CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Regionale bodemkwaliteitskaart.pdf

Gemeenteraad 9 november 2023, gemeente HillegomBij agendapunt: 13: Vaststellen Nota Bodembeheer61.240 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 6

BODEMFUNCTIEKLASSENKAART EN BODEMKWALITEITSKAART REGIO WEST-HOLLAND GEMEENTEN HILLEGOM, KAAG EN BRAASSEM, LEIDEN, LEIDERDORP, LISSE, NIEUWKOOP, NOORDWIJK, OEGSTGEEST, TEYLINGEN EN ZOETERWOUDE 2 MEI 2023

WSP NEDERLAND B.V. RINGWADE 41 3439 LM NIEUWEGEIN +31 (0)88 910 20 00 wsp.com/nl-nl

PROJECTNUMMER SOB015939 DOCUMENTNUMMER SOB015939.RAP002

COLOFON CONTACTPERSONEN OMGEVINGSDIENST WEST-HOLLAND NAMENS 10 GEMEENTEN IN DE REGIO WEST-HOLLAND E-mail: info@odwh.nl Telefoon: 071-4083100 Stefanie Coesel Alex Jirka CONTACTPERSONEN WSP Jeroen Spronk Karin Reezigt-Struijk Paul Karels

AUTORISATIE PROJECTNUMMER

DOCUMENTNUMMER

STATUS

SOB015939

SOB015939.RAP002

Definitief

OPGESTELD DOOR

FUNCTIE

DATUM

Paul Karels

Adviseur

2 mei 2023

COLLEGIALE TOETS EN VRIJGEGEVEN DOOR

FUNCTIE

DATUM

Jeroen Spronk

Senior adviseur

2 mei 2023

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

PARAAF

PARAAF

WSP 2 mei 2023 pagina 2/31

INHOUDSOPGAVE

1

INLEIDING

5

1.1

Aanleiding

5

1.2

Doelstelling

6

2

BODEMFUNCTIEKLASSENKAART

7

3

BODEMKWALITEITSKAART

9

3.1

Stap 1: Programma van eisen

9

3.2

Stappen 2 en 4: Onderscheidende gebiedskenmerken en indelen bodembeheergebied in deelgebieden (1/2)

10

3.3

Stap 3: Gegevensverzameling en gegevensbewerking

12

3.3.1

Selecteren beschikbare gegevens

12

3.3.2

Het samenvoegen van punt- en mengmonsters

12

3.3.3

Het vervangen van waarden beneden de detectielimiet

12

3.3.4

Het opsporen van uitbijters

12

3.4

Stap 5: Controle indeling van het bodembeheergebied

13

3.4.1

Aantal en spreiding meetgegevens

13

3.4.2

Splitsen van deelgebieden

14

3.5

Stappen 2 en 4: Onderscheidende gebiedskenmerken en indelen bodembeheergebied in deelgebieden (2/2)

14

Stap 6: Verzamelen aanvullende informatie en vaststellen definitieve deelgebieden / Bodemkwaliteitszones

16

3.7

Stap 7: Karakteriseren bodemkwaliteitszones

16

3.8

Stap 8: Bodemkwaliteit

19

3.8.1

Inleiding

19

3.8.2

Kaart met uitgesloten locaties en gebieden

19

3.8.3

Ontgravingskaart

20

3.8.4

Toepassingskaart

22

3.9

Bijzondere omstandigheden

25

4

SAMENVATTING EN CONCLUSIES

26

3.6

BRONVERMELDINGEN

31

OVERZICHT BIJLAGEN Bijlage 1

— Begrippenlijst Bijlage 2

— Selectie dataset bodemkwaliteitskaart

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 3/31

Bijlage 3

— Specificatie uitbijters Bijlage 4A

— Statistische parameters NEN 5740 bodemkwaliteitszones (waarden standaardbodem) Bijlage 4B

— Statistische parameters PFAS-verbindingen per bodemkwaliteitszone (gemeten waarden) Bijlage 4C

— Statistische parameters OCB per bodemkwaliteitszone (waarden standaardbodem) Bijlage 4D

— Statistische parameters BKK plangebied Offem-Zuid (fase 1 en 3) in Noordwijk Bijlage 4E

— Statistische parameters BKK plangebied Offem-Zuid (fase 2) in Noordwijk Bijlage 4F

— Statistische parameters BKK plangebied Bronsgeest in Noordwijk Bijlage 5

— Onderbouwingen gemeentelijke bodemfunctieklassen-kaarten

OVERZICHT KAARTBIJLAGEN Kaartbijlage B1 —

Ligging gemeenten bodemkwaliteitskaart regio WestHolland

Kaartbijlage B2 —

Bodemfunctieklassenkaart

Kaartbijlagen B3 —

Deelgebiedenkaart

Kaartbijlagen B4 —

Bodemkwaliteitszonekaart

Kaartbijlagen B5 —

Ontgravingskaarten generiek beleid

Kaartbijlagen B6 —

Toepassingskaarten generiek beleid

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 4/31

1

INLEIDING

1.1

AANLEIDING

In het werkgebied van de Omgevingsdienst West-Holland (hierna ‘ODWH’) willen de gemeenten Hillegom, Kaag en Braassem, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen en Zoeterwoude (hierna ‘de gemeenten’; zie kaartbijlage B1 en figuur 1.1) het (her)gebruik van grond en bagger binnen en tussen de gemeenten optimaliseren. De gemeenten willen om de onderstaande redenen een gezamenlijke bodemkwaliteitskaart opstellen: — De gemeenten hechten steeds meer waarde aan samenwerken. — De gemeenten willen een eenduidig grondstromenbeleid hanteren. Dit bevordert het hergebruik van grond in de het werkgebied van de ODWH. — Er zijn meerdere bodemkwaliteitskaarten met verschillende ouderdom en geldigheidsduur van kracht binnen het werkgebied van de ODWH. — De meeste bodemkwaliteitskaarten zijn verouderd of al verlopen en moeten geactualiseerd worden. De bodemfuncties op de eerder opgestelde gemeentelijke bodemfunctieklassenkaarten zijn niet eenduidig weergegeven. De kaarten zijn daarom aangepast.

Figuur 1.1 Ligging 10 gemeenten waar de gezamenlijke bodemkwaliteitskaart voor wordt opgesteld

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 5/31

1.2

DOELSTELLING

Het doel van het aanpassen van de bodemfunctieklassenkaarten is om de gebieden met de bodemfuncties ‘Industrie’ en ‘Wonen’ beter en eenduidiger weer te geven, conform het actuele landgebruik en de geplande ruimtelijke ontwikkelingen in de regio. Om aan te sluiten bij de toekomstige Omgevingswet, is ook de functie ‘Landbouw/natuur’ onderscheiden1. Doel van de gezamenlijke bodemkwaliteitskaart is om een actueel en dekkend beeld te krijgen van de te verwachten diffuse chemische bodemkwaliteit ter plaatse van de gemeentelijke grondgebieden. Achterliggend doel is om gebruik te kunnen (blijven) maken van de mogelijkheden die het Besluit bodemkwaliteit[1] en de toekomstige Omgevingswet biedt: — als bewijsmiddel voor de chemische kwaliteit van vrijkomende te hergebruiken grond en van de ontvangende bodem (hierdoor hoeven minder partijkeuringen en bodemonderzoeken te worden uitgevoerd wat een kosten- en tijdbesparende factor is bij grondverzet); — bij het toepassen en tijdelijk opslaan van grond en baggerspecie op en in de landbodem; — als bewijsmiddel bij kleinschalig grondverzet; — om beter aan te sluiten bij het gewenste grondstromenbeleid in het werkgebied van de ODWH; — om eenduidig gebiedsspecifiek en milieuvriendelijk grondstromenbeleid mogelijk te maken; — het vaststellen van terugsaneerwaarden bij bodemsaneringen in het kader van de Wet bodembescherming [2] en het Besluit en

de Regeling Uniforme Saneringen[3] [4]; — om onder de Omgevingswet te gebruiken bij de interpretatie van een eindsituatie onderzoek na het beëindigen van een bodembedreigende activiteit.

In deze rapportage staat beschreven hoe de gemeentelijke bodemfunctieklassenkaarten zijn aangepast, volgens welke werkwijze de gezamenlijke bodemkwaliteitskaart is opgesteld en wat de resultaten zijn. Een toelichting op de in dit rapport gebruikte begrippen is opgenomen in bijlage 1.

