Bijlage VIII Adviesrapport ODRN jaarstukken 2021 en begroting 2023 def
Tekst van het document
Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen Marcel Meier AA Stella van Hees/Rob Bekkering Rob Jilisen/Arjan van der Velden April 2022
Adviesrapport Jaarstukken 2021 & Begroting 2023 ODRN
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ……..in één oogopslag Inleiding 1. Advies 1.1 Advies bij de jaarstukken 2021 1.2 Advies bij de gewijzigde begroting 2022. 1.3 Advies bij de begroting 2023 2. Kaders 2.1 BRN-normen 3. Algemeen 4. Jaarstukken 2021 4.1 Algemeen 4.2 Controleverklaring accountant 4.3 Fiscaliteiten 4.4 Begroting 2021 en managementrapportages 4.5 Resultaatanalyse 4.6 Balanstoelichting 4.7 Voorstel bestemming resultaat 4.8 Deelnemersbijdragen 2021 5. Gewijzigde begroting 2022 6. Begroting 2023 6.1 Algemeen 6.2 Begrotingswijzigingen 6.3 Begrotingsanalyse 6.4 Bevindingen en aanbevelingen begrotingsbeoordeling 2023 6.5 Deelnemersbijdragen 7. Weerstandsvermogen 7.1 Algemene reserve 7.2 Bestemmingsreserves 7.3 Risico’s
1 2 3 4 4 4 4 5 5 7 8 8 8 8 8 8 9 9 9 10 11 11 11 11 12 13 14 14 14 14
1
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
……..in één oogopslag
JAARSTUKKEN 2021
VERMOGENSPOSITIE
Goedkeurende controleverklaring accountant Rekeningresultaat: € 599.366 Resultaatbestemming: het voorstel van de ODRN is om dit toe te voegen aan de algemene reserve. Adviesfunctie geeft in overweging om het resultaat 2021 te betrekking bij de gevraagde aanvullende bijdrage van € 339.000 in 2022.
Algemene reserve € 1.057.070 (Na toevoeging rekeningrekening resultaat) Norm Algemene reserve € 1.180.809 Bestemmingsreserves € 0
BEGROTING 2023
- Sluitend met een saldo van € 0 - BBV proof - Voldoet niet geheel aan de BRN als gevolg van onder meer indexering van de CAO (€ 268.470) - Separate besluitvorming over structurele extra bijdrage van € 300.000. Ontwikkel- en opleidingsbudget van 2% naar 4%.
ADVIES
- in te stemmen met de jaarstukken 2021 - in te stemmen met het resultaatbestemmingsvoorstel (€ 599.366) met daarbij een afweging om een deel van het resultaat (€ 339.000)in te zetten voor de aanvullende bijdrage van de deelnemers in 2022 voor het ontwikkel- en opleidingsbudget. - in te stemmen met de gewijzigde begroting 2022, met uitzondering van de gevraagde aanvullende bijdrage aan de deelnemende gemeentes van € 339.000 en deze te onttrekken aan de algemene reserve. - in te stemmen met de begroting 2023 inclusief de toegepaste indexering in afwijking van de BRNrichtlijnen . - in de zienswijze van de gemeenten expliciet op te nemen hoe om te gaan met de gevraagde structurele 2% ophoging (€ 300.000) voor het ontwikkel- en opleidingsprogramma. - de meerjarenraming 2024-2026 voor kennisgeving aan te nemen.
