CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

C06 ANLV Geestgrond, zienswijze ontwerp omgevingsplan Buitengebied.pdf

Gemeenteraad 28 januari 2021, gemeente HillegomBij agendapunt: 6: Ingekomen stukken12.717 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

»

Aan de gemeenteraad van Hillegom Postbus 32 2180 AA Hillegom A^rsriache Natuur- en Londschopaveperw^ing

c.c. College van Burgemeester en Wethouders

Datum: 16-12-2020

Onderwerp: Zaaknummer Z-20-140477 (Omgevingsplan buitengebied gemeente Hillegom)

Geacht Raadslid, De Agrarische Natuur- en Landschapsvereniging (ANLV) Geestgrond is zich bewust van de komst van de nieuwe omgevingswet met de nieuwe omgevingsvisies en -plannen. Zij volgt dit met interesse omdat onze leden (boeren en burgers) waarde hechten aan een gezond open landschap waar agrarische ondernemers kunnen ondernemen, met oog voor behoud en vergroting van de biodiversiteit. En waar burgers kunnen recreëren met oog voor behoud van deze biodiversiteit.

We zijn dan ook verheugd dat de gemeente Hillegom, vooruitlopend op de nieuwe Omgevingswet, haar omgevingsplan voor het Buitengebied en de Zanderij al in 2019 presenteerde. Wij volgen ook de voortgang van deze processen in de andere gemeenten van de Bollenstreek. Dit omdat biodiversiteit zich niet aan gemeentegrenzen houdt.

Deze brief is onze zienswijze op het Hillegomse omgevingsplan. In de bijlagen leest u welke gebieden we waardevol vinden en daarom optimaal beschermd moeten worden, rekening houdend met de volgende punten die het bestuur van ANLV Geestgrond belangrijk vindt: 1. 2.

3.

4. 5. 6.

Behoud van openheid van het landschap in het buitengebied; Behoud en uitbreiding van het wandelnetwerk, met inachtneming van de eisen die de flora en fauna aan dit netwerk stellen (bv. broedseizoen bollen- en weidevogels); Bouw in het buitengebied moet alleen mogelijk zijn als dit natuur-inclusief gebeurt. Deze voorwaarde moet geborgd zijn in het omgevingsplan; Heggen en hagen planten waar dit kan in plaats van erfscheidingen van muren of hekken; Cultuurhistorische landschapselementen als sloten, vaarten, houtwallen, singels, koe- en geriefbosjes dienen beschermd en vastgelegd te worden conform de cultuurhistorische atlas; Inrichting en beheer van bermen en rotondes dienen ecologisch te gebeuren door bedrijven die Kleurkeur gecertificeerd zijn. Maak hierover afspraken met eigenaren van bermen die niet in eigendom zijn van de gemeenten. Een gemeentelijk bermbeheerplan zou daartoe een aanzet kunnen zijn waarin alle eigenaren van bermen en rotondes participeren.

Als we het Omgevingsplan lezen, met deze punten in ons achterhoofd, valt het ons op dat wanneer gesproken wordt over natuur (Paragraaf 3.7, pagina 24), de gemeente spreekt over de Natura 2000 gebieden in de omgeving, het weidegebied "Vosse en Weerlanerpolder" dat in beheer is bij het ZuidHollands Landschap en Lokhorstduin. Graag attenderen we u erop dat op alle bollen- en weidevelden in het buitengebied natuur aanwezig is.

ANLV Geestgrond, Rooversbroekdijk 98, 2161 LL LISSE info@anlvgeestgrond.nl, www.anlvgeestgrond.nl IBAN; NL69 RABO 0376 9097 73, KvK.: 280 84 612

Proactief kijken wat gedaan kan worden aan natuur-inclusieve maatregelen bij initiatieven Al meer dan 20 jaar worden (bollen)vogels geteld, en sinds 3 jaar kent ANLV Geestgrond haar patrijzenproject. Uit deze initiatieven blijkt hoe waardevol het buitengebied is als het gaat om biodiversiteit. We meten dit af aan aantallen vogels. Een rapportage daarover vindt u in bijlage 2. In de samenvatting (bijlage 1) daarvan worden ook de bollenvelden genoemd rondom de Hyacintenlaan, de Zwartelaan en de Veenenburgerlaan. En ook de bollenvelden rondom het station en De Zilk. We beseffen dat het Omgevingsplan een wettelijk toetsingskader is, waarbij ieder initiatief voor een ontwikkeling in het buitengebied omgevingvergunningsplichtig is en waarop het bevoegd gezag het initiatief beoordeeld (pagina 25). We vragen u bij deze beoordeling niet alleen rekening te houden met weidevogels. De kleinschaligheid van de bollenteelt in onze streek is uniek en zeer waardevol voor het behoud van de bollenvogels. Ons advies; Neem de effecten van de initiatieven in het buitengebied op bollenvogels mee in de beoordeling van het bevoegd gezag. En kijk dan ook of er kansen liggen om eisen aan de inrichting van het nieuwe initiatief (heggen, hagen, struweel, natuurinclusief bouwen) mee te geven in het initiatief.

Behoud openheid en rust Biodiversiteit is niet alleen een kwestie van aantallen vogels, planten en dieren. Het gaat ook om een goede biotoop en een goede habitat. In de beoordeling van de gebieden is er weinig kwantitatieve informatie aanwezig over de parameters openheid en rust. De beleving van veel bewoners is dat de Bollenstreek wordt volgebouwd met GOM woningen. Dit zegt iets over hoe het ervaren wordt. En de vragen die zijn gerezen over de handhaving van paardenweitjes geven aan dat bestemmingen niet altijd overeenkomen met de praktijk. Gelukkig houdt het GOM wel het aantal hectares bollenareaal bij. Wij pleiten ervoor dat er ook meer kwalitatief onderzoek komt naar de aanwezigheid van landschapselementen, heggen en hagen, sloten. Gemeentes kunnen een bijdrage leveren aan de initiatieven die hiervoor beschikbaar komen in het Landschapspark Hollands Duin en de onderzoeksprojecten van NWO in de Bollenstreek.

Ecologische verbindingen Tot slot lezen we dat nieuwe initiatieven niet moeten leiden tot een afname van de ecologische verbindingen (pagina 10 van Omgevingsplan, verwijzend naar de visie). Dat ondersteunen we van harte. Uit het stuk wordt niet duidelijk hoe de gemeente de ecologische verbindingen laat behouden/toenemen. In onze optiek passen een goed beleid op ecologisch berm- en slootbeheer en het planten van heggen en hagen binnen de versterking van de ecologische verbindingen. Graag gaan we daarover het gesprek aan met de gemeente. Het initiatief van de Stichting Natuurlijk Hillegom zou daar een aanleiding kunnen zijn om dit overleg op te pakken. Met vriendelijke groet, i.o.

M. Duineveld Voorzitter

Bijlage 1: Samenvatting notitie "Zienswijze op naderende omgevingsvisies Teijlingen en Lisse" Bijlage 2: Notitie "Zienswijze op naderende omgevingsvisies Teijlingen en Lisse"

ANLV Geestgrond, Rooversbroekdijk 98, 2161 LL LISSE info@anlvgeestgrond.nl, www.anlvgeestgrond.nl IBAN; NL69 RABO 0376 9097 73, KvK.: 280 84 612

Samenvatting

^^Zienswijze op naderende omgevingsvisies Teylingen en Lisse" ANLV Geestgrond volgt de ruimtelijke ontwikkelingen in de Duin- en Bollenstreek. Gemeentes schrijven momenteel hun omgevingsvisies. Als bestuur van ANLV Geestgrond reiken wij u in deze notitie een zienswijze aan over die gebieden, die volgens ons beschermd moeten worden. Bepalend daarbij zijn de aanwezigheid van biodiversiteit, openheid, rust en het aantal landschapselementen. We zijn in drie stappen gekomen tot deze zienswijze: In de eerste stap (hoofdstuk 2) zijn de gebieden geïnventariseerd in de Bollenstreek. De gebieden staan in tabel 4. Daarbij is gebruik gemaakt van nota's uit het verleden (inclusief de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek uit 2016, kortweg ISG 2016) en huidige gebiedsindelingen voor het tellen van boerenlandvogels door diverse instanties en personen. In de tweede stap (hoofdstuk 3) wordt gekeken hoe de ISG 2016 de openheid en natuurwaarden van de gebieden beschermt. En daarna bepalen we de grootte van de biodiversiteit in de vastgestelde gebieden op grond van de bij ons beschikbare telgegevens van vogels.

In de derde en laatste stap (hoofdstuk 4) worden uiteindelijk die gebieden weergegeven nadat ook de criteria van de aanwezigheid van openheid/rust en de aanwezigheid van landschapselementen mee zijn genomen.

Onze inventarisatie leidt tot een lijst van 34 gebieden die beschermd moeten worden. De selectie van gebieden op grond van de criteria openheid en rust is kwalitatief. ANLV Geestgrond vindt dat er een kwantitatieve monitoring voor de komende jaren opgezet moet worden. Deze vraag zal meegenomen worden naar het Living Lab dat in januari 2021 van start gaat.

