CConstaterende datHeumen
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Uitgangspunten Regionaal Programma Werklocaties 2025-2028

Raad 17 oktober 2024, gemeente HeumenBij agendapunt: Uitgangspunten Regionaal Programma Werklocaties 2025-20281.385 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL

Raadsvergadering: Onderwerp: Wordt behandeld door:

17 oktober 2024 Uitgangspunten Regionaal Programma Werklocaties 2025-2028 Rob Engels

Voorstel In te stemmen met de conceptbrief aan de GMR met de zienswijzen uitgangspuntennotitie voor het RPW 2025-2028. Inleiding Met het Regionaal Programma Werklocaties (RPW) maken 16 gemeenten in de Groene Metropoolregio (GMR) elke vier jaar afspraken over de programmering van werklocaties (bedrijventerreinen, kantoren en detailhandel). In het nieuwe RPW komt worden hier afspraken over campussen aan toegevoegd. Elke 2 jaar is er een tussentijdse monitoring. Op dit moment bereiden we ons voor op een nieuw RPW voor de periode 2025 2028. Voordat het concept-RPW aan alle raden wordt voorgelegd haalt de Groene Metropoolregio zienswijzen op over de belangrijkste uitgangspunten van het nieuwe RPW. Daar gaat dit raadsvoorstel over. Het RPW zal dus twee keer op de raadsagenda staan: de eerste keer met het ophalen van zienswijzen op de Uitgangspuntennotitie RPW, de tweede keer bij de besluitvorming over het definitieve RPW. Het gehele proces gebeurt in nauwe samenwerking met de regiogemeenten. Zo zijn de keuzes in deze uitgangspuntennotitie tot stand gekomen in het ambtelijk en bestuurlijk platform van de Productieve regio van de Groene Metropoolregio (GMR). In de volgende fase worden ook andere stakeholders betrokken. Beoogd effect De GMR nodigt gemeenteraden met deze uitgangspuntennotitie uit om hun zienswijzen mee te geven.

Dit is input voor de uitwerking van de Uitgangspuntennotitie in het nieuwe RPW. De notitie is dus niet bedoeld ter besluitvorming en is ook nog niet het nieuwe RPW, maar een uitnodiging aan gemeenteraden voor het meegeven van een zienswijze op de basisuitgangspunten. Argumenten Voor de RPW-onderdelen bedrijventerreinen, kantoren en detailhandel is de afgelopen periode geanalyseerd in welke mate marktontwikkelingen aanleiding geven de regionale programmering van werklocaties aan te passen. Daaraan zijn, vanwege het toenemende belang voor onze regio, de campussen als vierde onderdeel aan toegevoegd. 1. Brede welvaart, duurzaamheid en zorgvuldig ruimtegebruik Met het oog op de brede welvaart en het behoud van het landschap in de regio, is het belang van ruimte voor economie en zorgvuldig ruimtegebruik verder toegenomen. Het is daarom zaak de bestaande werklocaties in de GMR zo optimaal mogelijk te benutten. Dat betekent streven naar het juiste bedrijf op de juiste plek en, waar mogelijk en passend, intensiever ruimtegebruik. Waarbij in het vorige RPW vooral afspraken zijn gemaakt over nieuwe uitleg, gaat dit RPW ook expliciet in op bestaande locaties en de ruimte die we daar kunnen ‘winnen’. Daarmee zorgen we ervoor dat er

Zaak Document

: :

225620 227245

minder ruimte nodig is voor nieuwe werklocaties. Om een florerende economie te behouden blijft het echter ook nodig om (beperkt) nieuwe werklocaties te ontwikkelen. 2. Optimalisatie van het ruimtegebruik op bedrijventerreinen De Uitgangspuntennotitie borduurt voort op bestaand regionale beleid voor bedrijventerreinen zoals het Verstedelijkingsakkoord en het Regioarrangement. Er worden nu verdere stappen gezet op zorgvuldig ruimtegebruik, ruimtelijke inpassing, kwaliteitsimpuls en het toekomstbestendig maken van bedrijventerreinen. Voorgesteld wordt daarbij de volgende vijf stappen te hanteren: 1. Het behoud van de werklocatiefunctie en compensatie van ruimte bij transformatie naar een andere functie; 2. Extra m² toevoegen op bestaande bedrijventerreinen door het optoppen van gebouwen, 24 uurs gebruik, gezamenlijk parkeren e.d.; 3. Inzetten op herstructurering en intensivering van bestaande bedrijventerreinen met als doel optimalisatie van het ruimtegebruik en het juiste bedrijf op de juiste plek; 4. Combineren van werken met andere functies. Niet alle economische functies hoeven op formele werklocaties. Lichtere activiteiten kunnen vaak gemengd worden met wonen of in (leegstaande) panden binnen de bebouwde kom (zoals winkelgebieden) 5. Zorgvuldige ontwikkeling en uitgifte van nieuwe bedrijventerreinen wanneer voorgaande stappen niet tot voldoende ruimte leidt.

