CConstaterende datHillegom
Koppel je AI →
Document · PDF

05. Bijlagen bij toelichting TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22b Frederikslaan 10a, HIllegom

Gemeenteraad 25 juni 2026, gemeente HillegomBij agendapunt: 22: Vaststellen TAM-omgevingsplan 'Hoofdstuk 22b Frederikslaan 10a, Hillegom' en beleidsregel 'Kader omgevingskwaliteit Frederikslaan 10a, Hillegom'25.949 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

René Eugster Business Unit Manager

SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Blad 2 van 8

Analyserapport Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Projectnaam Frederikslaan 10a Hillegom Projectnummer 2025-900 Rapportnummer 14268630 - 1

Orderdatum 27-03-2025 Startdatum 27-03-2025 Rapportagedatum 07-04-2025

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001 002 003

Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)

MM1 02 (12-50) 04 (20-70) 06 (30-80) 08 (50-100) MM2 01 (12-50) 05 (50-100) 10 (0-50) 16 (50-100) MM3 03 (50-100) 12 (50-100) 14 (15-65) 15 (50-100)

Analyse

Eenheid

Q

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten

gew.-% g -

S S S S

Ja 83.6 <1 geen

Ja 85.2 <1 geen

Ja 79.8 <1 geen

organische stof (gloeiverlies)

% vd DS

S

0.7

0.9

0.9

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS

S

<2

<2

3.8

METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

S S S S S S S S S

45 0.27 5.6 11 <0.05 31 <1.5 10 140

21 <0.2 4.8 8.5 <0.05 13 <1.5 8.2 39

<20 <0.2 3.5 5.5 <0.05 15 <1.5 8.2 32

<0.01 0.12 0.04 0.40 0.08 0.11 0.07 0.11 0.10 0.09 1) 1.127

<0.01 0.57 0.19 1.1 0.39 0.34 0.18 0.40 0.26 0.27 1) 3.707

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

001

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kgds S <0.01 fenantreen mg/kgds S 0.10 antraceen mg/kgds S 0.05 fluoranteen mg/kgds S 0.20 benzo(a)antraceen mg/kgds S 0.10 chryseen mg/kgds S 0.09 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 0.05 benzo(a)pyreen mg/kgds S 0.10 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 0.06 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 0.06 1) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 0.817 (0.7 factor) CHLOORBENZENEN hexachloorbenzeen

002

003

µg/kgds

S

1.3

<1

<1

POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds PCB 118 µg/kgds PCB 138 µg/kgds

S S S S S

<1 <1 <1 <1 1.3

<1 <1 <1 <1 <1

<1 <1 <1 <1 <1

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Blad 3 van 8

Analyserapport Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Projectnaam Frederikslaan 10a Hillegom Projectnummer 2025-900 Rapportnummer 14268630 - 1

Orderdatum 27-03-2025 Startdatum 27-03-2025 Rapportagedatum 07-04-2025

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001 002 003

Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)

MM1 02 (12-50) 04 (20-70) 06 (30-80) 08 (50-100) MM2 01 (12-50) 05 (50-100) 10 (0-50) 16 (50-100) MM3 03 (50-100) 12 (50-100) 14 (15-65) 15 (50-100)

Analyse

Eenheid

Q

001

002

003

PCB 153 PCB 180 som PCB (7) (0.7 factor)

µg/kgds µg/kgds µg/kgds

S S S

1.9 1.3 1) 7.3

<1 <1 1) 4.9

<1 <1 1) 4.9

S S S S S S S S S

<1 1.2 1) 1.9 <1 1.3 1) 2 <1 1.2 1) 1.9 1) 5.8

<1 <1 1) 1.4 <1 <1 1) 1.4 <1 <1 1) 1.4 1) 4.2

<1 14 1) 14.7 7.8 26 1) 33.8 <1 5.1 1) 5.8 1) 54.3

S S S S

<1 <1 <1 1) 2.1

<1 <1 <1 1) 2.1

<1 <1 <1 1) 2.1

S

<1 1) 1.4

<1 1) 1.4

<1 1) 1.4

S S S S S

<1 <1 <1 <1 <1 1) 2.8 <1 <1 <1 1) 1.4

<1 <1 <1 <1 <1 1) 2.8 <1 <1 <1 1) 1.4

<1 <1 <1 <1 <1 1) 2.8 <1 <1 <1 1) 1.4

S S S S S S

<1 <1 <1 <1 <1 1) 1.4 1) 17.7

<1 <1 <1 <1 <1 1) 1.4 1) 16.1

<1 <1 <1 <1 <1 1) 1.4 1) 66.2

S

16.9

CHLOORBESTRIJDINGSMIDDELEN o,p-DDT µg/kgds p,p-DDT µg/kgds som DDT (0.7 factor) µg/kgds o,p-DDD µg/kgds p,p-DDD µg/kgds som DDD (0.7 factor) µg/kgds o,p-DDE µg/kgds p,p-DDE µg/kgds som DDE (0.7 factor) µg/kgds som DDT,DDE,DDD (0.7 µg/kgds factor) aldrin µg/kgds dieldrin µg/kgds endrin µg/kgds som aldrin/dieldrin/endrin µg/kgds (0.7 factor) isodrin µg/kgds som aldrin/dieldrin (0.7 µg/kgds factor) telodrin µg/kgds alpha-HCH µg/kgds beta-HCH µg/kgds gamma-HCH µg/kgds delta-HCH µg/kgds som a-b-c-d HCH (0.7 factor) µg/kgds heptachloor µg/kgds cis-heptachloorepoxide µg/kgds trans-heptachloorepoxide µg/kgds som heptachloorepoxide (0.7 µg/kgds factor) alpha-endosulfan µg/kgds hexachloorbutadieen µg/kgds endosulfansulfaat µg/kgds trans-chloordaan µg/kgds cis-chloordaan µg/kgds som chloordaan (0.7 factor) µg/kgds Som µg/kgds organochloorbestrijdingsmidd elen (0.7 factor) waterbodem som µg/kgds organochloorbestrijdingsmidd elen (0.7 factor) landbodem

S S S S

1)

14.7

1)

64.8

1)

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Blad 4 van 8

Analyserapport Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Projectnaam Frederikslaan 10a Hillegom Projectnummer 2025-900 Rapportnummer 14268630 - 1

Orderdatum 27-03-2025 Startdatum 27-03-2025 Rapportagedatum 07-04-2025

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001 002 003

Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)

MM1 02 (12-50) 04 (20-70) 06 (30-80) 08 (50-100) MM2 01 (12-50) 05 (50-100) 10 (0-50) 16 (50-100) MM3 03 (50-100) 12 (50-100) 14 (15-65) 15 (50-100)

Analyse

Eenheid

MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

Q

S

001

<5 6 44 61 110

002

<5 <5 <5 <5 <20

003

<5 <5 <5 <5 <20

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Blad 5 van 8

Analyserapport Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Projectnaam Frederikslaan 10a Hillegom Projectnummer 2025-900 Rapportnummer 14268630 - 1

Orderdatum 27-03-2025 Startdatum 27-03-2025 Rapportagedatum 07-04-2025

Monster beschrijvingen

001

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

002

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

003

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

Voetnoten 1

De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.

Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Blad 6 van 8

Analyserapport Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Projectnaam Frederikslaan 10a Hillegom Projectnummer 2025-900 Rapportnummer 14268630 - 1

Orderdatum 27-03-2025 Startdatum 27-03-2025 Rapportagedatum 07-04-2025

Analyse

Monstersoort

Relatie tot norm

monster voorbehandeling

Grond (AS3000)

droge stof

Grond (AS3000)

gewicht artefacten

Grond (AS3000)

aard van de artefacten

Grond (AS3000)

organische stof (gloeiverlies)

Grond (AS3000)

lutum (bodem)

Grond (AS3000)

barium

Grond (AS3000)

cadmium

Grond (AS3000)

kobalt

Grond (AS3000)

koper

Grond (AS3000)

kwik

Grond (AS3000)

lood

Grond (AS3000)

molybdeen

Grond (AS3000)

nikkel

Grond (AS3000)

zink

Grond (AS3000)

naftaleen

Grond (AS3000)

fenantreen

Grond (AS3000)

antraceen

Grond (AS3000)

fluoranteen

Grond (AS3000)

benzo(a)antraceen

Grond (AS3000)

chryseen

Grond (AS3000)

benzo(k)fluoranteen

Grond (AS3000)

benzo(a)pyreen

Grond (AS3000)

benzo(ghi)peryleen

Grond (AS3000)

indeno(1,2,3-cd)pyreen

Grond (AS3000)

pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) hexachloorbenzeen

Grond (AS3000)

Grond: NEN-EN 16179. Grond (AS3000): AS3000 en NEN-EN 16179 Grond: NEN-EN 15934. Grond (AS3000): AS3010-2 en NEN-EN 15934 AS3000 Idem AS3010-3 en NEN 5754. Grond: eigen methode. Grond (AS3000): AS3010-4 AS3010-5 en NEN-EN-ISO 17294-2 (ontsluiting NEN 6961 en NENEN-ISO 54321) Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem AS3010-6 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem

PCB 28

Grond (AS3000)

PCB 52

Grond (AS3000)

PCB 101

Grond (AS3000)

PCB 118

Grond (AS3000)

PCB 138

Grond (AS3000)

PCB 153

Grond (AS3000)

PCB 180

Grond (AS3000)

som PCB (7) (0.7 factor)

Grond (AS3000)

o,p-DDT

Grond (AS3000)

p,p-DDT

Grond (AS3000)

som DDT (0.7 factor)

Grond (AS3000)

o,p-DDD

Grond (AS3000)

p,p-DDD

Grond (AS3000)

som DDD (0.7 factor)

Grond (AS3000)

o,p-DDE

Grond (AS3000)

p,p-DDE

Grond (AS3000)

som DDE (0.7 factor)

Grond (AS3000)

Grond (AS3000)

AS3020-2 AS3010-8 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem AS3020-1 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem

Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Blad 7 van 8

Analyserapport Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Projectnaam Frederikslaan 10a Hillegom Projectnummer 2025-900 Rapportnummer 14268630 - 1

Orderdatum 27-03-2025 Startdatum 27-03-2025 Rapportagedatum 07-04-2025

Analyse

Monstersoort

Relatie tot norm

som DDT,DDE,DDD (0.7 factor)

Grond (AS3000)

aldrin

Grond (AS3000)

dieldrin

Grond (AS3000)

endrin

Grond (AS3000)

som aldrin/dieldrin/endrin (0.7 factor) isodrin

Grond (AS3000)

Idem Idem Idem Idem Idem

som aldrin/dieldrin (0.7 factor)

Grond (AS3000)

telodrin

Grond (AS3000)

alpha-HCH

Grond (AS3000)

beta-HCH

Grond (AS3000)

gamma-HCH

Grond (AS3000)

delta-HCH

Grond (AS3000)

som a-b-c-d HCH (0.7 factor)

Grond (AS3000)

heptachloor

Grond (AS3000)

cis-heptachloorepoxide

Grond (AS3000)

trans-heptachloorepoxide

Grond (AS3000)

som heptachloorepoxide (0.7 factor) alpha-endosulfan

Grond (AS3000)

hexachloorbutadieen

Grond (AS3000)

endosulfansulfaat

Grond (AS3000)

trans-chloordaan

Grond (AS3000)

cis-chloordaan

Grond (AS3000)

som chloordaan (0.7 factor)

Grond (AS3000)

Som organochloorbestrijdingsmiddelen (0.7 factor) waterbodem som organochloorbestrijdingsmiddelen (0.7 factor) landbodem totaal olie C10 - C40

Grond (AS3000)

Idem Idem AS3020-3 AS3020-1 Idem Idem Conform AS3220-1 en AS3220-2

Grond (AS3000)

Conform AS3020

Grond (AS3000)

AS3010-7 en NEN-EN-ISO 16703

Grond (AS3000)

Grond (AS3000)

Idem Eigen methode AS3020-1 Idem Idem Idem AS3020-3 Eigen methode (aceton/hexaan-extractie, clean-up, analyse m.b.v. GCMS) AS3020-1 Idem Idem Idem

Monster

Barcode

Aanlevering

Monstername

Verpakking

001 001 001 001 002 002 002 002 003 003 003 003

O2201841 O2201852 O2201848 O2127804 O2201859 O2127719 O2201847 O2201843 O2201849 O2127809 O2201853 O2201851

27-03-2025 27-03-2025 27-03-2025 27-03-2025 27-03-2025 27-03-2025 27-03-2025 27-03-2025 27-03-2025 27-03-2025 27-03-2025 27-03-2025

26-03-2025 26-03-2025 26-03-2025 26-03-2025 26-03-2025 26-03-2025 26-03-2025 26-03-2025 26-03-2025 26-03-2025 26-03-2025 26-03-2025

SGS201 SGS201 SGS201 SGS201 SGS201 SGS201 SGS201 SGS201 SGS201 SGS201 SGS201 SGS201

Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Blad 8 van 8

Analyserapport Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Projectnaam Frederikslaan 10a Hillegom Projectnummer 2025-900 Rapportnummer 14268630 - 1 Monsternummer:

001

Monster beschrijvingen

MM1 02 (12-50) 04 (20-70) 06 (30-80) 08 (50-100)

Orderdatum 27-03-2025 Startdatum 27-03-2025 Rapportagedatum 07-04-2025

Karakterisering naar alkaantraject benzine

C9-C14

kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie

C10-C16 C10-C28 C20-C36

stookolie

C10-C36

De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.

Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

SGS Environmental Analytics Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl

Analyserapport

Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Mosselaan 67 1934 RA EGMOND AAN DEN HOEF

Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer

Blad 1 van 5

: Frederikslaan 10a Hillegom : 2025-900 : 14273026, versienummer: 1.

Rotterdam, 09-04-2025

Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project 2025-900. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de door SGS geteste monsters en zoals door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics, gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 5 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,

René Eugster Business Unit Manager

SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Blad 2 van 5

Analyserapport Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Projectnaam Frederikslaan 10a Hillegom Projectnummer 2025-900 Rapportnummer 14273026 - 1

Orderdatum 02-04-2025 Startdatum 02-04-2025 Rapportagedatum 09-04-2025

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001

Grondwater (AS3000)

01-1-1 01 (150-250)

Analyse

Eenheid

Q

METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l

S S S S S S S S S

91 <0.2 <2 2.4 <0.05 <2 <2 <3 32

VLUCHTIGE AROMATEN benzeen tolueen ethylbenzeen o-xyleen p- en m-xyleen xylenen (0.7 factor) styreen naftaleen

µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l

S S S S S S S S

<0.2 <0.2 <0.2 <0.1 <0.2 1) 0.21 <0.2 <0.02

GEHALOGENEERDE KOOLWATERSTOFFEN 1,1-dichloorethaan µg/l S 1,2-dichloorethaan µg/l S 1,1-dichlooretheen µg/l S cis-1,2-dichlooretheen µg/l S trans-1,2-dichlooretheen µg/l S som (cis,trans) 1,2µg/l S dichloorethenen (0.7 factor) dichloormethaan µg/l S 1,1-dichloorpropaan µg/l S 1,2-dichloorpropaan µg/l S 1,3-dichloorpropaan µg/l S som dichloorpropanen (0.7 µg/l S factor) tetrachlooretheen µg/l S tetrachloormethaan µg/l S 1,1,1-trichloorethaan µg/l S 1,1,2-trichloorethaan µg/l S trichlooretheen µg/l S chloroform µg/l S vinylchloride µg/l S tribroommethaan µg/l S MINERALE OLIE fractie C10-C12

µg/l

001

<0.2 <0.2 <0.1 <0.1 <0.1 1) 0.14 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2 1) 0.42 <0.1 <0.1 <0.1 <0.1 <0.2 <0.2 <0.2 <0.2

<25

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Blad 3 van 5

Analyserapport Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Projectnaam Frederikslaan 10a Hillegom Projectnummer 2025-900 Rapportnummer 14273026 - 1

Orderdatum 02-04-2025 Startdatum 02-04-2025 Rapportagedatum 09-04-2025

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001

Grondwater (AS3000)

01-1-1 01 (150-250)

Analyse

Eenheid

fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

µg/l µg/l µg/l µg/l

Q

S

001 <25 <25 <25 <50

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Blad 4 van 5

Analyserapport Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Projectnaam Frederikslaan 10a Hillegom Projectnummer 2025-900 Rapportnummer 14273026 - 1

Orderdatum 02-04-2025 Startdatum 02-04-2025 Rapportagedatum 09-04-2025

Monster beschrijvingen

001

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

Voetnoten 1

De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.

Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Blad 5 van 5

Analyserapport Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Projectnaam Frederikslaan 10a Hillegom Projectnummer 2025-900 Rapportnummer 14273026 - 1

Orderdatum 02-04-2025 Startdatum 02-04-2025 Rapportagedatum 09-04-2025

Analyse

Monstersoort

Relatie tot norm

barium

Grondwater (AS3000)

cadmium

Grondwater (AS3000)

kobalt

Grondwater (AS3000)

koper

Grondwater (AS3000)

kwik

Grondwater (AS3000)

lood

Grondwater (AS3000)

molybdeen

Grondwater (AS3000)

nikkel

Grondwater (AS3000)

zink

Grondwater (AS3000)

benzeen

Grondwater (AS3000)

tolueen

Grondwater (AS3000)

ethylbenzeen

Grondwater (AS3000)

o-xyleen

Grondwater (AS3000)

p- en m-xyleen

Grondwater (AS3000)

xylenen (0.7 factor)

Grondwater (AS3000)

styreen

Grondwater (AS3000)

naftaleen

Grondwater (AS3000)

1,1-dichloorethaan

Grondwater (AS3000)

1,2-dichloorethaan

Grondwater (AS3000)

1,1-dichlooretheen

Grondwater (AS3000)

cis-1,2-dichlooretheen

Grondwater (AS3000)

trans-1,2-dichlooretheen

Grondwater (AS3000)

som (cis,trans) 1,2dichloorethenen (0.7 factor) dichloormethaan

Grondwater (AS3000)

AS3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2 Idem Idem Idem AS3110-3 en NEN-EN-ISO 17852 AS3110-3 en NEN-EN-ISO 17294-2 Idem Idem Idem AS3130-1, NEN-EN-ISO 20595 Idem Idem Idem Idem AS3130-1 AS3130-1, NEN-EN-ISO 20595 Idem Idem Idem Idem Idem Idem AS3130-1

1,1-dichloorpropaan

Grondwater (AS3000)

1,2-dichloorpropaan

Grondwater (AS3000)

1,3-dichloorpropaan

Grondwater (AS3000)

som dichloorpropanen (0.7 factor)

Grondwater (AS3000)

tetrachlooretheen

Grondwater (AS3000)

tetrachloormethaan

Grondwater (AS3000)

1,1,1-trichloorethaan

Grondwater (AS3000)

1,1,2-trichloorethaan

Grondwater (AS3000)

trichlooretheen

Grondwater (AS3000)

chloroform

Grondwater (AS3000)

vinylchloride

Grondwater (AS3000)

tribroommethaan

Grondwater (AS3000)

totaal olie C10 - C40

Grondwater (AS3000)

Grondwater (AS3000)

AS3130-1, NEN-EN-ISO 20595 Idem Idem Idem AS3130-1 AS3130-1, NEN-EN-ISO 20595 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem AS3110-5

Monster

Barcode

Aanlevering

Monstername

Verpakking

001 001 001

G7413571 G7413582 B2264743

02-04-2025 02-04-2025 02-04-2025

02-04-2025 02-04-2025 02-04-2025

SGS236 SGS236 SGS204

Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Blad 8 van 8

Analyserapport Vlam Bodem Advies B.V. André Zentveld Projectnaam Frederikslaan 10a Hillegom Projectnummer 2025-900 Rapportnummer 14268630 - 1 Monsternummer:

001

Monster beschrijvingen

MM1 02 (12-50) 04 (20-70) 06 (30-80) 08 (50-100)

Orderdatum 27-03-2025 Startdatum 27-03-2025 Rapportagedatum 07-04-2025

Karakterisering naar alkaantraject benzine

C9-C14

kerosine en petroleum diesel en gasolie motorolie

C10-C16 C10-C28 C20-C36

stookolie

C10-C36

De C10 en C40 pieken zijn toegevoegd door het laboratorium en worden gebruikt als interne standaard.

Paraaf : SGS Environmental Analytics IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028.

SGS Environmental Analytics – Vestiging van SGS Nederland BV, Malledijk 18 - P.O. Box 200, NL-3200 AE Spijkenisse - Nederland. Al onze werkzaamheden worden uitgevoerd onder de algemene voorwaarden gedeponeerd bij de kamer van koophandel te Rotterdam inschrijving handelsregister : 24226722.

Project Kenmerk

: Frederikslaan 10a te Hillegom : 2025-900

BIJLAGE 5:

Betrouwbaarheid onderzoek Het onderhavige onderzoek is op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Bij elk grond- en grondwateronderzoek wordt gestreefd naar een optimale representativiteit. Echter, een dergelijk onderzoek is gebaseerd op het verrichten van een beperkt aantal boringen en het nemen van een beperkt aantal monsters welke chemisch analytisch worden onderzocht. Hierdoor blijft het mogelijk dat plaatselijke afwijkingen in de samenstelling van grond en/of grondwater aanwezig zijn welke tijdens het onderzoek niet naar voren zijn gekomen. Vlam Bodem Advies B.V. is niet aansprakelijk voor hieruit voortvloeiende schade of gevolgen van welke aard ook. Hierbij wordt er tevens op gewezen dat het uitgevoerde bodemonderzoek een momentopname is. Beïnvloeding van grond- en grondwaterkwaliteit zal ook plaats kunnen vinden na uitvoering van dit onderzoek. Naarmate er een langere tijd is verlopen na uitvoering van het onderzoek, dient meer voorzichtigheid/voorbehoud te worden betracht bij het gebruik van de onderzoeksresultaten.

Quickscan Natuur Frederikslaan 10a te Hillegom Oriënterend onderzoek natuur in het kader van de Omgevingswet

Colofon

Status:

Definitief

Project:

2025-0207

Datum:

13 maart 2025

Revisie

23 september 2025

Samensteller:

ing. B.C.E. Vleeshouwers

Collegiale toets:

ing. M.M.G. Vincken

Opdrachtgever:

H. van Kampen B.V.

Contactpersoon:

N. van Kampen

Disclaimer Blom Ecologie B.V. is niet aansprakelijk voor schade die voortkomt uit toepassing van de resultaten van werkzaamheden en/of gegevens verkregen van Blom Ecologie B.V. Niets uit deze rapportage mag zonder schriftelijke toestemming van de opdrachtgever en Blom Ecologie B.V. worden gebruikt door derden. Onder gebruik worden alle vormen van kopie, openbaarmaking en elke andere toepassing begrepen. Deze rapportage mag alleen gebruikt worden voor het doel waarvoor het is samengesteld.

