CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

1. Was-wordt tabel Verordening Maatschappelijke Ondersteuning 2020 5e wijziging.pdf

Gemeenteraad 27 maart 2025, gemeente HillegomBij agendapunt: 10: Verordening Maatschappelijke Ondersteuning Hillegom 2020 5e wijziging1.927 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Was-wordt tabel Hillegom Verordening Maatschappelijke Ondersteuning 2020 wijzigingen per 1-4-2025 Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Toelichting

Artikel 8. Algemene voorzieningen en

Artikel 8. Algemene voorzieningen en

Aanpassing artikel 8:

Maatwerkvoorziening

Maatwerkvoorziening

1.

1.

2.

3.

Een cliënt is geen bijdrage in de kosten

Een cliënt is geen bijdrage in de kosten

verschuldigd voor een algemene

verschuldigd voor een algemene

voorziening.

voorziening.

Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening,

2.

Een cliënt is een bijdrage in de kosten verschuldigd voor een maatwerkvoorziening,

zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of

zolang de cliënt van de maatwerkvoorziening gebruik maakt of

gedurende de periode waarvoor het pgb

gedurende de periode waarvoor het pgb

wordt verstrekt.

wordt verstrekt.

In afwijking van het tweede lid kan het Dagelijks Bestuur bij nadere regels

3.

In afwijking van het tweede lid kan het Dagelijks Bestuur bij nadere regels

vaststellen voor welke maatwerkvoorziening

vaststellen voor welke maatwerkvoorziening

geen eigen bijdrage verschuldigd is.

geen eigen bijdrage verschuldigd is.

De tarieven van de Regiotaxi zijn voor 2025 geïndexeerd met 3,34%

4.

5.

De eigen bijdrage wordt berekend conform

4.

De eigen bijdrage wordt berekend conform

hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 en bedraagt maximaal de kostprijs van

hoofdstuk 3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 en bedraagt maximaal de kostprijs van

de maatwerkvoorziening.

de maatwerkvoorziening.

De kostprijs van een: a.

5.

Een maatwerkvoorziening wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in

De kostprijs van een: a.

de markt of na overleg met de aanbieder. b.

de markt of na overleg met de aanbieder.

Een maatwerkvoorziening in de vorm van een hulpmiddel of

b.

woningaanpassing wordt tevens bepaald door de wijze van beschikbaarstelling c.

van de voorziening. Een pgb is gelijk aan de hoogte van het

Voor de kosten voor het gebruik van het collectief vervoer is de cliënt een bijdrage

c.

van de voorziening. Een pgb is gelijk aan de hoogte van het pgb.

6.

Voor de kosten voor het gebruik van het collectief vervoer is de cliënt een bijdrage

verschuldigd ter hoogte van: a. De ritbijdragen voor het gebruik van het

verschuldigd ter hoogte van: a. De ritbijdragen voor het gebruik van het

cvv voor personen jonger dan 65 jaar bedraagt € 0,34 per kilometer + een

cvv voor personen jonger dan 65 jaar bedraagt € 0,35 per kilometer + een

opstaptarief van 4 kilometer. De ritbijdragen voor het gebruik van het

opstaptarief van 4 kilometer. De ritbijdragen voor het gebruik van het

b.

7.

Een maatwerkvoorziening in de vorm van een hulpmiddel of woningaanpassing wordt tevens bepaald door de wijze van beschikbaarstelling

pgb. 6.

Een maatwerkvoorziening wordt bepaald door een aanbesteding, na consultatie in

b.

cvv voor personen ouder dan 65 jaar bedraagt € 0,24 per kilometer + een

cvv voor personen ouder dan 65 jaar bedraagt € 0,25 per kilometer + een

opstaptarief van 4 kilometer.

opstaptarief van 4 kilometer.

In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4b, tweede lid, van de Wet, kunnen de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb door

Pagina 2 van 6

7.

In de gevallen, bedoeld in artikel 2.1.4b, tweede lid, van de Wet, kunnen de bijdragen voor een maatwerkvoorziening of pgb door

de betreffende instelling vastgesteld en

de betreffende instelling vastgesteld en

geïnd.

geïnd.

8.

vervallen

8.

vervallen

9.

De in het zesde lid genoemde bedragen zijn uitgedrukt in het prijspeil van 2024 en

9.

De in het zesde lid genoemde bedragen zijn uitgedrukt in het prijspeil van 2025 en

worden ieder opvolgend kalenderjaar gewijzigd aan de hand van ontwikkelingen

worden ieder opvolgend kalenderjaar gewijzigd aan de hand van ontwikkelingen

van de daarvoor geldende index.

van de daarvoor geldende index.

