. De afname van de solvabiliteit wordt veroorzaakt door toename van de stand van de leningen. De structurele exploitatieruimte is een vergelijking van het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves. De exploitatieruimte wordt in bovenstaande tabel als percentage uitgedrukt. De begrote structurele exploitatieruimte is het begrotingssaldo na verwerking van de mutaties aan reserves. In 2026 bedraagt de begrote structurele exploitatieruimte nul.
Meerjarenramingen 2027
71% 71% 8% 0%
2028
70% 70% 7% 0%
2029
68% 68% 7% 0%
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
Realisatie
62
3.2 Onderhoud kapitaalgoederen
Onderhoudslasten kapitaalgoederen (bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
Realisatie
Begroting
Begroting (in €)
2024
2025
2026
Meerjarenramingen 2027
2028
2029
Gebouwen Vervoersmiddelen Persoonlijke functionele uitrusting
1.159 1.161 97
981 875 190
981.000 898.500 195.000
981 899 195
981 899 195
981 899 195
Totaal Onderhoudslasten kapitaalgoederen
2.417
2.046
2.074.500
2.075
2.075
2.075
Meerjareninvesteringsplan (MJIP) Meerjareninvesteringsplan (bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
Meerjarenramingen
Begroting (in €) 2026
2027
2028
2029
Nieuwbouw Renovaties Totaal Gebouwen
3.652.339 3.652.339
-
4.960 4.960
2.525 2.525
Voertuigen Bepakking Vaartuigen Containers en aanhangers Totaal Mobiliteit
1.943.000 488.000 620.000 3.051.000
3.550 725 300 4.575
1.360 1.360
6.550 230 6.780
Kleding Duikapparatuur Verbindingsmiddelen Totaal Persoonlijke Functionele Uitrusting
100.000 1.700.000 1.800.000
100 100
100 750 850
100 100
Informatie Technologie Totaal Informatiemanagement
173.350 173.350
533 533
357 357
315 315
Werkplaatsen en PPMO-baan Totaal Overig Brandweerzorg
100.000 100.000
185 185
-
211 211
8.776.689
5.393
7.527
9.931
Totaal Meerjareninvesteringsplan
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Ten minste eens in de vier jaar wordt het meerjarenonderhoudsplan (MJOP) voor gebouwen in eigendom geactualiseerd om de aanpassing van de jaarlijkse storting in de voorziening ‘groot onderhoud gebouwen’ vast te stellen. Bij begroting en jaarstukken doet het DB-verslag over voortgang van gepland onderhoud aan bedrijfsgebouwen en de financiële gevolgen van de actualisering van het MJOP. Brandweerkazernes komen zo veel mogelijk volledig in eigendom of er worden afspraken gemaakt om alleen de casco’s van kazernes te huren waarbij alle installaties in eigendom komen van de VRHM. De totale onderhoudslasten in 2026 worden begroot op €2 miljoen.
63
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
3.3 Financiering 3.3.1
Algemeen
Persoonlijke functionele uitrusting
3.3.2
De verwachting is dat in 2026 voor een bedrag van € 0,1 miljoen aan werkkleding geïnvesteerd wordt en €1,7 miljoen aan pagers en portofoons.
Twee elementen uit de ‘Wet Financiering decentrale overheden’ (FIDO) zijn de kasgeldlimiet en de renterisicovorm. De wet FIDO schrijft voor dat de toezichthouder vooraf geïnformeerd moet worden als de kasgeldlimiet drie op een volgende kwartalen wordt overschreden.
Relevante ontwikkelingen Gebouwen VRHM heeft zestien brandweerkazernes volledig in eigendom. Vanaf 2026 krijgt VRHM twee brandweerkazernes in volledig eigendom bij. De twee nieuwe brandweerkazernes vervangen twee locaties die in 2025 gehuurd worden. De nieuwe brandweerkazernes zullen ca. € 3,6 miljoen kosten. Bovenstaande investeringen zijn exclusief grond. Voor de investeringen die nodig zijn in verband met gebiedsontwikkeling van gemeenten, dienen nader afspraken nog over te worden gemaakt.
Mobiliteit
Informatiemanagement De geplande investeringen op het gebied van ICT hebben betrekking op de vervanging van laptops, tablets en mobiele telefoons. Daarnaast worden de brandweerkazernes voorzien van informatieschermen en het netwerk bij de brandweerkazernes van nieuwe firewallbeveiliging.
Overige Brandweerzorg Voor de werkplaats in Gouda wordt in 2026 diverse materialen aangeschaft voor het Periodiek Preventief Medisch Onderzoek (PPMO). De begrote kosten bedragen € 0,1 miljoen.
Kasgeldlimiet en renterisiconorm
Kasgeldlimiet
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
In 2026 wordt geïnvesteerd in voertuigen en bepakkingen voor respectievelijk een bedrag van €1,9 miljoen en € 0,49 miljoen. Tevens zal VRHM in 2026 poederblusaanhangers, een CoPI-container en containers ten behoeve van duinbrandbestrijding aanschaffen. Het begrote bedrag hiervoor bedraagt € 0,62 miljoen.