DEELNEMERSBIJDRAGEN bedragen x € 1.000
Vergunning behandelen Uitvoeren toezicht en handhaving Advisering en afhandelen Projecten en overig Totaal
Berg en Dal Beuningen Druten Heumen Nijmegen Wijchen Gelderland Overig Totaal 919 520 162 319 3.505 291 3.148 658 9.522 664 528 218 276 2.761 411 1.123 264 6.245 335 261 128 107 816 156 540 175 2.518 267 215 50 171 1.130 115 2.240 891 5.079 2.185 1.524 558 873 8.212 973 7.051 1.988 23.364
2
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
Inleiding Dit adviesrapport bevat de uitkomsten van de beoordeling van de jaarstukken 2021 en de begroting 2023 van de ODRN. Hierbij hebben wij een advies geformuleerd voor de zienswijze die de ODRN vraagt aan de deelnemende gemeenten bij de begroting 2023, en een advies bij de vaststelling van de jaarstukken 2021 en resultaatbestemming 2021. Op 22 april 2022 hebben wij onze bevindingen afgestemd met Jacqueline Tiemens (controller ODRN).
Tijdschema zienswijze De ODRN heeft de jaarstukken 2021 en de begroting 2023 aan de deelnemende gemeenten op 11 april 2022 aangeboden. Volgens de BRN-planning geven wij een advies aan de deelnemende gemeenten op 30 april 2022 en zullen gemeenten tijdig hun zienswijze indienen. De vaststelling van deze begroting en jaarstukken door het AB is gepland op 7 juli 2022.
Werkwijze Adviesfunctie Voor de beoordeling van de jaarstukken en de begroting hebben de gemeenten in de Regio Nijmegen de Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen opgericht (hierna: Adviesfunctie). Als Adviesfunctie beoordelen wij de jaarstukken en de begroting en brengen hierover advies uit aan de regiogemeenten. Bijzonderheid bij ODRN is dat naast de regiogemeenten de provincie deelneemt in de gemeenschappelijke regeling. Vertrekpunt bij de beoordeling zijn de Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen (BRN), die de gemeenten in de Regio Nijmegen vastgesteld hebben. Hieraan toetsen wij. De index op de gemeentelijke bijdragen voor 2023 is 2.64 %. Voor een uitgebreide toelichting op de indexeringssystematiek verwijzen wij naar de BRN 2023. Wij hebben de bijzonderheden die gelden voor ODRN verder in dit rapport toegelicht. Onze beoordeling van de jaarstukken richt zich op de financiële verantwoording en het voorstel over de bestemming van het resultaat. Op basis van de accountantscontrole gaan wij uit van de juistheid van de jaarrekeningcijfers en richten wij ons op een beoordeling van deze cijfers. Daarbij nemen wij de bevindingen in het accountantsverslag mee. Daarmee valt een inhoudelijke beoordeling van geleverde prestaties buiten de scope van onze werkzaamheden.
Onze beoordeling van de begroting richt zich allereerst op het realiteitsgehalte van de raming en de toepassing van de BRN-normen en richt zich vooral op het jaar 2023. De meerjarenraming gebruiken wij met name als basis voor de beoordeling van de vermogenspositie. Een inhoudelijke beoordeling van beleidsvoornemens valt buiten de scope van onze werkzaamheden. Zowel bij de jaarstukken als de begroting nemen wij de risico’s en de risicobeheersing in ogenschouw en beoordelen wij de vermogenspositie, en met name het verloop van de algemene reserve.
3
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
1. Advies 1.1
Advies bij de jaarstukken 2021
Wij adviseren de deelnemende gemeenten van ODRN om: A. In te stemmen met de jaarrekening 2021 van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Regio Nijmegen. B. In te stemmen met de voorgestelde resultaatbestemming en € 599.366 toe te voegen aan de algemene reserve.
1.2 Advies bij de gewijzigde begroting 2022. Wij adviseren de deelnemende gemeenten van ODRN om: In te stemmen met de voorgestelde wijzigingen met uitzondering van de gevraagde aanvullende bijdrage voor het ontwikkelprogramma 2022 zijnde € 339.000. Het advies is om de gevraagde aanvullende bijdrage te onttrekken aan het positieve rekeningresultaat 2021 van € 599.366.
1.3
Advies bij de begroting 2023
Wij adviseren de deelnemende gemeenten van ODRN om: A. B. C.
