CConstaterende datHeumen
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording technische vragen Integrale commissie 3 april 2025

Integrale commissie 3 april 2025, gemeente HeumenBij agendapunt: Agendering voor opiniërende bespreking in commissie: raadsmededeling project Ariadne en Heumens Bos1.661 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Integrale commissie 3 april 2025 Antwoord Blz.

Fractie

N.v.t.

GL

N.v.t.

GL

(*agendapunt) Agendapunt 5.3 We hebben signalen ontvangen dat de grond in de fabriek mogelijk vervuild is. Vraag: Welk type vervuiling kan verwacht worden in de grond in de fabriek? Is deze grond gecontroleerd op vervuiling, zo ja, op welke stoffen? Zo nee, wanneer wordt dit gedaan? Klopt het dat in de overeenkomst is opgenomen dat de gemeente verantwoordelijk is voor de financiële consequenties van vervuiling in de fabriek?

Het verkennend bodemonderzoek NEN 5740 (ABO Milieuconsult, 3011-2023, ANL22-6966-2) uitgevoerd t.b.v. de aankoop van de betonfabriek door de gemeente geeft op basis van 111 boringen en 9 peilbuizen geen indicatie dat de bodem vervuild is. De algehele conclusie is:

Op basis hiervan heeft de gemeente aangegeven de overdracht van de gronden in de huidige staat te aanvaarden. Ook zijn de panden geïnventariseerd op asbest en zijn asbesthoudende golfplaten en asbesthoudende kit aangetroffen. De kosten hiervan, inclusief post onvoorzien, woirden op maximaal € 25.000 geschat en hierin is in de grondexploitatie voorzien. Gelet op de activiteiten in de betonfabriek (productie van betonnen bestratingsmaterialen, geen milieuverontreinigde stofffen) en de correct uitgevoerde vloeistofdichte vloer in/onder de aanwezige opslag van smeeroliën en vetten, is het niet de verwachting dat sprake is van een verontreiniging. Agendapunt 6.1, 25.A8 Raadsmededeling Project Ariadne en handhaving  We weten nog niet om hoeveel mensen het in totaal gaat. Heumens Bos Tot nu toe zijn er ongeveer 35 recreatieobjecten Hoeveel mensen wonen (semi)permanent in het Heumens bos? gecontroleerd. In nagenoeg alle gevallen is er sprake van Welk type woonvoorziening hebben zij in het Heumens bos (stacaravan, niet-recreatief gebruik van het object. De controles worden of bungalow)? voortgezet. Hoeveel mensen staan ook in de gemeente Heumen ingeschreven?  Het is een mix van chalets en stacaravans. Hoeveel mensen zouden wij moeten herhuisvesten?  Er staan nu (2 april 2025) 34 personen ingeschreven.

Vragen die maandag 31 maart 2025 voor 9.00 uur zijn ingediend, worden uiterlijk woensdag 2 april 2025 om 16.00 uur beantwoord. De antwoorden worden bij het betreffende agendapunt van de betreffende vergadering geplaatst. Wees zorgvuldig en concreet in de vraagstelling en geef duidelijk aan op welke pagina van het raadsvoorstel uw vraag betrekking heeft.

Technische vragen Integrale commissie 3 april 2025 Antwoord Blz.

1

Fractie

DKC

(*agendapunt)

Agendapunt 7.2, Raadsvoorstel In het raadsvoorstel staat vermeld dat de gemeente zelf een geschikte stalling dient te regelen indien deze niet aanwezig is. Wat is daarvoor de juridische grondslag?

1

DKC

 Het is op voorhand niet duidelijk hoeveel mensen zelf in staat zijn om wel/geen huisvesting te regelen. Het is niet aan de gemeente om vervangende woonruimte aan te bieden. De personen welke niet in staat zijn zelf woonruimte te regelen zullen doorverwezen worden of in contact gebracht worden met de daartoe aangewezen instantie(s). Gemeenten hebben de opdracht om vanuit de Wmo inwoners te ondersteunen bij hun zelfredzaamheid en participatie. Een van de mogelijkheden om die ondersteuning te bieden is het toekennen van een vervoersvoorziening in de vorm van een scootmobiel. Daar hoort dan een geschikte stalling bij. Daar wordt in de onderzoeksfase expliciet naar gekeken. Gezocht wordt naar de meeste goedkope, adequate oplossing. Alleen bij een geschikte stalling kan een scootmobiel worden toegekend. Een geschikte stalling is onderdeel van de individuele voorziening, omdat de voorziening zonder stallingsmogelijkheid niet passend is/geen passende oplossing is.

Agendapunt 7.2, Bijlage I Dit is correct. Zie ook bovenstaand antwoord. In het verzoek van Oosterpoort staat vermeld: “Bij grondgebonden woningen plaatst de gemeente daarom met enige regelmaat een buitenstalling bij de uitgifte van de scootmobiel, als er geen andere veilige stallingsmogelijkheid beschikbaar is.” In hoeverre is deze stelling correct? Als de gemeente inderdaad zelf actief buitenstallingen realiseert, wat is daarvoor de juridische grondslag?

Vragen die maandag 31 maart 2025 voor 9.00 uur zijn ingediend, worden uiterlijk woensdag 2 april 2025 om 16.00 uur beantwoord. De antwoorden worden bij het betreffende agendapunt van de betreffende vergadering geplaatst. Wees zorgvuldig en concreet in de vraagstelling en geef duidelijk aan op welke pagina van het raadsvoorstel uw vraag betrekking heeft.

Technische vragen Integrale commissie 3 april 2025 Antwoord Blz.

