Bijlage III Concept RVO raadsadviescommissie MGR
Tekst van het document
RvO – Raadsadviescommissie MGR Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenschappelijke raadsadviescommissie van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Rijk van Nijmegen (MGR Rijk van Nijmegen) Gelet op artikel 24a van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) en artikel 14 van de gemeenschappelijke regeling MGR Rijk van Nijmegen stelt het Algemeen Bestuur vast tijdens haar vergadering van 19 november 2025 het volgende reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de gemeenschappelijke raadsadviescommissie van de MGR Rijk van Nijmegen Artikel 1 Begripsbepalingen 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.
Adviescommissie: de gemeenschappelijke raadsadviescommissie zoals bedoeld in artikel 14, lid 3 van de Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Rijk van Nijmegen. Voorzitter: de voorzitter van de Adviescommissie. Secretaris: de secretaris van de Adviescommissie. Secretaris van de MGR: de secretaris van het bestuur van de MGR Rijk van Nijmegen. MGR: Modulaire Gemeenschappelijke Regeling Rijk van Nijmegen. Deelnemende gemeenteraden: de gemeenteraden van de gemeenten Berg en Dal, Beuningen, Druten, Heumen, Mook en Middelaar, Nijmegen en Wijchen. Adviseur: kan gevraagd en ongevraagd de Adviescommissie adviseren.
Artikel 2 Taken van de Adviescommissie 1. De taak van de Adviescommissie is het gevraagd en ongevraagd uitbrengen van adviezen aan het Algemeen Bestuur en aan de Deelnemende gemeenteraden opdat zij hun kaderstellende en controlerende taak kunnen vervullen. 2. De Adviescommissie adviseert gevraagd en ongevraagd over het procesmatige aspect en de kwaliteit van de informatievoorziening - waaronder stukken uit de planning & control cyclus - van en door de MGR naar de (raden van) Deelnemende gemeenraden. 3. De Adviescommissie adviseert gevraagd en ongevraagd over voor de raden relevante stukken, waaronder tussentijdse rapportages en stukken over de inrichting van de gemeenschappelijke regeling MGR, die door de MGR worden verstuurd aan de deelnemende gemeenten. 4. De Adviescommissie kan organiseren of laten organiseren, eventueel op verzoek van de Deelnemende gemeenteraden, regionale raadsbijeenkomsten over aangelegenheden die met de MGR te maken hebben. De Adviescommissie adviseert het DB van de MGR over de invulling van deze regionale raadsbijeenkomsten in de situatie dat deze op initiatief van de MGR zijn georganiseerd. Artikel 3 Samenstelling van de Adviescommissie 1. De Adviescommissie bestaat uit minimaal 5 en maximaal 7 leden, zijnde in beginsel één raadslid van iedere gemeenteraad die deelneemt aan de MGR Rijk van Nijmegen. 2.
De gemeenteraden wijzen uit hun midden een lid aan. Een raad kan beslissen geen lid aan te wijzen. 3. De leden van de Adviescommissie worden voor een periode gelijk aan de zittingsduur van de raad aangewezen. 4. Iedere Deelnemende gemeenteraad wijst ook een raadslid aan tot plaatsvervangend lid van de Adviescommissie. 5. De Adviescommissie wijst uit zijn midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter aan voor de duur van de raadsperiode. 6. Het lidmaatschap van een lid kan, naast de mogelijkheden die volgen uit de wet of de gemeentelijke regelgeving eindigen op eigen verzoek. Artikel 4 Agenda en werkwijze van de Adviescommissie 1. De Adviescommissie bepaalt haar eigen agenda.
2. De voorzitter stelt in overleg met de secretaris van de Adviescommissie de concept-agenda van de vergadering van de Adviescommissie op. 3. De andere leden en de adviseurs van de Adviescommissie kunnen agendapunten aanleveren voor de agenda van de Adviescommissie bij de voorzitter en/of de secretaris. De Adviescommissie stelt de definitieve agenda vast bij het begin van de vergadering. 4. De Adviescommissie adviseert niet over politieke standpunten. 5. Op een ontvangen advies reageert het Dagelijks Bestuur, indien binnen redelijkheid mogelijk, binnen 8 weken. 6. De Adviescommissie werkt op basis van een lange termijn agenda/jaarplanning. Artikel 5 Stemrecht 1. Tijdens de vergaderingen wordt bij voorkeur in goed overleg overeenstemming bereikt, zodat een eenduidig advies kan worden gegeven. 2. Indien geen overeenstemming wordt bereikt kan op verzoek van een lid om een stemming worden gevraagd. 3. Bij een stemming geldt dat besluiten worden genomen op basis van de meerderheid van de aanwezige leden. 4. Indien over een voorstel door geen van de leden stemming wordt verlangd, is dat voorstel aangenomen.
