Bijlage VI Advies Adviesfunctie 28 april 2023
Tekst van het document
Gemeente Nijmegen Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen Kas Baltussen Elly Martens Marc van Rooij April 2023
Adviesrapport Jaarstukken 2022 & Begroting 2024 MGR
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
Inhoudsopgave ……..in één oogopslag Inleiding 1. Advies 1.1 Advies bij de jaarstukken 2022 1.2 Advies bij de begroting 2024 2. Kaders 2.1 BRN-normen 2.2 Overige kaders 3. Algemeen 3.1 Ontwikkelingen 3.2 Aanvullende bijdrage Sociale Werkvoorziening (SW) 4. Jaarstukken 2022 4.1 Algemeen 4.2 Controleverklaring accountant 4.3 Fiscaliteiten 4.4 Begroting 2022 en managementrapportages 4.5 Resultaatanalyse 4.6 Balanstoelichting 4.7 Voorstel bestemming resultaat 4.8 Deelnemersbijdragen 5. Gewijzigde begroting 2023 5.1 Algemene toelichting gewijzigde begroting 2022 5.2 Deelnemersbijdragen 2023 na wijziging 6. Begroting 2024 6.1 Begrotingswijzigingen 6.2 Begrotingsanalyse 6.3 Deelnemersbijdragen 2024 6.4 Meerjarenbegroting 7. Weerstandsvermogen en risico’s
Map = Brieven en huisstijldocumenten / sjab = Nota, beleids- of projectplan
1 2 3 3 3 4 4 5 6 6 7 9 9 9 9 9 10 10 11 11 12 12 13 14 14 14 15 15 16
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
……..in één oogopslag JAARSTUKKEN 2022
VERMOGENSPOSITIE
Accountant heeft een goedkeurende accountantsverklaring afgegeven.
De MGR heeft geen weerstandsvermogen. Het resultaat wordt overgeheveld of terugbetaald aan deelnemende gemeenten. Risicobuffer bij de deelnemende gemeenten. Risicoprofiel MGR € 3,6 miljoen
Rekeningresultaat: € 1,0 miljoen voordelig. De resultaten voor afrekening zijn: - WerkBedrijf, onderdeel Werk: € 1,0 miljoen - WerkBedrijf, onderdeel SW: € 0 miljoen - IRVN: € 0 miljoen Resultaatbestemming: € 0,9 miljoen wordt overgeheveld naar 2023. € 0,1 miljoen wordt terugbetaald aan gemeenten … BEGROTING 2024
- Sluitend met een saldo van € 103 miljoen - Begroting conform BBV-regels - Begroting voldoet aan de Begroting Richtlijnen Regio Nijmegen (RN)
ADVIES In te stemmen met: - de jaarstukken 2022 en het resultaatbestemmingsvoorstel (budgetoverhevelingen en terugbetalingen) - in te stemmen met de bijgestelde begroting 2023 - in te stemmen met de begroting 2024 - de meerjarenraming 2025-2027 voor kennisgeving aan te nemen
DEELNEMERSBIJDRAGEN (bedragen in € * 1.000) Gemeente
Rekening 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Berg en Dal
6.815
7.451
7.699
Beuningen
4.883
5.230
5.457
Druten
3.330
3.734
3.338
Heumen
2.431
2.658
2.655
481
594
632
Nijmegen
51.784
56.347
58.443
Wijchen
7.218
7.854
8.058
West Maas en Waal
1.090
1.115
1.129
Mook en Middelaar
Werkorg. Druten-Wijchen
61
63
66
ODRN
0
1.074
1.159
Totaal
78.825
86.121
89.191 1
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
Inleiding Dit adviesrapport bevat de uitkomsten van de beoordeling van de jaarstukken 2022 en de begroting 2024 van de MGR Rijk van Nijmegen (hierna MGR). Hierbij hebben wij een advies geformuleerd voor de zienswijze die de MGR vraagt aan de deelnemende gemeenten bij de begroting 2024, en een advies bij de vaststelling van de jaarstukken 2022 en resultaatbestemming 2022. Vragen over de jaarstukken 2022 en begroting 2024 hebben we schriftelijk teruggekoppeld. De vragen zijn schriftelijk beantwoord door de heer drs. Peters RA, concerncontroller van de MGR.
Tijdschema zienswijze De MGR heeft de jaarstukken 2022 en de begroting 2024 aan de deelnemende gemeenten op 31 maart 2023 aangeboden. Volgens de BRN-planning geven wij een advies aan de deelnemende gemeenten op 28 april 2023 en zullen gemeenten uiterlijk 15 juni 2023 hun zienswijze indienen. De vaststelling van deze begroting en jaarstukken door het AB is gepland op 13 juli 2023.
Werkwijze Adviesfunctie Voor de beoordeling van de jaarstukken en de begroting hebben de gemeenten in de Regio Nijmegen de Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen opgericht (hierna: Adviesfunctie). Als Adviesfunctie beoordelen wij de jaarstukken en de begroting en brengen hierover advies uit aan de regiogemeenten. Bijzonderheid bij de MGR is dat niet alle regiogemeenten deelnemen aan alle modules van het WerkBedrijf of de modules van de IRVN: Gemeente Mook en Middelaar neemt geen deel aan het onderdeel sociale werkvoorziening. Gemeente Nijmegen neemt als enige gemeente deel in de module informatie en applicatiebeheer. Gemeente West Maas en Waal neemt enkel diensten af op het gebied van de sociale werkvoorziening. Vertrekpunt bij de beoordeling zijn de Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen (BRN), die de gemeenten in de Regio Nijmegen vastgesteld hebben. Hieraan toetsen wij. De index op de gemeentelijke bijdragen voor 2024 is 4,94%,. Voor een uitgebreide toelichting op de indexeringssystematiek verwijzen wij naar de BRN 2024. Wij hebben de bijzonderheden die gelden voor de MGR verder in dit rapport toegelicht. Onze beoordeling van de jaarstukken richt zich op de financiële verantwoording en het voorstel over de bestemming van het resultaat.