In te stemmen met de voorliggende begroting 2023 en de afwijking ten opzichte van de BRN-richtlijn van € 268.000 als gevolg van de COA-ontwikkeling over te nemen. In hun zienswijze een standpunt in te nemen ten aanzien van de uitzetting van structureel 3 ton , inhoudend een verhoging van het ontwikkel – en opleidingsbudget van 2% naar 4% van de loonsom. De meerjarenraming 2024-2026 voor kennisgeving aan te nemen.
4
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
2. Kaders 2.1
BRN-normen
De normering voor 2023 De BRN-indexering op de gemeentelijke bijdragen wordt bepaald op en gaat uit van: 1. Het centraal economisch plan (CEP), gepubliceerd in maart 2021. Het gaat dan om het CEP 2021 bijlage Middelen en Bestedingen 2023. 2. Uit de onder 1 genoemde bijlage wordt genomen: a. de “beloning werknemers overheidssector, prijsmutatie uit de kolom bestedingen“ als indexering voor het loondeel; b. het Bruto Binnenlands Product marktprijzen, prijsmutatie” als indexering voor de materiële lasten. 3. Deze indexering wordt met een weging van 70% voor loon en 30% voor materieel berekend tot één BRNindex voor de gemeentelijke bijdragen. 4. Er wordt één jaar geactualiseerd, gebaseerd op de gegevens uit de MEV septemberpublicatie 2021. Het gaat dan om de bijlage Middelen en bestedingen 2022. Deze actualisatie is verwerkt in de BRN-index 2023.
De BRN-norm voor 2023 is 2,70% Berekening Publicatie CEP-maart 2020: index 2022 is 1,98 % (loon 2,10%, materieel 1,70%) Publicatie CEP-maart 2021: index 2023 is 1,97 % (loon 2,0%, materieel 1,90%) Publicatie MEV-september 2021 : index 2022 is 2,71 % (loon 3,1%, materieel 1,80%) Publicatie CEP maart 2020 Index 2022 BRN 2022 publicatie CEP- maart / MEV-september Index 2023 (CEP-maart 2021) Actueel index 2022 (MEV-sept. 2021) Meegenomen index 2022 (CEP- maart 2020) Actualisatie/correctie index 2022 BRN 2023
[1] [2] [3]
1.98% 0.24%
1,97%
[2] [3] [1] [3]-[1]
2,71% 1,98% 0,73% 2,70%
De GGD, VRGZ en ODRN hebben een afwijkende indexering en zullen dan ook hun eigen berekening volgen (voor uitwerking zie pagina 6). Volgens info van GGD, VRGZ en ODRN zal de voorcalculatorische index 2022 resp. 1,98% (GGD en ODRN i.v.m. weging personeel/materieel) en 1,97% voor de VRGZ zijn. De nacalculatie over 2021 (loonindex) gaat via de reserve en betreft -1,53% voor de GGD en -1.37% voor de VRGZ . Aangezien de ODRN bij totstandkoming van de begroting 2021 nog is uitgegaan van de MEV-indexaties uit 2020, is in de nacalculatie ook uitgegaan MEV-indicatie. Deze correctie is minder negatief dan de aanpassingen van de GGD en de VRGZ. Per saldo stijgt daarom de indexering van de ODRN met 2.64 %.