Inhoud Samenvatting

4

1 Inleiding

6

1.1

Planlocatie

7

1.2

Beoogde ruimtelijke ingreep

9

2 Methode

10

2.1

Uitvoering onderzoek

10

2.2

Houdbaarheid en toepassing

10

3 Beoordeling

11

3.1

Soortenbescherming

11

3.2

Specifieke zorgplicht Soorten

15

3.3

Gebiedsbescherming

17

3.4

Houtopstanden

19

3.5

Natuurinclusiviteit

19

4 Conclusie en vervolg

20

4.1

Conclusie

20

4.2

Effecten

20

4.3

Vervolgstappen

20

4.4

Maatregelen

21

Samenvatting Aan de Frederikslaan 10a te Hillegom is een bedrijfsperceel met bedrijfswoning gesitueerd. De initiatiefnemer is voornemens de bebouwing op de planlocatie te slopen ten behoeve van de bouw van zes woningen. De beoogde ruimtelijke ingreep is getoetst aan het onderdeel Natuur onder de Omgevingswet. Er wordt voldaan aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in het kader van de Omgevingswet onderdeel natuur. In onderstaande tabellen wordt weergegeven welke functies en effecten zijn beoordeeld, en welke vervolgstappen en maatregelen worden geadviseerd. Soortgroep

Bescherming

Mogelijke functie

Vervolgstap (H4.3)

Verblijfplaats

Vleermuisonderzoek

Planten Grondgebonden zoogdieren Vleermuizen Gewone dwergvleermuis Laatvlieger Ruige dwergvleermuis Meervleermuis Kleine dwergvleermuis Amfibieën

HR

Reptielen Vissen Insecten en andere ongewervelden Vogels (jaarrond beschermd) Vogels (cat. 5) Vleermuizen algemeen

Potentie

Onderbouwing

Massawinterverblijfplaats (gewone dwergvleermuis) Essentiele vliegroute

Nee

Geen hoge bebouwing met bufferend vermogen

Nee

Geen aantasting van lijnvormige structuren

Essentieel foerageergebied

Nee

Geen aantasting van houtopstanden met struweel en oppervlaktewater

Vleermuissoort

Zomer

Kraam

Paar

Massawinter

Gewone dwergvleermuis

Ja

Ja

Ja

Nee

Ruige dwergvleermuis

Ja

Nee

Ja

Nee

Laatvlieger

Ja

Ja

Ja

Nee

Meervleermuis

Ja

Nee

Nee

Nee

Kleine meervleermuis

Ja

Ja

Ja

Nee

Gebiedsbescherming

Afstand

Mogelijke effecten

Vervolgstap (H4.3)

Natura 2000 Natuurnetwerk Nederland Belangrijk weidevogelgebied Groene buffer Beschermd grasland in de bollenstreek

1,8 km 430 m 3 km 7 km 600 m

Stikstof Geen Geen Geen Geen

Stikstofonderzoek

Vervolgstap (H4.3)

Houtopstanden

Onderdeel

Uitzondering

Eenheid van >1000 m2 Bomenrij van >20 bomen

Afwezig Afwezig

n.v.t. n.v.t.

4

Zorgplicht

Effecten

Maatregel (H4.4)

Algemene zorgplicht Specifieke zorgplicht soorten Specifieke zorgplicht Natura 2000-gebieden Specifieke zorgplicht houtopstanden

n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.

Algemene maatregelen n.v.t. n.v.t. n.v.t.

Figuur 1

Aan de westelijke zijde van de bebouwing is er potentie voor vleermuizen aanwezig

5

1 Inleiding Aan de Frederikslaan 10a te Hillegom is een bedrijfsperceel met een bedrijfspand en bedrijfswoningen gesitueerd. De initiatiefnemer is voornemens de bestaande bebouwing te slopen ten behoeve van de bouw van zes woningen. Het vigerende plan voorziet niet in de beoogde ruimtelijke ingreep en dient derhalve te worden gewijzigd. De beoogde ruimtelijke ingreep heeft mogelijk een negatief effect op beschermde flora en fauna (soortenbescherming), beschermde natuurgebieden (gebiedsbescherming) en/of beschermde houtopstanden. Ten behoeve van de beoogde ruimtelijke ingreep geldt de wettelijke verplichting onderzoek te verrichten naar de aanwezigheid van beschermde flora en fauna en de mogelijke effecten van de ruimtelijke ingreep daarop. H. van Kampen B.V. begeleidt de ruimtelijke procedure en heeft Blom Ecologie verzocht de planlocatie te onderzoeken op aanwezigheid van beschermde soorten, gebieden en houtopstanden. Vervolgens wordt getoetst of de beoogde ruimtelijke ingreep voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties is in het kader van natuurwetgeving en/of provinciaal beleid. Onderzoeksdoelen • Voldoet de wijziging van het omgevingsplan aan de eis dat voldaan moet worden aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (Omgevingswet art.

4.2)? • Welke beschermde flora en fauna zijn (potentieel) aanwezig op de planlocatie en welke negatieve effecten kunnen optreden als gevolg van de beoogde ruimtelijke ingreep? • Heeft de beoogde ruimtelijke ingreep een negatief effect op de instandhoudingsdoelen van Natura 2000-gebieden of de wezenlijke kenmerken en waarden van provinciaal aangewezen beschermde gebieden? • Leidt de beoogde ruimtelijke ingreep tot kap van beschermde houtopstanden? • Dienen er vervolgstappen in het kader van natuurwetgeving en/of provinciaal aangewezen beschermde gebieden te worden genomen, en zo ja, welke?

Figuur 1.1

De planlocatie is gelegen aan de Frederikslaan 10a te Hillegom. 6

1.1

Planlocatie De planlocatie is gelegen aan de Frederikslaan 10a te Hillegom (figuur 1.2). De planlocatie betreft een bedrijfsperceel met een bedrijfspand en bedrijfswoningen. De bebouwing is opgebouwd uit baksteenmuren met een spouw en een plat bitumendak. De planlocatie is grotendeels verhard met geasfalteerde wegen. Aan de noordzijde van de planlocatie stroomt een brede watergang met een steile oever. Deze watergang wordt niet aangetast in de beoogde ontwikkeling. Op de planlocatie zijn meerdere rommelhopen aanwezig. Tevens is er een glazen kas aanwezig aan de noordzijde van de planlocatie. Er is zeer weinig groen aanwezig binnen de planlocatie. In figuur 1.3, figuur 1.4 en bijlage 1 zijn enkele foto’s opgenomen die een impressie geven van de planlocatie en de directe omgeving hiervan.

Figuur 1.2 De planlocatie (rood omkaderd) is gelegen aan de Frederikslaan 10a te Hillegom. De directe omgeving van de planlocatie wordt gekenmerkt door agrarische percelen, watergangen en er zijn enkele bosschages en bomenrijen aanwezig. Op circa 1,3 km is het Landgoed Keukenhof gesitueerd. Op circa 300 m stroomt Kanaal Veenenburg-Elsbroek en op circa 220 m ten westen is een spoorweg gesitueerd.

7

Figuur 1.3 Op de planlocatie is en glazen kas aanwezig.

Figuur 1.4 Fotografische indruk van de planlocatie. 8

1.2

Beoogde ruimtelijke ingreep De beoogde ruimtelijke ingreep betreft de sloop van alle bebouwing ten behoeve van de realisatie van zes woningen. Het vigerende plan voorziet niet in deze beoogde ruimtelijke ingreep, waardoor een planwijziging benodigd is. De huidige planning van de (start van de) werkzaamheden is momenteel onbekend. Onderstaand volgt een korte opsomming van de ingrepen en effecten: • slopen van bebouwing: algemene sloopwerkzaamheden en afvoer sloopmateriaal; • verwijderen terreininrichting, waaronder gedeelte van het groen: graafwerkzaamheden, transport (afvoer) van materiaal en groen; • egaliseren terrein: graafwerkzaamheden en grondtransport; • realisatie nieuwbouw: algemene bouwwerkzaamheden; • revitalisatie terrein en aanleg verharding: allerhande (straat- en hoveniers) werkzaamheden.

