CConstaterende datHeumen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage VI vast te bestemmingsplan - toelichting bijlage 1 ruimtelijke visie

Raad 21 oktober 2021, gemeente HeumenBij agendapunt: Vaststelling bestemmingsplan Garstkampsestraat 7 Overasselt1.896 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RUIMTELIJKE VISIE GARSTKAMPSESTRAAT 7 OVERASSELT Situatie 1914

25 MAART 2019

INVENTARISATIE onderliggend beleid

ARCHEOLOGIE EN CULTUURHISTORIE

ARCHEOLOGIE EN CULTUURHISTORIE

CULTUURHISTORIE

Conclusie Het plangebied wordt conform de door RAAP opgestelde ‘cultuurhistorische waarderingskaart’ gewaardeerd als ‘middelmatig’.

BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED

BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED

BESTEMMINGSPLAN BUITENGEBIED

zoeklocatie ontwikkeling woningbouw

zoeklocatie ontwikkeling woningbouw

INVENTARISATIE historische achtergrond

HISTORISCHE KAART 1772

HISTORISCH-RUIMTELIJKE ANALYSE

Situatie in 1772 Overasselt wordt hier nog vernoemd als Over Assel. De ‘t ‘ zit nog niet in de naam. De bebouwing met de daarbij horende gecultiveerde grond ligt nog erg verspreid. Daarnaast is er nog veel ‘woeste grond’ zichtbaar. Het plangebied als zodanig is nog niet heel duidelijk zichtbaar.

HISTORISCHE KAART 1850

HISTORISCH-RUIMTELIJKE ANALYSE Situatie in 1840 Op de kaart uit deze periode verschijnt de ‘t’ in de naam Overasselt. De Garstkampsestraat en de karakteristieke bocht hierin beginnen zich duidelijk af te tekenen. Men ziet de belangrijkste wegen, min of meer parallel aan de rivier, over de hogere gronden lopen. De Garstkampsestraat verbindt de verspreid liggende bebouwing rondom het plangebied met de bebouwing op de rivierduin / oeverwal rondom en in Worsum. Het landschap bestaat uit een mozaïek van gecultiveerde akkers en woeste grond/ heide/bosschages. In 1850 is de dorpskern die nu Overasselt vormt, op de kaart nog nauwelijks aanwezig.. De nederzetting bestaat slechts uit enkele woningen (boerderijen) en de kerk. Verder zijn er in de buurt veel vergelijkbare kleine gehuchten te zien. Dit beeld blijft over een langere periode ongeveer hetzelfde.

HISTORISCHE KAART 1870

HISTORISCH-RUIMTELIJKE ANALYSE Situatie in 1870 Er is steeds meer grond gecultiveerd ten koste van bosjes en woeste grond. Het landschap wordt steeds opener met verspreid liggende bebouwing in een landschap van akkers, weilanden en verspreid liggende bosjes. De weilanden vinden we op de lagere, nattere gronden bij de rivier en de lagere gronden tussen de rivierduinen / oeverwallen. Oo de hogere delen liggen de akkers. De verwijzing naar de nattere gronden zien we teug in naamgeving als “De Zomp”. In andere naamgevingen vinden we verwijzingen naar de akkers op de hogere gronden. Het woord ‘kamp’ dat in meerdere namen terug te vinden is, duidt op ‘akker’. Uit de naam ‘roggekamp’ blijkt bijvoorbeeld dat hier rogge op de akker werd verbouwd. Het woord ‘Garstkamp’ uit de naam Garstkampsestraat is niet officieel verklaard, maar duidt hoogstwaarschijnlijk op het verbouwen van gerst op deze akkers.