Tabel met gebieden die beschermd moeten worden op grond van genoemde criteria {*) Gebieden die beschermd moeten worden / blijven 1 Oosteinderpolder 2 Elsbroekerpolder

* Biodiversiteit Openheid en rust Landschapselementen sloten/singels/koebosjes Sterk aanwezig sloten en singels Sterk aanwezig sloten Sterk aanwezig heggen/hagen/singels Sterk aanwezig niet aanwezig Sterk aanwezig hakhoutbossen Met name rust

6 Lageveense polder

4 groot 6 groot 7 groot 8 gemiddeld 9 gemiddeld 13 groot

7 Polders Beek, Berg en Daal 8 Lisser Poelpolder

14 gemiddeld 15 gemiddeld

Sterk aanwezig

sloten

Aanwezig

9 Roversbroekpolder

17 matig

Aanwezig

sloten/koe-, pestbosjes weidegebied/sloten

10 Bonte Krielpolder 11 Zilker Bollenvelden 12 Bollenvelden Zilkerduinweg 13 Weidepercelen achter Dobbe 14 Weidepercelen Oud Leeuwenhorst 15 Stal Kees Wassenaar Leeuwenhorst 16 Agrarisch bestemde percelen rondom Westeinde 17 Hogeveense Polder 18 Polder Langeveld

18 matig 19 gemiddeld 20 gemiddeld

Sterk aanwezig Sterk aanwezig

kleinschalig weiland heggen hagen

Sterk aanwezig

afwisseling bollen/weide

21 onbekend 24 onbekend 25 onbekend 27 onbekend 28 groot 29 gemiddeld

Sterk aanwezig Sterk aanwezig Sterk aanwezig Aanwezig Sterk aanwezig Sterk aanwezig

oud weidevogelgebied weidegebied/sloten kleinschalig weiland afwisseling bollen/weide sloten heggen hagen

31 groot 32 groot

Sterk aanwezig

duinvegetatie/heide

Sterk aanwezig

sloten

21 Percelen aan de Randweg 22 Zwetterpolder 23 Bronsgeest

33 onbekend

Sterk aanwezig

35 groot

24 Polder Hoogeweg

38 gemiddeld

Sterk aanwezig Sterk aanwezig Sterk aanwezig

afwisseling bollen/weide sloten, singels, heg/haag sloten, singels, heg/haag graslandgebied

25 Corridor Elsgeest-Hoogeweg 26 Naast Volkstuinen Polder Hoogeweg (Nabij KTS)

39 groot 40 groot

Sterk aanwezig Sterk aanwezig

afwisseling bollen/weide afwisseling bollen/weide

27 De Krom Rijnsoever en stuk langs Zwarteweg 28 Floris Schouwen Vrouwen Polder 29 Kooipolder

42 onbekend 46 gemiddeld 47 groot

onbekend Sterk aanwezig Sterk aanwezig

afwisseling bollen/weide veenweidegebied sloten veenweidegebied sloten

30 Roodemolenpolder

48 gemiddeld 49 gemiddeld

open nat grasland Aanwezig Minder aanwezig afwisseling bollen/weide

50 groot

Aanwezig Sterk aanwezig

3 Bollenpercelen aan oostzijde Noorder Leidse vaart 4 Zwartelaan, Hyacintenlaan, Veenenburgerlaan 5 Bollenvelden Zilkerbinnenweg

19 Het Oosterduinse meer (Komo meer) 20 Oosterduinse Sloten

31 Noordzijde Roodemolenpolder 32 Mottiger polder

36 gemiddeld

33 Elsgeesterpolder 34 Landgoed Oostergeest

52 groot

35 Weidepercelen rondom stal Pegasus

58 groot

57 groot

Sterk aanwezig Sterk aanwezig

sloten, singels, heg/haag combi akkers/grasland weidegebied/struweel weidegebied/struweel

* De nummers in de derde kolom verwijzen naar de nummering in tabel 4 waarin alle getoetste gebieden zijn weergegeven.

Notitie Zienswijze op naderende omgevingsvisies Teylingen en Lisse

(i. 1

« *1-

: (■ • lÊ'X I t/

f'l ■

■■■!

•

Paul Venderbosch

ANLV Geestgrond December 2020

Agrarische Natuur- en Londschopsvereniging

2

Samenvatting ANLV Geestgrond volgt de ruimtelijke ontwikkelingen in de Duin- en Bollenstreek. Gemeentes schrijven momenteel hun omgevingsvisies. Als bestuur van ANLV Geestgrond reiken wij u in deze notitie een zienswijze aan over die gebieden, die volgens ons beschermd moeten worden. Bepalend daarbij zijn de aanwezigheid van biodiversiteit, openheid, rust, het aantal landschapselementen. We zijn in drie stappen gekomen tot deze zienswijze: In hoofdstuk 2 zijn de gebieden geïnventariseerd in de Bollenstreek. De gebieden staan in tabel 4. Daarbij is gebruik gemaakt van nota's uit het verleden (inclusief de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek uit 2016, kortweg ISG 2016) en huidige gebiedsindelingen voor het tellen van boerenlandvogels door diverse instanties en personen. In hoofdstuk 3 wordt gekeken hoe de ISG 2016 de openheid en natuurwaarden van de gebieden beschermt. En daarna bepalen we de grootte van de biodiversiteit in de vastgestelde gebieden op grond van de bij ons beschikbare telgegevens. In het laatste hoofdstuk 4 worden uiteindelijk die gebieden weergegeven nadat ook de criteria van de aanwezigheid van openheid/rust en de aanwezigheid van landschapselementen mee zijn genomen.

Onze inventarisatie leidt tot een lijst van 34 gebieden die beschermd moeten worden. Deze gebieden worden genoemd in de tabel op de volgende pagina. De selectie van gebieden op grond van de criteria openheid en rust is kwalitatief. ANLV Geestgrond vindt dat er een kwantitatieve monitoring (telgegevens) voor de komende Jaren opgezet moet worden voor andere parameters als vogels (flora, fauna, landschapselementen). Deze vraag zal meegenomen worden naar het Living Lab dat in januari van start gaat.

3

Tabel met gebieden die beschermd moeten worden op grond van genoemde criteria (*) Gebieden die beschermd moeten worden / blijven

* Biodiversiteit Openheid en rust Landschapselementen sloten/singels/koebosjes

1 Oosteinderpolder

4 groot

Sterk aanwezig

2 Elsbroekerpolder

6 groot

Sterk aanwezig

sloten en singels

3 Bollenpercelen aan oostzijde Noorder Leidse vaart

7 groot

Sterk aanwezig

sloten

4 Zwartelaan, Hyacintenlaan, Veenenburgerlaan

8 gemiddeld

Sterk aanwezig

heggen/hagen/singels

5 Bollenvelden Zilkerbinnenweg

9 gemiddeld

Sterk aanwezig

niet aanwezig

6 Lageveense polder

13 groot

Met name rust

hakhoutbossen

7 Polders Beek, Berg en Daal

14 gemiddeld

Sterk aanwezig

sloten

8 Lisser Poelpolder

15 gemiddeld

Aanwezig

sloten/koe-, pestbosjes

9 Roversbroekpolder

17 matig

Aanwezig

weidegebied/sloten

10 Bonte Krielpolder

18 matig

Sterk aanwezig

kleinschalig weiland

11 Zilker Bollenvelden

19 gemiddeld

Sterk aanwezig

heggen hagen

12 Bollenvelden Zilkerduinweg

20 gemiddeld

Sterk aanwezig

afwisseling bollen/weide

13 Weidepercelen achter Dobbe

Sterk aanwezig

oud weidevogelgebied

Sterk aanwezig

weidegebied/sloten

17 Hogeveense Polder

21 onbekend 24 onbekend 25 onbekend 27 onbekend 28 groot

18 Polder Langeveld

29 gemiddeld

19 Het Oosterduinse meer (Komo meer)

31 groot

Sterk aanwezig

duinvegetatie/heide

20 Oosterduinse Sloten

32 groot

Sterk aanwezig

sloten

21 Percelen aan de Randweg

33 onbekend

Sterk aanwezig

afwisseling bollen/weide

22 Zwetterpolder

sloten, singels, heg/haag

14 Weidepercelen Oud leeuwenhorst 15 Stal Kees Wassenaar Leeuwenhorst

16 Agrarisch bestemde percelen rondom Westeinde

Sterk aanwezig

kleinschalig weiland

Aanwezig

afwisseling bollen/weide

Sterk aanwezig

sloten

Sterk aanwezig

heggen hagen

35 groot

Sterk aanwezig

23 Bronsgeest

36 gemiddeld

Sterk aanwezig

sloten, singels, heg/haag

24 Polder Hoogeweg

38 gemiddeld

Sterk aanwezig

graslandgebied

25 Corridor Elsgeest-Hoogeweg

39 groot

Sterk aanwezig

afwisseling bollen/weide

26 Naast Volkstuinen Polder Hoogeweg {Nabij KTS)

40 groot

Sterk aanwezig

afwisseling bollen/weide

27 De Krom Rijnsoever en stuk langs Zwarteweg

42 onbekend

onbekend

afwisseling bollen/weide

28 Floris Schouwen Vrouwen Polder

46 gemiddeld

Sterk aanwezig

veenweidegebied sloten

29 Kooipolder

47 groot

Sterk aanwezig

veenweidegebied sloten

30 Roodemolenpolder

48 gemiddeld

Aanwezig

open nat grasland

31 Noordzijde Roodemolenpolder

49 gemiddeld

Minder aanwezig afwisseling bollen/weide

32 Mottiger polder

50 groot

Aanwezig

33 Elsgeesterpolder

52 groot

Sterk aanwezig

combi akkers/grasland

34 Landgoed Oostergeest

57 groot

Sterk aanwezig

weidegebied/struweel

35 Weidepercelen rondom stal Pegasus

58 groot

Sterk aanwezig

weidegebied/struweel

sloten, singels, heg/haag

* De nummers in de derde kolom verwijzen naar de nummering in tabel 4 waarin alle getoetste gebieden zijn weergegeven.

