Bijlage II Begroting 2024 MARN
Tekst van het document
BEGROTING 2024
INHOUD
1
INLEIDING .......................................................................................................................................... 1
2
PROGRAMMA MARN ......................................................................................................................... 1
3
4
2.1
Inleiding ............................................................................................................................................... 1
2.2
Taakveld 0.1: Bestuur .......................................................................................................................... 1
2.3
Taakveld 7.3: Afvalverwerking ............................................................................................................ 2
PARAGRAFEN..................................................................................................................................... 4 3.1
Financiële paragraaf ........................................................................................................................... 4
3.2
Verbonden partijen ............................................................................................................................. 7
3.3
Weerstandsvermogen ......................................................................................................................... 8
3.4
Bedrijfsvoering .................................................................................................................................... 9
3.5
Onderhoud kapitaalgoederen ........................................................................................................... 10
PROGRAMMABEGROTING 2024 ...................................................................................................... 11 4.1
Begrote balanspositie ultimo 2024 ................................................................................................... 11
4.2
Begrote baten 2024........................................................................................................................... 12
4.3
Begrote lasten 2024 .......................................................................................................................... 12
4.4 Kostenverdeelstaat............................................................................................................................ 13 4.4.1 Lasten ...................................................................................................................................... 14 4.4.2 Baten........................................................................................................................................ 15 5
MEERJARENRAMING 202 – 2027 ..................................................................................................... 17 5.1
Baten Meerjarenraming 2025 – 2027 ............................................................................................... 17
5.2
Lasten Meerjarenraming 2025 – 2027 .............................................................................................. 18
1
INLEIDING
De MARN is een gemeenschappelijke regeling met zeven deelnemende gemeenten in de regio Rijk van Nijmegen. De gemeenschappelijke regeling behartigt de gemeenschappelijke belangen van de deelnemende gemeenten op het gebied van milieu, waaronder in ieder geval begrepen een doelmatige en milieuhygiënisch verantwoorde verwijdering van afvalstoffen.
2
PROGRAMMA MARN
Inleiding Doelstelling, taken en bevoegdheden De regeling richt zich op de rol van aandeelhouder en leverancier van afval aan ARN B.V. (ARN). Daardoor spelen onderwerpen met betrekking tot afval en milieu een rol. In 2020 heeft het bestuur besloten om meer aandacht te besteden aan mogelijke bijdragen in de energietransitie. Op basis van ditzelfde besluit en de zienswijzen die de gemeenten hebben ingebracht, leidt dit vooralsnog niet tot een wijziging van de tekst van de gemeenschappelijke regeling en/of een begrotingswijziging. Rechtskarakter en producten De Gemeenschappelijke Regeling is een rechtspersoonlijkheid bezittend samenwerkingsverband, dat is opgericht op grond van de Wet Gemeenschappelijke Regelingen. Ter uitvoering van de doelstelling van de MARN worden de volgende taakvelden onderscheiden: 1. Bestuur; 2. Afvalverwerking, in het bijzonder de relatie met ARN. 2.1 Taakveld 0.1: Bestuur Wat willen we bereiken? Een openbaar lichaam als de MARN heeft wettelijk een aantal organen met een doelstelling zoals omschreven in de tekst van de Gemeenschappelijke Regeling. Om de doelstelling te kunnen realiseren en als ondersteuning voor de taken en bevoegdheden kent de MARN een bestuur en een ambtelijke coördinatie.
Met deze ondersteuning willen we bereiken dat de doelstelling, de taken en bevoegdheden zoals omschreven in de tekst van de regeling in goed overleg kunnen worden gerealiseerd. Wat doen we ervoor? Voor een omschrijving van de organisatie wordt verwezen naar paragraaf 3.4 Bedrijfsvoering. Gedurende het gehele jaar wordt een aantal vergaderingen van het Algemeen en Dagelijks Bestuur gepland. Na besluitvorming in het Dagelijks en, indien van toepassing, het Algemeen Bestuur worden de besluiten waar nodig uitgewerkt en uitgevoerd door de secretaris. Indien gewenst of noodzakelijk vindt de uitwerking plaats door een externe partij, waarbij de secretaris een coördinerende rol heeft. Wat mag het kosten? In onderstaande tabel zijn de begrote kosten van 2024 en 2023 opgenomen alsook de werkelijke kosten van 2022.
