1. Regionale Omgevingsagenda Holland Rijnland.pdf
Tekst van het document
voor bovenregionale positionering, o.a. t.b.v. NOVI-
mobiliteitsnetwerken, voor duurzame energie en
gebied Groene Hart, maar bijvoorbeeld ook voor
de integrale opgave in de Duin- en Bollenstreek en die in de meer verstedelijkte gebieden. De bestaande landschapstafels spelen een belangrijke rol. We maken gebruik van de vele inzichten die we al hebben in de kwaliteiten van de verschillende landschappen en de bedreigingen daarvan. Aanvullend inzicht is vooral nodig in de sociaal economische situatie en mogelijkheden voor nieuwe verdienmodellen en duurzame ontwikkeling. Dit moet leiden tot locatie specifieke kennis in waar het schuurt, welke oplossingsrichtingen er zijn en wie en wat er nodig is om deze te realiseren.
“Mogelijkheden voor nieuwe verdienmodellen en duurzame ontwikkeling” LEIDENDE PRINCIPES: VISIE NATUURLIJKE LEEFOMGEVING Vertrekpunt voor deze ontwikkelingsgerichte integrale regionale landschapsstrategie zijn de leidende principes uit de visie Natuurlijke Leefomgeving en de daaraan gekoppelde ruimtelijke strategieën: 1.
Behoud, herstel en versterk de diversiteit aan landschappen en de kwaliteit ervan.
2.
Zorg voor een rendabel en duurzaam toekomstperspectief voor de transitie naar duurzame landbouw en toekomstbestendige greenports: zoeken naar een balans tussen een rendabel businessmodel voor de agrariër en een positieve bijdrage aan biodiversiteit, (cultuur) landschap, agrotoerisme, circulaire economie, klimaatbestendigheid en verstedelijking.
3.
Werk aan een klimaatrobuuste inrichting van het landschap (incl. stedelijke gebieden) en de openbare ruimte: meer klimaatadaptief landgebruik.
4.
Zorg voor een toename van de ecologische kwaliteit tot in de haarvaten van de regio.
5.
Behoud en versterk het landschap als raamwerk voor stad en dorp.
6.
Maak het gehele gebied bereikbaar en beleefbaar voor de inwoner en de recreant. Spreiding van de recreatiedruk is hierbij van belang.
41
04
Richting een uitvoeringsprogramma
Met deze Regionale Omgevingsagenda hebben we de stip op de horizon gezet. Tegelijkertijd worden twee andere documenten opgeleverd die van invloed zijn op de regionale schaal van Holland Rijnland, namelijk de Regionale Energie Strategie (RES 1.0) en de Regionale Strategie Mobiliteit (RSM) en wordt binnenkort een begin gemaakt met de actualisatie van de Regionale Woonagenda Holland Rijnland. Deze documenten samen met de bestaande (sub)regionale bedrijventerreinen strategieën vormen de basis voor een integraal uitvoeringsprogramma dat na besluitvorming van deze Regionale Omgevingsagenda wordt opgesteld.
Wat zijn de vervolgstappen die we de komende
Voor de langere termijn zien we de volgende clusters
periode willen zetten om tot een nadere
van meervoudige opgaven:
onderbouwing te komen van de ruimtelijke
•
strategieën uit deze Regionale omgevingsagenda in
Verder verstedelijken langs de as KatwijkLeiden-Alphen aan den Rijn
combinatie met de regionale sectorale strategieën?
•
Versterken leefbaarheid Duin-en Bollenstreek
Hoe verbinden we dit ook in de nadere uitwerking
•
Knoop Alphen aan den Rijn midden in het
met de NOVI prioriteiten? En welke gebiedsgerichte acties ontstaan er? Deze vervolgstappen voeren we
Groene Hart •
Toekomstperspectief Landschap
uit in samenwerking met de betrokken subregio’s. Ze zijn zoveel mogelijk in lijn met de opgeleverde
VOOR DE KORTE TERMIJN: UITVOEREN
subregionale agenda’s, inclusief potentiegebieden:
BESTAANDE AFSPRAKEN VERSTEDELIJKING
•
Regionale Omgevingsagenda Hart van Holland
EN MOBILITEIT
2040 en de wensen en bedenkingen die hierop
Voor wat betreft de ruimtelijk economische
zijn ingediend
ontwikkeling c.q. verstedelijking Holland Rijnland
•
Strategische agenda Rijn- en Veenstreek
gaat het hierbij om het uitvoeren van de afspraken
•
Strategische agenda Ruimte Duin-
in het kader van de Verstedelijkingsstrategie en de
en Bollenstreek (inclusief de nieuw
planlijst woningbouw Holland Rijnland 2020.
geïntroduceerde potentiegebieden)
We voeren de bestaande afspraken uit die reeds zijn gemaakt met hogere en andere overheden: De basis
We maken onderscheid tussen een aanpak van
wordt gevormd door het afsprakenkader MOVE/
de opgaven voor de korte termijn en een aanpak
MOVV, de Verstedelijkingsalliantie, de Groeiagenda
voor opgaven op de (middel)lange termijn die
Zuid Holland en het omgevingsbeleid vanuit PZH:
nog meer een nadere uitwerking vereisen. Ligt
Realiseren van het HOV Zuid Holland Noord met
de nadruk op de korte termijn op investeren en
een doorontwikkeling van het concept HOV. Daartoe
plannen van woningbouw in combinatie met
behoren de volgende onderdelen:
mobiliteitsplannen, op de langere termijn zijn de plannen en gewenste opgaven en ingrepen
•
Knoop Leiden Centraal
veel integraler van aard zeker ook gegeven de
•
HOV Leiden Katwijk
ruimtelijke doorwerking van klimaatadaptatie en
•
HOV Noordwijk Schiphol
de energietransitie . Dat betekent dat we voor de
•
HOV Leiden Zoetermeer
verschillende deelonderwerpen een meer integraal pakket van maatregelen willen gaan voorstellen,
Ook over de bereikbaarheid van de noordelijke
na het uitvoeren van studies en het creëren van
Duin-en Bollenstreek zijn afspraken gemaakt met
verder draagvlak. Daarmee worden de verschillende
provincie Zuid Holland.