Op basis van de accountantscontrole gaan wij uit van de juistheid van de jaarrekeningcijfers en richten wij ons op een beoordeling van deze cijfers. Daarbij nemen wij de bevindingen in het accountantsverslag mee. Daarmee valt een inhoudelijke beoordeling van geleverde prestaties buiten de scope van onze werkzaamheden. Onze beoordeling van de begroting richt zich allereerst op het realiteitsgehalte van de raming en de toepassing van de BRN-normen en richt zich vooral op het jaar 2024. De meerjarenraming gebruiken wij met name als basis voor de beoordeling van de vermogenspositie. Een inhoudelijke beoordeling van beleidsvoornemens valt buiten de scope van onze werkzaamheden. Zowel bij de jaarstukken als de begroting nemen wij de risico’s en de risicobeheersing in ogenschouw en beoordelen wij de vermogenspositie.
2
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
1. Advies 1.1
Advies bij de jaarstukken 2022
Wij adviseren de deelnemende gemeenten van de MGR om: In te stemmen met de jaarstukken 2022 en het resultaatbestemmingsvoorstel van € 1,0 miljoen. Hiervan wordt € 0,9 miljoen overgeheveld naar 2023. Het resterende resultaat 2022 van per saldo € 0,1 miljoen. wordt uitbetaald aan de deelnemende gemeenten. In de zienswijze in te gaan op de voorgestelde budgetoverhevelingen van in totaal € 0,9 miljoen voor de inzet op de onderdelen: uitbreiding Simpel Switchen (€ 0,2 miljoen), extra tijdelijke vervoerskosten SW (€ 0,5 miljoen) en kwaliteitsimpuls (€ 0,3 miljoen) Het voorstel van de adviesfunctie is om hiermee in te stemmen. In te stemmen met de overheveling van het investeringsbudget (onderdeel Automatisering) van € 1,1 miljoen naar 2023.
1.2
Advies bij de begroting 2024
Wij adviseren de deelnemende gemeenten van de MGR om: In te stemmen met de bijgestelde begroting 2023 (en het voorgestelde investeringsvolume MGR van € 7,4 miljoen). In te stemmen met de begroting 2024. De meerjarenbegroting 2025-2027 voor kennisgeving aan te nemen. Het bedrag aan risico’s (totaal € 3,6 miljoen) voor iedere afzonderlijke gemeente –naar rato op basis van de verdeelsleutel inwoneraantal- op te nemen in hun eigen paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing (zie toelichting hoofdstuk 7 Weerstandsvermogen).
3
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
2. Kaders 2.1
BRN-normen
Het indexeringspercentage (BRN-norm) voor 2024 is 4,94%. Dit percentage is voor de MGR opgenomen in de Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen 2024. De MGR heeft bij het opstellen van de begroting 2024 deze indexeringsafspraken gehanteerd. Onderstaande passages zijn overgenomen uit de begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen (BRN) 2024. Onderdeel WerkBedrijf Gemeenten dragen hun participatiebudget over aan het WerkBedrijf. Hiermee is voor dat deel de indexering niet van belang. Voor de begrotingssamenstelling 2024 kan rekening worden gehouden met het participatiebudget volgens de bijlage bij de septembercirculaire 2021. De Re-integratie middelen “klassiek WWB” , Wajong en een deel van het begeleidingsbudget (regulier) worden vanaf 2023 onderdeel van de algemene uitkering. Vooralsnog worden deze middelen overgedragen aan de MGR. Definitieve afspraken voor wat betreft de financiering van de MGR vanuit de gemeenten moeten hierover nog worden gemaakt. Vooralsnog hanteren we de systematiek dat we uitgaan van de laatst bekende informatie vanuit de septembercirculaire. In de onderstaande berekening is uitgegaan van de rekenmodellen van het Rijk bij de AU september 2021 ten aanzien van WWB-klassiek, nieuw Wajong en de reguliere begeleiding. De bedragen zijn geïndexeerd voor de jaren 2023 en 2024 volgens de berekende BRN-indexering. Uitkeringsjaar 2024 CBS-code
Gemeente
1945 209 225 252 944 268 296 Totaal
Berg en Dal Beuningen Druten Heumen Mook en Middelaar Nijmegen Wijchen
Nieuw Wajong € 102.387 € 60.502 € 39.558 € 44.213 € 16.289 € 867.966 € 146.600 € 1.277.515
Begeleiding regulier WWB Klassiek € 107.050 € 74.820 € 50.647 € 40.288 € 19.568 € 1.011.793 € 133.524 € 1.437.690
€ 1.268.976 € 396.715 € 341.598 € 264.050 € 53.835 € 13.239.694 € 881.875 € 16.446.743
Totaal P-budget € 1.478.413 € 532.037 € 431.803 € 348.551 € 89.692 € 15.119.453 € 1.161.999 € 19.161.948
Onderdeel SW Ten aanzien van de financiering van SW-activiteiten wordt aan de gemeenten door de MGR het aantal werkelijke SE per gemeente tegen een kostendekkend tarief in rekening gebracht. Bij dit kostendekkend tarief wordt rekening gehouden met werkelijke salarisstijgingen (cao SW en voor ambtelijk personeel Cao-ambtenaren), werkelijke uitstroom pensioengerechtigden per gemeente en een aanname overige uitstroom SW en verder de te generen opbrengsten naar reële verwachtingen. Als kader wordt hierbij gesteld dat: o De kostprijs SW zich per SE zal ontwikkelen binnen de bandbreedte van de BRN-norm o De toegevoegde waarde per fte zal zich tevens ontwikkelen binnen de bandbreedte van de BRN-norm. De door gemeente ontvangen WSW-subsidie, onderdeel van het participatiebudget, blijft als dekking bij de gemeenten. Het optredende tekort voor gemeenten (verschil kostprijs maal SE minus WSW-budget) wordt inzichtelijk gemaakt in de begroting van de MGR, zodat gemeenten hun eigen raming hierop aan kunnen passen. Hierbij kan uitgegaan worden van de WSW bijdragen volgens de bijlage septembercirculaire 2022. Voor de bedragen voor de oplading voor de begroting 2024 gaan we uit van de volgende opstelling.
