Bijlage III Koersdocument Omgevingsvisie
Tekst van het document
Koersdocument
Omgevingsvisie Heumen
Gemeente Heumen
Datum: 25 juli 2022 Projectnummer: 190265
INHOUD 1
Inleiding
5
1.1 1.2 1.3 1.4 1.5 1.6
Waarom een Koersdocument? Hoe is het Koersdocument tot stand gekomen? Status Koersdocument Van Koersdocument naar Omgevingsvisie Relatie met andere visies en beleid Beleidscyclus
5 6 6 6 7 9
2
Heumen in de regio
11
2.1 2.2 2.3
Groene Metropoolregio en Regionale Agenda Visie vanuit de Groene Metropoolregio Toekomstbeeld Heumen als onderdeel van de Groene Metropoolregio
11 11
3
Koers op hoofdlijnen
17
3.1 3.2 3.3 3.4
Totstandkoming visie op thema’s en gebieden Hoofdlijnen van beleid Leidende principes Rol van de gemeente
17 18 18 19
4
Visie op thema’s
21
4.1 4.2 4.3 4.4 4.5
Wonen, werken, voorzieningen en verplaatsen Duurzaamheid Landschap, natuur en cultuurhistorie Landbouw Recreatie, gezondheid en veiligheid
21 22 24 25 25
5
Visie op gebieden
28
5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10 5.11 5.12
Maas en uiterwaarden Nederasseltse en Overasseltse broekgebied Overasseltse en Hatertse Vennen Oeverwal De Teerse Sluispolder Landschapszone Malden-Noord Heumensoord Het Lierdal Nederasselt Overasselt Heumen Malden
28 29 29 30 31 32 33 33 34 35 35 36
6
Participatie in de fysieke leefomgeving
37
3
13
6.1 6.2 6.3 6.4
Participatie onder de Omgevingswet 37 Participatie bij het opstellen van kerninstrumenten 38 Dialoog bij vergunningplichtige activiteiten 39 Afstemming met ketenpartners achter het loket: Omgevingstafel 39
7
Uitvoeringsprogramma
41
Bijlagen • • • • •
• •
Bijlage 1: Processchema Bijlage 2: Ansichtkaart van Heumen Bijlage 3: Kaart Koers op hoofdlijnen Bijlage 4: Resultaten inwonersenquête Bijlage 5: Verslagen stakeholdersbijeenkomsten o Bijlage 5a Stakeholderssessie 29 en 30 juni 2020 o Bijlage 5b Stakeholdersbijeenkomsten 28 en 29 september 2020 Bijlage 6: Verslag beeldvormende raadsbijeenkomst 2 en 3 december 2020: in gesprek met stakeholders Bijlage 7: Verslag beeldvormende raadsbijeenkomst 2 september en 14 oktober 2021
4
1 1.1
Inleiding Waarom een Koersdocument? Al enige tijd werken we aan het opstellen van een omgevingsvisie voor onze gemeente. In april 2020 heeft de gemeenteraad het proceskader vastgelegd om tot deze omgevingsvisie te komen. Het proceskader beschrijft het proces om te komen tot een integrale omgevingsvisie, dat bestaat uit drie fasen (zie ook onderstaand processchema): 1. Verkenningsfase (Ansichtkaart): in de eerste fase hebben we de kwaliteiten en de belangrijkste opgaven voor de toekomst per thema bekeken. Deze zijn benoemd in de ‘Ansichtkaart van Heumen’, die als bijlage bij dit Koersdocument is opgenomen. De Ansichtkaart vormde het vertrekpunt voor fase 2; het opstellen van het Koersdocument. 2. Opstellen Koersdocument: in de tweede fase hebben we de inhoudelijke koers voor de omgevingsvisie uitgezet. Deze geeft richting aan toekomstige ontwikkelingen met betrekking tot de fysieke leefomgeving in onze gemeente. De doelstellingen en ambities voor de toekomst hebben we vastgelegd in voorliggend Koersdocument, dat ter besluitvorming aan de raad wordt voorgelegd. 3. Opstellen omgevingsvisie: in de derde en laatste fase werken we het voorliggende Koersdocument uit tot een ontwerp Omgevingsvisie Heumen. Dit ontwerp doorloopt de formele procedure. Het is aan de raad om de Omgevingsvisie Heumen vast te stellen.
Afbeelding: processchema omgevingsvisie Heumen Op basis van de resultaten uit de Ansichtkaart en recent vastgesteld regionaal beleid in de vorm van de regionale agenda van de Groene Metropoolregio hebben we een vijftal thema’s benoemd die de kwaliteiten, ambities en opgaven met betrekking tot de fysieke leefomgeving van de gemeente Heumen weerspiegelen. Het gaat om de volgende thema’s: 1. Wonen, werken, voorzieningen en verplaatsen 2. Duurzaamheid 3. Landschap, natuur en cultuurhistorie 4. Landbouw 5. Recreatie, gezondheid en veiligheid 5
1.2
Hoe is het Koersdocument tot stand gekomen? Eind september 2020 hebben we aan de hand van twee (extreme) scenario’s en bijbehorende stellingen het gesprek gevoerd met stakeholders, waarbij de hiervoor genoemde thema’s allemaal aan bod zijn gekomen. Vervolgens hebben we ook de inwoners betrokken. Dit hebben we vanwege de Corona-omstandigheden ‘op afstand’ en dus digitaal moeten doen in de vorm van een enquête, aangevuld met (digitale) 10minuten-gesprekken voor geïnteresseerden. De vragenlijst is door bijna 500 inwoners ingevuld. De resultaten zijn als bijlage 4 bij dit Koersdocument opgenomen. Een klein aantal inwoners heeft gebruik gemaakt van de mogelijkheid om een 10-minuten-gesprek te voeren. Beeldvormende raadsbijeenkomsten Op 2 en 3 december 2020 hebben twee beeldvormende raadsbijeenkomsten plaatsgevonden, waarbij raads- en commissieleden en stakeholders - aan de hand van vooraf geformuleerde dilemma’s en gespreksonderwerpen - de dialoog zijn aangegaan. Ter afronding van het gesprek heeft een peiling plaatsgevonden onder de raads- en commissieleden. Via Mentimeter zijn per gespreksonderwerp (thema/dilemma) vragen en stellingen voorgelegd. De resultaten van deze peiling hebben mede richting gegeven aan het voorliggende Koersdocument. Begin 2021 heeft het college besloten om het proces van de omgevingsvisie ‘on hold’ te zetten totdat de strategische visie is vastgesteld.
Dit vanwege het feit dat de strategische visie het kader vormt voor andere visies, waaronder ook de omgevingsvisie. Nadat de strategische visie op 1 juli 2021 door de raad is vastgesteld, is ook het proces van de omgevingsvisie weer opgepakt en zijn op 2 september en 14 oktober 2021 een tweetal beeldvormende raadsbijeenkomsten georganiseerd. Doel van de avonden was om in gesprek met de raad voor een aantal thema’s te kijken wat de implicaties van de strategische visie voor het toekomstig te voeren ruimtelijk beleid zijn. De resultaten van deze bijeenkomsten zijn vervolgens met het college besproken. Naar aanleiding van deze bijeenkomst is voorliggend Koersdocument aangescherpt.
1.3
Status Koersdocument Het voorliggende Koersdocument vormt het vertrekpunt voor het opstellen van de omgevingsvisie voor onze gemeente. Het Koersdocument vormt het fundament van de nog op te stellen omgevingsvisie en schetst de hoofdlijnen van het beleid voor de periode tot en met 2033, alsmede onze doelstellingen, opgaven en ambities ten aanzien van de fysieke leefomgeving. Het Koersdocument wordt ter vaststelling aan de raad aangeboden.
