CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5) Ontwerp omgevingsvergunning.pdf

Gemeenteraad 9 december 2021, gemeente HillegomBij agendapunt: 18: Ontwerp verklaring van geen bedenkingen nieuwe bedrijfswoning Manege Hillegom4.332 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Postbus 32 2180 AA Hillegom T 14 0252 gemeente@hillegom.nl

ONTWERP OMGEVINGSVERGUNNING Burgemeester en Wethouders van Hillegom hebben op 30 augustus 2021 een aanvraag voor een omgevingsvergunning ontvangen voor het bouwen van een bedrijfswoning op de locatie Ampèrestraat 8D in Hillegom. Kadastraal bekend gemeente Hillegom, sectie B, nummer 6447. De aanvraag is geregistreerd onder nummer Z-21-207689. Besluit Burgemeester en wethouders besluiten, gelet op artikel 2.1, 2.10 en 2.12 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht de omgevingsvergunning te verlenen onder de in de bijlagen genoemde voorschriften. De omgevingsvergunning wordt verleend onder de bepaling dat de gewaarmerkte stukken en bijlagen deel uitmaken van de vergunning. De omgevingsvergunning wordt verleend voor de volgende activiteiten: -

Het (ver)bouwen van een bouwwerk Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheersverordening, een exploitatieplan, regels gesteld door Rijk of Provincie of een voorbereidingsbesluit

verzonden: xxx Namens burgemeester en wethouders van Hillegom,

Edwin Boetekees Medewerker Vergunningen

Beroep Mogelijkheid van beroep Tegen dit besluit kunt u een beroepschrift indienen bij de Rechtbank Den Haag, sector Bestuursrecht, Postbus 20302, 2500 EH Den Haag. Let op dat uw beroepschrift binnen 6 weken wordt ingediend, na de dag waarop het besluit ter inzage is gelegd. In uw beroepschrift vermeldt u in ieder geval:

Pagina 2

-

uw naam en adres de datum waarop u het beroepschrift schrijft een omschrijving van het besluit waartegen uw beroep zich richt de naam van het bestuursorgaan dat het besluit heeft genomen en de datum en kenmerk van het besluit de redenen waarom u het niet eens bent met het besluit uw handtekening. Een kopie van het besluit moet u meesturen. Overigens kunnen ook andere belanghebbenden beroep instellen tegen dit besluit. Voorlopige voorziening Het indienen van een beroepschrift schorst de werking van het besluit niet. Dat betekent dat het besluit blijft gelden in de tijd dat uw beroepschrift in behandeling is. Kunt u een beslissing op uw beroepschrift niet afwachten? Dan kunt u tegelijkertijd met of na indiening van een beroepschrift een verzoek om voorlopige voorziening indienen. U vraagt de voorlopige voorziening aan bij de Voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag, sector Bestuursrecht, Postbus 20302, 2500 EH Den Haag. Het verzoekschrift voor de voorlopige voorziening kunt u ook digitaal indienen bij genoemde rechtbank via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor moet u wel beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). Kijk op deze website voor de precieze voorwaarden.

Inwerkingtreding De beschikking treedt in werking nadat de termijn voor het indienen van een beroepschrift is verstreken. Wanneer in deze periode bij de rechtbank een verzoek om voorlopige voorziening is gedaan treedt de vergunning niet in werking voordat op dat verzoek is beslist.

Pagina 3

Inhoudsopgave De volgende onderdelen horen bij en maken deel uit van de omgevingsvergunning, verleend op XXXXXX. voor het project het bouwen van een bedrijfswoning op de locatie Ampèrestraat 8D in Hillegom. ONTWERP OMGEVINGSVERGUNNING ................................................................... 1 Besluit......................................................................................................... 1 Inhoudsopgave ............................................................................................... 3 Procedureel .................................................................................................... 5 Het (ver)bouwen van een bouwwerk ................................................................. 7 1. Voorschriften .......................................................................................... 7 2.

Nadere aanwijzingen ............................................................................... 7

3.

Inhoudelijke beoordeling .......................................................................... 8

4.