onderdelen: water, klimaatadaptatie, wonen, economie, infrastructuur, landschapswaarden,
Vanuit het BO MIRT / BO Leefomgeving zijn er ook
energievoorziening meer gelijkwaardig meegenomen
recent nadere afspraken gemaakt over:
in de langere termijn opgaven voor verstedelijking en
•
voor landschap:
Spoor Leiden-Utrecht, waaronder aanleg station Hazerswoude Rijndijk inclusief frequentieverdubbeling buiten de spits en
44
• •
ongelijkvloerse kruising Zoeterwoude nabij
inachtneming van de afspraken die al op de
Heineken
korte termijn worden uitgevoerd en met het
Evaluatie N207 noord: Alphen Leimuiden
bestaande karakter en diversiteit van het gebied als
richting A4 aansluiting
uitgangspunt. Dat betekent een stedenbouwkundige
Voorverkenning A12, waaronder Bodegraveboog
studie voor het bepalen van de (on)mogelijkheden voor het realiseren van extra woningbouw en
Tegelijkertijd wordt de Rijnlandroute aangelegd als
economische functies in relatie tot mobiliteit,
verbinding tussen de A4 en de A44.
energievoorziening, klimaatadaptatie en landschap. Idee is om dat op basis van scenario’s te doen.
De bestaande afspraken zijn in gang gezet door
Input voor scenario’s zijn het groeipotentieel
zowel Rijk, Provincie als gemeenten, en hebben
voor economische ontwikkeling van de regio,
een grote nadruk op mobiliteit in relatie tot het
bevolkingsprognoses, behoefteraming woningbouw
realiseren van woningbouwafspraken voor de kortere
(bestuursopdracht wonen) en trendanalyses.
termijn (tot 2030). Veel van deze afspraken worden
Deze scenario’s gaan onderlinge afhankelijkheden
uitgevoerd door de verschillende gemeenten zoals
inzichtelijk maken. Ze geven ook een indicatieve
Leiden en Alphen aan den Rijn in wisselwerking met
temporisering van acties en projecten: welke
buurgemeenten. Holland Rijnland kent hierin een
concrete locaties komen in zicht, wat is hiervoor
coördinerende rol, uitvoering verloopt nu via de
nodig qua besluitvorming, transformatie,
bestaande (lokale) lijnen.
financiering, etc. Maar ook hoe verhouden de kernen in deze zone zich ten opzichte van elkaar qua
“Mobiliteit in relatie tot het realiseren van woningbouwafspraken”
economische potenties en programmering. Hierin komen de potentiegebieden terug. VERSTERKEN LEEFBAARHEID DUIN- EN BOLLENSTREEK
VERSTERKING VAN HET DAILY URBAN SYSTEM
Deze subregio heeft een aparte overkoepelende
KATWIJK-LEIDEN-ZOETERWOUDE
studie nodig voor overzicht in doorontwikkeling
Het meest verstedelijkte gebied in onze regio
van de Greenport Duin- en Bollenstreek gebruik
(Noordwijk (NL-Space), Katwijk, Oegstgeest,
makend van het vigerende kader Intergemeentelijke
Leiderdorp, Zoeterwoude, Voorschoten en
Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek
Leiden) kent eigen ruimtelijke opgaven. Voor het
2016 (ISG2016), de opgaven die zijn benoemd in de
vestigingsklimaat in dit gebied is het essentieel om
Strategische Agenda Ruimte Duin- en Bollenstreek
vast te houden aan de leefbaarheid, de identiteit
en deze Regionale Omgevingsagenda met een aantal
en diversiteit van de verschillende kernen. Voor een
randvoorwaarden:
verdere versterking van de fysieke leefomgeving, de
•
het behouden van de identiteit, kwaliteit en
economie en de mobiliteit binnen dit daily urban
openheid van het cultuurlandschap en de
system is er in aanvulling van bestaande afspraken
transitie naar duurzame bollenteelt en 2625 ha
een aanscherping nodig. Dat vraagt om inzicht in hoe dit daily urban system functioneert en waar
eerste klas bollenareaal •
vitale kernen met goede voorzieningen en in
de ruimte zit voor bedrijvigheid, wonen, mobiliteit,
beperkte mate woningbouw (in en bij de kernen)
energie en klimaat.
voor een evenwichtige bevolkingsopbouw en bedrijvigheid in de nabijheid
VERDER VERSTEDELIJKEN LANGS DE AS
•
KATWIJK-LEIDEN-ALPHEN AAN DEN RIJN
het bevorderen de leefbaarheid en de gezondheid
Om de as Katwijk-Leiden-Alphen aan den Rijn op
•
potentie voor vernieuwing economie en toerisme
de kaart te zetten en te laten vliegen op de langere
•
inpassing duurzame energie;
termijn zijn diverse acties nodig op de korte,
•
connectie met de MRA, Schiphol en de
middellange en lange termijn.
Haarlemmermeer. Hierin past de verdere mobiliteitsaanpak voor de Duin- en Bollenstreek,
Daarbij moet gedacht worden aan het uitwerken
die een wezenlijk onderdeel en randvoorwaarde
van de ontwikkelingsmogelijkheden binnen de
vormt voor de ontwikkeling van dit gebied.
zone Katwijk Leiden Alphen aan den Rijn met
45
Door een overkoepelende integrale studie voor de
in relatie tot de veelkleurige kernen van Alphen
doorontwikkeling van een duurzame Greenport op te
aan den Rijn, Kaag en Braassem en Nieuwkoop
stellen kan er met lopende trajecten werk met werk
(die beperkt kunnen doorgroeien);
worden gemaakt. Dat vraagt ook om inzet – naast op inhoud –op de governance van het geheel.
Dit onderdeel is weliswaar een onderdeel van de as Katwijk-Leiden-Alphen aan den Rijn, maar de
De urgentie is aanwezig aangezien hogere overheden
ontwikkeling van Alphen aan den Rijn is meer dan
hun blik hebben laten vallen op het noordelijk
alleen ruimte bieden aan wonen en werken. Een
deel van Holland Rijnland, met name de Duin- en
precieze en slimme fasering van ingrepen is nodig.
