CConstaterende datHeumen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage I Onderbouwing wijzigingen

Raad 1 februari 2024, gemeente HeumenBij agendapunt: Zienswijze ontwerp wijzigingsbesluit gemeenschappelijke regeling Milieusamenwerking en afvalverwerking regio Nijmegen (MARN)3.669 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Onderbouwing wijzigingen Gemeenschappelijke regeling MARN Onderbouwing Aanhef Aanhef Het benoemen van de Burgemeester in de aanhef is niet nodig c.q. Raden, de Colleges van Burgemeester en Op grond van artikel 1 van de Wet overbodig omdat het hier een gemengde regeling betreft. In het verleden Wethouders en de Burgemeesters bevoegd gemeenschappelijke regelingen zijn Raden werden drie bestuursorganen aangewezen om een gemeenschappelijke een gemeenschappelijke regeling te treffen en de Colleges van Burgemeester en regeling te treffen. Burgemeesters worden uit deze opsomming ter behartiging van een of meer bepaalde Wethouders bevoegd een verwijderd aangezien deze regeling niet gaat over zelfstandige belangen van die gemeenten. gemeenschappelijke regeling te treffen ter bevoegdheid van de Burgemeester als bestuursorgaan. Oud artikel

Nieuw artikel

behartiging van een of meer bepaalde belangen van die gemeenten.

1

Artikel 1 begripsomschrijvingen Oude omschrijving:

Nieuwe omschrijving:

Deze gemeenschappelijke regeling verstaat Deze gemeenschappelijke regeling verstaat onder: onder: Gedeputeerde Staten: Gedeputeerde Staten: het College van Gedeputeerde Staten van de het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland; provincie Gelderland; en Limburg

Onderbouwing: De gemeente Mook en Middelaar ligt in een andere Provincie. De stukken van gemeente Mook en Middelaar dienen bij het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Limburg aangeboden. In de oude regeling werd alleen het College van Gedeputeerde Staten van de provincie Gelderland genoemd.

2

Oud Artikel 12

2. Bij afwezigheid van de voorzitter wordt hij vervangen door een lid van het dagelijks bestuur, door dat college aan te wijzen.

Nieuw Artikel 12 2. Bij afwezigheid van de voorzitter wordt hij vervangen door een lid van het dagelijks bestuur, door het Dagelijks Bestuur aan te wijzen

Onderbouwing

De voorzitter van het AB wordt door het AB uit zijn midden aangewezen. Om die reden moet de aanwijzing door het Dagelijks Bestuur gebeuren.

3

Oud Artikel 14

Nieuw Artikel 14

1.

1.

Onderbouwing Het dagelijks bestuur en de voorzitter moeten verwijderd worden. In artikel 24 van de Wgr wordt alleen het AB benoemd om adviescommissies in te stellen.

het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur het algemeen bestuur kan commissies van en de voorzitter kunnen commissies van advies instellen, dat met inachtneming van advies instellen, dat met inachtneming van artikel 24 van de wet. artikel 24 van de wet.

4

Oud Artikel 17

Nieuw Artikel 17

Onderbouwing Actieve informatieplicht

1. Het algemeen en dagelijks Bestuur geven 1. Het algemeen en dagelijks Bestuur geven aan In de gemeenschappelijke regelingen moet worden opgenomen op welke aan de raden van de deelnemende de raden van de deelnemende gemeenten wijze door het bestuur van de gemeenschappelijke regelingen actieve gemeenten ongevraagd alle informatie die ongevraagd alle informatie die voor een juiste informatie wordt verschaft aan de raden. voor een juiste beoordeling van het door het beoordeling van het door het Dagelijks en Daarnaast wordt in lid 3 de openbaarheid van de stukken via deze Dagelijks en algemeen bestuur gevoerde en algemeen bestuur gevoerde en te voeren beleid, aanvulling geregeld. te voeren beleid, nodig is. nodig is. 2. Het algemeen en dagelijks bestuur 2. Het algemeen en dagelijks bestuur verstrekken aan de raden van de deelnemende verstrekken aan de raden van de deelnemende gemeenten alle inlichtingen gemeenten alle inlichtingen die door een of meer leden van die raden worden verlangd. die door een of meer leden van die raden Deze informatie wordt tevens aan de raden van worden verlangd. de overige deelnemende gemeenten toegezonden. 3. De vergaderstukken van het algemeen bestuur evenals de notulen en de besluiten van het algemeen bestuur worden openbaar gemaakt op de website van de gemeenschappelijke regeling MARN.