4

Inhoud Samenvatting.

2

Inleiding

5

1.

2. Inventarisatie belangrijke gebieden uit kennisbronnen

6

2.1 Locaties en beleid uit de ISG (2016)

6

2.2 Gebied en der Wijs

6

2.3 Herziene kansenkaart Bollenstreek.

6

2.4 Tellingen van bollenvogels en patrijzen

.

9

2.5 Andere initiatieven waar (weide-)vogels geteld worden

.

10

2.6 Selectie van de gebieden voor toetsing aan de genoemde criteria

.

11

.

13

3 Kwaliteiten van de gebieden volgens beleidsplannen en monitoring

3.1 Keuzes uit het verleden voor het planologische beleid tot 2030 in de ISG

13

3.1.1 Vastgestelde beleidskeuzes ten aanzien van graslanden en natuur....

13

3.1.2 Keuzes als het gaat om openheid en bebouwing in de ISG 2016

.

13

3.1.3 Ecologische verbindingszones in de ISG 2016

.

14

3.1.4 De beleidskeuzes in de ISG gekoppeld aan gebieden die ANLV Geestgrond benoemt

14

3.2 Kwalitatieve criteria en kwantitatieve criteria

16

3.3 ISG en het criterium openheid

17

3.4 De bescherming van vogels in de ISG

18

3.5 Aantallen patrijzen in de Bollenstreek

19

3.6 Aantallen bollenvogels in de Bollenstreek

19

3.7 Aantallen weidevogels in de Bollenstreek

21

3.8 Selectie van te beschermen gebieden vanwege het criterium biodiversiteit

22

4 Selectie van gebieden die beschermd moeten worden

24

Bijlagen

25

p

5

1. Inleiding ANLV Geestgrond is een vereniging die zich inzet voor boeren en burgers in relatie tot het landschap in de Bollenstreek (Zie voor de 5 kernwaarden van ANLV Geestgrond de bijlage 1). Vanuit deze 5 kernwaarden volgt zij de ruimtelijke ontwikkelingen in haar werkgebied. Gemeentes schrijven momenteel hun omgevingsvisies. ANLV Geestgrond reikt in deze notitie een zienswijze aan over de diverse gebieden, die beschermd zouden moeten worden.

Bepalend daarbij zijn de volgende criteria: - de aanwezigheid van biodiversiteit (boerenlandvogels); - de aanwezigheid van openheid en rust; - de aanwezigheid van landschapselementen (koebosjes, houtwallen, pestbosjes, heggen, hagen). We doen dit in de drie stappen, beschreven in hoofdstukken:

- Inventariseren van gebieden aan de hand van nota's uit het verleden en monitoring van vogels. (Hoofdstuk 2) Welke gebieden kennen we in de streek? In paragrafen 2.1, 2.2 en 2.3 gaan we in op naamgevingen van de gebieden uit eerdere gebiedsprocessen. Paragrafen 2.4 en 2.5 geven inzicht in vogeltellingen die gedaan zijn in diverse gebieden. Paragraaf 2.6 geeft een totale lijst van de gebieden. We maken gebruik van de volgende kennisbronnen: I.

IV. V.

Intergemeentelijke Structuurvisie Duin- en Bollenstreek (2016) Jubileumuitgave Gebied en der Wijs van de KNNV Bollenstreek (2014) Herziene Kansenkaart Bollenstreek (2014) Project tellen Bollenvogels en Patrijzenproject (gestart in 1999 respectievelijk 2018) Andere initiatieven waarbij boerenlandvogels geteld zijn in de afgelopen jaren

- Bepaling van grootte van de biodiversiteit in de gebieden volgens beleidsplannen en monitoringsgegevens van vogels (Hoofdstuk 3)

- Selectie van gebieden die beschermd moeten worden. (Hoofdstuk 4)

6

2. Inventarisatie belangrijke gebieden uit kennisbronnen 2.1 Locaties en beleid uit de ISG (2016)^ In 2016 werd de Intergemeentelijke Structuurvisie Duin en Bollenstreek vastgesteld als uitwerking van de Regionale Structuurvisie (RSV) van Holland Rijnland. Daarmee ligt er een wettelijk bindend planologisch kader voor HLT, Katwijk en Noordwijk tot en met 2030. In deze ISG worden beleidsdoelen gekoppeld aan locaties die zijn weergegeven in kaarten. In de kaarten wordt geen gebruikt gemaakt van naamgeving van de locaties. In de tekst worden af en toe namen genoemd. In de volgende paragrafen presenteren we namen die in figuren 1 en 2 gekoppeld worden aan de locaties die beschreven staan in de ISG. 2.2 Gebied en der Wijs

In 2014 bestond de natuurvereniging KNNV Bollenstreek 20 jaar. Ter ere van hun jubileum is een boekje verschenen met de titel Gebied en der Wijs^. Daarin staan 24 gebieden beschreven die waardevol zijn in de Bollenstreek. Een weergave van de ligging van deze gebieden in de Bollenstreek ziet u in bijlage 2. Per gebied is daarbij aangegeven bij welke gemeente het gebied hoort. In tabel 1 staan de namen van de in het boekje beschreven gebieden weergegeven. Als we nader inzoomen op deze gebieden, dan kunnen we een aantal van deze gebieden opsplitsen in kleinere deelgebieden. Om praktische redenen waren ze destijds samengevoegd. Met opsplitsing komen we uit op 30 gebieden. Een aantal van deze gebieden kent reeds een beschermde status als het gaat om natuurwaarden. Zo zijn de Amsterdamse Waterleidingduinen (11) en de Coepelduynen (14) al Natura 2000 gebieden. En zo zijn de Vosse- en de Weerlanerpolder (2), Leeuwenhorst (13), het Natuurontwikkelingsgebied Langeveld (10) en de polders Poelgeest/Veerpolder (inclusief de Klaas Hennepoel) al in beheer en/of in eigendom van het Zuid-Hollands Landschap. We laten deze gebieden in hoofdstuk 4 verder buiten beschouwing. En wij gaan er van uit dat de gemeentes de waarde inzien van de Heemtuinen van Hillegom en Lisse, het park Rusthoff en Huys te Warmont te Teylingen.

Deze 4 vormen geen onderdeel van het buitengebied en houden we om deze reden verder buiten het doel van deze notitie.

2.3 Herziene kansenkaart Bollenstreek Sinds 1 januari 2016 is in de provincie Zuid-Holland het ANLB subsidiestelsel ingegaan voor agrarische ondernemers. Boerenlandvogels krijgen daarbij de aandacht omdat agrarische ondernemers recht hebben op Europese subsidie als zij maatregelen treffen op hun bedrijf, die dienend zijn voor de natuur op het agrarische platteland in het algemeen en boerenlandvogels in het bijzonder. Het MODB en ANLV Geestgrond hebben destijds hun wensen kenbaar gemaakt als het gaat om openstelling van de beheerfuncties voor de verschillende gebieden. Zij schreven daartoe een notitie met de naam "Herziene Kansenkaart Bollenstreek". De kaart met gebieden uit deze notitie is als bijlage 3 opgenomen. Bijlage 4 is de gehele notitie. Hierin staan de gebieden beschreven die voor de boerenlandvogels als waardevol werden geacht en die in onze ogen voldoende hoge dichtheden aan vogels kenden om mee te gaan in het ANLB stelsel. Omdat de provincie eisen stelde aan de minimale grootte van de gebieden, hebben wij de provincie gevraagd heel de Bollenstreek open te stellen voor de beheerfunctie Open Akkerland. In tabel 2 staan de gebieden beschreven die voor boerenlandvogels extra interessant zijn.

‘ Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport 2016, Greenport Duin- en Bollenstreek. Vastgesteld door de gemeenteraden van de Duin- en Bollenstreek in februari 2016. Gebied en der Wijs, 24 Gebiedsbeschrijvingen in de Bollenstreek, KNNV De Bollenstreek, september 2014.

7 Figuur 1 Gebieden met hun naamgeving voor de grasland- en natuurperspectieven uit de ISG 2016

Benaming van de gebieden in het vlekkenpatroon van het perspectief voor grasland en natuur in de ISG (2016) pagina's 32 en 33

F

8 Figuur 2 Gebieden met hun naamgeving voor de algemene landschapsperspectieven uit de ISG 2016

Benaming van de gebieden in het vlekkenpatroon van het landschapsperspectief van de ISG (2016) pagina's 38 en 39 J

Sï5

aterieiding

2

r

9

Tabel 1: De 24 gebieden zoals die zijn beschreven in Gebied en der Wijs (opmerking *) 1. Bos psychiatrisch Centrum GGZ 13. Leeuwenhorst _______ Ingeest (Lokhorsterduin)_________

2. Vosse- en Weerlanerpolder______ 3. Schutte Küperjanshof _______ (heemtuin Hillegom)____________ 4. Elsbroekerpolder_______________ 5.