De paragraaf Financiering geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de financieringsbehoefte en hoe rente aan investeringen en taakvelden wordt toegerekend. Daarnaast wordt ingegaan op de wijze waarop VRHM inhoud geeft aan het Financieel Statuut. De doelstelling van de treasury functie is als volgt geformuleerd: • Het beheersen van de financiële risico’s zoals renterisico’s, liquiditeitenrisico’s en kredietrisico’s. • Het continu verzorgen van voldoende liquiditeit voor de organisatie. • Het minimaliseren van de rentekosten en het maximaliseren van de renteopbrengsten. • Het Financieel Statuut vormt het kader voor het uitvoeren van de treasury functie onder de voorwaarden. Geld op de rekening courant wordt per dag afgeroomd en uitgezet bij het Ministerie van Financiën op grond van de Regelgeving Schatkistbankieren voor decentrale overheden. Het aantrekken van leningen geschiedt door een offerte aan te vragen bij meerdere financiële instellingen.
De beperking van het risico wordt door de wetgever bepaald door het stellen van een maximum van 8,2% van het begrotingstotaal per 1 januari van het dienstjaar waarin kort geleend mag worden. De korte rente kan namelijk grote afwijkingen hebben binnen een jaar. In de onderstaande tabel is de limiet voor VRHM in meerjarig perspectief geplaatst.
64
Realisatie
Begroting
Begroting (in €)
Meerjarenramingen
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Omvang van de begroting per 01-01 Toegestane kasgeldlimiet conform % BBV Toegestane kasgeldlimiet in €
73.432 8,2% 6.021
78.839 8,2% 6.465
79.413.904 8,2% 6.511.940
79.414 8,2% 6.512
79.414 8,2% 6.512
79.414 8,2% 6.512
Voor het jaar 2026 is de omvang van de begroting ca. €79,4 miljoen. Met de huidige omvang van de begroting per 1-1-2026 bedraagt de toegestane kasgeldlimiet €6,5 miljoen.
Kasgeldlimiet
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
Kwartaal 1 2026
Kwartaal 2 2026
Kwartaal 3 2026
Kwartaal 4 2026
6.512 8,2% 5.341 -1.171
6.512 8,2% 6.250 -262
6.512 8,2% 6.250 -262
6.512 8,2% 6.000 -512
Kasgeldlimiet Toegestane kasgeldlimiet conform % BBV Gemiddeld netto vlottende schuld Ruimte of overschrijding
De laatste regel in bovenstaande tabel geeft aan hoeveel de overschrijding van de kasgeldlimiet volgens de prognose zal bedragen of hoeveel VRHM onder de toegestane kasgeldlimiet blijft. Een negatief bedrag duidt aan dat er sprake is van een onderschrijding, een positief bedrag betekent dat er sprake is van een overschrijding. Er wordt in het 2026 geen overschrijding van de kasgeldlimiet verwacht.
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Kasgeldlimiet
Renterisiconorm Het renterisico aangaande de renterisiconorm heeft betrekking op de contractuele renteherzieningen en de aflossingen op de vaste schuld (looptijd vanaf 1 jaar). Uit de tabel blijkt dat VRHM binnen de wettelijk vastgestelde renterisiconorm (20%) blijft. Dit monitoren wij voortdurend. Indien overschrijding dreigt, faseren wij de investeringen.
65
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
Op basis van onderstaande tabel wordt getoond dat vanaf 2026 voldoende ruimte is om de nieuwe en bestaande langlopende leningen af te lossen.
Renterisiconorm
Begroting
Begroting (in €)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Exploitatiebegroting 01-01 Renterisiconorm % Renterisiconorm Renteherzieningen Aflossingen bestaande leningen Aflossingen Meerjaren Investeringsplan Renterisico
73.432 20% 14.686 -3.460 -3.460
78.839 20% 15.768 -3.770 -3.770
79.413.904 20% 15.882.781 -3.780.176 -3.780.176
79.414 20% 15.883 -4.175 -4.175
79.414 20% 15.883 -4.455 -4.455
79.414 20% 15.883 -4.735 -4.735
Ruimte onder de renterisiconorm
11.226
11.998
12.102.605
11.708
11.428
11.148
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
3.3.3
Meerjarenramingen
Stand der leningen en financieringspositie
De leningenportefeuille dient ter financiering van de investeringen op het gebied van huisvesting en vervanging van het wagenpark.
Stand van de geldleningen
Meerjarenramingen
Realisatie
Begroting
Begroting (in €)
Leningenportefeuille per 01-01
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Bestaande leningen Stand per 1 januari Te betalen aflossingen Stand per 31 december
62.976 -3.460 59.515
59.515 -3.470 56.045
60.745.337 -3.480.176 57.265.161
61.965 -3.965 58.000
61.290 -4.185 57.105
61.335 -4.465 56.870
-
5.000 -300 4.700
5.000.000 -300.000 4.700.000
3.500 -210 3.290
4.500 -270 4.230
4.500 -270 4.230
62.976 -3.460 59.515
59.515 5.000 -3.770 60.745
60.745.337 5.000.000 -3.780.176 61.965.161
61.965 3.500 -4.175 61.290
61.290 4.500 -4.455 61.335
61.335 4.500 -4.735 61.100
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
Meerjaren Investering Plan Stand per 1 januari Aan te trekken leningen Te betalen aflossingen Stand per 31 december Totaal overzicht geldleningen Stand per 1 januari Aan te trekken leningen Te betalen aflossingen Stand per 31 december
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Realisatie
66
3.3.4
Rentetoerekening
De VRHM heeft alleen rentelasten en deze worden volledig toegerekend aan de programmataken.
