Bijlage III Vast te stellen bestemmingsplan – regels
Tekst van het document
Inhoudsopgave
Regels
3
Hoofdstuk 1
Inleidende regels
4
Artikel 1 Artikel 2
Begrippen Wijze van meten
4 10
Hoofdstuk 2
Bestemmingsregels
12
Artikel 3 Artikel 4
Tuin Wonen
12 14
Hoofdstuk 3
Algemene Regels
17
Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7 Artikel 8 Artikel 9
Anti-dubbeltelbepaling Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene afwijkingsregels Overige regels
17 18 19 20 21
Hoofdstuk 4
Overgangs- en slotregels
22
Artikel 10 Artikel 11
Overgangsrecht Slotregel
22 23
2
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
Regels
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
3
Hoofdstuk 1 Artikel 1
Inleidende regels
Begrippen
In deze regels wordt verstaan onder: 1.1
plan
het bestemmingsplan “Oude Boterdijk, Heumen” van de gemeente Heumen. 1.2
bestemmingsplan
de geometrisch bepaalde planobjecten als vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0252.HEbpOudeBoterdijk-VA01 met de bijbehorende regels. 1.3
aanduiding
een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.4
aanduidingsgrens
de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5
aanduidingsvlak
een op de verbeelding aangegeven vlak met eenzelfde aanduiding, begrensd door een aanduidingsgrens. 1.6
aan huis gebonden beroeps- of bedrijfsmatige activiteit
een beroeps- of bedrijfsmatige activiteit, uitgeoefend door de bewo(o)n(st)er van de woning, op administratief, juridisch, medisch, therapeutisch, ambachtelijk, kunstzinnig, ontwerptechnisch of daarmee gelijk te stellen gebied, alsmede het beroepsmatig verlenen van diensten op deze gebieden, persoonlijke dienstverlening dan wel het vervaardigen van producten en/of het leveren van diensten en dat niet krachtens een milieuwet vergunning- of meldingsplichtig is. 1.7
aan- en uitbouw
een gebouw dat als afzonderlijke ruimte of vergroting van een bestaande ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw, waarmee het in directe verbinding staat, welk gebouw onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.8
achtergevel
de gevel van een gebouw, die is gesitueerd tegenover de voorgevel van het betreffende gebouw. 1.9
bebouwing
één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.
4
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
1.10
bed & breakfast
een inpandige voorziening gericht op het bieden van de mogelijkheid tot overnachting en het serveren van ontbijt als ondergeschikte toeristisch recreatieve activiteit. 1.11
bestaande situatie
a. t.a.v. bebouwing: bebouwing, zoals aanwezig op het tijdstip van de ter-inzage-legging van het ontwerp van het bestemmingsplan, dan wel mag worden gebouwd krachtens een voor dat tijdstip aangevraagde omgevingsvergunning; b. t.a.v. gebruik: het gebruik van grond en opstallen, zoals aanwezig op het tijdstip waarop het bestemmingsplan rechtskracht heeft verkregen. 1.12
bestemmingsgrens
de grens van een bestemmingsvlak. 1.13
bestemmingsvlak
een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming. 1.14
bijgebouw
een niet voor bewoning bestemd vrijstaand gebouw, dat dienstbaar is aan en in bouwkundig opzicht ondergeschikt is aan een op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw. 1.15
bouwen
het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats. 1.16
bouwgrens
de grens van een bouwvlak. 1.17
bouwlaag
een boven het peil gelegen en doorlopend gedeelte van een gebouw, dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder. 1.18
bouwperceel
een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolgde de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten. 1.19
bouwperceelgrens
de grens van een bouwperceel.
