CConstaterende datHeumen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage V Advies AGR jaarstukken ODRN 2025

Raad 3 juni 2026, gemeente HeumenBij agendapunt: Vaststellen zienswijze jaarrekening 2025 Omgevingsdienst Regio Nijmegen (ODRN)3.946 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Nijmegen coördinatie Adviesfunctie Gemeenschappelijke Regelingen Erwin Peters, Rob Jilisen en Marcel Meier April 2026

Adviesrapport Jaarstukken 2025 ODRN Omgevingsdienst Regio Nijmegen & Kadernota 2027 ODGM Omgevingsdienst Groene Metropool

Inhoudsopgave Inhoudsopgave ……. in één oogopslag Inleiding 1. Advies 1.1 Advies bij de jaarstukken 2025 ODRN 1.2 Algemene adviezen 2. Kaders 2.1 BRN-normen 2.2 Overige kaders 2.3 Kader weerstandsvermogen GR-en 4. Jaarstukken 2025 4.1 Algemeen 4.2 Controleverklaring accountant 4.3 Fiscaliteiten 4.4 Begroting 2025 en managementrapportages 4.5 Resultaatanalyse 4.6 Balanstoelichting 4.7 Voorstel bestemming resultaat 4.8 Deelnemersbijdragen 5.Weerstandsvermogen 5.1 Algemene reserve 5.2 Bestemmingsreserves 5.3 Risico’s 6. Kadernota 2027

1 2 3 4 4 4 5 5 5 5 7 7 7 7 8 8 8 8 9 10 10 10 10 11

1

……. in één oogopslag JAARSTUKKEN 2025

VERMOGENSPOSITIE

- Goedkeurende accountantsverklaring; - Rekeningresultaat: € 1.153.476 positief; - Resultaatbestemming: - Het voorstel van het DB is om het resultaat toe te voegen aan algemene reserve ODRN.

Algemene reserve € 1.709.610 (na toevoegen resultaat) Bestemmingsreserves € 0

ADVIES JAARSTUKKEN 2025 - In te stemmen met de Jaarrekening 2025 en het positieve resultaat van € 1.153.476 van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Regio Nijmegen. - In te stemmen met de voorgestelde resultaatbestemming door het positieve resultaat van € 1.153.476 toe te voegen aan de algemene reserve. - Op korte termijn inzicht te verschaffen ten aanzien van de afwikkeling algemene reserve ODRN 2025 en de hoogte van de inbreng van het eigen vermogen per gemeente in de nieuwe Omgevingsdienst Groene Metropool (ODGM) per 1-1-2026. - We constateren dat er in de jaarrekening 2025 geen overzicht is van de financiële consequenties van de fusie en adviseren de ODRN om dit alsnog inzichtelijk te maken. Tijdens een bespreking met de controllers van de ODGM van 21 april 2026 gaven zij aan dat dit inzicht gegeven wordt bij de afwikkeling van de subsidie voor de fusie. De deelnemende gemeente in de regio Arnhem zijn penvoerder van deze subsidie. - De AGR heeft bij het terughalen van de BRIKS-taken door Nijmegen geadviseerd om de frictiekosten afzonderlijk in beeld te brengen. Dit zien we niet terug in de jaarrekening 2025. Wij adviseren dit alsnog in beeld te brengen. Hierover gaan de controllers in eerste instantie in overleg met de gemeente Nijmegen. Daarna volgt het inzicht voor de andere deelnemers, volgens de ODGM.

Versnellingsgelden

Er volgt nog een separaat voorstel door de ODGM voor een “Bestemmingsreserve versnellingskosten fusie” van € 122.000.

