2. Geweld Thuis Samen Aanpakken - Regiovisie Aanpak Huiselijk Geweld Hollands Midden.pdf
Tekst van het document
Geweld Thuis Samen Aanpakken Regiovisie Aanpak Huiselijk Geweld Hollands Midden 2024 - 2028
Versie voor inspraak, 24 oktober 2024
1
Geweld thuis samen aanpakken Regiovisie aanpak huiselijk geweld Hollands Midden 2024-2028
Centrale a
mb iti
e
Uitgangspunten
Huiselijk geweld
Doen wat nodig is Elkaars expertise vertrouwen
Adequaat reageren en duurzaam stoppen
Voorkomen
Praten mét betrokkenen
Het gezin staat centraal
Zo vroeg mogelijk signaleren
Inzetten ervaringsdeskundigen
Werken volgens een gezamenlijke visie
Actielijnen
Samenwerken en duurzaam oplossen
Regio Hollands Midden
Preventie en vroegsignalering
Specifieke aandacht • Gendergerelateerd geweld • Ouderenmishandeling • Complexe scheidingen
Inhoud 1 Inleiding ........................................................................................................................................... 4 Gezamenlijke voorbereiding............................................................................................................ 4 Leeswijzer ....................................................................................................................................... 4 2. Huiselijk geweld .............................................................................................................................. 4 2.1. De definitie .............................................................................................................................. 4 2.2. Omvang en aard van het probleem .......................................................................................... 5 3. Terugblik en landelijke ontwikkelingen............................................................................................ 6 3.1. Terugblik .................................................................................................................................. 6 3.2. Landelijke ontwikkelingen ........................................................................................................ 6 ‘Geweld hoort nergens thuis’ en ‘Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming’......................
6 Overige raakvlakken .................................................................................................................... 7 4. Centrale ambitie en uitgangspunten ............................................................................................... 7 4.1. Centrale ambitie....................................................................................................................... 7 4.2. Uitgangspunten........................................................................................................................ 8 5. Actielijnen regiovisie ....................................................................................................................... 8 5.1. Preventie en vroegsignalering .................................................................................................. 8 Huidige situatie ........................................................................................................................... 8 Gewenste situatie ....................................................................................................................... 9 Doelstellingen samengevat ......................................................................................................... 9 5.2. Samenwerken en duurzaam oplossen ....................................................................................
10 Huidige situatie ......................................................................................................................... 10 Gewenste situatie ..................................................................................................................... 10 Doelstellingen samengevat: ...................................................................................................... 11 5.3. Specifieke aandacht ............................................................................................................... 11 Gendergerelateerd geweld........................................................................................................ 11 Ouderenmishandeling ............................................................................................................... 12 Complexe scheiding .................................................................................................................. 12 Gewenste situatie ......................................................................................................................... 12 Doelstellingen samengevat: .......................................................................................................... 13 6. Taak en rol van de gemeenten ...................................................................................................... 13 6.1.
Rollen van gemeenten............................................................................................................ 13 Opdrachtgevende rol ................................................................................................................ 13 Regisserende rol........................................................................................................................ 13 Rol in preventie ......................................................................................................................... 13 6.2. Verantwoordelijkheden in de aanpak huiselijk geweld ........................................................... 14 2
6.3. Uitvoeringsplan ...................................................................................................................... 14 6.4. Financiën................................................................................................................................ 15 Bronnen............................................................................................................................................ 16 Bijlage 1: Begrippenlijst ..................................................................................................................... 17 Bijlage 2: Terugblik Regiovisie geweld hoort nergens thuis 2019-2023 .............................................. 18
3
1 Inleiding In de Wmo hebben gemeenten de opdracht om periodiek een regiovisie te ontwikkelen voor de aanpak van huiselijk geweld. De visie moet leiden tot versterking van lokaal en regionaal beleid, waarbij alle partijen daarbinnen hun verantwoordelijkheid nemen voor de aanpak van huiselijk geweld. Huiselijk geweld is het grootste geweldsprobleem in de Nederlandse samenleving.
Gezamenlijke voorbereiding Deze Regiovisie Aanpak Huiselijk Geweld Hollands Midden 2024 - 2028 bouwt voort op de Regiovisie Geweld hoort nergens thuis 2019-2023. Er is gekozen voor een termijn van vijf jaar, zodat de regio de tijd heeft om te werken aan de ambities uit de Regiovisie en voldoende tijd kan nemen voor de uitwerking van het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming. Het is een richtinggevend document met beleidsdoelen en ambities die passen bij de aanpak in regio Hollands Midden en die aansluiten bij de landelijke ontwikkelingen. De visie is door een regionale werkgroep opgesteld. Als voorbereiding is door de werkgroep gesproken met de belangrijkste partners in de regio. De concepttekst is aan alle organisaties die een rol hebben in de aanpak van huiselijk geweld en aan beleidsambtenaren uit de regio voorgelegd om reacties op te halen. Ook hebben twee ervaringsdeskundigen meegelezen. Alle reacties zijn verwerkt in deze versie. De Regiovisie Aanpak Huiselijk Geweld Hollands Midden 2024-2028 wordt, na inspraak door gemeenten (zienswijze) en betrokken organisaties, vastgesteld door de centrumgemeenten Leiden en Gouda. Na vaststelling van de visie wordt een uitvoeringsplan opgesteld.
Leeswijzer Eerst wordt het probleem van huiselijk geweld geschetst (hoofdstuk 2). Dan wordt de verbinding gelegd met aandachtspunten uit de vorige regiovisie en met landelijke ontwikkelingen (hoofdstuk 3). Vervolgens komt de centrale ambitie met uitgangspunten voor de aanpak huiselijk geweld aan bod (hoofdstuk 4). Dit is de kern van deze regiovisie. In hoofdstuk 5 worden de ambities benoemd in drie actielijnen. Ten slotte beschrijft hoofdstuk 6 de rol van gemeenten.
2. Huiselijk geweld 2.1. De definitie Huiselijk geweld gaat om geweld dat in de huiselijke kring of binnen iemands persoonlijk netwerk plaatsvindt. Geweld wordt gepleegd door een (ex-)partner, familielid, (huis)vriend of kennis. Er kunnen meerdere plegers zijn en het geweld kan wederzijds zijn. Het kan hierbij gaan om fysiek geweld, psychisch geweld, seksueel geweld, verwaarlozing en financieel misbruik. Ook online misbruik kan onder de noemer ‘huiselijk geweld vallen. Het woord ‘huiselijk’ verwijst dus niet zozeer naar de locatie van het geweld, maar naar de relatie tussen pleger(s) en slachtoffer(s). Om aan te geven binnen welke relatie het geweld plaats vindt, wordt er gesproken over (ex)partnergeweld, kindermishandeling (waartoe ook het getuige zijn van mishandeling behoort), ouderenmishandeling, kind-oudermishandeling, en (er is overlap met) eergerelateerd geweld. Huiselijk geweld kan ernstige schade berokkenen in de vorm van fysiek letsel (soms met de dood tot gevolg) en psychische problematiek. Er is groot risico op herhaling van geweld en op intergenerationele overdracht. We spreken daarom over het doorbreken van patronen van geweld.
