Bijlage VII Landschappelijk- ecologische inpassing Maisdoolhof te Malden.
Tekst van het document
A dvies
: Landschappelijk- ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
Datum Opdrachtgever Projectnummer Opgesteld door i.a.a.
: 12 januari 2015 : B. Hopman : 210x00277 : Ruud Tak & Reinoud V ermoolen : Rob van Dijk
Een landschappelijk-ecologisch inpassingsplan is te beschouw en als een complex van maatregelen en voorzieningen, dat de effecten van een ingreep op het landschap en aanw ezige ecologische w aarden benut om de landschappelijke en ecologische kw aliteit te verhogen. In dit rapport w ordt een kenschets van het huidige landschap gegeven alsmede het beleidskader w aarbinnen de natuurw aarden liggen. V ervolgens w ordt aangegeven w at het huidige gebruik en de nieuw e ontw ikkeling (initiatief) omvat en w elke huidige landschappelijke en ecologische w aarden aanw ezig zijn binnen het gebied. Een voorstel w ordt gedaan voor een landschappelijkecologische inpassing w aarbij bekeken is of deze voldoet aan de relevante ruimtelijke voorw aarden en w ettelijke bepalingen.
A anleiding A an de W esterkanaaldijk nummer 11 te M alden is het recreatiebedrijf M aisdoolhofSpeelboerderij M alden gevestigd. Het bedrijf is enige jaren geleden gestart met het opzetten van een maisdoolhof voor recreatieve doeleinden. Inmiddels is het bedrijf uitgegroeid met skelterbanen, een zandbak, maïsbak, luchtkussens, kantine etc. De locatie heeft echter een agrarische bestemming. M et name de ontw ikkeling van het speelterrein is in strijd met het huidige bestemmingsplan. Gemeente Heumen w il onderzoeken of het haalbaar is om het bedrijf een recreatieve bestemming te geven en hiermee de huidige situatie te legaliseren. Daarnaast heeft het bedrijf zelf een ruimtelijk ontw ikkelingsbeeld voor de toekomst. V oor deze ontw ikkeling heeft Landschapsbeheer Gelderland een landschappelijk inpassingsplan opgesteld. Dit plan voldoet echter niet aan de ecologische doelstellingen van de provincie, aangezien het plangebied behoort tot een gebied met bijzondere natuur- en landschapsw aarden. Het terrein is door de provincie opgenomen in de ecologische hoofdstructuur (EHS) als nieuw e natuur en zal in de nieuw e omgevingsvisie van de provincie Gelderland binnen de Groene Ontw ikkelingszone (GO) liggen. BRO is gevraagd een nieuw e landschappelijke inpassing te maken w aarin de ecologische mogelijkheden een plaats krijgen.
Dit is tot stand gebracht op basis van een verkennend natuuronderzoek, uitgevoerd door BRO in 2013, het landschappelijke inpassingsplan van Stichting Landschapsbeheer Gelderland en een aanvullend terreinbezoek in mei 2014.
K enschets landschap Het plangebied is gelegen aan de W esterkanaaldijk te M alden, in het landelijk gebied van de gemeente Heumen ten zuiden van Nijmegen. Het plangebied bestaat uit een langgerekt perceel achter de w oonkavel W esterkanaaldijk 11 in de Teersche Sluispolder. Het perceel bestaat uit een terrasrestrug (3K 22) en een terrasvlakte (2M 17), zoals af te leiden is van de geomorfologische kaart. V anaf de rug langs het kanaal loopt het terrein af richting het zuidw esten. Op de
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
1
bodemkaart zijn de meest hoge gronden aan de noordoostzijde aangemerkt als poldervaaggronden met lichte zavel (kRn1g) met grondw atertrap V I. De lagere gronden bestaan uit poldervaaggronden met zw are zavel (kRn2g) en een grondw atertrap V I.
Uitsnede Geomorfologische kaart
Uitsnede historische kaart 1909
Uitsnede Bodemkaart
Uitsnede topografische kaart
Uitsnede hoogtekaart
Uitsnede luchtf oto
(bron: Stichting voor Bodemkartering W ageningen / Rijk Geologische Dienst, Haarlem 1977)
(bron: Stichting voor Bodemkartering W ageningen / Rijk Geologische Dienst, Haarlem 1977)
(bron: w w w .ahn.nl)
(bron:w atw asw aar.nl)
(bron: Google M aps - © 2014 Google)
Figuur 1. Inventarisatie landschap.