ALGEMENE ADVIEZEN - We constateren dat er geen onderbouwing is voor de verhoging van de opslag indirecte uren van 23% naar 25%. Daarmee ontbreekt de basis om deze verhoging door te voeren. Wij adviseren dit te verwerken in de actualisatie van de begroting 2026 en in de begroting 2027. - In de kadernota wordt gesteld dat voor 2027 de indexering van de BRN wordt gevolgd zijnde 4,13%. Door er tegelijkertijd voor te kiezen het uurtarief af te ronden op een heel getal wordt hiervan afgeweken en wordt er feitelijk geïndexeerd met 4,35%. Wij adviseren het uurtarief niet naar boven af te ronden, maar gewoon te werken met het werkelijke uurtarief na indexatie. 2

Inleiding Dit adviesrapport bevat de uitkomsten van de beoordeling van de jaarstukken 2025 van de Omgevingsdienst Regio Nijmegen (ODRN). De ODRN is met ingang van 1 Januari 2026 gefuseerd met de ODRA. De nieuwe organisatie heet Omgevingsdienst Groene Metropool (ODGM). De eerste begroting van de ODGM over het jaar 2026 is besproken in de vergadering van het AB op 16 April 2026. Deze begroting 2026 van de ODGM is niet voor een zienswijze in omloop gebracht, aangezien het een samengestelde begroting is, waarvoor de begrotingen 2026 van ODRA en ODRN als basis hebben gediend. Deze beide begrotingen zijn bestuurlijk vastgesteld in het voorjaar van 2025. De begroting 2027 van de ODGM zal in de zomer 2026 voor de zienswijzeprocedure worden aangeboden. Wij hebben om de bovenstaande reden een advies geformuleerd voor de zienswijze die de ODRN vraagt aan de deelnemende gemeenten bij de vaststelling van de jaarstukken 2025 en resultaatbestemming 2025 van de ODRN. Daarnaast is ons gevraagd om bij het op dit moment ontbreken van de begroting, kort in te gaan op de uitgangspunten van de kadernota 2027. Voor de kadernota 2027 is nu geen zienswijze procedure voorzien. Op 21 april 2026 is het verslag besproken met Geurt van Renselaar, Frederike Roetering, Elise van Vuuren en Rob Jilisen

Tijdschema zienswijze De ODRN heeft de jaarstukken 2025 op 20 maart 2026 aan de deelnemende gemeenten aangeboden. Volgens de BRN-planning geven wij een advies aan de deelnemende gemeenten op 24 april 2026 en dienen gemeenten uiterlijk in juni 2026 hun zienswijze in. De jaarstukken van de ODRN zijn inmiddels behandeld in het AB, maar worden definitief vastgesteld op 9 juli 2026 (na zienswijze). De begroting 2027 staat geagendeerd voor het AB van 17 september 2026. De behandeling van eventuele zienswijzen op de begroting volgt vervolgens in december 2026.

Werkwijze Adviesfunctie Vertrekpunt bij de beoordeling zijn de Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen (BRN), die de gemeenten in de Regio Nijmegen vastgesteld hebben. Hieraan toetsen wij. De index op de gemeentelijke bijdragen voor 2027 is 4,13%. Voor een uitgebreide toelichting op de indexeringssystematiek verwijzen wij naar de BRN 2027. Wij hebben de bijzonderheden die gelden voor ODRN verder in dit rapport toegelicht. Onze beoordeling van de jaarstukken richt zich op de financiële verantwoording en het voorstel over de bestemming van het resultaat. Op basis van de accountantscontrole gaan wij uit van de juistheid van de jaarrekeningcijfers en richten wij ons op een beoordeling van deze cijfers. Daarbij nemen wij de bevindingen in het accountantsverslag mee. Daarmee valt een inhoudelijke beoordeling van geleverde prestaties buiten de scope van onze werkzaamheden. Onze beoordeling van de begroting richt zich allereerst op het realiteitsgehalte van de raming en de toepassing van de BRN-normen en richt zich vooral op het jaar 2027. De meerjarenraming gebruiken wij met name als basis voor de beoordeling van de vermogenspositie. Een inhoudelijke beoordeling van beleidsvoornemens valt buiten de scope van onze werkzaamheden.

Zowel bij de jaarstukken als de begroting nemen wij de risico’s en de risicobeheersing in ogenschouw en beoordelen wij de vermogenspositie, en met name het verloop van de algemene reserve.

3

1. Advies 1.1 Advies bij de jaarstukken 2025 ODRN a.

In te stemmen met de Jaarrekening 2025 en het positieve resultaat van € 1.153.476 van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Regio Nijmegen.

b.