Rentetoerekening
Begroting (in €)
Renteresultaat
2025
2026
Externe rentelasten Externe rentebaten Saldo rentelasten en rentebaten
1.500
1.417.078
1.500
Doorbelaste rente Aan taakvelden toe te rekenen externe rente Rente over eigen Vermogen Rente over Voorzieningen Rente over het Eigen Vermogen en Voorzieningen
Meerjarenramingen 2027
2028
2029
1.417.078
1.562 1.562
1.595 1.595
1.552 1.552
-
-
-
-
-
-
-
-
-
-
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente
1.500
1.417.078
1.562
1.595
1.552
Aan taakvelden toegerekende rente
-1.500
-1.417.078
-1.562
-1.595
-1.552
-
-
-
-
-
Waarde vaste activa per 31 december
72.243
74.536.420
71.614
69.355
67.072
Omslagrente
2,08%
1,90%
2,18%
2,30%
2,31%
Renteresultaat op het taakveld Treasury
Toelichting: Voor de toerekening van de rentelasten maakt VRHM gebruik van de rente-omslag-methode. Hierbij wordt de betaalde rente gedeeld door de totale waarde van de activa per 31 december. Voor 2026 zal de omslagrente naar verwachting 1,9% bedragen. De omslagrente zal oplopen naar 2,31% in 2029.
3.4 Bedrijfsvoering Vanaf paragraaf 2.2 ‘Programmaplan Meldkamer Brandweer’ wordt nader uiteengezet wat de doelen en prestaties zijn die de VRHM binnen de primaire processen wil realiseren. In paragraaf 2.8 worden de 12 ontwikkelopgaven nader toegelicht.
3.5 Verbonden partijen In deze paragraaf worden de partijen benoemd waarmee VRHM een bestuurlijke en financiële band heeft. Er is sprake van financieel belang als aan een verbonden partij middelen ter beschikking is gesteld die niet verhaalbaar zijn indien de verbonden partij failliet gaat (art. 1 lid c BBV). Er is sprake van een bestuurlijk belang in het geval van zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging, hetzij uit hoofde van stemrecht (art. 1 lid d BBV). In 2026 heeft VRHM twee verbonden partijen: • Het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV). • Expertisebureau Risicobeheer. Bij beide partijen ontbreekt het bestuurlijke belang. VRHM doet jaarlijks een bijdrage aan de hierboven genoemde partijen.
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Begroting
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
67
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
3.6 Monitoring en sturing op taakstellende bezuiniging Taakstellende bezuiniging in de begroting 2026 Veiligheidsregio Hollands Midden
Verdeling en implementatie van de taakstelling Onvermijdelijke meerkosten Bestaande uit extra kosten brandweeropleidingen voor vakbekwaamheid (€0,8 miljoen) en voor huisvesting (€0,3 miljoen). Dit vraagt om een goede opvolging van de mate waarin deze kosten voor vakbekwaamheid en huisvesting zich daadwerkelijk zullen voordoen in 2026 en verder. Zo is de verwachting dat ten aanzien van vakbekwaamheid sprake zal zijn van een ingroeimodel.
+ €1,1 miljoen
Versobering begroting Bestaande uit:
• Algemene aframing personeelsbegroting, rekening houdend met doorlopende vacatureruimte; • Algemene aframing lumpsumbudgetten; • Verminderen budget onderhoud brandweermaterieel en persoonlijke beschermingsmiddelen; • Aframing begroting Persoonlijke Functionele Uitrusting binnen de brandweerzorg; • Aframing crisisbeheersing (oefenprogramma en informatiemanagement); • Aframing bedrijfsvoering (vermindering en versobering van diverse budgetten). Ambitiekrimp Krimp ter grootte van €0,4 miljoen die nader zal worden ingevuld door de directeur VRHM, ten koste van primaire taken als planbeoordeling, toezicht, leerarbeidsplaatsen, voorbereiding op nieuwe risico’s en dreigingen en operationele voorbereiding voor een parate brandweer. Van deze €0,4 miljoen slaat €0,34 miljoen neer op de programmataak Brandweer en crisisbeheersing en €0,06 miljoen op de programmataak GHOR.
- €1,1 miljoen
- €0,4 miljoen
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Het algemeen bestuur heeft besloten invulling te geven aan een taakstelling van €1,5 miljoen, waarvan €1,1 miljoen mag worden geherinvesteerd om onvermijdelijke meerkosten te dekken. Deze taakstellende bezuiniging vraagt om een forse inspanning van de veiligheidsregio en zal zijn weerslag hebben op de noodzakelijke doorontwikkeling van de bedrijfsvoering en de organisatie als geheel. Anderzijds is met dit besluit gekozen om geen brandweerkazernes of specialistische eenheden op te heffen.
Het realiseren van deze taakstellende besparing zal periodiek worden gemonitord, waarbij directie en bestuur door middel van de tertiaalrapportages zullen worden geïnformeerd over de voortgang van realisatie van de taakstelling en de effecten hiervan voor de organisatie en haar activiteiten. Bovenop deze structurele taakstellende bezuiniging spant de VRHM zich in om aanvullende financiële besparingen te ontdekken, zolang paraatheid en kwaliteit dit toelaten.