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 1
Taakveld 0.1 Bestuur
2.2
Taakveld 7.3: Afvalverwerking
Wat willen we bereiken? Aangezien dit taakveld het geheel aan (financiële) relaties met ARN betreft, betekent dat een goede en constructieve relatie met de ARN wordt onderhouden, waarbij (i) de (financiële) risico’s zoveel mogelijk worden beheerst, of waar mogelijk verlaagd, (ii) een zo laag mogelijk tarief wordt nagestreefd, (iii) er een maximale uitoefening van bevoegdheden plaatsvindt in de vergadering van aandeelhouders en (iv) waarbij ARN een bijdrage levert aan de duurzaamheidsdoelstellingen van de deelnemers in de MARN. Wat doen we ervoor? Het taakveld Afvalverwerking betreft het geheel aan (financiële) relaties die de MARN heeft met ARN. De MARN is op een aantal wijzen verbonden met ARN: 1. Aandeelhouder in het aandelenkapitaal; en 2. Contractpartner voor aanlevering van afval en indirect leverancier van afvalstoffen (via de gemeenten); Begin 2017 heeft MARN de gronden waarop de stortlocatie en de installaties zijn gevestigd verkocht aan ARN. In 2022 is een bedrag van € 100.000,- vanuit het dividend ARN toegevoegd aan het eigen vermogen met als bestemming de bekostiging van mogelijk onderzoek in het kader van MARN+. Een deel hiervan kan onder andere aangewend worden voor beleidsadvies, inhuur inhoudelijke expertise of een onafhankelijk onderzoek. Ook voor 2024 en 2025 is hiervoor een bedrag in de begroting opgenomen.
In 2025 zal na een evaluatie beoordeeld worden of dit gecontinueerd wordt. Tevens heeft het bestuur van GR MARN besloten het tarievenonderzoek bij ARN in de planning op te nemen voor het jaar 2024 in nauwe afstemming met Directie en Raad van Commissarissen van ARN B.V. Hier is een bedrag van € 25.000,- voor opgenomen in de begroting 2024. In het kader van de aanlevering van het afval aan de ARN is een vereveningsbijdrage transportkosten opgesteld voor de zeven MARN-gemeenten.
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 2
Wat mag het kosten? In onderstaande tabel zijn de begrote kosten van 2024 en 2023 inzake het taakveld Afvalverwerking opgenomen alsook de werkelijke kosten van 2022.
Taakveld 7.3: Afvalverwerking
Uit het voordelige saldo op afvalverwerking dekt de MARN de organisatie-, bestuurskosten en de overige kosten die ten laste komen van de MARN.
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 3
3
PARAGRAFEN
3.1 Financiële paragraaf Uitgangspunten De gemeenschappelijke regeling houdt zich aan de Begrotingsrichtlijnen Regio Nijmegen voor wat haar financieel beleid betreft. Positieve resultaten op basis van een vastgesteld jaarverslag worden conform besluiten van het Algemeen Bestuur aan de winstreserve toegevoegd, om op korte termijn liquiditeitsproblemen te voorkomen. De paragraaf betreffende de financiering bevat onder andere de beleidsvoornemens ten aanzien van het risicobeheer van de financieringsportefeuille en geeft inzicht in de rentelasten, het renteresultaat, de wijze waarop rente aan investeringen en taakvelden wordt toegerekend en de financieringsbehoefte. De kaders ten aanzien van risicobeheer zijn vastgelegd in de Financiële Verordening MARN en het Treasurystatuut. Beide documenten zijn in 2017 gewijzigd en aangepast aan de nieuwe regels. Wet FiDo In de wet Financiering Decentrale Overheden, afgekort de wet FiDo, zijn de kaders gesteld voor een verantwoorde professionele inrichting en uitvoering van de treasuryfunctie van decentrale overheden. De treasuryfunctie omvat alle activiteiten die zich richten op het besturen en beheersen van, het verantwoorden over en het toezicht houden op de financiële vermogenswaarden, de financiële stromen, de financiële posities en de hieraan verbonden risico’s.