In te stemmen met de voorgestelde resultaatbestemming door het positieve resultaat van € 1.153.476 toe te voegen aan de algemene reserve. Op korte termijn inzicht te verschaffen ten aanzien van de afwikkeling algemene reserve ODRN 2025 en de hoogte van de inbreng van het eigen vermogen per gemeente in de nieuwe Omgevingsdienst Groene Metropool (ODGM) per 1-1-2026.

c.

d.

e.

De AGR heeft vorig jaar geadviseerd de financiële consequenties van de fusie tijdig en overzichtelijk te rapporteren aan de deelnemers. We constateren dat er in de jaarrekening 2025 geen overzicht is verstrekt van deze kosten en adviseren de ODRN op dit alsnog inzichtelijk te maken. Tijdens een bespreking met de controllers van de ODGM van 21 april 2026 gaven zij aan dat dit inzicht gegeven wordt bij de afwikkeling van de subsidie voor de fusie. De deelnemende gemeente in de regio Arnhem zijn penvoerder van deze subsidie. Daarnaast constateren wij dat de uitkering die is gedaan in verband met het uit dienst treden van de directeur van ODRN niet is aangemerkt als frictiekosten van de fusie. Nu komen deze kosten enkel ten laste van de deelnemers aan ODRN. Dat lijkt ons niet terecht. Door de controllers ODGM is aangegeven dat in het AB is afgesproken dat de verrekening tussen de gemeentes in de regio Nijmegen en de regio Arnhem bij de liquidatie plaats zal vinden. De AGR heeft bij het terughalen van de BRIKS-taken door Nijmegen geadviseerd om de frictiekosten afzonderlijk in beeld te brengen. Dit zien we niet terug in de jaarrekening 2025. Wij adviseren dit alsnog in beeld te brengen. Tijdens het bespreken van dit adviesrapport gaven de controllers van de ODGM aan in eerste instantie in overleg te treden met de gemeente Nijmegen.

Daarna volgt het inzicht voor de andere deelnemers, volgens de ODGM.

1.2 Algemene adviezen a.

b.

In de Kadernota 2027 wordt gesproken over een opslag van 25% voor dekking van indirecte kosten. Bij het behandelen van de begroting 2026 en als reactie op verschillende zienswijzen heeft de ODRN aangegeven in 2025 te monitoren of de gewenste verhoging van 23% naar 25% per 1 januari 2026 wel nodig is. Hier zien wij in de jaarrekening 2025 niets van terug. Daarmee ontbreekt de basis om deze verhoging door te voeren. Wij adviseren dit te verwerken in de actualisatie van de begroting 2026 en in de begroting 2027. In de kadernota wordt gesteld dat voor 2027 de indexering van de BRN wordt gevolgd zijnde 4,13%. Door er tegelijkertijd voor te kiezen het uurtarief af te ronden op een heel getal wordt hiervan afgeweken en wordt er feitelijk geïndexeerd met 4,35%. Wij adviseren het uurtarief niet naar boven af te ronden, maar gewoon te werken met het werkelijke uurtarief na indexatie.

Er is voor de kadernota 2027 geen zienswijze procedure, volgens de oprichtingsakte van de ODGM. Bovenstaande algemene adviezen kunnen meegenomen worden bij het beoordelen van de begroting 2027.

4

2. Kaders 2.1

BRN-normen

De BRN-richtlijnen zijn van toepassing voor de toetsing van de begroting van de gemeenteschappelijke Regeling. Aangezien we in dit rapport alleen ingaan op de jaarrekening 2025 van de ODRN, gaan we hier niet verder in op de BRN-normering 2027.

2.2

Overige kaders

De volgende regelingen zijn nog (steeds) van kracht: - Gemeenschappelijke Regeling ODRN, - BBV Richtlijnen (besluit begroten en verantwoording) - Notitie Weerstandsvermogen en risico-inventarisatie - Financiële verordening, AB ODRN 19 december 2024 - Controleverordening, AB ODRN 19 December 2024 - Treasurystatuut Op pagina 41 van de jaarrekening 2025 rapporteert de ODRN over de verschillende taakvelden.