1.4
Van Koersdocument naar Omgevingsvisie Na vaststelling van het Koersdocument door de raad wordt gestart met het opstellen van de (ontwerp-)omgevingsvisie, waarvoor dit document het vertrekpunt vormt. In de ontwerp omgevingsvisie worden de hoofdlijnen van het beleid – zoals in dit document opgenomen – voor de verschillende thema’s en gebieden uitgewerkt tot een samenhangende en integrale visie op de fysieke leefomgeving voor de periode tot en met 2033. In de omgevingsvisie wordt tevens een ‘proceswijzer’ opgenomen. In deze proceswijzer wordt beschreven hoe de gemeente om wil gaan met (participatie bij)
6
ruimtelijke initiatieven: wat zijn uitgangspunten voor nieuwe ruimtelijke initiatieven? Hoe worden deze beoordeeld en welke stappen moet een initiatiefnemer doorlopen? En wat is de rol van de gemeente hierin? Kortom; wat is de route van initiatief tot realisatie? De ontwerp omgevingsvisie wordt gedurende zes weken ter visie gelegd, dit wordt openbaar gepubliceerd. Tijdens de terinzagelegging worden stakeholders en inwoners actief geïnformeerd en kunnen zij indien gewenst een zienswijze indienen. Zienswijzen worden gebundeld in een zienswijzen-/reactienota die bij de concept-omgevingsvisie wordt gevoegd. Op deze wijze wordt inzichtelijk gemaakt wat met de ingediende zienswijzen is gebeurd en of deze tot wijzigingen in de concept-omgevingsvisie hebben geleid. En zo ja, op welke wijze deze zijn verwerkt. Toets Milieueffectrapportage Parallel aan het opstellen van de ontwerp omgevingsvisie wordt een Toets Milieueffectrapportage (inclusief ecologische voortoets) opgesteld. Daarin wordt beoordeeld of een plan of programma – dat rechtstreeks voortvloeit uit de omgevingsvisie en waarvoor de omgevingsvisie kaderstellend is – aanzienlijke milieugevolgen kan hebben. Indien daarvan sprake is zal een MER moeten worden opgesteld. Vooralsnog gaan wij ervan uit dat het opstellen/doorlopen van een plan-MER niet noodzakelijk is en dat kan worden volstaan met een vormvrije m.e.r.-beoordeling.
Deze toets Milieueffectrapportage kan op basis van het vastgestelde Koersdocument Omgevingsvisie worden uitgevoerd.
1.5
Relatie met andere visies en beleid De Omgevingsvisie Heumen is een lange termijn visie (tot en met 2033) waarin de strategische beleidsdoelen voor de ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving integraal worden gebundeld en afgewogen. De omgevingsvisie vormt daarmee het kader voor toekomstige ontwikkelingen binnen ons gemeentelijke grondgebied. De omgevingsvisie richt zich op ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving (ruimtelijk domein), maar legt ook de verbinding met het sociaal domein: bijvoorbeeld op het gebied van gezondheid en veiligheid. De omgevingsvisie zal de huidige Structuurvisie Heumen 2025 geheel vervangen. Andere (sectorale) beleidsdocumenten blijven vooralsnog bestaan. De hoofdlijnen van deze beleidsdocumenten zijn geborgd in de omgevingsvisie. Op termijn worden de uitvoeringsgerichte beleidsdocumenten zoals nu meegenomen in de Ansichtkaart (zie bijlage) vervangen door programma’s. Programma’s zijn een uitwerking van de omgevingsvisie voor een thema, gebied of een (milieu)aspect. In tegenstelling tot een omgevingsvisie is het vaststellen van programma’s niet verplicht en kan een programma sectoraal van aard zijn. Programma’s worden – in tegenstelling tot de omgevingsvisie en het omgevingsplan – vastgesteld door het college van B&W. Het is voor de gemeenteraad van belang dat hiervoor duidelijke kaders worden meegegeven in de omgevingsvisie.
1.5.1
Relatie met Rijks-, provinciaal en regionaal beleid Niet alleen als gemeente hebben we een visie op de fysieke leefomgeving, ook de Rijksoverheid, de provincie Gelderland en de regio Arnhem-Nijmegen hebben hun
7
eigen visie. De hoofdambities, opgaven en principes van onder andere de Nationale Omgevingsvisie en de Omgevingsvisie Gaaf Gelderland werken door op onze gemeentelijke omgevingsvisie. In hoofdstuk 2 geven we nadere invulling aan onze positie en bijdrage in de regio Arnhem-Nijmegen. Naast het feit dat de visies van de hogere overheden sturing en invulling geven aan onze eigen omgevingsvisie, zal onze omgevingsvisie ook het vertrekpunt zijn voor het gesprek met onze medeoverheden over onze positie en rol in het realiseren van gezamenlijke ambities en opgaven in de fysieke leefomgeving. 1.5.2
Relatie met strategische visie Parallel aan het opstellen van de omgevingsvisie is gewerkt aan de update van de strategische visie. De strategische visie ‘Heumen. Natuurlijk met iedereen’ is op 1 juli 2021 door de raad vastgesteld. De strategische visie vormt het kader voor andere visies. Het centrale doel van de strategische visie is het nastreven van een inclusieve samenleving. Daarnaast wordt in de visie aangegeven dat onze gemeente zich kenmerkt door een groene omgeving, duurzaamheid en veiligheid voor iedereen. De vastgestelde strategische visie is het vertrekpunt geweest voor het gesprek over dit Koersdocument, dat het fundament vormt van de omgevingsvisie. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen nemen we het streven naar een inclusieve samenleving aan de voorkant van het proces mee, door te verkennen waar kansen liggen om bij te dragen aan een inclusieve samenleving. Dit uitgangspunt is tevens opgenomen in de leidende principes die in paragraaf 3.1. zijn geformuleerd. Deze leidende principes vormen het vertrekpunt voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Wettelijke taken In de strategische visie is aangegeven dat de gemeente ten behoeve van de drie kenmerken groen, duurzaam en veilig een beperkte rol vervult waarbij de uitvoering van wettelijke taken het uitgangspunt is.
De gemeente Heumen heeft met betrekking tot de realisatie van opgaven in de fysieke leefomgeving slechts een beperkt aantal wettelijke taken. Vanuit de Omgevingswet heeft de gemeente de wettelijke taak voor het opstellen van een omgevingsvisie en een omgevingsplan, alsmede het verlenen van omgevingsvergunningen. Naast deze wettelijke taken heeft de gemeente Heumen de bestuurlijke verantwoordelijkheid om al dan niet wettelijke taken vanuit het Rijk en de provincie (soms op regionaal niveau) te implementeren en uit te voeren. Het gaat onder meer om de opgaven rondom de woningbouwproductie, de energietransitie en het realiseren van de klimaatopgaven. Daarnaast hebben we te maken met in regionaal verband gemaakte afspraken waaraan de gemeente zich heeft gecommitteerd in onder andere de agenda van de Groene Metropoolregio (waaronder afspraken over het realiseren van opgaven op het gebied van woningbouw (verstedelijkingsstrategie), landschap, recreatie en verkeer en vervoer, zie ook hoofdstuk 2 van dit Koersdocument).
8
In de fysieke leefomgeving zal dan ook met name vanuit het maatschappelijk belang en de regionale opgaven zoals hiervoor bedoeld beredeneerd moeten worden wat een passende en gewenste rol is voor de gemeente. Wegingskader In de strategische visie is een wegingskader opgenomen waarin criteria zijn benoemd voor de integrale afweging van keuzes. In de fysieke leefomgeving zal dit wegingskader toegepast worden bij de integrale afweging voor nieuwe ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving. Op onderdelen zijn aspecten geborgd in de leidende principes voor de fysieke leefomgeving, zoals geformuleerd in dit Koersdocument (zie paragraaf 3.1.3.).
1.6
Beleidscyclus De beleidscyclus is het ontwerpende principe achter de Omgevingswet (zie afbeelding op volgende pagina). Alle instrumenten hebben een plaats en rol binnen deze cyclus. In de omgevingsvisie zijn de bestuurlijke doelen vastgelegd. De programma’s bevatten een uitwerking van deze bestuurlijke doelen maar ook op onderdelen een vertaling van de doelen naar uitvoering. In het omgevingsplan zijn de bestuurlijke doelen uit de omgevingsvisie (en eventuele uitwerking in programma’s) vertaald in juridische regels voor het toestaan (of verbieden) van activiteiten. Door de (omgevings)vergunning krijgen de regels uitvoering. Uit de fase ‘terugkoppeling’ moet volgen of de instrumenten in de praktijk (voldoende) bijdragen aan het behalen van de bestuurlijke doelen uit de omgevingsvisie. Is dat niet het geval dan moeten of de instrumenten worden bijgesteld of de bestuurlijke doelen worden aangepast. Het aanpassen / aanvullen van bestuurlijke doelen is ook noodzakelijk wanneer er (maatschappelijke) opgaven ontstaan waarvoor nog niet eerder bestuurlijke doelen zijn vastgesteld.