Behoudens niet-openbare stukken als bedoeld in artikel 5.1 en 5.2 in de Wet open overheid.

5

Oud Artikel 23 Begrotingsprocedure

Nieuw Artikel 23 Begrotingsprocedure

Onderbouwing De termijnen voor het toezenden van de ontwerpbegroting aan de raden, provinciale staten en algemeen bestuur van het waterschap zijn 1. Het dagelijks bestuur zendt jaarlijks vóór 1. Het dagelijks bestuur zendt jaarlijks vóór 30 gewijzigd. Deze gewijzigde termijnen dienen in de gemeenschappelijke 15 april een ontwerpbegroting van het april een ontwerpbegroting van het openbaar regelingen te worden aangepast. Daarnaast wordt het dagelijks bestuur openbaar lichaam voor het komende jaar, lichaam voor het komende jaar, vergezeld van verplicht om te reageren op ingediende zienswijzen op de vergezeld van een behoorlijke toelichting, een behoorlijke toelichting, toe aan de raden ontwerpbegroting. Wijziging op verzoek van de GR MARN. Het AB stelt toe aan de raden van de deelnemende van de deelnemende gemeenten gemeenten 2. Het dagelijks bestuur houdt bij het opstellen voor om enkel onderdelen van de wijziging van de Wgr ook op te 2. Het dagelijks bestuur houdt bij het van de ontwerpbegroting rekening met de door nemen in de regeling ter verduidelijking van het proces. opstellen van de ontwerpbegroting rekening de deelnemende gemeenten opgestelde met de door de deelnemende gemeenten begrotingsrichtlijnen. opgestelde begrotingsrichtlijnen. 3. De ontwerpbegroting wordt door de 3.

De ontwerpbegroting wordt door de deelnemende gemeenten voor eenieder ter deelnemende gemeenten voor eenieder ter inzage gelegd en algemeen verkrijgbaar gesteld. inzage gelegd en algemeen verkrijgbaar 4. De raden kunnen bij het dagelijks bestuur hun gesteld. zienswijze over de ontwerpbegroting naar voren 4. De raden kunnen bij het dagelijks bestuur brengen. hun zienswijze over de ontwerpbegroting 5. Het dagelijks bestuur stelt de raden van de naar voren brengen. Het dagelijks bestuur deelnemende gemeenten voorafgaande aan voegt deze zienswijzen, voorzien van zijn het vaststellen van de begroting, door het reactie, toe aan de ontwerpbegroting zoals algemeen bestuur, schriftelijk en gemotiveerd deze aan het algemeen bestuur wordt in kennis van zijn oordeel over de zienswijze, aangeboden. bedoeld in het vierde lid, alsmede van de 5. De vaststelling van de begroting door het eventuele conclusies die het daaraan verbindt. algemeen bestuur geschiedt niet eerder dan 6. Het dagelijks bestuur voegt de zienswijze, 8 weken nadat deze aan de raden van de voorzien van zijn reactie, toe aan de deelnemers is verzonden in het jaar ontwerpbegroting zoals deze aan het algemeen voorafgaande aan dat waarvoor zij dient. bestuur wordt aangeboden. 6. Terstond na de vaststelling van de 7.

De vaststelling van de begroting door het begroting zendt het algemeen bestuur de algemeen bestuur geschiedt niet eerder dan 12 begroting aan de gemeenteraden, die ter weken nadat deze aan de raden van de zake bij het college van Gedeputeerde deelnemers is verzonden in het jaar Staten hun zienswijze naar voren kunnen voorafgaande aan dat waarvoor zij dient. brengen. 8. Terstond na de vaststelling van de begroting 7. Het dagelijks bestuur zendt de begroting zendt het algemeen bestuur de begroting aan binnen twee weken na de vaststelling, doch de gemeenteraden, die ter zake bij het college

6

in ieder geval vóór 1 augustus aan het van Gedeputeerde Staten hun zienswijze naar college van Gedeputeerde Staten van voren kunnen brengen. Gelderland. 9. Het dagelijks bestuur zendt de begroting 8. Dit artikel is, met uitzondering van de binnen twee weken na de vaststelling, doch in daarin genoemde data, van ieder geval vóór 15 september aan het college overeenkomstige toepassing op besluiten tot van Gedeputeerde Staten van Gelderland. wijziging van de begroting. 10. Dit artikel is, met uitzondering van de daarin genoemde data, van overeenkomstige toepassing op besluiten tot wijziging van de begroting.