2.3 Kader weerstandsvermogen GR-en Het tot eind 2024 geldende kader weerstandsvermogen (WVM) van de gemeenschappelijke regelingen dateerde van 2014. Het kader is destijds in goede samenwerking tussen de AGR en de GR-en opgesteld en vervolgens vastgesteld in het PFO en vastgelegd in de BRN 2016. Onder meer de bepaling van de verschillende soorten risico’s, wie daar verantwoordelijk voor moet zijn en het WVM voor moet hebben, maakt onderdeel uit van dit kader. In dit kader van 2014 is, onder meer, bepaald dat voor politiek/bestuurlijke risico’s (strategisch) de deelnemende gemeenten aan zet zijn en dat voor bedrijfsvoeringsrisico's een reserve bij de GR aanwezig hoort te zijn. In 2024, is, door de AGR, een uitgebreide inventarisatie gemaakt of het bestaande kader actualisatie behoefte. Dit is in overleg met/met medeweten van de controllers van de 5 GR-en gedaan. Met een afvaardiging van de GR-en zijn hiervoor in eerste instantie tijdens een workshop in maart 2024 de eerste verkenningen gedaan; onder andere naar de bepaling van risico’s en de benodigde weerstandscapaciteit. Tijdens het adviestraject t.a.v. de jaarrekening 2023 en de begroting 2025 is hieraan door de AGR in dit verband reeds de nodigde aandacht besteed aan: 1. De door de GR opgenomen risico’s; en 2. Het vorm en hoogte van de door de GR aangehouden weerstandsvermogen.

Uitkomst van de inventarisatie en het verdergaande onderzoek door de AGR naar het geldende kader was dat het kader geen inhoudelijke actualisatie behoefte en dat het huidige kader gehandhaafd kon worden. Het onderwerp is ook toegelicht door de AGR tijdens het PFO van 28 november 2024 en besproken door de wethouders financiën. Het PFO Financiën heeft op 28 november 2024, na bespreking, het besluit genomen dat het kader WVM van 2014 inhoudelijk werd gehandhaafd en het kader per die datum van 28 november 2024 in zijn geheel opnieuw bekrachtigd.

5

Dit houdt, onder meer, in dat: a. De in het kader WVM van 2014 vastgestelde normen voor het WVM (onder 3.a tot en met 3.d van het kader (peildatum 31 -12-2025) gehandhaafd blijven; b. Als van onder 3.a tot en met 3.d bedoelde normen door een GR wordt afgeweken, de motivatie voor de afwijking moet blijken uit een AB besluit van betreffende GR; c. De politiek/bestuurlijke (strategische) keuzes aan gemeenten zijn en blijven, met bijbehorend WVM. Dit aangezien de GR-en taken uitvoeren voor de deelnemers in het kader van verlengd lokaal bestuur. Het kader is hiermee als geheel opnieuw bekrachtigd en vervolgens zodanig vastgelegd in de BRN 2027. Daar waar in het bestuur van een GR besloten wordt om, gemotiveerd, af te wijken van het kader daar waar het bijvoorbeeld gaat om afwijking van de 3% inkomsten norm, in het adviesrapport aan dacht hieraan besteden. Dat is ook besloten in het PFO. Uitkomsten van het onderzoek zijn op 15 januari 2025 gedeeld met de controllers van de GR-en. Als laatste heeft het PFO een besluit genomen over toetsing op de robuustheidscriteria voor omgevingsdiensten uit het IBP: uitkomst hiervan is dat de AGR zal in het adviestraject en in het adviesrapport geen oordeel hebben over toetsing aan robuustheidscriteria uit het IBP voor omgevingsdiensten.

6

4. Jaarstukken 2025 4.1

Algemeen

Werkplannen De totale werkplannen zijn ruimschoots gerealiseerd, hoewel dat niet voor alle deelnemers geldt. Hogere productie is vooral bij de gemeente Berg en Dal (17%), gemeente Wijchen (10%) en de Provincie Gelderland (9%) gehaald. De werkplannen zijn niet volledig gerealiseerd bij de gemeente Nijmegen (-10%) en gemeente Druten (-11%).