De Teersche Sluispolder behoort tot het landschapstype broeklandschap, w at staat voor moerassig beekdal. V eel broeklanden w aren van oudsher onbruikbaar voor de landbouw . In de loop van de 19e eeuw w erden deze gronden ontgonnen en ingezet als w eiden voor het vee. Zo ontstond het broekontginningslandschap, w at gekenmerkt is door een open landschap met w einig bebouw ing en beplanting. Op de historische kaart uit 1909 is te zien dat de polder grotendeels in gebruik is als agrarisch gebied, terw ijl het noordelijke deel (het Hatertse Broek of A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
2
V ogelzang) bestaat uit bos. Het gebied bestond destijds al uit langgerekte kavels. In de loop der jaren zijn bospercelen omgezet in grasland en zijn vele karakteristieke landschapselementen zoals bomenrijen, hoogstamboomgaarden en slootjes verdw enen.
K ader natuurw aarden (EHS-beleid en Flora- en faunaw et) EHS-beleid De EHS is een robuust netw erk van natuurgebieden en tussenliggende verbindingszones. De feitelijke beleidsmatige gebiedsbescherming vindt plaats middels de uitw erking van het provinciaal beleid in de gemeentelijke bestemmingsplannen. Daarnaast vindt een actieve natuurbescherming plaats van de natuurw aarden in de EHS door het provinciale natuurbeheerplan. In dit plan zijn de na te streven doelen en de ontw ikkel- en beheersubsidies voor de verschillende delen van de EHS vastgelegd. In het Natuurbeheerplan 2014 van de provincie Gelderland is provinciaal beleid in de vorm van de (concept) Gelderse Omgevingsvisie reeds opgenomen. Op 14 januari 2014 stelde het college van Gedeputeerde Staten de Omgevingsvisie en de bijbehorende Omgevingsverordening vast. Provinciale Staten zullen de Omgevingsvisie vermoedelijk in hun vergadering van 9 juli 2014 vaststellen en de Omgevingsverordening in die van 1 oktober 2014. Het provinciale Natuurbeheerplan geeft uitvoering aan de natuurambities van de Omgevingsvisie. In de Omgevingsvisie w ordt de EHS voortaan Gelders Natuurnetw erk (GNN) genoemd. De EHS is namelijk ingekrompen tot bestaande en nog te ontw ikkelen natuur. Omringende grond die van belang is voor het functioneren van het GNN als netw erk w ordt Groene Ontw ikkelzone (GO) genoemd.
In onderstaande figuur (figuur 2) is een uitsnede w eergegeven van het natuurbeheerplan 2014. Hieruit valt af te lezen dat het plangebied niet in het Gelders Natuurnetw erk ligt maar in de Groene Ontw ikkelzone.
Figuur 2. Uitsnede Natuurbeheerplan 2014 (Bron: Provincie Gelderland).
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
3
De Groene Ontw ikkelingszone bestaat uit terreinen met een andere bestemming dan natuur die ruimtelijk vervlochten is met het Gelders Natuurnetw erk. Het gaat vooral om landbouw grond, maar ook om terreinen voor verblijfs- en dagrecreatie, infrastructuur, w oningen en bedrijven. Ook w eidevogelgebieden en ganzenfoerageergebieden maken deel uit van de Groene Ontw ikkelingszone. Deze liggen niet in het Gelders Natuurnetw erk. In de Groene Ontw ikkelingszone heeft de provincie de volgende doelstellingen: • de samenhang tussen de natuurgebieden bevorderen, het functioneren als netw erk versterken en overgangen tussen natuurbestemmingen en andere functies zoneren, • ruimte bieden voor verdere ontw ikkeling van functies die hier aanw ezig zijn en thuishoren. Het gaat dan vooral om de niet-stedelijke functies landbouw , het landgoedbedrijf (volgens de definitie van de Natuurschoonw et) en dagrecreatie, • substantiële versterking van de kernkw aliteiten natuur en landschap in combinatie met ruimte voor stedelijke functies w aaronder verblijfsrecreatie. De doelstellingen van de Groene Ontw ikkelingzone bieden kansen voor creatieve functiecombinaties ter versterking van het natuurlijke systeem: het samenhangend geheel van w ater, natuur, landschap en ondergrond.