10. Als toepassing is gegeven aan het vorige lid,

10. Als toepassing is gegeven aan het vorige lid,

draagt het Dagelijks bestuur zorg voor de kenbaarheid van de laatstelijk in de plaatst

draagt het Dagelijks bestuur zorg voor de kenbaarheid van de laatstelijk in de plaatst

gestelde bedragen.

gestelde bedragen.

Artikel 13. Tegemoetkoming meerkosten personen met een beperking of chronische

Artikel 13. Tegemoetkoming meerkosten personen met een beperking of chronische

problemen

problemen

1.

1.

De tegemoetkoming voor: a.

b.

c.

de kosten van het gebruik van een eigen auto, een bruikleenauto of vervoer door

Aanpassingen artikel 13: •

kosten van het gebruik van een eigen auto, een bruikleenauto of vervoer door derden.

De tegemoetkoming voor: de kosten van het gebruik van een eigen auto, een bruikleenauto of vervoer door

Hierbij wordt aansluiting gezocht bij de belastingvrije vergoeding voor eigen vervoer

derden geldt een maximumbedrag van € 897,00 per jaar. Uitbetaling van de

derden geldt een maximumbedrag van € 403,00 per jaar. Uitbetaling van de

door werkgevers voor 2025 ad €0,23. Uitgaande van 1750 kilometer per jaar komt

financiële tegemoetkoming vindt plaats na declaratie van de gemaakte kosten.

financiële tegemoetkoming vindt plaats na declaratie van de gemaakte kosten.

de vergoeding uit op € 403,00.

De declaratie moet binnen 1 maand na afloop van elk kwartaal zijn ingediend.

De declaratie moet binnen 1 maand na afloop van elk kwartaal zijn ingediend.

de kosten van het gebruik van een taxi geldt een maximumbedrag van € 5.080,00 per jaar. de kosten van het gebruik van een rolstoeltaxi geldt een maximumbedrag van € 7.660,00 per jaar.

Pagina 3 van 6

a.

Aanpassing van de tegemoetkoming voor de

b.

c.

de kosten van het gebruik van een taxi geldt een maximumbedrag van € 5.265,00 per jaar. de kosten van het gebruik van een rolstoeltaxi geldt een maximumbedrag van € 7.940,00 per jaar.

•

De overige tarieven zijn voor 2025 geïndexeerd met 3,60%.

d.

de kosten van een aanpassing aan een

d.

de kosten van een aanpassing aan een

eigen auto, is gelijk aan de voor vergoeding in aanmerking komende

eigen auto, is gelijk aan de voor vergoeding in aanmerking komende

kosten, zijnde de tegenwaarde van het bedrag zoals vermeld in de door het

kosten, zijnde de tegenwaarde van het bedrag zoals vermeld in de door het

Dagelijks Bestuur geaccepteerde offerte.

Dagelijks Bestuur geaccepteerde offerte.

e.

bezoekbaar maken van de woning bedraagt maximaal: € 2.925,00.

e.

bezoekbaar maken van de woning bedraagt maximaal: € 3.035,00.

f.

logeerbaar maken van de woning bedraagt maximaal: € 6.840,00.

f.

logeerbaar maken van de woning bedraagt maximaal: € 7.090,00.

g.

verhuis- en inrichtingskosten bedraagt maximaal:

g.

verhuis- en inrichtingskosten bedraagt maximaal:

i.

€ 3.645,00 als de persoon met beperkingen verhuist naar de meest

i.

adequate en/of aangepaste woning; € 7.295,00 als een adequate c.q.

ii.

ii.

aangepaste woning op verzoek van de ISD Bollenstreek door de huurder wordt vrijgemaakt. tijdelijke huisvesting gedurende een

h.

ii.

de werkelijke kosten met een maximum van € 658,00 per maand

wordt vrijgemaakt. tijdelijke huisvesting gedurende een

h.

periode van maximaal 6 maanden bedraagt: i.

de werkelijke kosten met een maximum van € 682,00 per maand

als tegemoetkoming in de kosten van het tijdelijk betrekken van

als tegemoetkoming in de kosten van het tijdelijk betrekken van

zelfstandige woonruimte en het langer moeten aanhouden van de te

zelfstandige woonruimte en het langer moeten aanhouden van de te

verlaten woonruimte; de werkelijke kosten met een maximum van € 329,00 per maand als tegemoetkoming in de kosten

Pagina 4 van 6

adequate en/of aangepaste woning; € 7.560,00 als een adequate c.q. aangepaste woning op verzoek van de ISD Bollenstreek door de huurder

periode van maximaal 6 maanden bedraagt: i.