1

Zie document: Transitie nota bodembeheer en bodemkwaliteits- en bodemfunctieklassenkaart naar het stelsel van de Omgevingswet, Bouwsteen Aanvullingsspoor bodem, Bodembeheer van de Toekomst, Uitvoeringsprogramma Bodem & Ondergrond, 23 december 2020.

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 6/31

2 BODEMFUNCTIEKLASSENKAART Op de bodemfunctieklassenkaart wordt de ligging van gebieden met de (toekomstige) bodemfuncties 'Industrie' en 'Wonen' aangegeven. Om aan te sluiten bij de toekomstige Omgevingswet, is ook de functie ‘Landbouw/natuur’ onderscheiden. De bodemfunctieklassenkaart wordt gebruikt voor het: — mede bepalen van de eisen waaraan de toe te passen grond moet voldoen (zie ook § 3.8.4); — vaststellen van terugsaneerwaarden bij bodemsaneringen in het kader van de Wet bodembescherming en het Besluit en de Regeling Uniforme Saneringen. De eerder vastgestelde gemeentelijke bodemfunctieklassenkaarten (2019-2021) zijn aangepast en weergegeven op kaartbijlage B2. Met de aanpassingen zijn de gebieden met de bodemfuncties ‘Industrie’, ‘Wonen’ en ‘Landbouw/natuur’ beter en regionaal eenduidiger weergegeven en geactualiseerd met nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. In tabel 2.1 is de indeling van gebruiksvormen gegeven die in de bodemfunctieklassen ‘Industrie’, ‘Wonen’ en ‘Landbouw/natuur’ vallen. In bijlage 5 zijn de eerder opgestelde onderbouwingen van de gemeentelijke bodemfunctieklassenkaarten opgenomen. De eerdere opgestelde onderbouwing voor percelen in het buitengebied met de bestemming bedrijf of industrie is gewijzigd. Deze percelen vallen nu in de bodemfunctieklasse “Industrie” (zie ook tabel 2.1).

Tabel 2.1 Indeling gebruiksvormen in bodemfunctieklassen BODEMFUNCTIEKLASSE

GEBRUIKSVORM

Industrie

— Rijkswegen en provinciale wegen inclusief de onverharde wegbermen (tot maximaal 10 meter vanaf de rand van de verharding). — Spoorwegen inclusief de onverharde spoorbermen (tot maximaal 10 meter vanaf de rand van de spoorrails). Uitzondering hierop is de provinciale weg Voorschoterweg (N206/N447) in de gemeente Leiden. Dit tracé valt in de bodemfunctieklasse ‘Wonen’. — (Toekomstige) industrie- en bedrijfsterreinen, inclusief de bijbehorende wegen. — Rioolwater- en afvalwaterzuiveringsinstallaties. — Percelen in het buitengebied met de bestemming bedrijf of industrie.

Wonen

— Stedelijke binnenstad, inclusief de bijbehorende wegen. — Huidige en toekomstige woonwijken, inclusief de bijbehorende wegen en eventueel inclusief met gemengde doeleinden zoals kantoren en bedrijven. — Lintbebouwing, inclusief de bijbehorende wegen. — Percelen in het buitengebied met de bestemming wonen. — Woningen gelegen op industrieterreinen (voor zover aangewezen in het bestemmingsplan). — Stadsparken. — Kleine individuele moestuinen (≤200 m²) — Recreatie- en sportterreinen gelegen in of aangrenzend aan de bebouwde kommen. — Recreatiewoningen, vakantie-/bungalowparken, campings en woonwagenlocaties. — De provinciale weg Voorschoterweg (N206/N447) in de gemeente Leiden.

Landbouw/natuur

— — — — —

Landbouw- en natuurgebieden. Volkstuin- en moestuincomplexen Recreatie- en sportterreinen in het buitengebied. Provinciale beschermingsgebieden zoals Natura2000 en Natuurnetwerk Nederland. Kassen.

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 7/31

Voor wegen met onverharde wegbermen binnen de bebouwde kom sluit de bodemfunctieklasse in principe aan bij de bodemfunctieklasse van het omliggende gebied. Dit betekent dat voor de onverharde wegbermen in een woonwijk de bodemfunctieklasse ‘Wonen’ geldt en voor de wegbermen op een industrieterrein in de bodemfunctieklasse ‘Industrie’. Uitzondering zijn de onverharde wegbermen van alle door de gemeenten aangewezen (toekomstige) provinciale wegen, rijkswegen en spoorwegen binnen de bebouwde kom. Deze hebben de bodemfunctieklasse ‘Industrie’ ongeacht of ze door een woonwijk of industrieterrein lopen. Van de wegen buiten de bebouwde kom dan wel in het buitengebied vallen de onverharde wegbermen van de rijkswegen, de (toekomstige) provinciale wegen en spoorwegen in de bodemfunctieklasse ‘Industrie’. Overige wegen vallen in de bodemfunctieklasse ‘Landbouw/natuur’. Onder de onverharde wegbermen wordt verstaan de strook grond naast de verharde (klinker- of asfalt)weg. De strook omvat de bodemlaag tot maximaal 0,5 meter diepte, en heeft gerekend vanuit de wegverharding een maximale breedte van 10 meter.

De onverharde wegberm wordt begrensd door (zie ook figuur 2.1): — de erfgrens of; — de meest afgelegen insteek van een droge bermsloot of; — de meest nabij gelegen insteek van een natte bermsloot of; — als voorgaande niet aanwezig zijn, de overgang naar andere begroeiing (houtopstanden zoals hagen, struiken, bosschages, bos). Voor wegbermen langs dijkwegen en voor wegbermen gelegen in gebieden van het Natuurnetwerk Nederland (NNN, de voormalige Ecologische Hoofdstructuur) geldt voor beide zijden van het wegvak een strook van maximaal 2 meter. Dit in verband met de ecologische functie van de wegbermen. Buiten de aangegeven strook mag in de wegbermen alleen schone grond worden toegepast.

Figuur 2.1 Begrenzing wegbermen (bron: brief van het voormalige Ministerie van Verkeer en Waterstaat, Dienst Verkeer en Scheepvaart, kenmerk RWS/DVS‐2009/2932, 19 november 2009).

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 8/31

3 BODEMKWALITEITSKAART De gezamenlijke bodemkwaliteitskaart is opgesteld volgens de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten[5]. Er is gewerkt volgens het in de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten opgenomen stappenplan. Hieronder zijn de verschillende stappen weergegeven, die in de volgende paragrafen nader worden toegelicht. In de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten is aangegeven dat de stappen niet chronologisch gevolgd hoeven te worden. Wel is het noodzakelijk dat alle stappen terugkomen in de werkwijze bij het vervaardigen van de bodemkwaliteitskaart. Stap 1: Stap 2: Stap 3: Stap 4: Stap 5: Stap 6: Stap 7: Stap 8:

Opstellen programma van eisen. Vaststellen onderscheidende gebiedskenmerken. Gegevensverzameling en gegevensbewerking. Indelen bodembeheergebied in deelgebieden. Controle indeling van het bodembeheergebied. Verzamelen aanvullende informatie. Vaststellen bodemkwaliteitszones. Bodemkwaliteitskaart (kaart uitgesloten locaties/gebieden, ontgravingskaart en toepassingskaart).

3.1

STAP 1: PROGRAMMA VAN EISEN

Voor deze bodemkwaliteitskaart zijn de volgende definities vastgesteld: — Het beheergebied van de bodemkwaliteitskaart omvat het grondgebied van de gemeenten Hillegom, Kaag en Braassem, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen en Zoeterwoude. — De bodemkwaliteitskaart is opgesteld voor de landbodem van het beheergebied voor de bodemlaag vanaf het maaiveld tot en met 2,0 meter diepte. — De volgende locaties en gebieden zijn uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart: • Rijkswegen, provinciale wegen, spoorgebonden gronden inclusief de (spoor)wegbermen (andere beheerorganisatie). • Defensieterreinen (andere beheerorganisatie). • Locaties met, of die verdacht zijn voor, een sterke bodemverontreiniging als gevolg van een lokale bron, inclusief: — locaties waar vanwege (bedrijfs)activiteiten PFAS-verbindingen2 in verhoogde gehalten in de bodem kunnen voorkomen (PFAS producerende3 en verwerkende bedrijven4, inzet blusschuim5 en secundaire bronnen6). — (Voormalige) stortplaatsen (specifiek voor wat betreft de ontgravingskaart). — Rioolwaterzuiveringsinstallaties (RWZI) en afvalwaterzuiveringsinstallaties (AWZI) (specifiek voor wat betreft de ontgravingskaart). • Gesaneerde locaties in het kader van de Wet bodembescherming (specifiek voor wat betreft de ontgravingskaart).

