3. Brief werkgroep aan bestuur Gr'en over FKGR HM voor begrotingen 2024.pdf
Tekst van het document
Ambtelijke werkgroep financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen Hollands Midden
Dagelijks en Algemeen Besturen van de Gemeenschappelijke Regelingen in de Regio Hollands-Midden Ter attentie van de secretaris
17 november.2022 Ons kenmerk Z/22/3465167 Onderwerp Financiële kaderstellingen gemeenschappelijke regelingen Hollands-Midden voor begrotingen 2024 Datum
Hans Smit Doorkiesnummer 06-52443174 Contactpersoon
Geacht Bestuur Met de “Financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen” beschikken de gemeenten in de regio Hollands-Midden sinds 2010 over een gedragen instrument om, met alle gemeenschappelijke regelingen waarin zij deelnemen, uniforme afspraken te maken over indexering en algemene taakstelling voor de op te stellen begrotingen. De voormalig voorzitter van de bestuurlijke werkgroep financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen, wethouder Bunnik van de gemeente Gouda, heeft aan Wethouder Van der Zwet van de gemeente Lisse gevraagd het voorzitterschap van de bestuurlijke werkgroep over te nemen. Dat verzoek heeft hij afgelopen week geaccepteerd. Omdat de termijn waarop het financieel kader voor de komende begroting 2024 bekend moet worden gemaakt is verstreken (1 november) stuur ik u een financieel technische berekening van de indexering voor 2024. Dit is overeenkomstig de bestaande afspraken over het financieel kader gemeenschappelijke regelingen 2020. De kaderstelling voor de begroting 2024 is op 27 oktober 2022 in de ambtelijke werkgroep Financiële Kaderstelling Gemeenschappelijke Regelingen (FKGR) van de gemeenten in Hollands Midden besproken.
Samenvatting financiële kaderstelling 2024 1. De geadviseerde prijsindexatie voor 2024 bedraagt 6,4% voor beloning werknemers en 9% voor netto materieel. Op 27 oktober 2022 is de ambtelijke werkgroep FKGR bijeen geweest. Daarbij is de indexering voor 2024 zoals deze in 2020 is opgezet en is vastgesteld door de bestuurlijke werkgroep FKGR bepaald. Dit ambtelijk advies dient nu als kader voor 2024. De systematiek betreft een waardevaste indexering. Hierbij wordt de indexering voor 2024 gecorrigeerd voor ontwikkelingen in het jaar 2022 en 2023, zoals deze worden aangegeven in de laatst bekende septembercirculaire; de septembercirculaire 2022.
Datum Kenmerk Pagina
17 november 2022 Z/22/3465167 2/8
In bijlage I is te zien, dat deze systematiek leidt tot correcties op zowel de indexering van personele als de indexering van materiële lasten. De indexering van personele lasten wordt gecorrigeerd met 2,5% (tot 6,4%), de indexering van materiële lasten wordt gecorrigeerd met 6,6% (tot 9,0%). De indexpercentages liggen fors hoger dan de percentages van 2023, mede door de bovenstaande correcties. 2. Taakstellingen. De positieve ontwikkeling van het gemeentefonds t/m 2025 geeft nu geen aanleiding om een aanvullende taakstelling op te leggen. Vanaf 2025 heeft het Rijk de zgn. Samen de trap op – en af afspraak buiten werking gesteld. Hierdoor wordt het gemeentefonds vooralsnog vanaf 2026 niet meer structureel gecompenseerd voor de groei van bijvoorbeeld het aantal inwoners. Deze ontwikkeling maakt de financiële positie vanaf 2025 voor gemeenten zeer onzeker. Over hoe hiermee om te gaan overleggen de portefeuillehouders financiën begin 2023. 3. Informatiebijeenkomsten voor betrokken financiële ambtenaren. Ik verzoek u om in de aanloop van de opstelling van financiële kadernota’s en begrotingen tijdig informatiebijeenkomsten met de betrokken financiële ambtenaren te organiseren. Dit kan het uiteindelijke besluitvormingsproces aanzienlijk bevorderen doordat veel vragen al in een vroeg stadium zijn beantwoord.
Met vriendelijke groet, Namens de ambtelijke werkgroep financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen
Hans Smit Voorzitter (Financieel adviseur concernfinanciën gemeente Leiden)
Datum Kenmerk Pagina
17 november 2022 Z/22/3465167 3/8
Bijlage 1.
Datum Kenmerk Pagina
17 november 2022 Z/22/3465167 4/8
Bijlage 2 Financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen Hollands-Midden voor begrotingen 2024 Beschrijving financiële kaderstelling NR KADERSTELLING 2023 A INDEXERING 1. De indexering voor 2023 wordt gecorrigeerd voor ontwikkelingen in het jaar 2021 en 2022.. Deze correctie wordt dan toegepast op het indexpercentage voor 2023.
WIJZIGING KADERSTELLING 2024 De indexering voor 2024 wordt gecorrigeerd voor ontwikkelingen in het jaar 2022 en 2022.. Deze correctie wordt dan toegepast op het indexpercentage voor 2024.