Verplicht Schatkistbankieren voor decentrale overheden Het verplichte schatkistbankieren, in feite schatkistbeleggen, houdt in dat onder andere gemeenten en door hen opgerichte gemeenschappelijke regelingen al hun overtollige liquide middelen (‘beleggingen’) aanhouden bij het ministerie van Financiën en niet langer financiële geldmiddelen en vermogens bij private partijen buiten de schatkist aanhouden. De middelen die een decentrale overheid aanhoudt, blijven beschikbaar voor de uitoefening van de publieke taak. Het principe van schatkistbankieren is dat publiek geld de schatkist niet eerder verlaat dan noodzakelijk is voor de uitvoering van de publieke taak. Wet Houdbare overheidsfinanciën De Wet Houdbare overheidsfinanciën (Wet Hof) betreft de Nederlandse uitwerking van Europese afspraken ten aanzien van de overheidsfinanciën. De Europese begrotingsafspraken zijn gericht op het terugdringen van het nationale EMU-tekort tot onder de 3 procent. In de wet worden de afspraken vertaald naar nadere doelstellingen ten aanzien van de schuldomvang en het begrotingstekort van decentrale overheden. Wet elektronische publicaties Op 1 juli 2021 is de Wet elektronische publicaties (Wep) in werking getreden. Het doel van de Wep is het vergroten van de toegankelijkheid van (voorgenomen) overheidsbesluiten.
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 4
Aangegane en verstrekte leningen De MARN is in het verleden tevens een aantal leningen aangegaan in het kader van de aanschaf van de gronden waarop de installaties van ARN zijn gebouwd en de stortplaats wordt geëxploiteerd evenals de financiering van de aandelen in ARN. Van deze leningen resteert alleen nog een kasgeldlening bij BNG van € 2.000.000 met een rentepercentage van 1,330% waarop wordt afgelost over een periode van 20 jaar. MARN heeft aan ARN een lening verstrekt ten behoeve van de aankoop van de gronden die in eigendom waren van MARN door ARN. Dit bedrag is groot € 11.500.000. Hierop wordt door ARN jaarlijks rente en aflossing betaald. Het rentepercentage van deze lening is gesteld op een vaste rente van 3,09% op jaarbasis voor de gehele periode van aflossing. Wij refereren naar de toelichting bij de jaarrekening. Rentebaten en -lasten MARN zal gedurende 2024 rente ontvangen van ARN voor de aan haar verstrekte lening. Deze worden geraamd op €243.842. Hiervan zal €13.699,44 naar de gemeente West Maas en Waal gaan. Per saldo blijft er dan €230.143 over om de exploitatiekosten mee te voldoen. Gedurende het jaar 2024 zal de MARN rente betalen over de door haar aangegane lening. Deze worden geraamd op €18.711.
Schatkistbankieren De gelden die de gemeenschappelijke regeling niet direct nodig heeft voor haar eigen exploitatie zullen gedurende het jaar 2024 worden ondergebracht bij de Rabobank. Conform het bepaalde bij “Schatkistbankieren” zullen bedragen boven de €400.000 (gemiddeld over een maand) worden gezet op een speciaal daartoe geopende rekening bij het Rijk. Kasgeldlimiet Een belangrijk uitgangspunt van de Wet Fido is het beheersen van risico’s die samenhangen met de rentelasten van decentrale overheden. Om een grens te stellen aan korte financiering (rentetypische looptijd tot één jaar) is in de Wet Fido de kasgeldlimiet opgenomen. Juist voor korte financiering geldt dat het renterisico aanzienlijk kan zijn, aangezien fluctuaties in de rente bij korte financiering direct een relatief grote invloed hebben op de rentelasten. De kasgeldlimiet wordt berekend als een percentage van het totaal van de jaarbegroting van de gemeente bij begin van het jaar. Artikel 4, lid 1 Wet FIDO bepaalt, dat de gemiddelde netto-vlottende schuld per kwartaal niet de kasgeldlimiet overschrijdt. Hiervoor wordt het gemiddelde genomen van de korte financiering op de eerste dag van de drie kalendermaanden in een kwartaal.