2

3 4

5

6

Poly- en perfluoralkylverbindingen, PFAS, zijn stoffen die al decennia worden gebruikt in industriële en andere processen en in vele producten. Ze worden toegepast in allerlei alledaagse toepassingen zoals verf, blusschuim, pannen, kleding en cosmetica. Kenmerkend voor deze stoffen is dat ze persistent, mobiel en nauwelijks biologisch afbreekbaar zijn. Bovendien is van verschillende PFAS-verbindingen aangetoond dat ze toxisch zijn. Zoals bijvoorbeeld productie van o.a. PFOS, PFOA, telomeren en andere PFAS-verbindingen. Zoals bijvoorbeeld productie en verwerking van teflon, galvanische industrie, textielindustrie, papier(verwerkende) industrie, lak- en verfindustrie, fabricage van cosmetica. Brand blussen, brandweeroefenplaatsen (gemeenten), brandpreventie voorzieningen (industrie) met schuimblusinstallaties, militaire brandweeroefenplaatsen en vliegvelden, brandweeroefenplaatsen op vliegvelden (burgerluchtvaart). Zoals bijvoorbeeld stortplaatsen, waterzuiveringsinstallaties, afvalverbrandingsinstallaties, ijzerinzamelbedrijven (inzamelen brandblussers), gebruik bestrijdingsmiddelen.

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 9/31

•

De bodemlaag 0-1 m-mv van een deel van het duingebied is verdacht voor diffuus verhoogde gehalten aan PFAS-verbindingen als gevolg van een effect dat wordt omschreven als ‘Global Sea Spray’7. • Waterbodems: ander bevoegd gezag — Rijkswateren: Rijkswaterstaat, met uitzondering van de drogere oevergebieden die zijn gedefinieerd en aangewezen in de Waterregeling[6] — overige wateren: Hoogheemraadschap van Rijnland (binnen gemeente Nieuwkoop: tevens Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden en Waterschap Amstel, Gooi en Vecht). • De bodemlaag dieper dan 2,0 meter onder het maaiveld. • Het grondwater. — De gezamenlijke bodemkwaliteitskaart is opgesteld voor • Het standaard NEN5740 stoffenpakket: barium (zie bijlage 1 kopje ‘Barium’), cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, lood, nikkel, zink, minerale olie en de stofgroepen polychloorbifenylen (PCB) en polycyclische aromatische koolwaterstoffen. Hierbij zijn de bodemlaag vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte en de bodemlaag vanaf 0,5 tot en met 2,0 meter diepte onderscheiden. • Bestrijdingsmiddelen (OCB) voor wat betreft de (voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen8 in de gemeenten. Hierbij zijn de bodemlaag vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte en de bodemlaag vanaf 0,5 meter tot en met 2 meter diepte onderscheiden. • PFAS-verbindingen[7].

Hierbij zijn de bodemlaag vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte en de bodemlaag vanaf 0,5 tot en met 1,0 meter diepte onderscheiden. Deze bodemlagen zijn verdacht op het voorkomen van verhoogde PFAS-gehalten als gevolg van atmosferische depositie, uitspoeling van de bovenlaag naar de onderliggende bodemlaag en grondroeringen. De bodemlaag dieper dan 1,0 meter wordt vooralsnog niet verdacht beschouwd op het voorkomen van verhoogde gehalten aan PFAS-verbindingen. — De gegevens voor de statistische onderbouwing van de gezamenlijke bodemkwaliteitskaart zijn afkomstig van beschikbare informatie bij de ODWH.

3.2 STAPPEN 2 EN 4: ONDERSCHEIDENDE GEBIEDSKENMERKEN EN INDELEN BODEMBEHEERGEBIED IN DEELGEBIEDEN (1/2) De basis van deze bodemkwaliteitskaart is het identificeren van deelgebieden met onderscheidende gebiedskenmerken. De verwachting is dat de kwaliteit tussen deelgebieden verschilt als gevolg van de verschillende gebiedskenmerken. Op basis van de gebruikshistorie, de ontwikkeling van wijken of gebieden, het huidig gebruik en de verwachte bodemkwaliteit zijn voorlopige deelgebieden gedefinieerd. Binnen een deelgebied wordt de bodemkwaliteit homogeen verondersteld (vergelijkbare kwaliteit). Voor deze bodemkwaliteitskaart is in overleg met de ODWH een indeling gemaakt voor de bovengrond (traject vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte) en de ondergrond (traject vanaf 0,5 meter diepte tot en met 2,0 meter diepte). De volgende voorlopige deelgebieden zijn onderscheiden (zie kaartbijlage B3): Bodemlagen vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte en vanaf 0,5 meter tot en met 2 meter diepte Voor het standaard stoffenpakket (zware metalen9, PCB, PAK en minerale olie): — Historische bebouwing Leiden — Oude uitbreidingen Leiden — Overige historische woonbebouwing — Oudere woonbebouwing, sport en recreatie — Recente woonbebouwing, sport en recreatie — Oude bedrijfsterreinen 7 8 9

https://cen.acs.org/environment/atmospheric-chemistry/Study-suggests-sea-spray-plays/97/i13. Bijvoorbeeld bloem(bollen)percelen, fruitteeltpercelen, glastuinbouw etc. Het betreft de zware metalen cadmium, kobalt, koper, kwik, molybdeen, lood, nikkel en zink.

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 10/31

— Jonge bedrijfsterreinen — Buitengebied met toemaakdek — Buitengebied overig Voor bestrijdingsmiddelen: — (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk, Oegstgeest en Teylingen. — (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Kaag en Braassem, Leiden, Leiderdorp, Nieuwkoop en Zoeterwoude. Bodemlagen vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte en vanaf 0,5 meter tot en met 1 meter diepte Voor PFAS-verbindingen: — De gezamenlijke grondgebieden van de gemeenten. Deze indeling is gebaseerd op de volgende gegevens en verwachtingen: — Voor het standaardstoffenpakket is, voor zover deze beschikbaar zijn, rekening gehouden met de gebiedsindeling van voorgaande bodemkwaliteitskaarten in de regio. Dit resulteert in 3 typen gebieden voor woonbebouwing (historisch tot aan ca. 1945, naoorlogs tot ca. 1970 en recenter) en 2 typen voor bedrijfsterreinen (voor en na ca. 1990). — Vanwege de gebruikshistorie is het de verwachting dat het stadscentrum van Leiden meer belast is met verontreinigende stoffen dan andere gebieden. Daarom is het Leidse stadscentrum apart onderscheiden ten opzichte van de vooroorlogse bebouwing van de kleinere dorps- en stadskernen in de rest van de regio.

Op basis van de eerder opgestelde bodemkwaliteitskaart van de gemeente Leiden is hierbij het vooroorlogs gebied nog gesplitst in het gebied binnen de singel en Vreewijk enerzijds, en de latere uitbreidingen anderzijds. — Historisch bebouwde locaties die in later jaren zijn vervangen door (grootschalige) herontwikkeling zijn geclassificeerd als recente bebouwing indien bekend is dat bij de herontwikkeling de situatie is gewijzigd (leeflaag aangebracht, afgraving, etc.). — Het buitengebied is gesplitst in een deel met en zonder (verwacht) toemaakdek 10. Uit praktijkervaring van de ODWH en de gemeenten is bekend dat de beschikbare kaarten met begrenzing van toemaakdek in de regio niet altijd overeenkomen met de praktijk. Vanwege het zeer heterogene karakter van toemaakdekken is het echter ook te verwachten dat hier een breed scala aan verontreinigingsniveaus wordt aangetroffen. Daarom is besloten voor het voorlopig deelgebied eerst de indeling uit de bestaande kaarten aan te houden. — Verhoogde gehalten bestrijdingsmiddelen komen waar verwachting vooral voor in (voormalig) bollenteeltgebieden in de gemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk, Oegstgeest en Teylingen). Vanwege de gebruikshistorie op perceelniveau is het praktisch niet haalbaar hier één of meer volledig eigen deelgebieden te onderscheiden. Daarom is besloten bestrijdingsmiddelen apart te beoordelen van de overige stoffen.