Artikel 6 De secretaris 1. De secretaris is adviseur van de Adviescommissie. De secretaris, of diens plaatsvervanger bij afwezigheid van de secretaris, is in elke vergadering van de Adviescommissie aanwezig. 2. De Adviescommissie stelt op voordracht van de griffiers van de Deelnemende gemeenten een griffier en zijn/haar plaatsvervanger aan als secretaris respectievelijk plaatsvervangend secretaris van de Adviescommissie.
Artikel 7 Overige adviseurs 1. De Adviescommissie bepaalt of zij andere adviseurs dan de secretaris van de Adviescommissie uitnodigt voor het bijwonen van vergaderingen en andere bijeenkomsten van de Adviescommissie. 2. De Adviescommissie kan een lid van het Algemeen Bestuur, dat tevens lid van het Dagelijks Bestuur van de MGR Rijk van Nijmegen is, uitnodigen voor het bijwonen van de vergaderingen en andere bijeenkomsten van de Adviescommissie. Het lid van het Algemeen Bestuur kan in overleg met de voorzitter van de Adviescommissie een (ambtelijk) adviseur uitnodigen ter ondersteuning van de inbreng van het lid van het Algemeen Bestuur. 3. De Adviescommissie nodigt de secretaris van de MGR Rijk van Nijmegen uit als adviseur voor het bijwonen van de vergaderingen en andere bijeenkomsten van de Adviescommissie. De secretaris van de MGR Rijk van Nijmegen kan in overleg met de voorzitter van de Adviescommissie een (ambtelijk) adviseur uitnodigen ter ondersteuning van de inbreng van de secretaris van de MGR Rijk van Nijmegen. 4. De Adviescommissie kan ambtelijke en externe adviseurs uitnodigen voor het verschaffen van inlichtingen of het deelnemen aan de beraadslagingen.
Artikel 8 Vergaderen 1. De Adviescommissie bepaalt de planning van de vergaderingen van de commissie en doet dat in nauw overleg met de secretaris van de MGR Rijk van Nijmegen. 2. De Adviescommissie vergadert als er minimaal de helft van de leden aanwezig zijn. 3. De Adviescommissie vergadert minimaal 3 maal per jaar, steeds voorafgaand aan de vergaderingen van het Algemeen Bestuur van de MGR.
Artikel 9 Oproep 1. De voorzitter zendt (via de secretaris van de Adviescommissie) ten minste 7 dagen voor een vergadering de leden van de Adviescommissie een oproep onder vermelding van dag, tijdstip en plaats van de vergadering. 2. Ingeval van een spoedeisend belang kan de voorzitter de Adviescommissie op kortere termijn dan minimaal 7 dagen bijeenroepen.
3. De agenda en de daarbij behorende stukken worden tegelijkertijd met de oproep aan de leden van de Adviescommissie verzonden.
Artikel 10 Openbaarheid van de vergaderingen 1. De agenda en de daarbij behorende stukken worden op de website van de MGR Rijk van Nijmegen geplaatst. 2. De vergaderingen van de Adviescommissie zijn in beginsel openbaar. 3. De deuren worden gesloten bij de vergadering als twee van de aanwezige leden of de voorzitter dit nodig oordelen.
Artikel 11 Verslag en besluitenlijst 1. De secretaris van de Adviescommissie is verantwoordelijk voor een kort verslag en de besluitenlijst van de vergaderingen. 2. De Adviescommissie zendt het verslag en de besluitenlijst ter kennisname naar het Bestuur van de MGR Rijk van Nijmegen en de griffies van de deelnemende gemeenteraden.
Artikel 12 Uitleg reglement 1. In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent de toepassing van het reglement, beslist de Adviescommissie op basis van een voorstel van de voorzitter. 2. De toelichting op dit reglement maakt integraal deel uit van het reglement.
Artikel 13 Evaluatie 1. Eenmaal per raadsperiode evalueert de Adviescommissie haar eigen werkwijze en neemt daarbij haar eigen Reglement van Orde mee, informeert de Deelnemende gemeenteraden daarover en betrekt de raden zo nodig daarbij. Eventuele daaruit voortvloeiende voorstellen tot wijzigingen worden ter besluitvorming voorgelegd aan het AB.
Artikel 14 Inwerkingtreding Dit reglement treedt in werking op 19 november 2025.