9

2 Methode Dit oriënterend onderzoek verkent de relevante vakgebieden met betrekking tot natuurwet- en regelgeving. Hierbij wordt een beoordeling gegeven van de aanwezigheid van specifieke potentie voor beschermde flora en fauna op de planlocatie, de betekenis van de planlocatie voor de aanwezige soorten en de effecten van de voorgenomen ingrepen op de soorten, gebieden en houtopstanden. Dit onderzoek bestaat uit een veldbezoek en raadpleging van externe bronnen. De reikwijdte bestaat uit de Omgevingswet en de provinciale omgevingsverordening. Zie voor het juridisch kader bijlage 2 van dit rapport.

2.1

Uitvoering onderzoek Het veldbezoek is een momentopname van de aanwezige flora en fauna. Op basis van dit veldbezoek wordt een inschatting gemaakt omtrent de mogelijke aanwezigheid van beschermde soorten. Tijdens het veldbezoek is de planlocatie nauwkeurig onderzocht, waarbij ook gelet werd op sporen en delen of restanten van planten en/of dieren. Het veldbezoek heeft plaatsgevonden op 24 februari 2025en is uitgevoerd door ing. B.C.E. Vleeshouwers. De weersomstandigheden tijdens het veldbezoek waren: droog, 8/8 bewolkt, 7 Celsius en windkracht 1 (Bft). Vaak zijn er al gegevens bekend over een planlocatie en de directe omgeving hiervan. Raadpleging van externe bronnen levert vaak nuttige aanvullende informatie op en biedt daarmee een vollediger beeld van de (mogelijk) aanwezige flora en fauna, bovenop het bekende algemene verspreidingsbeeld van beschermde soorten. Deze gegevens worden onder andere beheerd in rapporten en naslagwerken en door de Nationale Databank Flora en Fauna (NDFF). De NDFF wordt geraadpleegd voorafgaand aan het uitvoeren van het veldbezoek en gedurende het rapporteren. Tijdens de zoekopdracht in de NDFF wordt hierbij een zoekgebied met straal van circa 2 km aangehouden rondom de planlocatie. Afhankelijk van het karakter en ligging van de planlocatie kan een afwijkende afstand aangehouden worden. De meest recente datum van raadpleging in de NDFF is d.d.

12 maart 2025. In het kader van de Omgevingswet is door BIJ12 de Beschermde Soorten Indicator (BeSI) ontwikkeld. De indicator geeft per locatie de te verwachten soorten en effecten op verblijfplaatsen en leefgebied. Tot dusver blijken de resultaten van de BeSI ontoereikend, er wordt geen volledig beeld van de te verwachten soorten en effecten verkregen. Blom Ecologie volgt de ontwikkeling van de BeSI nauwgezet en zal de indicator toepassen indien de BeSI toereikend is. Momenteel biedt de NDFF het meest complete inzicht in de verspreiding van soorten. Ten behoeve van voorliggende quickscan is de BeSI niet geraadpleegd.

2.2 Houdbaarheid en toepassing De beoogde ruimtelijke ingreep wordt getoetst aan de voorgenomen ingreep zoals deze door de initiatiefnemer is geformuleerd en de actuele wetgeving en provinciale verordening. Een quickscan Natuur heeft een houdbaarheid van drie jaar, mits binnen deze periode de omstandigheden op de planlocatie, de wetgeving en de provinciale verordening niet wezenlijk veranderen (Omgevingsregeling artikel 7.197j lid 2b).

10

3 Beoordeling 3.1

Soortenbescherming Op basis van het veldbezoek en de bureaustudie wordt per soortgroep besproken wat de potentie van de planlocatie en de directe omgeving daarvan voor het voorkomen van soorten is, en welke effecten daarop te verwachten zijn ten gevolge van de beoogde ruimtelijke ingreep. Voor een aantal van de nationaal beschermde soorten geldt vrijstelling in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen. In de voorliggende beoordeling is specifiek gelet op de potentiële aanwezigheid van beschermde soorten waarvoor geen vrijstelling geldt. Planten Binnen een straal van 2 km van de planlocatie is het voorkomen bekend van de volgende beschermde planten: glad biggenkruid en wilde ridderspoor (NDFF 2020-2025). Glad biggenkruid groeit op zonnige, droge, voedselarme, met name stikstofarme, zwak zure en kalkarme grond. Wilde ridderspoor groeit op zonnige, kalkrijke, matig-stikstofrijke plekken. Voorbeelden hiervan zijn graanakkers, akkerranden, omgewerke ruderale gronden, zeeduinen, bermen en grasland. De planlocatie betreft een verhard bedrijventerrein met aan de noordzijde een met gras begroeide oeverrand. Door de hoge mate aan verharding en de afwezigheid van het juiste habitatype zijn er geen geschikte groeiplaatsen aanwezig, derhalve kan de aanwezigheid van glad biggenkruid en wilde ridderspoor uitgesloten worden.

Ter plaatse van de planlocatie is slechts sprake van inheemse of aangeplante planten zonder beschermde status. Enkele waargenomen soorten betreffen: gewone braam, grote brandnetel, klimop en lavendel. De planlocatie is volledig verhard met asfalt met op de grenzen van de planlocatie vegetatie van de aangrenzende percelen. Op de muren van de bebouwing is geen (beschermde) muurvegetatie aangetroffen. Er zijn geen struiken en bomen aanwezig binnen de planlocatie. De beoogde ruimtelijke ingreep leidt niet tot aantasting van beschermde en/of kwetsbare vegetatie. Gelet op de functie, ligging en het gebruik van het perceel in relatie tot de habitatpreferentie van kwetsbare en zeldzame soorten wordt de aanwezigheid hiervan niet verwacht. Daarnaast zijn beschermde planten niet aangetroffen gedurende het veldbezoek, voor zover deze zichtbaar zijn gedurende de winterperiode. Hiermee kan worden uitgesloten dat er sprake is van het opzettelijk vernielen van beschermde planten in hun natuurlijke verspreidingsgebied. Grondgebonden zoogdieren Binnen een straal van 2 km is de aanwezigheid bekend van de volgende zoogdieren: boommarter, bosmuis, bruine rat, bunzing, damhert, egel, haas, konijn, mol, ree, veldmuis, vos, wezel en woelrat (NDFF 2020-2025).

Voor de volgende soorten geldt dat deze beschermd zijn en dat er geen vrijstelling geldt in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen: boommarter en damhert Tijdens het veldbezoek zijn geen sporen aangetroffen van (beschermde) zoogdieren. De boommarter wordt aangetroffen in groene omgevingen, waaronder bosgebieden, bosschages, parken en groene woonwijken. De boommarter maakt zijn nest in boom(holten), konijn- en dassenholen. De planlocatie betreft een bedrijfsperceel dat volledig verhard is en geen hoge vegetatie zoals struiken en bomen bevat. Doordat er geen vegetatie aanwezig is en de planlocatie volledig verhard is er geen sprake van leefgebied van de boommarter. Derhalve kan de aanwezigheid van de boommarter en zijn verblijfplaatsen uitgesloten worden. Het damhert wordt voornamelijk aangetroffen in lichte loofbossen en gemengde bossen met een dichte onderbegroeiing. Ook wordt het damhert waargenomen bij randzones bij open plekken, graslanden en akkerranden en in parkachtige bosgebieden (Zoogdiervereniging damhert, 2025). De planlocatie betreft een bedrijfsperceel dat volledig verhard is en geen hoge vegetatie zoals struiken en bomen bevat. Derhalve door gebrek van habitat kunnen negatieve effecten op het damhert uitgesloten worden.