4
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
CBS-code 1945 209 225 252 944 268 668 296
Gemeente Berg en Dal Beuningen Druten Heumen Mook en Middelaar Nijmegen West Maas en Waal Wijchen
Totaal
Begeleiding beschut € 159.243 € 111.299 € 75.341 € 59.930 € 29.109 € 1.505.105 €0 € 198.626 € 2.138.653
WSW 2024 Totaal € 3.473.048 € 3.632.291 € 2.415.780 € 2.527.079 € 1.884.483 € 1.959.824 € 1.067.102 € 1.127.032 €0 € 29.109 € 19.844.595 € 21.349.700 € 965.331 € 965.331 € 3.558.626 € 3.757.252 € 33.208.965
€ 35.347.618
In bovenstaande tabel zijn alleen de Rijksbijdragen ‘begeleiding beschut’ en ‘WSW’ 2024 opgenomen (onderdeel van de integratie-uitkering Participatie). Op pagina 80 en 81 van de begroting MGR is voor de WSW een meerjarig overzicht opgenomen met betrekking tot de Rijksbijdrage SW, aanvullende bijdrage SW en netto bijdrage SW per gemeente. In de begroting van de MGR maakt ‘begeleiding beschut’ onderdeel uit van het Participatiebudget en niet van het onderdeel SW. Loonkostensubsidie Voor de Loonkostensubsidie wordt uitgegaan van de laatst bekende bedragen voor het jaar 2023. Deze bedragen worden ook voor het jaar 2024 opgenomen. CBS-code
Gemeente
Loonkostensubsidie
1945 Berg en Dal
€ 587.683
209 Beuningen
€ 409.000
225 Druten
€ 380.897
252 Heumen
€ 225.936
944 Mook en Middelaar
€ 62.387
268 Nijmegen
€ 3.832.595
296 Wijchen
€ 607.743
Totaal
€ 6.106.241
Onderdeel ICT en bestuursondersteuning Hiervoor geldt geen afwijkende financiering, hetgeen betekent dat de gemeentelijke bijdragen hier geïndexeerd moeten worden met de BRN-norm. Voor de gemeentelijke bijdrage in de bestuursondersteuning geldt een budget van € 227.000 als basis, verhoogd met de BRN-norm 2024 van 4,94 %. Vastgoed Voor de panden in eigendom van de MGR (de panden van voorheen Breed) wordt een afzonderlijke exploitatie opgesteld. Overhead De norm voor overhead overeenkomstig de BBV-voorschriften is bepaald op maximaal 25%.
2.2
Overige kaders
De volgende (wettelijke) regelingen en kaders zijn van kracht: Nieuwe wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) vanaf 1 juli 2022. Er is een implementatietermijn van 2 jaar gegeven. BBV richtlijnen (Besluit Begroten en Verantwoording)
5
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
-
Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet Fido) Wet Open Overheid (Woo) Diverse notities die waarborgen dat de MGR binnen de wettelijke en financiële kaders handelt. Deze notities zijn benoemt in de begroting van de MGR. Enkele voorbeelden zijn: Treasurystatuut, Financiële verordening en Re-integratieverordening.
Taakvelden Vanaf 2017 is in de BBV vastgesteld dat provincies en gemeenten moeten rapporteren op taakvelden. In de jaarstukken en de begroting rapporteert de MGR op de taakvelden: inkomensregelingen, begeleide- en arbeidsparticipatie en overhead. Vanaf 2023 is –door een wijziging in de BBV- het taakveld begeleide participatie gewijzigd in het taakveld WSW en beschut werk.
3. Algemeen 3.1
Ontwikkelingen
In de jaarstukken en de begroting besteedt de MGR aandacht aan inhoudelijke resultaten en ontwikkelingen. Hierbij ligt de nadruk op de module WerkBedrijf als meest beleidsrijke module. In beide stukken gaat de MGR voor het WerkBedrijf in op de realisatie van de doelstellingen. Een aantal ontwikkelingen en resultaten Breed offensief Met het wetsvoorstel Breed Offensief wijzigen met ingang van 1 juli 2023 enkele voor het WerkBedrijf relevante onderdelen van de Participatiewet. Met de wijzigingen wordt beoogd om meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk te helpen. Daar waar de regels de re-integratietaken raken moet het WerkBedrijf de re-integratieverordening en de daaraan gekoppelde beleidsregels aanpassen. Het voorstel tot aanpassing wordt in het tweede kwartaal van 2023 voorgelegd aan het bestuur. Cao aan de slag De uitvoering van Cao aan de slag is met een jaar vertraagd. Er zijn in 2022 geen kandidaten in dienst getreden. Dit heeft een effect gehad op de gerealiseerde lasten en baten. Vanaf 2023 zullen de eerste kandidaten in dienst treden. Strategisch beleidskader arbeidsmarkt De gemeenteraden van de zeven deelnemende gemeenten stellen eens per vier jaar het strategische regionaal beleidskader arbeidsmarkt vast. In dit kader geven de gemeenten aan wat hun visie op de regionale arbeidsmarkt is en hoe de opgaven die voorliggen aangepakt zouden moeten worden.
WerkBedrijf baseert voor een belangrijk deel haar dienstverlening op dit beleidskader. Het beleidskader is belangrijke input voor de dienstverleningsovereenkomst die afgesloten wordt tussen de deelnemende gemeenten en de MGR. Verder heeft het beleidskader invloed op het nieuw te vormen informatieprotocol. SW-medewerkers Het aantal SW-medewerkers is door uitstroom afgenomen van 1.486 (eind 2021) naar 1.340 (eind 2022). In de regio Nijmegen is de uitstroom uit de Wsw hoger dan het landelijk gemiddelde (8,2% ten opzichte van 6,8%). De ambitie is om zoveel mogelijk SW-medewerkers via detachering of begeleid werken dienstverband bij een ondernemer te laten werken. Eind 2022 was 91% gedetacheerd of had een begeleid werken dienstverband. Het gemiddelde ziekteverzuim van de SW-medewerkers blijft hoog en is ten opzichte van 2021 toegenomen naar 20,8% (2021: 17,9%). De doelstelling blijft gehanteerd op 17,4%. Verzuim komt voornamelijk voor bij de oudere SW-medewerkers. Ook landelijk stijgt het verzuimpercentage en ook hier is ouder wordend personeel de oorzaak van. In verhouding is er sprake van veel langdurig verzuim. Het hoge ziekteverzuim heeft beperkt invloed op de toegevoegde waarde gehad. Eind 2022 was de toegevoegde waarde per fte € 8.065 (doelstelling € 8.115). De verwachting is dat de toegevoegde waarde per fte blijft stijgen, maar dat de totale toegevoegde waarde zal
6
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023 afnemen. Dit heeft te maken met het afnemen van het aantal SW-medewerkers. De afname van het aantal SWmedewerkers gaat harder dan verwacht (pensioen, ziekte en overlijden). Participatiebudget (wijzigingen door (her)verdeling gemeentefonds) Het budget voor onderdeel Werk bestaat voor een groot deel uit het klassieke participatiebudget. Gemeenten dragen dit over aan WerkBedrijf en daarvoor wordt het werkgedeelte van de Participatiewet uitgevoerd. Vanaf 1 januari 2023 is het participatiebudget niet meer te herleiden in de uitkering van het Gemeentefonds. MGR en deelnemende gemeenten zijn voornemens om in de eerste helft van 2023 afspraken te maken over het nieuwe Werkbudget. Het is de bedoeling dat deze afspraken onderdeel worden van het vast te stellen strategische beleidskader arbeidsmarkt, dat gemeenteraden in 2023 gaan vaststellen. Voor de MGR is het in dit kader van belang om snel duidelijkheid te hebben en te kunnen werken met een meerjarig kader. MGR is voorstander van een eenduidige en objectieve bepaling van de budgetten voor de periode na 2024. Om tijd en ruimte te hebben om de nieuwe budgetafspraken verder uit te werken hanteert de MGR voor de begroting van 2023 en 2024 het laatste te onderscheiden participatiebudget met een indexatie (BRN-norm 2023 en 2024).