Bollenstreek. Het Rijk werkt in samenwerking met
De factor tijd speelt een belangrijke rol evenals welk
de Provincie Zuid-Holland aan een Landsdelige
thema gedurende de tijd richtinggevend is. Soms
Omgevingsagenda Zuid West, die de basis vormt
is dat het toevoegen van woningbouw, soms is dat
voor samenwerking tussen het Rijk en de regio
juist het verder oppakken van de mobiliteitsopgaven
(provincies en gemeenten) in Zuid Holland en
zodat Alphen aan den Rijn ook echt een knoop van
Zeeland. Deze overheden komen steeds meer tot
vervoer kan worden. Ook ontwerpend onderzoek
het inzicht dat deze agenda niet ophoudt bij de
naar de verhouding tussen inbreiding en uitbreiding
provinciegrens, maar dat er grensoverschrijdende
is van belang. Vanuit de NOVI Groene Hart is het
opgaven zijn. Dat leidt tot de zogenaamde nader
belangrijk om verstedelijking en landschap samen
te bepalen opgave “Noord Zuid Holland” voor
op te laten lopen om het landschap van het Groene
deze Omgevingsagenda Zuid West. Daar sluit
Hart een stap verder te brengen.
een overkoepelende integrale studie voor de doorontwikkeling van een duurzame Greenport goed
TOEKOMSTPERSPECTIEF LANDSCHAP
op aan.
Na vaststelling van deze Regionale Omgevingsagenda willen we samen met agrariërs,
In de Duin- en Bollenstreek is die wederkerigheid aan
andere landeigenaren, het Hoogheemraadschap
beide zijden van de Ringvaart al tijden te voelen; de
Rijnland, stakeholders en kennisinstellingen een
Ringvaart is slechts een bestuurlijke grens. Om als
ontwikkelingsgerichte landschapsstrategie maken
regio, subregio en gemeenten hier een goede rol in
en uitwerken per landschapstype/landschappelijke
te kunnen spelen is het belangrijk dat we de agenda
eenheid die we binnen Holland Rijnland
voor een leefbare Duin- en Bollenstreek gezamenlijk
onderscheiden:
goed op orde hebben.
•
zee strand- en duinlandschap;
•
strandwallen en -vlakten (met landgoederen,
“Wederkerige ontwikkeling van stad en landschap” KNOOP ALPHEN AAN DEN RIJN
bollenvelden en polders); •
het Hollandse plassengebied;
•
veenweide;
•
droogmakerijen;
•
rivierengebied Oude Rijn;
•
het verstedelijkt gebied.
MIDDEN IN HET GROENE HART Voor een verdere ontwikkeling van Alphen aan den
Uitgangspunten aanpak
Rijn tot volwaardig knooppunt en als complete stad
De kenmerken van een type landschap, het
in het Groene Hart is een aparte uitvoeringslijn
watersysteem (zie o.a. de Blauwe Lens) en de bodem
van belang. Hier sluiten verschillende (OV-)
zien we als uitgangspunt voor veranderingen in het
vervoersvormen goed op elkaar aan, door verdere
landgebruik en nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen.
verdichting ontstaat hier een dynamisch gebied en
Dit betekent bijvoorbeeld natuurinclusief
kan het landschap open blijven.
bouwen, transitie naar duurzame landbouw en duurzame bollenteelt en de ontwikkeling van
46
Onderdelen hiervan zijn:
energielandschappen voor de opwek na 2030 (in
•
verdere groei van de stad;
de volgende versie van de RES). We verwachten dat
•
mobiliteitsopgave;
er de komende periode meer inzicht gecreëerd kan
•
energievoorziening;
gaan worden in de ruimtelijke consequenties van de
•
wederkerige ontwikkeling van stad en landschap
energie en klimaat/wateropgaven en daarmee voor
de periode na 2030 een echte integrale afweging mogelijk te gaan maken. We zoeken naar nieuwe verdienmodellen, bijvoorbeeld de combinatie van biologische landbouw en agrotoerisme en stimuleren van meerdaags verblijf. We hebben oog voor de verschillen in kwaliteit binnen een bepaald landschapstype. (zie bijlage voor huidig inzicht in kwaliteiten, opgaven en potentie/kansen per landschapstype). Uitwerking Bij de uitwerking van een regionale landschapsstrategie sluiten we aan bij bestaande overlegstructuren zoals de landschapstafels, het Nationaal Park Hollandse Duinen, bestuurlijk overleg Hollandse Plassen en de erfgoedlijnen, programmabureau Groene Hart. We willen een handelingsperspectief bieden waarbij we hogere overheden uitnodigen om mee te werken en mee te investeren om het potentieel van het landelijk gebied in onze regio ten volle te benutten in het nationaal belang. Hier zetten we gerichte lobby op in. Samen met hen willen we werken we aan de versterking van de aantrekkelijkheid van de Randstad als vestigingsplek voor bedrijven en hun werknemers en voor recreatie en toerisme in de directe nabijheid van waar de meeste mensen in Nederland wonen en met een duurzame toekomstbestendige land- en tuinbouw.
Met onze ontwikkelingsgerichte landschapsstrategie leggen we een agenda neer als input voor planvorming over het NOVI-gebied Groene Hart en willen we komen tot gezamenlijke vormgeving en uitvoering van omgevingsprogramma’s. Zo dragen we bij aan de nationale beleidsdoelen voor de ontwikkeling van het landelijk gebied en duurzame stedelijke ontwikkeling.
47
Bijlagen
Samenhang met andere trajecten Deze Regionale Omgevingsagenda is gevoed en opgebouwd vanuit een aantal bouwstenen. Ook voor de vervolgstappen die we willen zetten vanuit deze Regionale omgevingsagenda zijn de in deze bijlage kort samengevatte bouwstenen relevant. SUBREGIONALE VISIES
1.
Doorontwikkelen van de stad Alphen tot
Hart van Holland
volwaardig knooppunt en complete centrumstad
Regionale omgevingsagenda
in het Groene Hart
Inzet op versterken functioneren daily
2.
urban system Katwijk Leiden Zoeterwoude,
Bouw in én langs de randen van kernen om de vitaliteit van de kernen te behouden en
met aandacht voor economie, verstedelijking,
versterken
ontsluiting/bereikbaarheid en landschap. En vooral
3.