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
5
1.20
bouwvlak
een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten. 1.21
bouwwerk
elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct hetzij indirect steun vindt in of op de grond. 1.22
carport
een overkapping, al dan niet een gebouw zijnde, die dient voor de stalling van een (vierwielig) motorvoertuig. 1.23
detailhandel
het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. 1.24
eerste bouwlaag
de bouwlaag op de begane grond. 1.25
erker
een ondergeschikte transparante toevoeging aan de wegzijde op de begane grond. 1.26
functie
doeleinden ten behoeve waarvan gebruik van gebouwen en/of gronden of aangewezen delen daarvan is toegestaan. 1.27
gebouw
elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt. 1.28
growshop
een ruimte voor het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder de uitstalling ten verkoop), verkopen en /of leveren van kweekbenodigdheden (zoals potgrond, meststoffen, bestrijdingsmiddelen, lampen, ventilatiesystemen, waterpompen) voor psychotrope stoffen, aan personen die deze goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps-of bedrijfsactiviteit. Ook ruimten die een andere benaming hebben dan growhop, maar waarin voornoemde activiteiten plaatsvinden, vallen onder het begrip 'growshop'. 1.29
hoofdfunctie
een functie waarvoor het hoofdgebouw als zodanig mag worden gebruikt.
6
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
1.30
hoofdgebouw
een gebouw, inclusief alle aan- en uitbouwen met uitzondering van carports, dat op een bouwperceel door zijn indeling of afmetingen als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken. 1.31
kamerverhuur
een voorziening gericht op de verhuur van een losse kamer binnen een woning, ten behoeve van permanente bewoning. 1.32
kamerverhuurbedrijf
het bedrijfsmatig verhuren van een losse kamer binnen een woning, ten behoeve van permanente bewoning. 1.33
kangoeroewoning
een in omvang ondergeschikte één- of tweepersoonswoning die een in- dan wel aangebouwd deel uitmaakt van een (bedrijfs)woning. 1.34
mantelzorg
de langdurige zorg die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan hulpbehoevenden door personen uit diens directe omgeving, waarbij zorgverlening rechtstreeks voortvloeit uit de sociale relatie en de gebruikelijke zorg van huisgenoten voor elkaar overstijgt. Hierbij valt te denken aan het zorgen voor een chronisch zieke, gehandicapte of hulpbehoevende partner, ouder, kind of ander familielid, vriend of kennis. 1.35
ondergeschikte functie
functie die ondergeschikt is aan de hoofdfunctie. 1.36
overkapping
een bouwwerk bestaande uit maximaal twee al dan niet tot de constructie behorende wanden. 1.37
praktijk- en/of kantoorruimte
een ruimte die door aard en indeling kennelijk is bestemd om uitsluitend of in hoofdzaak dienstig te zijn tot het verrichten van administratieve, medische en/of ontwerptechnische arbeid. 1.38
prostitutiebedrijf
een inrichting of instelling gericht op het tegen betaling doen plaatsvinden van seksuele omgang met prostituees op een naar buiten toe kenbare wijze, zoals een bordeel of escortservice. 1.39
seksinrichting
een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvindendan wel voor detailhandel in seks- en/of porno-artikelen.
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
7
Onder een seksinrichting worden in ieder geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal, sekstheater, een parenclub, een prostitutiebedrijf, een erotische massagesalon, een seksautomaat of sekswinkel, al dan niet in combinatie met elkaar. 1.40
smartshop
een ruimte voor het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder de uitstalling ten verkoop), verkopen en /of leveren van psychotrope stoffen aan personen die de goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit. Ook ruimten die een andere benaming hebben dan smartshop, maar waarin voornoemde activiteiten plaatsvinden, vallen onder het begrip 'smartshop'. 1.41
uitbouw
de vergroting van een bestaande ruimte in een hoofdgebouw, die qua afmetingen en/of in visueel opzicht (onder meer wat betreft (goot)hoogte, dakhelling en/of dakvorm), ondergeschikt is aan het hoofdgebouw. 1.42
voorgevel
de kennelijke voorgevel van een gebouw. 1.43
voorgevellijn
de lijn gevormd door het voornaamste oorspronkelijke voorgevelvlak (dus met voorbijgaan aan ondergeschikte aan- of uitbouwen) en het verlengde hiervan. 1.44
voorgevelrooilijn
de grens van het bouwvlak die gericht is naar de weg en waarop de bebouwing is georiënteerd. 1.45
voorste bouwgrens
elke naar de weg of de openbare ruimte gekeerde bouwgrens. 1.46
vrijstaand
bebouwing waarbij de hoofdgebouwen aan beide zijden niet in de perceelsgrens zijn gebouwd. 1.47
voorzieningen voor de waterhuishouding
voorzieningen die nodig zijn ten behoeve van een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging en waterkwaliteit, waaronder duikers, stuwen, gemalen, inlaten en voorzieningen ten behoeve van berging en infiltratie van hemelwater. 1.48
werk
een constructie geen gebouw of bouwwerk zijnde.