Afbeelding: beleidscyclus onder de Omgevingswet 9
De Heumense cyclus Gelet op het voorgaande zal de gemeente Heumen haar omgevingsvisie jaarlijks aan een ‘APK-keuring’ onderwerpen. Daarmee wordt invulling gegeven aan de verplichting die de Omgevingswet met zich brengt om de visie continu actueel te houden. Omdat deze verplichting nieuw is en recht doet aan de kaderstellende rol van de omgevingsvisie in de beleidscyclus, wordt een repeterend systeem aangehouden waarbij we jaarlijks een eenvoudige keuring doen met de vraag ‘geeft de omgevingsvisie voldoende sturing aan de verdere beleidsvorming, regelgeving en uitvoering op het gebied van de fysieke leefomgeving’? en vierjaarlijks onder de motorkap van de omgevingsvisie kijken met als vraag: ‘zijn de bestuurlijke doelstellingen / uitgangspunten zoals opgenomen in de omgevingsvisie nog actueel’? Op deze manier wordt aangesloten bij de gemeentelijke bestuurscyclus.
10
2 2.1
Heumen in de regio Groene Metropoolregio en Regionale Agenda Groene Metropoolregio en Regionale agenda De visie op de ontwikkeling van de regio Arnhem-Nijmegen is verwoord in het document ‘Regio Arnhem-Nijmegen Groene Metropoolregio’ (d.d. 23 september 2020). De regionale ambitie is om samen door te groeien naar een groene metropoolregio van internationale betekenis. Met een internationale voorbeeldfunctie op het gebied van circulariteit, samenleving, energie, voedselproductie, gezondheid en technologie. In de Regionale Agenda is de gezamenlijke visie van de Groene Metropoolregio vertaald in vijf centrale opgaven. De regionale agenda vormt daarmee de basis en het kompas voor de versterking van de regionale samenwerking van de 18 betrokken gemeenten. Raadsbesluiten over de Groene Metropoolregio en Regionale agenda De raad van de gemeente Heumen heeft op 17 december 2020 ingestemd met zowel de Visie Regio Arnhem-Nijmegen Groene Metropoolregio als met Regionale Agenda 2021-2025. De gemeente Heumen participeert dus in de regionale samenwerking en draagt bij aan de realisatie van de regionale opgaven. De visie en de opgaven uit de regionale agenda werken door in onze Heumense Omgevingsvisie. In de Regionale agenda 2022 zijn vijf opgaven opgenomen, die zijn uitgewerkt in speerpunten en actiepunten voor 2022. Het gaat om de volgende opgaven: 1. Verbonden regio 2. Productieve regio 3.
Circulaire regio 4. Ontspannen regio 5. Groene groeiregio
2.2
Visie vanuit de Groene Metropoolregio Voor de vijf opgaven zijn de visie, ambities en speerpunten op het niveau van de Groene Metropoolregio op hoofdlijnen als volgt verwoord: Opgave 1: Verbonden regio Wij willen de regionale en stedelijke bereikbaarheid (zeker in het kader van de grote woningbouwopgaven) waarborgen door een ombuiging naar meer gebruik van fiets en (H)OV op korte en langere afstand en een beter gebruik van bestaande infrastructuur. Behalve lucht op het regionale wegennet zorgt dit ook voor een duurzamere mobiliteit. Speerpunten: 1. Gebiedsgerichte corridoraanpak 2. Regionale (snel)fietspadennetwerk 3. Hubs en knooppunten 4. Gedragsaanpak duurzame mobiliteit 5. Verkeersveiligheid
11
Opgave 2: Productieve regio Onze regio kent veel innovatiekracht en de vestigingskwaliteit van onze werklocaties scoort boven het landelijk gemiddelde. Tegelijkertijd zien we als opgave om de kwaliteiten van onze regio steviger te profileren en de economische potenties beter te benutten. We versterken onze inzet op innovatiekracht in de clusters Health, Hightech & Energy, de cross-over met Food en logistiek als onlosmakelijke voorwaarde. Dit legt de basis voor een sterke (inter)nationale positie en productiviteit van toonaangevende bedrijven. Dit sterke economische profiel maakt onze regio interessant voor talenten. De ambitie is economische groei te faciliteren en een forse banengroei in een goede balans met de leefkwaliteit in de regio. Dit doen we samen met o.a. The Economic Board (TEB) en de provincie Gelderland. Speerpunten: 1. Stimuleren ondernemerschap in het MKB 2. Human capital; onderwijs en arbeidsmarkt 3. Doorontwikkeling van (inter)nationale clusters 4. Versterking duurzame logistiek 5. Toekomstbestendige werklocaties Opgave 3: Circulaire regio De Groene Metropoolregio wil toonaangevend worden in circulair denken en handelen, in Nederland én in Europa. Die ambitie vraagt om de inzet van bedrijven, maatschappelijke organisaties, de regiogemeenten, andere overheidspartners en onze inwoners.
Circulariteit staat voor toekomstbestendig, duurzaam handelen met gesloten ketens zonder afwenteling naar andere groepen, andere tijden of andere gebieden. Speerpunten: 1. Circulaire bouw en infrastructuur 2. Circulaire economie; grondstoffen en ketens 3. Water en klimaatadaptatie (Regionale Adaptatiestrategie - RAS) 4. Transitie naar duurzame energie (Regionale Energiestrategie - RES) Opgave 4: Ontspannen regio De ambitie van de opgave Ontspannen regio is om - in lijn met de visie van de Groene Metropoolregio – (economische) groei in balans te brengen met onze leefkwaliteit, een gezonde leefomgeving en aantrekkelijkheid van cultuur, recreatie, natuur en landschap. De speerpunten binnen deze opgave zijn allemaal gericht op het creëren en versterken van een levendige en leefbare regio en hangen nauw met elkaar samen. Speerpunten: 1. Duurzaam toerisme 2. Bruisende binnensteden en krachtige kernen 3. Groen-blauw raamwerk 4. Sterke culturele infrastructuur
12
Opgave 5: Groene groeiregio De regio Arnhem-Nijmegen heeft te maken met een grote verstedelijkingopgave en een tekort aan woningen. Deze opgave zet in op het bieden van voldoende (betaalbare) woningen, voor specifieke doelgroepen en tegelijkertijd verantwoord omgaan met de schaarse ruimte, zodanig dat deze groei het landschap versterkt. Speerpunten: 1 Wonen in balans: Versnellen van de woningbouw 2 Leefomgeving: Verbinden van de ruimtelijke opgaven 3 Agglomeratiekracht: Vertellen van de kracht van de groene groeiregio
2.3
Toekomstbeeld Heumen als onderdeel van de Groene Metropoolregio Opgave Verbonden regio We zetten in lijn met de opgaven vanuit de Groene Metropoolregio in op snelle OV- en fietsverbindingen voor de eigen inwoners maar ook voor de regio, tussen de kernen en het stedelijke gebied van Nijmegen. In regionaal verband zetten we het onderzoek naar een oplossing voor de problematiek rond de Rijksweg voort. We stimuleren het gebruik van OV en fiets.
Afbeelding: Heumen is de zuidelijke groene flank van de Groene Metropoolregio. 13
De productieve regio Heumen stimuleert het ondernemerschap om zo te zorgen voor de gewenste nieuwe dynamiek in de regio. Het MKB speelt een belangrijke rol in de regionale en lokale economie. We faciliteren de verduurzaming van onze bedrijventerreinen. Heumen biedt ruimte om in te spelen op nieuwe innovaties en behoeften vanuit ondernemers. Proeftuinen en experimenteerruimte voor o.a. nieuwe verdienmodellen en concepten in de landbouwsector zijn hiervan goede voorbeelden. We stimuleren en faciliteren onderlinge samenwerkingsverbanden van ondernemers. De circulaire regio Heumen streeft naar een natuurinclusieve en circulaire samenleving waarin de gezondheid van de inwoners centraal staat. We bouwen klimaatadaptief en natuurinclusief en zoveel mogelijk circulair. We zoeken hierbij de samenwerking in de regio en benutten elkaars kennis. Daarnaast wekken we in toenemende mate onze eigen energie op en streven ernaar het gasverbruik te reduceren. Onze bestaande bebouwde omgeving gaan we daarvoor verder verduurzamen. De ontspannen regio Het robuuste groene landschappelijke raamwerk van Heumen met zijn grote verscheidenheid aan landschappen draagt bij aan een recreatief aantrekkelijk gebied aan de zuidelijke flank van de groene metropoolregio. Door een fijnmazig netwerk van recreatieve paden door de gehele gemeente kan de gemeente de toenemende recreatieve druk dragen.