68
4 Financiële begroting Onderstaand overzicht is een weergave van de baten en lasten (inclusief overhead) per programmataak binnen het programma Fysieke Veiligheid. De baten en lasten exclusief overhead staan vermeld in paragraaf 2.9.5, ‘kosten van overhead’.
Wat gaat het kosten?
Realisatie
Begroting
Begroting (in €)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Baten programmataak fysieke veiligheid Gemeentelijke bijdrage Rijksbijdrage (BDUR) Rijksbijdrage (aanvullende BDUR) Overige bijdragen
-73.435 -59.727 -7.753 -1.746 -4.209
-78.839 -67.118 -8.009 -2.294 -1.418
-79.413.904 -68.292.504 -7.400.491 -2.429.909 -1.291.000
-79.414 -68.293 -7.400 -2.430 -1.291
-79.414 -68.293 -7.400 -2.430 -1.291
-79.414 -68.293 -7.400 -2.430 -1.291
Lasten programmataak fysieke veiligheid Programmataken Totaal Programmataken Meldkamer Brandweer Brandweerzorg Risico- en Crisisbeheersing Bevolkingszorg GHOR
70.380
79.315
79.809.504
79.447
79.917
79.596
45.206 1.283 35.923 7.254 746
52.372 1.517 38.955 9.006 889 2.006
53.542.546 1.557.400 40.134.800 8.962.100 903.200 1.985.046
53.543 1.557 40.135 8.962 903 1.985
53.543 1.557 40.135 8.962 903 1.985
53.543 1.557 40.135 8.962 903 1.985
Totaal Management & Ondersteuning Directie & Staf Bedrijfsvoering
25.174 4.691 20.483
26.943 5.329 21.614
26.266.958 4.906.864 21.360.094
25.905 4.907 20.998
26.374 4.907 21.467
26.053 4.907 21.147
Geraamd saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves Onttrekkingen aan reserves
-3.055 -150
476 73 -549
395.600 173.000 -568.600
33 219 -253
503 173 -676
182 173 -355
Geraamd resultaat na bestemming VPB
-3.205 -
-
-
-
-
-
Geraamd resultaat
-3.205
-
-
-
-
-
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
Meerjarenramingen
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
4.1 Overzicht van baten en lasten en toelichting
69
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
Overige bijdrage
De programmabegroting is opgesteld overeenkomstig het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV). De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het jaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.
De overige bijdrage bestaan uit boekwinst op verkoop van vaste activa, bijdrage USAR, bijdrage STH en een bijdrage Complete Lijn Uitschakeling (25kV). De afname van de overige bijdragen in 2026 van €0,13 miljoen wordt veroorzaakt door de verkoopwinst van vaste activa en rentebaten. In het jaar 2026 neemt de opbrengst van verkoop van activa af, evenals de rentebaten.
Gemeentelijke bijdrage
Uitgaven in lasten van de programmataken, directie & Staf en bedrijfsvoering
Voor het jaar 2026 en de meerjarenraming 2027-2029 zijn de bestuurlijke uitgangspunten bepalend. In de gemeentelijke bijdragen van 2026 is de bijdrage voor de programmataak GHOR, als gevolg van de transitie van de GHOR Hollands Midden van Hecht naar de VRHM per 1 januari 2025, opgenomen.
De lasten in de programmabegroting 2026 nemen minimaal toe. Dit ligt aan het feit dat VRHM in 2026 invulling geeft aan een taakstelling en ombuiging van in totaal €1,5 miljoen.
VBP BDuR De Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (aanvullende BDuR) neemt structureel ieder jaar toe. De aanvullende BDuR wordt ingezet voor de versterking van de crisisbeheersingsorganisatie, de versterking van de informatiepositie en het te realiseren landelijk knooppunt coördinatie Regio’s en Rijk (KCR2). Bij de begrote Brede Doeluitkering Rampenbestrijding is rekening gehouden met een taakstelling van 10%, oftewel €0,72 miljoen.
Vennootschapsbelasting is niet van toepassing.