Recentelijk zijn voor drie plangebieden in de gemeente Noordwijk bodemkwaliteitskaarten en bodembeheernota’s bestuurlijk vastgesteld: — Plangebied Offem-Zuid in Noordwijk fase 1 [8] en 3 [9]. — Plangebied Offem-Zuid in Noordwijk fase 2 [10]. — Plangebied Bronsgeest in Noordwijk[11]. Voor een gebied mag van rechtswege maar één bodemkwaliteitskaart bestuurlijk zijn vastgesteld. Om deze reden komen met het bestuurlijk vaststellen van deze bodemkwaliteitskaart de eerder bestuurlijk vastgestelde bodemkwaliteitskaarten voor de drie plangebieden in Noordwijk te vervallen. De eerder bestuurlijk vastgestelde bodemkwaliteitskaarten zijn integraal opgenomen in deze gezamenlijke bodemkwaliteitskaart (zie tabel 4.1 en de kaartbijlagen). Hierdoor is er voor de drie plangebieden in Noordwijk nog steeds sprake van een geldige bodemkwaliteitskaart.

10

Bron ligging toemaakdekgebied: Bodemkwaliteitskaart Toemaakdek Grontmij Nederland, rapport GM-0091509, d.d. 5 augustus 2013.

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 11/31

3.3 STAP 3: GEGEVENSVERZAMELING EN GEGEVENSBEWERKING 3.3.1 SELECTEREN BESCHIKBARE GEGEVENS De gegevens voor de bodemkwaliteitskaart zijn afkomstig uit het bodeminformatiesysteem van de ODWH (d.d. 2 juli 2021) waarin de bodemgegevens van de gemeenten worden geregistreerd en beheerd. Daarnaast zijn nog analyseresultaten van 315 nieuwe bodemonderzoeken aan de dataset toegevoegd die zijn uitgevoerd voor werkzaamheden aan kabels en leidingen. In bijlage 2 staat een overzicht van de selecties die zijn uitgevoerd om tot een representatieve dataset voor deze bodemkwaliteitskaart te komen.

3.3.2 HET SAMENVOEGEN VAN PUNT- EN MENGMONSTERS De dataset voor deze bodemkwaliteitskaart bestaat uit meng- en puntmonsters met meetgegevens. De landelijke IPO Werkgroep Achtergrondgehalten heeft onderzocht wat de invloed is van het meenemen van zowel punt- als mengmonsters op de berekening van percentielwaarden van de meetgegevens [12]. De resultaten laten zien dat percentielwaarden die zijn gebaseerd op een bestand met meetgegevens van zowel punt- als mengmonsters, vrijwel identiek zijn aan percentielwaarden die zijn gebaseerd op een bestand met meetgegevens van alléén mengmonsters. Er bestaan daarom geen praktische bezwaren tegen het berekenen van de bodemkwaliteit uit een bestand met meetgegevens, afkomstig van zowel punt- als mengmonsters. In dit project zijn de meetgegevens van de mengmonsters éénmaal meegenomen.

3.3.3 HET VERVANGEN VAN WAARDEN BENEDEN DE DETECTIELIMIET Bij analyses komt het vaak voor dat een bepaalde stof in het grond(meng)monster aanwezig is in een concentratie beneden de detectiegrens van de gangbare analyseapparatuur. Hoewel de werkelijke waarde onbekend is (de waarde kan variëren van nul tot de detectielimiet) leveren deze monsters wel waardevolle informatie voor de bodemkwaliteit in een gebied. Voor deze analyseresultaten is de methode van de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten gehanteerd. Deze methode houdt in dat de gerapporteerde detectielimieten worden vermenigvuldigd met een factor 0,7 om tot een rekenwaarde te komen. De opgegeven detectielimiet van een bepaalde stof verschilt van rapport tot rapport. Verhoogde detectielimieten komen voor bij verstoringen in de grond(meng)monstermatrix. Daarnaast zijn de detectielimieten in de loop der jaren lager geworden doordat nauwkeuriger analyseapparatuur beschikbaar is gekomen.

3.3.4 HET OPSPOREN VAN UITBIJTERS Ondanks dat er representatieve meetgegevens zijn geselecteerd, kan er sprake zijn van uitschieters in de dataset: extreem hoge of lage gehalten als gevolg van bijvoorbeeld typefouten tijdens de invoer, onbetrouwbare analyses of verontreinigingen door lokale bronnen die niet als dusdanig in het bodeminformatiesysteem zijn aangegeven. Hierbij worden vaak bij meerdere stoffen in hetzelfde monster relatief hoge gehalten aangetroffen. Per deelgebied en per stof zijn met een visuele methode (scatterplots) extreme gehalten gemarkeerd.

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 12/31

Voor de extreme gehalten is nagegaan of deze tot een lokale bron, type- of meetfout zijn te herleiden. In die situaties zijn de analyseresultaten uit de dataset verwijderd en waar mogelijk aangepast wanneer het typefouten betrof. Op een aantal locaties zijn daarnaast kleine correcties uitgevoerd in de begrenzing van de deelgebieden, waar bleek dat hoge gehalten in het buitengebied net buiten een lintbebouwing vielen, waar deze qua kwaliteit meer mee overeenkwamen. In bijlage 3 staat een overzicht van de uiteindelijk verwijderde uitbijters.

3.4 STAP 5: CONTROLE INDELING VAN HET BODEMBEHEERGEBIED 3.4.1 AANTAL EN SPREIDING MEETGEGEVENS De Richtlijn bodemkwaliteitskaarten stelt de volgende minimale eisen aan het aantal en de spreiding van meetgegevens per deelgebied: — Per deelgebied zijn voor alle stoffen ten minste 20 meetgegevens beschikbaar. — De meetgegevens liggen voldoende verspreid over het deelgebied: • Voor aaneengesloten deelgebieden bij een systematische indeling in 20 vakken zijn in tenminste 10 vakken één of meer meetgegevens beschikbaar. • Voor elk niet-aaneengesloten deel van een deelgebied zijn ten minste 3 meetgegevens beschikbaar. — Er moeten minimaal 30 PFAS-meetgegevens beschikbaar zijn per bodemlaag. Hiermee wordt gebruik gemaakt van de systematiek van de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten voor het uitbreiden van een bodemkwaliteitskaart met de stoffen kobalt, molybdeen en PCB. Deze systematiek mag conform het Model Beleid toepassen PFAS houdende grond[13] ook voor PFAS-verbindingen worden gebruikt. Als aanvullende minimumeis is door de ODWH gesteld dat per bodemlaag minimaal 5 PFAS-analysegegevens per gemeente beschikbaar moeten zijn. — De (voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen komen zeer verspreid en versnipperd voor in de gemeenten. Om deze reden is afgeweken van de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten.

Voor de (voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen moeten minimaal 30 analysegegevens van organochloorbestrijdingsmiddelen (OCB) beschikbaar zijn en per niet-aaneengesloten gebied zijn geen 3 analysegegevens noodzakelijk. Niet voor alle deelgebieden wordt voldaan aan de minimumeis van 30 meetgegevens per individuele OCB. Voor een aantal kwaliteitsklasse bepalende individuele OCB wordt wél voldaan aan de minimumeis. In overleg met de ODWH is besloten dat deze leidend zijn voor de bodemkwaliteitskaart. Hierdoor hoeft voor de andere individuele OCB niet te worden voldaan aan de minimumeis van 30 meetgegevens. Na het samenstellen van de dataset voor de bodemkwaliteitskaart (§ 3.3.1), de voorbewerkingen (§ 3.3.3 en § 3.3.4), is gebleken dat het aantal gegevens voor veel niet-aaneengesloten deelgebieden niet voldoet. In een aantal gebieden betreft het tekort alleen waarnemingen voor de stoffen barium, kobalt, molybdeen en/of PCB. De Richtlijn bodemkwaliteitskaarten stelt dat in geval van dergelijke tekorten, de meetgegevens van verschillende deelgebieden voor deze stoffen mogen worden samengevoegd, mits de stoffen niet bepalend zijn voor de kwaliteitsklasse van de zones; voor PCB geldt dit enkel wanneer ook sprake is van een vergelijkbaar gehalte organisch stof. Hierbij zijn de volgende ranges van organisch stofgehalte vergelijkbaar beoordeeld; 0-4%, >4-8% en >8%.