Toetsingsdocumenten ............................................................................ 10

Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheersverordening, een exploitatieplan, regels gesteld door Rijk of Provincie of een voorbereidingsbesluit ..................................................................................... 11 1. Voorschriften ........................................................................................ 11 2.

Inhoudelijke beoordeling ........................................................................ 11

3. Toetsingsdocumenten .............................................................................. 12

Overige bijgevoegde documenten De volgende documenten worden meegezonden met het besluit en zijn als gewaarmerkte stukken bijgevoegd: 001_aanvraagformulier 003_Gevels_en_impressies_pdf 003_Plattegronden_gevels_en_doorsneden_pdf 003_Detailboek_pdf 003_Situatie_nieuw_pdf 004_bouwbesluittoetsing 004_Ruimtelijke onderbouwing MH_pdf 004_Bijlage_1_-_bkp_en_beplantingsplan_pdf 004_Bijlage_2_verkennend_bodemonderzoek_pdf 004_Bijlage 3 _Quickscan_bedrijven_milieu_pdf 004_Bijlage_4_watertoets_pdf 004_Bijlage_5_quickscan_natuur_stikstof_pdf 004_Bijlage_6_archeologisch_onderzoek_pdf 004_Uitgangspuntenrapport_constructie_pdf

datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021 datum: ontv: 30-08-2021

Nog in te dienen gegevens en bescheiden Uiterlijk 3 weken voor aanvang van de betreffende werkzaamheden moeten de volgende bescheiden worden ingediend: Constructieberekeningen en –tekeningen als bedoeld in artikel 2.7, lid 1, onder a, van de Regeling omgevingsrecht. Installatiegegevens als bedoeld in artikel 2.7, lid 1, onder b, van de Regeling omgevingsrecht.

Pagina 4

Pagina 5

Procedureel Ontvankelijkheid Na ontvangst van de aanvraag hebben wij deze aan de hand van de Mor getoetst op ontvankelijkheid. Wij zijn van oordeel dat de aanvraag voldoende informatie bevat voor een goede beoordeling van de gevolgen van de activiteit op de fysieke leefomgeving. De aanvraag is dan ook ontvankelijk en in behandeling genomen. Belanghebbende Op grond van artikel 1:2, eerste lid van de Algemene wet bestuursrecht wordt onder belanghebbende verstaan: degene wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken. Op grond van artikel 1:3, derde lid van de Algemene wet bestuursrecht wordt onder aanvraag verstaan: een verzoek van een belanghebbende een besluit te nemen. Na ontvangst van de aanvraag hebben wij geconstateerd dat de aanvrager gezien moet worden als belanghebbende in de zin van de Algemene wet bestuursrecht. Bevoegd gezag Gelet op bovenstaande projectbeschrijving, alsmede op het bepaalde in hoofdstuk 3 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) en de daarbij horende bijlage zijn wij het bevoegd gezag om de integrale omgevingsvergunning te verlenen. Procedure De besluitvormingsprocedure is uitgevoerd volgens de uitgebreide voorbereidingsprocedure zoals aangegeven in artikel 3.10 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht.

De aanvraag is beoordeeld volgens paragraaf 2.3 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Ook is de aanvraag getoetst aan het Besluit omgevingsrecht en de Ministeriele regeling omgevingsrecht. Advies In de Wabo en het Bor worden bestuursorganen of instanties vanwege hun specifieke deskundigheid of betrokkenheid aangewezen als adviseur. Gelet op het bepaalde in artikel 2.26 Wabo, alsmede de artikelen 6.1 tot en met 6.5 van het Bor, hebben wij de aanvraag ter advies aan de volgende instanties/bestuursorganen gezonden:  De Welstandscommissie

Verklaring van geen bedenkingen Op grond van artikel 2.27 Wabo wijst het Bor of een bijzondere wet categorieën van gevallen aan waarvoor geldt dat een omgevingsvergunning niet wordt verleend dan nadat een daarbij aangewezen bestuursorgaan heeft verklaard dat het daartegen geen bedenkingen heeft. Omdat het hier een geval betreft als vermeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c en 2.12, eerste lid, onder a, onder 3° van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo), wordt de omgevingsvergunning pas verleend nadat het