A. Landgoed Keukenhof_________

_______B. Lageveense Polder____________

6. 7.

Heemtuin Lisse_________________ Lisser Poelpolder_______________

8.

De polders tussen Noordwijkhout en De Zilk______________________ A. Polder Langeveld_____________

9.

_______ B. Het Oosterduinse Meer________ _______ C. Oosterduinse Sloten__________

14. Coepelduynen__________________ 15. A. Floris Schouwen Vrouwen Polder B. Kooipolder_______

16. Park Rusthoff 17. A. Roodemolenpolder

M

B. Mottigerpolder

18. Park Overbos_______ 19. A. Elsgeesterpolder

B. Polder Hoogeweg__________________ 20. Klinkenbergerplas____________________

21. Huyste Warmont_________ ..j. 22. De Strengen en Tengnagel_____________ 10. Natuurontwikkeling Langeveld i 11. Amsterdamse Waterleiding Duinen 23. Koudenhoorn________ 12. De Noordduinen________________ 24. Polders Poelgeest (incl. Klaas Hennepoel) Opmerking ♦ De gebiedjes die groen gelabeld zijn zullen we in de verdere notitie buiten beschouwing laten omdat er al een beschermde status op zit of omdat we ervan uitgaan dat de gemeentes de waarden van deze gebiedjes reeds kennen.

Tabel 2: Gebieden die voor het beleid ten aanzien van boerenlandvogels, door het MODB, ANLV Geestgrond en de KNNV Bollenstreek als waardevol werden aangemerkt.____________________ 1. Zilkerpolder_________________ 8. Elsgeesterpolder______________________ 2. Hogeveense Polder__________ 9. Corridor Elsgeest - Hoogeweg__________ 3. Langeveld___________________ 10. Polder Hoogeweg____________________ 4. Zwartelaan - Veenenburgerlaan 11. Lisser Poelpolder____________________ 5. Zwetterpolder_______________ 12. Elsbroeker Polder____________________

6. Boekhorstpolder_____________

13. Vosse- en Weerlanerpolder

7. Roodemolenpolder

2.4 Tellingen van bollenvogels en patrijzen

Het landschep van de Bollenstreek kenmerkt zich voor een groot deel door de open bloembolvelden, afgewisseld met graslanden, agrarische bebouwing, de dorpskernen en enkele natuurgebieden. Sinds

1999 worden jaarlijks de aantallen bollenvogels op een geselecteerd aantal bollenvelden geteld door een groep vrijwilligers van ANLV Geestgrond. Daarmee kan het trendverloop van deze aantallen in

kaart worden gebracht. De getelde bollenvelden noemen we plots. In 2016 werd nog op 626 hectare aan plots geteld. In 2020 werd op 464 hectare aan plots geteld. Iets minder vanwege een tijdelijke terugloop in de beschikbaarheid van vrijwilligers. De ligging van de plots waar geteld wordt is weergegeven in figuur 3. De plots van de bollenvogels zijn blauw omkaderd weergegeven op deze

kaart. Deze plots zijn representatief voor het gebied waarin ze liggen.

10

In 2018 startte ANLV Geestgrond een Patrijzenproject. Vanaf dat moment zijn in 2018, 2019 en 2020 de aantallen Patrijzen in de hele Bollenstreek geteld in 7 clusters. Figuur 3 geeft de ligging van clusters weer waar de patrijzen geteld worden. Het spreekt voor zich dat er niet geteld wordt in de bebouwde kom, op industrieterreinen, langs infrastructuren, de bosgebieden. Ook op de weidegebieden tussen de Ringvaart en de N208 wordt de patrijs niet geteld. In totaal wordt er op circa 4800 hectare patrijzen geteld.

Figuur 3 Telgebieden in Bollenvogelproject blauw omkaderd) en de 7 clusters van het Patrijzenproject

2.5 Andere initiatieven waar (weide-)vogels geteld worden Het tellen van weidevogels gebeurt binnen ANLV Geestgrond niet structureel. Er zijn andere groepen of individuen in de streek die dit wel doen. Zo heeft de Vereniging voor Natuur- en Vogelbescherming ook veel weidevogeltellingen gedaan die onder meer zijn vastgelegd in het boekwerk "Tussen Tulp en Zee"^. Daarnaast is de Vogelwerkgroep Teylingen ook erg actief in de streek. En er zijn professionele tellingen gedaan in opdracht van gemeentes of het Zuid-Hollands Landschep. In dit document wordt gebruik gemaakt van deze bronnen. De gebieden waar weidevogels geteld zijn of worden, zijn weergegeven in tabel 3.

’ Tussen tulpen en de zee (Vogels van de Duin- en Bollenstreek), Vereniging voor Natuur- en Vogelbescherming Noordwijk, Noordwijk, november 2011)

11

Tabel 3: Gebieden waar weidevogels worden afzijn geteld in de afgelopen jaren in de Bollenstreek Gebied________________ Wie telde er?__________________________________________ Boekhorstpolder_________ DNatuur (2019)_________________________________________ Polder Elsbroek__________ Louis van Trigt_________________________________________ Elsgeesterpolder_________ Broedvogelinventarisaties Noordwijk (2003-2007)en Dnatuur (2019) De Klei (Noordwijk)_______ DNatuur______________________________________________ Langeveld______________ Broedvogelinventarisaties Noordwijk p003-2007)______________ Polder Hoogeweg________ Broedvogelinventarisaties Noordwijk (2003-2007)/Dnatuur (2019) Mottiger Polder_________ DNatuur (2020)_________________________________________ Noordzijderpolder_______ Broedvogelinventarisaties Noordwijk (2003-2007)______________ Oosteinderpolder________ Vereniging Behoud de Polders_____________________________ Poelpolder_____________ DNatuur (2019)_________________________________________ Roversbroekpolder_______ Jeroen Koppert_________________________________________ Vosse-en Weerlanerpolder DNatuur en Louis van Trigt________________________________ Zilkerpolder____________ Broedvogelinventarisaties Noordwijk (2003-2007) Referentie naarde bronnen: - Dnatuur (2019): Analyse Weidevogelgebieden Teyiingen, Duyvenboden Natuur, Katwijk, 18 november 2019 (Rapportnummer

061902) -Dnatuur (2018): Analyse Weidevogelgebieden Teyiingen, Duyvenboden Natuur, Katwijk, 15 november 2018 (Rapportnummer 071802) - Louis van Trigt (2020): Persoonlijke rapportages van Elsbroek - Broedvogelinventarisaties Noordwijk (2003-2007): Tussen tulp en zee (Vogels van de Duin- en Bollenstreek), Vereniging voor Natuur- en Vogelbescherming Noordwijk, Noordwijk, november 2011) - Jeroen Koppert (2020): Persoonlijke tellingen van Jeroen Koppert________________________

2,6 Selectie van de gebieden voor toetsing aan de genoemde criteria Op grond van bovenstaande kennisbronnen komt ANLV Geestgrond tot een lijst van 57 gebiedsnamen die gebruikt is voor het toetsen aan onze criteria. Zoals eerder gesteld in paragraaf 2.3, worden de gebieden waar een grote natuurwaarde reeds is vastgesteld en daardoor al beschermd zijn, niet meegenomen. Deze gebieden hebben we in het groen weergegeven en komen in hoofdstuk 4 dus niet meer aan de orde. De 57 gebiedsnamen staan genoemd in tabel 4 op de volgende pagina. Ook niet meegenomen zijn gebieden die tegen de Kaag aan liggen, zoals de Hemmeerpolder en de Boterhuispolder.

12 Tabel 4: Gebieden die op naam zijn gebracht ten behoeve van toetsing van de natuurwaarden in hoofdstuk 3. (De groen gelabelde gebieden worden daarbij niet meegenomen). De naam cluster in de derde kolom verwijst naar de indeling voor het patrijzenproject in figuur 3. Gebieden die ANLV Geestgrond meeneemt

Gemeente

Ligging ten opzichte van cluster

1 Amsterdamse Waterleiding Duinen

Amsterdam ten noorden van cluster 5

2 Bos psychiatrisch Centrum GGZ Ingeest (Lokhorsterduin)

Hillegom

ten noorden van cluster 1

3 Vosse- en Weerlanerpolder

Hillegom

1 (Hillegom)

4 Oosteinderpolder

Hillegom

1 (Hillegom)

5 Schutte Küperjanshof (Heemtuin Hillegom)

Hillegom

Bebouwde kom van Hillegom

6 Elsbroekerpolder

Hillegom

ten oosten van cluster 1

7 Bollenpercelen aan oostzijde Noorder Leidse vaart

Hillegom

1 (Hillegom)

8 Zwartelaan, Hyacintenlaan, Veenenburgerlaan

Hillegom

1 (Hillegom)

9 Bollenvelden Zilkerbinnenweg

Hillegom

1 (Hillegom)

10 Coepelduynen

Katwijk

ten westen van cluster 7 ten oosten van cluster 3

11 Landgoed Keukenhof

Lisse

12 Heemtuin Lisse

Lisse

Bebouwde kom van Lisse

13 Lageveense polder

Lisse

ten oosten van cluster 2

14 Polders Beek, Berg en Daal

Lisse

3 (Polders Beek, Berg en Daal, Lisse)