4.2

Controleverklaring accountant

Voor het boekjaar 2025 is een rechtmatigheidsverantwoording afgegeven. Hiermee legt het Dagelijks Bestuur (DB) verantwoording af aan het Algemeen Bestuur (AB). In de rechtmatigheidsverantwoording van de ODRN concludeert het DB dat de baten en lasten en ook de balansmutaties niet rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens. Het totaal aan geconstateerde afwijkingen (rechtmatigheidsfouten) bedraagt 0.6 miljoen en het ligt boven de grens is hierbij door het AB vastgestelde verantwoordingsgrens van 2% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves. Voor boekjaar 2025 is deze grens gesteld op € 0.5 miljoen. De geconstateerde fouten van in totaal € 0,5 miljoen hebben betrekking op overschrijdingen van de begrote lasten en zijn aangemerkt als acceptabel (passend binnen het vooraf vastgestelde beleid door het AB). De geconstateerde fouten van in totaal € 0,1 miljoen hebben betrekking op het niet naleven van de Europese aanbestedingsregels. Deze bevindingen worden in de jaarrekening ander toegelicht in de paragraaf Bedrijfsvoering op pagina 33. Het oordeel van de accountant is niet aangepast als gevolg van deze aangelegenheid. De accountant heeft een goedkeurende controleverklaring afgegeven, bestaande uit een goedkeurend oordeel ten aanzien van getrouwheid van de jaarrekening en de rechtmatigheidsverantwoording zoals deze door het DB is afgegeven.

Voornaamste bevindingen en aanbevelingen uit het accountantsverslag. De accountant geeft aan dat de ODRN een professionele organisatie is, die zijn interne beheersing op orde heeft. Verder constateert de accountant geen belangrijke tekortkomingen in de interne beheersing, voor zover dat relevant is voor de jaarrekeningcontrole. In de managementletter zijn adviezen voor verdere doorontwikkeling gegeven die voor verdere doorontwikkeling kunnen worden meegenomen in de inrichting van de nieuwe organisatie ODGM, voor zover van toepassing.

4.3

Fiscaliteiten

BTW Ten aanzien van de BTW geldt dat de ODRN volledig in de Btw-heffing is betrokken en voor 100% vooraftrek geniet. De ODRN factureert naar de deelnemers inclusief BTW. De deelnemers kunnen deze BTW declareren bij het BTW-compensatiefonds. VPB In de financiële verordening is opgenomen dat de resultaten voor commerciële activiteiten worden terugbetaald aan de opdrachtgever. Daarmee is er geen VPB-plicht voor de ODRN.

7

4.4

Begroting 2025 en managementrapportages

Het Algemeen Bestuur heeft de primaire begroting 2025 op 29 augustus 2024 vastgesteld en ter goedkeuring verzonden aan het Ministerie van Binnenlandse Zaken. De begroting is bijgesteld met € 0,2 miljoen bij de eerste begrotingswijziging 2025. Deze is vastgesteld door het Algemeen Bestuur op 10 juli 2025. Tijdens het jaar zijn we geïnformeerd over de stand van zaken aan de hand van de bestuur rapportages (per 31 maart en 31 juli). De rapportage met de stand van zaken per 31 maart is besproken in het Algemeen Bestuur van 12 juni 2025. De rapportage tot en met 31 juli kwam aan de orde in de vergadering van 23 oktober 2025. In de bestuursrapportage wordt een positief resultaat geprognosticeerd van € 696.000 positief, met een bandbreedte van ongeveer € 500.000. Er zijn naar aanleiding van de tussenrapportages geen aanpassingen verwerkt in de begroting.