K ernkw aliteiten en omgevingscondities In bijlage 7 bij de Omgevingsverordening staan de kernkw aliteiten van de Groene Ontw ikkelingszone per deelgebied beschreven. De kernkw aliteiten vormen randvoorw aarden voor de ontw ikkelingen: ze mogen per saldo niet w orden aangetast, maar zijn ook doelstelling. Daarom zijn aan de beschrijving van de kernkw aliteiten de ontw ikkelingsdoelen toegevoegd. Binnen het gebied Groot Nijmegen, w aarbinnen het plangebied gelegen is (zie bijlage 7 van de Omgevingsverordening), zijn de volgende ontw ikkelingsdoelen voor natuur en landschap binnen de Groene Ontw ikkelingszone geformuleerd: • Ontw ikkeling droge en vochtige bossen en moerassen; terugdringing verdroging • Ontw ikkeling ecologische verbindingszone Overasseltse V ennen - Bergharen met w ater en moeraszones en opgaande landschapselementen (bosjes, singels) • Ontw ikkeling ecologische verbindingszone Teerse Sluispolder met singels en hagen, bosjes, graslanden en andere elementen van het agrarisch cultuurlandschap • Ontw ikkeling populatie dassen • V ermindering barrièrew erking M aas-W aalkanaal, A 73, A 50, A 326, N271, N324, N844, N845 en N847 • Ontw ikkeling populaties van w ater-, oever- en moerasvogels • Ontw ikkeling bosranden en overgangen naar cultuurgronden en schraallanden • Ontw ikkeling biotopen voor vlinders, reptielen en amfibieën en vogels van cultuurlandschappen • Ontw
ikkeling oude polderstructuren en andere cultuurhistorische patronen en beheersvormen (hakhout: Elshof, Hatertse Broek, Personnenbos) Naast gebiedsspecifieke kernkw aliteiten zijn er, zoals de Omgevingsvisie beschreven, algemene kernkw aliteiten: Tot de kernkw aliteiten behoren ook de milieucondities, die de voorw aarde vormen voor het voortbestaan van de natuur, de ecologische samenhang, de stilte. donkerte de openheid en de rust. Het benoemen van de milieucondities als kernkw aliteit betekent dat nieuw e plannen en projecten geen verslechtering van de milieucondities mogen veroorzaken.
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
4
Flora- en faunaw et De Flora- en faunaw et heeft betrekking op alle in Nederland in het w ild voorkomende zoogdieren, (trek)vogels, reptielen en amfibieën, op een aantal vissen, libellen en vlinders, op enkele bijzondere en min of meer zeldzame ongew ervelde diersoorten (uit de groepen kevers, mieren, schelp- en schaaldieren) en op een honderdtal vaatplanten. V oor alle soorten, dus ook voor de soorten die zijn vrijgesteld van de ontheffingsplicht, geldt w el een zogenaamde 'algemene zorgplicht' (art. 2 Flora- en faunaw et). Deze zorgplicht houdt in dat de initiatiefnemer passende maatregelen neemt om schade aanw ezige soorten te voorkomen of zoveel mogelijk te beperken. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om het niet verontrusten of verstoren in de kw etsbare perioden zoals de w interslaap, de voortplantingstijd en de periode van afhankelijkheid van de jongen. De zorgplicht geldt altijd en voor alle planten en dieren, of ze beschermd zijn of niet, en in het geval dat ze beschermd zijn ook als er ontheffing of vrijstelling is verleend. Bij ruimtelijke ontw ikkelingen moet naast de zorgplicht ook rekening gehouden w orden met de juridisch zw aarder beschermde soorten uit 'tabel 2', de bijlage 1 soorten van het besluit vrijstelling beschermde dier- en plantensoorten, de soorten uit Bijlage IV van de Habitatrichtlijn (tezamen tabel 3) en met alle vogels.
V an deze laatste groep is een lijst opgesteld met vogelsoorten w aarvan de nesten jaarrond beschermd zijn en een lijst met vogels w aarbij inventarisatie gew enst is. K omen soorten van de hierboven genoemde beschermingsregimes voor dan is de eerste vraag of de voorgenomen activiteit effecten heeft op de beschermde soorten. Treden er effecten op dan dient er gekeken te w orden of er passende maatregelen getroffen kunnen w orden om de functionaliteit van de voortplantings- en/of vaste rust- en verblijfplaats te garanderen.