Verspreid door de gemeente bevinden zich aantrekkelijke kleinschalige recreatieve voorzieningen. Aandachtspunt is de toegankelijkheid voor iedereen van deze voorzieningen. De rijke historie en verscheidenheid aan landschappen zijn de trekkers voor de recreant en toerist. De sage van de Hoemannen van Walrick zetten we in voor de profilering van onze gemeente. Cultuurhistorie, zoals het Kroonwerk en het waardevolle agrarische cultuurlandschap worden beleefbaar en zichtbaar. Voor cultuuraanbod zijn de inwoners van Heumen grotendeels gericht op de steden Nijmegen en Arnhem. Het centrum van Malden is krachtig en biedt een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor ondernemers, detailhandel en horeca en voorziet in een breed scala aan voorzieningen. De groene groeiregio In Heumen is er sprake van een landschap waarin een balans is en samenwerking tussen boeren, natuur- en landschapsbeheerders, bewoners en recreatieve ondernemers. Samen bouwen zij aan een aantrekkelijk, biodivers en klimaatadaptief landschap gebaseerd op het agrarische cultuurlandschap. Heumen draagt bij aan het bouwen van voldoende duurzame en betaalbare woningen voor de regio en zet daarbij in op een snelle ontwikkeling van de Kanaalzone voor woningbouw. Heumen koestert en versterkt zijn aantrekkelijke groene woonomgeving en groen in de kernen als aantrekkelijk woon- en werkgebied.
Verstedelijkingsstrategie Vanuit de ambitie van de groene groeiregio wordt een regionale verstedelijkingsstrategie opgesteld: een routekaart om te komen tot gezonde en groene groei van de regio. Hierin wordt gezocht naar een goede combinatie van wonen, economie, bereikbaarheid en (kwaliteit van de) leefomgeving. De deelnemende gemeenten vertalen de verstedelijkingsstrategie door in hun omgevingsbeleid. Voor de gemeente Heumen vindt deze doorvertaling dus plaats in de omgevingsvisie. De in het concept van deze verstedelijkingsstrategie geschetste uitgangspunten voor de leefomgeving en de daaraan gekoppelde ontwerpprincipes, zijn op hoofdlijnen in lijn met de leidende principes
14
zoals uiteengezet in dit koersdocument (zie paragraaf 3.1). De raad heeft op 16 december 2021 ingestemd met het Verstedelijkingsconcept, waarin voor alle bouwstenen ontwerpprincipes zijn neergelegd, en met de werkwijze en het principe van nadere gebiedsuitwerkingen (deel 2). In de gebiedsuitwerkingen worden de principes van de verstedelijkingsstrategie gebiedsgewijs verder uitgewerkt. De gemeente Heumen is in dit kader betrokken bij de gebiedsuitwerkingen Nijmegen-West en Rijk van Nijmegen. De samenwerking zal bekrachtigd worden met een zogenoemd Verstedelijkingsakkoord. In dat akkoord staan de afspraken voor de verdere samenwerking volgens de principes van het Verstedelijkingsconcept, de fasering en de vereiste (onderzoeks)investeringen. De raden zullen besluiten over dit Verstedelijkingsakkoord. De verdere uitwerking van verstedelijkingsstrategie wordt met het oog op de doorvertaling in het beleid voor de fysieke leefomgeving in het vervolg van 2022 nauwgezet gevolgd.
De verstedelijkingsstrategie wordt opgebouwd langs vier bouwstenen: leefomgeving, mobiliteit, economie en wonen. Voor al die bouwstenen zijn ambities meegegeven. Hieronder is kort weergegeven wat enkele voorgestelde eerste ontwerpprincipes zijn per bouwsteen. Als voorbeeld om te schetsen hoe de uitwerking per bouwsteen plaatsvindt. En tevens om te laten zien hoe dat bijdraagt aan het totaalbeeld van de opgave. Leefomgeving: meer landschap! • Niet bouwen in beschermde natuurgebieden. In eerste instantie niet bouwen in de natste delen van het gebied. Maar die plekken maken wel een belangrijk onderdeel uit van onze integrale ontwerpen omdat ze belangrijk zijn voor biodiversiteit en klimaatadaptatie. We zetten in op natuur- en klimaatadaptief verstedelijken. •
We sluiten aan op de Regionale Energie Strategie (RES 1.0).
•
In onze regio is er voldoende openbaar toegankelijk groen voor dagelijks gebruik en zijn er dagrecreatieve voorzieningen op nabije afstand van nieuwe woningen.
•
Onze planvorming is stikstofinclusief: we lossen het stikstofvraagstuk voor de verstedelijking zoveel mogelijk in het gebied zelf op. Waar nodig faseren we in ruimte en tijd.
Slimme en schone mobiliteit • Nieuwe woningen worden zoveel mogelijk geprogrammeerd bij (H)OV-trein en bus- en/of in verbinding met nabij gelegen (regionale/snel-) fietspaden. Waarbij in de eerste plaats bestaande capaciteit wordt benut en knooppuntvorming wordt gestimuleerd. Daarna wordt pas gekeken naar uitbreiding van bestaande mobiliteitsvoorzieningen en pas daarna naar de aanleg van nieuwe gebieden. •
Nieuwe woningen worden eerst binnen bestaand stedelijk gebied gebouwd, vervolgens aan de randen van steden en dorpen, nog steeds binnen bebouwd gebied. Daarna binnen of direct aan het bestaande bebouwde gebied binnen stedelijke agglomeraties/dorpen.
•
Een locatie komt alleen in aanmerking voor een functiewijziging als ook de mobiliteitsoplossing wordt opgenomen. Om mobiliteit te beperken wordt waar mogelijk ingezet op het mengen van wonen en werken (functiemenging).
Economie: het werk van de toekomst • Het versterken van de agglomeratiekracht van de regio door het creëren van een sterke stedelijke dichtheid in de aantrekkelijke context van de groene leefomgeving/ het regionale landschap en een excellente bereikbaarheid via OV (internationaal en regionaal)! •
Inzet op de versterking van campussen en werklocaties en de verbindingen daartussen (ontwikkelen ecosysteem) met nadruk op de thema’s Food, Health en Energy.
15
•
Duurzaam omgaan met nieuwe en oude bedrijventerreinen door innovatief om te gaan met de ruimtevraag voor bedrijventerreinen (waar kan het beter en intensiever) en het anders categoriseren van werkmilieus.
Wonen: meer vitale stad en vitale kernen • We werken vanuit een Groen raamwerk: ontwikkel groen (in en rond het stedelijk gebied), koppel dit aan een regionale netwerk van voet- en (snel) fietspaden en ov en zet daarmee ook in op het versterken van recreatie, biodiversiteit, klimaatadaptatie, enzovoort. •
We zetten in op variatie en complementariteit: nieuwe plannen zijn een aanvulling op bestaande voorraad én op de variëteit aan (groene) woonmilieus. Daarbinnen realiseren we verschillende prijssegmenten. De komende jaren is er vooral behoefte aan meer betaalbare woningen.
•
We zetten in op een circulaire leefomgeving. Dat betekent dat we de ‘bestaande voorraad’ benutten met efficiënt gebruik van ruimte en grondstoffen. Deze strategie is een stimulans voor het verduurzamen en vitaal maken van bestaande wijken. We zetten vooral in op functiemenging, verdichten en inbreiden, op transformeren en herstructurering. We zorgen daarbij voor meer en beter handelingsperspectief.
16
3 3.1
Koers op hoofdlijnen Totstandkoming visie op thema’s en gebieden De visie op thema’s en gebieden is als volgt tot stand gekomen: 1. Met de vaststelling van het proceskader Omgevingsvisie (d.d. april 2020) is vastgelegd dat het bestaand beleid het vertrekpunt vormt voor het opstellen van de Omgevingsvisie. In fase 1 van het proces is daarom de Ansichtkaart van Heumen opgesteld, waarin de kwaliteiten en hoofdopgaven zijn benoemd op basis van bestaand beleid, trends en ontwikkelingen en bureau- en veldonderzoek. De Ansichtkaart was het vertrekpunt voor het opstellen van voorliggend Koersdocument. 2. Het (participatie)proces zoals neergelegd in het Proceskader Omgevingsvisie is geheel doorlopen, waarbij op meerdere momenten input is opgehaald bij inwoners en stakeholders. De resultaten van dit participatieve proces hebben mede invulling gegeven aan de visies op thema’s en gebieden. Het gaat dan om: a. De resultaten van inwonersparticipatie: meer dan 500 inwoners hebben een digitale enquête ingevuld waarin zij vragen hebben beantwoord over de toekomstige ontwikkeling van de gemeente Heumen (bijlage 4). Daarnaast kon eenieder zich aanmelden voor een 10-minuten-gesprek. Tien inwoners hebben hier gebruik van gemaakt. b. De uitkomsten van de stakeholdersgesprekken: op meerdere momenten in het proces zijn stakeholders betrokken.