Er wordt vaak gebruikt gemaakt van het begrip geweld in afhankelijkheidsrelaties: vormen van geweld waarbij het slachtoffer – om welke reden dan ook – afhankelijk is van de geweldpleger en over onvoldoende mogelijkheden beschikt om de ongelijke machtssituatie te doorbreken. Onder deze definitie valt geweld binnen persoonlijke relaties, maar ook geweld dat wordt gepleegd door
4
mensen die een (soms ongeschreven) gezaghebbende rol hebben, zoals trainers, leerkrachten, professionals of mensen met een bepaalde status (bijvoorbeeld in situaties van mensenhandel of werkrelaties). Ook het begrip gendergerelateerd geweld komt vaak terug. Gendergerelateerd geweld is geweld dat iemand wordt aangedaan omwille van gender, iemands biologisch geslacht, genderidentiteit of genderexpressie. Het is een koepelbegrip waaronder vele vormen van geweld vallen, zoals seksisme, discriminatie, seksueel grensoverschrijdend gedrag, intieme terreur, gedwongen huwelijken, genitale verminking, mensenhandel, femicide en geweld tegen trans-, non-binaire en intersekse personen. Vrouwen worden onevenredig getroffen door gendergerelateerd geweld, met name in de ernstige vormen intieme terreur en femicide en mensenhandel met seksueel oogmerk. Deze verschillende begrippen raken elkaar, beïnvloeden elkaar en overlappen elkaar. Deze regiovisie richt zich specifiek op geweldssituaties waarbij sprake is van een persoonlijke relatie tussen slachtoffer en pleger en waarbij het geweld onderdeel is geworden van de relatiedynamiek. We hanteren daarom de term Huiselijk geweld, die landelijk ook het meest gebruikt wordt. In de regiovisie wordt af en toe gesproken over gezinnen. Met dit woord worden alle verschillende huishoudensvormen bedoeld.
Nadrukkelijk gaat het niet alleen om huishoudens met kinderen: de aanpak huiselijk geweld is bedoeld voor alle inwoners. In de vorige Regiovisie was specifiek aandacht voor mensenhandel. Gemeenten zijn nu verplicht een aanpak mensenhandel vast te stellen. Daarom is mensenhandel in deze regiovisie geen specifiek aandachtsveld meer.
5
Omvang en aard van het probleem Omvang van het probleem uit onderzoek
Huiselijk geweld in regio Hollands Midden Cijfers Veilig Thuis (2022)
9% >16 was slachtoffer van huiselijk geweld de afgelopen 12 maanden (2022). CBS, 2023 (Vergelijkbaar met 2020)
4785 adviezen
5740 meldingen 33% als verbale agressie meegeteld wordt. 35,2% hermeldingen (landelijk 38,4%) 6% slachtoffer van structureel huiselijk geweld (verbale agressie niet meegeteld). Trend adviezen en meldingen Veilig Thuis in Hollands Midden Bijna een kwart van alle dodingen in Nederland betreft partnerdoding. In 83% gaat het om een vrouwelijk slachtoffer.
6.800
Aarten & Liem, 2022
5.200
Vrouwen zijn vaker slachtoffer van (ex-)partnergeweld dan mannen: 25% had te maken met lichamelijk of seksueel geweld door ex-partner. FRA (European Union Agency for Fundamental Rights), 2014.
6% van de mannen en 22% van de vrouwen heeft seksueel geweld meegemaakt. Rutgers, 2017
6.000
4.400 3.600 2.800
2017
2018
2019 adviezen
2020
2021
2022
meldingen
Per jaar wordt 3% van de kinderen slachtoffer van kindermishandeling. Alink et al, 2011
Regiovisie aanpak huiselijk geweld Hollands Midden 2024-2028 | 1
Aard van het geweld bij meldingen Veilig Thuis (Ex-)partnergeweld 1830 Kindermishandeling 3215 Ouderenmishandeling 100 Geweld tegen ouders 325 Geen kindermishandeling/ huiselijk geweld 0 Overig huiselijk geweld 320 Andere problematiek 1720
Overige landelijke cijfers Jaarlijks ongeveer 3.500 kinderen betrokken bij conflict scheiding van hun ouders in Nederland. De politie registreerde in 2022 594 complexe zaken waarbij mogelijk sprake was van eergerelateerd geweld. Er waren zeven dodelijke slachtoffers. Er wonen in Nederland naar schatting bijna 41.000 vrouwen die een besnijdenis hebben ondergaan. Pharos Jaarlijks wordt 1 op de 50 ouderen slachtoffer van ouderenmishandeling.
Cijfers Een gezonder Hollands Midden 9% was slachtoffer van huiselijk geweld in Hollands Midden.
Gevolgen van huiselijk geweld (wetenschappelijk onderzoek)
18% van de jongvolwassenen geeft aan ooit thuis mishandeld te zijn.
Ongeveer 40% van de kinderen die geweld meemaakt, krijgt traumatische klachten. NJI
123 huisverboden in Hollands Midden in 2022
1/3 kinderen die slachtoffer is geweest van kindermishandeling gebruikt later zelf geweld. Verwey-Jonker, 2020
5,6% van 65-plussers geeft aan in het afgelopen jaar mishandeld te zijn.
Regiovisie aanpak huiselijk geweld Hollands Midden 2024-2028 | 2
3. Terugblik en landelijke ontwikkelingen 3.1. Terugblik De Regiovisie Huiselijk Geweld 2024-2028 bouwt voort op de Regiovisie 2019-2023. Deze is opgesteld kort na de start van het landelijk programma Geweld hoort Nergens Thuis. Veel van de doelstellingen zijn tot uitvoering gebracht. Zo startte de multidisciplinaire aanpak voor structureel ernstig geweld (MDA++) en zijn door de komst van het Zorg- en Veiligheidshuis partijen dichter bij elkaar gebracht. Alle lokale teams werden en worden getraind in het werken volgens de ‘visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid’ en er was veel aandacht voor de nieuwe meldcode. De samenwerkingsafspraken tussen Veilig Thuis en lokale teams zijn afgelopen jaar met alle betrokken partijen geëvalueerd en vastgesteld. In bijlage 2 staat een meer uitgebreide terugblik. Tegelijkertijd vragen sommige ambities uit de vorige regiovisie nog aandacht. Zo is het werken volgens 1 Gezin 1 Plan 1 Regisseur nog onvoldoende in de praktijk gebracht. In een aantal sectoren worden nog drempels ervaren bij het werken met de meldcode. Daarnaast vraagt samenwerking in de aanpak van huiselijk geweld voortdurende aandacht. Deze onderwerpen krijgen daarom opnieuw een plek in deze nieuwe visie.
3.2. Landelijke ontwikkelingen Er zijn verschillende landelijke programma’s en ontwikkelingen die nauw samenhangen met de aanpak van huiselijk geweld. Deze ontwikkelingen zijn ook van belang voor de regionale aanpak. De belangrijkste worden hieronder kort weergegeven.