15 Lisser Poelpolder

Lisse

ten oosten van cluster 3

16 Noordzijde Poelpolder

Lisse

ten oosten van cluster 3

17 Roversbroekpolder

Lisse

ten oosten van cluster 3

18 Bonte Krielpolder

Lisse

ten oosten van cluster 3

19 Zilker Bollenvelden

Noordwijk

1 (Hillegom)

20 Bollenvelden Zilkerduinweg

Noordwijk

ten westen van cluster 1

21 Weidepercelen achter Dobbe

Noordwijk

ten westen van cluster 1

22 Natuurontwikkeling Langeveld

Noordwijk

ten oosten van cluster 5

23 Nieuw Leeuwenhorst

Noordwijk

6 (Noordzijderpolder en Zwetterpolder)

24 Weidepercelen Oud Leeuwenhorst

Noordwijk

6 (Noordzijderpolder en Zwetterpolder)

25 Stal Kees Wassenaar Leeuwenhorst

Noordwijk

6 (Noordzijderpolder en Zwetterpolder)

26 Tussen Ambachtsweg en Westeinde

Noordwijk

6 (Noordzijderpolder en Zwetterpolder)

27 Agrarisch bestemde percelen rondom Westeinde

Noordwijk

6 (Noordzijderpolder en Zwetterpolder)

28 Hogeveense Polder

Noordwijk

2 (Hogeveense polder)

29 Polder Langeveld

Noordwijk

5 (Oosterduinse meer)

30 De Noordduinen

Noordwijk

ten westen van cluster 6

31 Het Oosterduinse meer (Komo meer)

Noordwijk

5 (Oosterduinse meer)

32 Oosterduinse Sloten

Noordwijk

5 (Oosterduinse meer)

33 Percelen aan de Randweg

Noordwijk

5 (Oosterduinse meer)

34 Percelen zuidzijde Santa Maria

Noordwijk

5 (Oosterduinse meer)

35 Zwetterpolder

Noordwijk

6 (Noordzijderpolder en Zwetterpolder)

36 Bronsgeest

Noordwijk

6 (Noordzijderpolder en Zwetterpolder)

37 De Klei

Noordwijk

7 (Polders Elsgeest en Hoogeweg)

38 Polder Hoogeweg

Teijlingen

7 (Polders Elsgeest en Hoogeweg)

39 Corridor Elsgeest-Hoogeweg

Noordwijk

7 (Polders Elsgeest en Hoogeweg)

40 Naast Volkstuinen Polder Hoogeweg (Nabij KTS)

Noordwijk

7 (Polders Elsgeest en Hoogeweg)

41 Landgoed Offem

Noordwijk

7 (Polders Elsgeest en Hoogeweg)

42 De Krom Rijnsoever en stuk langs Zwarteweg

Noordwijk

7 (Polders Elsgeest en Hoogeweg)

43 Klaas Hennepoelpolder

Oegstgeest ver naast 7

44 Park Rusthoff

Teijlingen

Bebouwde kom van Sassenheim

45 Huis te Warmont

Teijlingen

ten oosten van cluster 7

46 Eloris Schouten Vrouwen Polder

Teijlingen

ten oosten van cluster 4

47 Kooipolder

Teijlingen

ten oosten van cluster 4

48 Roodemolenpolder

Teijlingen

ten oosten van cluster 4

49 Noordzijde Roodemolenpolder

Teijlingen

ten oosten van cluster 4

50 Mottiger polder

Teijlingen

4 (Polders Sassenheim)

51 Park Overbos

Teijlingen

7 (Polders Elsgeest en Hoogeweg)

52 Elsgeesterpolder

Teijlingen

7 (Polders Elsgeest en Hoogeweg)

53 Klinkenbergerplas

Teijlingen

ten oosten van cluster 7

54 De Strengen en Tengnagel

Teijlingen

ten oosten van cluster 7

55 Koudenhoorn

Teijlingen

ten oosten van cluster 7

56 Polders Poelgeest

Teijlingen

ten oosten van cluster 7

57 Landgoed Oostergeest

Teijlingen

ten oosten van cluster 7

58 Weidepercelen rondom stal Pegasus

Teijlingen

ten oosten van cluster 7

F

13

3 Kwaliteiten van de gebieden volgens beleidsplannen en monitoring 3.1 Keuzes uit het verleden voor het planologische beleid tot 2030 in de ISG Als we kijken naar de ambities van de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek dan zijn deze in grote lijnen:

het tegengaan van de verrommeling; handhaven van 2635 ha aan bollengrond; behoud van graslanden (en in ieder geval Elsgeest, Polder Hoogeweg en Zwetterpolder); investeren in ecologische verbindingszones; verbeteren van landschapskwaliteiten met maatregelen op kavelniveau, zoals erfbeplanting en natuurvriendelijke oevers; voor glastuinbouw wordt gesteld dat de doelen uit de ISG niet meer actueel zijn en dat om die reden de Rooversbroekpolder-Zuid niet meer bestemd hoeft te worden voor glastuinbouw. De beleidskeuzes zijn verder uitgewerkt op de kaarten zoals weergegeven in figuren 1 en 2 op de pagina's hierboven. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in beleidskeuzes ten aanzien van het beleid op graslanden en natuur en beleidskeuzes met een breed landschapsperspectief. De eerste komen in paragraaf 3.1.1 aan de orde. Het landschapsperspectief komt in paragraaf 3.2.2 aan de orde. 3.1.1 Vastgestelde beleidskeuzes ten aanzien van graslanden en natuur Binnen de ISG wordt duidelijk onderscheid gemaakt in 1® klas bollengrond en de graslanden die ook beschermd worden in de streek. Op pagina 32 zijn de beleidscontouren geschetst op diverse percelen. In figuur 1 staan de namen van de diverse gebieden geplaatst in de schets. Tabel 5 is een weergave van het ISG beleid in de verschillende weide- en natuurgebieden.

3.1.2 Keuzes als het gaat om openheid en bebouwing in de ISG 2016 Paragraaf 4.2 van de ISG kent in het landschapsperspectief op pagina 38 de 7 mogelijke beleidskeuzes/'lijnen toe aan de gebieden van figuur 2. Voor de genoemde kleuren behorend bij de beschrijvingen wordt verwezen naar de legenda op de kaart, zodat helder is op welke locatie welke beleidslijn gevolgd wordt. In onderstaande is het in woorden uitgeschreven

Drie beleidskeuzes/-lijnen (keuzes A, B en C) laten uitbreidingen en schaalvergroting toe. Het gaat dan om gebieden waar uitbreiding van bebouwing mogelijk is mits de bebouwing gericht is op schaalvergroting, sanering en de uitbreiding agrarisch is en mits er beplanting wordt aangelegd en de beeldkwaliteit wordt verbeterd. De drie zijn: A. Voor deze geel gekleurde gebieden geldt een beleid dat uitbreiding van bebouwing op locatie mogelijk is met als voorwaarde het behoud van openheid en zichtlijnen. B. Voor deze groenbruin gekleurde gebieden geldt een beleid dat uitbreiding mogelijk is op locatie. Ten aanzien van de openheid en zichtlijnen worden geen voorwaarden gesteld. C. Voor deze randgebieden (met rode stippel aangegeven) geldt dat een achterwaartse uitbreiding van de bebouwing mogelijk is onder de voorwaarde dat de openheid en de zichtlijnen behouden blijven.

14 Tabel 5: Weergave van vastgestelde ISG Beleid in de grasland- en natuurgebieden (ISG 2016) Gebiedsnaam Beschreven beleid___________________________ Gemeente Elsbroekerpolder Hillegom Open houden van grasland met veehouderij, agrarisch natuurbeheer en recreatief medegebruik__________ Lokhorsterduin_________ Hillegom Behoud natuurgebied met recreatief medegebruik Vosse- en Weerlanerpolder Hillegom Open houden van grasland met veehouderij, agrarisch natuurbeheer en recreatief medegebruik__________ Poelpolder Lisse Open houden van grasland met veehouderij, agrarisch natuurbeheer en recreatief medegebruik__________ Keukenhofbos / Keukenhof Lisse Behoud natuurgebied met recreatief medegebruik Weidepercelen achter Noordwijk Ontwikkeling weidevogelnatuur Dobbe, De Zilk__________ Polder Hoogeweg_______ Noordwijk Ontwikkeling weidevogelnatuur______________ Natuurontwikkeling Noordwijk agrarisch natuurbeheer en recreatief medegebruik Langeveld_____________ Landgoed Offem________ Noordwijk Behoud natuurgebied met recreatief medegebruik Oud Leeuwenhorst Noordwijk Open houden van grasland met veehouderij, agrarisch inclusief Stal Kees natuurbeheer en recreatief medegebruik Wassenaar____________ Enkele percelen aan de Noordwijk Ontwikkeling weidevogelnatuur Randweg______________ Elsgeesterpolder Teylingen Open houden van grasland met veehouderij, agrarisch natuurbeheer en recreatief

medegebruik__________ Stal Pegasus achter Teylingen Open houden van grasland met veehouderij, agrarisch Oostergeest natuurbeheer en recreatief medegebruik

Vier andere beleidskeuzes /-lijnen (E, F, G en H) laten geen bebouwing toe, tenzij het de sanering helpt (verrommeling wordt daarbij tegen gegaan) en waarbij in beginsel alleen uitbreidingen van bebouwing wordt toegestaan onder strenge voorwaarden. D. Voor deze middengroen gekleurde gebieden geldt een beleid dat de openheid actief vergroot moet worden.