Pagina 6

daarbij aangewezen bestuursorgaan heeft verklaard dat het daartegen geen bedenkingen heeft. In dit kader hebben wij onverwijld na ontvangst van de aanvraag een exemplaar daarvan toegezonden aan de raad van de gemeente Hillegom met het verzoek om te reageren. De gemeenteraad heeft op XXXXX een verklaring van geen bedenkingen afgegeven als bedoeld in artikel 6.5, eerste lid, van het Besluit omgevingsrecht onder zaaknummer Z-XX-XXXXX en bouwregistratienummer 2021-XXXX. Publicatie De ontwerp omgevingsvergunning is op XXXXX gepubliceerd in het Gemeenteblad, De Hillegommer en de website van de gemeente. Tevens is de ontwerpvergunning gepubliceerd op www.ruimtelijkeplannen.nl en is bekend onder het identificatienummer NL.IMRO.XXXXXXXXXXXXXXXXXXXXXX Ter inzage legging Van datum tot en met datum heeft een ontwerp van de deze beschikking ter inzage gelegen en is iedereen in de gelegenheid gesteld om zienswijzen naar voren te brengen. Van deze gelegenheid is (wel / geen) gebruik gemaakt. Samengevat betreft het de volgende zienswijze(n): (samenvatting zienswijzen). Over deze zienswijzen merken wij het volgende op: (reactie op zienswijze(n)).

Pagina 7

Het (ver)bouwen van een bouwwerk (Wabo artikel 2.1, eerste lid, onder a) 1. 1.

2.

3. 4. 5. 6. 7.

Voorschriften De werkzaamheden moeten geschieden overeenkomstig deze vergunning en de daarbij behorende tekeningen en overige bescheiden. Tevens dienen de werkzaamheden te geschieden overeenkomstig de bepalingen van het Bouwbesluit, de krachtens dat besluit van toepassing zijnde nadere regels en de bepalingen van de bouwverordening. Uiterlijk drie weken voor de aanvang van de uit te voeren bouwwerkzaamheden moeten, conform de Mor artikel 2.7, gegevens en bescheiden (tekeningen en berekeningen) worden overgelegd waaruit blijkt dat het bouwwerk voldoet aan de gestelde eisen in relatie tot: a. belastingen en belastingcombinaties (sterkte en stabiliteit) van alle (te wijzigen) constructieve delen van het bouwwerk alsmede van het bouwwerk als geheel; b. de uiterste grenstoestand van de bouwconstructie en onderdelen van de bouwconstructie; c. de bij het genoemde onder letter a en b behorende detaillering; d. de in of ten behoeve van het bouwwerk toegepaste installaties; e. Kwaliteitsverklaringen en CE-markeringen van de toe te passen materialen; f. een bouwveiligheidsplan inclusief een inrichting van de bouwplaats ter goedkeuring worden ingediend bij de gemeente. Bovengenoemde gegevens verzoeken wij u per e-mail in te dienen. U kunt deze sturen naar bwt@hltsamen.nl onder vermelding van nummer Z-21-207689.

Als het niet mogelijk is om de gegevens digitaal in te dienen, dan kunt u deze gegevens op papier bij ons indienen. Met de uitvoering van de hier op betrekking hebbende werkzaamheden mag niet worden begonnen alvorens u de goedgekeurde tekeningen, berekeningen en overige stukken van ons heeft terug ontvangen. Uiterlijk twee dagen voor de aanvang van de uit te voeren bouwwerkzaamheden moeten naam en adres van degene(n) die verantwoordelijk zijn voor de uitvoering van de bouwwerkzaamheden worden ingediend bij de gemeente. Van de toe te passen bouwmaterialen en geprefabriceerde elementen moeten kwaliteitsverklaringen of CE-markeringen worden overgelegd, dan wel moet op andere wijze worden aangetoond dat wordt voldaan aan het Bouwbesluit. In geval van paalmisstanden moeten, voordat de volgende onderdelen worden uitgevoerd, aangepaste berekeningen en een revisietekening van het palenplan ter goedkeuring worden ingediend. Van de technische installaties dienen keuringscertificaten te worden overgelegd Alle deuren, ramen, kozijnen en daarmee gelijk te stellen constructieonderdelen die volgens NEN 5087 bereikbaar zijn voor inbraak, moeten, bepaald overeenkomstig NEN 5096, een weerstandsklasse voor inbraakwerendheid hebben van ten minste 2. Deze klasse komt overeen met de eisen –inbraakwerendheidvan het Politiekeurmerk Veilig Wonen® en afdeling 2.15 van het Bouwbesluit.

