Bijlage III Bijlage bij memo - Compensatieplan Hatertseweg
Tekst van het document
Toelichting berekening versterkingsopgave GO De compensatieopgave ten behoeve van de Groene ontwikkelzone wordt berekend aan de hand van de rekentool van de provincie Gelderland. Hiervoor hanteert de provincie Gelderland een puntensysteem, waarbij min- en pluspunten elkaar opheffen: Ten eerste wordt de verliesfactor berekent. Voor ieder natuur- of landschapselement dat bijdraagt aan de kernkwaliteiten van het deelgebied waarin het plangebied gelegen is, worden verliespunten (minpunten) gerekend. In de huidige situatie zijn er echter geen natuur-of landschapselementen binnen het plangebied aanwezig, waardoor geen sprake is van een verliesfactor. De impactpunten (minpunten) worden berekend aan de hand van de omvang en mate van verstoring van de voorgenomen ingreep. In de rekentool van de Provincie worden verschillende impactfactoren benoemd met de bijbehorende impactpunten. Hiervoor is steeds de meest passende impactfactor gekozen. Elke impactfactor heeft een bepaald aantal basispunten (per hectare). Hier komen nog extra impactpunten bij voor de toeslagfactoren (ligging in ecologische verbindingszone, open landschap en nieuwe functie). In tabel 1 zijn de verschillende onderdelen die behoren tot het sportpark (voetbalvelden, parkeerplaats, toegangsweg, kantine, fietsenstalling en paden) en de bijbehorende oppervlaktes weergegeven.
Vervolgens is per onderdeel de meest passende impactfactor (categorie) weergegeven. Voor de sportvelden is in dit voorbeeld uitgegaan van een bedrijventerrein met milieucategorie 1/2. Er is gekozen voor de categorie ‘bedrijventerrein’ aangezien een sportpark vanwege de hogere mate van licht- en geluidsuitsoot en de realisatie van kunstgrasvelden een hogere impact heeft dan een woonwijk. Binnen de categorie ‘bedrijventerrein’ is gekozen voor de laagste klasse, namelijk ‘bedrijventerrein milieucategorie 1/2’. Het sportpark is niet alle dagen van de week acht uur in bedrijf. De trainingen vinden met name van maandag tot en met donderdag in de avond plaats, waarbij de laatste trainingen uiterlijk om 22.00 uur zijn afgelopen en daarna de verlichting uit zal gaan. In het huidige trainingsschema zijn er echter maar twee avonden waarop tot 22.00 getraind wordt. Beide keren betreft het slechts één veld wat nog tot 22.00 in gebruik is. Van maandag tot en met donderdag zijn er gemiddeld 4 a 5 velden in gebruik tot 21.30. Naast uitstraling door verlichting kan ook de uitstoot van geluid hinder veroorzaken voor fauna in de omgeving. De geluidsuitstoot is naar verwachting het grootste tijdens wedstrijden, welke enkel overdag worden gehouden.
Met de verlichting kan daarnaast rekening worden gehouden met de verlichtingsintensiteit; deze kan voor bepaalde velden minder intensief zijn om zo minder impact te hebben op de omgeving. De uitstraling richting de omgeving kan verder verlaagd worden door: Toepassing van armaturen met spiegeloptiek, waarmee het licht zoveel mogelijk naar beneden gericht is; Toepassing van sportverlichting die begrensd is tot het sportveld; Aanpassing van de hoogte van de masten; Het aanbrengen van schermkappen of louvres; Het aanbrengen van symmetrische armaturen met geringe inkijk; Het toepassen van meer lampen met een geringer vermogen;
-
Het aanbrengen van afschermende beplanting
Met het nemen van maatregelen ten aanzien van verlichting en geluid is de verwachting dat de impact van het sportpark ongeveer gelijk gaat zijn aan de impact van een bedrijventerrein met milieucategorie 1/2. Tabel 1: Berekening impactpunten
Hier komt een aantal minpunten uit van 40.010. Deze minpunten moeten worden opgeheven door het aantal pluspunten, oftewel versterkingspunten. Versterkingspunten worden behaald door nieuwe natuur te realiseren. In tabel 2 is weergegeven welke inrichtingsmaatregelen (versterkingselementen) worden genomen in het compensatieplan. Voor elk versterkingselement bestaat een vast aantal punten per hectare. Daarnaast rekent de rekentool een toeslag van 25% voor inrichtingsmaatregelen welke bijdragen aan een EVZ. Omdat alle maatregelen bijdragen aan de EVZ (model das en hagedis) is in dit geval overal de toeslag toegepast. Ik ben nu nog uitgegaan van kruidenrijk grasland. Hiervan zal een gedeelte droog schraalgrasland worden, echter maakt dit voor de puntentelling niet uit (voor kruidenrijkgrasland en droog schraalgrasland worden evenveel punten geteld). Voor het gras-klaver grasland ben ik van de helft van het oppervlak uitgegaan, aangezien voor bemest grasland niet het volle aantal punten gerekend mag worden.
Tabel 2: Berekening versterkingspunten
Vervolgens worden alle versterkingspunten bij elkaar opgeteld. Hier komt een aantal pluspunten uit van 31.394. Er dienen nog extra versterkingsmaatregelen genomen te worden ter waarde van 40.010-31.394 = 8.616 punten. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan het realiseren van extra takkenrillen en ‘hidden hedges’, maar ook aan de realisatie van faunapassages voor de hagedis en het herstel van bestaande passages voor de das. De provincie heeft laten weten dat in geval van onvoorziene omstandigheden die leiden tot onredelijk resultaat gekeken kan worden naar het totaal aantal plus en min punten en hier flexibeler mee om kan worden gegaan. Onvoorziene omstandigheden zijn in dit geval een stapeling van toeslagfactoren (open landschap, nieuwe functie en EVZ).