Huidige situatie Landschap Het plangebied heeft momenteel een agrarische bestemming. Het noordelijke deel is een grasland dat gebruikt w ordt als parkeerterrein en schapenw eide. A an de noordoostzijde is het gebied begrensd door de W esterkanaaldijk en w oonkavel. De kanaaldijk is een regionale ontsluitingsw eg met aan w eerszijden bomen en een aan de kanaalzijde een lage haag. De noordw estzijde van het gebied w ordt begrenst door een oude laan, die aan tw ee zijden beplant is met eiken. De dikte van deze bomen varieert van 30 cm tot 1 meter. De laan ligt w at hoger dan de rest van het plangebied. Het noordelijke deel van de w eg is verhard met asfalt en een kavelsloot scheidt de laan van het plangebied. A an de zuid- en zuidw estkant van het plangebied w orden begrenst door w eilanden. Een kavelsloot loopt van zuidw est naar noordw est en kadert het plangebied af tot aan de W esterkanaaldijk. In het plangebied is oppervlaktew ater aanw ezig in de vorm van periodiek w aterhoudende sloten aan de lange zijden van het perceel. Ten noorden van het plangebied ligt het M aas-W aalkanaal. Direct ten zuiden van het plangebied ligt de stroom de Leigraaf. Op het perceel ten noordw esten van het plangebied liggen enkele poelen. Het Hatertse Broek ten noorden van de laan is een bosgebied w aarin bospercelen en w eitjes elkaar afw isselen.
De graslanden w orden ontw ikkeld tot schrale graslanden. Het bos w ordt beheerd als een structuurrijk bos met diverse vegetatielagen en ecologisch w aardevolle bosranden. De bospercelen zijn omzoomd door een mantel van struiken als rode kornoelje, kardinaalsmuts en hondsroos.
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
5
Figuur 3. Huidige richtingen en structuren
Huidige natuurw aarden EHS-beleid De referentiesituatie voor het plangebied betreft een agrarisch perceel. Binnen het plangebied is geen natuur aanw ezig (gew eest). Op basis van de ligging van het plangebied in de omgeving en ten opzichte van het naastgelegen natuurgebied Hatertse Broek zijn naast de algemene kernkw aliteiten (milieucondities, ecologische samenhang, stilte, donkerte, openheid en rust) de volgende ontw ikkelingsdoelen voor natuur en landschap binnen de Groene Ontw ikkelingszone voor het plangebied van toepassing: • Ontw ikkeling ecologische verbindingszone Teerse Sluispolder met singels en hagen, bosjes, graslanden en andere elementen van het agrarisch cultuurlandschap • Ontw ikkeling populatie dassen • Ontw ikkeling bosranden en overgangen naar cultuurgronden en schraallanden • Ontw ikkeling biotopen voor vlinders, reptielen en amfibieën en vogels van cultuurlandschappen
Flora- en faunaw et Op basis van het door BRO uitgevoerde verkennend natuuronderzoek en het gepleegde veldbezoek in mei 2014 zijn enkele zw aarder beschermde soorten (tabel 2 en 3) binnen het plangebied (en directe omgeving) te verw achten dan w el aangetroffen, te w eten:
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
6
•
• • •
• •
Das. Het maisdoolhof is foerageergebied voor das en tijdens het veldbezoek in mei 2014 zijn tw ee vluchtpijpen aangetroffen in het talud van de kavelsloot die loopt van zuidw est naar noordw est langs de zuidzijde van het plangebied. Steenmarter. Het plangebied kan geschikt foerageergebied vormen voor deze soort. Eekhoorn. De eikenlaan kan geschikt foerageergebied vormen voor deze soort. Diverse soorten vleermuizen. De bebouw ing kan geschikt zijn voor gebouw bew onende soorten en de eikenlaan kan geschikt foerageergebied vormen en/of fungeren als vliegroute voor meerdere soorten vleermuizen. Het maisdoolhof en het speelterrein vormen geen geschikt foerageergebied voor vleermuizen. Diverse soorten vogels. Het plangebied vormt o.a. het leefgebied van een populatie huismus en kan geschikt foerageergebied vormen voor roofvogels als buizerd. A lpenw atersalamander, kamsalamander en poelkikker. Het is niet geheel uitgesloten dat deze soorten gebruik maken van de sloten langs het plangebied. Het plangebied zelf vormt ongeschikt landbiotoop voor deze soorten.