‘Geweld hoort nergens thuis’ en ‘Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming’ In de afgelopen jaren was het programma Geweld hoort Nergens Thuis zowel landelijk als regionaal leidend in de ontwikkeling van de aanpak huiselijk geweld. Daarin stonden 3 actielijnen centraal: 1. Eerder en beter in beeld 2. Stoppen en duurzaam oplossen 3. Aandacht voor specifieke groepen Dit programma is in 2022 opgegaan in het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming. Het Toekomstscenario heeft de ambitie om fundamenteel anders te gaan werken. De bescherming van gezinnen met kinderen en huishoudens zonder kinderen wordt meer gezins- of systeemgericht, eenvoudiger, lerend en transparanter ingericht. Het Toekomstscenario richt zich op kinderen, gezinnen en huishoudens waar sprake is van onveiligheid, waarbij ook aandacht is voor de ontwikkelingsbedreiging van kinderen. Dit vraagt om een integrale aanpak met oog voor problematiek van alle gezinsleden op diverse leefgebieden.1 Hierbij is het doel dat er een vast gezicht is voor het gezin, dat langdurig bij hen betrokken blijft en in samenspraak met het gezin noodzakelijke zorg voor gezinsleden coördineert. Belangrijk uitgangspunt hierbij is dat de regie zoveel mogelijk bij het gezin zelf ligt en dat wordt uitgegaan van de leefwereld van het gezin.
In zowel Midden-Holland als Holland Rijnland wordt op dit moment gewerkt aan de implementatie van het Toekomstscenario. Beide regio’s volgen hierin voorlopig een eigen pad. Tussen de twee regio’s is echter wel veel afstemming, zodat de aanpak op elkaar blijft aansluiten en we op termijn tot één visie en aanpak kunnen komen. 1
Eerste voortgangsrapportage Toekomstscenario kind- en gezinsbescherming | Rapport | voor Jeugd & Gezin (voordejeugdenhetgezin.nl)
6
Overige raakvlakken Naast het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming, zijn er andere landelijke programma’s en ontwikkelingen die raken aan de aanpak van huiselijk geweld. De ontwikkelagenda Veiligheid Voorop is opgesteld om samenwerking tussen justitiepartners en Veilig Thuis bij de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling te verbeteren. Veilig Thuis, Politie, Openbaar Ministerie, Raad voor de Kindermishandeling en Reclassering vormen een lerend netwerk voor casussen waar zorg en straf samenkomen. Ook is de Hervormingsagenda Jeugd in 2023 landelijk vastgesteld. Deze bevat een groot pakket afspraken om de jeugdzorg te verbeteren en financieel houdbaar te maken. Er wordt onder andere structureel geïnvesteerd in de kwaliteit en effectiviteit van de jeugdhulp en bepaalde specialistische zorg gaat regionaal ingekocht worden. Daarnaast wordt er ingezet op het versterken van lokale teams en het stimuleren van collectieve voorzieningen. In de Hervormingsagenda Jeugd wordt nadrukkelijk de verbinding gelegd met het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming. In januari 2023 is het Nationaal Actieprogramma Seksueel Grensoverschrijdend Gedrag en Seksueel Geweld gepresenteerd. Dit is een meerjarige brede aanpak om seksueel grensoverschrijdend gedrag en seksueel geweld te voorkomen en aan te pakken. Het programma beoogt een cultuurverandering in de hele samenleving.
De beweging van 0 is landelijk en ook in onze regio ingezet om het aantal uithuisplaatsingen terug te dringen. Het is bekend dat uithuisplaatsing van kinderen vaak meer schade aanricht dan dat het oplossingen biedt voor een onveilige thuissituatie. Gerichte interventies in het gezin kunnen ouders de nodige ondersteuning bieden, waardoor kinderen thuis kunnen opgroeien. Daarbij gaat het om wat voor dat gezin goed genoeg is. Een andere belangrijke ontwikkeling is dat het belang van ervaringsdeskundigheid breed wordt onderschreven. Ook in deze regio is hier een begin mee gemaakt en willen we de inzet van ervaringsdeskundigen verder ontwikkelen. Ten slotte is er aandacht voor gendergerelateerd geweld. Hiermee worden vormen van geweld bedoeld op grond van geslacht, genderidentiteit, seksuele oriëntatie of genderexpressie. In de praktijk wordt het geweld vooral gericht tegen vrouwen en tegen mensen die zich niet gedragen zoals de genderrol voorschrijft, bijvoorbeeld homoseksuele mannen of transgenderpersonen. Het gaat daarbij met name om huiselijk geweld, schadelijke praktijken en seksueel geweld.
4. Centrale ambitie en uitgangspunten 4.1. Centrale ambitie De centrale ambitie van deze Regiovisie is huiselijk geweld voorkomen of zo vroeg mogelijk signaleren en adequaat reageren. Door het geweld zo snel mogelijk en duurzaam te stoppen, wordt schade beperkt en herstel bevorderd. Daarmee ontstaan nieuwe ontwikkelkansen. Vanzelfsprekend krijgen kinderen speciale aandacht, omdat zij extra kwetsbaar zijn en door huiselijk geweld in hun ontwikkeling bedreigd worden. De rol van ouders en verzorgers is daarbij van essentieel belang. Om tot een adequate (waar nodig domein overstijgende) oplossing te komen, moet breed aandacht zijn voor alle leden van het gezin, het gezinssysteem als geheel en de mensen die om het gezin heen staan.
7
4.2. Uitgangspunten In de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling werken alle partijen volgens de volgende uitgangspunten:
Elkaars expertise vertrouwen; samen komen we verder. Verantwoordelijkheid nemen; doen wat nodig is in samenwerking met andere domeinen. Altijd praten mét betrokkenen en netwerk. Niet óver. Betrokkenen voelen zich gehoord en geholpen. Daarmee staat het gezin centraal en sluit hulp daarop aan. Inzetten ervaringsdeskundigen. Werken volgens de visie gefaseerd samenwerken aan veiligheid en een gezamenlijke visie op gezinsgericht werken en op regie.
5. Actielijnen regiovisie Aan de centrale ambitie en uitgangspunten wordt in de regio Hollands Midden invulling gegeven via drie actielijnen:
Preventie en vroegsignalering Samenwerken en duurzaam oplossen Specifieke aandacht
5.1. Preventie en vroegsignalering Voorkomen is beter dan genezen. Daarom zijn preventie en vroegsignalering van groot belang in de aanpak van huiselijk geweld. Preventie richt zich op het voorkomen van huiselijk geweld, door extra aandacht voor de verschillende risicofactoren die huiselijk geweld in de hand kunnen werken, en de beschermende factoren die dit kunnen voorkomen. Daarnaast is vroegtijdig signaleren van belang om escalatie van onveilige situaties te voorkomen. Het gaat dan ook over risicofactoren die kunnen bijdragen aan (het ontstaan van) geweld, zoals eerdere ervaringen met huiselijk geweld, armoede, schulden, verslaving of andere problematiek die tot spanningen en geweld kunnen leiden. Huiselijk geweld komt in alle lagen van de bevolking voor. Ook dierenmishandeling kan wijzen op mogelijk huiselijk geweld.