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 5
De geprognosticeerde ontwikkeling van de kasgeldlimiet in 2023 blijkt uit volgende opstelling:
Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering te beheersen. Hoe meer de aflossing van de schuld in de tijd wordt gespreid, hoe minder gevoelig de begroting wordt voor renteschokken bij de herfinanciering. Het renterisico op het begrotingstotaal overschrijdt de renterisiconorm niet (artikel 6, lid 1 Wet FIDO). De renterisiconorm wordt berekend door een vastgesteld percentage te vermenigvuldigen met het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. Op basis van de Wijzigingswet stelt de beoogde renterisiconorm in de kern dat de jaarlijkse verplichte aflossing en renteherzieningen niet meer dan 20% van de begroting mogen bedragen. Het maximum percentage van 20% moet voor de komende vier jaar worden berekend op basis van de begroting voor het komende jaar. De horizon van het begrotingsjaar plus de komende drie jaar komt overeen met de periode van de meerjarenraming. In 2024 zal naar verwachting geen sprake zijn van herfinanciering, renteherziening en zullen tevens geen leningen worden aangetrokken en/of verstrekt. Derhalve is de MARN binnen de minimale renterisiconorm van €2.500.000 gebleven.
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 6
Resumé Bij de MARN zijn geen voorzieningen voor financieringsrisico’s getroffen. In artikel 27 lid 1 van de tekst van de gemeenschappelijke regeling MARN wordt vermeld dat de gemeenten gezamenlijk garant staan voor de juiste betaling van rente, aflossing, boeten en kosten van de door het openbaar lichaam gesloten en af te sluiten langlopende en kasgeldleningen en in rekening opgenomen en op te nemen gelden, en voor de door het openbaar lichaam verstrekte garanties. In lid 2 van dat artikel wordt verder vermeld dat elke deelnemende gemeente hierbij is verbonden naar verhouding van haar inwonertal. Daarbij zijn de inwonertallen bepalend zoals deze door het Centraal Bureau voor de Statistiek worden bekendgemaakt. Tevens zijn er geen claims van derden, noch zijn er bijzondere risico’s in de deelnemingen (ARN) of rechtsgedingen. 3.2
Verbonden partijen
Aandeelhouderschap Sinds 18 mei 2020 heeft ARN twee aandeelhouders: de GR MARN als publieke partij met 51% van de aandelen en Remondis als private partij met 49% van de aandelen. Het aantal aandelen van GR MARN is 3.750. Deze aandelen zijn door de MARN voor 100% volgestort. Elk aandeel heeft een nominale waarde van €454. Stemrecht De MARN heeft in de Algemene Vergadering van Aandeelhouders van ARN in overeenstemming met de hoeveelheid aandelen een stemrecht van 51%.