In overeenstemming met de Richtlijn zijn de meetgegevens voor barium, kobalt, molybdeen daarom per bodemlaag samengevoegd. Omdat het buitengebied te afwijkende percentages organisch stof kent, zijn alleen de waarnemingen van de deelgebieden in de bebouwde kom samengevoegd. Na deze bewerking voldoen een aantal van de onderscheiden niet-aaneengesloten deelgebieden nog steeds niet aan de minimumeisen van de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten (niet-aaneengesloten deelgebieden minimaal 3 meetgegevens) en de aanvullend gestelde minimumeis voor PFAS-verbindingen (minimaal 5 meetgegevens per gemeente). De benodigde extra meetgegevens zijn verzameld door aanvullend bodemonderzoek uit te voeren. In § 3.6 is hier nader op ingegaan. SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 13/31

3.4.2 SPLITSEN VAN DEELGEBIEDEN Op stofniveau is bekeken of er een ruimtelijke clustering aanwezig is van hoge of lage gehalten. Op basis van ervaringen van WSP bij andere bodemkwaliteitskaarten is de ruimtelijke clustering onderzocht wanneer zware metalen, minerale olie en PFAS-verbindingen een variatiecoëfficiënt hoger dan 1,5 hebben en de stofgroepen PAK, PCB en bestrijdingsmiddelen een variatiecoëfficiënt hoger dan 2. Een hoge variatiecoëfficiënt is een indicatie van een mogelijke ruimtelijke clustering met hogere of lagere gehalten. De overzichten van de variatiecoëfficiënten staan in de bijlagen 4 (kolom ‘VC’). Hieruit blijkt, dat bij veel deelgebieden voor één of meer zware metalen, minerale olie, individuele bestrijdingsmiddelen, individuele PFAS-verbindingen en/of PAK sprake is van een hoge variatiecoëfficiënt. Bij de controle is gebleken dat in een aantal voorlopige deelgebieden sprake is van een ruimtelijke clustering van hoge gehalten: – In het voorlopig deelgebied Overige historische woonbebouwing concentreren de meer verontreinigde monsters zich in het oostelijk deel van de regio, voor zowel enkele metalen als PAK. De oude dorpskernen en lintbebouwingen in het veenweidegebied zijn duidelijk meer verontreinigd dan die in de rest van de regio, vermoedelijk als gevolg van de wijze waarin deze gebieden in het verleden zijn opgehoogd.

In overleg met de ODWH is besloten het deelgebied daarom te splitsen: de gemeenten Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Zoeterwoude enerzijds, en de overige gemeenten (Hillegom, Leiderdorp, Lisse, Oegstgeest en Teylingen) anderzijds. – In het voorlopig deelgebied Overig buitengebied was een duidelijke clustering van hoge gehalten van een aantal metalen aanwezig in Noordse Buurt. Hiervan is bekend dat het een voormalig kassengebied is, dat qua bodemkwaliteit niet overeen blijkt te komen met het omringende buitengebied. In overleg met de ODWH is besloten dit gebied uit te sluiten van de bodemkwaliteitskaart. – Het voorlopig deelgebied Buitengebied met toemaakdek is extra gecontroleerd op basis van de praktijkervaringen van de gemeenten. Er is geen reden aangetroffen om de begrenzing van deze zone te wijzigen. Er is weliswaar sprake van hoge variatiecoëfficiënten, maar er is geen sprake van een duidelijk patroon in hoge of lage gehalten binnen het deelgebied. De bestaande begrenzing is daarom gehandhaafd.

3.5 STAPPEN 2 EN 4: ONDERSCHEIDENDE GEBIEDSKENMERKEN EN INDELEN BODEMBEHEERGEBIED IN DEELGEBIEDEN (2/2) Op basis van een eerste berekening van de kwaliteit per voorlopig deelgebied is bepaald of de oorspronkelijke hypothese (onderscheid in bodemkwaliteit per deelgebied op basis van kenmerken van het gebied) juist is. Daarbij is vastgesteld dat de bodemkwaliteit in een sommige oorspronkelijk gedefinieerde voorlopige deelgebieden vergelijkbaar is. De beide voorlopige deelgebieden met bedrijventerreinen zijn dermate vergelijkbaar dat besloten is deze samen te voegen. In tabel 3.1 is een overzicht gegeven van de definitieve deelgebieden die op basis van kwaliteit en bodemfunctie zijn gedefinieerd en waarmee de uiteindelijke bodemkwaliteitskaart is opgesteld. De definitieve deelgebieden zijn tevens voorzien van een codering: ‘B’ (bovengrond) voor de bodemlaag vanaf het maaiveld t/m 0,5 meter diepte, ‘T’ (tussenlaag) voor de bodemlaag van 0,5 tot 1 meter diepte en ‘O’ (ondergrond) voor de bodemlaag van 1 tot 2 meter diepte. Het onderscheid tussen ‘T’ en ‘O’ is enkel van toepassing op de PFASverbindingen.

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 14/31

Tabel 3.1 Onderscheiden deelgebieden Voorlopige Voorlopig deelgebied kwaliteitsklasse Bodemlaag vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte Historische bebouwing Leiden Industrie Oude uitbreidingen Leiden Industrie Overige historische woonbebouwing

Industrie

Oudere woonbebouwing, sport en recreatie

Wonen

Recente woonbebouwing, sport en recreatie

Wonen

Oude bedrijfsterreinen (tot 1990) Landbouw/natuur Jonge bedrijfsterreinen (sinds 1990) Landbouw/natuur Buitengebied met toemaakdek Wonen Buitengebied overig Landbouw/natuur (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Hillegom, Industrie Lisse, Noordwijk, Oegstgeest en Teylingen (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Kaag en Industrie Braassem, Leiden, Leiderdorp, Nieuwkoop en Zoeterwoude PFAS-verbindingen Landbouw/natuur Bodemlaag vanaf 0,5 meter tot en met 2 meter diepte Historische bebouwing Leiden Wonen Oude uitbreidingen Leiden Wonen Overige historische woonbebouwing

Wonen

Oudere woonbebouwing, sport en recreatie

Landbouw/natuur

Recente woonbebouwing, sport en recreatie

Landbouw/natuur

Oude bedrijfsterreinen Jonge bedrijfsterreinen Buitengebied met toemaakdek Buitengebied overig (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk, Oegstgeest en Teylingen (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Kaag en Braassem, Leiden, Leiderdorp, Nieuwkoop en Zoeterwoude PFAS-verbindingen

Landbouw/natuur Landbouw/natuur Wonen Landbouw/natuur Industrie

Industrie Landbouw/natuur

Definitief deelgebied B1. Historische bebouwing Leiden B2. Oude uitbreidingen Leiden B3. Historische woonbebouwing Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Zoeterwoude B4. Overige historische woonbebouwing B5. Oudere woonbebouwing, sport en recreatie B6. Recente woonbebouwing, sport en recreatie B7. Bedrijventerreinen B8. Buitengebied met toemaakdek B9. Buitengebied overig B10. (Voormalige) (voormalige) tuinbouwen akkerbouwpercelen gemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk, Oegstgeest en Teylingen B11. (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Kaag en Braassem, Leiden, Leiderdorp, Nieuwkoop en Zoeterwoude B12. PFAS-verbindingen T1/O1. Historische bebouwing Leiden T2/O2. Oude uitbreidingen Leiden T3/O3. Historische woonbebouwing Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Zoeterwoude T4/O4. Overige historische woonbebouwing T4/O5. Oudere woonbebouwing, sport en recreatie T6/O6. Recente woonbebouwing, sport en recreatie T7/O7. Bedrijventerreinen T8/O8. Buitengebied met toemaakdek O9/O9. Buitengebied overig T10/O10. (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk, Oegstgeest en Teylingen T11/O11. (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Kaag en Braassem, Leiden, Leiderdorp, Nieuwkoop en Zoeterwoude T12. PFAS-verbindingen

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 15/31

3.6 STAP 6: VERZAMELEN AANVULLENDE INFORMATIE EN VASTSTELLEN DEFINITIEVE DEELGEBIEDEN / BODEMKWALITEITSZONES Zoals in § 3.4.1 is gesteld voldoen een aantal van de onderscheiden deelgebieden niet aan de minimumeisen van de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten (niet-aaneengesloten deelgebieden minimaal 3 meetgegevens) en de aanvullend gestelde minimumeis voor PFAS-verbindingen (minimaal 5 meetgegevens per gemeente). Om de niet-aaneengesloten deelgebieden te kunnen zoneren in de bodemkwaliteitskaart is aanvullend bodemonderzoek uitgevoerd [14]. De verkregen aanvullende meetgegevens zijn toegevoegd aan de dataset van de bodemkwaliteitskaart. Op de meetgegevens zijn voorbewerkingen uitgevoerd zoals zijn beschreven in § 3.3.3 en § 3.3.4. Er zijn hierbij geen aanvullende uitbijters aangetroffen en is de gebiedsindeling niet verder gewijzigd. Na het toevoegen van de aanvullende meetgegevens en uitgevoerde voorbewerkingen voldoen de deelgebieden aan de minimumeisen van de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten en de aanvullende minimumeisen voor PFAS-verbindingen. De deelgebieden worden daarom definitief vastgesteld. De definitieve deelgebieden worden de bodemkwaliteitszones van de regio. De bodemkwaliteitszones zijn afgebeeld op de kaartbijlagen B4.