7

Oud

Artikel 25

Nieuw Artikel 25

Het dagelijks bestuur biedt de concept Het dagelijks bestuur biedt de concept jaarrekening over het afgelopen jaar, onder jaarrekening over het afgelopen jaar, onder toevoeging van een verslag van het toevoeging van een verslag van het onderzoek onderzoek naar de deugdelijkheid van de naar de deugdelijkheid van de rekening, rekening, ingesteld door de overeenkomstig ingesteld door de overeenkomstig artikel 212 artikel 24 van de Gemeentewet aangewezen van de Gemeentewet aangewezen deskundigen, en hetgeen het dagelijks deskundigen, en hetgeen het dagelijks bestuur bestuur te zijner verantwoording dienstig te zijner verantwoording dienstig acht, met alle acht, met alle bijbehorende bescheiden bijbehorende bescheiden jaarlijks vóór 30 april jaarlijks vóór 15 april aan aan de aan de deelnemende gemeenten. deelnemende gemeenten. 2. De raden kunnen bij het dagelijks bestuur hun 2. De raden kunnen bij het dagelijks bestuur zienswijze over de concept jaarrekening naar hun zienswijze over de concept jaarrekening voren brengen. Het dagelijks bestuur voegt deze naar voren brengen. Het dagelijks bestuur zienswijzen, voorzien van zijn reactie, toe aan de voegt deze zienswijzen, voorzien van zijn concept jaarrekening zoals deze aan het reactie, toe aan de concept jaarrekening algemeen bestuur wordt aangeboden. zoals deze aan het algemeen bestuur wordt 3.

De vaststelling van de jaarrekening door het aangeboden. algemeen bestuur geschiedt niet eerder dan 8 3. De vaststelling van de jaarrekening door weken nadat deze aan de raden van de het algemeen bestuur geschiedt niet eerder deelnemers is verzonden. dan 8 weken nadat deze aan de raden van 4. Terstond na de vaststelling van de de deelnemers is verzonden. jaarrekening zendt het algemeen bestuur de 4. Terstond na de vaststelling van de jaarrekening aan de gemeenteraden, die ter jaarrekening zendt het algemeen bestuur de zake bij het college van Gedeputeerde Staten jaarrekening aan de gemeenteraden, die ter hun zienswijze naar voren kunnen brengen. zake bij het college van Gedeputeerde 5. Het dagelijks bestuur zendt de vastgestelde Staten hun zienswijze naar voren kunnen jaarrekening binnen twee weken na de brengen. vaststelling, doch in ieder geval vóór 15 juli aan 5. Het dagelijks bestuur zendt de het college van Gedeputeerde Staten van vastgestelde jaarrekening binnen twee Gelderland en Limburg. weken na de vaststelling, doch in ieder geval 6. Vaststelling van de rekening strekt het vóór 15 juli aan het college van dagelijks bestuur tot decharge, behoudens later Gedeputeerde Staten van Gelderland. in rechte gebleken valsheid in geschrifte of andere onrechtmatigheden.

Onderbouwing Wijziging op verzoek van de GR MARN. Het AB stelt voor om de termijn voor de zienswijze op de ontwerpjaarrekening (niet verplicht op grond van de Wgr) over te nemen.

8

6. Vaststelling van de rekening strekt het dagelijks bestuur tot decharge, behoudens later in rechte gebleken valsheid in geschrifte of andere onrechtmatigheden.

Het college van de gemeente Nijmegen draagt zorg voor de in artikel 26, eerste lid van de wet voorgeschreven toezending van de regeling aan Gedeputeerde Staten.

9

Oud Artikel 28

Nieuw Onderbouwing Artikel 28 De systematiek wordt nu concreter benoemd. Betreft verduidelijking 1. De gemeenten zijn gezamenlijk garant 1. De gemeenten zijn gezamenlijk garant voor van bepaling. voor de juiste betaling van rente, aflossing, de juiste betaling van rente, aflossing, boeten en boeten en kosten van de door het openbaar kosten van de door het openbaar lichaam lichaam gesloten en af te sluiten gesloten en af te sluiten langlopende en langlopende en kasgeldleningen en in kasgeldleningen en in rekening courant rekening courant opgenomen en op te opgenomen en op te nemen gelden, en voor de nemen gelden, en voor de door het door het openbaar lichaam verstrekte garanties. openbaar lichaam verstrekte garanties. 2. Elke deelnemende gemeente is hierbij 2. Elke deelnemende gemeente is hierbij verbonden naar verhouding van haar verbonden naar verhouding van haar inwonertal. inwonertal. 3. Voor de vaststelling van het inwonertal wordt 3. Voor de vaststelling van het inwonertal als verdeelsleutel gehanteerd het aantal zijn bepalend de laatste door het Centraal inwoners volgens de door het Centraal bureau Bureau voor de Statistiek bekend gemaakte voor de Statistiek openbaar gemaakte bevolkingscijfers. bevolkingscijfers per 1 januari van het jaar, voorafgaande aan dat waarvoor de bijdrage is 4.

