02. Wijzigingsverordening 2026 van Erfgoedverordening gemeente Hillegom 2024.pdf
Tekst van het document
Wijzigingsverordening 2026 van Erfgoedverordening gemeente Hillegom 2024
I.
WIJZIGINGSVERORDENING De Erfgoedverordening gemeente Hillegom 2024 wordt als volgt gewijzigd: A. Artikel 9 komt te luiden: Artikel 9. Aanvraag, beslistermijn en inhoud aanwijzingsbesluit 1. Op een aanvraag om aanwijzing dient te worden besloten binnen 26 weken na ontvangst van de aanvraag. 2. Een aanvraag bevat in ieder geval motivering in de vorm van een inventarisatie en onderzoek naar de cultuurhistorische waarden van het object. 3. De aanwijzing bevat in ieder geval de plaatselijke aanduiding van het gemeentelijke monument, de datum van aanwijzing, de kadastrale aanduiding en een beschrijving van het gemeentelijke monument. B. Artikel 14: Het tweede lid, onder b wordt vervangen door de tekst: b. enkel inpandige wijzigingen, voor zover deze wijzigingen niet vergunningplichtig zijn op grond van het Besluit Bouwwerken Leefomgeving. Artikel 14 komt daarmee te luiden: Artikel 14. Omgevingsvergunning gemeentelijk monument 1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning van burgemeester en wethouders een gemeentelijk monument: a. te slopen, te verstoren, te verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen, of b. te herstellen, te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op: a.
de uitvoering van normaal onderhoud, voor zover detaillering, profilering, vormgeving, materiaalsoort en kleur van het monument niet wijzigen, en voor zover de aanleg van een tuin, park of andere aanleg, niet wijzigt; b. enkel inpandige wijzigingen, voor zover deze wijzigingen niet vergunningplichtig zijn op grond van het Besluit Bouwwerken Leefomgeving.; c. het binnen een monument dat als begraafplaats in gebruik is met inachtneming van de monumentale waarden: 1. plaatsen van grafmonumenten, met inbegrip van het tijdelijk verwijderen daarvan en het bijwerken van het opschrift; 2. doen van begravingen of as bijzettingen, of 3. ruimen van graven waarvan het grafmonument niet is beschermd als gemeentelijk monument. 3. Burgemeester en wethouders kunnen in het belang van de instandhouding van het gemeentelijk monument nadere regels stellen over de uitvoering van werkzaamheden aan een gemeentelijk monument. Deze regels kunnen mede inhouden een vrijstelling van het verbod, bedoeld in het eerste lid, of een plicht tot het melden van handelingen bedoeld in het tweede lid.
II.
INWERKINGTREDING Deze verordening treedt in werking de dag na bekendmaking.
Aldus besloten in de raadsvergadering van 12 februari 2026,
Y.P.A. Hermans Griffier
R. ter Hark Voorzitter
TOELICHTING De gemeente werkt samen met eigenaren en cultuurhistorische verenigingen aan het behoud van erfgoed. Met deze Verordening worden een tweetal artikelen van de Erfgoedverordening gemeente Hillegom 2024 gewijzigd. Het gaat om artikel 9 en artikel 14 van deze Verordening. Aan artikel 9 wordt toegevoegd dat de aanvrager bij een aanvraag tot het aanwijzen van een object als monument, een inventarisatie meestuurt van de cultuurhistorische waarden van het object. Dit is nodig om de aanvraag goed te kunnen beoordelen. Ingevolge artikel 12, tweede lid van de Erfgoedverordening is deze wijziging ook van toepassing op verzoeken om een object te schrappen van de gemeentelijke monumentenlijst, Van artikel 14 wordt het tweede lid gewijzigd. In de Erfgoedverordening wordt een uitzondering gemaakt voor inpandige wijzigingen aan een monument. Deze uitzondering geldt alleen voor werkzaamheden, waarvoor niet op grond van het Besluit bouwwerken Leefomgeving al een omgevingsvergunningplicht geldt. In het Besluit bouwwerken leefomgeving zijn landelijke regels gesteld met betrekking tot onder andere de constructieve veiligheid, de brandveiligheid, en isolatieeisen.
Als de draagconstructie of de brandcompartimentering van een monument wijzigt, kan dit van invloed zijn op de monumentale waarden van dit pand zoals het historische casco, of risico’s met zich meebrengen voor het behoud van het monument. In die gevallen is dus wel een vergunning vereist. De huidige en gewijzigde tekst zijn in de onderstaande tabel naast elkaar weergegeven, met de gewijzigde onderdelen onderstreept en schuingedrukt. Bestaande tekst
Nieuwe tekst
Artikel 9. Beslistermijn en inhoud aanwijzingsbesluit
Artikel 9. Aanvraag, Beslistermijn en inhoud aanwijzingsbesluit
1.Op een aanvraag om aanwijzing dient te worden besloten binnen 26 weken na ontvangst van de aanvraag.