Huidige situatie Rondom huiselijk geweld hangt nog steeds een taboe. Gemeenten zien dat ze een rol hebben in het doorbreken van dit taboe. Er is op dit moment al aandacht voor preventie. Zo sluiten gemeenten en organisaties aan bij landelijke campagnes. Ook is er aandacht voor opvoedondersteuning en goede voorlichting aan ouders, waarmee onveiligheid mogelijk voorkomen kan worden. Het programma ‘Kansrijke Start’ is hiervan een voorbeeld. Gemeenten werken tevens aan het voorkomen van financieel misbruik van ouderen. Daarnaast is er een maatschappelijk gesprek gaande over ‘hoe we met elkaar omgaan’ in de samenleving, dat nog niet is afgerond. Ten slotte is er nog niet altijd aandacht voor de verbinding tussen stress als gevolg van bestaansonzekerheid en onveiligheid in een gezin. Geweld in afhankelijkheidsrelaties blijft vaak lang verborgen voor de buitenwereld. Er is veelal sprake van schaamte of angst om de kinderen kwijt te raken. Ook geven slachtoffers aan niet de weg te weten wanneer zij eenmaal de stap durven te zetten om zelf hulp te vragen. Om professionals te helpen adequaat te reageren bij signalen van huiselijk geweld geldt sinds 2013 de Wet verplichte meldcode Huiselijk geweld en kindermishandeling. De wet verplicht bepaalde professionals om de stappen van de meldcode te gebruiken bij vermoedens van huiselijk geweld. De afgelopen jaren is
8
veel aandacht geweest voor de verbeterde meldcode. Tegelijkertijd ervaren organisaties regelmatig drempels om signalen met betrokkenen te bespreken, omdat ze vrezen de relatie te schaden. Ook komen er nog weinig signalen binnen bij Veilig Thuis vanuit organisaties die gezinnen zien voordat problemen zijn geëscaleerd. Signaleren blijft dus een aandachtspunt.
Gewenste situatie Preventie In de gewenste situatie dragen gemeenten bij aan bewustwording over geweld, rolpatronen en verwachtingen door het ondersteunen van landelijke campagnes en door lokaal aandacht te vragen voor deze onderwerpen. Dit zal pas op de langere termijn effect hebben en vraagt dus om een lange adem om in de toekomst huiselijk geweld zoveel mogelijk te voorkomen en het taboe daarop te doorbreken. Daarbij is nadrukkelijk ook aandacht voor voorlichting aan kinderen en jongeren. Ook is duidelijk belegd welke organisaties voorlichting geven aan inwoners over bijvoorbeeld opvoeden. Uit onderzoek blijkt dat schulden en geldzorgen negatieve invloed hebben op het welbevinden van mensen en geregeld leidt tot onveiligheid. Daarom is samenwerking tussen het zorg- en veiligheidsdomein en organisaties die zich bezighouden met financiële problematiek en armoedebeleid belangrijk. Gemeenten leggen actief de relaties tussen lokale teams en Werk & Inkomen en schuldhulpverlening, zodat zij samen kunnen zoeken naar maatwerkoplossingen. Vroegsignalering Om escalatie te voorkomen is vroegsignalering van belang. Er zijn verschillende organisaties die gezinnen zien voordat problemen tot ernstig geweld leiden. Denk aan onderwijs, jeugdgezondheidszorg, huisartsen, kinderopvang en de welzijnssector. Zij kunnen een signalerende rol vervullen.
Deze professionals zijn deskundig om te signaleren, de stappen van de meldcode te volgen en het gesprek aan te gaan. Ze kennen signalen en risicofactoren die kunnen bijdragen aan (het ontstaan van) geweld. Daarbij weten zij Veilig Thuis te vinden als adviesorgaan en voelen ze zich hierdoor gesteund. Dit geldt ook voor medewerkers van de gemeente, bijvoorbeeld medewerkers die zich bezighouden met schuldhulpverlening en uitkeringen. Het goede gesprek met betrokkenen en het inzetten van hulp is het belangrijkste. Melden is een middel en geen doel op zich. Als het niet lukt om met behulp van advies verandering te bereiken in het gezin, dan zijn experts beschikbaar om mee te lopen en net dat zetje te geven dat nodig is. Er is voldoende laagdrempelige hulp die aansluit bij de leefwereld van het gezin, en het gezin voelt zich gehoord en geholpen.
Doelstellingen samengevat 1. Gemeenten dragen bij aan bewustwording om het taboe op geweld te doorbreken door het aansluiten bij landelijke bewustwordingscampagnes en door lokaal aandacht te vragen voor het onderwerp. 2. De samenwerking tussen veiligheidspartners en lokale teams en partijen die zich bezighouden met bestaanszekerheid en preventie is goed en biedt mogelijkheden tot maatwerkoplossingen. 3. Professionals kennen de risicofactoren van huiselijk geweld en kindermishandeling. Zij kunnen dit signaleren en bespreekbaar maken voordat de problematiek escaleert. 4. Mensen weten bij problemen de weg te vinden en voelen zich veilig genoeg om dit te doen.
9
5.2. Samenwerken en duurzaam oplossen Huidige situatie Bij huiselijk geweld is het van belang dit geweld zo snel mogelijk te stoppen en duurzaam op te lossen. In Hollands Midden werken gemeenten en partners samen aan veiligheid, door het terugdringen van risico’s en aandacht voor herstel van opgelopen schade van leden van een huishouden. Dit doen ze volgens de visie ‘gefaseerd samenwerken aan veiligheid’. In Hollands Midden is het werken volgens 1 Gezin 1 Plan 1 Regisseur (1G1P1R) de norm. Het doel hiervan is een sluitende samenwerking. Op dit moment is er nog onvoldoende sprake van aandacht voor alle gezinsleden. Gezinnen voelen zich te weinig gehoord en geholpen en moeten hun verhaal meerdere keren aan verschillende partijen vertellen. De betrokken domeinen veiligheid, zorg en jeugd zijn nog niet optimaal met elkaar verbonden. Een gezin wordt niet altijd beschouwd als één geheel, want hulp en interventies aan jeugd en volwassenen zijn gescheiden, waarbij onvoldoende aandacht is voor de volwassenenproblematiek in gezinnen. Deze scheiding is er zowel op uitvoerings- als op beleidsniveau en financiën. Ook sluit lokale en regionale hulp niet altijd goed op elkaar aan en werken partners nog veel naast en na elkaar, in plaats van met elkaar. Hierdoor ontstaat een soort estafette-aanpak.
Professionals werken daarin vaak binnen de kaders van hun opdracht en eigen organisatie en krijgen niet altijd de ruimte om te doen wat nodig is. Hoewel werken volgens 1G1P1R de norm is, blijkt dit in de praktijk lastig en verstaat niet iedereen hetzelfde onder het begrip ‘regie’. Ook wordt een casus soms te snel afgesloten, waardoor het geweld niet duurzaam stopt en Veilig Thuis opnieuw betrokken wordt. In sommige gezinnen is langdurige regie nodig en die is vaak niet beschikbaar.
Gewenste situatie Het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming wil antwoord geven op de problemen die hierboven geschetst zijn. In de gewenste situatie is hulp aan gezinnen waar onveiligheid speelt vereenvoudigd. Met het gezin samen wordt aan het begin van een traject een brede verklarende analyse gemaakt van de geweldsdynamiek en onderliggende problematiek. Een goede analyse en het aanpakken van de oorzaken van geweld vormen de rode draad in het oplossen ervan. Vaak zijn er meerdere oorzaken die tot geweld leiden, denk aan onverwerkt trauma, psychische problematiek, verslaving, verstandelijke beperking, afhankelijkheid door genderpatronen, onmacht over opvoeding of stress door schulden. Deze verklarende analyse wordt gebruikt door alle organisaties die met het gezin werken. Zo hoeven gezinnen niet telkens opnieuw hetzelfde verhaal te vertellen en hoeven professionals niet opnieuw tijd te steken in iets wat al is gedaan. Op basis van de analyse wordt met het gezin een plan opgesteld om het geweld te stoppen en duurzaam op te lossen. Voor gezin(sleden) is er een duidelijke contactpersoon. Deze contactpersoon coördineert de hulp aan alle leden van het gezin, ongeacht hun rol in het geweld. Het gezin heeft hierbij zoveel mogelijk de regie en voelt zich gehoord en geholpen. De contactpersoon blijft langdurig bij het gezin totdat het structureel veilig genoeg is.