Toelichting Art. 4.6 De jaarplanning wordt gevuld wordt door de MGR, en eventueel wordt aangevuld door de Adviescommissie. Daarbij dient duidelijk te worden welke kaderstellende stukken of andere stukken aan de raden worden aangeboden, wat de status is van die stukken en de rol van de raden en colleges en qua proces wordt een spoorboekje aangeboden waarbij in voorkomende gevallen duidelijk is hoeveel tijd de raden hebben om tot besluitvorming te komen (afzonderlijk dan wel in gezamenlijkheid). Artikel 10 Indien wordt besloten om de deuren worden te sluiten, dus in beslotenheid te vergaderen, verlaten alle aanwezigen behalve de voorzitter, de leden en de secretaris de vergaderruimte. In dat geval besluit de Adviescommissie ook of en zo ja welke andere dan de voorzitter, de leden en de secretaris besloten deel van de vergadering kunnen bijwonen.
Bijlage: relevante bepalingen uit wet (Wgr) en regeling (MGR) Wgr Artikel 24 1.Het algemeen bestuur van het openbaar lichaam kan commissies van advies instellen. Het regelt de bevoegdheden en de samenstelling. Artikel 22 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing. 2.De instelling van vaste commissies van advies aan het dagelijks bestuur of aan de voorzitter en de regeling van haar bevoegdheden en samenstelling geschieden door het algemeen bestuur op voorstel van het dagelijks bestuur onderscheidenlijk van de voorzitter. 3.Andere commissies van advies aan het dagelijks bestuur of aan de voorzitter worden door het dagelijks bestuur onderscheidenlijk de voorzitter ingesteld. 4.De leden van commissies van advies die geen burgemeester, wethouder of lid van een gemeenteraad zijn kunnen een vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van de commissie ontvangen. De artikelen 96 tot en met 99 van de Gemeentewet, alsmede de op grond daarvan gestelde nadere regelen, zijn alsdan van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat, wanneer daarin sprake is van een onderverdeling in gemeenteklassen, het bepaalde voor de gemeenteklasse van 50 001-100 000 inwoners van toepassing is.
Artikel 24a 1.Op voorstel van de raden van de deelnemende gemeenten gezamenlijk stelt het algemeen bestuur van een openbaar lichaam een gemeenschappelijke adviescommissie in die het algemeen bestuur van advies kan voorzien, de besluitvorming van de raden van de deelnemende gemeenten met betrekking tot de regeling kan voorbereiden of de raden van advies kan voorzien. 2.Het algemeen bestuur van het openbaar lichaam regelt de bevoegdheden, de taken en werkwijze van de commissie, nadat het de raden van de deelnemende gemeenten in de gelegenheid heeft gesteld hun wensen en bedenkingen hieromtrent ter kennis van het algemeen bestuur te brengen. 3.De commissie bestaat uit leden die per deelnemende gemeente door de raad uit zijn midden worden aangewezen. Een raad kan besluiten geen lid aan te wijzen. 4.Het lidmaatschap van de gemeenschappelijke adviescommissie eindigt van rechtswege op het moment dat men ophoudt lid te zijn van de raad uit wiens midden men aangewezen is. 5.Artikel 22 van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing op de commissie. 6.De leden van de gemeenschappelijke adviescommissie kunnen een vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen van de commissie ontvangen.
De hoogte van de vergoeding staat in redelijke verhouding tot de aan het lidmaatschap van de gemeenschappelijke adviescommissie verbonden werkzaamheden, mede rekening houdende met de vergoeding voor werkzaamheden welke het lid ontvangt uit hoofde van zijn lidmaatschap van de raad. De artikelen 96, tweede en derde lid, tweede zin, 98 en 99 van de Gemeentewet, alsmede de op grond daarvan gestelde nadere regels, zijn van overeenkomstige toepassing. MGR Artikel 14 Adviescommissies van advies 1.Het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter kunnen commissies van advies instellen, zulks met inachtneming van artikel 24 en artikel 24a van de wet. 2.Het algemeen bestuur kan bij reglement één of meerdere commissies van advies instellen, waarin de raden van de deelnemende gemeenten vertegenwoordigd zijn, met het recht om gevraagd of ongevraagd te adviseren ten aanzien van de instelling van nieuwe samenwerkingsmodules alsmede het monitoren, evalueren aanpassen van bestaande samenwerkingsmodules. 3.Het algemeen bestuur stelt een gemeenschappelijke raadsadviescommissie in. Deze commissie bestaat uit raadsleden en is belast met: de advisering aan het algemeen bestuur en aan de raden van de deelnemende gemeenten opdat de raden de kaderstellende en controlerende taak kunnen vervullen.
4.Het algemeen bestuur stelt de ten aanzien van de in lid 1 en 2 en 3 bedoelde commissies bevoegdheden, faciliteiten en samenstelling bij reglement vast.