Huidig gebruik In het zuidw estelijk deel van het plangebied ligt een akker van circa 3 hectare die w ordt gebruikt als maisdoolhof. In het maisdoolhof is een uitkijkpunt aanw ezig. Ten zuidw esten van het maisdoolhof ligt een ingezaaid grasland dat w ordt beheerd als hooiland. Het grasland w ordt tevens gebruikt voor het spel w c-borstelgooien. Door het grasland lopen enkele ondiepe greppels. Het noordelijke deel is een grasland dat gebruikt w ordt als parkeerterrein en schapenw eide. De speelboerderij is in 2014 open van 4 april tot 26 oktober in de w eekends en op w oensdag- en vrijdagmiddagen. Tijdens schoolvakanties is men dagelijks geopend. Het maisdoolhof is pas open vanaf 22 juni.
Initiatief (nieuw e ontw ikkeling) Het midden van het plangebied is momenteel ingericht ten behoeve van de speelboerderij. Ten zuidw esten hiervan is een terrein ingericht als speelterrein. Hier bevinden zich een skelterbaan, traptractorbaan, hoppaardjesbaan, dierenw eitje, zandbak, springkussens, voetbalspel, w erpspellen, maisbak en picknicktafels. In de schuur is een kassa en koffieruimte en een binnenspeelplaats met blokken. Het speelterrein is deels onverhard als grasland, en deels verhard met tegels en bedekt met kunstgras. De familie Hopman is voornemens het huidige gebruik en de nieuw e ontw ikkeling te laten legaliseren in het bestemmingsplan en te bestemmen als recreatie (nu nog bestemd als agrarisch). De legalisatie omvat: • gebruik van het maisdoolhof; • gebruik van het grasveld als parkeerterrein; • gebruik van het grasveld en maisakker als speelterrein; • gebruik van een schuur als binnenspeelruimte en kantine Het recreatief medegebruik van de maisakker (het eigenlijke maisdoolhof) en het grasland (parkeerplaatsen) is beschouw d als bestaand gebruik. Dit gebruik is door de gemeente goedgekeurd maar nog niet bestemd als recreatie.
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
7
Ten behoeve van de legalisatie hoeven geen verdere inrichtingsmaatregelen te w orden getroffen zoals het rooien van bomen of struiken, dempen of vergraven van sloten, aanleggen van verharding, etc. Ten behoeve van een eventuele toekomstige relocatie van speelelementen kan aanw ezige verharding (tegels) en (kunst)gras verplaatst dan w el verw ijderd w orden.
Huidig speelplein
Bosperceel Hatertse broek
M onumentale laan als lijnelement
Grasstroken tussen verharding op het speelplein
Harde grens speelplein – maisdoolhof door hekw erk
Openheid in het broekontginningslandschap
Zicht over kavel in zuid-noord richting
V luchtpijp das
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
8
Landschappelijke inpassing De landschappelijke en cultuurhistorische karakteristiek van het broekontginningslandschap dient als basis voor de vormgeving van de nieuw e ontw ikkeling. De lange lijnen in het landschap geven aanleiding om nieuw e lijnelementen toe te voegen aan de huidige situatie. In het zuidw estelijke deel is een struw eelhaag voorgesteld dat beplant w ordt met gebiedseigen beplanting als meidoorn, sleedoorn, hazelaar, rode kornoelje, kardinaalsmuts en hondsroos, w at aansluit bij de aanw ezige bosvegetatie van de Hatertse Broek. A an de w estzijde van het struw eel bevindt zich een ruig grasland w at de grens vormt met het naastgelegen perceel. Het vormt het zuidelijk kader van het maisdoolhof en een natuurlijke overgang van het bosgebied naar de w eilanden. Ook geeft het de das en andere foeragerende dieren voldoende dekking richting de open velden. A an de noordw estzijde w ordt een soortgelijke grasstrook ingericht, voor de rest zorgt hier de monumentale laan voor voldoende inpassing. De zuidelijke rand w ordt aangezet met een houtw al van 10m breed, bestaande uit inheemse bomen(Quercus robur) met onderstruiken(zie voorgaand sortiment voor struw eel) en kruidenrijk grasland. De houtw al versterkt de landschappelijke lijnen in het gebied en is daarnaast een toevoeging aan de ecologische w aarde van het gebied, o.a. voor de begeleiding van de das.