E. Voor deze donkergroen gekleurde gebieden geldt een beleid dat de openheid behouden blijft, dat de landschappelijke kwaliteit van het groen verbeterd en dat het een open weidekarakter krijgt. Het gaat hier dan om graslandgebieden.

F. Voor deze lichtgroen gekleurde gebieden, met een donkergroen kader geldt dat het een natuurgebied is dat behouden moet blijven.

G. Op een aantal lokaties worden doorkijk en vensters versterkt. Deze worden met dubbelzijdige pijlen { <-> of $ ) aangegeven. 3.1.3 Ecologische verbindingszones in de ISG 2016 Als het gaat om de gewenste ecologische verbindingszones zoals aangegeven, dan staan we achter de doelstellingen (versterken van) en ondersteunen we de ligging. Een doelgericht ecologisch beheer van sloten, slootranden, heggen en hagen kan ondersteunend werken hierin. 3.1.4 De beleidskeuzes in de ISG gekoppeld aan gebieden die ANLV Geestgrond benoennt Tabel 6 is een weergave van de beleidskeuzes die er liggen in de ISG per vastgesteld gebied in de

15 Bollenstreek. De tabel is gerangschikt op gemeentes. De eerdergenoemde (groen gelabelde) natuurgebieden zijn in deze tabel weggelaten.

Tabel 6: Beleidskeuzes die de ISG 2016 maakte voor de verschillende gebieden in de Bollenstreek Gebied

Gemeente

Ugandakkur ISG

Vastgestelde baMdtIijn In ISG

5 Elsbroekerpolder

Hitlegom

Optie D van 'nee. tenzij'*beleid

6 Bollenpercelen aan oostzijde Noorder Leidse vaart 7 Zwartelaan, Hyacintenlaan, Veenenburgerlaan

Hillegom

., -j. Opties D en G van 'nee, tenzij'-beleid

Hillegom

Optie A van 'Ja, mits'-beleid

8 Bollenvelden Zilkerbinnenweg

Hillegom

, • J Opties D en G van 'nee, tenzij'-beleid

12 Lageveense polder

Lisse

[Behoud natuurgebied

13 Polders Beek, Berg een Daal

Lisse

Optie D van 'nee, tenzij'-beleid

14 Lisser Poelpolder

Lisse

Optie E van 'nee, tenzij'-beleid

15 Noordzijde Poelpolder

Lisse

16 Roversbroekpolder

Lisse

__________ Niet vastgesteld

17 Bonte Krielpolder 18 Zilker Bollenvelden

Lisse Noordwijk

mm Optie B van 'Ja, mits’-beleid

19 Bollenvelden Zilkerduinweg

Noordwijk

20 Weidepercelen achter Dobbe, Zilkerduinweg De Zilk

Noordwijk

______ ____Optie A van 'Ja, mits'-beleid HHHHHIIIIII Mogelijke omzetting grasland naar bollen

23 Weidepercelen Oud Leeuwenhorst

Noordwijk

24 Stal Kees Wassenaar Leeuwenhorst

Noordwijk

25 Tussen ambachtsweg en Oosteinde

Noordwijk

26 Agrarisch bestemde percelen rondom Westeinde 27 Hogeveense Polder

Noordwijk Noordwijk

Mogelijke omzetting grasland naar bollen

Optie A van 'Ja, mits'-beleid

Optie 0van 'nee,tenzij'-beleid HUmillH Mogelijke omzetting grasland naar bollen *■

Noordwijk

29 De Noordduinen

Noordwijk

30 Het Oosterduinse meer (Como meer)

Noordwijk Noordwijk

31 Oosterduinse Sloten 32 Percelen aan de randweg

Noordwijk

lfciciu

Optie D van 'nee, tenzij'-beleid ’

28 Polder Langeveld

( Opties upitcï D LX en cii G vj van van 'nee, iicCf tenzij'-beleid Opties 0 en G van 'nee, tenzij'-beleid

4

:CS

in combi met lijn C (ja mits) en G (nee, tenzij)

Opties D en G van 'nee, tenzij'-beleid Behoud (natuur-) of duingebied Niet vastgesteld

Optie A van 'Ja, mits'-beleid Ontwikkeling weidevogelnatuur

33 Graslandperceel Sancta Maria

Noordwijk

Mogelijke omzetting grasland naar bollen

34 Zwetterpolder 35 Bronsgeest

Noordwijk

Optie A van 'Ja, mits'-beleid

Noordwijk

Niet vastgesteld

36 De Klei (onder Offem, tegenover Veldzicht) 37 Polder Hoogeweg

Noordwijk

Niet vastgesteld

Noordwijk

38 Corridor Eisgeest • Hoogeweg

Noordwijk

Optie E van 'nee, tenzij'-beleid ! Optie E van 'nee, tenzij'-beleid

40 Naast volkstuinen polder Hoogeweg (Nabij KTS)

Noordwijk

44 De Krom Rijnsoever en stuk langs Zwarteweg

Noordwijk Teijlingen Teijlingen

Qp*'® tenzij'-beleid Niet vastgesteld

Teijlingen

Optie E van 'nee, tenzij'-beleid

Teijlingen

Mogelijke omzetting grasland naar bollen Optie A van 'Ja, mits’-beleid

45 Floris Schouten Vrouwen Polder 46 Kooipolder 47 Roodemolenpolder

_______ ____ Mogelijke omzetting grasland naar bollen

Niet vastgesteld

48 Noordoostzijde Roodemolenpolder 49 Mottiger polder

Teijlingen

50 Park Overbos

Teijlingen

51 Elsgeesterpolder 52 Klinkenbergerplas

Tetjlingen Teijlingen

Niet vastgesteld Optie E van 'nee, tenzij'-beleid Buiten aandachtsgebied ISG

53 De Strengen en Tengnagel 54 Koudenhoorn

Teijlingen

Niet vastgesteld

Teijlingen

Niet vastgesteld

55 Polders Poelgeest

Teijlingen

Niet vastgesteld

56 Landgoed Oostergeest

Teijlingen Teijlingen

Open houden grasland met veehouderij

in combi met lijn C van 'Ja, mits’-beleid

57 Weidepercelen rondom stal Pegasus

Behoud natuurgebied met recreatief medegebruik agrarisch natuurbeheer en recreatief medegebruik

r

16

1

3.2 Kwalitatieve criteria en kwantitatieve criteria Het in de inleiding genoemde criterium openheid is moeilijk in kwantitatieve parameters te vangen. ANLV Geestgrond zou daarom bij toetsing een gevoelsmatige schatting geven van de huidige waarde van dit gebied voor openheid, gebruik makend van drie (kwalitatieve) keuzes: 1. Het gebied kent een grote openheid 2. Het gebied kent een gemiddelde openheid 3. Het gebied kent geen openheid (door bebouwing of door bos). Op dit moment heeft ANLV Geestgrond dit criterium nog niet vast kunnen stellen in de streek. Wel heeft zij kennis kunnen nemen in de ISG dat er openheid is vastgesteld met 9 zichtlijnen. Dit is weergegeven in tabel 7.

Tabel 7:9 vastgestelde zichtlijnen ISG (2016) in 9 verschillende gebieden Gebiedsnaam________________________ Richting van zichtlijn________________ Stuk tussen Ambachtsweg en Westeinde "zuid-west"-"noord-oost"____________ Elsgeesterpolder______________________ "zuid-west"-"noord-oost"____________ Hoogeveense polder___________________ "zuid-west"-"noord-oost"____________ Kromme Rijnsoever en stuk langs Zwarteweg "zuid-west"-"noord-oost" en "oost-west" Langeveld___________________________ "zuid-west"-"noord-oost"____________ Mottiger polder______________________ "zuid-west"-"noord-oost"____________ Poelpolder__________________________ "zuid-west"-"noord-oost"____________ Westeinde__________________________ "zuid-west"-"noord-oost"____________ Bollenvelden Zilkerbinnenweg "zuid-west"-"noord-oost"

Opvallend is dat alle zichtlijnen in de richting "zuid-west"-"noord-oost" zijn georiënteerd, met uitzondering van de zichtlijnen in 'de Krom Rijnsoever en stuk langs Zwarte weg'. Dit is ook logisch gezien de geologische ontwikkeling van het gebied. Ook het criterium rust is kwalitatief, waarbij gesproken kan worden over rust die ervaren wordt door een bezoeker als het gaat om geluid. Of de rust die nodig is om verstoring van vogels te voorkomen. ANLV Geestgrond kiest bij toetsing van de gebieden voor de laatste (rust die nodig is voor vogels) en gaat uit van de volgende drie (kwalitatieve) keuzes:

Rust door aanwezigheid van (voorjaarsbloeiende) bolgewassen op bollenvelden (goed voor bollenvogels), kort weergegeven als: goed mits geen werkzaamheden voorjaar; 2. Rust door aanwezigheid van grote percelen grasland (goed voor weidevogels), kort weergegeven als: goed mits afstand groot genoeg blijft; 3. goed vanwege bosschages en nattigheid. 1.

Bepalend bij dit criterium zijn ook de verstoringsafstanden die wegen veroorzaken. In 2011 deed Alterra onderzoek'* naar deze verstoring in Friesland. Tabel 8 geeft handreikingen welke afstanden verstoring geven en welke afstanden de provincie Friesland hanteert. De aanwezigheid van landschapselementen vergroot de landschappelijke waarde in een gebied. Op dit moment heeft ANLV Geestgrond geen inventarisatie liggen voor al de genoemde gebieden.