Bouw natuur-inclusief
veel aandacht voor potentiegebieden, plekken
4.
Inzet op behoud open landschap en in
waar kansen en potenties samen komen waar
samenwerking met betrokken partijen zoeken
meerdere overheden het ook voor het zeggen hebben en integrale afwegingen nodig zijn. Als
naar alternatieve vormen van landbouwgebruik. 5.
concept aangeboden aan de raden van de betrokken gemeenten voor wensen en bedenkingen.
Inzet op circulaire economie en stimuleren toerisme en recreatie
6.
Inzet op energiebesparing, uitbreiden zonop-dak, windenergie en zonneweides langs
Rijn- en Veenstreek
hoofdinfra en mogelijk bij bedrijventerreinen.
Strategische agenda
Daarbij worden nieuwe ontwikkelingen ten
Inzet van deze agenda is om samen slimme
behoeve van energietransitie aquathermie en
ruimtelijke keuzes te maken, zodat de inwoners
warmtenet nauwlettend gevolgd.
hier zo goed en prettig mogelijk kunnen wonen, werken en leven. Deze agenda vormt een aanbod
Duin- en Bollenstreek
aan alle samenwerkingspartners. In het aanbod
Strategische agenda ruimte
staat de kracht van het open landschap centraal.
Duin- en Bollenstreek – Strategische Agenda
Om het landschap open te kunnen houden, worden
Ruimte waarin een hoogwaardig en prettige
stedelijke ontwikkelingen geconcentreerd rondom op
woon- en leefomgeving en vitale dorpskernen voor
te waarderen knooppunten. De strategie is daarmee
inwoners, toeristen en bewoners van omliggende
tweeledig:
regio’s centraal staat. De Duin- en Bollenstreek
1.
Versterken van het Groene Hart door middel
ligt tussen twee Daily Urban Systems; Haarlem/
van “landschapsplannen”. Daarmee worden
Haarlemmermeer en de Leidse regio, dit maakt
kansen op het gebied van wonen en werken met
ontsluiting en goede oost-west verbindingen
(nieuwe) natuur en water gecombineerd.
belangrijke randvoorwaarden voor huidige en
Doorontwikkelen stad Alphen aan den Rijn tot
toekomstige ontwikkelingen.
volwaardig knooppunt. Hier sluiten verschillende
Binnen de Duin- en Bollenstreek zijn drie kwaliteiten
(OV-) vervoersvormen goed op elkaar aan, door
te onderscheiden met een eigen identiteit en
verdere verdichting ontstaat hier een dynamisch
ontwikkelrichting:
2.
gebied en kan het landschap open blijven. ‘Aantrekkelijke kustplaatsen en duinen’
50
In de uitwerking van deze strategie zetten we in op
Het kustgebied met zee, strand, duinen, bossen
een aantal inhoudelijke hoofdlijnen:
en kustplaatsen is een aantrekkelijk gebied waarbij
beleving, behoud van natuurwaarden en leefbaarheid
het woningbouwprogramma van de Duin- en
belangrijke doelen zijn. Inwoners van de Duin- en
Bollenstreek, zoals locatie Valkenhorst, en wordt
Bollenstreek en ver daarbuiten genieten van de
ruimte geboden voor en bedrijvigheid. Hierbij zijn
gezonde en energieke leefomgeving en de daarbij
leefbaarheid en aansluiting op de eigen identiteit van
behorende centrum-, culturele en maatschappelijke
de dorpen uitgangspunt. We willen de relatie tussen
voorzieningen en bedrijvigheid. Familiebadplaats
bebouwing / open landschap, en wonen/recreëren
Katwijk en Noordwijk als kuuroord met allure
voor de inwoners en bezoekers optimaliseren. Het
zijn daarvoor de uitvalsbasis. Naast het behoud
realiseren van een nieuwe ontsluiting in de zuidelijke
van vitale en leefbare kernen is het belangrijk
Duin- en Bollenstreek geldt als randvoorwaarde voor
om de samenhang en samenwerking met andere
realisatie van bovenregionale groei-ambities voor
recreatieve hotspots in de regio te verbeteren, zoals
woningbouw en bedrijvigheid.
landgoed Keukenhof Lisse, Kuuroord Noordwijk, authentieke dorpskernen, het Plassengebied en het
DASHBOARD VERSTEDELIJKING EN LANDSCHAP
historisch erfgoed trekvaart Haarlem-Leiden. Het
Een ruimtelijke verkenning is uitgevoerd met het
verbeteren van de bereikbaarheid van de kuststrook
draaien van een Dashboard Verstedelijking en
met een oost-westverbinding is daarbij van eminent
Landschap voor Holland Rijnland. Uitgaande van
belang.
de hypothese dat er na 2030 ook nog eens 30.000 extra woningen in de periode tot 2040 nodig zijn.
‘Duurzame Greenport, bollenteelt en –toerisme’
Daartoe zijn vier verschillende extreme scenario’s
De identiteit en openheid van het cultuurlandschap
toegepast met verstedelijking in Holland Rijnland.
van de Greenport wordt versterkt door in te zetten op een transitie naar een vitale, gezonde
Wat heeft dit opgeleverd?
en duurzame bollenteelt en -handel. In de
•
Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport Duin- en Bollenstreek 2016 zijn afspraken gemaakt
Concentreren van verstedelijking spaart het meest het onderliggend landschap.
•
Verder verstedelijken van de Duin- en
over de schaalvergroting van bollenteeltbedrijven
Bollensteek is ruimtelijk moeilijk inpasbaar
en het verbeteren van het cultuurlandschap. De
en gaat ten koste van het open karakter en de
bollenvelden en de Keukenhof in Lisse hebben een aantrekkende werking op veel toeristen uit binnen-
kleinschaligheid van het gebied. •
Overal bijbouwen bij alle kernen betekent
en buitenland. Om ook na 2030 vitale kernen met
opofferen van delen landschap en levert qua
goede voorzieningen te behouden is het belangrijk
mobiliteit de meeste autoverkeersbewegingen
om in beperkte mate woningen en bedrijvigheid
op.