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Toelichting op de baten en lasten
70
4.2 Verdeling naar de verschillende taakvelden Een uniforme indeling van de programmabegroting in taakvelden wordt voorgeschreven om te komen tot een verbeterde interne sturing en betrouwbare informatie, onder andere op basis van externe vergelijkbaarheid. Realisatie
Begroting
Begroting (in €)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
Baten: fysieke veiligheid 0.4 Overhead 0.5 Treasury 1.1 Crisisbeheersing en brandweer 1.2 Openbare orde en veiligheid
-73.435 -112 -824 -72.499 -
-78.839 -250 -78.589 -
-79.413.904 -200.000 -79.213.904 -
-79.414 -200 -79.214 -
-79.414 -200 -79.214 -
-79.414 -200 -79.214 -
Lasten: fysieke veiligheid 0.1 Bestuur 0.4 Overhead 0.5 Treasury 0.8 Onvoorzien 1.1 Crisisbeheersing en brandweerzorg 1.2 Openbare orde en veiligheid 8.3 Wonen en bouwen
70.380 107 15.119 1.411 53.709 34
79.315 55 16.919 1.640 60.701 -
79.809.504 56.800 15.981.594 1.640.400 62.130.710 -
79.447 57 15.698 1.640 62.053 -
79.917 57 15.682 1.640 62.538 -
79.596 57 15.682 1.640 62.217 -
Saldo voor bestemming: fysieke veiligheid Mutatie reserves: fysieke veiligheid 0.10 Mutaties Reserves
-3.055 -150
476 -476
395.600 -395.600
33 -33
503 -503
182 -182
Resultaat na bestemming: fysieke veiligheid VPB
-3.205 -
-
-
-
-
-
Resultaat na belasting: fysieke veiligheid
-3.205
-
-
-
-
-
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
Meerjarenramingen
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Taakveld
71
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
4.3 Geprognosticeerde balans en toelichting De geprognosticeerde begin- en eindbalans van de begrotingsjaren en in meerjarig perspectief geeft meer inzicht in de ontwikkelingen van de investeringen, het aanwenden van reserves en de financieringsbehoefte. Realisatie
Begroting
Begroting (in €)
2024
2025
2026
2027
2028
2029
(im) Materiële vaste activa met econ. nut Financiële vaste activa: Uitzettingen > 1 jaar Totaal Vaste Activa
68.988 8.067 77.055
72.243 7.716 79.959
74.536.420 7.365.000 81.901.420
71.614 7.014 78.628
69.355 6.663 76.018
67.072 6.312 73.384
Uitzettingen < 1 jaar Liquide middelen Overlopende activa Totaal Vlottende Activa
6.290 317 2.315 8.922
9.500 521 1.000 11.021
10.000.000 471.336 1.000.000 11.471.336
5.500 476 1.000 6.976
7.000 481 1.000 8.481
9.000 466 1.000 10.466
Totaal Activa
85.977
90.980
93.372.756
85.604
84.498
83.850
Eigen vermogen Algemene reserve (eigen vermogen) Bestemmingsreserve (eigen vermogen) Gerealiseerd resultaat (eigen vermogen) Voorzieningen Vaste schuld Totaal Vaste Passiva
9.350 1.125 5.019 3.205 7.836 59.515 76.701
7.051 1.775 5.276 7.146 60.745 74.942
6.655.203 1.775.000 4.880.203 6.579.000 61.965.161 75.199.364
6.622 1.775 4.847 6.012 61.290 73.924
6.119 1.775 4.344 5.445 61.335 72.899
5.937 1.775 4.162 4.878 61.100 71.915
Vlottende schuld Overlopende passiva Totaal Vlottende Passiva
7.175 2.101 9.276
6.500 9.538 16.038
6.000.000 12.173.392 18.173.392
6.000 5.680 11.680
1.000 10.599 11.599
3.000 8.935 11.935
Totaal Passiva
85.977
90.980
93.372.756
85.604
84.498
83.850
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
Meerjarenramingen
Activa
Passiva
Toelichting op de balans
Materiële Vaste Activa
De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden.
Investeringen met economisch nut worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Bij VRHM is er alleen sprake van investeringen met economisch nut. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) wordt niet afgeschreven. De afschrijving start in het kalenderjaar na ingebruikname van de activa, conform regelgeving in de financiële vordering. Door de geplande investeringen in 2025 neemt de waarde van de materiële vaste activa toe in 2026.
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Geprognosticeerde balans per 31-12
72
Materiële vaste activa (bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
Begroting
Begroting
Verminderingen Vermeerderingen (desinvestering en (investeringen) afschrijvingen)
1-1-25
31-12-25
1-1-26
Verminderingen Vermeerderingen (desinvestering en (investeringen) afschrijvingen)
31-12-26
Gronden en terreinen Gebouwen Mobiliteit ICT-middelen Overige mat. vaste activa
2.160 24.901 29.635 1.006 11.286
6.681 879 4.043
1.241 4.602 287 2.219
2.160 23.661 31.714 1.597 13.110
2.160 23.661 31.714 1.597 13.110
3.652 3.051 173 1.900
1.236 2.835 287 2.125
2.160 26.077 31.930 1.483 12.885
Totaal
68.988
11.603
8.348
72.243
72.243
8.777
6.483
74.536
In het boekjaar 2026 neemt de boekwaarde van de materiële vaste activa toe door geplande investeringen in het boekjaar 2025. In paragraaf 3.2 wordt meer informatie verstrekt over het MJIP.
Materiële vaste activa (bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
Meerjarenraming
1-1-27
VerminderinVermeerderingen (desingen (investe31-12-27 vestering en ringen) afschrijvingen)
1-1-28
VerminderinVermeerderingen (desingen (investe31-12-28 vestering en ringen) afschrijvingen)
1-1-29
VerminderinVermeerderingen (desingen (investe31-12-29 vestering en ringen) afschrijvingen)
Gronden en terreinen Gebouwen Mobiliteit ICT-middelen Overige mat. vaste activa
2.160 26.077 31.930 1.483 12.885
4.575 533 100
- 2.160 2.160 1.302 24.776 24.776 3.354 33.151 33.151 343 1.674 1.674 3.131 9.854 9.854
4.960 1.360 357 850
- 2.160 2.160 1.312 28.423 28.423 4.010 30.501 30.501 266 1.764 1.764 4.198 6.506 6.506
2.525 6.780 315 100
- 2.160 1.179 29.769 5.122 32.159 259 1.820 5.442 1.164
Totaal
74.536
5.208
8.130 71.614 71.614
7.527
9.786 69.355 69.355
9.720
12.002 67.072
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Het verloop van de materiële vaste activa:
73
1 2 3 4 5
Soort activum
Jaren
Gronden en terreinen Gebouwen Vervoermiddelen Overige bedrijfsmiddelen
5-40 5-15 5-20
Financiële Vaste Activa Overige uitzettingen met een rente typische looptijd van korter dan één jaar of van één jaar of langer worden gewaardeerd tegen nominale waarde.