8
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
1.49
woning
een (gedeelte van een) gebouw dat dient voor de huisvesting van een zelfstandig wonend persoon of een samenwonende groep van personen. 1.50
woongebouw
een gebouw of een gedeelte van een gebouw, waarin uitsluitend woonfuncties zijn gelegen, die zijn aangewezen op een of meer gemeenschappelijke verkeersruimten. 1.51
zorgwoning
een zelfstandige woning met bijbehorende voorzieningen behorende bij een zorgcomplex en bestemd voor de huisvesting van een persoon of een samenwonende groep van personen met een bepaalde zorgbehoefte.
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
9
Artikel 2
Wijze van meten
Bij toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten: 2.1
afstand tot de zijdelingse (bouw)perceelsgrens
de maat tussen de zijdelingse grens van een (bouw)perceel en een bepaald punt van het op dat bouwperceel voorkomend (hoofd)gebouw, waar die afstand het kortst is. 2.2
bebouwd oppervlak van een bouwperceel
de oppervlakte van alle op een bouwperceel aanwezige bouwwerken tezamen. 2.3
bebouwingspercentage
de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen op een bouwperceel, in procenten van de oppervlakte van het bouwperceel. 2.4
breedte, diepte c.q. lengte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse hoofdgevelvlakken en/of de harten van gemeenschappelijke scheidingsmuren. 2.5
goothoogte
vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel. 2.6
inhoud van een bouwwerk
tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen. 2.7
bouwhoogte van een bouwwerk
vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen. 2.8
bruto vloeroppervlak van een gebouw
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of de harten van gemeenschappelijke scheidsmuren. 2.9
oppervlakte van een bouwwerk
tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk. 2.10
peil
de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte terrein.
10
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
11
Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1
Bestemmingsregels
Tuin
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Tuin' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. tuinen; b. parkeren; c. ondergeschikte bouwdelen van op de aangrenzende gronden staande (hoofd)gebouwen van woningen, zoals stoepen, stoeptreden, hellingbanen, funderingen, balkons, erkers, entreeportalen, veranda's, overkappingen en afdaken; met bijbehorende bebouwing, voorzieningen voor de waterhuishuiding en (on)bebouwde gronden. 3.2
Bouwregels
3.2.1
Gebouwen
Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende bepalingen: a. Voor erkers en entreeportalen als bedoeld in lid 3.1 onder c gelden de volgende bepalingen: 1. De horizontale diepte mag maximaal 1,5 m bedragen. 2. De afstand van een erker of entreeportaal tot de voorste perceelsgrens dient minimaal 2,5 m te bedragen. 3. De breedte mag maximaal 2/3 van de breedte van de desbetreffende gevel van de woning bedragen. 4. De bouwhoogte mag maximaal de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw vermeerderd met 0,25 m. b. De horizontale diepte van overige ondergeschikte bouwdelen als bedoeld in lid 3.1 onder c mag maximaal 1 m bedragen. c. Het bebouwingspercentage van de gronden binnen deze bestemming mag maximaal 50% bedragen. d. De goothoogte en bouwhoogte van bijgebouwen mag maximaal 3 m respectievelijk 5 m bedragen. 3.2.2
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende bepalingen: a. De bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, mag maximaal bedragen: 1. 1 m voor zover het gronden betreft, gelegen voor de voorgevel van het hoofdgebouw en het verlengde hiervan; 2. 2 m voor zover het gronden betreft, gelegen achter de voorgevel van het hoofdgebouw en het verlengde hiervan; een en ander met dien verstande dat bij hoeksituaties de hoogte van erfafscheidingen op het naar de weg gekeerde zijerf tot een afstand van 3 m achter het verlengde van de voorgevel van het hoofdgebouw niet meer dan 1 m mag bedragen. 3.3
Afwijken van de bouwregels