(ook buiten de kernen) te realiseren voor een evenwichtige bevolkingsopbouw en arbeidsplaatsen
De twee modellen Zoeterwoude tot zee, en Alphen
in de nabijheid. Daarnaast anticiperen we op
als complete stad in het Groene Hart kunnen elkaar
de grootschalige verstedelijkingsopgave aan de
ook goed aanvullen.
overkant van de Ringvaart. Het is daarbij van groot
•
Op deze wijze lijkt er een soort “motorblok” en
belang om op korte termijn in de noordelijke Duin-
duurzaam principe te ontstaan met voldoende
en Bollenstreek de relatie en verbindingen (metname
massa en draagkracht om een volwaardige rol
oost-west) met de omliggende regio’s te versterken,
te spelen tussen de metropoolregio’s MRA en
waarbij een goede bereikbaarheid voor OV, fiets en
MRDH. Niet alleen qua woningbouw, maar ook
auto voorop staat.
qua economie. •
Belangrijke voorwaarde is volwaardig
‘Goed wonen en werken’
aangesloten zijn op de hoogfrequente
Dit zuidelijke gebied is een aantrekkelijk en bedrijvig
en nationale verbindingen tussen beide
woon/werkgebied van dorpen rond de Oude Rijn.
metropoolregio’s. Daarbij vormt station Leiden
Aan de rand van het open landschap fungeert
Centraal letterlijk en figuurlijk het centrale
dit gebied als scharnier in de regio tussen kust,
knooppunt en draaischijf in de regio.
open landschap en stad. De goede aansluiting op de Leidse agglomeratie maakt het comfortabel
RES 1.0
werken en wonen met alle voorzieningen onder
In de RES 1.0 beschrijven dertien regiogemeenten,
handbereik. Hier komt het zwaartepunt van
twee waterschappen en de provincie Zuid-
51
Holland de ambities en keuzes om stapsgewijs
verdere oplopende kosten. Daarnaast benutten we
energieneutraal te zijn in 2050. Ook netbeheerder
de mogelijkheden voor innovatieve oplossingen
Liander en verschillende lokale en regionale
zoals opslag of lokale netwerken als die aantoonbaar
partners leveren bijdragen aan de RES. In de regio is
bijdragen aan de oplossing van knelpunten.
ervoor gekozen om in 2030 11% minder energie te verbruiken dan in 2014 en 1,05 TWh meer duurzame
RES-regio Holland Rijnland is een van de
elektriciteit op te wekken dan in 2014. De komende
pilotregio’s die een PlanMER uitvoert voor de
periode wordt er binnen elk van de samenwerkende
RES en daardoor meer inzicht krijgt in mogelijke
overheden besloten over de RES 1.0. De
milieueffecten. Aangezien de PlanMER bij de
samenwerkende overheden binnen de RES-regio
vrijgave van de RES nog niet af is, zijn in deze fase
Holland Rijnland kijken naar het gehele regionale
de resultaten in beperkte mate verwerkt. Vooral
energiesysteem en kiezen voor maatregelen die het
de harde beperkingen voor veiligheid en milieu
meeste effect hebben. In de regio komt 80% van
zijn meegenomen. De inzichten uit de PlanMER
het energieverbruik voor rekening van de gebouwde
nemen we, zoals gepland, mee in het vervolgproces.
omgeving (vooral woningen en kantoorpanden) en
Dat gebeurt bij de verankering van de RES in het
mobiliteit. Daar ziet de regio dan ook veel kansen om
provinciale en lokale omgevingsinstrumentarium.
snel en slim te verduurzamen.
Integrale afweging van de ruimtelijke effecten ten opzichte van andere toekomstige ruimteclaims vindt
De regionale ambitie is om in 2030 1,05 TWh
plaats in de (nadere uitwerking van de) Regionale
aanvullende opwek van hernieuwbare elektriciteit
Omgevingsagenda Holland Rijnland (integraal
gerealiseerd te hebben. Dit is, gezien de ambities
uitvoerignsprogramma). De RES 1.0 is de eerste grote
uit het Regionale Energieakkoord en de nationale
stap in de uitwerking van de regionale ambities.
opgave van 35 TWh, een passende inzet voor
Iedere twee jaar wordt de RES herzien en aangevuld
de regio. Deze inzet wordt opgewekt door een
met nieuwe inzichten, technologieën en projecten.
combinatie van zonnepanelen op grote daken (ca
In 2023 volgt de RES 2.0. In de tussentijd werken
0,25 TWh), zonnevelden en windturbines. Voor de
de partners binnen de RES-regio Holland Rijnland
laatste bijdrage zoeken we naar passende locaties
samen met het bedrijfsleven en maatschappelijke
vanuit het elektriciteitsnetwerk, de ruimtelijke
organisaties verder aan de uitvoering van de RES
kwaliteit en het bestuurlijk en maatschappelijk
1.0. Ook bij deze vervolgstappen zullen inwoners
draagvlak. De zoekgebieden hiervoor zijn in de RES
nadrukkelijk worden betrokken op verschillende
1.0 ruimtelijk geduid en bevinden zich voor een groot
manieren.
deel langs (rijks) infrastructuur. De meest kansrijke zoekgebieden van dit moment dekken theoretisch
NB De kaart behorende bij de RES 1.0 vindt u op
de genoemde ambitie.Het lijkt raadzaam om in
pagina 54-55
aanvulling hierop nog meer zoekgebieden toe te voegen als onderdeel van de ontwikkeling van de
Regionale strategie Mobiliteit
RES 2.0.