Om aan te tonen, dat hieraan wordt voldaan kunt u een attest of productcertificaat overleggen van het keuringsinstituut SKG of SKH (voor gevelelementen).

2. Nadere aanwijzingen 1. Aan team toezicht en handhaving van de gemeente moet door u kennis worden gegeven van: a. De start van de werkzaamheden; b. De start van het inbrengen van funderingspalen, daaronder begrepen; het tenminste twee dagen van tevoren inbrengen van proefpalen;

Pagina 8

c.

2.

3.

4. 5.

6. 7.

8.

9.

De aanvang van het storten van beton, tenminste twee dagen van te voren i.v.m. het keuren van de betonwapening; d. het plaatsen van staalconstructies; e. De gereedmelding van de grondleidingen en afvoerputten van de riolering, onmiddellijk na de voltooiing; f. De gereedmelding van de werkzaamheden. Met het bouwen mag niet worden begonnen alvorens door een medewerker van bouw- en woningtoezicht van de gemeente (voor zover van toepassing) de rooilijnen en het vloerpeil op het bouwterrein zijn gecontroleerd. Op het bouwterrein moet gedurende de bouwtijd aanwezig zijn en op het verzoek van het gemeentelijk bouwtoezicht ter inzage worden gegeven: a. de beschikking, inclusief de gewaarmerkte (constructieve) tekeningen, berekeningen en overige bijlagen; b. de na de beschikking ingediende en goedgekeurde aanvullingen. Het is verboden, na de bouw van een bouwwerk waarvoor omgevingsvergunning is verleend, dit bouwwerk in gebruik te geven of te nemen indien het bouwwerk niet is gereed gemeld bij het bevoegd gezag (team toezicht en handhaving) of niet is gebouwd overeenkomstig de verleende omgevingsvergunning Voor voorschriften ten aanzien van bouwafval wordt verwezen naar afdeling 8.2 van het Bouwbesluit 2012 en hoofdstuk 4 van de regeling Bouwbesluit 2012.

Zolang de bouwwerkzaamheden niet zijn voltooid, moeten alle opmetingen, ontgravingen, opbrekingen en onderzoeken worden verricht, welke team Toezicht en Handhaving in het kader van de controle op de naleving van de bouwverordening en het bouwbesluit nodig acht. De omgevingsvergunning brengt geen veranderingen aan in rechten van anderen (zoals eigendomsrechten en recht van overpad). Tijdens de uitvoering van de werkzaamheden dienen maatregelen te worden getroffen om schade of ernstige hinder voor de omgeving te voorkomen. Zo mogen dus bij de uitvoering van de (eventueel) noodzakelijke heiwerkzaamheden niet zodanige trillingen in de verschillende grondlagen worden veroorzaakt, waardoor schade aan naastgelegen bouwwerken kan ontstaan. Bij eventuele beschadiging van gemeente-eigendom zoals bestrating, plantsoenen, watergangen, riolering en dergelijke, zijn de kosten van herstel, wanneer deze aanwijsbaar een noodzakelijk gevolg zijn van de door u of in opdracht van u uitgevoerde werkzaamheden (die betrekking hebben op deze vergunning) voor rekening van u als houder van deze omgevingsvergunning. Ten behoeve van de riolering dient het hemelwater van het dakoppervlak en verhardingen te worden geloosd op open water. Er mogen derhalve geen uitloogbare materialen worden gebruikt.