5
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
De totaal index van de begroting 2023 bestaat uit voorcalculatie 2023 en de nacalculatie 2021. Totaal index begroting 2023: ODRN: 2,64 % = 1,98% + 0,66%. De ODRN heeft onlangs besloten (AB besluit 30 september 2021) met een andere verhouding tussen loonkosten en materiele kosten te gaan werken Voor de ODRN betekent dit nu een verhouding van 84% loon en 16% materieel. Bovendien is er in hetzelfde besluit opgenomen dat de ODRN gaat aansluiten op dezelfde bovenvermelde methodiek van de VRGZ en de GGD. De ODRN heeft de begrote baten van 2023 met 3,75% geïndexeerd. De berekening is gebaseerd op uitgangpunten die het Algemeen Bestuur in de nota ‘indexering vanaf 2023’ bij de kadernota 2023 op 30 september 2021 heeft vastgesteld. De indexering van 3,75% is berekend volgens de spelregels die het Algemeen Bestuur op 30 september 2021 heeft vastgesteld. In de Begrotingsrichtlijnen (BRN) 2023 staat het advies om voor de ODRN uit te gaan van een index van 2,64%. Dit 1,11% is lager dan de 3,75%. Het verschil komt voornamelijk doordat de BRN bij de nacalculatie van de loonsomindex over 2021 geen rekening houdt met cao 2021 - 2022, zoals u ook in paragraaf 4.1 onder punt 4 van de begroting 2023, ‘Indexering baten 2023’, heeft kunnen lezen. Verder is er een klein verschil door een bijstelling van het percentage werkhervattingskas. De nacalculatie hiervan valt iets lager uit.
In bijlage 6.4 van de begroting 2023 is de berekening van de indexering 2023 opgenomen. Hoewel de CAO ontwikkeling niet is opgenomen in de kaderbrief en in de BRN-richtlijn 2023 adviseren we de deelnemende gemeenten toch in te stemmen met deze toekomstige uitzetting. Het effect van de afwijking tussen het BRN-advies 2,64% en de gehanteerde 3,75% is (3,75% - 2,64%) * baten begroting 2023 van € 24.186.459 = € 268.470. De reden hiervan is dat deze ontwikkeling autonoom en onvermijdbaar is. Wij adviseren de deelnemende gemeenten in de meerjarenraming 2024 en verder, alvast rekening te houden met de structurele uitzetting van de Cao-ontwikkeling.
6
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
3. Algemeen Ontwikkelingen met impact
De ODRN gaat in 2023 werken met de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging van het bouwen. In de begroting hebben ze opgenomen wat zij inschatten wat dat voor hun werk betekent en voor de dienstverlening die ze bieden aan de deelnemers en opdrachtgevers. Ook daarin zijn wijzigingen denkbaar gedurende het jaar. En met name de landelijke, provinciale en regionale ontwikkelingen die op de ODRN af komen zullen hun impact hebben op de werkwijzen en samenwerking met andere organisaties.
Invoering Omgevingswet De Omgevingswet wordt zoals het er nu naar uitziet op 1 januari 2023 van kracht. Deze wet zorgt voor veranderingen waarmee de ODRN in 2023 voor het eerst echt in de praktijk te maken krijgen. Ze hebben afspraken gemaakt over de gevolgen voor de bodem- en geluidtaken en deze in de begroting 2023 vertaald. Gemeenten hebben tot en met 2024 de tijd voor hun omgevingsvisie, en tot en met 2029 voor het omgevingsplan. Zij werken op hun expert-onderdelen daaraan mee. Daarvoor is het nodig dat de medewerkers goed zijn opgeleid en over de jongste inzichten in wet- en regelgeving beschikken.
Invoering Wet kwaliteitsborging voor het bouwen Tegelijk met de Omgevingswet treedt de Wkb in werking en ook deze wet zorgt voor veel veranderingen. Niet meer de ODRN, maar de initiatiefnemer zorgt voor de bouwtechnische toets en het toezicht tijdens de bouw. Daarvoor krijgen de omgevingsdiensten twee andere taken: de toets op de risicobeoordeling en op het dossier van het bevoegd gezag.
Vereenvoudiging bedrijfsvoering
In 2022 heeft de ODRN de in 2020 gestarte Ontwikkelagenda afgesloten. Het vereenvoudigen van de bedrijfsvoering was een van de onderdelen. Dit implementeren ze vanaf 2023. Ze gaan werken met een sterk vereenvoudigde producten- en dienstencatalogus (PDC) en gaan over op uniforme uurtarieven. De ontwikkeling houdt niet op. Het bestuur heeft de intentie uitgesproken om op middellange termijn over te stappen naar een financieringsmethodiek op basis van een abonnementstarief. Hiermee willen ze een wezenlijke stap zetten richting het sturen op gemeenschappelijke inhoudelijke thema’s. Deze intentie gaat de ODRN in 2023 uitwerken.