* L.W. Bruinzeel, A.G.M. Schotman 2011. Onderbouwing verstoringsafstanden werkplan weidevogels in FrysISn, A&W rapport 1624/Alterra

r

17 De digitale cultuurhistorische atlas van de Bollenstreek^ bevat informatie hierover die nog niet compleet is. Een inventarisatie van deze elementen is waardevol en wenselijk. Voor de bepaling van het criterium biodiversiteit zal ANLV Geestgrond vooral gebruik maken van telresultaten van boerenlandvogels. De daarbij geraadpleegde bronnen worden hieronder behandeld.

Tabel 8: Afstand tot wegen is ook zeer sterk bepalend voor de rust die door vogels wordt ervaren.

Range (in meters) voor de minimale, gemiddelde en maximale verstoringsafstand gerubriceerd naar verstoringsbron (bron: bijlage 2). Ter vergelijking is de door de provincie gehanteerde verstoringsafstand opgenomen (bron: bijlage 1).

Verstorend object:

range aan minimale verstoringsafstanden (m)

range aan gemiddelde verstoringsafstanden (m). Tussen haakjes is de midpoint' over deze range aangegeven.

range aan maximale verstoringsafstanden (m)

door provincie gehanteerde verstonngsafstand (m)

Gemeentelijke wegen Provinciale '.vegen Auto (snel (wegen Spoorlijn (intercity) Spoorlijnen (lokaal) Fietspad Hoogspanningsleiding Landschapsbeplantingen Lijnvormige beplantingen Bos (> 0.5 ha) Huizen (onbebouwde kom) Huizen (bebouwde kom) Rietland Gaswinstation Windturbines

0-100 0-125 0-150 0-150 0-25 0-25 0-100 50-100

50-226(138) 100-125(113) 150-300 (225) 150 100-150(125) 50-100 (75) 100 100-250(175)

50-100 50-100

100-250(175) 100-400 (250) 100-436 (268) 175-300 (238) 50-250(150) 250-400 (325) 100-250(175)

800 800 800 800 800 100 800 200-400 200-400 250-800 250-800 400 800

50 100 150 150 100 50 100 200 200 400 200 300 200 200 200

9.75

0-75 50-200

•onder de nxdpoml wordt verslaan het midden van een range aan getallen Voor de gelaten 10,20.50 en 100. wordt dil hel getal (55) dat zich pieoes tussen 10 en 100 bevmdt Het gemiddelde voldoet hier met omdat de schattingen niel onathankelijk zijn Bron: L.W. Bruinzeel, A.G.M. Schotman 2011. Onderbouwing verstoringsafstanden werkplan weidevogels in FrysISn, A&W rapport ie24/Alterra

3.3 ISG en het criterium openheid In de ISG wordt op pagina 11 gesteld dat de groei en de ontwikkeling van de teelt, handel en export die nodig is om de een centrale concurrentiepositie te houden (vanuit een economisch perspectief bekeken) tot een verdere aantasting van de openheid van het gebied leidt. En daarmee wordt ingezien dat een evenwichtige inpassing van ruimteclaims (woningbouw, bollenbedrijven, handelsbedrijven, exportbedrijven) van groot belang is. Waar het evenwicht precies ligt komt in de notitie niet aan de orde. Wel worden voor de gebieden beleidskeuzes aangegeven zoals weergegeven in figuren 1 en 2. Het beleid ten aanzien van de ruimteclaims wordt in onderstaande in woorden weergegeven:

5 De digitale cultuurhistorische atlas is te vinden op: www.cultuurhistorieduinenbollenstreek.nl en op http://eleo.maps.arcgis.com/apps/Viewer/index.html?appid=bbea4b234e8f47c6bf0f940347263811

’i

18 Uitbreiding van bebouwing op locatie met het behoud van openheid en zichtlijnen als voorwaarden, wordt in de ISG toegestaan voor (zie in oranjegeel weergegeven in figuur 2); De Zanderij in Hillegom; De percelen tussen de Zilkerbinnenweg en de Zilkerduinweg, aan de noordzijde begrensd door de N442 (Beeklaan) en aan de zuidzijde begrensd door de bebouwing van Ruigenhoek; Agrarisch bestemde percelen (met name bollenvelden) aan de oostzijde van de Leidse Vaart en ten westen gelegen van de spoorlijn tussen Hillegom en Bennebroek; Agrarisch bestemde percelen (met name bollenvelden) rondom de Zwartelaan, Hyacintenlaan en de Veenenburgerlaan tussen Lisse en Hillegom en gelegen ten oosten van de Leidsevaart; Agrarisch bestemde percelen van de Mottigerpolder; Agrarisch bestemde percelen van de Zwetterpolder; Agrarisch bestemde percelen gelegen in de Oosterduinse Sloten (oostkant Oosterduinse meer). Uitbreiding van bebouwing op locatie (zonder aanvullende voorwaarden) wordt toegestaan op agrarisch bestemde percelen aan de oostkant van de Herenweg tussen de Engel en Sassenheim zoals in bruingroen weergegeven in figuur 1. Dit geldt ook voor het terrein wat ingesloten ligt tussen de Leidsevaart, de 's Gravendamsweg (N443) en Berg en Daal.

Voor een aantal gebieden geldt een 'nee, tenzij beleid' voor bebouwing, waar de openheid actief vergroot zal worden. Bebouwing is alleen mogelijk onder strenge voorwaarden. Dit geldt (in figuur 1 in fel groen aangegeven voor): Agrarisch bestemde percelen aan de noordzijde van de provincie Zuid-Holland, boven De Zilk en gelegen tussen de N206 en de Haarlemse trekvaart. Op de kaart noemen we dat de Zilker Bollenvelden; Agrarisch bestemde percelen (met name bollenpercelen) tussen de Zilkerbinnenweg en de Zuider Leidsevaart, aan de noordzijde begrenst door de N442 (Beeklaan) en aan de zuidzijde door de Delfweg; Agrarisch bestemde percelen in de omgeving van de Boender, tegenover Langevelderslag en ingeklemd tussen de Vogelaarsdreef en Duinschoten; Agrarisch bestemde percelen achter Leeuwenhorst en ingeklemd tussen de Duinweg (zuidelijk deel) en Randweg (noordelijk deel) en aan de zuidoostkant door de Gooweg en Victoriberg; Agrarisch bestemde percelen tussen de Schulpweg, Gooweg en Het Westeinde (tussen Leeuwenhorst en de bebouwde kom van Noordwijkerhout); - Agrarisch bestemde percelen tussen Noordwijk Binnen en Katwijk; Landgoed Offem; Agrarisch bestemde percelen in de Beekpolder en de polder Berg en Daal.

3.4 De bescherming van vogels in de ISG Als waardevolle gebieden voor vogels worden genoemd (tabel 9): Tabel 9: Gebieden die de ISG aan wijst als waardevol voor vogels Elsbroekerpolder________ Boekhorstpolder Vosse en Weerlanderpolder Roodemolenpolder

Polder Hoogeweg Elsgeesterpolder

1

19

Deze gebieden worden in figuur 2 beschreven als gebieden waarvoor een 'nee, tenzij beleid’ geldt voor bebouwing, en waarbij het beleid is gericht op sanering. Bebouwing wordt alleen toegestaan onder strenge voorwaarden.

Voor de open bollenvelden wordt vastgesteld dat dit prachtige broed- en foerageergebieden zijn voor de veldleeuwerik, de gele kwikstaart en de patrijs. Dit vanwege de rust die ze van maart tot eind juni hebben op de velden. De ervaring van ANLV Geestgrond is dat het open, steppeachtige kale vlakten zijn met heggen en hagen aan de randen. Verder wordt erkend dat ook de graslanden in de Bollenstreek van groot belang zijn vanwege de

openheid. Geconstateerd wordt dat het grasland nabij het Teylingencollege in Voorhout en aan de noordoostzijde van de Roodemolenpolder weinig betekenis heeft voor weidevogels.

3.5 Aantallen patrijzen in de Bollenstreek In tabel 10 staan de resultaten van de tellingen voor de patrijs in de laatste jaren. Daaruit blijkt dat in

alle clusters van de Bollenstreek (zie paragraaf 2.4) gelukkig nog patrijzen voorkomen. Er zitten

echter wel verschillen in de verschillende gebieden.

Tabel 10: Aantal vastgestelde territoria van Patrijs in de 7 verschillende clusters van de Bollenstreek Cluster nr. 1

Polders Hillegom

2 3 4

Locatie van cluster

Territoria broedparen 2018 11-12

Territoria winter 2018-19 11

Territoria broedparen 2019 11

Hogeveense Polder

1

4

4

Polders Beek en Berg en Daal

3

3

3

3

5

Polders Sassenheim

3-5

5

Rondom Oosterduinse meer

4

3

4

6

Zwetterpolder

3

8

7

7

Polders Elsgeest en Hoogeweg

2-3

9

5

27-31

41

39

Totaal

Erg opvallend zijn de hoge aantallen in de Polders van Hillegom, de Zwetterpolder en de Polders

Elsgeest en Hoogeweg. Als we daar op inzoomen zien we grote aantallen patrijzen rondom de Zwartelaan, de Hyacintenlaan en de Veenenburgerlaan. Aan de noordkant van Hillegom zitten minder patrijzen. En als we kijken naar de Polders Elsgeest en Hoogeweg, dan zien we met name

patrijzen in Elsgeest op de kleinere extensieve bedrijven en niet zozeer op de grotere graslanden tegen de A44 aan. Verder zien we ook minder patrijzen in Polder Hoogeweg.