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 3.1 en 3.2 voor het bouwen van aan- of uitbouwen, bijgebouwen en/of carports behorende bij de op de aangrenzende gronden gelegen hoofdgebouwen, met dien verstande dat: a. de gezamenlijke oppervlakte van alle bij het hoofdgebouw behorende bijgebouwen maximaal 50 m2
12
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
mag bedragen en het bebouwingspercentage maximaal 50% mag bedragen; b. de goothoogte maximaal 3 m mag bedragen, dan wel de hoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw vermeerderd met 0,25 m; c. de bouwhoogte maximaal de bouwhoogte van het hoofdgebouw verminderd met 2 m mag bedragen, waarbij geldt dat de bouwhoogte in ieder geval 3 m mag bedragen en maximaal 5 m; d. de belangen van de eigenaren en/of gebruikers van aangrenzende percelen niet onevenredig mogen worden geschaad en het straat- en bebouwingsbeeld niet onevenredig mag worden aangetast. 3.4
Specifieke gebruiksregels
3.4.1
Voorwaardelijke verplichting asbest
In afwijking van het bepaalde in de leden 3.1 tot en met 3.2 mogen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - bodemsanering' geen grondroerende activiteiten plaatsvinden en mag pas gebouwd worden ten behoeve van de functie 'Tuin' indien: a. nader onderzoek is uitgevoerd naar de aanwezigheid van asbest in bodem en indien noodzakelijk sanerende maatregelen hebben plaatsgevonden, waarbij de gronden na uitvoering van de sanering voor de functie 'Tuin' geschikt zijn. b. in afwijking van het bepaalde onder a is de asbestverwijdering en sloop van de bestaande schuur wel toegestaan.
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
13
Artikel 4 4.1
Wonen
Bestemmingsomschrijving
De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. woningen, al dan niet in combinatie met een aan huis gebonden beroeps- of bedrijfsmatige activiteit, bed & breakfast en/of kamerverhuur; met bijbehorende bebouwing, wegen en paden, parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen, water en voorzieningen voor de waterhuishouding, tuinen en erven. 4.2
Bouwregels
4.2.1
Algemeen
Voor het bouwen in het algemeen gelden de volgende bepalingen: a. Het bebouwingspercentage (inclusief carports) van de gronden binnen deze bestemming mag maximaal 60% bedragen. 4.2.2
Hoofdgebouwen
Voor het bouwen van hoofdgebouwen gelden de volgende bepalingen: a. Hoofdgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd met in achtneming van het bepaalde in lid 4.2.1. b. Hoofdgebouwen mogen worden gebouwd in de vorm van vrijstaande woningen. c. Het aantal woningen mag niet meer bedragen dan het aantal woningen dat ter plaatse van de aanduiding 'maximum aantal wooneenheden' is aangegeven; d. De afstand van het hoofdgebouw tot de zijdelingse perceelsgrens bedraagt bij vrijstaande woningen minimaal 2,5 m, met dien verstande dat aan één zijde die afstand mag worden verkleind tot 0 m, mits dit deel van het hoofdgebouw 3 m achter de voorgevel of het verlengde daarvan wordt gebouwd en de goothoogte niet meer bedraagt dan 3 m en de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 6 m; e. De voorgevel moet worden gesitueerd in de voorste bouwgrens dan wel op een afstand van niet meer dan 3 m daarachter. f. Zowel de diepte alsook de breedte van nieuw te bouwen woningen mag maximaal 15 m bedragen. g. De goothoogte van een hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan 6 m; h. De bouwhoogte van een hoofdgebouw mag niet meer bedragen dan 10 m; i. De woningen worden voorzien van een kap met een dakhelling van minimaal 40 graden. 4.2.3
Bijgebouwen
Voor het bouwen van bijgebouwen gelden de volgende bepalingen: a. Bijgebouwen mogen uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd. b. Bijgebouwen dienen minimaal 3 m achter de voorgevel van de hoofdgebouwen en/of het verlengde daarvan te worden gebouwd. c. De gezamenlijke oppervlakte van bijgebouwen per hoofdgebouw mag maximaal 50 m² bedragen, met in achtneming van het bepaalde in lid 4.2.1. d. De goothoogte van bijgebouwen mag niet meer bedragen dan 3 m. e. De bouwhoogte van bijgebouwen mag niet meer bedragen dan 5 m.