Functioneren omgevingsdiensten
De afgelopen periode zijn er diverse rapporten verschenen waarin het functioneren van omgevingsdiensten besproken wordt. Daarbij kunt u denken aan het rapport ‘Om de leefomgeving’ van de Commissie Van Aartsen en het artikel 217a-onderzoek van de provincie Gelderland over het Gelders Stelsel. Deze rapporten zullen opvolging krijgen. Op dit moment is nog onduidelijk wat de precieze vorm daarvan wordt, maar zeker is dat de ODRN daarmee in 2023 aan de slag gaat.
Steeds blijven verbeteren Een kennisgedreven organisatie als de ODRN is nooit klaar en dient zich elke keer voor te bereiden om de uitdagingen aan te gaan. Bovendien hebben ze de ambitie om als organisatie steeds te blijven verbeteren. De ODRN stelt daarom voor om een aanvullend structureel opleidings- en ontwikkelbudget in de begroting vanaf 2023 op te nemen. In de praktijk komt dit neer op een stijging van dit budget van 2% nu naar 4% van de loonsom.
7
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
4. Jaarstukken 2021 4.1
Algemeen
Meer grip op bedrijfsvoering Het afgelopen jaar slaagde de ODRN erin om beter te monitoren, te sturen en te rapporteren. Ze realiseerden de opgedragen projecten uit de Ontwikkelagenda en meer. Daarmee kunnen ze het primaire proces steeds beter borgen en ondersteunen. De informatie voor de deelnemers wordt tijdiger en accurater.
4.2
Controleverklaring accountant
De accountant heeft een goedkeurende controleverklaring afgegeven. Deze bestaat uit een goedkeurend oordeel ten aanzien van getrouwheid en rechtmatigheid. Op basis van een inkoopanalyse is vastgesteld dat één inhuurcontract onrechtmatig is aanbesteed. (€ 175.000) De afwijking is niet groter dan de materialiteit van € 230.000 en heeft daarom geen effect op de strekking van de controleverklaring.
4.3
Fiscaliteiten
BTW Ten aanzien van de BTW geldt dat de ODRN volledig in de Btw-heffing is betrokken en voor 100% vooraftrek geniet. De ODRN factureert naar de deelnemers inclusief BTW. De deelnemers kunnen deze BTW declareren bij het BTW compensatiefonds. VPB In de financiële verordening is opgenomen dat de resultaten voor commerciële activiteiten worden terugbetaald aan de opdrachtgever. Daarmee is er geen VPB-plicht voor de ODRN.
4.4
Begroting 2021 en managementrapportages
Het Algemeen Bestuur heeft de geactualiseerde begroting 2021 op 1 juli 2020 vastgesteld en ter goedkeuring verzonden aan het Ministerie van Binnenlandse Zaken. Tijdens het jaar zijn we geïnformeerd over de stand van zaken aan de hand van de bestuursrapportages (per 1 april en 1 augustus van elk jaar). De rapportage met de stand van zaken per 1 april 2021 is besproken in het Algemeen Bestuur van 28 mei. De rapportage van 1 augustus 2021 kwam aan de orde in de vergadering van 30 september. In de bestuursrapportage van 1 augustus 2021 is een voordelig resultaat van € 400.000 geprognosticeerd Er zijn naar aanleiding van de rapportages geen aanpassingen verwerkt in de begroting.