Vanaf 2025 willen we werken conform de nieuwe afspraken. Een door adviesbureau Berenschot ontwikkelde rekentool (in opdracht van het ministerie en onder begeleiding van Cedris en Divosa) zou hierin een uitkomst kunnen bieden. Met behulp van deze rekentool is het mogelijk om het oorspronkelijke participatiebudget uit de algemene uitkering van het gemeentefonds te destilleren. De rekentool baseert zich op de maatstaven die de Rijksoverheid hanteert per 1 januari 2023. De MGR is er voorstander van om met behulp van deze rekentool het Werkbudget vanaf 2025 te bepalen. Dit draagt bij aan de continuïteit van de bedrijfsvoering en borging van de regionale taakuitvoering. Vooralsnog heeft de MGR in de begroting 2024 het participatiebudget (onderdeel Werk) gebaseerd op de oude verdeling van het Rijk (meerjarenperspectief Participatiebudget; septembercirculaire 2021) en deze Rijksmiddelen geïndexeerd met de BRN-norm. Overhead MGR Aan overhead wordt verwacht in 2023 € 5,1 miljoen en in 2024 € 5,3 miljoen uit te geven. De overheadkosten bestaan voor € 1,7 miljoen uit operationele lasten en kapitaallasten. Het gaat om met name ICT kosten en de huur van het pand aan de Nieuwe Dukenburgseweg. Dit zijn kosten die minder beïnvloedbaar zijn en alleen schoksgewijs kunnen dalen.
Ten aanzien van de post ICT nemen de lasten toe doordat ICT een steeds prominentere rol speelt bij de uitvoering van processen. De verwachting is dan ook dat de kosten hiervan niet zullen dalen de komende jaren. Daarnaast nemen de energiekosten toe. De tariefstijging van de energiecontracten is zo goed als mogelijk vertaald in de begroting. De overige € 3,4 miljoen van de overhead bestaat uit personele lasten. Deze personele lasten nemen voornamelijk toe door de stijging van de cao. Ontwikkelingen iRvN De wereld is sterk veranderd, als recente ontwikkelingen zijn wet- en regelgeving (AVG en BIO) en ‘Beveiliging’ te noemen. IRvN verwacht een toename van kosten als gevolg van krapte op de arbeidsmarkt en als gevolg van prijsstijgingen door wereldwijde chiptekorten en de consequenties van geopolitieke ontwikkelingen. Het aantal Eindgebruikers is in de afgelopen jaren met circa 600 gestegen (13%). Daardoor is de druk op de Servicedesk ook toegenomen (extra dienstverlening zoals telefonische ondersteuning en incidentafhandeling). En door het vele thuiswerken is nu sprake van 100%-werkplek (iedereen een laptop en smartphone) in plaats van de 70%-werkplek ten tijde van de situatie voor Corona toen we allen op kantoor werkten.
3.2
Aanvullende bijdrage Sociale Werkvoorziening (SW)
Sinds 2015 is het niet meer mogelijk om in te stromen in de sociale werkvoorziening. Doordat er geen mensen meer in de SW stromen, nemen de begrote lasten van de sociale werkvoorziening (SW) af van € 47,9 miljoen in 2023 naar € 36,9 miljoen in 2027. Deze daling van de begrote lasten heeft te maken met de voorziene afname van het aantal SW-medewerkers. Gemeenten ontvangen van het Rijk via de integratie-uitkering Participatie, middelen voor de bekostiging van de SW. Deze middelen dragen de gemeenten af aan de MGR voor de bekostiging van de SW. De Rijksmiddelen van de deelnemende gemeenten zijn echter – net als voorgaande jaren - niet toereikend om de kosten van de SW te dekken. De deelnemende gemeenten dienen daarom -vanuit hun gemeentelijke begroting- aanvullende middelen aan de MGR af te dragen.
7
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023 De Rijksbijdrage die de MGR heeft opgenomen in de begroting is gebaseerd op de septembercirculaire 2022. De verhoging van de LPO en de verhoging van het minimumloon per 1 januari 2023 zijn hierin nog niet verwerkt. Dit zal plaatsvinden met de septembercirculaire 2023. Hierdoor zal de netto bijdrage van de gemeenten wijzigen (lagere aanvullende gemeentelijke bijdrage). Tabel: Aanvullende bijdrage van gemeenten in de SW in de periode 2023 tot en met 2027 Bedragen € * 1.000
Jaar Begroting 2024 2023 38.051 2024 38.477 2025 36.162 2026 33.141 2027 30.072
Netto bijdrage Netto bijdrage Rijksbijdrage begroting 2024 begroting 2023 34.727 3.324 1.772 33.209 5.268 1.183 31.646 4.516 5 30.282 2.859 -409 28.706 1.366 -
Mutatie tov begroting 2023 -1.552 -4.085 -4.511 -3.268 -1.366
De netto bijdragen van de deelnemende gemeenten nemen toe ten opzichte van de bedragen opgenomen in de begroting 2023. De toename wordt veroorzaakt door de verwachte stijging van de CAO SW. We adviseren de deelnemende gemeenten om in hun eigen begroting rekening te houden met de toename van de gemeentelijke SW-bijdrage. De gemeentelijke aanvullende bijdragen zijn –per gemeente- opgenomen in de begroting 2024 in bijlage 3 (pagina 81).