14
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
4.2.4
Bouwwerken, geen gebouwen zijnde
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde gelden de volgende bepalingen: a. De bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, mag maximaal bedragen: 1. 1 m voor zover het gronden betreft, gelegen voor de voorgevel van het hoofdgebouw en het verlengde hiervan; 2. 2 m voor zover het gronden betreft, gelegen achter de voorgevel van het hoofdgebouw en het verlengde hiervan; een en ander met dien verstande dat bij hoeksituaties de hoogte van erfafscheidingen op het naar de weg gekeerde zijerf tot een afstand van 3 m achter het verlengde van de voorgevel van het hoofdgebouw niet meer dan 1 m mag bedragen. 4.2.5
Carports
Voor het bouwen van carports gelden de volgende bepalingen: a. De oppervlakte van een carport mag niet meer bedragen dan 20 m2, met in achtneming van het bepaalde in lid 4.2.1. b. De bouwhoogte van een carport mag niet meer bedragen dan 3 m. c. Voor zover een carport vóór de voorgevel van het hoofdgebouw en het verlengde hiervan wordt gebouwd mag deze geen tot de constructie zelf behorende wanden hebben. d. Voor zover een carport achter de voorgevel van het hoofdgebouw en het verlengde hiervan wordt gebouwd mag deze maximaal drie wanden hebben, waarvan er maximaal twee tot de constructie zelf mogen behoren. 4.3
Specifieke gebruiksregels
4.3.1
Aan huis gebonden beroeps- of bedrijfsmatige activiteit, bed & breakfast en kamerverhuur
Woningen en woongebouwen kunnen worden gebruikt ten behoeve van een aan huis gebonden beroepsof bedrijfsmatige activiteit, bed & breakfast en kamerverhuur mits: a. de woonfunctie in overwegende mate gehandhaafd blijft waarbij: 1. de woning moet blijven voldoen aan het Bouwbesluit en de bouwverordening; 2. maximaal 40% van de vloeroppervlakte en de voor de woonfunctie bestemde bijgebouwen mogen worden gebruikt voor een aan huis gebonden beroeps- of bedrijfsmatige activiteit, bed & breakfast en kamerverhuur met een maximum van 50 m²; 3. het aantal te verhuren kamers niet meer mag bedragen dan 3; b. er geen detailhandel wordt uitgeoefend behoudens een beperkte verkoop in het klein van ter plaatse vervaardigde producten en direct in verband met de aan huis gebonden beroeps- of bedrijfsmatige activiteit; c. het gebruik geen ernstige hinder voor het woonmilieu oplevert en geen afbreuk doet aan het woonkarakter van de omgeving; d. er geen onevenredige verstoring plaatsvindt in de voorzieningenstructuur van de wijk of de kern; e. het gebruik geen nadelige invloed heeft op de verkeersafwikkeling en de parkeerbalans; f. er geen etalages, vitrines en lichtreclames zijn; g. er geen activiteiten plaatsvinden die vergunningplichtig of meldingsplichtig zijn krachtens de Wet milieubeheer. h. er geen bedrijfsmateriaal buiten op het perceel opgeslagen wordt; i.
er gelijktijdig niet meer dan twee medewerkers aanwezig zijn. 4.3.2
Voorwaardelijke verplichting asbest
In afwijking van het bepaalde in de leden 4.1 tot en met 4.2 mogen ter plaatse van de aanduiding 'specifieke bouwaanduiding - bodemsanering' geen grondroerende activiteiten plaatsvinden en mag pas gebouwd worden ten behoeve van de functie 'Wonen' indien: j.