4.5
Resultaatanalyse
De jaarrekening 2021 van de ODRN sluit met een voordelig saldo van € 599.366. Het huidige resultaat valt hoger uit dan in de bestuursrapportage van augustus 2021 vermeld door de vrijval van de voorziening harmonisatietoelage (€ 52.505) en onderbesteding op de stelselkosten (€ 82.370). Voor een nadere verschillenanalyse verwijzen we naar pagina 65 tot en met 73 van het jaarverslag 2021. De grotere afwijkingen ten opzichte van de begroting bestaat uit de volgende posten: Salarissen en sociale lasten, voordeel van € 1.557.000; Inhuur, nadeel van € 1.120.000; Deelnemersbijdragen als gevolg van een hogere productie, voordeel van € 699.000; Afname baten bovenregionale taken en subsidies, nadeel van € 690.000; Overige posten, voordeel van € 153.366 Totaal, voordeel van € 599.366
8
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
4.6
Balanstoelichting
Netto schuldquote Ten opzichte van vorig jaar is de netto schuldquote sterk verbeterd. Dit betekent dat de schuldpositie gedaald is ten opzichte van de omzet. De netto-schuldquote van de ODRN is ruim voldoende. Solvabiliteit De solvabiliteit is het eigen vermogen gedeeld door het totale vermogen in het verslagjaar. Voor 2021 bedraagt dit 20,6% tegen 6,7% in 2020. Door het behaalde voordelige saldo over 2021 is dit kengetal sterk verbeterd. Het positieve saldo zal conform AB-besluit van 30 september 2021 toegevoegd worden aan de reserves tot een maximum van 5% van de begrote baten. Voor 2021 bedraagt dit maximum € 1.180.809 (€ 23,6 mln. * 5%).
4.7
Voorstel bestemming resultaat
Het resultaat over 2021 bedraagt € 599.366 voordelig. Het DB stelt aan het AB voor om dit bedrag toe te voegen aan de algemene reserve. Een alternatieve afweging hierbij kan zijn om het positieve resultaat uit te keren. Het resultaat is ontstaan door de deelnemersbijdrage 2021. Het is daarmee ook verdedigbaar om het resultaat te verrekenen met de deelnemers. Het risico hierbij is dat de ODRN zonder een buffer eerder genoodzaakt is om een aanvullende bijdrage te vragen van deelnemers.
4.8
Deelnemersbijdragen 2021
In onderstaande tabel staan de bijdragen 2021 per opdrachtgever.
9
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
5. Gewijzigde begroting 2022 De beslispunten Begroting 2022 wijziging I die de ODRN aan het Algemeen Bestuur op 7 juli 2022 wil voorleggen: Ten aanzien van de baten: 1. Ophoging van de begrote baten bijdrage deelnemers en bovenregionale taken met € 856.976 in verband met aanvullende afspraken in de werkplannen 2022; 2. Verlaging van de baten subsidie en overige opdrachten met € 101.159 in 2022; 3. Ophoging van de baten Ontwikkelprogramma 2022 met € 591.052 met: a. Een aanvullende bijdrage van onze deelnemers van € 339.000. b. In 2023 geraamde ontwikkelbijdrage van € 209.000. c. De onderbesteding op het ontwikkelbudget 2021 van € 43.052. Ten aanzien van de lasten: 4. Ophoging van het begrote budget voor Ontwikkelbijdrage (lasten) met € 666.052 met de baten van beslispunt 3 van € 591.052 plus met een incidentele meevaller op de kapitaallasten van € 75.000. 5. Vanaf 2022 ophoging van het budget voor Piofah-taken met jaarlijks € 67.379. 6. Vanaf 2022 sturen op inhuurkosten van 20% van het budget voor salarissen (inclusief opleidingen) plus Inhuur. 7. Aanpassing van de budgetten salarissen (-€ 55.840), inhuur (€ 828.938) en opleidingen (€ 6.104) voor effecten uit bovenstaande beslispunten en waarmee we gelijktijdig ons inhuurbudget op 20% van het totale budget van salarissen en inhuur ramen. Als adviesfunctie stemmen wij in met bovenstaande wijzigingen met uitzondering van punt 3a.