Het duurzaam oplossen van huiselijk geweld is nodig om intergenerationeel geweld te voorkomen en dit is een kwestie van een lange adem. De regisseur en het gezin staan er niet alleen voor, maar de partijen om het gezin heen dragen samen de verantwoordelijkheid voor het stoppen en duurzaam oplossen van geweld en laten een gezin niet los als het moeilijk wordt. De samenwerking gaat uit van doen wat nodig is. Hiervoor is het nodig dat professionals de ruimte krijgen van hun organisaties en dat organisaties bereid zijn naar hun eigen structuren te kijken die belemmerend kunnen werken. Ervaringsdeskundigen kunnen organisaties hierbij adviseren. Gemeenten faciliteren organisaties om deze ruimte te creëren en
10
maken gezinsgericht beleid. Organisaties en professionals kennen elkaar, werken vanuit dezelfde uitgangspunten en leren van elkaar. Het Toekomstscenario voorziet ook in een regionaal veiligheidsteam met expertise op het gebied van veiligheid. Als de landelijke regelgeving over de samenstelling van deze teams bekend is worden deze in de regio opgezet.
Doelstellingen samengevat: 1. Samen met het gezin wordt een gezamenlijke verklarende analyse gemaakt van de geweldsdynamiek en onderliggende problematiek. Deze is leidend voor alle betrokken partijen. 2. Gezinnen hebben een contactpersoon, die zo lang als nodig is bij dit gezin blijft. 3. Op basis van de analyse wordt een plan gemaakt voor het stoppen en duurzaam oplossen van geweld. We laten geen gezin los zonder oplossing of perspectief. De organisaties die op onderdelen van dit plan een rol hebben, doen wat nodig is en krijgen de ruimte om dit te doen van gemeenten. 4. Gemeenten faciliteren gezamenlijke domeinoverstijgende deskundigheidsbevordering en kennisuitwisseling.
5.3. Specifieke aandacht Het is van belang om apart aandacht te besteden aan vormen van geweld die specifieke kennis en expertise vragen in de aanpak, of waar de aanpak geheel anders georganiseerd is. In de aanpak is in ieder geval aandacht voor:
Gendergerelateerd geweld Ouderenmishandeling Complexe scheidingen
Hieronder wordt toegelicht wat we precies verstaan onder gendergerelateerd geweld, ouderenmishandeling en complexe scheidingen en hoe dit veelal tot uiting komt.
Gendergerelateerd geweld Gender is een belangrijke factor in het ontstaan en voortduren van huiselijk geweld. Er zijn sociaalculturele rollen gekoppeld aan sekse en hieruit vloeien verschillen in macht en afhankelijkheid voort. Gender zorgt daarnaast voor verwachtingen van mannen en vrouwen, binnen relaties en gezinnen en in het maatschappelijk leven. Het niet voldoen aan die verwachtingen kan leiden tot geweld, door zowel mannen als vrouwen. Voor de rol van gender in alle vormen van huiselijk geweld is aandacht nodig. Movisie definieert gendergerelateerd geweld als “geweld dat zich richt tegen een persoon omwille van diens geslacht, genderidentiteit of genderexpressie, of waaronder personen van een bepaald geslacht in onevenredige mate te lijden hebben”. Bepaalde vormen van gendergerelateerd geweld treffen vooral vrouwen, zoals huwelijksdwang en achterlating, vrouwelijke genitale verminking, eergerelateerd geweld en intieme terreur. Om deze vormen van geweld te stoppen, is specifieke kennis en expertise nodig. Er zijn verschillende vormen van gendergerelateerd huiselijk geweld: Eergerelateerd geweld is de overkoepelende term voor alle vormen van dwang, psychisch en fysiek geweld ter bescherming en herstel van de familie-eer tegen de (vermeende) ‘eerschender’.
Het kiezen van een niet-acceptabele partner of (het vermoeden van) seks buiten het huwelijk zijn vaak de oorzaak van eerconflicten in families. Het gaat om familiestructuren/ samenlevingen waarbij mannen een dominante rol hebben. Het is geweld dat voornamelijk maar niet uitsluitend gericht is tegen
11
vrouwen en meisjes, die gezien worden als de dragers van de familie-eer. Jongens en mannen kunnen ook slachtoffer zijn van eergerelateerd geweld. LHBTIQ+ personen lopen hierop extra risico. Huwelijksdwang verwijst naar het dwingen van iemand om te trouwen. ‘Dwang’ staat centraal. Er bestaat een glijdende schaal van lichte dwang in de vorm van sociale en psychologische druk tot het dwingen van een kind om te trouwen door te dreigen met lichamelijk of geestelijk geweld. Achterlating/ontvoering verwijst naar een situatie waarin een echtgenoot of familie een of meerdere gezinsleden tegen hun zin terugstuurt naar het land van herkomst, of ze er achterlaat voor een langere periode (vaak in vakantietijd), waarbij ze paspoort en verblijfsvergunning van het slachtoffer afnemen om terugkeer naar Nederland te verhinderen. Vrouwelijke genitale verminking (VGV), ook wel bekend als meisjes- of vrouwenbesnijdenis, is een ingreep aan de uitwendige vrouwelijke geslachtsorganen zonder medische noodzaak. VGV is een ongewenste en schadelijke traditie bij bepaalde groepen mensen met een migratieachtergrond. Soms gebeurt het in het thuisland, bijvoorbeeld tijdens een vakantie, maar het komt ook in Nederland voor. VGV vindt meestal plaats op de leeftijd van 0 tot 15 jaar.
Intieme terreur is een specifieke vorm van partnergeweld met ernstige consequenties voor de lichamelijke en psychische gesteldheid van het slachtoffer, meestal de vrouw. Bij het beëindigen van de relatie neemt de kans toe op stalking en femicide. Ook is er kans op een complexe scheiding. Over deze vorm van geweld is op veel plekken nog te weinig kennis, en deze is ook moeilijk te signaleren omdat de dader zich vaak heel vriendelijk voordoet naar de buitenwereld en het slachtoffer het probleem lijkt.
Ouderenmishandeling Ouderenmishandeling is het handelen of het nalaten van handelen van diegenen die in een terugkerende persoonlijke of professionele relatie met een oudere (iemand van 65 jaar of ouder) staan, waardoor de oudere persoon lichamelijke en/of psychische en/of materiële schade (zoals bij financiële uitbuiting) lijdt of vermoedelijk zal lijden, en waarbij van de kant van de oudere sprake is van een vorm van gedeeltelijke of volledige afhankelijkheid. Hierbij hoort ook ontspoorde mantelzorg.
Complexe scheiding Een complexe scheiding is een scheiding waarbij ouders door aanhoudende ernstige conflicten het belang en welzijn van de jeugdigen uit het oog verliezen, evenals het wederzijdse belang. Een complexe scheiding wordt ook wel een conflictscheiding of een vechtscheiding genoemd. De kinderen komen door hevige en complexe conflicten tussen ouders in de knel, en zijn soms inzet geworden van de strijd tussen de ouders. Het is belangrijk om bij complexe scheidingen aandacht te hebben voor de onderliggende dynamiek en of de complexe scheiding het belangrijkste probleem is, of dat er meer speelt (bijvoorbeeld intieme terreur).