3.7 STAP 7: KARAKTERISEREN BODEMKWALITEITSZONES De gemiddelde gehalten van de bodemkwaliteitszones (zie bijlage 4, kolom 'Gem') zijn getoetst aan de normen uit de Regeling bodemkwaliteit[15] (hierna ‘de Regeling’) en de normen uit het Handelingskader hergebruik PFAS-houdende grond en baggerspecie[7]. De toetsingsmethodiek voor het bepalen van de bodemkwaliteitsklasse is opgenomen in bijlage 1 onder het kopje ‘Bodemkwaliteitsklasse’. De bodemkwaliteitszones kunnen vallen in de bodemkwaliteitsklasse Landbouw/natuur (Achtergrondwaarden, AW2000), Wonen of Industrie. De bodemkwaliteitsklasse wordt samen met de bodemfunctieklasse gebruikt voor het bepalen van de toepassingseis (zie § 3.8.4). De toetsingsmethodiek voor het bepalen van de kwaliteitsklasse Wonen is voor de bodemkwaliteitsklasse minder streng dan de toetsingsmethodiek voor het bepalen van de ontgravingsklasse (zie ook § 3.8.3 en bijlage 1 onder het kopje ‘Ontgravingskaart’). Met de minder strenge toets wordt voorkomen dat de bodemkwaliteit van een gebied op basis van één stof wordt ingedeeld in de bodemkwaliteitsklasse ‘Industrie’. Dit zou in de praktijk de ongewenste situatie kunnen opleveren dat ook voor alle overige stoffen minder strenge regels gelden en de concentraties kunnen toenemen tot de maximale waarden voor de functie Industrie. Hierdoor verslechtert de kwaliteit van het gebied.

Dit kan zich met name voordoen bij licht verontreinigde industriegebieden. Deze situatie komt voor bij de bodemkwaliteitszones B1. Historische bebouwing Leiden, B2. Oude uitbreidingen Leiden en B3. Historische woonbebouwing Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Zoeterwoude. In tabel 3.2 is aangegeven in welke bodemkwaliteitsklasse iedere bodemkwaliteitszone valt. In de bijlage 4 zijn de gespecificeerde beoordelingen weergegeven. Controle saneringscriterium In de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten staat vermeld, dat voor elke bodemkwaliteitszone met een 95-percentielwaarde boven de interventiewaarde uit de Wet bodembescherming een controle op het saneringscriterium nodig is. Bij een overschrijding is het niet verantwoord om zonder partijkeuring grondverzet vanuit de betreffende zone te laten plaatsvinden. Deze situatie komt in de bodemkwaliteitszones B1 en T1/O1 Historische bebouwing Leiden (zie tabel 3.3). De gemeente Leiden heeft in de nota bodembeheer 2023[16] gebiedsspecifiek beleid opgesteld voor het graven in en toepassen van grond uit deze bodemkwaliteitszones. Daarom is geen verdere controle op het saneringscriterium uitgevoerd. SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 16/31

Heterogeniteit Naast de percentielwaarden en variatiecoëfficiënt is ook de heterogeniteit van de meetgegevens berekend, volgens de methodiek zoals beschreven onder het kopje ‘Heterogeniteit’ in bijlage 1. In bijna alle bodemkwaliteitszones is sprake van sterke heterogeniteit voor één of meerdere stoffen (zie tabel 3.2). De overzichten van de heterogeniteitsindex per stof en per bodemkwaliteitszone staan in de bijlagen 4 (kolom 'Heterogeniteit'). Wanneer de diffuse bodemkwaliteit in een bodemkwaliteitszone sterk heterogeen is verdeeld, is de betrouwbaarheid van het gemiddelde gehalte in de zone kleiner. Voor de bodemkwaliteitszone zijn ruim voldoende meetgegevens aanwezig om het gemiddelde gehalte (en dus de kwaliteit) goed te beschrijven. Hierdoor is de heterogeniteit geen aanleiding om aanvullend onderzoek voorafgaand aan het grondverzet te eisen. Tabel 3.2 Bodemkwaliteitsklasse en heterogeniteit per bodemkwaliteitszone en bodemlaag BODEMKWALITEITSKLASSE BODEMKWALITEITSZONE (OBV GEMIDDELDE)

KWALITEITSBEPALENDE STERKE STOF HETEROGENITEIT

Bodemlaag vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte # B1. Historische bebouwing Leiden

Wonen

Cadmium, koper, kwik, lood, zink, PAK

Koper, lood, zink, minerale olie

B2. Oude uitbreidingen Leiden

Wonen

Kwik, lood, zink, PAK

Lood, zink, minerale olie

B3. Historische woonbebouwing Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Zoeterwoude

Wonen

Koper, kwik, lood, zink, PAK

Koper, lood, zink, PAK, minerale olie

B4. Overige historische woonbebouwing, sport en recreatie

Wonen

Kwik, lood, zink, PAK

Lood, zink, minerale olie

B5. Oudere woonbebouwing, sport en recreatie

Wonen

Kwik, lood, zink, PAK

Zink, minerale olie

Bodemlaag vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte # B6. Recente woonbebouwing, sport en recreatie

Landbouw/natuur

-

Nikkel

B7. Bedrijventerreinen

Landbouw/natuur

-

Nikkel

B8. Buitengebied met toemaakdek

Wonen

Koper, kwik, lood, zink, PAK

Koper, lood, minerale olie

B9. Buitengebied overig

Landbouw/natuur

-

-

Industrie

α-endosulfaan, chloordaan, drins (som3), α-HCH, β-HCH, heptachloor, heptachloorepoxide

Drins (som3)

B11. (Voormalige) tuinbouwen akkerbouwpercelen gemeenten Kaag en Braassem, Industrie Leiden, Leiderdorp, Nieuwkoop en Zoeterwoude

chloordaan, heptachloorepoxide

Drins (som3)

B12. PFAS-verbindingen

-

PFOS (totaal, lineair)

B10. (Voormalige) tuinbouwen akkerbouwpercelen gemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk, Oegstgeest en Teylingen

Landbouw/natuur

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 17/31

BODEMKWALITEITSKLASSE BODEMKWALITEITSZONE (OBV GEMIDDELDE)

KWALITEITSBEPALENDE STERKE STOF HETEROGENITEIT

Bodemlaag vanaf 1 meter tot en met 2 meter diepte T1/O1. Historische bebouwing Leiden

Wonen

Koper, kwik, lood, nikkel, zink, Koper, lood, nikkel, zink PAK

T2/O2. Oude uitbreidingen Leiden

Wonen

Kwik, lood, nikkel, zink, PAK

Koper, lood, nikkel, zink

T3/O3. Historische woonbebouwing Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Zoeterwoude

Wonen

Koper, kwik, lood, zink, PAK

Lood, zink, PAK, minerale olie

T4/O4. Overige historische woonbebouwing, sport en recreatie

Wonen

Kwik, lood, PAK

Minerale olie

T5/O5. Oudere woonbebouwing, sport en recreatie

Wonen

Kwik, lood, PAK

Nikkel

T6/O6. Recente woonbebouwing, sport en recreatie

Landbouw/natuur

-

Nikkel

T7/O7. Bedrijventerreinen

Landbouw/natuur

-

Nikkel

T8/O8. Buitengebied met toemaakdek

Wonen

Kwik, lood, molybdeen, PAK

Minerale olie

T9/O9. Buitengebied overig

Landbouw/natuur

-

Nikkel

T10/O10. (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Industrie Hillegom, Lisse, Noordwijk, Oegstgeest en Teylingen

α-endosulfaan, chloordaan, drins (som3), α-HCH, βDrins (som3) HCH, γ-HCH, heptachloor, heptachloorepoxide, DDD

T11/O11. (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Wonen Kaag en Braassem, Leiden, Leiderdorp, Nieuwkoop en Zoeterwoude

chloordaan, α-HCH, β-HCH, γ-HCH, heptachloor

-

T12. PFAS-verbindingen #

-

PFOS (totaal, lineair)

#

Landbouw/natuur

De gemiddelde waarden van de PFAS-verbindingen zijn lager dan de voorlopige landelijke achtergrondwaarden vastgesteld, maar voor een aantal PFAS-verbindingen boven de bepalingsgrens.