nader onderzoek is uitgevoerd naar de aanwezigheid van asbest in bodem en indien noodzakelijk
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
15
sanerende maatregelen hebben plaatsgevonden, waarbij de gronden na uitvoering van de sanering voor de functie 'Wonen' geschikt zijn. k. in afwijking van het bepaalde onder a is de asbestverwijdering en sloop van de bestaande schuur wel toegestaan. 4.4
Afwijken van de gebruiksregels
4.4.1
Kangoeroewoning
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 4.1 teneinde bij een woning een kangoeroewoning toe te staan, mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. er is sprake van een in omvang ondergeschikte één of tweepersoonswoning die een in- dan wel aangebouwd deel uitmaakt van een grotere woning; b. het geheel van oorspronkelijke woning en kangoeroewoning past binnen de maatvoering, zoals die is opgenomen in de bouwregels voor woningen dan wel hoofdgebouwen; c. de kangoeroewoning beslaat maximaal 1/3 deel van de oppervlakte en inhoud van het geheel van oorspronkelijke woning en kangoeroewoning; d. er bestaat een open verbinding tussen de oorspronkelijke woning en kangoeroewoning; e. de kangoeroewoning heeft geen eigen voordeur; f. de kangoeroewoning krijgt geen eigen huisnummer; g. het woon- en leefmilieu van de omgeving mag niet onevenredig worden aangetast; h. de verkeersveiligheid mag niet in het geding komen; i. de stedenbouwkundige/ruimtelijke structuur/samenhang van de omgeving mag niet onevenredig worden aangetast; j. er moet voorzien worden in voldoende parkeergelegenheid op eigen terrein; k. aanwezige waarden van monumentale gebouwen en of beeldbepalende gebouwen mogen niet onevenredig worden aangetast. 4.4.2
Mantelzorg
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde in lid 4.1 teneinde bij een woning een woonunit toe te staan of voor het bewonen van een bijgebouw, mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden: a. deze woonruimte is noodzakelijk vanuit een oogpunt van mantelzorg, aangetoond middels een zorgindicatie, afgegeven door een daartoe deskundig adviseur. b. er is sprake van een tijdelijke situatie; c. de woonruimte vormt een ruimtelijke eenheid met de hoofdwoning; d. de woonruimte wordt binnen de bestaande bebouwingsmogelijkheden gerealiseerd, met dien verstande dat de oppervlakte van de afhankelijke woonruimte maximaal 50 m2 bedraagt; e. belangen van derden worden niet onevenredig geschaad; f. het woon- en leefmilieu van de omgeving wordt niet onevenredig wordt aangetast; g. de stedenbouwkundige/ruimtelijke structuur en samenhang van de omgeving worden niet aangetast; h. aanwezige waarden van monumentale of beeldbepalende gebouwen worden niet onevenredig aangetast; i. tijdelijke woonunits moeten zoveel mogelijk uit het zicht worden geplaatst. j. er blijft voldoende parkeergelegenheid gehandhaafd danwel de parkeergelegenheid verminderd niet verder indien deze al ontoereikend is. Zodra de noodzaak van mantelzorg is komen te vervallen, moet de woonunit verwijderd worden en het bijgebouw overeenkomstig de bestemming worden gebruikt.
16
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
Hoofdstuk 3 Artikel 5
Algemene Regels
Anti-dubbeltelbepaling
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
17
Artikel 6 6.1
Algemene bouwregels
Ondergronds bouwen
a. Op plaatsen waar hoofd- en bijgebouwen zijn of gelijktijdig worden gebouwd mag eveneens ondergronds gebouwd worden, direct aansluitend mogen in- dan wel uitritten ten behoeve van de ondergrondse bouwwerken worden gebouwd. b. De verticale diepte mag bij ondergronds bouwen niet meer bedragen dan 3,5 m. c. Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van het bepaalde onder a voor het bouwen van ondergrondse bouwwerken op andere locaties dan onder het hoofdgebouw of bijgebouw mits hierdoor de in het gebied aanwezige waarden niet onevenredig worden aangetast.