Met de RSM wil de regio inzetten op: •
De RES 1.0 is ontwikkeld in nauwe samenwerking met de regionale netbeheerder Liander. De
draaischijf Leiden •
plannen voor de regio Holland Rijnland leren dat Liander de elektriciteitsnetten komende jaren
•
zijn om aan de toekomstige vraag naar elektriciteit
Benutten van kansen voor duurzame (keten) mobiliteit
•
of zonprojecten kunnen worden aangesloten. Dat zijn no-regret investeringen die hoe dan ook nodig
Realiseren toekomstbestendige robuuste netwerken
fors moet uitbreiden. Daarmee worden direct ‘stopcontacten’ gecreëerd, waarop latere lokale wind-
Versterken regionale ontwikkelassen rond
Visies op thema’s zoals Natuurlijke leefomgeving (zie input voor verhaallijn landschap)
•
Regionale Woonagenda hier ook noemen? Hoe compleet willen we zijn?
te voldoen. De verhouding tussen opwek via zon en
52
via wind is opgenomen in de analyses. Door deze
Voor elk speerpunt zijn sleutelprojecten en
samenwerking hebben we alle plannen integraal
lopende projecten benoemd. Voor een vertaalslag
kunnen beoordelen. Zo wordt voorkomen dat extra
van deze projecten en andere prioritering is een
elektriciteitsstations moeten worden gebouwd met
toetsingskader opgesteld. De mate waarin een
project bijdraagt aan de ambities van de Regionale Omgevingsagenda en de speerpunten uit de RSM is
De druk op de fysieke ruimte betreft niet immers
daarbij een belangrijk criterium. Daarnaast spelen de
alleen woningbouw, maar ook de woningbouw in
bijdrage aan verduurzaming van mobiliteit, sociale
relatie tot onder meer werk, bereikbaarheid, groen
inclusiviteit, verkeersveiligheid en leefbaarheid een
en natuur. Vragen als: ‘Wat is nog mogelijk binnen
belangrijke rol bij de onderlinge afweging, fasering en
bestaand stads- en dorpsgebied? Hoe bewaken we
nadere uitwerking van projecten.
de leefbaarheid? Hoe maken we de woongebieden duurzaam, natuurinclusief en klimaatadaptief?’
ACTUALISATIE REGIONALE WOONAGENDA
komen bij elkaar in de Regionale Omgevingsagenda,
De druk op de woningmarkt in onze regio neemt toe.
gericht op de periode na 2030. Het woonbeleid
Om hier op in te kunnen spelen is een heroriëntatie
en de planlijst woningbouwprogrammering is
van ons huidige woonruimteverdeelsysteem en
belangrijke input geweest voor dit traject. Daarnaast
een actualisatie van de Regionale Woonagenda
beïnvloeden uitkomsten van deze bestuursopdracht
noodzakelijk. De huidige Regionale Woonagenda, die
de ruimtelijke keuzes in de regio na 2030.
op 14 maart 2018 is vastgesteld, is op onderdelen niet meer actueel. In 2020 hebben we de Regionale
HOOFDLIJNENSTRATEGIE BEDRIJVENTERREINEN
Woonagenda geëvalueerd. Deze evaluatie is een
HOLLAND RIJNLAND 2019
eerste stap voor het actualiseren van de Regionale
Hoofdlijnen van de bedrijventerreinenstrategie
Woonagenda. Zowel voor de heroriëntatie van het
Holland Rijnland zijn:
woonruimteverdeelsysteem als de actualisatie van
1. Om de volledige vraag naar ruimte voor bedrijven
de Regionale Woonagenda, is meer inzicht nodig in
te kunnen faciliteren is de ontwikkeling van nieuwe
de huidige situatie en nieuwe ontwikkelingen.
bedrijventerreinen noodzakelijk. Dit is van belang voor de economische ontwikkeling van onze regio.
Zowel vanuit de meest actuele behoeftecijfers
Wanneer er op de lange termijn onvoldoende
als vanuit de woonruimteverdeling zal daarom
ruimte is voor het bedrijfsleven om te kunnen
worden bekeken welke woningen het hardst nodig
starten, groeien en innoveren, dan betekent dit
zijn in de gemeenten, de subregio en de regio. De
een verzwakking van het economisch klimaat in de
woningbehoefteraming van de provincie brengt de
regio, met kans op het vertrek van bedrijven (en
totale behoefte in beeld, maar beschrijft niet wat we
daarmee werkgelegenheid) naar andere regio’s.
voor wie waar moeten bouwen.
Ruimte (blijven) bieden voor bedrijvigheid is niet alleen van belang voor werkgelegenheid in onze
We maken daarom een kwalitatieve verdiepingsslag,
regio, maar biedt ook kansen voor duurzaamheid,
waarbij we kijken we naar het huidige aanbod en
duurzame mobiliteit (wonen-werken dicht bij huis),
de behoefte aan woningen, gespecificeerd naar
en een aantrekkelijk woonklimaat. Tegelijkertijd
verschillende huishoudensgroottes en typen, zoals
zien we ook dat veel functies momenteel ruimte
eenpersoonshuishoudens, woningen geschikt voor
vragen, zoals de regionale woningbouwopgave,
ouderen en eengezinswoningen. Ook kijken we
energietransitie (windmolens, zonnepanelen, etc.),
naar de verschillende prijsklassen, koop of huur
mobiliteit en behoud van bestaand ruimtegebruik
en voor welke doelgroepen tijdelijke woningen een
door de Greenports, landbouw, natuur en landschap
oplossing kunnen bieden. Daarin nemen we mee
en recreatie. In deze strategie erkennen we
dat gemeenten verschillende grenzen hanteren
het economische en maatschappelijke belang
voor middeldure huur en goedkope koop. De druk
van voldoende ruimte voor bedrijvigheid, maar
op de woningmarkt in de regio neemt toe en de
tegelijkertijd constateren we ook dat de
behoefte groeit. Daarbij hebben maatschappelijke
ontwikkelstrategie voor MKB, HMC en grootschalige
ontwikkelingen, zoals de vergrijzing, toename van
logistiek uiteindelijk (op lokale en/of (sub)
eenpersoonhuishoudens, toename statushouders
regionale schaal) in integrale afweging met andere
en de decentralisatie van de maatschappelijke
ruimtevragen gemaakt zal moeten worden. Hierin ligt
zorg (zie bijlage1), effect op de woningmarkt. Deze
een belangrijke uitdaging.
informatie is de basis voor het actualiseren van de woonagenda en ook input voor het integrale
2. De gemeenten in Holland Rijnland hanteren het
uitvoeringsprogramma vanuit deze Regionale
uitgangspunt van duurzaam gebruik van de ruimte
Omgevingsagenda.