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 18/31

3.8 STAP 8: BODEMKWALITEIT 3.8.1 INLEIDING De bodemkwaliteitskaart bestaat uit drie hoofdkaarten: 1. Een kaart met uitgesloten locaties en gebieden. 2. De ontgravingskaart. 3. De toepassingskaart. In de volgende paragrafen wordt nader ingegaan op de hoofdkaarten.

3.8.2 KAART MET UITGESLOTEN LOCATIES EN GEBIEDEN De volgende locaties en gebieden zijn uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart: • Rijkswegen, provinciale wegen, spoorgebonden gronden inclusief de (spoor)wegbermen (andere beheerorganisatie). • Defensieterreinen (andere beheerorganisatie). • Locaties met, of die verdacht zijn voor, een sterke bodemverontreiniging als gevolg van een lokale bron, inclusief: — locaties waar vanwege (bedrijfs)activiteiten PFAS-verbindingen in verhoogde gehalten in de bodem kunnen voorkomen (PFAS producerende en verwerkende bedrijven, inzet blusschuim en secundaire bronnen). — (Voormalige) stortplaatsen (specifiek voor wat betreft de ontgravingskaart). — Rioolwaterzuiveringsinstallaties (RWZI) en afvalwaterzuiveringsinstallaties (AWZI) (specifiek voor wat betreft de ontgravingskaart). • Gesaneerde locaties in het kader van de Wet bodembescherming (specifiek voor wat betreft de ontgravingskaart). • Noordse Buurt (gemeente Nieuwkoop). • De bodemlaag 0-1 m-mv van een deel van het duingebied is verdacht voor diffuus verhoogde gehalten aan PFAS-verbindingen als gevolg van een effect dat wordt omschreven als ‘Global Sea Spray’. • Waterbodems: ander bevoegd gezag — Rijkswateren: Rijkswaterstaat, met uitzondering van de drogere oevergebieden die zijn gedefinieerd en aangewezen in de Waterregeling.

— overige wateren: Hoogheemraadschap van Rijnland (binnen gemeente Nieuwkoop: tevens Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden en Waterschap Amstel, Gooi en Vecht). • De bodemlaag dieper dan 2,0 meter onder het maaiveld. • Het grondwater. De ligging van de bovenstaande uitgesloten locaties en gebieden zijn, soms vanwege het dynamische karakter of het relatief kleine oppervlak van het gebied, niet op de kaarten weergegeven. Informatie over deze locaties kan worden achterhaald via de website van het landelijk bodemloket (https://www.bodemloket.nl/) én het Bodem Informatie Punt van de Omgevingsdienst West-Holland (https://www.odwh.nl/themas/bodem/bodem-informatie-punt/).

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 19/31

3.8.3 ONTGRAVINGSKAART De ontgravingskaart geeft de te verwachten kwaliteit aan van de eventueel te ontgraven grond op een voor de bodemkwaliteitskaart niet uitgesloten locatie/gebied. Deze kaart mag onder bepaalde voorwaarden worden gebruikt als bewijsmiddel voor de chemische kwaliteit van te ontgraven grond, als deze grond elders nuttig wordt toegepast. Voorafgaand aan het grondverzet moet altijd informatie worden achterhaald waaruit blijkt dat de locatie onderdeel uitmaakt van de bodemkwaliteitskaart. In de nota bodembeheer [16] wordt hier nader op ingegaan. De kaart doet alleen een uitspraak over welke kwaliteit in het algemeen verwacht mag worden. De kwaliteit van een individuele partij kan daarvan afwijken. De ontgravingskwaliteit is net als de bodemkwaliteitsklasse gebaseerd op het gemiddelde gehalte van een bodemkwaliteitszone (zie de bijlagen 4, kolom 'Gem') en getoetst aan de toetsingswaarden uit de Regeling en de normen uit het Handelingskader hergebruik PFAS-houdende grond en baggerspecie. Om het standstill-principe voor de bodemkwaliteit op gebiedsniveau te kunnen waarborgen, is de toetsing voor de klasse Wonen voor het bepalen van de ontgravingskwaliteit strenger dan voor het bepalen van de bodemkwaliteit (zie ook § 3.7). De toetsingsmethodiek is opgenomen in bijlage 1 onder het kopje ‘Ontgravingskaart’, ter vergelijking zie ook het kopje ‘Bodemkwaliteitsklasse’.

In tabel 3.3 is de te verwachten ontgravingsklasse per bodemkwaliteitszone aangegeven. De ontgravingskaart per bodemlaag is opgenomen in de kaartbijlagen B5. De kleuren in tabel 3.3 komen overeen met de gebruikte kleuren op de kaartbijlagen. Tabel 3.3 Verwachte ontgravingsklasse per bodemkwaliteitszone ONTGRAVINGSKLASSE BODEMKWALITEITSZONE GENERIEK KADER

KWALITEITSBEPALENDE STOF

95-PERCENTIELWAARDE > INTERVENTIEWAARDE

Bodemlaag vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte # B1. Historische bebouwing Leiden

Industrie

Lood, zink

Lood, zink

B2. Oude uitbreidingen Leiden

Industrie

Zink

-

B3. Historische woonbebouwing Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Zoeterwoude

Industrie

Zink, PAK

-

Bodemlaag vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte # B4. Overige historische woonbebouwing, sport en recreatie

Wonen

Kwik, lood, zink, PAK

-

B5. Oudere woonbebouwing, sport en recreatie

Wonen

Kwik, lood, zink, PAK

-

B6. Recente woonbebouwing, sport en recreatie

Landbouw/natuur

-

-

B7. Bedrijventerreinen

Landbouw/natuur

-

-

B8. Buitengebied met toemaakdek

Wonen

Koper, kwik, lood, zink, PAK

-

B9. Buitengebied overig

Landbouw/natuur

-

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 20/31

ONTGRAVINGSKLASSE BODEMKWALITEITSZONE GENERIEK KADER

KWALITEITSBEPALENDE STOF

B10. (Voormalige) tuinbouwen akkerbouwpercelen gemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk, Oegstgeest en Teylingen

Industrie

α-endosulfaan, chloordaan, drins (som3), α-HCH, β-HCH, heptachloor, heptachloorepoxide

B11. (Voormalige) tuinbouwen akkerbouwpercelen gemeenten Kaag en Braassem, Industrie Leiden, Leiderdorp, Nieuwkoop en Zoeterwoude

Chloordaan, heptachloorepoxide -

B12. PFAS-verbindingen #

-

-

Landbouw/natuur

95-PERCENTIELWAARDE > INTERVENTIEWAARDE

Bodemlaag vanaf 0,5 meter tot en met 2 meter diepte # T1/O1. Historische bebouwing Leiden

Wonen

Koper, kwik, lood, nikkel, zink, PAK

Lood

T2/O2. Oude uitbreidingen Leiden

Wonen

Kwik, lood, nikkel, zink, PAK

-

T3/O3. Historische woonbebouwing Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Zoeterwoude

Wonen

Koper, kwik, lood, zink, PAK

-

T4/O4. Overige historische woonbebouwing, sport en recreatie

Wonen

Kwik, lood, PAK

-

T5/O5. Oudere woonbebouwing, sport en recreatie

Wonen

Kwik, lood, PAK

-

T6/O6. Recente woonbebouwing, sport en recreatie

Landbouw/natuur

-

-

T7/O7. Bedrijventerreinen

Landbouw/natuur

-

-

Bodemlaag vanaf 0,5 meter tot en met 2 meter diepte # T8/O8. Buitengebied met toemaakdek

Wonen

Kwik, lood, molybdeen, PAK

-

T9/O9. Buitengebied overig

Landbouw/natuur

-

-

α-endosulfaan, chloordaan, α-HCH, β-HCH, heptachloor, heptachloorepoxide

-

T10/O10. (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Industrie Hillegom, Lisse, Noordwijk, Oegstgeest en Teylingen

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 21/31

ONTGRAVINGSKLASSE BODEMKWALITEITSZONE GENERIEK KADER

KWALITEITSBEPALENDE STOF

T11/O11. (Voormalige) tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Industrie Kaag en Braassem, Leiden, Leiderdorp, Nieuwkoop en Zoeterwoude

chloordaan, heptachloorepoxide -

T12. PFAS-verbindingen #

-

#

Landbouw/natuur

95-PERCENTIELWAARDE > INTERVENTIEWAARDE

-

De gemiddelde waarden van de PFAS-verbindingen in de bodemlaag vanaf het maaiveld tot en met 1 meter diepte zijn lager dan de voorlopige landelijke achtergrondwaarden vastgesteld, maar voor een aantal PFAS-verbindingen boven de bepalingsgrens. Dit leidt mogelijk tot beperkingen bij het toepassen van grond in waterwin- en grondwaterbeschermingsgebieden.