HISTORISCHE KAART 1940

HISTORISCH-RUIMTELIJKE ANALYSE Situatie in 1940 We zien op dit kaartbeeld goed hoe de wat vreemde bocht in de Garstkampsestraat te verklaren is. Ten noordwesten van het plangebied waren in vroeger tijden twee straten/ ontsluitingswegen aanwezig die ten zuiden van het plangebied samen kwamen. De wegen waren beide beplant met laanbomen, dus moeten duidelijk herkenbaar zijn geweest in het voormalige landschap. Pas vanaf 1940 begint het dorp zich ter plaatse van de huidige kern, te verdichten en te vergroten. De bosschages zijn bijna geheel verdwenen uit het landschap. Ten zuidwesten van het plangebied zien we één kleine boomgaard. Ook zien we op dit kaartbeeld heel duidelijk dat het merendeel van de bebouwing op de hogere delen in het landschap gesitueerd is. Door de aangegeven taludlijntjes is dit heel duidelijk afleesbaar. Dit geldt zowel voor de bebouwing ten zuiden van het plangebied (rondom de kerk) als de bebouwing in en rondom Worsum.

TOPOGRAFISCHE KAART 1970

TOPOGRAFISCHE KAART 1980

HISTORISCH-RUIMTELIJKE ANALYSE Situatie 1970-1980 Vanaf 1970 ziet men het dorp werkelijk groeien. Vanaf dit moment begint Overasselt pas in rap tempo te groeien. Op deze kaart (1970) zijn ook veel boomgaarden te zien, ook direct rondom en op het plangebied.

Tien jaar later, in 1980, zijn deze boomgaarden (weer) verdwenen. In de tie jaar tussen deze kaartbeelden heeft het dorp zich wat haar grootte betreft reeds verdubbeld. Ter plaatse van het plangebied zien we dat de opdeling in het perceel met boomgaard in het zuidelijk deel (ten oosten van het woonhuis) en weiland in het noordelijk deel, verdwenen is en dat er alleen nog sprake is van weiland. Ook de grote boomgaard ten noordwesten van het plangebied is verdwenen. Ten noorden van het woonhuis is het aantal stallen en dergelijke flink toegenomen.

INVENTARISATIE hedendaagse topografie

HUIDIGE SITUATIE

RUIMTELIJKE ANALYSE Huidige situatie In de huidige is er op het niveau van hoofdstructuur sprake van verspreid liggende bebouwing in een relatief open landschap. De bijgebouwen (schuren, loodsen e.d.) zijn hierbij wat schaal betreft dominant ten op zichte van de (relatief kleinschalige (woonbebouwing). Bosschages en dergelijk zijn nog nauwelijks aanwezig. Dominante ruimtelijke elementen zijn de bebouwing van de kern Overasselt met de kerk als markant punt en de verspreide opgaande beplanting (bomen) langs en in de nabijheid van de wegen. Met name door deze laatste elementen heeft men, op de weg rijdend, niet de indruk van een zeer open landschap, zoals dat op de luchtfoto aanwezig lijkt te zijn. De grote open velden bevinden zich met name achter de bebouwing, tussen de wegen.

INVENTARISATIE veldbezoek/fotoreportage

HUIDIGE SITUATIE

HUIDIGE SITUATIE

RUIMTELIJKE ANALYSE

RUIMTELIJKE ANALYSE landschapsstructuur Het plangebied ligt aan de Garstkampsestraat, die de kern Nederasselt met Workum verbindt. Beide nederzettingen liggen op de hogere gronden op de rivierduinen / oeverwallen langs de rivier de Maas. Op deze oeverwallen vinden we een onregelmatige blokverkaveling. Tussen de oeverwallen liggen de lager gelegen komgronden. Dit landschap is zeer open met lange recht lopende kavellijnen. Ook langs het MaasWaalkanaal vinden we deze gronden. Langs de rivier de Maas liggen eveneens lagere, natte gronden. Namen als ‘De Zomp’ verwijzen hiernaar. Hier vinden we van oudsher weilanden en hooilanden.

RUIMTELIJKE ANALYSE landschapsstructuur Op de oeverwal, tussen de twee komgebieden in, vinden we relatief gezien nog veel opgaand groen in de vorm van bos en bosschages. Hier ligt het natuurgebied de ‘Overasseltse en Hatertse Vennen’ genaamd .

Nog verder naar het noordoosten liggen de stuwwallen, aan de voet waarvan we plaatsen als Mook en Molenhoek vinden.