Voor arbeid: • de Prijsoverheidsconsumptie werknemers beloning werknemers (2023: 3,7%, hierin is een correctie verwerkt voor 2021 en 2022 van 1,7% )
Voor arbeid: • de Prijsoverheidsconsumptie werknemers beloning werknemers (2024: 6,4%, hierin is een correctie verwerkt voor 2022 en 2023 van 2,5% )
economische categorie: 1.1 Salarissen en sociale lasten
economische categorie: 1.1 Salarissen en sociale lasten
Voor materieel (inclusief investeringen) • de Prijs overheidsconsumptie, netto materieel (imoc) (2023: 2,5% hierin is een correctie verwerkt voor 2021 en 2022 van 1,0%)
Voor materieel (inclusief investeringen) • de Prijs overheidsconsumptie, netto materieel (imoc) (2023: 9,0% hierin is een correctie verwerkt voor 2022 en 2023 van 6,6%)
economische categorieën: 3.2 (duurzame goederen) 3.5.1 (ingeleend personeel) 3.8 (overige goederen en diensten) 4.3.x (inkomensoverdrachten)
economische categorieën: 3.2 (duurzame goederen) 3.5.1 (ingeleend personeel) 3.8 (overige goederen en diensten) 4.3.x (inkomensoverdrachten)
2.
De indexering moet worden toegepast over de bijdrage van de gemeenten (per inwoner) of een andere van toepassing zijnde verrekengrondslag naar de verhouding tussen de loonkosten (cat. 1.1), de materiële kosten (cat. 3.2, 3.5.1, 3.8 en 4.3.x) en de kosten die niet worden geïndexeerd (overige categorieën).
Ongewijzigd
3.
De meerjarenraming bij voorkeur op te stellen op basis van constante prijzen. Indien de gemeenschappelijke regeling zijn
Ongewijzigd
4.
Ongewijzigd
Datum Kenmerk Pagina
17 november 2022 Z/22/3465167 5/8
NR
KADERSTELLING 2023 meerjarenraming in lopende prijzen opstelt, de gemeenschappelijke regeling te verzoeken ter informatie ook een overzicht van de meerjarenraming te leveren op basis van constante prijzen. B TAAKSTELLING 5. De gemeenschappelijke regelingen een uniforme taakstelling mee te geven ten opzichte van de meerjarenraming 2020-2023.
WIJZIGING KADERSTELLING 2024
Ongewijzigd
De taakstelling wordt alleen geëffectueerd bij een verwachte – in de betreffende 4 – jaarsperiode – gemiddelde krimp van het Gemeentefonds van circa 2% per jaar of meer. Bij een gemiddelde jaarlijkse krimp van het Gemeentefonds van circa 2% per jaar of meer wordt een nieuwe algemene taakstelling voor de begroting (t) opgelegd ter grootte van het reële krimppercentage van de Algemene uitkering in jaar (t) Nieuw m.i.v. 2017 is dus de introductie van een drempelpercentage. De toevoeging van “circa” beoogt aan te geven dat deze drempel van 2% per jaar geen absoluut gegeven is. Deze 2% is een richtgetal1, dat de bestuurlijke klankbordgroep jaarlijks hanteert bij haar beoordeling van of de gemeenten te maken hebben van een materiële achteruitgang van het Gemeentefonds, waarvoor een bijdrage van de gemeenschappelijke regelingen aan deze achteruitgang – indachtig de uitgangspunten van dit instrument – op zijn plaats is.
6. 7.
De taakstelling bedraagt voor de begroting 2023 0,00% ten opzichte van 2022 Het mechanisme binnen de financiële kaderstelling waarbij de omvang van de financiële bijdragen van gemeenten aan gemeenschappelijke regelingen zijn gekoppeld aan de algemene, reële ontwikkeling van het Gemeentefonds blijft
De taakstelling bedraagt voor de begroting 2024 0,00% ten opzichte van 2023 Ongewijzigd
1 In het theoretische geval dat de totale krimp van het Gemeentefonds over 4 jaar bijvoorbeeld 7,9% zou bedragen, zou
bij het hanteren van een absolute drempel van gemiddeld 2% of meer per jaar geen bijdrage van de gemeenschappelijke regelingen aan deze achteruitgang van het Gemeentefonds gevraagd kunnen worden. Dit terwijl 7,9% over 4 jaar toch zeker als materieel (wezenlijk) aangemerkt kan worden. Door te stellen dat voor het drempelpercentage wordt uitgegaan van een richtgetal, beoogt het bestuurlijk financieel overleg te voorkomen dat door een te rigide formulering van deze kaderstelling niet in de geest van dit instrument gehandeld kan worden.
Datum Kenmerk Pagina
NR
17 november 2022 Z/22/3465167 6/8
KADERSTELLING 2023 gehandhaafd.