Gewenste situatie Om bovengenoemde vormen van geweld, vooral specifieke vormen van gendergerelateerd geweld, een halt toe te roepen en de aanpak te bevorderen is specifieke kennis en expertise nodig op de diverse vormen van geweld. De aanpak van huiselijk geweld zoals beschreven in voorgaande hoofdstukken vraagt al veel. Deze specifieke vormen van geweld vragen nog iets extra’s. Het is van belang deze vormen van geweld te herkennen en te kunnen signaleren. Vervolgens is het zaak om adequaat te reageren en actie te ondernemen. Voor kennis en deskundigheid kan een beroep gedaan worden op specifieke kenniscentra, zoals het Landelijk Knooppunt Huwelijksdwang en Achterlating en Pharos. 12
De aanpak van ouderenmishandeling moet vooral door individuele gemeenten worden opgepakt. Voor het tegengaan van financiële uitbuiting is het opbouwen van een lokale financiële alliantie aan te raden. Hierin werken banken, notarissen en zorgpartners samen. Ontspoorde zorg vraagt om goede ondersteuning van mantelzorgers. Daarnaast kunnen partijen die vaak bij ouderen thuis komen een signalerende functie vervullen bij diverse vormen van ouderenmishandeling.
Doelstellingen samengevat: 1. Gemeenten en partners bevorderen deskundigheid en borgen benodigde kennis en expertise om specifieke vormen van huiselijk geweld te herkennen en te signaleren (meldcode): intieme terreur, eergerelateerd geweld, huwelijksdwang, achterlating/ontvoering en vrouwelijke genitale verminking, ouderenmishandeling en complexe scheiding. 2. Samen met partners ontwikkelen gemeenten op regionaal niveau voldoende expertise voor een gerichte aanpak van deze vormen van geweld, gebruik makend van kenniscentra. 3. Gemeenten zetten in op bewustwording bij specifieke doelgroepen waar de risico's het grootst zijn.
6. Taak en rol van de gemeenten 6.1. Rollen van gemeenten In de aanpak van geweld in afhankelijkheidsrelaties vervullen gemeenten verschillende taken en rollen.
Opdrachtgevende rol Allereerst zijn de 18 gemeenten in Hollands Midden via een Gemeenschappelijke Regeling collectief opdrachtgever van HECHT, waaronder Veilig Thuis is gepositioneerd. Daarmee hebben gemeenten invloed op de opdracht die Veilig Thuis in de regio uitvoert, daarbij rekening houdend met de kaders van het landelijke handelingsprotocol. Gemeenten zijn daarnaast vanuit de Jeugdwet en de Wmo opdrachtgever voor de lokale (wijk)teams. De lokale teams hebben een belangrijke rol in het signaleren en bespreekbaar maken van huiselijk geweld en kindermishandeling en bij het creëren/borgen van veiligheid in een huishouden. Gemeenten formuleren heldere opdrachten in relatie tot inkoop en aanbesteding. Het is belangrijk dat ieder kind veilig kan opgroeien. De gemeente is op grond van de Jeugdwet verantwoordelijk voor de inkoop jeugdbescherming en jeugdreclassering.
Regisserende rol Bij de aanpak van huiselijk geweld zijn veel partijen betrokken, waaronder (speciaal) onderwijs, politie, Openbaar Ministerie, Zorg- en Veiligheidshuis, (specialistische) aanbieders, medische zorg, wonen, werk en inkomen, lokale (wijk)teams, Veilig Thuis, vrouwenopvang en Gecertificeerde Instellingen. Alle partijen hebben een eigen rol en verantwoordelijkheid in het signaleren, bespreekbaar maken, bieden van hulp en samenwerken. De gemeente kan hierin, samen met andere partijen, een regisserende rol vervullen.
Rol in preventie Tenslotte hebben gemeenten een belangrijke taak als het gaat om preventie van huiselijk geweld en kindermishandeling. Met inzet op preventie kunnen hulpvragen tijdig worden gesignaleerd, zelfs nog voordat er sprake is van huiselijk geweld of kindermishandeling, waardoor ‘zwaardere’ (specialistische) hulpverlening minder nodig is.
13
6.2. Verantwoordelijkheden in de aanpak huiselijk geweld Iedere gemeente is verantwoordelijk voor de volgende onderdelen van de aanpak huiselijk geweld en kindermishandeling:
Het organiseren van sterke lokale teams. Hierbij kunnen gemeenten gebruik maken van regionale ondersteuning. Het ‘Kwaliteitskader Werken aan Veiligheid voor lokale teams en gemeenten’ vormt hiervoor de basis. Bij sterke lokale teams hoort dat zij rechtsbeschermend en transparant kunnen werken, dat er een goede samenwerking is met onder andere Werk & Inkomen en schuldhulpverlening, dat zij (samen met partners) een verklarende analyse kunnen maken en dat zij (langdurige) regie kunnen voeren. Elk lokaal team heeft een of meer aandachtsfunctionarissen huiselijk geweld/kindermishandeling. Het zorgen voor voldoende gespecialiseerd hulpaanbod. Om de cirkel van geweld duurzaam te doorbreken is het van belang om onderliggende problematiek als armoede, verslaving, trauma en dergelijke aan te pakken. Gemeenten organiseren hierin de nodige zorg en ondersteuning. Ook hebben zij aandacht voor preventie en de meldcode. Gemeenten informeren andere gemeenten in de regio over ontwikkelingen in hun gemeente. Succesvolle projecten worden gedeeld, zodat ze in andere gemeenten kunnen worden overgenomen. Ze leren van elkaar en werken samen waar dit effectiever is. Gemeenten spelen in op lokale vraagstukken die raken aan de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling. Gemeenten maken samenwerkingsafspraken met partijen zoals met de Raad voor de Kinderbescherming.
De gemeente Leiden en Gouda zijn centrumgemeenten. Aanvullend op de taken van alle gemeenten, hebben zij aanvullende verantwoordelijkheden:
Centrumgemeenten stellen (in samenspraak met andere gemeenten) overkoepelend beleid op, zoals de Regiovisie en het Toekomstscenario Kind- en Gezinsbescherming. Centrumgemeenten zijn verantwoordelijk voor voorzieningen die op regionaal niveau worden georganiseerd. Voorbeelden zijn het Centrum Seksueel Geweld, Vrouwenopvang, MDA++. Centrumgemeenten bevorderen de deskundigheid van professionals op het gebied van huiselijk geweld, met als basis de visie Gefaseerd samenwerken aan veiligheid. Centrumgemeenten stimuleren samenwerking tussen verschillende ketenpartners. Centrumgemeenten informeren lokale gemeenten over landelijke ontwikkelingen. Centrumgemeenten ondersteunen gemeenten bij de lokale aanpak, bijvoorbeeld door het delen van informatie- en scholingsmateriaal en bewustwordingscampagnes en hulpverlening voor plegers en traumahulp. Ten behoeve van bovenstaande taken beheren de centrumgemeenten de Decentralisatie uitkering Vrouwenopvang (DU VO).