3. Inhoudelijke beoordeling Toetsingsgronden Op grond van artikel 2.10 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht wordt, voor zover de aanvraag betrekking heeft op de activiteit “bouwen van een bouwwerk”, de omgevingsvergunning geweigerd indien: a. de aanvraag en de daarbij verstrekte gegevens en bescheiden het naar het oordeel van het bevoegd gezag niet aannemelijk maken dat het bouwen van een bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, voldoet aan de voorschriften van het Bouwbesluit 2012; b. de aanvraag en de daarbij verstrekte gegevens en bescheiden het naar het oordeel van het bevoegd gezag niet aannemelijk maken dat het bouwen van een bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, voldoet aan de voorschriften die zijn gesteld bij de bouwverordening; c. de activiteit in strijd is met het bestemmingsplan, de beheersverordening of het exploitatieplan, of de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, of 4.3,

Pagina 9

derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening, tenzij de activiteit niet in strijd is met een omgevingsvergunning die is verleend met toepassing van artikel 2.12; d. het uiterlijk of de plaatsing van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft in strijd is met redelijke eisen van welstand, tenzij het bevoegd gezag van oordeel is dat de omgevingsvergunning niettemin moet worden verleend; e. indien het advies van de Commissie voor de tunnelveiligheid daartoe aanleiding geeft. Overwegingen a. Bouwbesluit De aanvraag en de daarbij overgelegde gegevens zijn getoetst aan het Bouwbesluit 2012. Daarbij is gebleken dat voldoende aannemelijk is gemaakt dat het bouwplan zal voldoen aan het Bouwbesluit 2012, mits wordt voldaan aan de aan deze vergunning verbonden voorschriften. b. Bouwverordening Het bouwplan is getoetst aan de bouwverordening. De aanvraag en de daarbij overgelegde gegevens maken voldoende aannemelijk dat het bouwplan in overeenstemming is met de bouwverordening. c. Bestemmingsplan Ter plaatse geldt het bestemmingsplan “De Polders” (onherroepelijk 1-1-2001). Op grond van dit bestemmingsplan is het bouwplan gelegen in de bestemmingen ‘Agrarisch gebied met Landschappelijke en natuurwaarde’.

Het Omgevingsplan “Buitengebied en de Zanderij” (vastgesteld op 15 juli 2021) is op de datum van deze aanvraag nog niet in werking getreden, waarin wordt verwezen naar het bestemmingsplan “De Polders”. Een manage met bedrijfswoning is hier niet toegestaan. Voor het realiseren van de manege is op 1 december 2015 een omgevingsvergunning onherroepelijk vastgesteld. Het bouwplan inclusief de aangevraagde activiteiten zijn in strijd met het bestemmingsplan (en het omgevingsplan, dat nog niet in werking is). De aanvraag is op grond van artikel 2.10, tweede lid van de Wabo mede aangemerkt als een aanvraag om een vergunning voor de activiteit “gebruik in strijd met een bestemmingsplan” als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c van de Wabo. Bij dit besluit wordt ook vergunning verleend voor die activiteit met toepassing van artikel 2.12 van de Wabo. Zie de overwegingen onder het onderdeel “het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met het bestemmingsplan”. d. Welstand Het bouwplan is getoetst aan de welstandsnota en is niet in strijd met redelijke eisen van welstand, gelet op het advies van de welstandscommissie van stichting Dorp, Stad en Land d.d. 6 september 2021. e. Tunnelveiligheid Voor het project is tunnelveiligheid niet van toepassing.

Conclusie Mits aan de voorschriften wordt voldaan zijn er geen weigeringsgronden en kan de omgevingsvergunning voor de activiteit “bouwen van een bouwwerk” worden verleend.