8
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
4. Jaarstukken 2022 4.1
Algemeen
Ook afgelopen jaar had de krappe arbeidsmarkt invloed op het werk van de MGR. Het aantal aanmeldingen voor de dienstverlening bij het WerkBedrijf was in 2022 10% lager dan in 2021. Dit was het gevolg van de lagere instroom in de bijstand. Het project Doe je mee geeft meer inzicht in het bijstandsbestand en de potentie voor participatie of werk. In het project Doe je mee spreekt het WerkBedrijf samen met de gemeente mensen die al lang van een bijstandsuitkering afhankelijk zijn en niet in dienstverlening zijn bij het WerkBedrijf. In de periode 2020 t/m 2022 werd de tevredenheid van kandidaten over de dienstverlening van de MGR-WB onderzocht. Daaruit blijkt dat kandidaten tevreden zijn over het WerkBedrijf. De score is een 7,5. Financieel zijn er geen bijzonderheden ten aanzien van de MGR. In de begroting is geen post onvoorzien opgenomen en de MGR beschikt ook niet over reserves. Er hebben dan ook geen structurele of incidentele onttrekkingen of toevoegingen aan het eigen vermogen plaatsgevonden.
4.2
Controleverklaring accountant
De jaarstukken zijn door de accountant Astrium, onderdeel van Flynth Audit B.V., gecontroleerd. De accountant heeft op 30 maart 2023 een goedkeurende accountantsverklaring afgegeven voor zowel getrouwheid en rechtmatigheid. Enkele conclusies uit het accountantsverslag: - de jaarrekening van de MGR is opgesteld conform de voorschriften van het BBV. - de gekozen grondslagen voor waardering en resultaatbepaling zijn aanvaardbaar en in lijn met wet- en regelgeving én zijn consistent toegepast. - de schattingen en veronderstellingen –waar een aantal posten op is bepaald- zijn als aanvaardbaar beoordeeld. - de voorzieningen in de jaarrekening zijn van een toereikend niveau. - vastgesteld is dat de MGR aan de EU-aanbestedingsregels heeft voldaan. - uit de interim-controle is gebleken dat de MGR haar zaken beheersmatig op orde heeft. - uit de werkzaamheden is gebleken dat in 2022 voor de topfunctionarissen en overige medewerkers geen sprake is van een overschrijding van de WNT-norm. De WNT is juist verantwoord in de jaarstukken.
4.3
Fiscaliteiten
Ten aanzien van de vennootschapsbelasting, de loonheffing en de omzetbelasting zijn momenteel geen risico’s bekend. Naleving van de fiscale regels wordt geborgd door instructies en toetsing achteraf bij de BTW aangiften en bij de uitvoering van interne controles op bijvoorbeeld het gebruik van de poolauto’s, etc. Daarnaast laat de MGR zich bij fiscale vraagstukken bijstaan door externe deskundigen.
4.4
Begroting 2022 en managementrapportages
De vergelijkende cijfers in de jaarstukken zijn conform de ontwerpbegroting 2023-2026 die in juli 2022 is vastgesteld door het bestuur. Nadien heeft het dagelijks bestuur goedkeuring gegeven aan een technische begrotingswijziging waarbij de baten en lasten zijn verlaagd met € 1.448.000. Dit betreft de crisismiddelen aanvullend pakket vier tot en met zes. Deze middelen zijn niet ingezet wegens het uitblijven van de verwachte groei van het aantal uitkeringsgerechtigden tijdens Covid-19. Gemeenten ontvangen deze middelen terug.
9
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
4.5
Resultaatanalyse
In onderstaande tabel wordt inzichtelijk gemaakt welk resultaat is behaald vóór en na de eindafrekening met de deelnemende gemeenten per module.
Voorstel resultaatbestemming Bedragen in € 1.000 Gemeente Beuningen Gemeente Druten Gemeente Heumen Gemeente Mook en Middelaar Gemeente Nijmegen Gemeente Wijchen Gemeente West Maas en Waal Gemeente Berg en Dal WBRN ODRN Deelnemersbijdrage
iRvN
SW
Werk
-1 -1 -1
-3 -91 50
-9 -1
-67 5 69 52
-1 -1 -1 -15
15
Totaal
77 44 -7 68 640 129 89
1.041
Budgetoverheveling
73 -48 43 68 564 133 69 140 -1 -1 1.041
Afrekening
42 31 22 1 616 67 15 120
915
31 -78 20 67 -52 66 54 20 -1 -1 125
Het resultaat vóór de eindafrekening bedraagt afgerond € 1,0 miljoen positief. Redenen voor het positieve resultaat zijn: lagere uitgaven op arbeidsmatige dagbesteding en een eenmalig voordeel op de gemeentelijke bijdrage van Werk en SW tezamen. Naast dit resultaat ontvangen de gemeenten, zoals in 4.4 gemeld, nog € 1,5 miljoen terug. Op de module WerkBedrijf is een voordelig resultaat behaald en op de module iRvN is een nadelig resultaat behaald. Het voorstel van het algemeen bestuur is om deze resultaten als volgt te verwerken: Werk Bedrijf -
iRvN -
4.6
Onderdeel Werk, voordelig resultaat € 1,1 miljoen, € 916.000 over te hevelen naar volgende jaren, € 103.000 voordeel arbeidsmatige dagbesteding en € 37.000 voordeel wettelijke loonkostensubsidies te verwerken in de gemeentelijke afrekening. Onderdeel Sociale Werkvoorziening, resultaat € 0 Onderdeel Automatisering, nadelig resultaat van € 14.600 te verwerken in de gemeentelijke bijdrage Onderdeel Informatie & Applicatiebeheer, nadelig resultaat van € 500 te verwerken in de gemeentelijke bijdrage. Op het investeringsbudget (onderdeel Automatisering) wordt € 1,1 miljoen overgeheveld naar 2023. De investeringen konden afgelopen jaar niet plaatsvinden vanwege corona en een chiptekort.
Balanstoelichting
Naast de gerealiseerde kosten en opbrengsten van de jaarrekening 2022 geeft de balans per 31 december 2022 de bezittingen en schulden van de MGR weer. In de balans vallen de volgende punten op: Vaste activa In 2022 heeft de MGR € 1,9 miljoen geïnvesteerd. Dit betreffen voornamelijk ICT gerelateerde aankopen. Op blz. 52 van de jaarrekening staat het investeringsoverzicht.