De resultaten van deze werksessies zijn verwoord in bijlage 5. c. De resultaten van de gesprekken tussen raad en stakeholders: op 2 en 3 december 2020 hebben gesprekken plaatsgevonden tussen de raad en stakeholders. De uitkomst van deze gesprekken en peiling met Mentimeter hebben (mede) richting gegeven aan de visie op thema’s en gebieden (zie bijlage 6). 3. De (gedurende het proces) door de raad vastgestelde Visie groene Metropoolregio en Regionale agenda 2021-2025 werkt door in de visie op zowel de thema’s als gebieden (zie ook hoofdstuk 2). 4. Het centrale doel van de vastgestelde strategische visie is het nastreven van een inclusieve samenleving. Daarnaast kenmerkt onze gemeente zich door een groene omgeving (‘natuurlijk groen’), duurzaamheid (‘natuurlijk duurzaam) en veiligheid (‘natuurlijk veilig’) voor iedereen. Deze doelstelling(en) klinken door in het Koersdocument. De voornoemde (beleids-)documenten en (participatie)processen vormden de voornaamste ingrediënten voor de totstandkoming van de visie op thema’s en gebieden, alsmede de hoofdlijnen van beleid en leidende principes zoals navolgend uiteengezet.
17
3.2
Hoofdlijnen van beleid Op basis van de voornoemde (beleids-)documenten en (participatie)processen hebben we de volgende hoofdlijnen van het beleid geformuleerd 1. We willen klimaatneutraal zijn in 2050 en klimaatbestendig in 2035 (uiterlijk 2050) – deze beleidslijn vindt zijn grondslag in de recent vastgestelde strategische visie (‘natuurlijk duurzaam’) en de door de raad vastgestelde Visie groene Metropoolregio (‘De groene groeiregio’). Ook vanuit stakeholders en inwoners bestaat er een nadrukkelijke wens om onze gemeente (verder) te verduurzamen. Duurzaamheid en klimaatbestendigheid moeten het vertrekpunt zijn voor nieuwe ontwikkelingen in onze gemeente. 2. We wonen en werken in een gezonde, veilige en groene leefomgeving – niet alleen betreft dit één van de doelen van de Omgevingswet, het is tevens een ambitie die doorklinkt in de Visie groene Metropoolregio en de wens om een inclusieve gemeenschap te zijn. Gezondheid en veiligheid zijn nieuwe thema’s onder de Omgevingswet, die op deze wijze nadrukkelijk en expliciet doorklinken in de hoofdlijnen van beleid. Ook vanuit de inwoners klinkt er een duidelijke behoefte aan schone lucht en voldoende groen op loopafstand. Nieuwe ontwikkelingen in onze gemeente moeten in beginsel bijdragen aan een gezonde, veilige en groene leefomgeving. 3. We streven naar een circulaire economie – in de breedste zin van het woord.
Een circulaire economie is een economisch systeem van gesloten kringlopen waarin grondstoffen, onderdelen en producten hun waarde zo min mogelijk verliezen, hernieuwbare energiebronnen worden gebruikt en systeemdenken centraal staat. Circulariteit klinkt door in meerdere thema’s, waaronder de landbouw en duurzaamheid, maar ook op het gebied van wonen en werken. Vanuit de Visie groene Metropoolregio committeert de gemeente zich onder meer aan de ambitie om zoveel mogelijk circulair te bouwen en gebruik te maken van hernieuwbare energiebronnen.
3.3
Leidende principes Voor (nieuwe ontwikkelingen in) de fysieke leefomgeving onderscheidt de gemeente Heumen een aantal leidende principes, die tot stand zijn gekomen aan de hand van de uitgangspunten zoals beschreven in paragraaf 3.2 en het streven naar een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Deze leidende principes vormen samen met de doelen en ambities voor de thema’s en gebieden die in de omgevingsvisie worden geschetst, het integraal afwegingskader voor nieuwe ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving. We gebruiken de leidende principes bij het maken van een integrale afweging voor alle ruimtelijke ontwikkelingen binnen onze gemeente, ongeacht aard en ligging van de ontwikkeling. In deze leidende principes zijn de voor de fysieke leefomgeving relevante aspecten uit het wegingskader van de Strategische Visie meegenomen. We definiëren de volgende leidende principes: 1. Bij een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling verkennen we in een vroegtijdig stadium waar kansen liggen om met de ruimtelijke ontwikkeling bij te dragen aan de centrale doelstelling van een inclusieve samenleving.
18
2. Het natuurlijke bodem- en watersysteem is leidend bij onze keuzes en uitwerkingen van nieuwe ontwikkelingen (juiste functie op de juiste plek). Daarbij streven we een zorgvuldig gebruik van de ruimte na; 3. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen zijn klimaatadaptief (we passen ons aan op klimaatverandering) en natuurinclusief (we dragen bij aan de (lokale) biodiversiteit en natuurwaarden); 4. Zorgvuldig ruimtegebruik is het vertrekpunt voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen passen we de ‘Ladder voor duurzame verstedelijking’ toe. Transformatie en herontwikkeling binnen bestaand stedelijk gebied (inbreiding) gaat boven uitbreiding. Indien nieuwe stedelijke functies in het buitengebied toch noodzakelijk zijn, worden deze zoveel mogelijk gebundeld (passend bij de aard van de opgave) en landschappelijk ingepast. 5. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen dragen bij aan – of doen in ieder geval geen afbreuk aan – een veilige, gezonde en groene fysieke leefomgeving. Duiding van de leidende principes Het uitgangspunt van ‘inbreiding boven uitbreiding’ in combinatie met het uitgangspunt van klimaatadaptief ontwikkelen betekent dat in eerste instantie nieuwe bebouwing alleen wordt toegevoegd op plekken die nu al bebouwd zijn (slopen en nieuwbouw). Dit om voldoende (groene) ruimte binnen de kernen te behouden.
Dit is nodig om klimaatopgaven zoveel mogelijk binnenstedelijk op te lossen en deze dus zo min mogelijk af te wentelen op het buitengebied. In de praktijk zal dit betekenen dat er in hogere dichtheden (gestapelde) woningen ontwikkeld zullen worden, uiteraard passend bij de aard, maat en schaal van de kern en natuurinclusief.
3.4
Rol van de gemeente De samenleving verandert, en daarmee ook de rol van de overheid (gemeente). Mensen moeten steeds meer zelf doen en zij nemen ook steeds vaker het initiatief voor hun leefomgeving in eigen handen. Dit is in lijn met de geest van de Omgevingswet, die meer verantwoordelijkheid bij de burger legt. In het vervolg van dit Koersdocument onderscheiden we een zestal rollen die de gemeente kan aannemen, wanneer zij uitvoering geeft aan haar beleid voor de fysieke leefomgeving. Deze worden navolgend toegelicht:
Loslaten – Wanneer de overheid een taak loslaat, zal zij zich hier inhoudelijk en procesmatig niet of nauwelijks mee bemoeien. Faciliteren – De overheid kiest een faciliterende rol als het initiatief van elders komt en zij er belang in ziet om dat mogelijk te maken.
19
Stimuleren – De overheid kan de wens hebben dat bepaald beleid of een interventie van de grond komt, maar de realisatie daarvan laat ze over aan anderen. Ze zoekt slechts naar mogelijkheden om die anderen in beweging te krijgen. Regisseren – Wanneer de overheid kiest voor regisseren, betekent dat ook andere partijen een rol hebben maar dat de overheid er belang aan hecht wel de regie te hebben (en houden). Zelf doen – De overheid kan de wens hebben dat een bepaald beleid of een interventie van de grond komt en staat daarvoor zelf aan de lat. Dat betekent dat de overheid zelf zorg draagt voor de uitvoering en initiatiefnemer is. Reguleren – Het laatste instrument dat de overheid kan inzetten is regulering met wet- en regelgeving of beleidsregels. Dit staat in feite los van voornoemde rollen. Ook wanneer de overheid bepaalde zaken wil loslaten of uitsluitend wil faciliteren, kan zij hier met regelgeving randvoorwaarden aan stellen. Voor de verschillende opgaven en ambities die in dit Koersdocument zijn beschreven is zoveel mogelijk aangegeven welke rol de gemeente Heumen wenst aan te nemen.