1.Op een aanvraag om aanwijzing dient te worden besloten binnen 26 weken na ontvangst van de aanvraag.
2.De aanwijzing bevat in ieder geval de plaatselijke aanduiding van het gemeentelijke monument, de datum van aanwijzing, de kadastrale aanduiding en een beschrijving van het gemeentelijke monument.
2. Een aanvraag bevat in ieder geval motivering in de vorm van een inventarisatie en onderzoek naar de cultuurhistorische waarden van het object. 3. De aanwijzing bevat in ieder geval de plaatselijke aanduiding van het gemeentelijke monument, de datum van aanwijzing, de kadastrale aanduiding en een beschrijving van het gemeentelijke monument.
Artikel 14. Omgevingsvergunning gemeentelijk monument 1.Het is verboden zonder omgevingsvergunning van burgemeester en wethouders een gemeentelijk monument: a. te slopen, te verstoren, te verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen, of b. te herstellen, te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht.
Artikel 14. Omgevingsvergunning gemeentelijk monument 1.Het is verboden zonder omgevingsvergunning van burgemeester en wethouders een gemeentelijk monument: a. te slopen, te verstoren, te verplaatsen of in enig opzicht te wijzigen, of b. te herstellen, te gebruiken of te laten gebruiken op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht.
2.Het eerste lid is niet van toepassing op: a. de uitvoering van normaal onderhoud, voor zover detaillering, profilering, vormgeving, materiaalsoort en kleur van het monument niet wijzigen, en voor zover de aanleg van een tuin, park of andere aanleg, niet wijzigt;
2.Het eerste lid is niet van toepassing op: a. de uitvoering van normaal onderhoud, voor zover detaillering, profilering, vormgeving, materiaalsoort en kleur van het monument niet
b. alleen inpandige veranderingen van een onderdeel van het monument dat uit het oogpunt van monumentenzorg geen waarde heeft; c. het binnen een monument dat als begraafplaats in gebruik is met inachtneming van de monumentale waarden: 1°. plaatsen van grafmonumenten, met inbegrip van het tijdelijk verwijderen daarvan en het bijwerken van het opschrift; 2°. doen van begravingen of as bijzettingen, of 3°. ruimen van graven waarvan het grafmonument niet is beschermd als gemeentelijk monument. 3.Burgemeester en wethouders kunnen in het belang van de monumentenzorg nadere regels stellen met betrekking tot de uitvoering van werkzaamheden aan een gemeentelijk monument. Deze regels kunnen mede inhouden een vrijstelling van het verbod, bedoeld in het eerste lid, of een plicht tot het melden van handelingen bedoeld in het tweede lid.
wijzigen, en voor zover de aanleg van een tuin, park of andere aanleg, niet wijzigt; b. enkel inpandige wijzigingen, voor zover deze wijzigingen niet vergunningplichtig zijn op grond van het Besluit Bouwwerken Leefomgeving.; c. het binnen een monument dat als begraafplaats in gebruik is met inachtneming van de monumentale waarden: 1°. plaatsen van grafmonumenten, met inbegrip van het tijdelijk verwijderen daarvan en het bijwerken van het opschrift; 2°. doen van begravingen of as bijzettingen, of 3°. ruimen van graven waarvan het grafmonument niet is beschermd als gemeentelijk monument. 3.Burgemeester en wethouders kunnen in het belang van de monumentenzorg nadere regels stellen met betrekking tot de uitvoering van werkzaamheden aan een gemeentelijk monument. Deze regels kunnen mede inhouden een vrijstelling van het verbod, bedoeld in het eerste lid, of een plicht tot het melden van handelingen bedoeld in het tweede lid.
Aan de toelichting behorende bij de erfgoedverordening worden ook een aantal aanpassingen gedaan. Deze zijn hieronder weergegeven: Toelichting – Algemeen – Inleiding, 1e alinea: Toevoegen ‘De gemeente werkt samen met eigenaren en cultuurhistorische verenigingen aan het behoud van erfgoed’. Toelichting – Algemeen – Inleiding, 1e alinea, eerste zin komt daarmee te luiden: ‘De gemeente werkt samen met eigenaren en cultuurhistorische verenigingen aan het behoud van erfgoed’. Toelichting - Artikel 14: Tekst toevoegen na laatste zin. ‘In de Erfgoedverordening is een uitzondering gemaakt voor inpandige wijzigingen aan een monument. Deze uitzondering geldt alleen voor werkzaamheden, waarvoor niet op grond van het Besluit bouwwerken Leefomgeving al een omgevingsvergunningplicht geldt. In het Besluit bouwwerken leefomgeving zijn landelijke regels gesteld met betrekking tot onder andere de constructieve veiligheid, de brandveiligheid, en isolatie-eisen. Als de draagconstructie of de brandcompartimentering van een monument wijzigt, kan dit van invloed zijn op de monumentale waarden van dit pand zoals het historische casco, of risico’s met zich meebrengen voor het behoud van het monument. In die gevallen is dus wel een vergunning vereist.’