10
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
Aan ICT investeringen was voor 2022 € 3,0 miljoen begroot. Hiervan is € 1,9 miljoen gerealiseerd. Voor 2022 stond een investering van € 2,5 miljoen gepland voor de centrale computercapaciteit. Wegens corona en het chip tekort is de uitvoering van deze investering vertraagd. Begin 2023 is het project gestart. Er wordt verzocht om het budget van € 1,1 miljoen over te hevelen naar 2023. Vaste passiva De MGR heeft geen vermogenspositie. Zie hiervoor ons advies in hoofdstuk 7 Weerstandsvermogen. De MGR heeft een voorziening voor het SPP (Strategisch Personeel Plan). Deze voorziening is € 920.000 groot. Hiervan is € 587.000 bestemd voor het WerkBedrijf en € 333.000 voor de iRvN. Een groot deel van dit bedrag zal in 2023 worden ingezet. De jaarrekening 2022 is opgesteld conform de voorschriften van de BBV.
4.7
Voorstel bestemming resultaat
Het jaar 2022 is afgesloten met een positief rekeningresultaat van afgerond € 1,0 miljoen (vóór afrekening). Het resultaat voor de module WerkBedrijf bedraagt € 1.056.000 (positief) en het resultaat voor de module IRVN bedraagt € 15.000 (negatief). Het resultaat 2022 wordt als volgt bestemd: Budgetoverheveling van € 916.000 voor: extra vervoerskosten SW-medewerkers (€ 475.000), Kwaliteitsimpuls (€ 250.000) en uitbreiding pilot Simpel Switchen (€ 190.000) Verrekening met de deelnemende gemeenten op de modules WerkBedrijf en IRVN: € 125.000
4.8
Deelnemersbijdragen
De deelnemersbijdrage over het jaar 2022 ziet er als volgt uit:
Gemeentelijke bijdragen Bedragen in € 1.000 Gemeente Beuningen Gemeente Druten Gemeente Heumen Gemeente Nijmegen Gemeente Wijchen Gemeente West Maas en Waal Gemeente Mook en Middelaar Gemeente Berg en Dal Werkorg Druten-Wijchen ODRN Deelnemersbijdrage
iRvN
Bestuursondersteuning 1.006 510 584 11.185 1.260
18 13 11 122 28
297 940 61 732 16.575
SW
Vastgoed
Werk
2.703 2.039 1.298 21.976 4.020 1.090
10 7 5 84 15
1.145 760 533 18.349 1.894
5 24
3.873
15
178 1.963
221
37.000
136
24.823
Totaal gemeentelijke bijdrage 4.883 3.330 2.431 51.715 7.218 1.090 481 6.815 61 732 78.756
11
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
5. Gewijzigde begroting 2023 5.1 Algemene toelichting gewijzigde begroting 2022. Met de aanbieding van de begroting 2024-2027 wordt eveneens de gewijzigde begroting 2023 aangeboden. Het verschil tussen de primitieve begroting 2023 en de nu voorliggende begroting bedraagt € 9,83 miljoen. Arbeidsparticipatie De begroting 2023 neemt ten opzichte van de primaire begroting toe met circa € 2,6 miljoen. Het participatiebudget neemt toe met € 0,7 miljoen als gevolg van de indexering van het klassieke re – integratiebudget conform de BRN norm 2023. Ook de Rijksontvangsten voor begeleiding beschut werk –die overgaan naar het WerkBedrijf- zijn toegenomen. Ten opzichte van de primitieve begroting is er een toename van € 2,5 miljoen op enkele tijdelijke budgetten. Het gaat dan om de budgetten voor de tijdelijke ‘projecten’ Werken aan de Match, IPS, Impuls kwaliteit, SUWI en POW. WSW en beschut werk (voorheen begeleide participatie) Door een wijziging in de BBV is het taakveld begeleide participatie per 2023 gewijzigd in taakveld WSW en beschut werk. De arbeidsmatige dagbesteding valt vanaf 2023 onder dit nieuwe taakveld. Dit taakveld neemt toe met circa € 3,4 miljoen t.o.v. de primitieve begroting. De toename komt voornamelijk door de financiële effecten van de verwachte CAO stijging van de SW medewerkers en de verwachte uitstroom in 2023.
De CAO stijging heeft te maken met de verhoging van het wettelijke minimumloon. De totale salariskosten SW nemen ten opzichte van de primaire begroting toe met circa € 1,8 miljoen. Ook de overige kosten van SW medewerkers nemen toe (€ 0,7 miljoen). Dit wordt met name veroorzaakt door hogere vervoerskosten; SW medewerkers ontvangen tijdelijk een hogere reiskostenvergoeding als compensatie voor de hoge inflatie (energiecrisis). De personele lasten voor de uitvoering van de SW nemen toe met € 0,2 miljoen door de stijging van de nieuwe COA 2023. Tenslotte neemt de begroting 2023 toe op de onderdelen arbeidsmatige dagbesteding (€ 0,2 miljoen), overhead MGR (€ 0,3 miljoen) en doorbelasting van de gebouwlasten (€ 0,3 miljoen) door de hogere energiekosten. De kostprijs per SE stijgt van € 31.129 in 2022 naar € 34.037 in 2023. Door de toename van de SW kosten nemen tevens de gemeentelijke bijdragen toe. De gemeenten zullen echter via een verhoging van de Rijksbijdrage voor SW gecompenseerd worden voor de toename van de loon- en prijsontwikkeling en verhoging van het minimumloon. Dit vindt plaats met de septembercirculaire 2023. Hierdoor zal een belangrijk deel van het nadeel teniet worden gedaan. Inkomensregelingen Ten opzichte van de primaire begroting 2023 is er een toename van circa € 0,8 miljoen door een verwachte groei van het aantal verstrekte loonkostensubsidies.