20
4
Visie op thema’s
4.1
Wonen, werken, voorzieningen en verplaatsen
4.1.1
Wonen Hoofdlijnen van beleid: • Voor de periode tot en met 2033 gaan we uit van inbreiding (voor uitbreiding). We geven daarbij de voorkeur aan woningbouw op reeds versteende locaties, zodat open groene plekken behouden kunnen worden (transformatie van bestaande bouw of sloop en nieuwbouw). We zetten in op de ontwikkeling van een stedelijk en natuurinclusief woonmilieu in de Kanaalzone (Malden). Daarbij onderzoeken we de mogelijkheden voor hoogbouw (regisserende en regulerende rol). • We houden vast aan de ruimtelijke kaders en ambities uit het Masterplan Centrum Malden voor het realiseren van woningbouw in het centrum van Malden (regisserende en regulerende rol). • We houden vast aan het besluit d.d 3 februari 2022 om aan de Zilverbergweg in Overasselt woningbouw te realiseren (regisserende en regulerende rol). • Groene plekken in de bebouwde kom (onze hoofdgroenstructuur) houden we groen (regulerende rol). • We houden vast aan het besluit d.d. 20 februari 2020 om geen woningen en/of sportcomplex te bouwen in het Lierdal (regulerende rol). • We constateren een (groeiende) behoefte aan kleinere woningen/appartementen (voor starters en senioren), woningsplitsing en bijzondere woonvormen. We gaan dit nader uitwerken in een programma Wonen (opvolger van de woonvisie) (regulerende rol).
• Voormalige agrarische erven kunnen onder voorwaarden transformeren naar wonen, waarbij de woningen rond een kleinschalig erf worden gecentreerd. We stellen hiervoor een beleidsregel vast waarin we onder meer regels stellen aan de landschappelijke inpassing, het aantal woningen in relatie tot het te slopen aantal vierkante meters agrarische bebouwing, alsmede de toegestane (bijzondere) woonvormen en woningtypen (faciliterende rol).
4.1.2
Werken Hoofdlijnen van beleid: • We willen de lokale economie duurzaam in stand houden. Als gemeente kiezen we om hier geen actieve rol in te vervullen, maar faciliteren we wel initiatieven die hier een bijdrage aan leveren (faciliterende rol). • Op dit moment is er niet of nauwelijks behoefte aan ruimte voor nieuwe bedrijventerreinen. We faciliteren initiatieven die inzetten op het versterken van de ruimtelijke kwaliteit en het verduurzamen van onze bestaande bedrijventerreinen (faciliterende rol) en reserveren op dit moment geen nieuwe ruimte voor (de uitbreiding van onze) bedrijventerreinen.
4.1.3
Voorzieningen Hoofdlijnen van beleid: • Wij hebben lokale voorzieningen die voor iedereen bereikbaar en levensvatbaar zijn. Levensvatbaar betekent dat er voldoende deelnemers zijn, voldoende inzet door vrijwilligers en dat er sprake is van een gezonde exploitatie. Met dat 21
•
•
4.1.4
uitgangspunt streven we naar levensvatbare basisvoorzieningen - een basisschool, dorpshuis en vitaal verenigingsleven - in elke kern, waarbij we aandacht hebben voor eenzaamheid en voldoende plekken om elkaar te ontmoeten (stimulerende rol). We doen onze dagelijkse boodschappen in Malden en Overasselt en zetten in deze kernen in op een passend voorzieningenniveau, goed ondernemersklimaat en aantrekkelijk verblijfsklimaat (regisserende rol). Malden biedt niet alleen een goed aanbod voor onze dagelijkse boodschappen, maar is ook de aangewezen plek voor onze niet-dagelijkse boodschappen, speciaalzaken en horeca, deze voorzieningen worden in Malden geconcentreerd (faciliterende rol).
Verplaatsen Hoofdlijnen van beleid: • Tot en met 2033 voorzien we geen grote wijzigingen c.q. ingrepen in de bestaande verkeersstructuur. Wel zien we bij de Broekstraat, Schoonenburgseweg/Hoogstraat, Looistraat en Rijksweg (zie volgend punt) lokale knelpunten en het sluipverkeer in het vennengebied is een punt van aandacht. We gaan deze knelpunten nader onderzoeken, evenals eventuele oplossingsrichtingen. (faciliterende rol). • We erkennen de problematiek rondom de Rijksweg en zien dat dit een negatieve invloed heeft op de gezondheid en het verblijfsklimaat (lucht, geluid en barrièrewerking). We zetten het in regionaal verband gestarte onderzoek naar de mogelijkheden om dit probleem het hoofd te bieden voort (faciliterende rol). • We stimuleren fietsgebruik en gaan daarom ons (snel)fietsnetwerk verder door ontwikkelen. Daarbij verkennen we de mogelijkheden voor een hoogwaardige fietsverbinding langs het Maas Waal kanaal. Zo willen we het autogebruik in onze gemeente zo veel mogelijk ontmoedigen (regisserende rol). • We hebben de wens om de OV-verbinding met Nijmegen te verbeteren en signaleren kansen voor deelauto’s (faciliterende rol).
4.2
Duurzaamheid
4.2.1
Klimaatadaptatie Hoofdlijnen van beleid: • We zijn in 2035 (uiterlijk 2050) een klimaatbestendige samenleving. • Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen zijn klimaatadaptief (regulerende rol). • We zetten in op het verduurzamen en klimaatadaptief maken van de bestaande bebouwde omgeving. Inwoners en ondernemers zijn zelf verantwoordelijk voor het verduurzamen van hun woning/bedrijfspand en het klimaatadaptief maken van hun (bedrijfs)perceel. De gemeente wil inwoners en ondernemers stimuleren in deze ontwikkeling (stimulerende rol). • We zetten in op het verduurzamen en klimaatadaptief maken van de openbare ruimte. Bij de (her)inrichting van de openbare ruimte is een klimaatadaptieve inrichting de norm (zelf doen). • De gemeente neemt een regisserende rol in het vergroenen (minder stenen, meer bomen en meer biodiversiteit) van de openbare ruimte en neemt dit integraal mee in het op te stellen programma Landschap en Recreatie. Het (huidige) Groenstructuurplan zal hierin opgaan. 22
•
•
•
4.2.2
De gemeente Heumen heeft een opgave om hemelwater bij hevige regenbuien te verwerken, door de mogelijkheden voor infiltratie te vergroten en tijdelijke en structurele waterbergingslocaties te realiseren. Op basis van onze kwetsbaarhedenkaart beoordelen we of de waterbergingsopgave ter plaatse kan worden opgelost. Indien dat niet mogelijk blijkt, wordt gekeken naar de realisatie van een structuur met blauwgroene aders die het overtollige water afvoert naar waterbergingslocaties aan de randen van de kernen (zelf doen). Voor de concrete doorvertaling van doelen en ambities uit de omgevingsvisie en de RAS wordt een programma Klimaatadaptatie opgesteld. Uiteraard worden de opgaven op het gebied van klimaatadaptatie deels ook in andere programma’s geïntegreerd (programma Wonen, programma Landschap en Recreatie) (zelf doen). Bij nieuwe ontwikkelingen bouwen we natuurinclusief. Hiervoor ontwikkelen we een toolbox, die een leidraad vormt voor nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen (stimulerende en regulerende rol).
Energietransitie Hoofdlijnen van beleid: • In 2050 zijn wij een klimaatneutrale samenleving waarbij in eerste instantie ingezet wordt op besparing en zon op daken. • De grootschalige duurzame energie opgave (die een deel van de totale opgave vormt) is door de raad vastgesteld op 160TJ en dient in eerste instantie volledig opgewekt te worden met waterkracht en zonne-energie (regisserende rol). • De mogelijkheden voor het realiseren van een waterkrachtcentrale bij Grave worden verkend, waarmee mogelijk een (beperkt) deel van de grootschalige duurzame energie opgave gerealiseerd kan worden (regisserende rol). • Het realiseren van de grootschalige duurzame energie opgave vindt in eerste instantie plaats in de Teerse Sluispolder (gebied A, zie afbeelding). Er is een gebiedsplan opgesteld voor de ontwikkeling van een energielandschap in dit gebied dat op 16 december 2021 door de raad is vastgesteld (regisserende rol). • Indien het niet mogelijk blijkt om de totale opgave van 160TJ (minus de mogelijke energie opbrengst van een waterkrachtcentrale) in de Teerse Sluispolder te realiseren met zonneenergie, zal vervolgens worden gekeken naar de mogelijkheden voor zonne-energie in het Nederasseltse en Overasseltse broekgebied (gebied C) (regisserende rol).