11

Door voornoemde is het uitgesloten dat er sprake is van een essentiële functie op de planlocatie voor soorten van de Habitatrichtlijn en niet vrijgestelde andere soorten. Op en rondom de planlocatie zijn geen holen, nesten of sporen aangetroffen die duiden op de aanwezigheid van beschermde zoogdiersoorten die buiten de vrijstelling van de provinciale Omgevingsverordening vallen. Er is ten aanzien van grondgebonden zoogdieren geen sprake van overtreding van verbodsbepalingen. Vleermuizen Binnen een straal van 2 km is het voorkomen bekend van de volgende vleermuissoorten: gewone dwergvleermuis, kleine dwergvleermuis, laatvlieger, meervleermuis, rosse vleermuis en ruige dwergvleermuis (NDFF 2020-2025). Onder de Habitatrichtlijn zijn alle in Nederland voorkomende vleermuizen beschermd (Bal art. 11.46). Laanvormige bomenrijen, oude bomen met gaten en scheuren, (oude) gebouwen met kieren en spleten en/of structuurrijke groenelementen kunnen een functioneel onderdeel zijn van een vleermuishabitat. Ongeacht de mogelijke aanwezigheid van vleermuisverblijfplaatsen kunnen vleermuizen gebruikmaken van de planlocatie tijdens vliegbewegingen en foerageeractiviteiten. Hier dienen in het kader van de specifieke zorgplicht mogelijk maatregelen genomen te worden (zie H4.3). Er zijn geen bomen aanwezig binnen de grenzen van de planlocatie.

De ontwikkeling resulteert derhalve niet in het wegnemen van verblijfplaatsen van boombewonende vleermuizen. De te slopen bebouwing is nauwkeurig geïnspecteerd op de aan- dan wel afwezigheid van potentiële verblijfplaatsen en geschikte invliegopeningen. Alle gevels en daken van de betreffende bebouwing zijn gecontroleerd op eventuele openingen als open stootvoegen, kierende daklijsten, scheefliggende dakpannen, ontbrekende specie en overige gevelafwerkingen die vleermuizen toegang kunnen verlenen tot een open dakruimte en/of spouwmuur. De bebouwing is opgebouwd uit baksteenmuren met spouw en een plat bitumendak met deels een metalen sierlijst en deels een boeiboord. Er zijn geen openingen aanwezig in de boeiboord en sierlijst die leiden naar geschikte locaties voor gebouwbewonende vleermuizen. Aan de westzijde van het bedrijfspand zijn meerdere stootvoegen gesitueerd die in verbinding staan met de spouwmuur. Een gedeelte van de stootvoegen zitten dicht met specie. In de overige stootvoegen is de specie verdwenen. Hierdoor zijn er geschikte invliegopeningen aanwezig in de te slopen bebouwing. Vanwege de hoogte, formaat en de functie van de gebouwen op de planlocatie is er geen sprake van een thermisch buffer, waardoor er geen potentie is voor massawinterverblijfplaatsen van gewone dwergvleermuizen.

De planlocatie is gelegen in een gebied wat door de aanwezigheid van geschikte vliegroutes, foerageergebieden en donkerte geschikt is als leefgebied voor meervleermuis. Wegens de afwezigheid van bekende kraamverblijfplaatsen in de omgeving van het plangebied, en doordat het plangebied niet in de bufferzone van een kraamverblijfplaats aanwezig is (NGB Vleermuisvakberaad), is er geen potentie aanwezig voor kraamverblijfplaatsen van de meervleermuis. Echter is de planlocatie gesitueerd in de bufferzone van een satelietverblijfplaats van de meervleermuis, derhalve is er een mogelijkheid dat er een zomerverblijfplaats van de meervleermuis aanwezig is in de te slopen bebouwing. Gebaseerd op de bekende verspreidingsgegevens, de ligging van de planlocatie (landelijk) en het type bebouwing is potentie voor verblijfplaatsen van de volgende vleermuissoorten: gewone dwergvleermuis, laatvlieger, kleine dwergvleermuis, meervleermuis en ruige dwergvleermuis (tabel 3.1). Om aan- of afwezigheid van vleermuizen vast te stellen dient aanvullend onderzoek plaats te vinden middels veldbezoeken in de periode april-september (zie H4.3). Naast de mogelijkheid dat vleermuizen de planlocatie gebruiken als verblijfplaats, bestaat de mogelijkheid dat vleermuizen de planlocatie gebruiken als foerageergebied en/of vliegroute.

Rond de planlocatie zijn meerdere elementen aanwezig die gebruikt kunnen worden als foerageergebied en vliegroute zoals bomenrijen, bosgebieden, bebouwing en watergangen. Deze elementen worden niet aangetast in de beoogde ontwikkeling. Derhalve is er geen sprake van aantasting van essentiële vliegroutes en foerageergebieden

12

Tabel 3.1

Samenvatting van de beoordeling van verblijfplaatsen, essentiële vliegroute en foerageergebied voor verschillende vleermuissoorten.

Vleermuissoort

Potentie

Onderbouwing

Gewone dwergvleermuis

Ja

Geschikte openingen in bebouwing

Ruige dwergvleermuis

Ja

Geschikte openingen in bebouwing

Laatvlieger

Ja

Geschikte openingen van voldoende grootte in bebouwing

Gewone grootoorvleermuis

Nee

Planlocatie ligt binnen stedelijk gebied met (te) veel lichtverstoring

Kleine dwergvleermuis

Ja

Geschikte openingen in bebouwing

Meervleermuis

Ja

Aanwezigheid oppervlaktewater in de omgeving en binnen bekende verspreiding

Watervleermuis

Nee

Geen bomenkap

Rosse vleermuis

Nee

Geen bomenkap

Tweekleurige vleermuis

Nee

Binnen/buiten bekende verspreiding en afwezigheid van hoge bebouwing (>4 bouwlagen) voor paarverblijfplaatsen

Vleermuizen algemeen

Potentie

Onderbouwing

Massawinterverblijfplaats (gewone dwergvleermuis)

Nee

Essentiele vliegroute

Nee

Geen hoge bebouwing met bufferend vermogen, verblijfplaats wordt te warm of te koud in de winter. Verblijfsruimte niet in de overgang tussen warm en koud. Voldoende beter geschikte structuren in de omgeving. Geen aantasting van lijnvormige structuren

Essentieel foerageergebied

Nee

Tabel 3.2

Geen aantasting van houtopstanden met struweel en oppervlaktewater

Samenvatting van de potentie voor vleermuissoorten op de planlocatie.

Vleermuissoort

Zomer

Kraam

Paar

Massawinter

Gewone dwergvleermuis

Ja

Ja

Ja

Nee

Ruige dwergvleermuis

Ja

Nee

Ja

Nee

Laatvlieger

Ja

Ja

Ja

Nee

Kleine dwergvleermuis

Ja

Ja

Ja

Nee

Meervleermuis

Ja

Nee

Nee

Nee

Amfibieën Binnen een straal van 2 km is de aanwezigheid bekend van de volgende amfibieënsoorten: bastaardkikker, bruine kikker, gewone pad, kleine watersalamander, meerkikker en rugstreeppad (NDFF 2020-2025). Voor de rugstreeppad geldt dat deze beschermd is en dat er geen vrijstelling geldt in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen. Amfibieën leven zowel in een aquatische als terrestrische omgeving. Deze omgevingen betreffen voortplantingswater, foerageergebieden en overwinteringsstructuren. Deze habitatonderdelen dienen op korte afstand van elkaar te liggen. Tijdens het veldbezoek zijn geen amfibieën aangetroffen op de planlocatie. De rugstreeppad is een soort dat voornamelijk wordt aangetroffen in gebieden die in pioniersstadiums bevinden. Gebieden zoals ruige, onbeschaduwde terreinen met lage tot geen vegetatie zoals duingebieden, open heideterreinen, braakliggende bouwterreinen en zandafgravingen zijn geschikt voor rugstreeppadden. Het voortplantingswater van de rugstreeppad dient ondiep en snel op te warmen. Tevens dient het voortplantingswater vrij van vis te zijn (BIJ12 kennisdocument Rugstreeppad, 2017; Creemers & Van Delft, 2009). De planlocatie betreft een volledig verhard bedrijfsterrein met aan de noordzijde een groene oever. De watergang betreft een brede, diepe watergang met relatief steile oevers.