op bedrijventerreinen. Dat betekent dat alvorens
53
nieuwe ontwikkelingsmogelijkheden onder de loep worden genomen, eerst wordt gekeken naar mogelijkheden tot intensivering en verdichting en herstructurering. Daarbij wordt ook bestaand vastgoed onder de aandacht gebracht van bedrijven. We gaan slim om met de ruimte – waar mogelijk en gewenst worden functies gecombineerd (bijv. wonen en werken); 3. Uitgangspunt is dat iedere subregio ‘de eigen broek ophoudt’ voor wat betreft de lokale uitbreidings- en vervangingsvraag voor het MKB. De Rijn –en Veenstreek is onder voorwaarden bereid om op overblijvende percelen ruimte te bieden voor bovenlokale/ regionale vraag, waarbij het nadrukkelijke uitgangspunt is dat subregio’s eerst in de eigen behoefte voorziet alvorens hectares ter beschikking te stellen voor bovenlokale compensatie en mits deze bedrijvigheid aansluit bij c.q. de lokale economische structuur versterkt Randvoorwaarde en vereiste daarbij is wel de medewerking van de provincie om nieuwe planologische -en buiten stedelijke ontwikkelingen in de Rijn- en Veenstreek mogelijk te maken. Ook aanvullende opgaven op het gebied van onder meer woningbouw en energietransitie dienen daarbij niet uit het oog te worden verloren.
Vanuit de richting gevende keuzes die in deze Regionale Omgevingsagenda zijn uitgezet, de economische agenda’s van EBZ, de verschillende subregio’s en gemeenten en de nieuwe provinciale behoefteraming bedrijventerreinen die we vlak na de zomer verwachten, de kantorenmonitor en andere economische verkenningen zal het thema economie nader worden uitgewerkt t.b.v. de in deze ROA geschetste vervolgstappen
54
55
STRAND EN DUINEN
STRANDWALLEN EN -VLAKTES
VEENWEIDE
BODEM
Zand
Zand/veen
veen
GEBIEDEN
• Natura2000 en NNN • Boulevards Katwijk en • Noordwijk Strandovergang Nederzandt
• Landgoederenzone • Limes • Atlantik wall • Trekvaarten 20 parels Gebiedsprogramma Duin- en Bollenstreek Gebiedsprogramma Duin horst Weide Historische dorpskernen Linten • NNN
• Aarlanderveen • Boterhuispolder • Molendrieslag • Nieuwkoop en veenweidegebied Zoeterwoude • Linten • Microrelief Boskoop • de Kaagerpolder • de Hoogmadesche Polder • NNN
KWALITEITEN
• Hoge biodiversiteit Recreatie & toerisme • Cultuurhistorie en erfgoed: o.a. Atlantikwall, europese beschermde duinnatuur (Natura2000)
• Landgoederenzone met cultuurhistorische waarde, trekvaarten • Bollenteelt als vitale landbouw • Steilranden Bollenstreek • Verkaveling- en slotenpatroon • Uniek vrijwel oorspronkelijk strandwallenlandschap in Duin, Horst, Weide • Verblijfsrecreatie/camping en bungalowparkjes • Akkervogels (patrijs)
• Weidse panorama’s en klassiek Hollands cultuurlandschap • Populaties weidevogels • Europees beschermde veenweidenatuur in de Wilck • Verkaveling- en slotenpatroon • Vele boerderijen met recreatieve nevenactiviteiten en winkeltjes • Bomen en vaste plantenteelt in Boskoop
OPGAVEN
• Reguleren recreatiedruk • Ruimtelijke isolatie/ontsluiting • Intensieve landbouw/veeteelt rondom Natura 2000gebied • Aanpak stikstof • Drinkwatervoorziening • Extra ruimte nodig voor kustverdediging en dijkverbreding
• Reguleren invloed schaalvergroting bollensector op beeldkwaliteit • Zoute kwel • Herstructurering bollenareaal t.b.v. verbeteren landschapskwaliteit • Aanpak verrommeling door oneigenlijk gebruik bollengrond (paardenbakken, moestuintjes ed) • Verduurzaming bollenteelt o.a. verbeteren water-en bodemkwaliteit (emissies, verdroging) • Mitigeren barrierewerking o.i.v. de dominante noord-zuid oriëntatie in landschap en dus in infrastructuur t.b.v. recreatie en ecologie • Ontbrekende schakels in robuuste ecologische verbindingen • en haarvaten • Verminderen, herstellen van opsplitsing, verkaveling landgoederen en kwaliteit van natuur en groen in landgoederen.
• (Beeld)kwaliteit onder druk en aftakeling natuur door schaalvergroting, bodemdaling, verzilting, oxidatie van veen en CO2, methaan uitstoot • Intensieve (melk)veehouderij (emissies, fosfaten, stikstof) rondom Natura2000 gebieden heeft grote voetafdruk en bedreigt weidevogelstand • Lage biodiversiteit door eentonige raaigrasvelden • Ontbrekende schakels in robuuste ecologische verbindingen en haarvaten • Verduurzaming bomen- en vaste plantenteelt • Betere inpassing kassen en bedrijfsgebouwen sierteelt
56
Hollandse Plassen
DROOGMAKERIJEN
VERSTEDELIJKT GEBIED/ OUDE RIJN
Veen
Klei/zout
Steen/slib
• Nieuwkoopse plassen, Natura 2000 • Kagerplassen, Braassemermeer • NNN
• Groene vensters • Waterfronten • Limes • Oude Hollandse Waterlinie met forten (klein stukje bij Nieuwkoop/Alphen aan den Rijn) • de Polder Vierambacht • de Veender- en Lijkerpolder
• Historische binnenstad Leiden en oude dorpskernen in Holland Rijnland
• Recreatieve bestemming met potentie voor intensivering • Eurpoees beschermde moerasnatuur in Nieuwkoopse plassen. • Oosterduinsemeer.