Het advies om de gevraagde aanvullende bijdrage te onttrekken aan het positieve rekeningresultaat 2021. Mede door de voorgenomen toevoeging van het positieve rekeningresultaat (€ 599.366) is naar onze mening de algemene reserve voldoende om de benoemde risico’s af te kunnen dekken.
10
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
6. Begroting 2023 6.1
Algemeen
De begroting is getoetst aan de BRN-norm, de BBV en de overige kaders. Uit de toetsing is het volgende geconstateerd: BRN Er is sprake van een sluitende begroting 2023. Indexering Zoals hiervoor onder 2.1 vermeld heeft de ODRN In de begroting 2023 vermeld dat de productprijzen met 3,75% geïndexeerd zijn, in afwijking van de BRN 2023 (norm 2,64%). Generieke korting Hoewel dit in de BRN-richtlijn niet is opgenomen, heeft het algemeen bestuur van de ODRN besloten om de generieke korting door te voeren op de hoeveelheid. Op deze wijze krijgen de deelnemers minder voor hetzelfde geld, terwijl het andersom bedoeld was. BBV De begroting is opgesteld conform de voorschriften van het BBV.
6.2
Begrotingswijzigingen
De in de begroting 2023 opgenomen vergelijkende cijfers uit de begroting 2022 betreffen die van de gewijzigde begroting 2022. Deze worden op 7 juli 2022 voorgelegd aan het Algemeen Bestuur. Zie specificatie onder punt 5.
6.3
Begrotingsanalyse
De onderstaande tabel geeft de financiële meerjarenbegroting 2023-2026 weer aan de lastenkant. nr.
Omschrijving
1
Salariskosten
2
Opleidingskosten
3
Inhuur
4
Piofah taken gastheer
5
Kapitaallasten
6
Overige materiele kosten
7
Bijdrage regionaal stelsel
8
Ontwikkelprogramma
9
Ontwikkel- en opleidingsbudget
Jaarrekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Begroting 2026
12.708.040 14.594.071 15.187.829 15.112.674 15.112.674 15.112.674 196.989 291.881 303.154 301.280 301.280 301.280 4.292.444 3.721.488 3.873.215 3.853.322 3.853.322 3.853.322 2.783.663 2.747.869 2.833.015 2.831.602 2.831.602 2.831.602 376.838 325.000 412.000 412.000 412.000 412.000 999.633 844.325 809.778 805.034 805.034 805.034 253.630 355.796 366.470 366.470 366.470 366.470 1.424.843 1.113.052 101.000 0 0 0 300.000
300.000
300.000
300.000
23.036.080 23.993.482 24.186.461 23.982.382 23.982.382 23.982.382
11
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
We zien op totaalniveau de lasten voor het begrotingsjaar 2023 ten opzichte van de begroting 2022 stijgen met 0,2 miljoen euro. De lasten dalen vervolgens vanaf het begrotingsjaar 2024 verder naar een saldo van zo’n 24,0 miljoen. De opvallende wijzigingen lichten we hieronder kort toe 1.
Salariskosten De stijging van de salariskosten wordt voornamelijk veroorzaakt door de toepassing van de indexering van 0,5 miljoen op de loonsom. Dit verklaart grotendeels 0,6 miljoen ten opzichte van de begroting 2022.
2.
Opleidingskosten Voor opleidingen is 2% van de loonsom geraamd. Aangezien de begrote loonsom stijgt, komt dit ook weer terug in de stijging van de opleidingskosten. Hier ligt ook een relatie met het ontwikkel- en opleidingsbudget, zie punt 9.
3.
Inhuurkosten Naast de jaarlijkse indexering zijn de budgetten voor salariskosten en inhuur in overeenstemming gebracht met de ambitie om vanaf 2023 te sturen op een inhuur van 20% van het budget salariskosten plus inhuur.
8.
Ontwikkelprogramma ODRN De ODRN verwacht in 2022 het ontwikkelprogramma nagenoeg af te ronden. De resterende € 1 ton in 2023 is bestemd voor een deel van de vervangingskosten van het zaaksysteem.