Deze 10m- zone kan uiteindelijke de bestemming natuur krijgen. De houtw al is voorzien van een struiklaag tot daar w aar de verharding langs de perceelsloot begint. Dit vanw ege het feit dat langs/onder de verharding enkele vluchtpijpen van de das gelegen zijn en het opbreken van verharding voor aanplant van struiken hierdoor niet w enselijk is. Dit gedeelte van de zuidrand is aangeduid als kruidenrijk grasland met bomen. V an nature groeien hier inheemse struiken zoals meidoorn en sleedoorn, w elke spontaan op mogen komen. Langs deze strook w ordt niet gemaaid. Op langere termijn zal opslag van struiken ook in deze zone naar verw achting plaatsvinden. Ter hoogte van het speelplein w ordt de plantafstand tussen de bomen in de bomenrij vergroot naar 15m, zodat er doorkijkjes naar het omliggende landschap ontstaan. Het beheer van de houtw al is essentieel voor de instandhouding van de ecologische w aarde. Houtw allen die niet w orden onderhouden groeien uit tot hoge rijen bomen zonder ondergroei. Ze bezorgen dan niet alleen overlast maar verliezen ook voor een groot deel hun ecologische w aarde. A an de zijde aan de W esterkanaaldijk is de huidige onverharde parkeerplaats uitgebreid aan de noordzijde. V erder zijn er 16 notenbomen (Juglans Regia) geplaatst die refereren aan een vroegere hoogstamboomgaard en de landschappelijke inpassing vanaf de w eg verzorgen.
De parkeerplaats blijft verder begroeid met gras. De zuidrand tot aan de verharding behoort tot de houtw al met de onderbegroeiing gras, deze is echter smaller dan 10m, t.b.v. de ontsluiting van de parkeerplaats. De grenzen maisdoolhof- speelplein w orden aangegeven door een haag van haagbeuk.
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
9
A – A’
B – B’
Figuur 4. Landschappelijk- ecologische inpassing – detail houtw al.
Het ruimtebeslag van het plangebied (totaal 44529 m2 1) bestaat uit de volgende onderdelen: • M aisdoolhof: 25097 m2 (2,5 ha.) • Speelplein: 7476 m2 (0,75 ha.) • Onverharde parkeerplaats: 3470 m2 (0,35 ha.) • Toegevoegd: 8486 m2 (0,85 ha.) Het toegevoegde deel bestaat uit: • 3374 m2 struw eel • 4655 m2 kruidenrijk grasland • 50m2 haag van haagbeuk • 38 zomereiken (plantafstand 10 en 15 m.) • 16 notenbomen
1
Uitgaande van aangeleverde GBK N en kadastrale gegevens
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
10
Ecologische inpassing (toetsing EHS en Ff-w et) Effecten op de Groene Ontw ikkelingszone (Provinciaal natuurbeleid) Het afw egingskader voor ruimtelijke ingrepen binnen de Groene Ontw ikkelingszone is w eergegeven in onderstaande figuur (figuur 5). M et de omvorming van een deel van het maisperceel tot speelplein vindt een functieverandering van agrarisch naar recreatie plaats en is sprake van nieuw vestiging. A angezien het oppervlak van het speelplein ten opzichte van het totale plangebied gering is, is deze functiew ijziging in deze toetsing beoordeeld als een kleinschalige ingreep. Het recreatief medegebruik van het maisperceel en grasland is w el meegenomen in de beoordeling, maar als bestaand gebruik beschouw d en niet als nieuw vestiging.