Pagina 10

4. Toetsingsdocumenten De volgende toetsingsdocumenten zijn bij de inhoudelijke beoordeling betrokken: Bouwbesluit 2012 Bouwverordening Hillegom Welstandsnota Hillegom Bestemmingsplan “De Polders” Omgevingsvisie Heerlijk Hillegom. gebruiksoppervlakte: 195 m² bruto vloeroppervlakte: 226 m² (oude bruto vloeroppervlakte 0 m²) bruto inhoud: 749 m³ (oude bruto inhoud 0 m³)

Pagina 11

Het gebruiken van gronden of bouwwerken in strijd met een bestemmingsplan, een beheersverordening, een exploitatieplan, regels gesteld door Rijk of Provincie of een voorbereidingsbesluit (Wabo artikel 2.1, eerste lid, onder c)

1. Voorschriften - Geen 2. Inhoudelijke beoordeling Toetsingsgronden 1. Op grond van artikel 2.12 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht kan, voor zover de aanvraag betrekking heeft op de activiteit “afwijken van het bestemmingsplan”, de omgevingsvergunning slechts worden verleend indien de activiteit niet in strijd is met een goede ruimtelijke ordening en: a. indien de activiteit in strijd is met het bestemmingsplan of de beheersverordening: 1°. met toepassing van de in het bestemmingsplan of de beheersverordening opgenomen regels inzake afwijking, 2°. in de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen gevallen, of 3°. In overige gevallen. indien de motivering van het besluit een goede ruimtelijke onderbouwing bevat; b. indien de activiteit in strijd is met het exploitatieplan: met toepassing van de daarin opgenomen regels inzake afwijking; c. indien de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, of 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening: voor zover de betrokken regels afwijking daarvan toestaan; d. indien de activiteit in strijd is met een voorbereidingsbesluit: met toepassing van de in het voorbereidingsbesluit opgenomen regels inzake afwijking. Overwegingen Bestemmingsplan of beheersverordening Ter plaatse geldt het bestemmingsplan “De Polders” (onherroepelijk 1-1-2001).

Op grond van dit bestemmingsplan is het bouwplan gelegen in de bestemmingen ‘Agrarisch gebied met Landschappelijke en natuurwaarde’. Het Omgevingsplan “Buitengebied en de Zanderij” (vastgesteld op 15 juli 2021) is op de datum van deze aanvraag nog niet in werking getreden, waarin wordt verwezen naar het bestemmingsplan “De Polders”. Een bedrijfswoning is hier niet toegestaan. Er zijn geen artikelen in het vigerende bestemmingsplan opgenomen, welke medewerking aan het bovenstaande plan mogelijk maken. Met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, sub a, onder 3°, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht kan vergunning worden verleend voor het afwijken van het bestemmingsplan. Beoordelingen: In het kader van de genoemde afwijkingsprocedure is bij de aanvraag omgevingsvergunning een ruimtelijke onderbouwing ingediend. Deze ruimtelijke onderbouwing maakt onderdeel uit van het besluit.

Pagina 12

Op basis van de ruimtelijke onderbouwing en bijbehorende onderzoeken wordt gemotiveerd, dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening. Wij stemmen in met deze ruimtelijke onderbouwing en hebben deze voor de onderbouwing van deze aanvraag omgevingsvergunning overgenomen. Er zijn ten aanzien van het plan geen planologische bezwaren. Er is niet gebleken van belangen van derden die aanleiding geven om af te zien van het verlenen van vergunning. De initiatiefnemer heeft voorafgaand aan deze ontwerpomgevingsvergunning belanghebbenden in het gebied over het voorgenomen plan geïnformeerd. Exploitatieplan Voor het gebied waarin de aanvraag is gelegen, is geen exploitatieplan vastgesteld. Provinciale omgevingsverordening en amvb Ruimte De aanvraag is niet in strijd met de geldende provinciale omgevingsverordening (2020) en niet in strijd met de algemene maatregel van bestuur Ruimte als bedoeld in artikel 4.1, derde lid en artikel 4.3, derde lid van de Wet ruimtelijke ordening. Voorbereidingsbesluit Voor het gebied waarin het perceel is gelegen, is geen voorbereidingsbesluit van kracht.