13

Deze watergang staat in verbinding met andere wateren derhalve is er een grote kans dat er vis aanwezig is. Door de grote van het water en de mogelijke aanwezigheid van vis is de watergang niet geschikt voor de rugstreeppad als voortplantingswater. Binnen de planlocatie zijn geen ruige terreinen, oppervlaktewateren of zandgronden aanwezig. Door het gebrek aan geschikt land- en waterhabitat kan de aanwezigheid van de rugstreeppad uitgesloten worden. Ondanks het gebrek aan gebrek aan voortplantingswater en geschikt leefgebied in de huidige staat van de planlocatie kan er gedurende de werkzaamheden geschikte plassen en leefgebieden ontstaan voor deze soort, derhalve dienen er maatregelen opgevolgd te worden om spontane kolonisatie van de rugstreeppad te voorkomen (zie bijlage 4). Er is ten aanzien van amfibieën geen sprake van overtreding van verbodsbepalingen. Reptielen Binnen een straal van 2 km is de aanwezigheid bekend van zandhagedis (NDFF 2020-2025). Voor alle inheemse reptielen geldt dat deze beschermd zijn en geen vrijstelling geldt in het kader van ruimtelijke ontwikkelingen. De zandhagedis komt voor op zandige, droge en open terreinen zoals heide en duinen. De aanwezigheid van zonnige open plekken en zand waar eieren in afgezet kunnen worden is essentieel om het leefgebied van de zandhagedis te vormen (BIJ12 kennisdocument Zandhagedis, 2017, Creemers & van Delft, 2009).

De planlocatie betreft een volledig verhard bedrijfsterrein met aan de noordzijde een groene oever. Binnen de planlocatie zijn geen elementen aanwezig die van belang zijn voor het leefgebied van deze soort. Door het gebrek van leefgebied kan de aanwezigheid van de zandhagedis uitgesloten worden. Reptielen zijn over het algemeen verbonden aan structuurrijke en weinig verstoorde biotopen als heidevelden, bosgebied en natuurlijke oevers. Door de afwezigheid van structuurrijke biotopen en de hoge mate van menselijke verstoring is het voorkomen van beschermde reptielen binnen het plangebied uitgesloten. Er is ten aanzien van reptielen geen sprake van overtreding van verbodsbepalingen. Vissen Binnen een straal van 2 km is de aanwezigheid van beschermde vissoorten niet bekend (NDFF 20202025). Mogelijk leiden de beoogde werkzaamheden (tijdelijk) tot verstoringen (geluid/trillingen), echter zijn er in de watergangen voldoende uitwijkmogelijkheden voorhanden buiten de verstoringszone. Er is ten aanzien van vissen geen sprake van overtreding van verbodsbepalingen. Insecten en andere ongewervelden Binnen een straal van 2 km is de aanwezigheid van beschermde insecten of ongewervelden niet bekend (NDFF 2020-2025).

Op de planlocatie zijn geen plantensoorten aangetroffen die specifiek voor een beschermde ongewervelde een waardplant vormen, voor zover deze plantensoorten gedurende de winterperiode zichtbaar zijn. Ook is er geen sprake van oud hout, zure vennetjes of andere specifieke omstandigheden die duiden op de mogelijke aanwezigheid van beschermde insecten of andere ongewervelden. Er is ten aanzien van insecten en andere ongewervelden geen sprake van overtreding van verbodsbepalingen. Vogels Op de planlocatie en de directe omgeving hiervan zijn tijdens het veldbezoek de volgende soorten waargenomen: blauwe reiger, kievit, pimpelmees en waterhoen. Gedurende het veldbezoek zijn geen individuen, nesten en/of sporen aangetroffen van vogelsoorten met een jaarrond beschermde nestlocatie en/of leefgebied. Binnen een straal van 100 meter van de planlocatie is vastgestelde aanwezigheid van nestlocaties van jaarrond beschermde vogels niet bekend (NDFF 2020-2025). Vogels - Jaarrond beschermde nestlocaties De nestplaats van huismus en gierzwaluw is in de regel gebonden aan bebouwing. Voornamelijk in de dakruimte onder een pannendak (BIJ12 Kennisdocument Huismus en Gierzwaluw, 2023). Het bedrijfspand beschikt over een plat bitumen dak met een metalen sierlijst en een boeiboord langs de 14

rand van het dak. In de bebouwing zijn geen openingen aanwezig de gebruikt kunnen worden als nestlocatie van huismus en gierzwaluw. Het voorkomen van nestlocaties van huismus en gierzwaluw op de planlocatie kan derhalve uitgesloten worden. De beoogde ruimtelijke ingreep leidt niet tot aantasting van groene delen. De planlocatie is volledig verhard en bevat geen struiken, echter zijn er voldoende groenstructuren in de directe omgeving van de planlocatie aanwezig. Derhalve resulteert de beoogde ontwikkeling niet tot afname van functioneel huismusleefgebied. Van aantasting van nestlocaties van gierzwaluw en huismus en functioneel leefgebied van de huismus is derhalve geen sprake. In de bebouwing zijn geen sporen van uilen met jaarrond beschermde nesten (kerkuil en steenuil) aangetroffen. Er zijn geen grote nesten of horsten aangetroffen in de bomen rondom de planlocatie. De aanwezigheid van nestlocaties en vaste rustplaatsen van in bebouwing en bomen broedende soorten als buizerd, kerkuil, steenuil, sperwer en ransuil kan uitgesloten worden. De planlocatie is volledig verhard en is derhalve niet geschikt om als leefgebied te dienen van uilen en roofvogelsoorten.

Er is wat betreft vogels met jaarrond beschermde nesten geen sprake van het vangen of doden van individuen, het wegnemen van rust- of nestplaatsen, of het wegnemen van structuren die essentieel zijn in het functioneren van rust- of nestplaatsen. Vogels - Algemene broedvogels en vogels met jaarrond beschermde nesten als er sprake is van ecologisch zwaarwegende redenen De planlocatie kent slechts een zeer beperkt voedselaanbod en nauwelijks structuurrijke schuilgelegenheden voor algemene soorten. Tijdens het veldbezoek zijn er weinig tot geen groene structuren waargenomen die verloren gaan door de voorgenomen ontwikkeling. De aanwezige groenstructuren aan de randen van het plangebied blijven behouden en worden niet aangetast. De locatie biedt voor algemene broedvogels, zoals merel, duif en kleine zangvogels, slechts in zeer beperkte mate geschikt nest- en leefgebied. Er is daarom geen sprake van aantasting van nestlocaties of functionele leefomgeving van deze soorten door de beoogde ontwikkeling. Conform de Omgevingswet geldt dat de nesten en de functionele leefomgeving van broedvogels tijdens het broedseizoen beschermd zijn. Dit broedseizoen loopt, afhankelijk van klimatologische omstandigheden, indicatief van 15 maart tot en met 15 juli, maar kan in werkelijkheid vroeger starten of later eindigen.

Om overtreding van de wet te voorkomen, dienen werkzaamheden buiten het broedseizoen plaats te vinden of moet de planlocatie voorafgaand aan de werkzaamheden ongeschikt worden gemaakt voor broedvogels. Indien werkzaamheden toch binnen het broedseizoen aanvangen, dient voorafgaand een inspectie door een deskundige plaats te vinden om vast te stellen dat er geen actieve nesten aanwezig zijn. Exoten Er geldt een Europees verbod op bezit, handel, kweek, transport en import van schadelijke exotische planten en dieren onder de Unielijst. Op de planlocatie zijn gedurende het veldbezoek en de bureaustudie (NDFF 2019-2024) geen soorten aangetroffen die vallen onder de Unielijst Exoten. Tevens zijn er geen exoten aangetroffen welke niet zijn opgenomen onder de Unielijst Exoten waar maatregelen of vervolgstappen voor geadviseerd worden.

3.2 Specifieke zorgplicht Soorten Binnen een straal van 100 m zijn waarnemingen bekend van de volgende Vrl art. 4.2 en bijlage 1-soorten, Rode Lijst-soorten, Hrl bijlage II, IV en V soorten en nationaal beschermde soorten: watersnip (NDFF 2020-2025). Voor alle activiteiten die uitgevoerd worden en mogelijk negatieve gevolgen kunnen hebben, moeten deze negatieve gevolgen zoveel mogelijk voorkomen, beperkt of ongedaan gemaakt worden.