Figuur 5. A fw egingskader Groene Ontw ikkelingszone
In onderstaande tabel (tabel 1) zijn de effecten op de kernkw aliteiten samengevat bij het bestemmen van de huidige situatie met de landschappelijk-ecologische inpassing. Hierbij geldt dat de huidige situatie (reeds bestaande nieuw e ontw ikkeling) met landschappelijk-ecologische inpassing is afgezet tegen de referentiesituatie (agrarische bedrijfsvoering). Tabel 1. Effecten van het bestemmen van de huidige nieuw e situatie met landschappelijkecologische inpassing op de aanw ezige kernkw aliteiten van de EHS Toetsingscriterium
Bestemmen huidig
1.M ilieucondities
Geen
2.Ecologische samenhang
Beperkt positief
3.Stilte, donkerte, openheid en rust
Beperkt negatief
4.Ontw ikkeling EV Z Teerse Sluispolder met singels en hagen, bosjes,
Beperkt positief
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
11
graslanden en andere elementen van het agrarisch cultuurlandschap 5.Ontw ikkeling populatie dassen
Beperkt positief
6.Ontw ikkeling bosranden en overgangen naar cultuurgronden en
Positief
schraallanden 7.Ontw ikkeling biotopen voor vlinders, reptielen en amfibieën en
Positief
vogels van cultuurlandschappen
1. M ilieucondities M et de realisatie van het speelplein (beperkte verharding) en in gebruikname van het maisdoolhof en het grasland als parkeerplaats w orden geen effecten op milieucondities als het grond- en oppervlaktew atersysteem verw acht. V anw ege de beperkte verkeersaantrekkende w erking en het ontbreken van zeer stikstofgevoelige habitats in de directe omgeving zijn negatieve effecten van stikstofdepositie verw aarloosbaar.
2. Ecologische samenhang De ecologische samenhang met het aangrenzende Hatertse Broek w ordt versterkt door de aanleg van gelijksoortig struw eel en kruidenrijk grasland binnen het plangebied w aardoor diverse soorten vanuit het Hatertse Broek (struw eelbroedende vogelsoorten, das) ook leefgebied vinden binnen het plangebied, zij het op een beperkt oppervlak (0,7 ha). Hier is dan ook een (beperkt) positief effect te verw achten.
3. Stilte, donkerte, openheid en rust De openlucht recreatie zal resulteren in minder stilte en rust dan bij gangbare agrarische activiteiten. Gezien de seizoens- en w eersafhankelijke dagrecreatie zal deze vermindering beperkt zijn. V ermindering van de openheid door enige verdichting van (grotendeels laagblijvende) speelelementen op een klein oppervlak van het totale plangebied is eveneens beperkt. Effecten op donkerte zijn niet aanw ezig.
4. Ontw ikkeling EV Z Teerse Sluispolder Zow el het plangebied als het aanliggende perceel van het Hatertse Broek is door de provincie aangemerkt als EV Z voor das en kamsalamander. M et de ontw ikkeling van kruidenrijke stroken en struw eel langs de randen van het plangebied kunnen migrerende soorten door het enigszins verdichte plangebied w orden geleid. Negatieve effecten van de ontw ikkeling w orden hiermee vermeden, per saldo is het verw achte positieve effect beperkt op het functioneren van de EV Z (naar verw achting zullen das en kamsalamander eerder en meer migreren via het aanliggende perceel in het Hatertse Broek).
5. Ontw ikkeling populatie dassen Het plangebied vormt een goede voedselbron voor das in het gebied. Naast de overvloedige hoeveelheid mais in het maisdoolhof zal de te ontw ikkelen ruige en kruidenrijke vegetatie eveneens nieuw e voedselbronnen voor das opleveren. Struw eel en eiken zorgen hierbij voor meer dekking in het plangebied. De dagrecreatie zal geen negatief effect sorteren op het nachtelijk gebruik van het plangebied door das. Ten opzichte van het oorspronkelijk agrarische gebruik zal het plangebied van grotere w aarde zijn voor das en daarmee een gunstiger staat van instandhouding van de lokale dassenpopulatie kunnen bew erkstelligen. Een positief effect is daarom te verw achten.
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
12
6. Ontw ikkeling bosranden en overgangen naar cultuurgronden en schraallanden De in de landschappelijk-ecologische inpassing opgenomen ontw ikkeling van een struw eelrand vanaf de eikenlaan, een aangetakte eikenrij en naastgelegen ruig- en kruidenrijk grasland op de overgang van het Hatertse Broek naar zuidelijk gelegen agrarische percelen komt goed overeen met de ontw ikkeling van deze kernkw aliteit en vormt daarmee een positief effect.
7. Ontw ikkeling biotopen voor vlinders, reptielen en amfibieën en vogels van cultuurlandschappen M et de ontw ikkeling van kruidenrijk grasland en struw eel (met o.a. besdragende struiken) w orden biotopen gecreëerd voor met name vlinders en vogels en in mindere mate voor amfibieën (landbiotoop) en reptielen. V oorheen w as met het agrarisch gebruik nauw elijks tot geen geschikt biotoop aanw ezig voor genoemde soortgroepen. De ontw ikkeling heeft dan ook een positief effect.