In bijlage 5 zijn de waarnemingen bekeken van de patrijs, zoals geregistreerd in Waarneming.nl. Hieruit ontstaat een beeld dat gelijkwaardig is met het beeld van de tellingen door vrijwilligers vanaf 2018.

3.6 Aantallen bollenvogels in de Bollenstreek

Vanaf 1999 worden er bollenvogels geteld en we zien een afname in aantallen voor de patrijs en de tureluur. Gelukkig blijven de aantallen veldleeuwerik en gele kwikstaarten hoog. In tabel 11 staan de telresultaten van de bollenvogels vanaf 2015. De resultaten werden weergegeven in dichtheden. Dit

is het aantal territoria (broedparen) per 100 hectare. Landelijk worden de dichtheden van vogels in

gebieden gebruikt om gebieden met elkaar te kunnen vergelijken. Voor het tellen van bollenvogels

20 wordt de BMP-W methode gebruikt. Een telmethode die ook gebruikt wordt voor het tellen van weidevogels.

De meeste tellingen van de bollenvogels worden gedaan in en rondom Hillegom, de Hogeveense

Polder, rondom het Oosterduinse Meer, Lisse en Teylingen. Het aantal tellingen ten zuiden van Voorhout en in de buurt van Noordwijk, Katwijk en Rijnsburg is de laatste twee jaar beperkt

gebleven. In tabel 12 staan de dichtheden van bollenvogels van de tellingen in 2020 voor een aantal telgebieden. Te zien valt dat de dichtheden van bollenvogels flink kan verschillen per gebied.

Dat de verschillen in een polder ook groot zijn blijkt uit de gegevens van DNatuur in de

Mottigerpolder. In tegenstelling tot de tellingen van de bollenvogels op de bollenpercelen zelf heeft DNatuur in de Mottigerpolder de gehele polder geteld. Daarmee worden de dichtheden in een aantal

gevallen lager (bijvoorbeeld gele kwikstaart) omdat deze in de andere biotopen (bedrijfsterreinen/ stukjes weiland, erven) niet voorkomt. En voor bijvoorbeeld de krakeend, die echt een watervogel is,

werd de soort gemist bij de tellingen van de bollenvogels. Tabel 11: Resultaten van tellingen van bollenvogels op bollenpercelen

Populatiedichtheden (aantal territoria per 100 ha)

|

aantal hectares ______ jaar

510 2015

626 2016

554 2017

2018

296 2019

patrijs scholekster kievit tureluur veldleeuwerik gele kwikstaart

2 7 21 3 26 26

2 7 17 1 23 24

3 5 17 2 30 25

2 7 18 1 29 23

3 7 16 2 39 33

536

Tabel 12: Resultaten van de tellingen van bollenvogels in plots in de laatste jaren

grootte Telgebied inha^ Hogeveense Polder

117

_____ ______________________ Mottiger Polder

__

____________________ Mottiger Polder Dnatuur Zwartelaan, Hyacintenlaan, Veenenburgerlaan

148,8 108 100

_________________________ Zilker Bollenvelden

n

______________________ Beekpolder/Essenlaan

_________________________ Zilker Bollenvelden

__

_________________ Bollenvelden Zilkerduinweg

8,6 36,5 21,45 21,45 464

Oosterduinse meer (percelen noordkant)

Westeinde Noord Westeinde Noord Totaal Bollenstreek

Jaar van de aantal territoria per soort per 100 hectare

teNing 2020 2020 2020 2020 2020 2019 2020 2014-2016 2020 2019 2020 2020

Krakeend

Patrijs

Scholekster

Kievit

Turekiur

Veldleeuwerik

Gele Kwikstaart

2 0 13 0 6 5 4 0 11 0

3

6 4 8 8 13 10

21 19 9 7 14 10 0 12 11 4 7 13

5

40 11 9 25 52 14 16 31 22 6 21 36

34 19 3 30 49 19 19 35 14 0 0 34

3 1 0 4 O 0 0

o

o o o

3

2

5 O O

0 0

8

0 0 0 0

0 0 0

3 0 0

2

In het boek "Tussen tulpen en de zee"® is gekeken naar de geschiktheid van de polders voor vogels. In eerdere jaren bleek al dat de dichtheden voor de veldleeuwerik in de Hogeveense Polder in de

periode van 1973 tot 2007 stabiel bleef. Als we kijken naar de huidige aantallen, dan is deze

* Tussen tulpen en de zee (Vogels van de Duin-en Bollenstreek), Vereniging voor Natuur- en Vogelbescherming Noordwijk, Noordwijk, november 2011)

7

21 dichtheid met 20% afgenomen. In vergelijking met andere soorten valt dit mee. Nog steeds is de Hogeveense Polder een erg geschikte polder voor vogels. De dichtheid voor Veldleeuwerik in de Zilkerpolder was in 2007 volgens diezelfde bron 67 broedparen per 100 hectare (uitgaande van een oppervlakte van de Zilkerpolder van 261 hectare). Kijken we nu naar de dichtheden op de getelde bollenpercelen in Hillegom, dan ligt dat met 52 veldleeuweriken per 100 hectare nog steeds in de buurt.

3.7 Aantallen weidevogels in de Bollenstreek Jaarlijks ontvangt ANLV Geestgrond ook tellingen van Louis van Trigt die onder andere de Elsbroekerpolder en de Vosse- en Weerlanerpolder systematisch telt. De Vosse- en Weerlanerpolder op verzoek van het Zuid-Hollands Landschap. In 2020 waren de resultaten voor de Elsbroekerpolder als weergegeven in tabel 13. Daarbij werd de conclusie getrokken dat de aantallen stabiel zijn. Alleen de dichtheid van de tureluur nam af van 17 naar 11. Tabel 13: Aantal territoria per soort per 100 hectare voor vogels in de Elsbroekerpolder Jaar 2020 grootte [aantal territoria per soort per 100 hectare

Krakeend

Telgebied in ha Elsbroekerpolder

40

|Patrijs]Scholekster|

7 onbekc

13

Kievit

35

| Tureluur | Veldleeuwerik| Gele Kwikstaart| Grutto

11 onbekend

onbekend

19

De laatste jaren telt Arjan van Duijvenboden van DNatuur vogels in opdracht van de gemeente Teylingen. Om de telgebieden met elkaar te vergelijken, gebruikt hij de berekende dichtheden voor weidevogels. In de gebruikte BMP-W methode wordt een geselecteerd aantal soorten geteld en worden de aantallen per 100 hectare van die soorten bij elkaar opgeteld. Dit geeft een goed beeld van de kwaliteit van het gebied voor weidevogels. Het resultaat van die tellingen in 2019 is weergegeven in de onderstaande figuur 4.

Figuur 4: Aantal territoria en de weidevogeldichtheden per 100 ha in gebieden van Teylingen in 2019 Wat opvalt is dat met name Polder Hogeweg, de zuidkant van de Elsgeesterpolder en de Boterhuispolder hoge weidevogeldichtheden kennen. De Boterhuispolder is in deze zienswijze niet

22 meegenomen omdat het onder het werkgebied van VAN Ade valt. De Boterhuispolder ligt echter op het grondgebied van Teylingen en om die reden zal het contact nog wel gezocht worden met VAN Ade over onze zienswijze. In 2007 is er ook gekeken naar de aantallen territoria van weidevogels in de Elsgeesterpolder en Polder Hoogeweg (Bron: Tussen tulp en zee). Deze lagen toen rond de 100 territoria per 100 ha. Dit is inmiddels wel afgenomen, maar nog steeds zijn de aantallen hoog. Ook in 2018 zijn teiiingen uitgevoerd. Daarbij is er gekeken naar andere gebieden. De resultaten daarvan staan in figuur 5.

■ dichtheid vogels per lOOHa 179

94

Figuur 5: Weidevogeldichtheden per 100 ha in gebieden van Teylingen in 2018 Voor de toetsing in dit rapport zijn met name de Kooi/Vrouwenpolder, de Roodemolenpolder, de noordelijke Elsgeesterpolder en de Boekhorsterpolder van belang. Als we naar de aantallen kijken, dan liggen deze voor de Boekhorsterb\polder laag in vergelijking met de andere polders. Als oorzaak noemt DNatuur de goede ontwatering van de polder en het intensieve gebruik.

3.8 Selectie van te beschermen gebieden vanwege het criterium biodiversiteit In tabel 14 is de lijst van gebieden in de Bollenstreek weergegeven, waarbij gekeken is naar de aantallen boerenlandvogels, wat (mede) bepalend is voor de biodiversiteit. De gebieden die groen gelabeld zijn weergegeven, moeten uit oogpunt van biodiversiteit zeker beschermd worden.

Is

23 Tabel 14: De aanwezigheid van vogels in de diverse gebieden in de Bollenstreek. De groen gelabelde gebieden moeten uit oogpunt van de biodiversiteit beschermd worden. Gablad_____________________________________

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/142/documents/15561