15

Het plangebied bestaat uit een volledig verhard bedrijfsterrein met geen groenstructuren aanwezig. Tijdens het veldbezoek is er onderzoek gedaan naar aanwijzingen van de aanwezigheid op de locatie waar de activiteit verricht wordt of in de directe omgeving van de locatie. Tijdens het veldbezoek zijn geen soorten aangetroffen welke vallen onder de Specifieke zorgplicht. Er is wat betreft de watersnip en op soorten van de Habitatrichtlijn en Rode Lijst geen sprake van nadelige effecten ten gevolge van de beoogde ruimtelijke ontwikkeling door de volledige verharding van de planlocatie. Gezien het bovenstaande zijn er geen preventieve maatregelen benodigd.

16

3.3 Gebiedsbescherming Natura 2000 De planlocatie maakt geen deel uit van een Natura 2000-gebied. Op een afstand van circa 1,8 km ligt het Natura 2000-gebied ‘Kennemerland-Zuid’ (figuur 3.1).

Figuur 3.1 De planlocatie ligt op een afstand van circa 1,8 km tot het Natura 2000-gebied ‘KennemerlandZuid’ (bron: nationaal Georegister PDOK). De beoogde ruimtelijke ingreep betreft de realisatie van zes woningen. Ondanks dat deze buiten een Natura 2000-gebied uitgevoerd wordt, kunnen er nog steeds effecten optreden. Voor een aantal effecten (trillingen, geluid, optische verstoring etc.) geldt dat de afstand tot de omliggende Natura 2000-gebieden en haar instandhoudingsdoelstellingen per definitie te groot is om te resulteren in negatieve effecten. Een toename in stikstofdepositie kan een negatief effect sorteren op stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden. Ten opzichte van de huidige situatie leidt de beoogde ruimtelijke ingreep in de gebruiksfase tot een toename in het aantal verkeersbewegingen. De nieuwbouw zal zonder gasaansluiting in de gebruiksfase geen stikstofuitstoot hebben. Gedurende de aanlegfase kan er een beperkte en tijdelijke stikstofemissie verwacht worden ten gevolge van het gebruik van mobiele werktuigen en bijbehorende verkeersbewegingen. Gezien de geringe afstand (1,8 km) tussen het plangebied en het Natura 2000-gebied ‘KennemerlandZuid’, wordt geadviseerd om een stikstofonderzoek met de AERIUS Calculator uit te voeren. Ten aanzien van de specifieke zorgplicht Natura 2000-gebieden hoeven er geen maatregelen getroffen te worden.

Kaderrichtlijn water De planlocatie ligt niet in een Kaderrichtlijn water-lichaam. KRW-toetsing is niet van toepassing. Provinciaal aangewezen gebieden De planlocatie maakt geen deel uit van een beschermd gebied betreffende beschermingscategorie 1 (Natuurnetwerk Nederland en beschermd grasland in de Bollenstreek) of beschermingscategorie 2 (Belangrijk weidevogelgebied en Groene buffer). Op een afstand van circa 430 m ligt het Natuurnetwerk Nederland (figuur 3.2). De planlocatie is gelegen op een afstand van circa 600 m tot beschermd grasland in de Bollenstreek (figuur 3.3). Op een afstand van circa 3 km ligt Belangrijk weidevogelgebied en op een afstand van circa 7 km ligt de Groene buffer (geen kaartweergave). 17

Er zijn geen karakteristieke landschapselementen aanwezig op de planlocatie die weggenomen worden ten gevolge van de beoogde ingreep. Ten aanzien van provinciaal aangewezen gebieden geldt dat externe werking geen toetsingskader is.

Figuur 3.2 De planlocatie ligt op een afstand van circa 430 m tot het Natuurnetwerk Nederland (bron: ruimtelijkeplannen.zuid-holland.nl).

Figuur 3.3 De planlocatie ligt op een afstand van circa 600 m tot het Beschermd grasland in de bollenstreek (bron: ruimtelijkeplannen.zuid-holland.nl).

18

3.4 Houtopstanden In de beoogde ingreep vinden geen kapwerkzaamheden plaats.

3.5 Natuurinclusiviteit Een robuuste natuur draagt bij aan een aangename en klimaatbestendige leefomgeving. Binnen de beoogde ontwikkeling is ruimte om enkele maatregelen te treffen ten gunste van inheemse natuur. De planlocatie kan mogelijk bijdragen aan het verbinden van verschillende groene structuren. Bij voorkeur wordt groenstroken beplant met inheemse bomen, struiken en planten en in de beoogde bebouwing inbouwstenen gerealiseerd voor diverse vogel- en vleermuissoorten.

19

4 Conclusie en vervolg 4.1

Conclusie De sloop van het bedrijfspand ten behoeve van de realisatie van zes woningen aan de Frederikslaan 10a te Hillegom wordt voldaan aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in het kader van de Omgevingswet onderdeel natuur.

4.2 Effecten De beoogde ruimtelijke ingreep leidt niet tot overtreding van verbodsbepalingen omtrent gebiedsbescherming en houtopstanden. Er dienen enkele algemene maatregelen worden getroffen ten aanzien van de algemene zorgplicht, foeragerende vleermuizen en algemene broedvogels. Voorafgaand aan de werkzaamheden dient met aanvullend onderzoek te worden vastgesteld of de te slopen bebouwing een relevante functie heeft voor gebouwbewonende vleermuizen (soortenbescherming). Indien er sprake is van overtreding van verbodsbepalingen kan bevoegd gezag onder voorwaarden een omgevingsvergunning flora- en fauna-activiteit verlenen. De voorwaarden betreffen: er is geen andere bevredigende oplossing, er is sprake van een wettelijk belang (vleermuizen: er is sprake van een reden van sociale of economische aard) en er wordt geen afbreuk gedaan aan de gunstige staat van instandhouding van de soort (een robuust en ruim maatregelenpakket van tijdelijke en permanente voorzieningen is hiertoe uitvoerbaar). Om negatieve effecten omtrent gebiedsbescherming uit te sluiten, dient vooraf een stikstofonderzoek door middel van de AERIUS Calculator uitgevoerd te worden.

Wegens het voorgaande onderzoek is er geen reden om aan te nemen dat een eventueel benodigde omgevingsvergunning flora- en fauna-activiteit, mits de juiste maatregelen worden getroffen, er sprake is van een gedegen alternatievenafweging en een wettelijk belang kan worden aangevoerd, niet verkregen zou kunnen worden. Hiermee mag geconcludeerd worden dat voldaan wordt aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

4.3 Vervolgstappen Vervolgstappen • Voor de beoogde ruimtelijke ingreep dient aanvullend onderzoek naar vleermuizen uitgevoerd te worden. Een aanvullend onderzoek naar vleermuizen wordt uitgevoerd middels minimaal vijf gerichte veldbezoeken in de periode 15 april t/m 30 september, conform het meest actuele Vleermuisprotocol (NGB). Hiervan dienen drie rondes in het voorjaar en twee rondes in het najaar plaats te vinden. De potentie van de planlocatie voor verschillende typen verblijfplaatsen en vleermuissoorten wordt in tabel 3.1 en 3.2 uiteengezet. Er is geen sprake van aantasting van een mogelijk essentieel foerageergebied of essentiële vliegroute. • Voor de beoogde ruimtelijke ingreep dient rekenkundig inzichtelijk te worden gemaakt of er sprake is van een verhoging van stikstofdepositie binnen stikstofgevoelige habitattypen en leefgebieden van Natura 2000-gebieden. Dit kan door een stikstofonderzoek uit te voeren middels de AERIUS Calculator.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hillegom.nl/api/v1/meetings/1830/documents/24684