• Vitale landbouw • Karakteristieke verkavelingsstructuur
• Historische binnensteden • Kralenketting van steden langs de Oude Rijn, met open onbebouwde delen daartussen (vensters Groene Hart) • Cultuurhistorische erfgoedlijn: Limes • Biodiversiteit in bebouwde omgeving • Oude dorpskernen
• Verdroging • Uitspoeling van nutriënten en chemicaliën o.i.v. intensieve veehouderij rondom Natura2000 gebied, bodemdaling, verzilting, oxidatie van veen en CO2methaanuitstoot. • Hoge recreatieve druk kan een bedreiging zijn voor • Biodiversiteit • Betere inpassing kassen en bedrijfsgebouwen sierteelt • Ontbrekende schakels in robuuste ecologische verbindingen en haarvaten
• Kwel en wegzijging uit het aangrenzende veengebied aan de randen • Verzilting in het hart van enkele polders • Betere inpassing kassen en bedrijfsgebouwen sierteelt • Ontbrekende schakels in robuuste ecologische verbindingen en haarvaten • Verduurzaming landbouw (aanpak milieuproblemen en verbeteren natuur en waterkwaliteit)
• Reguleren van recreatieve druk op bestaande parken als gevolg van • toename bevolking • Geconcentreerde verstedelijking t.b.v. behoud waardevol landschap en voorkomen verlies aan kwaliteit/ groene plekken bij inbreiding • Infrastructurele lijnen vormen barrières die de landschappen • versnipperen • Klimaatopgaven zoals hitte en wateroverlast. Klimaatadaptatie in steden kost ruimte die bijvoorbeeld concurreert met ruimte voor parkeren bij nieuwbouw. Bouwen in hogere dichtheden brengt hogere kosten voor inpassing met zich mee gegeven ondergronds en gebouwgebonden maatregelen • Toenemende economische waarde van verstedelijkt gebied t.o.v. overstromingsrisico. Kortom: rekening houden met ‘water’ bij locatiekeuzes woningbouw, niet alleen mbt overstromingsrisico’s maar ook mogelijkheden waterberging, voorkomen hitte-eilanden en funderingsproblemen.
57
POTENTIES
58
STRAND EN DUINEN
STRANDWALLEN EN -VLAKTES
VEENWEIDE
• Kansen voor slimmer gebruik zoet (kwel)water van hoge kwaliteit (binnenduinrand) met de toevoeging van recreatieve voorzieningen en ontwikkeling biodiversiteit en ecologische kwaliteit • Zet in op robuuste ecologische verbindingen tussen de Duinen, landgoederen in de duinzoom en plassen richting Groene Hart
Doorontwikkeling ISG: o.a.: • Open maken “vensters” • Handhaven 1ste klas bollenareaal, • Handhaven beschermde graslanden • Ontwikkeling natuurinclusieve bollenteelt • Erfbeplanting en inpassing schuren stimuleren • Ontwikkeling parels en routenetwerken als recreatieve trekpleisters om N2000 in de duinen te ontlasten. Vanuit optimalisatie watersysteem i.i.g.: • ontwikkeling van brede akkerranden om uitstroom van nutrienten te voorkomen van bestrijdingsmiddelen te verminderen naast tegengaan van het gebruik ervan. • Stimuleer de duurzame ontwikkeling van de agrarische topgebieden Greenports • Bollenstreek (en Boskoop en Aalsmeer_> bij andere landschapstype) • Zet in op een ecologische inrichting tot in de haarvaten van het watersysteem om de waterkwaliteit van het gebied te versterken.
• Stem de veeteelt af op de fysieke condities door te zoeken naar nieuwe vormen van landbouw. • Optimalisatie watersysteem: dilemma: grondwaterpeil opzetten vertraagd bodemdaling, vraagt echter radicale aanpassing van de landbouw, leidt tot hogere watervraag en een meer dynamisch peil kan uitstoot CO2 versterken, en opzetten peil ook niet altijd wenselijk voor natuurgebieden (denk aan weidevogels). Nadere discussie nodig. • Iconische landschappen koppelen aan (meerdaagse) recreatie, toegroeien naar een mozaiek van landgebruiksvormen: natuurinclusieve veeteelt op iets drogere gronden en natte gewassen of natuur in de lagere delen? (dit ook verbinden met sociaal-economische potentie agrarische bedrijven in dit gebied) en (on)mogelijkheden klimaatadaptieve ruimtelijke ontwikkeling bij hoog grondwaterpeil • Stimuleer verbrede landbouw activiteiten, zoals agrarisch natuurbeheer, recreatie bij de boer of een zorgboerderij. • Zet in op circulaire landbouw en landbouwcollectieven om als regio gezamenlijk sterk te staan.
Hollandse Plassen
DROOGMAKERIJEN
VERSTEDELIJKT GEBIED/ OUDE RIJN
• Zorg voor zacht gradient tussen de plassen en het veenweide gebied voor een toename van de biodiversiteit
• Stem de landbouw af op de fysieke condities door op natste delen of delen met risico op verzilting te zoeken naar nieuwe vormen van landbouw. • Stimuleer verbrede landbouw activiteiten, zoals agrarisch natuurbeheer, recreatie bij de boer of een zorgboerderij (?ook relevant voor droogmakerijen of vooral veeteelt in veenweidegebied?) • Zet in op circulaire landbouw en landbouwcollectieven om als regio gezamenlijk sterk te staan. • Zorg voor een fijnmazige dooradering van de droogmakerijen met ecologische bloemrijke graslanden en natuurlijke oevers
• Natuurinclusieve stedenbouw. Inzetten op behoud van bestaande kwaliteit • Waterrobuuste inrichting van de stad met waterberging en buffering in gebouwen en openbare ruimte. • Optimalisatie watersysteem: waterbergende groene daken en gevels, infiltratievoorzieningen • Zorg voor een fijnmazige ecologische dooradering van de stad door het vergroenen van gebouwen en openbare ruimte (biodiversiteit en klimaatadaptatie) • Behoud en versterk het landschap als framework voor de stad
59
Colofon Deze is opgesteld door het kernteam ruimte en PosadMaxwan in opdracht van de regio Holland RIjnland. PosadMaxwan: Emile Revier, Froukje van de Klundert, Iulia Sîrbu, Carlos Marchi, Vincent Babeş, Stefano Agliati, Thierry van der Hoeven, Binghui He Kernteam ruimte: Marco van de Esschert, Saskia Ligthart, Fred Goedbloed, Sacha Maarschall, Marianne Koot, Sjoukje Eringa, Marija Scheeve, Marco de Lange, Marnix Groenland
POSADMAXWAN Binckhorstlaan 36 2516 BE Den Haag tel: 070 322 2869 froukje.vandeklundert@posadmaxwan.nl
April 2021
60