01. CONCEPT Verordening verblijfsbelasting Hillegom 2027
Tekst van het document
CONCEPT Verordening op de heffing en de invordering van verblijfbelasting Hillegom 2027 De raad van de gemeente Hillegom Gelet op het bijbehorende raadsvoorstel: <………….> Gelet op: artikel 224 van de Gemeentewet Besluit: Vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van verblijfbelasting Hillegom 2027 Artikel 1. Belastbaar feit Onder de naam ‘verblijfs’ wordt een directe belasting geheven voor: a. het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven; b. het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven, indien deze personen gedurende hun verblijf beroeps- of bedrijfsmatige werkzaamheden verrichten voor of in opdracht van anderen. Tot beroeps- of bedrijfsmatige werkzaamheden behoren niet de nevenactiviteiten van studenten. Artikel 2. Belastingplicht 1. Belastingplichtig is degene die tegen vergoeding gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 2 in hem ter beschikking staande ruimten dan wel op hem ter beschikking staande terreinen. 2.
De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene ter zake van wiens verblijf de belasting verschuldigd wordt. 3. Indien met toepassing van het eerste lid geen belastingplichtige is aan te wijzen, is belastingplichtig degene die overeenkomstig het bepaalde in artikel 2 verblijf houdt. Artikel 3. Vrijstellingen De belasting wordt niet geheven ter zake van het verblijf: a. door degene die verblijft in een toegelaten instelling als bedoeld in artikel 4 van de Wet toetreding zorgaanbieders; b. van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt in een gelegenheid als bedoeld in artikel 2 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers; c. van een minderjarige kind dat deelneemt aan een schoolreis en/of werkweek, georganiseerd door een van overheidswege erkende Nederlandse onderwijsinstelling, en daarbij onder leiding overnacht in een daarvoor aangewezen (jeugd-); d. Van een minderjarig kind dat deelneemt aan een scoutingactiviteit en daarbij onder leiding overnacht in een daarvoor aangewezen (jeugd)-groepsverblijf. Artikel 4. Maatstaf van heffing De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen. Artikel 5.
Belastingtarief Het tarief bedraagt per persoon per overnachting € 1,75. Artikel 6. Belastingjaar Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Artikel 7. Wijze van heffing 1. De belasting wordt bij wege van aanslag geheven. 2. Er kan een voorlopige aanslag worden opgelegd voor ten hoogste het bedrag waarop de aanslag vermoedelijk zal worden vastgesteld. Artikel 8. Termijnen van betaling 1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald binnen twee maanden na dagtekening van het aanslagbiljet. 2. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande lid gestelde termijnen. Artikel 9. Aanslaggrens Belastingbedragen van minder dan € 10,00 worden niet geheven. Artikel 10. Kwijtschelding Bij de invordering van de verblijfs wordt geen kwijtschelding verleend. Artikel 11. Registratieplicht 1. De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden verblijfhoudenden te registreren in een daarvoor bestemd nachtverblijfregister. 2. De verplichting als bedoeld in de voorgaande leden geldt niet voor zover de belasting- plichtige een gedegen registratie voert waaruit het nachtverblijf van verblijfhoudenden kan worden vastgesteld. Artikel 12. Aanmeldingsplicht 1.
De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening gelegenheid tot het houden van nachtverblijf verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de aangewezen ambtenaren, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d en artikel 232, vierde lid, onderdelen a en c, van de Gemeentewet. 2. De verplichting als bedoeld in het voorgaande lid geldt niet voor de belastingplichtige die met betrekking tot het jaar voorafgaand aan het belastingjaar in de heffing van verblijfs betrokken is. Artikel 13. Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van bekendmaking. 2. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2027. Artikel 14. Citeertitel Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening verblijfbelasting Hillegom 2027’. Ondertekening Aldus besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad van Hillegom van < dag >, < datum > de griffier, de voorzitter,