9.
Ontwikkel- en opleidingsbudget Vanaf de begroting 2023 wordt structureel een bedrag van € 3 ton aan de begroting toegevoegd voor het ontwikkel- en opleidingsopgaven. Hiermee wordt het opleidingsbudget van 2% verhoogd naar 4% van de loonsom. Deze bijdrage is verwerkt als toeslag op het uurtarief voor direct primaire inzet.
Als adviesfunctie vragen wij aandacht voor de genoemde verdubbeling van het ontwikkel- en opleidingsbudget. Wij adviseren de deelnemende gemeenten in hun zienswijze een standpunt in te nemen ten aanzien van deze uitzetting van structureel 3 ton. Zie ook hoofdstuk 3 “steeds blijven verbeteren”.
6.4
Bevindingen en aanbevelingen begrotingsbeoordeling 2023
Outputfinanciering De voorliggende begroting geeft een verbetering in het inzicht van de kostprijs van de producten op hoofdlijnen. Zoals in het advies 2022 van de regionale adviesfunctie is aanbevolen is er vanaf de begroting 2023 een bijlage toegevoegd met een samenvatting op productniveau (bijlage 6.3). Als adviesfunctie adviseren wij om deze bijlage in alle P&C-documenten op te nemen. Daarmee ontstaat een consistente monitor met betrekking tot de kostprijsontwikkeling.
12
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
6.5
Deelnemersbijdragen
Onderstaande tabel geeft inzicht in de bijdrage van de deelnemers.
13
adviesrapport jaarstukken 2021 en begroting 2023 def.docx
7. Weerstandsvermogen 7.1
Algemene reserve
De algemene reserve dient als weerstandsvermogen voor de primaire bedrijfsvoering risico’s. Optredende risico’s die het aanwezige saldo van de algemene reserve overstijgen dienen door de deelnemers te worden gedragen. De algemene reserve per 31-12-2021 bedraagt € 457.704 positief. Indien het rekeningresultaat 2021 ad € 599.366 wordt toegevoegd komt de algemene reserve op € 1.057.070 positief. De maximale omvang van de algemene reserve is door de regionale adviesfunctie berekend (zie paragraaf 4.6 onder solvabiliteit) en genormeerd op € 1.180.809. De omvang van de algemene reserve per 31 december 2021 valt daarmee nog binnen de norm. De adviescommissie is van mening dat de gevraagde aanvullende bijdrage voor het ontwikkelprogramma 2022 ad € 339.000 te onttrekken uit de algemene reserve. Als dit advies wordt overgenomen wordt de algemene reserve €718.070.-. Dit bedrag komt nagenoeg overeen met hoogte van de geïnventariseerde risico’s.
7.2
Bestemmingsreserves
Het bedrag van de bestemmingsreserve van € 36.407 is in 2021 ingezet voor energietransitie. Hiermee is deze bestemmingsreserve per 31-12-2021 nihil.
7.3
Risico’s
In het jaarverslag 2021 onder paragraaf 5.2 heeft de ODRN de risico-inventarisatie opgenomen. Aan de hand van deze risico’s is het weerstandsvermogen bepaald. Dit bedrag van € 733.500 is nodig om mogelijke risico’s te kunnen opvangen. Hierbij is o.a. rekening gehouden met de risico’s bij de invoering van de nieuwe omgevingswet en toekomstige kostenstijgingen die we nog niet kunnen overzien. Als dekking voor optredende risico’s is binnen de ODRN in de vorm van een algemene reserve € 1.057.070 beschikbaar. De weerstandsratio ultimo 2021 bedraagt (€ 1.057.070/ € 733,500) = 1,4. Volgens de waarderingstabel die is opgenomen in de ‘nota risico’s en weerstandscapaciteit” is dit net ruim voldoende. Optredende risico’s die het aanwezige saldo van de algemene reserve overstijgen dienen door de deelnemers te worden gedragen. Dit is dus nu niet nodig.
14