18
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
Artikel 7 7.1
Algemene gebruiksregels
Strijdig gebruik
Onder strijdig gebruik wordt in ieder geval verstaan: a. een gebruik van de onbebouwde grond als stort- en opslagplaats van aan het gebruik onttrokken goederen en materialen, anders dan als tijdelijke opslag ten behoeve van het normale gebruik en onderhoud; b. een gebruik van gronden en bouwwerken voor een seks- en/of pornobedrijf en/of prostitutiebedrijf; c. een gebruik van gronden en bouwwerken voor de realisatie van propaantanks, behalve als de propaantanks voldoen aan: 1. de risicoafstanden die afkomstig zijn van het RIVM en zijn neergelegd in de memo 'Afstandstabel propaanreservoirs 0,15 - 50 m3' van 14 juli 2006 met kenmerk 263/06CEV; 2. de risicocontour de eigen perceelsgrens niet overschrijdt; d. een gebruik van gronden en bouwwerken voor een smartshop en /of growshop.
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
19
Artikel 8 8.1
Algemene afwijkingsregels
Algemeen
Het bevoegd gezag kan een omgevingsvergunning verlenen voor het afwijken van: a. de voorgeschreven goothoogte, hoogte en oppervlakte van gebouwen, percentages, horizontale en verticale diepten, afstanden tot perceelsgrenzen en overige maatvoering, eventueel met overschrijding van een bouwgrens, niet zijnde een bestemmingsgrens, met dien verstande dat deze afwijkingen niet meer mogen bedragen dan 10% van de in deze regels voorgeschreven maatvoering; b. bouwgrenzen, niet zijnde bestemmingsgrenzen, op de verbeelding, indien en voor zover deze afwijkingen noodzakelijk zijn in verband met de uitmeting van het terrein, dan wel indien dit uit oogpunt van doelmatig gebruik van de grond gewenst is, met dien verstande dat het beoogde stedenbouwkundig beeld niet mag worden geschaad en de afwijking ten opzichte van hetgeen is aangegeven niet meer mag bedragen dan 10 m; c. het bouwen van bouwwerken van openbaar nut, voor zover deze, indien het gebouwen betreft, geen grotere inhoud hebben dan 50 m3 en geen grotere hoogte dan 4 m; d. het oprichten van antennes met een grotere hoogte dan ten aanzien van bouwwerken, geen gebouw zijnde, is toegestaan, voor zover deze grotere hoogte noodzakelijk is in verband met het beoogde gebruik, met dien verstande dat dit met het oog op het stedenbouwkundig beeld aanvaardbaar moet zijn.
20
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
Artikel 9 9.1
Overige regels
Uitsluiting aanvullende werking Bouwverordening
De voorschriften van de Bouwverordening ten aanzien van onderwerpen van stedenbouwkundige aard blijven overeenkomstig het gestelde in artikel 9 lid 2 van de Woningwet buiten toepassing behoudens ten aanzien van de volgende onderwerpen: a. b. c. d. e. f. 9.2
de richtlijnen voor het verlenen van vrijstelling van de stedenbouwkundige bepalingen; de bereikbaarheid van gebouwen voor wegverkeer; de bereikbaarheid van gebouwen voor gehandicapten; het bouwen bij hoogspanningsleidingen en ondergrondse hoofdtransportleidingen; de parkeergelegenheid en laad- en losmogelijkheden, en de ruimte tussen bouwwerken. Verwijzing naar andere wettelijke regelingen
Waar in dit plan wordt verwezen naar andere wettelijke regelingen, wordt geduid op de regelingen zoals die luidden op het tijdstip van de ter-inzage-legging van het ontwerp van het bestemmingsplan.
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
21
Hoofdstuk 4 Artikel 10 10.1
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken
a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel kan worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde onder a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a met maximaal 10 %. c. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder omgevingsvergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. 10.2
Overgangsrecht gebruik
a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld in het bepaalde onder a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
22
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
Artikel 11
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: Regels van het bestemmingsplan “Oude Boterdijk, Heumen”.
Bestemmingsplan "Oude Boterdijk, Heumen" (vastgesteld)
23