Gemeenten ontvangen een bijdrage voor de loonkostensubsidies via het BUIG-budget. Overhead (=ICT en Vastgoed) Ten aanzien van de overhead zien we dat de begrotingscijfers 2023 ten opzichte van de primitieve begroting van de MGR met € 3 miljoen zijn verhoogd. Dit komt bijna volledig door toename van de iRvN begroting i.v.m. het voorstel “kostenontwikkeling iRvN” voor ruim 0,9 miljoen, het beveiligingsproject ruim € 0,7 miljoen en extra plusproducten voor € 1,4 miljoen. In dit laatst genoemde bedrag zit voor 2023 tevens een bedrag van € 522.000 voor de inrichting van de Tenants. Daarnaast zien we een verhoging van het investeringsvolume van € 2 miljoen met een bandbreedte van 20% naar € 4,8 miljoen in 2023. Van deze verhoging is € 1,1 miljoen via het principe van budgetoverheveling in de jaarrekening toegevoegd aan het investeringskrediet van 2023.
12
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
5.2 Deelnemersbijdragen 2023 na wijziging Bedragen x €1.000
Gemeente Beuningen Gemeente Druten Gemeente Heumen Gemeente Nijmegen Gemeente Wijchen Gemeente West Maas en Waal Gemeente Mook en Middelaar Gemeente Berg en Dal Werkorg Druten-Wijchen ODRN Deelnemersbijdrage
iRvN
BestuursSW ondersteuning
1.146 581 666 12.034 1.499
18 13 12 125 29
339 1.072 63 1.074 18.473
Vastgoed
Werk
Totaal gemeentelijke bijdrage
2.777 2.125 1.293 22.670 4.143 1.115
11 8 5 86 16
1.278 1.007 683 21.431 2.167
6 25
3.928
15
250 2.412
227
38.051
140
29.229
5.230 3.734 2.658 56.347 7.854 1.115 594 7.451 63 1.074 86.121
Bedragen x €1.000
iRvN BestuursSW Vastgoed Werk Totaal (p.56+p.58) ondersteuning (tabel 10) (tabel 13) (tabel 6) gemeentelijke (tabel 3) bijdrage Deelnemersbijdrage 18.473 227 38.051 140 29.229 86.121 Omzet 8.488 546 9.034 Overige bedrijfsopbrengsten 1.352 1.128 1.243 35 3.758 Overige bijdragen 1.654 98 195 4.331 6.278 Aansluiting per module 21.479 325 47.863 1.384 34.141 105.191 Consolidatie -1.493 -98 -585 -783 -2.959 Totaal incl. consolidatie 19.986 227 47.278 601 34.141 102.233 De bovenstaande tabel is voor de financials. De tabel geeft de aansluiting tussen de begroting van de verschillende modules (de pagina en tabel nr. per onderdeel) en deelnemersbijdrage (bijlage 2). Daarnaast geeft het ook de aansluiting met het consolidatieoverzicht MGR in bijlage 10 en met het totaaloverzicht in tabel 1.
13
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
6. Begroting 2024 6.1
Begrotingswijzigingen
De onderstaande tabel geeft de begrotingsbedragen weer. De totale lasten nemen af van € 92,7 miljoen in 2024 naar € 82,1 miljoen in 2027. De afname komt vooral door de afbouw van de sociale werkvoorziening. De kolom 'B2023' heeft betrekking op de nu voorliggende begrotingswijziging 2023.
Bedragen x 1.000 Arbeidsparticipatie WSW en beschut werk Inkomensregelingen Overhead Totaal Baten Arbeidsparticipatie WSW en beschut werk Inkomensregelingen Overhead Totaal Programmalasten Overhead MGR Totaal Lasten
6.2
B2023 B2024 B2025 B2026 B2027 25.071 25.175 23.896 24.127 24.423 50.251 49.865 46.883 43.151 39.341 6.106 6.106 6.106 6.106 6.106 20.805 21.870 22.129 22.242 22.354 102.233 103.017 99.015 95.626 92.225 19.914 20.235 18.956 19.287 19.584 47.182 46.582 43.752 40.021 36.210 5.634 5.162 5.162 5.162 5.162 19.736 20.682 20.941 21.054 21.166 92.467 92.662 88.812 85.524 82.122 9.766 10.355 10.202 10.102 10.102 102.233 103.017 99.015 95.626 92.225
Begrotingsanalyse
Meerjarig worden in de begroting de volgende ontwikkelingen zichtbaar: Arbeidsparticipatie De begrote lasten voor arbeidsparticipatie dalen van € 20,2 miljoen in 2024 naar € 19,6 miljoen in 2027. Vanaf 2023 zijn de afzonderlijk herkenbare middelen van het participatiebudget opgegaan in het bredere cluster participatie van het sociaal domein. Het meerjarenperspectief van het Participatiebudget van de septembercirculaire 2021 is als basis genomen voor de begroting 2024 tot en met 2027. Vanaf 2025 vervallen er tijdelijke rijksmiddelen. Verder nemen de ‘oude verplichtingen’ in het kader van de vroegere WIW en ID-deelnemers verder af doordat er geen nieuwe instroom meer is. WSW en beschut werk (voorheen begeleide participatie) De begrote lasten en baten van WSW en beschut werk dalen van € 46,6 miljoen in 2024 naar € 36,2 miljoen in 2027. Dit komt voornamelijk doordat er geen mensen meer in de SW stromen. In 2024 nemen de gemeentelijke bijdragen toe met € 0,4 miljoen. Dit komt doordat het aantal SW-medewerkers verder afneemt met 2,2 fte. Hierdoor maakt MGR minder SW-salariskosten(circa € 0,1 miljoen), maar door de indexering van de salarissen wordt dit grotendeels gecompenseerd (totaal circa € 0,1 miljoen minder loonkosten). De opbrengsten in omzet nemen ook af (circa € 0,5 miljoen).
Het begrotingsbedrag voor het onderdeel Op Weg Naar Werk (arbeidsmatige dagbesteding) is in 2024 gelijk aan 2023 (€ 3,0 miljoen). Inkomensregelingen De MGR begroot hiervoor in 2024 € 5,2 miljoen. Ten opzichte van de bijgestelde begroting 2023 is dit een afname van circa € 0,5 miljoen en wordt veroorzaakt door de uitvoering van de cao Aan de slag. De begrote lasten voor het onderdeel inkomensregelingen blijven gelijk vanaf 2024.