Uitzettingen < 1 jaar en overlopende activa Vorderingen en overlopende activa worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid wordt een voorziening in mindering gebracht.
Liquide middelen Liquide middelen worden tegen nominale waarde opgenomen.
Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat voornamelijk uit reserves. Het begrote eigen vermogen neemt in 2026 af door dotaties aan de algemene – en bestemmingsreserve.
Vaste schuld De vaste schuld neemt in de meerjarenraming jaarlijks toe. Dit wordt veroorzaakt door aanvullende leningen door VRHM.
Vlottende schuld De vlottende schuld van VRHM blijft in de meerjarenraming jaarlijks gelijk.
Overlopende passiva De overlopende passiva heeft betrekking op verplichtingen die in het jaar 2026 worden opgebouwd en in het volgend jaar tot betaling komen. De overlopende passiva neemt vanaf 2026 af. Verplichtingen bij VRHM worden op basis van de huidige begroting in datzelfde jaar nagekomen en afgelost.
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
De gehanteerde afschrijvingstermijnen (op basis van de lineaire afschrijvingsmethode) bedragen in jaren:
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
74
4.4 Incidentele baten en lasten De incidentele onttrekkingen hebben betrekking op de dekking van het als gevolg van de overname van de Meldkamer Leiden Zuid en lasten ten behoeve van WWB. Begroting Begroting (in €)
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
2025
Subtotaal Incidentele lasten Wendbare en Weerbare Bedrijfsvoering Subtotaal toevoeging aan reserves Weerbaarheid door de VRHM Groot Onderhoud Gebouwen Tweede Loopbaanbeleid Totaal incidentele lasten Subtotaal Incidentele baten
362 362 73 73 435 399 362 38 399 35
Subtotaal onttrekking aan reserves Wendbare en Weerbare Bedrijfsvoering Groot Onderhoud Gebouwen Tweede Loopbaanbeleid Totaal incidentele baten A. Saldo incidentele baten en lasten Structurele reservemutaties
Meerjarenramingen
2026
2027
2028
2029
299.600 299.600 173.000 100.000 73.000 472.600 418.662 299.600 28.333 90.729 418.662 53.938
16 16 219 146 73 235 103 16 87 103 132
173 100 73 173 526 320 206 526 -353
173 100 73 173 205 179 26 205 -32
Begroting Begroting (in €)
Meerjarenramingen
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
2025
2026
2027
2028
2029
Subtotaal toevoeging aan reserves Kapitaallasten Meldkamer BrW Subtotaal onttrekking aan reserves Kapitaallasten Meldkamer BrW B. Saldo structurele reservemutaties
150 150 -150
150.000 150.000 -150.000
150 150 -150
150 150 -150
150 150 -150
Structurele begrotingssaldo
Begroting Begroting (in €)
Toelichting: De tabellen hiernaast geven de incidentele en structurele baten en lasten, de mutaties aan de reserves en het begrotingssaldo weer. De lasten voor wendbare en weerbare bedrijfsvoering hebben een incidenteel karakter en zijn in de tabel apart zichtbaar. Deze lasten voldoen aan de criteria van incidentele lasten conform de Notitie Structurele en Incidentele Baten en lasten van de Commissie BBV. In de jaren 2026 tot en met 2029 zijn geen incidentele baten. De post onder de structurele onttrekking aan reserve heeft betrekking op de overname van de Meldkamer Leiden Zuid.