Conclusie Bij nieuw vestiging dient bij een kleine ingreep een substantiële versterking van de kernkw aliteiten plaats te vinden. Per saldo vindt er een substantiële versterking van de kernkw aliteiten plaats. De ontw ikkeling valt daarmee binnen de dubbele doelstelling van de Groene Ontw ikkelingszone (ruimte voor verdere economische ontw ikkeling in combinatie met versterking van de samenhang tussen aangrenzende en inliggende natuurgebieden). Legalisatie van het huidig recreatief medegebruik en het speelplein met de voorgestelde landschappelijkecologische inpassing zal niet strijdig zijn aan de doelstellingen voor de Groene Ontw ikkelingszone en zijn daarmee in overeenstemming met het beoogde provinciale natuurbeleid. Nieuw e natuurelementen die gerealiseerd zijn, kunnen w orden toegevoegd aan het Gelders Natuurnetw erk. Effecten op beschermde soorten (Flora- en faunaw et) •
•
• •
M et de aanleg van het speelterrein (0,75 ha) gaat foerageergebied verloren van das. M et de aanleg van o.a. struw eel en kruidenrijk grasland (0,85 ha) w ordt het foerageergebied echter ook kw alitatief verbeterd. Daarnaast vormt het maisdoolhof in de huidige situatie een belangrijke voedselbron (getuige ook de door das gegraven vluchtpijpen naast het maisveld). V erw acht w ordt dat de gunstige staat van instandhouding van de lokale populatie das niet in het geding komt, negatieve effecten zijn uitgesloten. V oor de steenmarter en eekhoorn zijn geen negatieve effecten te verw achten. De landschappelijk-ecologische inpassing met notenbomen, struw eel, houtw al en grazige vegetatie zal het leefgebied voor steenmarter juist versterken. De eikenlaan w elk geschikt leefgebied vormt voor eekhoorn ligt buiten het plangebied en zal niet w orden beïnvloed. Effecten op vleermuizen (vaste verblijfplaatsen en vliegroutes) zijn uitgesloten aangezien aanw ezige bebouw ing en lijnstructuren als de eikenlaan behouden blijven. Het plangebied vormt het leefgebied van huismus en roofvogels als buizerd (foerageergebied). Bestaande bebouw ing blijft behouden zodat nestplaatsen niet w orden aangetast. M et de inpassing van de ontw ikkeling w ordt aanw ezig foerageergebied van vogels kw alitatief verbeterd.
Negatieve effecten voor vogels zijn uitgesloten, mits bij de inrichting van de landschaps- en natuurelementen geen broedende vogels w orden verstoord.
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
13
•
Het plangebied vormt ongeschikt landbiotoop voor alpenw atersalamander, kamsalamander en poelkikker. M et de landschappelijk-ecologische inpassing kan in de toekomstige situatie geschikt landbiotoop gecreëerd zijn voor amfibieën. Negatieve effecten voor amfibieën zijn uitgesloten.
Conclusie en vervolg Conclusie •
•
Het legaliseren van de huidige situatie (recreatief medegebruik maisperceel en grasland) en inpassing van de ontw ikkeling (speelplein) is vanuit landschappelijk oogpunt positief , omdat door het toevoegen van landschapselementen aan het plangebied een bijdrage geleverd w ordt aan de landelijke en groene uitstraling van het broekontginningslandschap. Het legaliseren van de huidige situatie en inpassing van de ontw ikkeling is vanuit ecologisch oogpunt positief, omdat door toevoeging van de natuurelementen (houtw al, struw eel, notenbomen en kruidenrijk grasland) een per saldo substantiële bijdrage geleverd w ordt aan de versterking van de algemene en gebiedsspecifieke kernkw aliteiten.
V ervolg De uitvoering van de landschappelijke inpassing en de substantiële versterking kan w orden verzekerd door de opname van een voorw aardelijke verplichting in het betreffende bestemmingsplan dan w el door het sluiten van een privaatrechtelijke overeenkomst alvorens het bestemmingsplan w ordt vastgesteld.
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
14
BIJLA GE 1: landschappelijk- ecologische inpassing
A DV IES/Landschappelijk-ecologische inpassing M aisdoolhof te M alden
15