• Indien het niet haalbaar blijkt de volledige opgave te realiseren met waterkracht en zonne-energie zal, voor zover nodig en onvermijdelijk in het licht van de opgave, gekeken worden naar windkracht (regisserende rol). • Voor de opwekking van duurzame energie gelden de uitgangspunten zoals vastgelegd in het ‘Koersdocument Ruimtelijke visie duurzame energie’, deze uitgangspunten worden opgenomen in de omgevingsvisie (regisserende rol). • De gemeente stuurt aan op de realisatie van duurzame energie-initiatieven in combinatie met andere doelen (landbouw, natuur en biodiversiteit, recreatie,
23
•
•
landschap, educatie etc.), waarbij tevens gekeken wordt naar dubbelgebruik (regisserende rol). Er wordt verkend welke mogelijkheden er zijn om (in regelgeving) meer ruimte te bieden voor duurzame energie opwekking voor eigen gebruik in het buitengebied (regulerende rol). Heumen participeert in het proces van de Regionale Energie Strategie (RES) Arnhem Nijmegen, waar gemeente Heumen in de RES 1.0 het zoekgebied A langs de A73 ingebracht heeft voor de opwekking van duurzame energie door middel van zon (naast waterkracht).
4.3
Landschap, natuur en cultuurhistorie
4.3.1
Landschap Hoofdlijnen van beleid: • De maakbaarheid van ons landschap kent grenzen; het natuurlijk bodem- en watersysteem is het uitgangspunt voor nieuwe ontwikkelingen (regulerende rol). • We zetten in op het versterken van de landschappelijke kwaliteiten in het hele buitengebied, waardoor natuurwaarden en biodiversiteit versterkt worden. Dit draagt bij aan het behouden en ontwikkelen van een aantrekkelijk landschap met meer recreatiemogelijkheden waardoor de recreatiedruk beter over de gemeente verspreid wordt (stimulerende rol). • We koppelen kansen voor natuur, landschap, recreatie en landbouw en gebruiken hiervoor het Landschapsontwikkelingsplan 2019-2023 en bestaand toeristisch beleid. Na 2023 actualiseren we het Landschapsontwikkelingsplan en ons toeristisch beleid tot een programma Landschap en Recreatie (stimulerende en regisserende rol).
4.3.2
Natuur Hoofdlijnen van beleid: • We zetten in op het behoud en de ontwikkeling van de natuurwaarden in onze natuurgebieden (o.a. Heumensoord en de Overasseltse en Hatertse Vennen). Agrarische activiteiten en recreatie in en nabij onze natuurgebieden mogen niet tot onevenredige schade aan de natuur leiden (stimulerende en regulerende rol). • We willen graag de bestaande natuurwaarden (o.a. de vennen) behouden, maar beseffen ook dat we hierbij afhankelijk zijn van klimaatveranderingen. De vennen worden grotendeels gevoed door regenwater. Bij lange periode van droogte is het onvermijdelijk dat een deel van de vennen verdroogt (loslaten). • Nieuwe ontwikkelingen in en rondom onze natuurgebieden zijn uitsluitend toegestaan indien deze de aanwezige natuur- en landschapswaarden niet onevenredig schaden (regulerende rol). • We willen de natuurwaarden buiten de natuurgebieden versterken om de biodiversiteit te vergroten. Nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen moeten daaraan aantoonbaar bijdragen. We gebruiken hiervoor ons biodiversiteitsplan (stimulerende rol). • We koppelen kansen voor natuur, landschap, recreatie en landbouw en gebruiken hiervoor het Landschapsontwikkelingsplan 2019-2023 en bestaand toeristisch beleid. De actualisatie van het Landschapsontwikkelingsplan en ons toeristisch beleid landt in het programma Landschap en Recreatie (stimulerende rol).
24
4.3.3
Cultuurhistorie Hoofdlijnen van beleid: • De cultuurhistorische kenmerken van het landschap en ons immateriële erfgoed (verleden) dienen als uitgangspunt voor nieuwe ontwikkelingen (regisserende en regulerende rol).
4.4
•
We maken de rijke geschiedenis van onze gemeente beter zichtbaar voor de recreant en toerist (stimulerende rol).
•
We gaan op termijn aan de slag met het actualiseren van ons welstandsbeleid richting een nota omgevingskwaliteit (zelf doen).
Landbouw Hoofdlijnen van beleid: • We accepteren dat de energieopgave (de realisatie van grootschalige zonneparken) ten koste gaat van (goede) landbouwgrond (loslaten). • We bieden experimenteerruimte voor circulaire vormen van landbouw. We vinden dat de Landschapszone Malden-Noord en het Lierdal hiervoor geschikte gebieden zijn, maar sluiten andere gebieden niet op voorhand uit (faciliterende en regulerende rol). • We stellen een beleidsregel op voor het faciliteren van initiatieven op het gebied van circulaire landbouw en geven daarbij duiding aan de bijbehorende bebouwingsmogelijkheden. Deze beleidsregel dient als toetsingskader voor nieuwe ontwikkelingen (regulerende rol). • We bieden geen ruimte aan nieuwvestiging van niet-grondgebonden (intensieve) agrarische bedrijven. Ook gaan we een verdere intensivering van bestaande (traditionele) niet-grondgebonden agrarische bedrijven niet langer faciliteren. Schaalvergroting is mogelijk, mits dit niet leidt tot verdere intensivering (regulerende rol). • We faciliteren agrariërs in hun zoektocht naar nieuwe verdienmodellen en bieden (meer) ruimte voor nevenactiviteiten zoals (o.a.) een zorgboerderij, recreatie, kinderdagverblijf, boerderijwinkels en kleinschalige horeca. Voor het toevoegen van nieuwe bebouwing stellen we een beleidsregel op (regulerende en faciliterende rol).
• Voor stoppende agrariërs wordt ruimte geboden het vrijkomende agrarisch erf te transformeren naar wonen. We stellen hiervoor een beleidsregel vast waarin we onder meer regels stellen aan de landschappelijke inpassing, het aantal woningen in relatie tot het te slopen aantal vierkante meters agrarische bebouwing, alsmede de woonvormen en woningtypen (stimulerende en regulerende rol). • We koppelen kansen voor natuur, landschap, recreatie en landbouw en gebruiken hiervoor het Landschapsontwikkelingsplan 2019-2023 en bestaand toeristisch beleid. Na 2023 actualiseren we het Landschapsontwikkelingsplan en ons toeristisch beleid tot een programma Landschap en Recreatie (stimulerende rol).
4.5
Recreatie, gezondheid en veiligheid
4.5.1
Recreatie Hoofdlijnen van beleid: • We zetten in op het spreiden van (primair kleinschalige) horeca- en recreatieve voorzieningen over de gemeente om de huidige hotspots (Heumensoord en het 25
•
• •
•
•
•
•
4.5.2
vennengebied) te ontlasten (stimulerende rol). Om dit te realiseren moeten andere gebieden aantrekkelijker worden om te recreëren door middel van het realiseren van goede verbindingen en routes. Ter versterking van het toerisme zetten we in op het versterken van de recreatieve (fiets)route(s) tussen het vennengebied, de oeverwal (Maasbandijk) en de stuwwal (o.a. Heumensoord), om deze gebieden beter met elkaar te verbinden (regisserende rol). We zien geen ruimte voor nieuwe grootschalige recreatieve voorzieningen in onze gemeente (regulerende rol). We benutten kansen voor het versterken van onze bestaande recreatievoorzieningen (pleisterplaatsen), mits dit goed ruimtelijk/landschappelijk kan worden ingepast en dit niet indruist met onze ambitie om de recreatieve druk in het Vennengebied en Heumensoord te verminderen (faciliterende rol). We faciliteren agrariërs in hun zoektocht naar nieuwe verdienmodellen en bieden (meer) ruimte voor nevenactiviteiten zoals (o.a.) een zorgboerderij, recreatie, kinderdagverblijf, boerderijwinkels en kleinschalige horeca. Voor het toevoegen van nieuwe bebouwing stellen we een beleidsregel op. (regulerende en faciliterende rol). We behouden en versterken het Lierdal en de Landschapszone Malden-Noord als recreatieve uitlopers en groene (en verkoelende) longen van Malden (regulerende rol), ook om de recreatiedruk beter te spreiden.