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Incidentele baten en lasten
Meerjarenramingen
(bedragen x €1.000, tenzij anders vermeld)
2025
2026
2027
2028
2029
C. Resultaat / geraamd saldo baten en lasten D. Mutaties aan reserves E. Begrotingssaldo na bestemming (C + D = E) A. Saldo Incidentele baten en lasten F. Structureel begrotingssaldo
476 -476 35 35
395.600 -395.600 53.938 53.938
33 -33 132 132
503 -503 -353 -353
182 -182 -32 -32
75
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
5 Bijlagen Bijdrage 2025 volgens programmabegroting 2025 Aantal inwoners
Brandweerzorg en
1-1-2024
crisisbeheersing
Alphen aan den Rijn Bodegraven-Reeuwijk Gouda Hillegom Kaag en Braassem Katwijk Krimpenerwaard Leiden Leiderdorp Lisse Nieuwkoop Noordwijk Oegstgeest Teylingen Voorschoten Waddinxveen Zoeterwoude Zuidplas Achterblijvende kosten Hecht
114.966 36.569 75.758 22.822 29.168 66.966 57.785 130.108 27.736 23.447 29.501 45.734 25.948 38.470 25.625 34.000 9.732 47.843
8.128.304 2.745.327 5.855.893 1.562.605 2.143.198 4.392.351 3.953.891 12.788.554 2.169.902 1.718.521 1.924.399 3.479.252 1.762.453 2.570.460 1.816.722 2.073.424 703.775 3.192.401
Eindtotaal
842.178
Gemeente
Meldkamer BrW
185.768 59.071 122.535 36.530 46.487 108.366 93.875 206.768 44.997 38.054 47.935 73.504 41.887 62.654 41.756 53.040 15.363 76.436
Bevolkingszorg
104.761 33.312 69.102 20.600 26.215 61.111 52.939 116.603 25.375 21.460 27.032 41.451 23.622 35.332 23.547 29.911 8.664 43.105
GHOR*
Geïndexeerde bijdrage 2026
Totale bijdrage
Brandweerzorg en
2025
crisisbeheersing
382.555 8.801.388 121.646 2.959.356 252.338 6.299.868 75.226 1.694.961 95.731 2.311.631 223.160 4.784.988 193.318 4.294.023 425.798 13.537.723 92.662 2.332.936 78.366 1.856.401 98.713 2.098.079 151.367 3.745.574 86.259 1.914.221 129.024 2.797.470 85.988 1.968.013 109.226 2.265.601 31.638 759.440 157.405 3.469.347
8.311.089 2.776.169 5.950.301 1.596.210 2.217.974 4.437.690 3.984.864 13.175.480 2.179.658 1.734.670 1.954.116 3.565.130 1.792.144 2.604.617 1.838.297 2.167.467 735.841 3.271.664
Meldkamer BrW
196.241 62.421 129.315 38.956 49.788 114.307 98.636 222.087 47.344 40.023 50.357 78.065 44.292 65.666 43.740 58.036 16.612 81.665
Bevolkingszorg
106.728 33.949 70.329 21.187 27.078 62.167 53.644 120.785 25.749 21.767 27.387 42.457 24.089 35.713 23.789 31.564 9.035 44.415
GHOR
348.438 110.833 229.607 69.169 88.402 202.960 175.134 394.330 84.062 71.063 89.411 138.610 78.643 116.595 77.664 103.047 29.496 145.002
Achterblijvende kosten Hecht
Totale bijdrage 2026
-64.296 -20.452 -42.369 -12.764 -16.313 -37.452 -32.317 -72.765 -15.512 -13.113 -16.499 -25.577 -14.512 -21.515 -14.331 -19.015 -5.443 -26.757
8.898.200 2.962.920 6.337.183 1.712.758 2.366.929 4.779.672 4.279.961 13.839.917 2.321.301 1.854.410 2.104.772 3.798.685 1.924.656 2.801.076 1.969.159 2.341.099 785.541 3.515.989
-471.000
68.594.230
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
5.1 Overzicht inwonersbijdrage per gemeente
-471.000 62.981.432
1.355.026
764.142
2.790.420 67.891.020
64.293.381
1.437.551
781.830
2.081.467
76
5.2. EMU-saldo Centraal Bureau voor de Statistiek
Berekening EMU-saldo
Algemene gegevens: Overheidslaag:
Gemeenschappelijke Regeling
Berichtgevernaam:
Veiligheidsregio Hollands Midden
Berichtgevernummer:
050676
Jaar:
2026
Omschrijving
1. Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c) 2. Mutatie (im)materiële vaste activa 3. Mutatie voorzieningen
2025
2026
2027
x € 1000,-
x € 1000,-
x € 1000,-
Volgens realisatie tot en met sept. 2025, aangevuld met raming resterende periode
Volgens begroting 2026
Volgens meerjarenraming in begroting 2027
-536
-428
-163
10.859
8.777
5.393
-691
-567
-576
100
100
100
-12.186
-9.872
-6.232
4. Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) 5. Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa Berekend EMU-saldo
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Hollands Midden
77
1 2 3 4 5
5.3
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
Overzicht bijdrage Slachtofferhulp per gemeente Bijdrage Slachtofferhulp Nederland 2026
Aantal inwoners 1-1-2024
Alphen aan den Rijn Bodegraven-Reeuwijk Gouda Hillegom Kaag en Braassem Katwijk Krimpenerwaard Leiden Leiderdorp Lisse Nieuwkoop Noordwijk Oegstgeest Teylingen Voorschoten Waddinxveen Zoeterwoude Zuidplas
114.182 36.308 75.316 22.453 28.573 66.607 57.700 127.089 27.657 23.390 29.463 45.179 25.746 38.510 25.665 32.601 9.443 46.981
114.966 36.569 75.758 22.822 29.168 66.966 57.785 130.108 27.736 23.447 29.501 45.734 25.948 38.470 25.625 34.000 9.732 47.843
32.699 10.398 21.569 6.430 8.183 19.075 16.524 36.395 7.920 6.698 8.438 12.938 7.373 11.028 7.350 9.336 2.704 13.454
225 75 127 106 170 103 24 865 23 16 11 159 58 -11 -11 401 83 247
32.924 10.473 21.695 6.536 8.353 19.178 16.548 37.260 7.943 6.715 8.448 13.097 7.431 11.017 7.338 9.737 2.787 13.701
889 283 586 176 226 518 447 1.006 214 181 228 354 201 297 198 263 75 370
33.813 10.755 22.281 6.712 8.579 19.695 16.995 38.266 8.157 6.896 8.677 13.451 7.632 11.314 7.537 10.000 2.862 14.071
Eindtotaal
832.863
842.178
238.513
2.668
241.181
6.512
247.692
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Indexatie: 2,70 %
Aantal inwoners 1-1-2023
Gemeente
Mutatie o.b.v. aantal inwoners
Bijdrage Slachtofferhulp NL op basis van wijziging van het aantal inwoners
Bijdrage Slachtofferhulp Nederland 2025
78
5.4 Overzicht naar IV-3 rapportage Begroting 2026 (in €)
Ec. Cat.