Conclusie De vergunning kan voor het onderdeel ‘handelen in strijd met het bestemmingsplan’ worden verleend, waarbij de volgende voorschriften zijn verbonden:  de tijdelijke woning (inclusief uitbreiding) moet uiterlijk 6 maanden na de gereedmelding van het bouwplan van de permanente bedrijfswoning verwijderd zijn;  de uitvoering overeenkomstig bijgaande de ruimtelijke onderbouwing plaats moet vinden;  Het plan moet in voldoende mate bijdragen aan de duurzaamheidsdoelstellingen van de gemeente en de wettelijke regelgeving op gebouwniveau, zoals de BENG. In de omgevingsvisie is opgenomen dat bij nieuwbouw van woningen onderstaande streefwaardes (GPR Gebouw) worden gehanteerd: Duurzaamheidsprestatie Gebouwen (DPG, combinatie van milieu en energie) minimaal een 8; Gezondheid en gebruikskwaliteit minimaal een 8; Toekomstwaarde minimaal een 7 (of bij de keuze voor een ander instrument vergelijkbare streefwaarden).

3. Toetsingsdocumenten De volgende toetsingsdocumenten zijn bij de inhoudelijke beoordeling betrokken: Bestemmingsplan “De Polders”; Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek; Omgevingsvisie Heerlijk Hillegom.

Pagina 13

TOELICHTING BEHORENDE BIJ BESLUIT BURGEMEESTER EN WETHOUDERS Hierbij treft u een toelichting aan op de aan u verleende omgevingsvergunning. 1. ALGEMEEN De houder van de vergunning moet ervoor zorgdragen, dat de omgevingsvergunning altijd bij de activiteit aanwezig is. Het toezicht op de uitvoering van de werkzaamheden wordt gevoerd door team toezicht handhaving van de werkorganisatie HLTsamen (gemeente Hillegom, Lisse en Teylingen), bereikbaar via telefoonnummer: 14 0252. 2. VOORSCHRIFTEN Aan de omgevingsvergunning zijn voorschriften verbonden. Wij verzoeken u dringend deze voorschriften goed door te lezen. Wij wijzen u er nadrukkelijk op, dat u zich met de uitvoering van de werkzaamheden aan deze voorschriften dient te houden. 3. AANVANG VAN DE ACTIVITEITEN Het gebruik van deze vergunning is mogelijk nadat deze in werking is getreden maar het aanvangen met de activiteiten voordat de vergunning onherroepelijk is geschiedt in alle gevallen voor eigen risico. De vergunning is pas onherroepelijk wanneer na de bezwaar- of beroepstermijn geen bezwaar- of beroepschrift is ingediend. In het geval wel een bezwaar- of beroepschrift wordt ingediend is de vergunning pas onherroepelijk als de bezwaarmaker na de beslissing op bezwaar of beroep niet binnen 6 weken (hoger)beroep aantekent, dan wel nadat in hoogste instantie is beslist. 4.

SCHRIFTELIJKE KENNISGEVING Aan team toezicht handhaving moet door u kennis worden gegeven van: * De start van de werkzaamheden. Wij verzoeken u dit bij voorkeur per e-mail te doen naar bwt@hltsamen.nl; * De gereedmelding van de werkzaamheden. Wij verzoeken u dit bij voorkeur per e-mail te doen naar bwt@hltsamen.nl. 5. GELDIGHEID VAN DE VERGUNNING Burgemeester en wethouders kunnen op grond van artikel 2.33 lid 2 onder a van de Wabo een omgevingsvergunning ondermeer intrekken voor zover gedurende drie jaar, dan wel als de vergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a onderscheidelijk b of g, gedurende 26 weken onderscheidelijk de in de vergunning bepaalde termijn, geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning. 6. OVERDRAAGBAARHEID VAN DE VERGUNNING De omgevingsvergunning geldt op grond van artikel 2.25 van de Wabo voor eenieder die het project uitvoert waarop zij betrekking heeft. De vergunninghouder draagt ervoor zorg dat de aan de omgevingsvergunning verbonden voorschriften wordt voldaan. Als de vergunning zal gaan gelden voor een ander dan de aanvrager, meldt de aanvrager onderscheidenlijk de vergunninghouder (= degene die voor de uitvoering van de vergunning verantwoordelijk is) dat ten minste een maand voordien aan Burgemeester en wethouders onder vermelding van: a. zijn naam en adres; b.

de omgevingsvergunning of omgevingsvergunningen krachtens welke de activiteiten worden verricht; c. de naam, het adres en het telefoonnummer van degene voor wie de omgevingsvergunning zal gaan gelden; d. een contactpersoon van degene voor wie de omgevingsvergunning zal gaan gelden;

Pagina 14

e.

het beoogde tijdstip dat de omgevingsvergunning zal gaan gelden voor de onder c bedoelde persoon.