3.8.4 TOEPASSINGSKAART De toepassingskaart is opgesteld aan de hand van de vastgestelde bodemkwaliteitsklasse en de (toekomstige) functie van de het gebied. Op basis van deze dubbele toets, waarbij de strengste eis doorslaggevend is, wordt voor elke bodemkwaliteitszone de toepassingseis vastgesteld (zie bijlage 1 onder het kopje ‘Toepassingseis kwaliteit toe te passen grond op of in de bodem’). Voorafgaand aan het grondverzet moet altijd informatie worden achterhaald waaruit blijkt dat de locatie onderdeel uitmaakt van de bodemkwaliteitskaart. In de nota bodembeheer [16] wordt hier nader op ingegaan. In tabel 3.4 is de toepassingseis volgens het generieke kader van het Besluit per bodemkwaliteitszone aangegeven. In de kaartbijlagen B6 staat per bodemlaag aangegeven welke toepassingseis er geldt. De kleuren in tabel 3.4 komen overeen met de gebruikte kleuren op kaartbijlage B2 (bodemfunctieklassenkaart) en de kaartbijlagen B6 (toepassingskaarten).

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 22/31

Tabel 3.4 Toepassingseisen per combinatie (voorkomende) bodemfunctie- en bodemkwaliteitsklasse conform het generieke kader van het Besluit en het Handelingskader hergebruik PFAS-houdende grond en baggerspecie. VOORKOMENDE BODEMKWALITEITSZONE BODEMFUNCTIES

TOEPASSINGSEIS BODEMKWALITEITSKLASSE GENERIEK KADER

Bodemlaag vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte B1. Historische bebouwing Leiden

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Industrie B2. Oude uitbreidingen Leiden Wonen B3. Historische woonbebouwing Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Zoeterwoude B4. Overige historische woonbebouwing

Industrie Wonen Industrie Wonen Industrie

B5. Oudere woonbebouwing, sport en recreatie

Wonen Wonen

Wonen Landbouw/natuur

Landbouw/natuur B6. Recente woonbebouwing, sport en recreatie

Industrie Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Wonen Industrie

B7. Bedrijventerreinen Wonen B8. Buitengebied met toemaakdek

Wonen

Wonen Wonen

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Industrie B9. Buitengebied overig

Wonen

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur B10. (Voormalige) tuinbouwen akkerbouwpercelen gemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk, Oegstgeest en Teylingen

Industrie Wonen

Industrie Industrie

Landbouw/natuur

B11. (Voormalige) tuinbouwIndustrie en akkerbouwpercelen gemeenten Kaag en Braassem, Wonen Leiden, Leiderdorp, Nieuwkoop Landbouw/natuur en Zoeterwoude

Wonen Landbouw/natuur Industrie

Industrie

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

Wonen Landbouw/natuur

WSP 2 mei 2023 pagina 23/31

VOORKOMENDE BODEMKWALITEITSZONE BODEMFUNCTIES

TOEPASSINGSEIS BODEMKWALITEITSKLASSE GENERIEK KADER

Bodemlaag vanaf het maaiveld tot en met 0,5 meter diepte Industrie Industrie/wonen @ B12. PFAS-verbindingen

Wonen

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur @

Bodemlaag vanaf 0,5 meter tot en met 2 meter diepte T1/O1. Historische bebouwing Leiden T2/O2. Oude uitbreidingen Leiden T3/O3. Historische woonbebouwing Kaag en Braassem, Nieuwkoop en Zoeterwoude T4/O4. Overige historische woonbebouwing

T5/O5. Oudere woonbebouwing, sport en recreatie T6/O6. Recente woonbebouwing, sport en recreatie T7/O7. Bedrijventerreinen

T8/O8. Buitengebied met toemaakdek

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Wonen

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Industrie Wonen Industrie Wonen Industrie Wonen Industrie Wonen Landbouw/natuur Industrie Wonen Industrie Wonen Wonen

Wonen Wonen

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Industrie T9/O9. Buitengebied overig

Wonen

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur T10/O10. (Voormalige) Industrie tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Wonen Hillegom, Lisse, Noordwijk, Landbouw/natuur Oegstgeest en Teylingen

Industrie Industrie

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

Wonen Landbouw/natuur

WSP 2 mei 2023 pagina 24/31

VOORKOMENDE BODEMKWALITEITSZONE BODEMFUNCTIES

TOEPASSINGSEIS BODEMKWALITEITSKLASSE GENERIEK KADER

Bodemlaag vanaf 0,5 meter tot en met 2 meter diepte T11/O11. (Voormalige) Industrie tuinbouw- en akkerbouwpercelen gemeenten Wonen Kaag en Braassem, Leiden, Leiderdorp, Nieuwkoop en Landbouw/natuur Zoeterwoude

Wonen Wonen Landbouw/natuur

Industrie Industrie/Wonen @ T12. PFAS-verbindingen

Wonen

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur

Landbouw/natuur @

@ De toepassingseisen voor PFAS-houdende grond zijn: Toepassingseis Landbouw/natuur: Landelijke achtergrondwaarden. Toepassingseis Industrie en Wonen: PFOA: 7,0 µg/kg ds, en andere PFAS-verbindingen: 3,0 µg/kg ds.

3.9 BIJZONDERE OMSTANDIGHEDEN De bodemkwaliteitskaart doet geen uitspraak over de kwaliteit van de bodem ter plaatse van voor bodemverontreiniging verdachte locaties, locaties met lokale verontreinigingen, gesaneerde locaties of locaties met onvoorziene visuele waarnemingen (bodemvreemde materialen, kleur, geur). Op deze locaties wordt een afwijkende (slechtere of betere) bodemkwaliteit dan in de omgeving verwacht. Daarom moet voorafgaand aan het grondverzet altijd informatie worden achterhaald waaruit blijkt of de locatie onderdeel uitmaakt van de bodemkwaliteitskaart. In de nota bodembeheer[16] wordt hier nader op ingegaan. Ook door de provincie aangewezen beschermingsgebieden vallen onder locaties met bijzondere omstandigheden voor grondverzet. Voorafgaand aan grondverzet moet zowel voor de ontgravingslocatie als op de toepassingslocatie worden nagegaan of er naar aanleiding van de ligging in één of meerdere beschermingsgebieden restricties zijn ten aanzien van het grond- en baggerverzet. Voorbeelden hiervan zijn gebieden met archeologische, cultuurhistorische, of aardkundige waarden, Natura2000-gebieden of gebieden die onderdeel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland (NNN, voormalige EHS): https://www.zuid-holland.nl/.

SOB015939 – Bodemkwaliteitskaart 10 gemeenten in regio West-Holland SOB015939.RAP002 Opdrachtgever: Omgevingsdienst West-Holland namens 10 gemeenten in de regio West-Holland

WSP 2 mei 2023 pagina 25/31

4 SAMENVATTING EN CONCLUSIES Voor de gemeenten Hillegom, Kaag en Braassem, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Oegstgeest, Teylingen en Zoeterwoude (zie kaartbijlage B1) zijn de eerder opgestelde bodemfunctieklassenkaarten aangepast. Oók is een gezamenlijke bodemkwaliteitskaart opgesteld. Recentelijk zijn voor drie plangebieden in de gemeente Noordwijk bodemkwaliteitskaarten en bodembeheernota’s bestuurlijk vastgesteld: — Plangebied Offem-Zuid in Noordwijk fase 1 [8] en 3 [9]. — Plangebied Offem-Zuid in Noordwijk fase 2 [10]. — Plangebied Bronsgeest in Noordwijk[11]. Voor een gebied mag van rechtswege maar één bodemkwaliteitskaart bestuurlijk zijn vastgesteld. Om deze reden komen met het bestuurlijk vaststellen van deze bodemkwaliteitskaart de eerder bestuurlijk vastgestelde bodemkwaliteitskaarten voor de drie plangebieden in Noordwijk te vervallen. De eerder bestuurlijk vastgestelde bodemkwaliteitskaarten zijn integraal opgenomen in deze gezamenlijke bodemkwaliteitskaart (zie tabel 4.1 en de kaartbijlagen). Hierdoor is er voor de drie plangebieden in Noordwijk nog steeds sprake van een geldige bodemkwaliteitskaart. Op de bodemfunctieklassenkaart wordt de ligging van gebieden met de bodemfuncties 'Industrie', 'Wonen' en ‘Landbouw/natuur’ weergegeven.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1585/documents/20500