14
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023 Overhead (=ICT en Vastgoed) In de meerjaren begroting nemen de begrote baten in 2024 met € 1,1 miljoen toe ten opzichte van 2023. Dit komt voor € 0,4 miljoen doordat de “kostenontwikkeling iRvN” en het beveiligingsproject stapsgewijs toenemen. Daarentegen vallen de eenmalige lasten voor de inrichting van de Tenants voor bijna € 0,2 miljoen weg. De rest van de toename van ruim € 0,9 miljoen wordt voornamelijk veroorzaakt door de indexering met de BRN-norm van 4,94%.
6.3
Deelnemersbijdragen 2024
Bedragen x €1.000
Gemeente Beuningen Gemeente Druten Gemeente Heumen Gemeente Nijmegen Gemeente Wijchen Gemeente West Maas en Waal Gemeente Mook en Middelaar Gemeente Berg en Dal Werkorg Druten-Wijchen ODRN Deelnemersbijdrage
iRvN
BestuursSW ondersteuning
1.246 632 723 12.958 1.631
19 14 12 131 30
369 1.165 66 1.159 19.948
Vastgoed
Werk
2.865 2.193 1.218 22.944 4.135 1.129
11 9 5 90 16
1.316 1.036 707 22.319 2.246
6 26
3.993
16
257 2.500
239
38.477
147
30.380
Totaal gemeentelijke bijdrage 5.457 3.883 2.665 58.443 8.058 1.129 632 7.699 66 1.159 89.191
Aansluiting tussen deelnemersbijdrage en de verschillende modules (voor de Financials). Bedragen x €1.000 iRvN BestuursSW Vastgoed Werk Totaal (p.56+p.58) ondersteuning (tabel 10) (tabel 13) (tabel 6) gemeentelijke (tabel 3) bijdrage Deelnemersbijdrage 19.948 239 38.477 147 30.380 89.191 Omzet 8.148 1.092 9.240 Overige bedrijfsopbrengsten 871 653 1.339 320 3.183 Overige bijdragen 1.781 103 195 2.452 4.531 Aansluiting per module
22.600
341
Consolidatie
47.473
1.487
-1.566
Totaal incl. consolidatie
21.034
-103
-581
-879
238
46.892
608
34.245
106.145
34.245
103.017
-3.129
De bovenstaande tabel is voor de financials. De tabel geeft de aansluiting tussen de begroting van de verschillende modules (de pagina en tabel nr. per onderdeel) en deelnemersbijdrage (bijlage 2). Daarnaast geeft het ook de aansluiting met het consolidatieoverzicht MGR in bijlage 10 en met het totaaloverzicht in tabel 1. De Adviesfunctie adviseert – evenals de voorgaande jaren- de deelnemende gemeenten om goed rekenschap te nemen van alle financiële ontwikkelingen in de begroting 2024 en bijgestelde begroting 2023 en zorg te dragen voor voldoende financiële dekking in de gemeentelijke begroting.
6.4
Meerjarenbegroting
Met de gemeenten is afgesproken dat de oplading van de meerjarenbegroting voor het participatiebudget, wordt gedaan conform de oude verdeling van het Rijk en geïndexeerd met de BRN norm. Dit is afwijkend van de tool van Berenschot die in eerste instantie vanaf 2025 zou worden gebruikt. De meerjarenbegroting (2025 en verder) wordt voor kennisgeving aangenomen.
15
Adviesrapport jaarstukken MGR 2022 en begroting 2024 versie definitief 25-04-2023
7. Weerstandsvermogen en risico’s De MGR houdt zelf geen buffer aan om risico’s op te kunnen vangen. Dit past bij de gedachte dat een gemeenschappelijke regeling een verlengstuk is van de deelnemende gemeenten. Een risico van de MGR is daarmee ook een risico voor de gemeenten. Dit betekent dat de gemeenten de risico’s van de MGR naar rato (op basis van verdeelsleutel inwonersaantal) moeten opnemen in hun begroting en jaarrekening. Als we alle risico’s simpelweg optellen komen we op het maximale risico (MGR: verwachtingswaarde). Als we er rekening mee houden dat risico’s zich wél of niet kunnen voordoen en in de praktijk nooit tegelijkertijd, komen we op een gewogen risicoprofiel (MGR: benodigde weerstandscapaciteit). Het risicoprofiel is € 9,4 miljoen en gewogen € 3,6 miljoen. Op basis van een actualisatie zijn nieuwe risico’s ontstaan en gekwantificeerd, o.a. rondom ICT, personeel en economische risico’s. In het advies voorin dit rapport (zie § 1.2) zijn gemeenten geadviseerd om de risico’s (Begroting MGR 2024-2027 bijlage 11 ‘Risico per gemeente’) in hun begroting op te nemen in de paragraaf Weerstandsvermogen. De MGR wijst de deelnemende gemeenten op een viertal risico’s rondom (mogelijke) wijzigingen met betrekking tot de Rijksfinanciering, te weten: - Afbouw en ontschotting Participatiebudget vanaf 2023.
Het effect op de meerjarenbegroting vanaf 2025 is nu nog niet duidelijk. - Het aanbieden van beschut werk (nieuw) vanuit de Participatiewet. Het Rijk is momenteel de huidige financieringswijze aan het evalueren. Een mogelijke variant is bekostiging op basis van het gerealiseerde aantal plaatsen. Voor de deelnemende gemeenten en de MGR kan een wijziging financiële consequenties hebben. - Uittreden van een gemeente uit de MGR of uit een of meerdere modules heeft tot gevolg dat er frictiekosten ontstaan bij de MGR. - Afbouw WSW-budget en stijging gemiddelde loonkosten SW-medewerkers. In § 3.2. zijn we ingegaan op de aanvullende bijdrage voor de sociale werkvoorziening. De MGR gaat hier uit van een kostendekkende deelnemersbijdrage voor de sociale werkvoorziening, waardoor dit risico bij de gemeenten ligt. In de begroting 2024 heeft de MGR een nieuw risico opgenomen. Het betreft hier een ‘economisch risico’. Dit risico komt voort uit de huidige geopolitieke ontwikkelingen, zoals de oorlog in Oekraïne, de uitwerking van de Covid pandemie en het liquiditeitsbeleid van de centrale banken, hebben geleid tot schaarste en oplopende prijzen, chiptekort en schaarste aan personeel. De Adviesfunctie raadt de deelnemende gemeenten aan om het risicobedrag per deelnemende gemeente op te nemen in hun eigen jaarrekening en begroting.
Met deze bedragen dient de deelnemende gemeente rekening te houden voor de bepaling van het gemeentelijke weerstandsvermogen.
16