We koppelen kansen voor natuur, landschap, recreatie en landbouw en gebruiken hiervoor het Landschapsontwikkelingsplan 2019-2023 en bestaand toeristisch beleid. Na 2023 actualiseren we het Landschapsontwikkelingsplan en ons toeristisch beleid tot een programma Landschap en Recreatie (stimulerende rol). Ter versterking van onze watersport- en recreatieve voorzieningen verkennen we bij de transformatie van de Kanaalzone de ontwikkeling van een kleinschalige (passanten)haven (regisserende rol).
Gezondheid Hoofdlijnen van beleid: • We zetten in op een gezonde woon- en leefomgeving. We richten onze openbare ruimte zo in dat deze uitnodigt tot en ruimte biedt voor beweging en sporten. Zowel voor de individuele sporter als voor georganiseerde buitensporters (zelf doen). • We erkennen de problematiek rondom de Rijksweg en zien dat dit een negatieve invloed heeft op de gezondheid en het verblijfsklimaat (lucht, geluid en barrièrewerking). We zetten het in regionaal verband gestarte onderzoek naar de mogelijkheden om dit probleem het hoofd te bieden voort (regisserende rol). • Voor de betonfabrieken in onze gemeente worden geluidproductieplafonds ingesteld (GPP-systematiek). Hiervoor stellen we in het omgevingsplan een omgevingswaarde vast (zelf doen en regulerende rol).
4.5.3
Veiligheid Hoofdlijnen van beleid: • Het thema veiligheid wordt in alle beslissingen over de fysieke leefomgeving meegenomen in de belangenafweging; zowel bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen als bij beleidsontwikkeling (regulerende rol). • Bij het inrichten van onze openbare ruimte houden we rekening met aspecten als verkeersveiligheid, bereikbaarheid voor hulpdiensten en gevoel van sociale veiligheid (zelf doen). 26
• •
•
• • •
Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen houden we rekening met eventuele externe veiligheidsrisico’s (regulerende rol). Bij het toepassen en het opwekken van duurzame energie hebben we aandacht voor de veiligheidsrisico’s. De veiligheidsaspecten van energiebronnen, -dragers en -systemen waarvoor (nog) geen wettelijke norm geldt, worden meegewogen bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen (regulerende rol). Onze natuurgebieden zijn bij lange perioden van droogte kwetsbaar voor natuurbranden. Daarom nemen we actief maatregelen in de bescherming tegen droogte en extreme hitte (zelf doen). We reserveren ruimte voor de opvang van overtollig regenwater bij extreme weersomstandigheden (zelf doen). In het gebied langs de Maas houden we rekening met het risico op het gebied van waterveiligheid (regulerende rol). Om ondermijning te voorkomen faciliteren we hergebruik van vrijkomende agrarische bebouwing voor nieuwe economische dragers (faciliterende en regulerende rol).
27
5
Visie op gebieden In dit hoofdstuk beschrijven we hoe de (gemeentebrede) beleidsdoelen en ambities voor de verschillende thema’s – zoals benoemd in hoofdstuk 4 – doorwerken in de verschillende (deel)gebieden binnen de gemeente.
5.1
Maas en uiterwaarden
Gebiedsgerichte uitwerking: • We maken de cultuurhistorische en landschappelijke relicten (o.a. Kasteel Heumen, de Maasdijk en Maasheggen, bakenbomen en Kroonwerk Coehoorn) beter zichtbaar en beleefbaar. We vinden het belangrijk deze cultuurhistorische elementen te behouden in het kader van eventuele maatregelen in het kader van de Ruimte voor de Rivier opgaven en zoeken daarbij naar koppelkansen. • We zetten in op het versterken van de Maasbandijk als recreatieve (fiets)route en de uiterwaarden als wandelgebied. • We bieden ruimte voor kleinschalige horecavoorzieningen langs de Maasbandijk. • We stimuleren het versterken van landschappelijke, biodiversiteits- en natuurwaarden door middel van de aanleg van passende landschapselementen, bijvoorbeeld langs perceelgrenzen en watergangen. • De uiterwaarden vormen een belangrijk (en vruchtbaar) landbouwgebied. Daar moet ook ruimte zijn voor de landbouw. Tegelijkertijd zijn er ook ruimteclaims te verwachten in het kader van (hoog)waterveiligheid. De gemeente Heumen volgt deze ontwikkelingen op de voet waarbij zij het Heumens belang zo goed mogelijk behartigt.
28
5.2
Nederasseltse en Overasseltse broekgebied
Gebiedsgerichte uitwerking: • We geven de landbouw de ruimte: schaalvergroting en uitbreiding is mogelijk voor bestaande grondgebonden agrarische bedrijven. Uitbreiding en nieuwvestiging van intensieve veehouderijen is niet toegestaan. Bij nieuwe ontwikkelingen heeft circulaire landbouw de voorkeur. • Het Broekgebied is van oorsprong laag gelegen en nat. Bij omschakeling naar circulaire landbouw moet de natuurlijke ondergrond (bodem en grondwaterstand) als uitgangspunt dienen voor nieuwe vormen van landbouw. • We zetten in op het behoud en waar mogelijk de versterking van het netwerk van wandelpaden door het Broekgebied. • We stimuleren het versterken van landschappelijke, biodiversiteits- en natuurwaarden door middel van de aanleg van passende landschapselementen, bijvoorbeeld langs perceelgrenzen en watergangen. • Behoud en versterking van de wetering als ecologische verbindingszone. • Indien de Teerse Sluispolder onvoldoende mogelijkheden biedt voor het faciliteren van de grootschalige duurzame energieopgave (in de vorm van een energielandschap), zal een deel van de energieopgave moeten landen in het Broekgebied. Op de langere termijn is het Broekgebied dan ook aangewezen als zoekgebied voor grootschalige duurzame energie opwekking.
5.3
Overasseltse en Hatertse Vennen
Gebiedsgerichte uitwerking: • We willen de natuurwaarden zoveel mogelijk behouden, beschermen en ontwikkelen, maar beseffen dat we geen invloed hebben op de klimaatveranderingen (zoals langdurige droogte). • In de zoom rond het vennengebied zetten we in op de verweving van natuur en landbouw, waarbij we de transformatie naar natuurinclusieve landbouw willen faciliteren. Aan de hand van nog op te stellen beleidsregels geven we verdere invulling hoe we initiatieven op het gebied van circulaire landbouw willen faciliteren en geven daarbij duiding aan de bijbehorende bebouwingsmogelijkheden. Deze beleidsregel dient als toetsingskader voor nieuwe ontwikkelingen. Vooruitlopend 29
• •
•
•
• • • •
5.4
daarop bieden we experimenteerruimte voor circulaire vormen van landbouw, mits deze het gebied versterken. Daarbij houden we rekening met eventuele uitstralingseffecten op de omgeving. Transformatiemogelijkheden agrarische erven t.b.v. wonen. Geen uitbreiding, schaalvergroting en/of intensivering van traditionele agrarische bedrijven, meer ruimte voor het ontplooien van nevenactiviteiten (mits dit niet leidt tot een (nog) grotere recreatiedruk). Geen nieuwvestiging van grootschalige en/of intensieve recreatieve voorzieningen. Wel zien we mogelijkheden voor nieuwe kleinschalige recreatieve voorzieningen, mits deze bijdragen aan een betere spreiding van de recreatiedruk over het vennengebied en per saldo niet leiden tot een (nog) grotere recreatiedruk. Uitbreiding van bestaande recreatieve voorzieningen is uitsluitend mogelijk indien dit bijdraagt aan het versterken van de kwaliteit van deze voorzieningen, goed ruimtelijk/landschappelijk kan worden ingepast en niet leidt tot een (nog) grotere recreatiedruk. Aansluiting op het fijnmazige wandelnetwerk in de omgeving versterken, zodat spreiding ontstaat van de recreatieve druk. We hebben aandacht voor het onderwerp sluipverkeer en gaan deze problematiek in dit gebied nader bestuderen. We hebben aandacht voor verdrogingsproblematiek in relatie tot het potentieel groter brandgevaar.