Alle deelnemende gemeenten, ook die welke op het moment van het ontstaan van verschuldigd. de betalings- of garantieverplichtingen nog 4. Alle deelnemende gemeenten, ook die welke niet aan de gemeenschappelijke regeling op het moment van het ontstaan van de deelnamen, staan naar rato van hun betalings- of garantieverplichtingen nog niet aan inwonertal garant voor de voldoening van de gemeenschappelijke regeling deelnamen, betalingsverplichtingen en voor door het staan naar rato van hun inwonertal garant voor openbaar lichaam verstrekte garanties op de voldoening van betalingsverplichtingen en het moment dat daarop door de betrokken voor door het openbaar lichaam verstrekte rechthebbende aanspraak wordt gemaakt. garanties op het moment dat daarop door de betrokken rechthebbende aanspraak wordt gemaakt.

10

Oud Nieuw In de gemeenschappelijke regelingen moet worden opgenomen of er Artikel 29: Archief Artikel 29 Evaluatie wordt geëvalueerd en zo ja waar de evaluatie op toeziet. 1. Het Dagelijks Bestuur is belast met de zorg Ten aanzien van de evaluatie van de Conform de Wgr overgenomen. De huidige regeling bevat geen artikel op de bewaring en het beheer van de gemeenschappelijke regeling geldt dat: over evaluatie. archiefbescheiden van het openbaar a. Elke deelnemende gemeente een verzoek tot lichaam. evaluatie kan indienen 2. Het toezicht op het beheer van de b. Het algemeen bestuur bij meerderheid een archiefbescheiden van de MARN is besluit neemt over dit verzoek. opgedragen aan de gemeentearchivaris van c. Het algemeen bestuur de evaluatiede gemeente Nijmegen. onderzoeksopdracht vaststelt 3. Het Algemeen Bestuur kan een regeling treffen met betrekking tot de zorg en het beheer volgens het eerste lid van dit artikel. Deze regeling wordt aan Gedeputeerde Staten meegedeeld. 4. Voor de bewaring van de op grond van artikel 12 van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden wijst het Algemeen Bestuur een archiefbewaarplaats aan.

11

Oud

Nieuw Onderbouwing Artikel 29: Archief Artikel 30: Archief Het archiefwet is aangescherpt middels lid 5. 1. Het Dagelijks Bestuur is belast met de zorg 1. Het Dagelijks Bestuur is belast met de zorg op op de bewaring en het beheer van de de bewaring en het beheer van de archiefbescheiden van het openbaar archiefbescheiden van het openbaar lichaam. lichaam. 2. Het toezicht op het beheer van de 2. Het toezicht op het beheer van de archiefbescheiden van de MARN is opgedragen archiefbescheiden van de MARN is aan de gemeentearchivaris van de gemeente opgedragen aan de gemeentearchivaris van Nijmegen. de gemeente Nijmegen. 3. Het Algemeen Bestuur kan een regeling 3. Het Algemeen Bestuur kan een regeling treffen met betrekking tot de zorg en het treffen met betrekking tot de zorg en het beheer volgens het eerste lid van dit artikel. beheer volgens het eerste lid van dit artikel. Deze regeling wordt aan Gedeputeerde Staten Deze regeling wordt aan Gedeputeerde meegedeeld. Staten meegedeeld. 4. Voor de bewaring van de op grond van artikel 4. Voor de bewaring van de op grond van 12 van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden wijst het Algemeen Bestuur artikel 12 van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden wijst het een archiefbewaarplaats aan. Algemeen Bestuur een archiefbewaarplaats 5. Vanaf 1 januari 2022 voert de GR MARN aan. uitsluitend een digitaal archief.