6.3. Uitvoeringsplan Bij deze Regiovisie wordt een uitvoeringsplan opgesteld. In dit uitvoeringsplan worden de ambities omgezet naar acties en activiteiten. Ook de acties gericht op de implementatie van het Toekomstscenario worden meegenomen in dit uitvoeringsplan, omdat dit onderdeel is van en aansluit bij de aanpak huiselijk geweld. Het uitvoeringsplan wordt jaarlijks geactualiseerd door de centrumgemeenten en afgestemd met de regiogemeenten in het ambtelijk beleidsoverleg. Daarnaast geven gemeenten op lokaal niveau invulling aan de ambities van deze regiovisie.
14
6.4. Financiën De financiering van de aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling verloopt via de Decentralisatie uitkering Vrouwenopvang (DU VO) die centrumgemeenten ontvangen en via de Algemene Uitkering die alle gemeenten ontvangen. Via de Algemene Uitkering ontvangen gemeenten middelen voor Jeugd en Wmo. De DU VO is een financiële bijdrage voor het aanpakken van alle vormen van geweld in afhankelijkheidsrelaties. Het is niet bedoeld om kostendekkend te zijn en de indexatie komt terecht bij alle gemeenten. Centrumgemeenten Gouda en Leiden ontvangen de DU VO voor respectievelijk Midden-Holland en Holland Rijnland. Hiermee worden regionale voorzieningen gefinancierd, zoals de vrouwenopvang, een deel van Veilig Thuis en het Centrum Seksueel Geweld en dergelijke. Daarnaast wordt de DU VO ingezet voor een aantal regio-brede ontwikkelingen en deskundigheidsbevordering. De centrumgemeenten presenteren jaarlijks de begroting van de DU VO aan de gemeenten in de eigen regio.
15
Bronnen Aarten, P. & Liem, M. (2022). Een nieuwe typologie van partnerdoding. Universiteit Leiden/ Stichting Achmea Slachtoffer en Samenleving. Akkermans, M., Derksen, E., Kloosterman, R., Moons, E. & Wingen, M. (2023). Prevalentiemonitor Huiselijk Geweld en Seksueel Grensoverschrijdend gedrag 2022. WODC & CBS. Alink, L., van IJzendoorn, R. Bakermans-Kranenburg, M., Pannebakker, F., Vogels, T. & Euser, S. (2011). De Tweede Nationale Prevalentiestudie Mishandeling van Kinderen en Jeugdigen (NPM-2010). Leiden University & TNO. Bakker, L., Witkamp, B., Timmermans, M., Janssen, J. & Lindenberg, J. (2018). Aard en omvang ouderenmishandeling. Amsterdam: Regioplan. Eerden, Eric van der (2017). Vereniging van Ervaringsdeskundigen; tegen misstanden. Tijdschrift voor Sociale Vraagstukken, zomer 2017, nr. 2, p. 40. Movisie & Alliantie Verandering van Binnenuit. (z.d.). Toolbox Verandering van Binnenuit onderdeel B: Begrippen. Movisie. Geraadpleegd van https://www.movisie.nl/sites/movisie.nl/files/201809/Toolbox-Verandering-van-binnenuit-onderdeel-B-Begrippen.pdf Movisie. (2019). Huiselijk en seksueel geweld; factsheet 2019. Geraadpleegd van https://www.movisie.nl/sites/movisie.nl/files/2019-10/factsheet-huiselijk-geweld-2019.pdf. Movisie. (28 juni 2023). Femicide: preventie en aanpak begint met een gedeelde definitie.
Geraadpleegd van https://www.movisie.nl/artikel/femicide-preventie-aanpak-begint-gedeeldedefinitie. NJI. (z.d.). Kinderen die getuige zijn van huiselijk geweld. Geraadpleegd van https://www.nji.nl/kindermishandeling/kinderen-die-getuige-zijn-van-huiselijk-geweld. Pharos. (z.d.). Meisjesbesnijdenis. Geraadpleegd van https://www.pharos.nl/thema/meisjesbesnijdenisvgv/?gclid=EAIaIQobChMIwKrEvsyJgQMVKpiDBx0SKgMsEAAYASAAEgJ3jfD_BwE RoSa vzw. (z.d.). Gendergerelateerd geweld. Geraadpleegd van https://rosavzw.be/nl/themas/geweld-en-seksuele-discriminatie/gendergerelateerdgeweld#:~:text=Gendergerelateerd%20geweld%20is%20geweld%20dat,geweld%20tegen%20meisjes %20en%20vrouwen. Rutgers. (2017). Seksuele gezondheid in Nederland 2017. Geraadpleegd van https://rutgers.nl/wpcontent/uploads/2021/03/Seksuele-Gezondheid-in-Nederland-2017.pdf. Steketee, M., Tierolf, B., Lünnemann, K., Lünnemann, M. (2020). Kwestie van lange adem; Kan huiselijk geweld en kindermishandeling echt stoppen? Utrecht: Verwey-Jonker.
16
Bijlage 1: Begrippenlijst Gendergerelateerd geweld
Geweld dat zich richt tegen een persoon omwille van diens geslacht, genderidentiteit of genderexpressie, of waaronder personen van een bepaald geslacht in onevenredige mate te lijden hebben. Gender is ook van belang aan de kant van de pleger, waar maatschappelijke rolpatronen en verwachtingen een rol spelen, die zo het risico op agressief en grensoverschrijdend gedrag vergroten.
Femicide
Er wordt gesproken van femicide wanneer gender onderdeel en één van de oorzaken is voor het doden van het slachtoffer. Dit wordt vaak in verband gebracht met fataal partnergeweld, maar is breder en kan ook gaan over doding van vrouwen door een ander dan hun partner, bijvoorbeeld bij moord of doodslag bij sekswerkers of trans-vrouwen. (Movisie, 2023)
Mensenhandel
Het werven, vervoeren, overbrengen, opnemen of huisvesten van een persoon, met gebruik van dwang (in brede zin) en met het doel die persoon uit te buiten. Vormen van mensenhandel zijn seksuele uitbuiting, overige arbeidsuitbuiting, criminele uitbuiting en gedwongen bedelarij of orgaanverwijdering. In Nederland werd eerder vaak de term ‘loverboy’ gebruikt als het ging om seksuele uitbuiting, maar deze term wordt afgeraden omdat onvoldoende duidelijk wordt dat het een vorm van mensenhandel is en om een strafbaar feit gaat.
MDA++
Multi Disciplinaire Aanpak intersectoraal (+) en specialistisch (+). Het is een team dat bestaat uit specialisten uit de zorg-, justitie en medische sector (politie, vrouwenopvang, GGZ, jeugdhulp, Veiligheidshuis en Veilig Thuis) en pakt casussen aan waar ernstige onveiligheid speelt om doorbraken te bereiken.
Ervaringsdeskundige
Iemand die op basis van persoonlijke en collectieve ervaringskennis in staat is deze kennis, in welke vorm dan ook, door te geven aan anderen. (Eerden, 2017)
Lokale teams
Met lokale teams worden in deze regiovisie de toegangsteams bedoeld. Dit zijn soms 0-100 – teams, en soms jeugdteams en/of sociale teams.