WIJZIGING KADERSTELLING 2024
Met de introductie van een drempelpercentage voor de inwerkingtreding van een nieuwe taakstelling wordt de werking van het instrument met het oog op de wisselvallige ontwikkeling van het Gemeentefonds gedempt om daarmee financiële rust richting de gemeenschappelijke regelingen te kunnen bieden. Pas bij materiële (wezenlijke achteruitgang van het Gemeentefonds van gemiddeld circa 2% per jaar of meer over de voorliggende vierjaarsperiode wordt weer een bijdrage van de gemeenschappelijke regelingen gevraagd. Opwaartse aanpassingen (“trap-op?”) van gemeentelijke bijdragen aan gemeenschappelijke regelingen anders dan uit hoofde van de vaststelling van de toegestane prijscompensatie vallen buiten de scope van dit instrument Opwaartse aanpassingen van de gemeentelijke bijdragen kunnen alleen voortkomen uit specifieke besluitvorming hierover in de afzonderlijke Algemeen Besturen van de GR-en. 8. De taakstelling is van toepassing op de bijdrage per inwoner of ene andere verrekengrondslag zoals kostprijs product of uurtarief. 9. Het gaat om een reële verlaging van de bijdrage, dus onder verrekening van de prijsontwikkeling op basis van de index BBP en taakwijziging C IMPLEMENTATIE & RAPPORTAGE 10 Aan de gemeenschappelijke regeling te verzoeken zelf aan te tonen hoe de taakstelling gerealiseerd kan worden 11 De bezuinigingslijn is standaard.
Indien een gemeenschappelijke regeling een zwaarwegende reden heeft om deze taakstelling niet haalbaar of reëel te achten, doet zij hiervan een actieve melding in het bestuur van de gemeenschappelijke regeling. De uitzondering vraagt dus om bewijsvoering De gemeenschappelijke regeling meldt uiterlijk 31 januari van (t-1) aan de deelnemers of zij de taakstelling voor
Ongewijzigd
Ongewijzigd
Ongewijzigd
Ongewijzigd
Datum Kenmerk Pagina
NR
12.
13
14
15
17 november 2022 Z/22/3465167 7/8
KADERSTELLING 2023 begroting jaar (t) gaat realiseren in de komende begroting. In het geval dat de gemeenschappelijke regeling de taakstelling geheel of gedeeltelijk niet kan realiseren, geeft zij dat gemotiveerd aan. Deze financiële kaderstelling gemeenschappelijke regelingen is zonder uitzondering op tenminste onderstaande gemeenschappelijke regelingen in de regio Hollands-Midden van toepassing: Veiligheidsregio Hollands MIdden Samenwerkingsorgaan Holland-Rijnland GR Regio Midden-Holland Omgevingsdienst West-Holland Omgevingsdienst Midden-Holland Regionale dienst Openbare gezondheidszorg/GGD Belastingsamenwerking Gouwe-Rijnland (BSGR) Een positief rekeningresultaat vloeit in beginsel terug naar de deelnemers De toevoeging van de “in beginsel” beoogt alleen aan te geven dat dit instrument weliswaar een kader stelt aan de omvang van de Algemene reserves en bestemming van mogelijk positieve rekening resultaten . maar dat de definitieve besluitvorming over reservevorming en bestemming blijft voorbehouden aan de afzonderlijke Algemeen Besturen van de gemeenschappelijke regelingen. De gemeenschappelijke regelingen nemen in hun begrotingen en jaarrekeningen een paragraaf op over de toepassing van het kader en de ontwikkeling van het eigen vermogen
De gemeenschappelijke regelingen nemen in hun begrotingen en jaarrekeningen een paragraaf op over de toepassing van de in het kader vastgestelde indexering verdeeld naar economische categorieën. De wegingsfactor van de economische categorieën wordt telkens op basis van de meest recent beschikbaar gekomen jaarrekening voor een periode van 4 jaar vastgesteld (2020 t/m 2023; 2024 t/m 2027; etc.).
WIJZIGING KADERSTELLING 2024
Ongewijzigd
Ongewijzigd
Ongewijzigd.
Ongewijzigd
Datum Kenmerk Pagina
NR
17 november 2022 Z/22/3465167 8/8
KADERSTELLING 2023 Index Beloning werknemers Netto materieel Overige (niet geïndexeerd) Gewogen gemiddelde indexatie
16
WIJZIGING KADERSTELLING 2024
wegingsfactor xx% xx% xx%
indexatie
100%
10x,x
10x,x 10x,x 10x,x
De gemeenschappelijke regelingen nemen in hun begrotingen en jaarrekeningen een risicoparagraaf op. In deze paragraaf lichten zij de risico’s toe in relatie tot de omvang van het weerstandsvermogen. Risico
Kans
aaa aaa aaa
xx% xx% xx%
Risicobedrag € xx.xxx € xx.xxx € xx.xxx
Weerstandsvermogen € xx.xxx € xx.xxx € xx.xxx
Toelichting aaa aaa aaa
Indien sprake is van een te hoge algemene reserve ten opzichte van het benodigd weerstandsvermogen (risico’s) wordt in begrotingen en jaarrekeningen gemotiveerd of dit overschot in de algemene reserve vrij besteedbaar is.n.v.t.
Ongewijzigd