Raad van Commissarissen De ARN kent naast de directie tevens een Raad van Commissarissen. Namens de regioaandeelhouders, waaronder de MARN, zal een tweetal leden in het jaar 2024 zitting hebben in de Raad van Commissarissen. Financiële gegevens De jaarstukken van ARN worden elk jaar vastgesteld in de Algemene vergadering van Aandeelhouders waarin de MARN zitting heeft. Deze stukken worden vooraf in de vergadering van het Dagelijks Bestuur besproken. Bij het opstellen van de begroting 2024 van de MARN zijn alleen de cijfers van de Jaarrekening 2021 van ARN bekend. Het eigen vermogen van ARN bedraagt €22.823.649 per ultimo 2021. Op basis van de jaarrekening 2021 heeft ARN langlopende schulden in de hoogte van €12.500.691 tegen een bedrag van €16.144.464 het jaar ervoor. Het resultaat over 2020 bedroeg €2.042.158 tegen €2.117.305 in het jaar ervoor. MARN heeft voor de verwerking van het afval van de deelnemers in MARN een vast tarief met een jaarlijkse indexering. De aanleverovereenkomst loopt tot 2026. Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 7
3.3 Weerstandsvermogen Door het Algemeen Bestuur is in juni 2014 besloten dat de MARN geen weerstandsvermogen dient aan te houden anders dan €10.000 onder de post Onvoorzien uit de begroting. Het eigen vermogen van de MARN, bestaande uit de algemene reserve, de bestemmingsreserve en het gerealiseerd resultaat over het jaar 2022 met daaraan toegevoegd € 100.000 van het uitgekeerde dividend van ARN over 2021 bedraagt per 31 december 2022 9.9094.225. Indien de Algemene reserve onvoldoende is om in een bepaald jaar tekorten, die voortvloeien uit de rekening, op te vangen en er geen andere dekking kan worden gevonden, wordt het bepaalde in artikel 28 van de Gemeenschappelijke Regeling MARN van toepassing. Daarin is bepaald dat de gemeenten naar rato van het inwonerstal dienen bij te dragen in tekorten van de MARN. Daarbij dienen cijfers van het CBS over het inwonertal te worden gebruikt. Risicobeheersing De risico’s van de MARN zijn beperkt. Het Algemeen Bestuur heeft in de notitie Weerstandsvermogen bepaald dat voor de afdekking van de risico’s de begrotingspost Onvoorzien voldoende is. Daarnaast is MARN aandeelhouder in ARN. Zij heeft één lening (in verband met grondverkoop) en geen garanties meer uitstaan naar ARN. De lening is afgedekt met een eerste recht van hypotheek.
Tevens heeft MARN met ARN een vast tarief van indexering voor het door de deelnemers in de MARN aangeleverde afval. Het risico dat MARN loopt, bedraagt ten hoogste de waarde van de aandelen die MARN heeft in ARN. Deze zijn gewaardeerd op verkrijgingsprijs voor een waarde van €1.701.675. Verder wordt verwezen naar de paragraaf 3.2 Verbonden partijen. Liquiditeit De aflossing op de geldlening die MARN aan ARN heeft verstrekt, is aangemerkt als bestemmingsreserve en wordt jaarlijks, samen met het exploitatieresultaat, uitgekeerd aan de gemeenten naar rato van inwonersaantallen. De rente-inkomsten van de lening worden gebruikt voor de jaarlijkse kosten van de MARN. De geldlening is annuïtair, waardoor de rente-inkomsten ieder jaar afnemen. Bij ongewijzigd beleid zullen op korte termijn de rente-inkomsten niet meer toereikend zijn voor de exploitatiekosten, waardoor er in 2023 bij ongewijzigd beleid een negatief banksaldo zal ontstaan. Bovendien zal het resultaat vanaf 2027 negatief zijn. Derhalve heeft het bestuur in 2022 ten aanzien van duurzame financiering van MARN besloten dat de inkomsten uit de verkoop van de grond aan ARN (rente-inkomsten en aflossings-inkomsten) niet meer afzonderlijk beschouwd en afzonderlijk toegewezen worden (respectievelijk ten gunste van exploitatie MARN en ten gunste van de deelnemende gemeenten).
Dit heeft als resultaat dat vanaf 2025, het jaar waarin het banksaldo van MARN conform de balansprognose een negatief resultaat liet zien, steeds jaarlijks een vast bedrag uitgekeerd wordt aan de gemeenten. Dit wordt als verwerkingswijze geïmplementeerd in de begroting waarbij de exacte hoogte van het bedrag bij de begroting wordt vastgesteld. Het resterende bedrag wordt gebruikt voor de exploitatie van MARN. De aflossing aan BNG geschiedt uit de liquide middelen die ontstaan door het jaarlijkse exploitatieoverschot. Over eventuele dividenduitkeringen van ARN wordt jaarlijks een besluit genomen. Daarnaast heeft het bestuur al in 2021 besloten om het resultaat (rente-inkomsten minus exploitatiekosten) vanaf boekjaar 2021 niet meer jaarlijks uit te keren. De rente-inkomsten en inkomsten uit aflossing vallen echter volledig weg nadat de lening door ARN in 2036 is afgelost. Er zal dan vanuit de gemeenten jaarlijks een bedrag beschikbaar moeten worden gesteld, zodat de MARN alle exploitatiekosten kan betalen. Dit bedrag zal jaarlijks worden bepaald op basis van de begroting. Kengetallen Het BBV vereist dat kengetallen ter ondersteuning van de beoordeling van de financiële positie worden opgenomen in de paragraaf weerstandsvermogen. Deze kengetallen maken inzichtelijk over hoeveel ruimte de organisatie beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken of opvangen.