17
Bijlage 2: Terugblik Regiovisie geweld hoort nergens thuis 2019-2023 De Regiovisie 2018 – 2023 is opgesteld kort na de start van het landelijk programma Geweld hoort Nergens Thuis. Een korte terugblik op de belangrijkste ontwikkelingen in deze regiovisie worden onderstaand kort toegelicht. Methodisch samenwerken Ambitie en ketensamenwerking lokaal met 1G1P: 1. Stimuleer lerende samenwerkingsverbanden rondom 1G1P, maak afspraken over outcome en monitoring 2. Realiseer zorgcoördinatie van licht naar zwaar 3. Ontwikkel zorgmatch voor 0 - 100 Het werken aan veiligheid vraagt een nauwe samenwerking tussen partijen. Huiselijk geweld is meer dan eens het gevolg van spanningen die op verschillende leefgebieden in een gezin of huishouden spelen. Om te zorgen voor gecoördineerde samenwerking is het belangrijk dat alle partijen volgens dezelfde visie van gefaseerd samenwerken aan veiligheid werken. In 2021 hebben alle medewerkers van lokale teams in Hollands Midden het traject Samen voor Stabiele Veiligheid gevolgd, waarin deze visie de rode draad vormde van training, professionele begeleiding en casusbespreking. Ook nieuwe medewerkers van de teams krijgen een training in werken volgens deze visie aangeboden. Onderdeel is het werken volgens 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur.
In praktijk blijkt de krapte op de arbeidsmarkt en hoge werkdruk ertoe te leidden dat lang niet altijd alle relevante partijen rond een gezin/huishouden om tafel samen komen. Er is dus nog werk aan de winkel om te komen tot voldoende afgestemde zorg. De ambitie om JeugdMatch uit te breiden van 0 – 100 bleek niet haalbaar. Deze ambitie hebben we losgelaten. MDA++ Ambitie ketensamenwerking structureel onveilig of acuut onveilig: MDA++: Versterk de aanpak van structureel en acuut onveilige casussen door inzet van een specialistische en integrale Multi Disciplinaire Aanpak (MDA++). In 2020 is een uitvoerige evaluatie uitgevoerd van de werkwijze van het MDA++ team. Een aantal aanbevelingen is inmiddels uitgevoerd. Zo heeft een beleidsmedewerker voor een aantal uur per week de taak het MDA++ team te ondersteunen en de verbinding te leggen tussen MDA++ en de beleidsadviseurs van de centrumgemeenten Gouda en Leiden. Ondanks nieuw ontwikkelde en breed verspreide informatie over de MDA++ aanpak bleef het aantal ingebrachte casussen achter. Tevens blijkt het lastig om de resultaten van de aanpak helder te krijgen. Een landelijk aanbod in 2023 om deel te nemen aan een actieonderzoek MDA++ is dan ook aangegrepen voor een verbeterslag. Veilig Thuis Ambitie ketensamenwerking Veilig Thuis: Verbind de domeinen zorg en veiligheid en veranker de samenwerkingsafspraken regionaal en lokaal.
Zorg- en Veiligheidshuis Ambitie Organisatie van ketensamenwerking: Zorg en Veiligheidshuis: 1. Verbind zorg en veiligheid door het realiseren van een Zorg- en Veiligheidshuis met aandacht voor laagdrempelige toegankelijkheid met aandacht voor verbinding met medische expertise. 2. Zorg en Veiligheidshuis analyseert, regisseert en organiseert de ketensamenwerking
18
in de aanpak van complexe casuïstiek Al in de eerste Regiovisie Geweld in Huiselijke Kring 2014 -2018 is de wens van een Zorg- en Veiligheidshuis geformuleerd. Per 1 januari 2021 is het Zorg – en Veiligheidshuis Hollands Midden als onderdeel van Hecht gestart. Daarmee zijn de lijnen tussen zorg en veiligheidspartners verstevigd. De voormalige sector van Maatschappelijke Zorg en Veilig Thuis hebben er onderdak gevonden. Ook de MDA++ aanpak is hierin ondergebracht. Nieuwe meldcode Ambitie ketensamenwerking Veilig Thuis: Verbind de domeinen zorg en veiligheid en veranker de samenwerkingsafspraken regionaal en lokaal. In 2019 is de Wet Meldcode versterkt en uitgebreid met een radarfunctie van Veilig Thuis en een afwegingskader voor beroepsgroepen. Er zijn door Veilig Thuis over deze wijzigingen voor partnerorganisaties veel voorlichtingsbijeenkomsten georganiseerd. Het gebruik van de meldcode vraagt echter blijvend om aandacht. Bij huisartsen blijft het werken met de meldcode achter, maar andere sectoren, zoals bijvoorbeeld onderwijs ervaren vaak een drempel om de stappen van de meldcode toe te passen. De samenwerkingsafspraken tussen Veilig Thuis en lokale teams zijn afgelopen jaar met alle betrokken partijen geëvalueerd en vastgesteld. Kwaliteit Vrouwenopvang Ambities vrouwenopvang: 1. Vrouwenopvang organisaties in Hollands Midden voldoen aan keurmerk 2.
Vrouwenopvang organisaties in Hollands Midden werken volgens het principe ambulant, tenzij… De Nationale Ombudsman constateerde na onderzoek een aantal knelpunten in de Vrouwenopvang. Veel van deze knelpunten zijn inmiddels opgelost. Voor de overgebleven punten, zoals doorlopende schuldhulp voor vrouwen na het verlaten van de opvang, zijn sluitende afspraken bijna gerealiseerd. Het keurmerk ‘Veiligheid in de Vrouwenopvang’ (2019) is een kwaliteitskeurmerk en is een aanvulling op bestaande certificaten zoals ISO en HKZ. Kwaliteit van veiligheid is in het belang van vrouwen én mannen (en hun kinderen) die door opvangorganisaties bediend worden. Rosa Manus voldoet aan de eisen van het keurmerk. Vrouwenopvang Kwintes werkt er aan om aan de eisen te voldoen. Ouderenmishandeling Ambitie Ouderenmishandeling: 1. Verbeter signalering ouderengeweld 2. Vergroot meldingsbereidheid bij burgers en professionals 3. Organiseer de aanpak tegen financiële uitbuiting Door de afhankelijke positie van veel ouderen blijft de zichtbaarheid van ouderenmishandeling vaak lastig. Ouderenmishandeling is bij uitstek een onderwerp dat gemeenten zelf inhoud moeten geven. Veel gemeenten in Hollands Midden hebben inmiddels een lokale alliantie tegen financiële uitbuiting, waarin banken, notarissen en zorgpartijen samen werken.
Een aantal gemeenten heeft een beleidsplan opgesteld om ouderenmishandeling tegen te gaan. In Holland Rijnland kregen thuiszorg-medewerkers en andere organisaties die veel met ouderen werken scholing aangeboden om de signalering te verbeteren.
19
Complexe scheiding Rond echtscheidingen is er in de afgelopen jaren veel inzet geweest. Het landelijk Platform Scheiden zonder Schade deed onderzoek en ontwikkelde een stappenplan. Gemeenten uit Hollands Midden, preventie en lokaal team leverden hieraan een bijdrage. Eind 2021 is het landelijk programma afgerond en in maart 2022 is de eindrapportage Scheiden zonder Schade opgeleverd, waarin een nieuwe scheidingsaanpak is opgenomen. Als vervolg daarop is het leernetwerk Kind en complexe ouderrelaties van start gegaan. Lokaal wordt gewerkt aan de implementatie van de verschillende aanbevelingen.
20