45.446.174
1.1
Materieel Duurzame goederen Ingeleend personeel Overige goederen en diensten Inkomensoverdrachten
1.945.800 17.730.615 -
3.2 3.5.1 3.8 4.3.x
TOTAAL:
63.176.789
Verhouding:
Bedragen
Procenten
Arbeid Materieel
45.446.174 19.676.415
69,8% 30,2%
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Arbeid Salarissen en sociale lasten
79
1 2 3 4 5
Inleiding Beleidsbegroting Paragrafen Financiële begroting Bijlagen
5.5 Ontwikkeling van de gemeentelijke bijdrage op basis van de Cebeon-norm
Verschil Jaar
Uitgekeerd
T.o.v. vj
2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029
€ 64,8 € 71,8 € 73,7 € 73,8 € 76,1 € 78,1 € 80,3
€ 7,0 € 1,9 € 0,2 € 2,2 € 2,1 € 2,1
Cumulatief
€ 8,9 € 9,1 € 11,3 € 13,4 € 15,5
Gem. bijdragen
Verschil t.o.v. uitgekeerd
€ 56,0 € 62,6 € 67,9 € 69,1
-€ 8,8 -€ 9,2 -€ 5,8 -€ 4,8
Uitgekeerde gemeentelijke bijdragen BrW & CB zoals opgenomen in septembercirculaire 2024 (bedragen x € 1 mln)
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
Onderstaand wordt de ontwikkeling van de Cebeon-norm voor de periode 2023-2029 op basis van de septembercirculaire gemeentefonds 2024 weergegeven. Er wordt een vergelijking gemaakt ten opzichte van de septembercirculaire van 2024 en de gemeentelijk bijdragen. De uitgekeerde gemeentelijke bijdragen blijven ruim € 4,8 miljoen onder de Cebeon-norm. Met andere woorden, gemeenten ontvangen meer uit het gemeentefonds voor het clusteronderdeel Crisisbeheersing en Brandweer dan de bijdrage die aan VRHM voor de programmataken wordt uitgekeerd.
80
5.6 Lijst met afkortingen Algemeen Bestuur
MJIP
Meerjareninvesteringsplan
ACB
Adviseurs crisisbeheersing
MJOP
Meerjarenonderhoudsplan
B&R
Brandweer en Rampenbestrijding
OTO
Opleiden, trainen en oefenen
BDuR
Brede Doeluitkering Rampenbestrijding
OVD-G
Officier van Dienst Geneeskundig
BGC
Bevolkingszorg Gemeentelijke Crisisbeheersing
PIOFACH
Personeel, Informatievoorziening, Organisatie, Financiën, Algemene zaken, Communicatie en Huisvesting
BrW
Brandweer
PPMO
Periodiek Preventief Medisch Onderzoek
CaCo
Calamiteiten Coördinator
PTSS
Post-traumatische stress-stoornissen
CBS
Centraal Bureau voor de Statistiek
RAV
Regionale Ambulance Voorziening
CF
Coördinerend Functionaris
RBP
Regionaal Beleidsplan
College van B&W
College van burgemeester en wethouders
RIN
Risico Index Natuurbranden
COA
Centraal Orgaan opvang asielzoekers
ROAZ
Regionaal Overleg Acute Zorgketen
DB
Dagelijks Bestuur
RRP
Regionaal Risicoprofiel
DBA
Deregulering Beoordeling Arbeidsrelaties
SOC
Security Operations Center
FIDO
Financiering decentrale overheden
STH
Specialisme Technische Hulpverlening
FKGR
Financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen
UKB
Uniformering Kwaliteit Bevolkingszorg
FLO
Functioneel leeftijdsontslag
USAR
Urban Search And Rescue team
GHOR
Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de regio
VIK
Veiligheidsinformatieknooppunt
GRIP
Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdingsprocedure
VRHM
Veiligheidsregio Hollands Midden
GSE
Gevaarlijke stoffen eenheden
Wvr
Wet veiligheidsregio’s
HM
Hollands Midden
WWB
Wendbare en Weerbare Bedrijfsvoering
ICT
Informatie- en Communicatietechnologie
ZRP
Zorgrisicoprofiel
IV
Informatievoorziening
KCR2
Knooppunt voor de coördinatie tussen Rijk en veiligheidsregio’s
LMS
Landelijke Meldkamer Samenwerking
LPO
Loon- en prijsontwikkeling
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
AB
81
Programmabegroting 2026 en Meerjarenraming 2027 - 2029
82