Ze geven zodoende inzicht in de financiële weer- en wendbaarheid. Onderstaand zijn de voorgeschreven kengetallen opgenomen. De wijze waarop de kengetallen moeten worden berekend is opgenomen in de Regeling van de Minister van BZK van 9 juli 2015 en gewijzigd 26 oktober 2015. Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 8
Interpretatie kengetallen Bij de normering volgens de provincie Gelderland worden bovenstaande waarden ingedeeld in 3 categorieën, zoals aangegeven in de brief van 7 oktober 2015. Deze categorieën sluiten aan bij de landelijk vastgestelde signaleringswaarden. Categorie A is het minst risicovol, categorie C het meest. Op basis van de kengetallen ontstaat een beeld dat MARN voor 2 van de 4 onderdelen onder de categorie A valt, de minst risicovolle. De netto schuldquote en de structurele exploitatieruimte vallen in categorie C, dit komt doordat er bij gelijkblijvende schulden, minder baten zijn (in 2017 grondverkoop). Kengetallen:
Cat. A
Cat. B
Cat. C
Netto schuldquote
<90%
90-130%
>130%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
<90%
90-130%
>130%
Solvabiliteitsratio
>50%
20-50%
<20%
Structurele exploitatieruimte
>0%
0%
<0%
3.4 Bedrijfsvoering De gemeenschappelijke regeling kent op basis van de tekst van de regeling de volgende te onderscheiden organen: het Algemeen Bestuur, het Dagelijks Bestuur en de Voorzitter. Daarnaast bestaat er een ambtelijke ondersteuning bestaande uit een vakberaad voor afval en een secretaris. Bestuursorganen Het Algemeen Bestuur Het Algemeen Bestuur bestaat uit zeven leden, te weten de leden van de Colleges van Burgemeester en Wethouders van de deelnemende gemeenten. Tevens zijn er evenzoveel plaatsvervangende leden aangewezen. Het Dagelijks Bestuur Het Dagelijks Bestuur telt vier leden inclusief de Voorzitter. Conform de wet en de regeling komt het Dagelijks Bestuur de bevoegdheid toe zoals in de Wet Gemeenschappelijke Regelingen en de tekst van de GR MARN is toebedeeld. Het Dagelijks Bestuur stuurt de secretaris aan. De Voorzitter De Voorzitter wordt door en uit het Algemeen Bestuur benoemd. De Voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen van het Dagelijks als ook het Algemeen Bestuur. De Voorzitter vertegenwoordigt de regeling in en buiten rechte. In de eerste vergadering na de gemeenteraadsverkiezingen van het jaar 2022 is de heer T. van Elferen verkozen tot Voorzitter van het Algemeen en Dagelijks Bestuur van de MARN. Voor hem was de heer P.J.M. de Klein voorzitter vanaf 1 september 2021.
Ambtelijke organisatie Secretariaat Het secretariaat zal gedurende het jaar 2024 worden verzorgd door Dar N.V. Administratie Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 9
De administratie zal gedurende het jaar 2024 worden verzorgd door Dar N.V. Informatievoorziening De verschillende onderwerpen en projecten worden regelmatig besproken in de vergaderingen van het Algemeen Bestuur. Voor specifieke onderwerpen worden Colleges van Burgemeester en Wethouders als ook Raden tussentijds geïnformeerd en naar hun opvattingen gevraagd naar gelang het onderwerp. Voor een aantal voorstellen is dat zelfs verplicht, zoals voor de begroting en de rekening.