Hierbij wordt er wel alvast gestart met planvorming van mogelijke nieuwe locaties (aangezien dit veel tijd kost en we nu al weten dat niet alle ruimtevraag binnen stappen 1 t/m 4 kan landen). 3. Voortzetting van het regionaal kantorenbeleid Het regionaal kantorenbeleid uit het vorige RPW wordt in het RPW 2025-2028 voortgezet. Dit betekent dat nieuwe kantoren zich concentreren in de stationsgebieden Arnhem Centraal en Station Nijmegen/centrumgebied. Bovendien genieten bestaande kantoren in deze gebieden een beschermde status ten aanzien van transformatie naar wonen. Op campussen is daarnaast ruimte voor kantoorhoudende bedrijven die de campus versterken. In overige kantoorgebieden is er geen sprake van uitbreiding, maar wordt ingezet op kwalitatieve versterking (toekomstbestendige kantoorparken) of, in geval van langdurige leegstand, transformatie naar een andere economische functie (overige kantoorparken en bedrijventerreinen). Kleinschalige kantoren in de wijk (tot 500 m²) zijn wenselijk indien dit past bij het lokale omgevingsbeleid en het de lokale economie versterkt. 4. Voortzetting van het regionaal detailhandelsbeleid Het recent (eind 2023) uitgevoerde Koopstromenonderzoek Oost-Nederland toont aan dat het regionale beleid voor perifere en grootschalige detailhandel en voor reguliere detailhandel kan worden voortgezet.

Mogelijkheden voor additionele ontwikkelruimte van Perifere Detailhandels Vestigingen bevindt zich alleen in Duiven (te realiseren door middel van intensivering/ herstructurering van de bestaande voorraad). 5. Toevoeging van het onderdeel Campussen Campussen zijn een magneet voor talent, ondernemerschap en investeerders. Dit zorgt voor innovatieve bedrijvigheid, waarmee campussen een motor zijn voor de regionale economische ontwikkeling. Vanwege het toenemende belang van de campussen voor de regionale economie, wordt in het RPW 2025-2028 een hoofdstuk campussen toegevoegd.

2

Kanttekeningen 1. Met deze uitgangspunten committeert de gemeente Heumen er zich aan om in geval van transformatie van bedrijventerrein naar een andere bestemming, in de gemeente of in de regio de verloren gegane hectares bedrijventerrein te compenseren en voor de daar gevestigde bedrijven een andere locatie te zoeken. Dit is van toepassing voor de trasformatie van Taaiendijk waar nu nog Morssinkhof is gevestigd. Morssinkhof zoekt geen nieuwe locatie in de regio, maar er zou wel 9 ha nieuw bedrijventerrein moeten worden aangelegd. Dit is niet eenvoudig te realiseren binnen de gemeente en ook in de regio zal dit niet gemakkelijk zijn. De gemeente heeft geen zachte of harde plannen om nieuw bedrijventerrein te realiseren. Daarbij is in de omgevingsvisie van de gemeente opgenomen dat er geen nieuwe uitleg komt van bedrijventerrein. De compensatieplicht is overigens al per 1 januari 2024 van kracht in de provinciale omgevingsverordening. Indien een gemeente hier niet aan kan voldoen, dient dit te worden voorgelegd aan GS. Met het nieuwe RPW is allereerst de gemeente en vervolgens de regio aan zet om aan de voorwaarden van transformatie te voldoen voordat het aan GS kan worden voorgelegd. Deze kanttekening is verwerkt in de conceptbrief met de zienswijzen (zie bijlage). Financiën Dit voorstel heeft geen financiële gevolgen.

Participatie Voorliggende uitgangspuntennotitie is tot stand gekomen in nauwe samenwerking met de regiogemeenten en is meermaals besproken in het ambtelijke en bestuurlijk platform Productieve Regio van de GMR. Gemeenteraden hebben op verschillende bijeenkomsten kennis kunnen nemen van het proces om te komen tot een nieuw RPW. Op 27 november 2023 is er een presentatie geweest bij de Regio Agendacommissie over wat het RPW inhoudt en waarom deze van belang is voor onze regio en de regiogemeenten. Op 24 mei waren de raadsleden uitgenodigd voor een werkbezoek aan Duiven waarbij naast de nieuwe regionale agenda ook het RPW een gespreksonderwerp was. In september volgt er nog een Webinar voor raadsleden. De GMR benut de periode tot en met oktober 2024 om de uitgangspuntennotitie breder te toetsen en input op te halen. Dat gebeurt bij de zogenaamde integratietafels met alle opgaven binnen de GMR, bij ondernemersverenigingen, VNO-NCW, The Economic Board en marktpartijen. Alle input, inclusief de zienswijzen van de raden, vormen input voor de uitwerking van het uiteindelijke RPW. Vervolg De GMR vraagt uiterlijk 7 oktober2024 de zienswijzen kenbaar te maken. Gelet op de raadsplanning van de gemeente Heumen zal dit op zijn vroegst op 17 oktober 2024 zijn. De GMR zal op basis van alle input in Q1 2025 een definitief RPW aan kunnen bieden aan de gemeenteraden.

Het huidige RPW 2021-2024 is tot en met mei 2025 van kracht, de provincie geeft echter aan dat een zorgvuldig traject belangrijker is dan snelheid. Het streven blijft vooralsnog om in mei 2025 het traject te hebben afgerond en het nieuwe RPW aan te kunnen bieden aan Gedeputeerde Staten van de Provincie Gelderland.

3

burgemeester en wethouders

mr. J. de Graaf Gemeentesecretaris

mr. J.W.M.S. Minses Burgemeester

Bijlagen: 1. Aanbiedingsbrief Uitgangspuntennotitie RPW 2. Technische bijlage RPW Uitgangspuntennotitie 3. Uitgangspunten Regionaal Programma Werklocaties 4. Conceptbrief zienswijzen Uitgangspuntennotitie RPW 2025-2028 5. Film 5 stappenplan RPW 2025-2028

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14467584/1