4.5

Resultaatanalyse

In 2025 realiseert de ODRN € 26,0 miljoen baten en sluit het jaar af met een overschot van € 1.1 miljoen (4,2%). Dit sluit aan bij de verwachting die de ODRN in de bestuursrapportage met cijfers t/m juli heeft voorspeld (€ 696.000 met een bandbreedte van € 500.000). Dit resultaat is voornamelijk het gevolg van: Een hogere productie dan begroot, waardoor meer overhead kon worden gedekt dan noodzakelijk; Het terugdringen van het inhuurpercentage, mede als gevolg van ontwikkelingen rond de Wet DBA. Voor een nadere verschillenanalyse verwijzen we naar pagina 44 tot en met 47 van de jaarstukken 2025.

4.6

Balanstoelichting

Netto Schuldquote Ten opzichte van vorig jaar is de netto schuldquote wat gestegen (2025: -8,53% 2024: -3,08%. Dit betekent dat de schuldpositie is gestegen ten opzichte van de omzet. De netto-schuldquote van de ODRN is ruim voldoende. Solvabiliteit De solvabiliteit is het eigen vermogen gedeeld door het totale vermogen in het verslagjaar. Voor 2025 bedraagt dit 26,7% tegen 9,1% in 2024. Het positieve resultaat wordt toegevoegd aan de reserves. De reserve bedraagt na deze toevoeging € 1.706.610. De vermogenspositie behandelen we afzonderlijk in hoofdstuk 5.

4.7

Voorstel bestemming resultaat

Het resultaat over 2025 bedraagt € 1.153.476 positief. Het DB stelt aan het AB in de jaarrekening voor om dit bedrag toe te voegen aan de algemene reserve. Separaat van de jaarrekening 2025 ODRN is er een voorstel in routing door de ODGM (voor het AB van 16 april 2026) om net als de ODRA € 122.000 in een bestemmingsreserve te storten voor versnellingskosten fusie. Ons advies is om op korte termijn inzicht te verschaffen ten aanzien van de afwikkeling algemene reserve ODRN 2025 en de hoogte van de inbreng van het eigen vermogen per gemeente in de nieuwe Omgevingsdienst Groene Metropool (ODGM) per 1-1-2026. Op deze wijze weten de deelnemende gemeenten waar ze aan toe zijn en kunnen verschillen tussen de vrijval van de algemene reserve ODRN en het in te brengen eigen vermogen per gemeente in de ODGM in beeld worden gebracht en financieel op korte termijn worden afgewikkeld.

8

4.8

Deelnemersbijdragen

In de onderstaande tabel staan de bijdragen 2025 per opdrachtgever. Primaire begroting 2025 ODRN

(Bijgestelde) werkplannen 2025 versus realisatie 2025

Overzicht deelnemersbijdragen

Werkplan 2025 2.943.411 2.111.107 702.261 1.176.930 3.690.590 991.199 9.839.304 21.454.802

Gemeente Berg en Dal Gemeente Beuningen Gemeente Druten Gemeente Heumen Gemeente Nijmegen Gemeente Wijchen Provincie Gelderland Totaal deelnemers

Realisatie 2025 3.430.909 2.136.018 607.370 1.271.944 3.311.984 1.089.067 10.762.303 22.609.595

Verschil 487.498 24.911 -94.891 95.014 -378.606 97.868 922.999 1.154.793

% werkplan gerealiseerd 117% 101% 86% 108% 90% 110% 109% 105%

Realisatie werkplannen 2025 per onderdeel Bijdragen opdrachtgevers Vergunningverlening Toezicht & Handhaving Specialistisch advies Juridische diensten Projecten Totaal

Berg en Dal 1.482.127 1.235.502 248.272 228.594 236.414 3.430.909

Beuningen 962.445 698.127 243.018 71.652 160.776 2.136.018

Druten 143.552 295.569 85.473 1.010 81.766 607.370

Heumen 572.860 425.030 96.578 58.891 118.585 1.271.944

Nijmegen 756.212 1.686.473 321.563 39.059 508.677 3.311.984

Wijchen 297.023 501.448 126.370 7.655 156.571 1.089.067

Gelderland 5.206.913 1.484.696 480.565 390.333 3.199.796 10.762.303

Bovenstaande tabellen geven inzicht in het verloop van de deelnemersbijdrage. De eerste tabel betreft de primitieve begroting, de bijgestelde begroting op basis van de vastgestelde begroting en de realisatie. We constateren dat er substantiële wijzigingen tussen de verschillende momenten zitten.