€ 3.780,00 als de persoon met beperkingen verhuist naar de meest

ii.

verlaten woonruimte; de werkelijke kosten met een maximum van € 341,00 per maand als tegemoetkoming in de kosten

van het tijdelijk betrekken van een i.

j.

k.

van het tijdelijk betrekken van een

niet-zelfstandige woonruimte. de kosten van huurderving is afhankelijk

i.

van de kale huur van de woonruimte, maar bedraagt niet meer dan de

van de kale huur van de woonruimte, maar bedraagt niet meer dan de

werkelijke kosten met een maximum van € 658,00 per maand.

werkelijke kosten met een maximum van € 682,00 per maand.

de kosten van onderhoud en keuring van een op grond van de Verordening

j.

verstrekte woonvoorziening zal het bedrag als bedoeld in bijlage 3 van dit

Uitvoeringsbesluit niet te boven gaan. de reparatiekosten is gelijk aan de voor

Uitvoeringsbesluit niet te boven gaan. de reparatiekosten is gelijk aan de voor

k.

De in het eerste lid genoemde bedragen zijn

vergoeding in aanmerking komende kosten. 2.

De in het eerste lid genoemde bedragen zijn

uitgedrukt in het prijspeil van 2024 en worden ieder opvolgend kalenderjaar

uitgedrukt in het prijspeil van 2025 en worden ieder opvolgend kalenderjaar

gewijzigd aan de hand van ontwikkeling van cpi. De berekende bedragen worden

gewijzigd aan de hand van ontwikkeling van cpi. De berekende bedragen worden

afgerond op een veelvoud van: a. bedragen < € 1.000,00: afronding op

afgerond op een veelvoud van: a. bedragen < € 1.000,00: afronding op

hele euro’s (behoudens de uurtarieven voor hulp bij het huishouden). b.

3.

de kosten van onderhoud en keuring van een op grond van de Verordening

verstrekte woonvoorziening zal het bedrag als bedoeld in bijlage 3 van dit

vergoeding in aanmerking komende kosten. 2.

niet-zelfstandige woonruimte. de kosten van huurderving is afhankelijk

hele euro’s (behoudens de uurtarieven voor hulp bij het huishouden).

bedragen > € 1.000,00 : afronding op € 5,00.

Als toepassing is gegeven aan het vorige lid,

b.

3.

bedragen > € 1.000,00 : afronding op € 5,00.

Als toepassing is gegeven aan het vorige lid,

draagt het Dagelijks Bestuur zorg voor de kenbaarheid van de laatstelijk in de plaats

draagt het Dagelijks Bestuur zorg voor de kenbaarheid van de laatstelijk in de plaats

gestelde bedragen.

gestelde bedragen.

Pagina 5 van 6

Artikel 23. Intrekking oude verordening en

Artikel 23. Intrekking oude verordening en

overgangsrecht

overgangsrecht

1.De Verordening maatschappelijke

1.De Verordening maatschappelijke

ondersteuning 2019 wordt ingetrokken.

ondersteuning 2019 wordt ingetrokken.

2.Een cliënt houdt recht op een lopende

2.Een cliënt houdt recht op een lopende

voorziening verstrekt op grond van de Verordening maatschappelijke ondersteuning

voorziening verstrekt op grond van de Verordening maatschappelijke ondersteuning

2017, totdat het Dagelijks Bestuur een nieuw besluit heeft genomen waarbij het besluit

2017, totdat het Dagelijks Bestuur een nieuw besluit heeft genomen waarbij het besluit

waarmee deze voorziening is verstrekt, wordt

waarmee deze voorziening is verstrekt, wordt

ingetrokken.

ingetrokken.

3.Aanvragen die zijn ingediend onder de Verordening maatschappelijke ondersteuning

3.Aanvragen die zijn ingediend onder de Verordening maatschappelijke ondersteuning

2019 en waarop nog niet is beslist bij het in werking treden van deze verordening, worden

2019 en waarop nog niet is beslist bij het in werking treden van deze verordening, worden

afgehandeld krachtens deze verordening.

afgehandeld krachtens deze verordening.

4.Op bezwaarschriften tegen een besluit op

4.Op bezwaarschriften tegen een besluit op

grond van de Verordening maatschappelijke ondersteuning 2019, wordt beslist met

grond van de Verordening maatschappelijke ondersteuning 2019, wordt beslist met

inachtneming van die verordening.

inachtneming van die verordening. 5. Een cliënt die op 1 april 2025 reeds recht had op een tegemoetkoming voor de kosten van het gebruik van een eigen auto, een bruikleenauto of vervoer door derden op grond van artikel 13, lid 1 en onder a van deze verordening, heeft tot 1 oktober 2025 recht op een maximumbedrag van € 698,00 en vanaf 1 oktober 2025 tot 1 januari 2026 op een maximumbedrag van € 101,00.

Pagina 6 van 6

Aanpassingen artikel 23. Toepassing van het overgangsrecht voor cliënten die op 1 april 2025 al recht hadden op een tegemoetkoming voor de kosten van het gebruik van een eigen auto, een bruikleenauto of vervoer door derden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1730/documents/22659