GRONDGEBRUIK

RUIMTELIJKE ANALYSE grondgebruik Het grondgebruik in de omgeving bestaat voornamelijk uit weiland. Op de hogere gronden (grenzend aan de wegen) liggen (nog) enkele percelen akkerbouw.

Direct grenzend aan het plangebied komt zowel weiland als akkerbouw voor.

BEBOUWING

RUIMTELIJKE ANALYSE bebouwing In de huidige situatie is er op hoofdstructuur sprake van verspreid liggende bebouwing in een relatief open landschap. Dominante ruimtelijke elementen zijn de bebouwing van de kern Overasselt (met de kerk als markant punt) en de verspreid staande, opgaande beplanting (bomen) langs en in de nabijheid van de wegen. Langs de Garstkampsestraat is zeer verspreid liggende lintbebouwing aanwezig. Het betreft veelal bebouwing met een functie van (voormalige) boerderij. Het woonhuis ligt hierbij aan of dichtbij de weg. Daarachter of daarnaast ligt vaak bebouwing met een (voormalige) agrarische functie zoals stallen en/of opslagruimte.

MORFOLOGIE / KORRELGROOTTE

RUIMTELIJKE ANALYSE morfologie /korrelgrootte Over het algemeen is er in het gehele gebied sprake van vrij kleinschalige bebouwing. In de dorpskern zelf is er, ter plaatse van de woonwijken uit de jaren 70 en daarna, sprake van geordende, kleinschalige bebouwing. Langs de, door het landelijk gebied lopende, wegen is de bebouwing meer organisch van vorm. De oorspronkelijke (woon) bebouwing in de vorm van boerderijen en dergelijke is vrij kleinschalig en heeft stedenbouwkundig gezien een relatief kleine korrelgrootte. De ‘bijgebouwen’ (schuren, loodsen e.d.) zijn hierbij wat schaal betreft dominant ten opzichte van deze relatief kleinschalige (woon)bebouwing. Ook de bebouwing binnen het plangebied zelf bestaat uit een woonhuis en enkele stallen. Ondanks de relatief grote korrelgrootte van de stallen is de ruimtelijke impact hiervan vrij gering. Dit komt doordat zij over het algemeen slechts één bouwlaag met kap hoog zijn. Ook onttrekt de erfbeplanting een vrij groot deel van deze bebouwing aan het zicht

BEPLANTING

RUIMTELIJKE ANALYSE beplanting De omgeving kent een vrij open karakter. Weilanden domineren het beeld. De meeste beplanting is relatief dichtbij de weggen te vinden. Hier vinden we erfbeplanting in de vorm van solitaire bomen, bomgroepen en houtwallen. Op de historische kaart van 1850 was te zien dat er nog een grote boomgaard was nabij het plangebied. Nu is er nog slechts een kleine (relict van) een boomgaard te zien aan de noordrand van Overasselt, ten westen van het plangebied. Meer naar het noorden toe, richting Worsum, zijn meerdere wegen beplant met laanbomen. Ter plaatse van het plangebied is dit echter niet het geval. Hier zijn de wegen veelal onbeplant, op een enkele solitaire bomen of kleine groep bomen na.

INFRASTRUCTUUR

RUIMTELIJKE ANALYSE infrastructuur (wegen en paden) De omgeving kent een vrij open karakter. Weilanden domineren het beeld. De meeste beplanting is relatief dichtbij de wegen te vinden. Hier vinden we erfbeplanting in de vorm van solitaire bomen, boomgroepen en houtwallen. Op de historische kaart van 1850 was te zien dat er nog een grote boomgaard nabij het plangebied aanwezig was. Nu is er nog slechts een klein((e) relict van een) boomgaard te zien aan de noordrand van Overasselt, ten westen van het plangebied.