9

Jaarrekening 2025 Totaal 9.421.132 6.326.845 1.601.839 797.194 4.462.585 22.609.595

5. Weerstandsvermogen 5.1

Algemene reserve

De algemene reserve dient als weerstandsvermogen voor de primaire bedrijfsvoering risico’s. Optredende risico’s die het aanwezige saldo van de algemene reserve overstijgen moeten de deelnemers dragen. De algemene reserve is per 31-12-2025 € 1.709.610 positief. Dit is na de toevoeging van het positieve rekeningresultaat 2025 van € 1.153.476. Door de fusie naar de ODGM zal deze reserve vrijvallen naar de deelnemende gemeenten. Wij verwijzen naar ons advies onder paragraaf 4.7 voorstel bestemming resultaat.

5.2

Bestemmingsreserves

Op dit moment zijn er geen bestemmingsreserves. Separaat van de jaarrekening 2025 ODRN is er een voorstel in routing om net als de ODRA € 122.000 in een bestemmingsreserve te storten voor versnellingskosten van de fusie.

5.3

Risico’s

In het jaarverslag 2025 in onderdeel ‘8. Verplichte paragrafen’ heeft de ODRN de risico-inventarisatie opgenomen (pagina 30 en verder). Aan de hand van deze risico’s is het benodigd weerstandsvermogen bepaald. Dit bedrag van € 977.400 is nodig om mogelijke risico’s te kunnen opvangen. Het totale risicobedrag is zo'n € 531.000 hoger dan de jaarstukken 2024. Als dekking voor optredende risico’s is binnen de ODRN in de vorm van de vrij besteedbare reserves (algemene reserve) € 1.709.610 beschikbaar. De weerstandsratio met als basis de jaarrekening 2025 bedraagt 1.709.610/977.400 = 1,75. Volgens de waarderingstabel die is opgenomen in de ‘nota risico’s en weerstandscapaciteit’ is dit goed.

10

6. Kadernota 2027 Omdat de begroting 2027 ODGM op dit moment ontbreekt, is de AGR gevraagd kort in te gaan op de (financiële) uitgangspunten van de kadernota 2027. Er is op dit moment, op grond van de oprichtingsakte van de ODGM, geen zienswijze procedure van toepassing bij de Kadernota 2027. Bij de begroting 2027 van de ODGM is de zienswijze procedure wel van toepassing. De begroting 2027 wordt voorgelegd aan het DB van 11 juni 2026. Eind juni 2026 vindt er een ambtelijk overleg plaats over de begroting 2027. In het AB van 9 juli 2026 ligt de begroting 2027 ter besluitvorming voor. Hieronder onze adviezen bij twee van de uitgangspunten in de Kadernota. Hierop kan bij de zienswijze procedure van de begroting 2027 in worden gegaan. Indirecte uren opslag 25% In de kadernota 2027 wordt gesproken over een opslag van 25% voor dekking van indirecte kosten. Bij het behandelen van de kadernota 2026 en begroting 2026 en als reactie op verschillende zienswijzen heeft de ODRN aangegeven in 2025 te monitoren of de gewenste verhoging van 23% naar 25% per 1 januari 2026 wel nodig is. Hier zien wij in de jaarrekening 2025 niets van terug. Daarmee ontbreekt de basis om deze verhoging door te voeren. Wij adviseren dit te verwerken in de actualisatie van de begroting 2026 en in de begroting 2027.

Indexeringspercentage In de kadernota 2027 wordt gesteld dat voor 2027 de indexering van de BRN wordt gevolgd zijnde 4,13%. Door er tegelijkertijd voor te kiezen het uurtarief af te ronden op een heel getal wordt hiervan afgeweken en wordt er feitelijk geïndexeerd met 4,35%. Wij adviseren het uurtarief niet naar boven af te ronden, maar gewoon te werken met het werkelijke uurtarief na indexatie.

11

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16944396/1