12

Oud Artikel 31

Nieuw Onderbouwing Artikel 32 Facultatieve zienswijze procedure voor besluiten Wijziging en opheffing Wijziging en opheffing In de gemeenschappelijke regelingen moet worden opgenomen of en zo 1. De regeling kan worden gewijzigd of 1. De regeling kan worden gewijzigd of ja, voor welke besluiten en een voorafgaande zienswijze van de raden, opgeheven bij daartoe strekkend besluit van opgeheven bij daartoe strekkend besluit van de wordt gevraagd. de besturen van ten minste twee derde van besturen van ten minste twee derde van het Daarnaast wordt een wijziging voorgesteld omdat de regeling een het aantal deelnemende gemeenten. aantal deelnemende gemeenten. gemengde regeling betreft hoeft enige wijziging niet door de 2. Indien het algemeen bestuur wijziging of 2. Indien het algemeen bestuur wijziging of opheffing van de regeling wenselijk acht, opheffing van de regeling wenselijk acht, doet Burgemeesters te worden bekrachtigd. doet het dagelijks bestuur het daartoe het dagelijks bestuur het daartoe strekkende strekkende voorstel van het algemeen voorstel van het algemeen bestuur toekomen bestuur toekomen aan de besturen van de aan de besturen van de deelnemende deelnemende gemeenten. gemeenten. 3. Voor zover bij de wijziging wettelijke 3.

Voor zover bij de wijziging wettelijke bevoegdheden van het College van bevoegdheden van het College van Burgemeester en Wethouders, Burgemeester en Wethouders zijn betrokken, respectievelijk de Burgemeester zijn dient daartoe ook te worden besloten door ten betrokken, dient daartoe ook te worden minste twee derde van het aantal Colleges van besloten door ten minste twee derde van Burgemeester en Wethouders van de het aantal Colleges van Burgemeester en deelnemende gemeenten. Wethouders, respectievelijk Burgemeesters van de deelnemende gemeenten.

13

Oud Artikel 30.

Nieuw Artikel 31

Onderbouwing De huidige GR MARN kent al een uittredingsregeling. Deze

1. Het bestuur van een gemeente, dat wenst 1. Het bestuur van een gemeente, dat wenst toe uittredingsregeling beschreef nog niet alle elementen die moeten toe te treden of uit te treden richt het te treden of uit te treden richt het verzoek ter worden vastgelegd, volgens de gewijzigde Wgr. De wetswijziging Wgr verzoek ter zake aan het algemeen bestuur. zake aan het algemeen bestuur. verplicht om de uittredingsregeling aan te scherpen. De voorwaarden 2. Het algemeen bestuur zendt het verzoek 2. Het algemeen bestuur zendt het verzoek als waaronder kan worden uitgetreden, alsmede bepalingen over de als bedoeld in het eerste lid binnen drie bedoeld in het eerste lid binnen drie maanden gevolgen van het vermogen van de gemeenschappelijke regeling maanden door aan de besturen van de door aan de besturen van de deelnemende moeten nu in de regeling worden opgenomen. deelnemende gemeenten, onder overlegging gemeenten, onder overlegging van zijn advies van zijn advies omtrent de toetreding omtrent de toetreding respectievelijk uittreding respectievelijk uittreding en de eventueel en de eventueel daaraan te verbinden daaraan te verbinden voorwaarden. voorwaarden. 3. Toetreding respectievelijk uittreding vindt 3.

Toetreding respectievelijk uittreding vindt plaats indien de besturen van de plaats indien de besturen van de meerderheid meerderheid van de deelnemende van de deelnemende gemeenten daarmee gemeenten daarin bewilligen. instemmen. 4. Aan de toetreding respectievelijk 4. Aan de toetreding respectievelijk uittreding uittreding kunnen bij de in het derde lid kunnen bij de in het tweede lid bedoelde bedoelde besluiten voorwaarden worden adviezen kaders worden verbonden die verbonden. worden uitgewerkt in een toe- of 5. De toetreding respectievelijk uittreding uittredingsregeling en worden vastgelegd in gaat in op 1 januari van het jaar, volgende op een vaststellingsovereenkomst met het jaar waarin is voldaan aan de vereisten betreffende gemeente. a. de opzegtermijn voor genoemd in artikel 27, eerste lid en tweede uitreding bedraagt minimaal 1 jaar. De uittreding vindt plaats met ingang van 1 lid van de Wet gemeenschappelijke januari. regelingen. b. de opzegtermijn start op het moment dat de vaststellingsovereenkomst is afgesloten. c. de hoogte van de uittredingssom wordt vastgesteld door het algemeen bestuur waarvoor een 2/3 meerderheid van het aantal uitgebrachte stemmen nodig is. Bij uittreden worden in elk geval onderstaande zaken vastgelegd: d. de uittredingskosten zijn de kosten die te maken hebben met (de afbouw van) de