KAVELSTRUCTUUR

RUIMTELIJKE ANALYSE kavelstructuur Op hoofdlijnen bevestigen de kavelstructuur en – richting de landschappelijke opbouw. De dominante kavels lopen haaks op de wegen, die over de hogere gronden lopen (primaire richting). Deze hebben als ontginningsbasis gediend. De belangrijkste kavellijnen staan hier haaks op. Zij lopen met vrij lange lijnen het (open) landschap in. Tussen de twee rivierduinen/oeverwallen in, die van Overasselt zelf en die van Workum, loopt de hoofdwatergang. De kavellijnen bestaan niet zelden uit (ondiepe) sloten en greppels. Af en toe zijn er verbindingen tussen de primaire kavellijnen. Deze staan hier weer loodrecht op (secundaire richting).

WATER

RUIMTELIJKE ANALYSE water De watergangen volgen de onregelmatige blokverkaveling zoals deze tussen de oeverwallen / rivierduienn te vinden is. Ten westen van de Kasteelsestraat is de oorspronkelijke kavelstructuur met begeleidende watergangen nog vrijwel intact. Ten oosten hiervan is de structuur t.o.v. de oorspronkelijke structuur (waarschijnlijk door ruilverkavelingen) grootschaliger geworden. Hier is de dooradering minder zichtbaar en minder regelmatig. Vaak zijn de sloten op de kavelgrenzen erg smal en ondiep met nauwelijks zichtbaar oppervlaktewater. Nabij het plangebied ligt ten zuidwesten van de Garstkampsestraat een relatief brede watergang die goed zichtbaar is vanaf de weg.

ORIËNTATIE

RUIMTELIJKE ANALYSE oriëntatie De bebouwingsensembles bestaan vaak uit een hoofdgebouw en één of enkele hoofdgebouwen. Het hoofdgebouw is in de meeste gevallen nabij (aan) de weg gelegen. De bijgebouwen hebben meestal een terugliggende positie. De hoofdgebouwen (woonhuizen) zijn op de (doorgaande) weg georiënteerd. De bijgebouwen hebben doorgaans een terug liggende positie en liggen in de tweede linie.

RUIMTELIJKE VISIE stedenbouwkundiglandschapsarchitectonisch

VISIE

VISIE: zoom in

luchtfoto plangebied

visie geprojecteerd in luchtfoto

PLANANATOMIE

ORGANISATIEPRINCIPE: woningen aan ‘nieuwe laan’

PROGRAMMA

hier 1 woning, vrijstaand (type hoofdhuis)

hier 3 woningen, aaneen gebouwd (type schuurwoning)

PROGRAMMA: basiskavels

kavel 1: circa 3.000 m2

Kavel 2: 3 woningen, kavels afzonderlijk circa 140 m2, samen 420 m2

PROGRAMMA: mogelijkheid uitbreiding kavels kavel 1: uitbreidbaar met deel met bestemming ‘groen’ of ‘agrarisch’, bijvoorbeeld een dierenweitje, oppervlakte circa 2.500 m2

kavel 2 uitbreidbaar met deel met bestemming ‘groen’ of ‘agrarisch’, bijvoorbeeld een dierenweitje, oppervlakte circa 3.000 m2

ORIËNTATIE

oriëntatie op de straat oriëntatie op de laan oriëntatie op het landschap

ZICHT

oriëntatie op de straat oriëntatie op de laan oriëntatie op het landschap

TOEGEVOEGDE LANDSCHAPSELEMENTEN

laan van inheemse bomen boomgaard 1 houtwal boomgaard 2

BEELDKWALITEIT EN REFERENTIEBEELDEN

beeldkwaliteit bestaande bebouwing

bestaande bebouwing In directe omgeving

bestaande stal

beeldkwaliteit bestaande bebouwing in wijdere omgeving: eenduidige, eenvoudige vormen

beeldkwaliteit type ‘schuurwoningen’

Garstkampsestraat

beeldkwaliteit type hoofdhuis

beeldkwaliteit landschappelijke elementen

minimaal één solitaire boom per kavel (inheems)

begeleiding oprijlaan met inheemse laanbomen

omkadering kavels met hagen van inheemse soort

beeld direct na aanleg houtwal

eindbeeld houtwal

FIN

Situatie 1914

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10560057/1