3.5 Onderhoud kapitaalgoederen De MARN beschikt niet over kapitaalgoederen.
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 10
4 4.1
PROGRAMMABEGROTING 2024 Begrote balanspositie ultimo 2024
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 11
4.2
Begrote baten 2024
In onderstaande tabel zijn de begrote baten voor 2024 en 2023 opgenomen. Daarnaast zijn de werkelijke lasten over 2022 (op basis concept-jaarrekening) opgenomen. Begrote baten
Begroting 2023
4.3
Begrote lasten 2024
In onderstaande tabel zijn de begrote lasten voor 2024 als ook de begrote lasten van 2023 opgenomen. Daarnaast zijn de werkelijke lasten over 2022 (op basis concept-jaarrekening) opgenomen.
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 12
Begrote lasten
Begroting 2023
4.4
Kostenverdeelstaat
In onderstaande tabel is de kostenverdeelstaat opgenomen gevolgd door een nadere toelichting. Kostenverdeelstaat 2024 Hierna volgt voor alle kosten en baten een toelichting per categorie.
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 13
4.4.1
Lasten
1. Personeel (economische categorie 1.1) Met ingang van 1 juli 2018 wordt het secretariaat en de administratie verzorgd door Dar N.V. De lasten hiervan worden hier verantwoord. De kosten zullen jaarlijks worden geïndexeerd met dezelfde index als in de reguliere contracten met de gemeenten, te weten 30% NEA-index, 40% CBS Lonen en 30% CBS Overheidsconsumptie. 2. Overige goederen en diensten (economische categorie 3.8) Overzicht begrote kosten Overige goederen en diensten
3. Bijdrage circulaire raad en cirkelstad De bijdrage voor de circulaire raad en cirkelstad zal voor hetzelfde bedrag gecontinueerd worden tot en met 2027. Hierna zal dit opnieuw worden beoordeeld.
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 14
3. Rente (economische categorie 5.1) Overzicht begrote Rente
4. Vereveningsbijdrage: uit te keren bedragen (economische categorie 7.5) Overzicht begrote Vereveningsfonds Transportkosten Vereveningsfonds transportkosten uit te keren Totaal
56.723 56.723
5. Onvoorzien Overzicht begrote Onvoorzien Onvoorzien Totaal
€ €
10.000 10.000
4.4.2 Baten 1. Renteopbrengst verkoop (economische categorie 5.1) Met ingang van begin 2017 zijn de gronden die de MARN in eigendom had verkocht aan ARN. ARN betaalt aan MARN rente met risico-opslag. Deze wordt hier verantwoord. Overzicht begrote Renteopbrengst verkoop gronden
2. Vereveningsbijdrage transportkosten: te ontvangen bedragen (economische categorie 7.5) De totaal te ontvangen gelden zijn exact gelijk aan de door de MARN uit te keren bedragen. Overzicht begrote Vereveningsfonds Transportkosten Vereveningsfonds transportkosten te ontvangen Totaal
€ €
56.723 56.723
3. Voordelig exploitatiesaldo Hieronder wordt het voordelige exploitatiesaldo voor 2024 geraamd. Hierbij is geen rekening gehouden met de mogelijke uitkering van een dividend door ARN B.V.
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 15
Overzicht opbouw exploitatiesaldo MARN
De ontvangen rente wordt jaarlijks gerealiseerd en is onderdeel van de resultaatsverdeling. Naast rente betaalt ARN ook aflossing op de geldlening. Met ARN is overeengekomen dat de geldlening over een periode van 20 jaar door haar wordt afbetaald.
4. Incidentele baten en lasten
5. Deelnemersbijdragen Deelnemersbijdragen Totaal
€ €
-
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 16
5 5.1
MEERJARENRAMING 2025 – 2027 Baten Meerjarenraming 2025 – 2027
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 17
5.2
Lasten Meerjarenraming 2025 – 2027
Begroting 2024 inclusief meerjarenraming 2025-2027 def 18