14

overcapaciteit die kan ontstaan in de personele en de materiële sfeer. Basis voor de uittredingskostenberekening zijn de gemiddelde realisatiecijfers (afbouw bedrijfsvoeringsorganisatie, aangegane verplichtingen) van de drie jaren voorafgaand aan het jaar waarin het voornemen tot uittreden kenbaar wordt gemaakt. De kosten die niet direct aan de uittredende partij kunnen worden toegerekend, worden berekend door totalen per kostensoort naar rato te berekenen. Middelen die onderdeel uitmaken van een (algemene) reserve, worden naar rato in mindering gebracht op de te betalen uittredingskosten. Voor het bepalen van de kostenverdeelsleutel wordt aangesloten bij de kostenverdeelsleutel uit de begroting (art. 24.1). e. de hoogte van uittredingssom wordt bepaald op de kosten die het samenwerkingsverband moet maken om de werkzaamheden uit te kunnen blijven voeren voor de deelnemende gemeenten zonder de uittredende gemeente. Tot een maximumbedrag van vijf jaar de inbreng van de uittredende gemeente in het jaar dat het besluit tot uittreding werd genomen. f. de financiële consequenties worden op verzoek van het dagelijks bestuur door een onafhankelijke deskundige in beeld gebracht. Dit advies wordt bij het bepalen van de hoogte van de uittredingskosten betrokken. g.

Over de schade die ARN lijdt als gevolg van de uittreding worden door de uittredende partij, de MARN en ARN afspraken gemaakt. Op verzoek van het dagelijks bestuur kan

15

hierbij een onafhankelijke deskundige betrokken worden h. het algemeen bestuur stelt een uittredingsregeling vast waarin bovenstaande kaders verder worden uitgewerkt. i. het algemeen bestuur stelt een toetredingsregeling vast. 5. De uitgewerkte toe- of uittredingsregeling wordt vastgesteld in het algemeen bestuur. Voorafgaand aan de vaststelling wordt een zienswijze aan de raden van de deelnemende gemeenten gevraagd 6. De toetreding respectievelijk uittreding gaat in op 1 januari van het jaar, volgende op het jaar waarin is voldaan aan de vereisten genoemd in artikel 9 van de Wet gemeenschappelijke regelingen. 7. Binnen deze periode wordt de gemeenschappelijke regeling gewijzigd door alle deelnemende bestuursorganen. Een regeling kan worden gewijzigd met een meerderheid van ten minste 2/3 van het aantal uitgebrachte stemmen.

16

Oud Artikel 32: Liquidatie 1. Ingeval van opheffing van de regeling, besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt daarvoor de nodige regelen. Hierbij kan van de bepalingen van de regeling worden afgeweken. 2. Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, de raden van de deelnemende gemeenten gehoord, vastgesteld. 3. Het liquidatieplan voorziet ook in de gevolgen die de beëindiging voor het personeel, bedoeld in hoofdstuk 9, heeft. 4. Het liquidatieplan geeft regels voor de wijze waarop de deelnemende gemeenten, voor zover het saldo ontoereikend is, zorgdragen voor de nakoming van de verplichtingen van het openbaar lichaam. 5. Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie. 6. Zo nodig blijven de organen van het openbaar lichaam ook na het tijdstip van opheffing in functie, totdat de liquidatie is voltooid.

Nieuw Onderbouwing. Artikel 33: Liquidatie Lid 4 aangescherpt. 1. Ingeval van opheffing van de regeling, besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt daarvoor de nodige regelen. Hierbij kan van de bepalingen van de regeling worden afgeweken. 2. Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, de raden van de deelnemende gemeenten gehoord door middel van een zienswijze hierop, vastgesteld. 3. Het liquidatieplan voorziet ook in de gevolgen die de beëindiging voor het personeel, bedoeld in hoofdstuk 9, heeft. 4. Het liquidatieplan geeft regels voor de wijze waarop de deelnemende gemeenten, voor zover het saldo ontoereikend is, zorgdragen voor de nakoming van de verplichtingen van het openbaar lichaam naar rato conform artikel 24.1. 5. Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie. 6. Zo nodig blijven de organen van het openbaar lichaam ook na het tijdstip van opheffing in functie, totdat de liquidatie is voltooid.

17

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13639932/1