7. OVERIGE VERGUNNINGEN/TOESTEMMINGEN Deze vergunning is verstrekt op basis van de WABO. Dit betekent niet dat ook een beslissing is genomen op basis van andere regelgeving. In sommige gevallen heeft u nog andere vergunningen of toestemming nodig om ongehinderd gebruikte kunnen maken van deze vergunning. Bijvoorbeeld op grond van de Waterwet of het burgerlijk wetboek. Als u voor de werkzaamheden gebruik moet maken van de openbare grond/weg voor het plaatsen van bijvoorbeeld een (mobiele) bouwkraan, schaftkeet, vuil- en materialencontainer, bouwmaterialen en eco-toiletten etc., wijzen wij u er nadrukkelijk op dat u voor het gebruik hiervan precario verschuldigd bent. Daarnaast heeft u dan ook de verplichting om een melding “gebruik openbare grond of openbaar groen” te doen. Voor de voorwaarden om gebruik te mogen maken van de openbare grond verwijs ik u naar artikel 2.10 van de APV welke u kunt vinden op onze website. Als er voor het project rioleringswerk in de openbare weg zal plaatsvinden, moet u hiertoe een aanvraag rioolaansluiting bij de gemeente indienen. U kunt het aanvraagformulier vinden op onze website. 8. TOETS BOUWBESLUIT De door u aangeleverde gegevens zijn onder meer getoetst aan het Bouwbesluit. Hoewel wij dit nauwgezet doen kan het voorkomen dat we iets over het hoofd gezien hebben.

Als dit het geval is zal het bouwwerk uiteindelijk toch moeten voldoen aan het Bouwbesluit, zelfs al staat op de tekening iets anders. 9. KWALITEITSVERKLARINGEN Als door u (nog) geen kwaliteitsverklaringen zijn overlegd, is mogelijk aan de omgevingsvergunning het voorschrift verbonden, dat er voor de aanvang van de werkzaamheden kwaliteitsverklaringen van de toe te passen bouwmaterialen moeten worden overlegd. U wordt hiervoor verwezen naar de voorschriften aan de omgevingsvergunning. Wat is een kwaliteitsverklaring? Een kwaliteitsverklaring is een schriftelijk bewijs, voorzien van een door de minister van VROM aangewezen merkteken, afgegeven door een door die minister aangewezen deskundig, onafhankelijk instituut, op grond waarvan een bouwmateriaal of bouwdeel, als dat materiaal of deel bij het bouwen wordt toegepast, wordt geacht te voldoen aan de bij of krachtens het Bouwbesluit gestelde eisen (artikel 1 Woningwet). Dit kunnen geldige KOMO-attesten en de KOMO-attesten-met-certificaat zijn. Met behulp van kwaliteitsverklaringen kan door u als vergunninghouder namelijk worden aangetoond, dat bij toepassing van de in de desbetreffende kwaliteitsverklaring aangeduide bouwmaterialen of bouwdelen, aan bepaalde voorschriften van het Bouwbesluit geacht mag worden te zijn voldaan.

U bent echter niet verplicht om een bouwmateriaal toe te passen, waarvoor een kwaliteitsverklaring is afgegeven. Er dient dan wel door u te worden aangetoond dat het betreffende bouwmateriaal voldoet aan het gestelde in het Bouwbesluit. Gelet op het bovenstaande is het duidelijk, dat het zowel voor u als voor de gemeente eenvoudiger is om materialen toe te passen, waarvoor een kwaliteitsverklaring is afgegeven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1410/documents/17463