Fractie

2

DKC

10

PvdA

20

PvdA

(*agendapunt) Agendapunt 7.2, Bijlage I In het verzoek van Oosterpoort staat vermeld: “Zowel de gemeente als Oosterpoort draagt ons inziens verantwoordelijkheid voor het ontstaan maar zeker ook voor het oplossen van de huidige urgente situatie. Niet voor niets hebben we dit opgenomen in onze prestatieafspraken als een gezamenlijke maatschappelijke opgave.” In de uitvoeringsagenda 2025 staat dat tussen Oosterpoort en de gemeente heldere afspraken zijn gemaakt over de kostenverdeling op korte en lange termijn voor de realisatie van scootmobielstallingen in bestaande bouw. Is dit correct? Zo ja, wat zijn deze afspraken en wat is dan de reden van dit raadsvoorstel als er al heldere afspraken zijn gemaakt? Agendapunt 7.3, Bijlage II (art. 2:24 lid 2f APV) Waarom wordt ‘een door de burgemeester aangewezen categorie’ verwijderd? Alles wat nu niet in a t/m g staat is dus geen evenement? Ik dacht dat f een restcategorie was of de mogelijkheid bood aan de burgemeester om zaken aan te duiden als evenementen.

Agendapunt 7.3, Bijlage II (art. 2:50a APV)

In de uitvoeringsagenda 2025 staat beschreven waar we het komend jaar onze gezamenlijke inzet op richten. Ten aanzien van scootmobielen is afgesproken dat er in 2025 heldere afspraken worden gemaakt over de kostenverdeling op korte en lange termijn voor de realisatie van scootmobielstallingen in bestaande bouw. Om tot goede afspraken te dient een investeringsbudget beschikbaar te worden gesteld, hetgeen een bevoegdheid van de raad is (zie raadsvoorstel).

Alle activiteiten die onder artikel 2:24 lid 2 onder a-g staan zijn (mede) een evenement. Een (en dus elk) vechtsportwedstrijd of gala is eveneens een evenement. In de huidige APV 2021 kan de burgemeester specifieke “een door de burgemeester aangewezen categorie vechtsportwedstrijden of - gala’s” (huidige tekst APV 2021) categorieën vechtsportwedstrijden of gala’s als evenement aanwijzen. Deze differentiatie t.a.v. vechtsportwedstrijden/gala’s is er nu uit. Het is niet zo dat aan de burgemeester in de huidige APV 2021 de mogelijkheid wordt geboden om generiek (aanvullende) evenementen aan te wijzen. In die zin verandert er niets. De verwarring zit mogelijk in de was/wordt c.q. rood/groen lijst. De vraag die voorligt is of de APV hetzelfde regelt als wat al in de hogere regeling te weten de Wet wapens en munitie (WWM) wordt

Vragen die maandag 31 maart 2025 voor 9.00 uur zijn ingediend, worden uiterlijk woensdag 2 april 2025 om 16.00 uur beantwoord. De antwoorden worden bij het betreffende agendapunt van de betreffende vergadering geplaatst. Wees zorgvuldig en concreet in de vraagstelling en geef duidelijk aan op welke pagina van het raadsvoorstel uw vraag betrekking heeft.

Technische vragen Integrale commissie 3 april 2025 Antwoord Blz.

Fractie

(*agendapunt) Na een uitspraak van de rechtbank heeft de gemeente Ridderkerk een dergelijke APV als die nu bij ons voorligt gewijzigd. Zie ook dit artikel van Binnenlands Bestuur: https://www.binnenlandsbestuur.nl/bestuur-enorganisatie/messenverbod-apv-gekoppeld-aan-overlast-en-hinder We lopen nu het risico dat het voorgestelde artikel niet goed te handhaven is. Dient dit artikel aangepast te worden (met een koppeling aan overlast en hinder) om te voorkomen dat het aangevochten zou kunnen worden?

geregeld. In het geval de APV bepaling hetzelfde regelt als de WWM dan is de APV bepaling onverbindend en kan er niet bestuursrechtelijk worden gehandhaafd. De gemeente Ridderkerk heeft artikel 2:50a van de APV aangepast. De VNG is het niet eens met de uitspraak van de rechtbank Rotterdam van maart 2023 over de APV bepaling van Rotterdam. De APV bepaling van Rotterdam was overigens inhoudelijk een andere APV bepaling, dan de nu aan u voorgestelde APV bepaling. Hetzelfde geldt voor de aangepaste APV bepaling van Ridderkerk, die overigens ook weer afweek van die van Rotterdam. De hoogste bestuursrechter (Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State) heeft zich overigens over de Rotterdamse APV bepaling niet uitgelaten. Het is dus de vraag of deze uitspraak op zich staat. De opgenomen APV bepaling komt uit de modelverordening APV van de VNG, is dezelfde bepaling als in de handreiking districtelijk model APV “ondermijningsproof” Samen Weerbaar en Weerbaar Gelderland-Zuid en wordt door de omliggende gemeenten Nijmegen, Druten en Wijchen gehanteerd. De gemeente Berg en Dal kent geen messenverbod in de APV. Het aanpassen van het u voorgestelde APV artikel aan het aangepaste APV artikel in Ridderkerk betekent niet dat deze bepaling uiteindelijk niet in rechte kan worden aangevochten. Omdat

Vragen die maandag 31 maart 2025 voor 9.00 uur zijn ingediend, worden uiterlijk woensdag 2 april 2025 om 16.00 uur beantwoord. De antwoorden worden bij het betreffende agendapunt van de betreffende vergadering geplaatst. Wees zorgvuldig en concreet in de vraagstelling en geef duidelijk aan op welke pagina van het raadsvoorstel uw vraag betrekking heeft.

Technische vragen Integrale commissie 3 april 2025 Antwoord Blz.

Fractie

(*agendapunt) bepalingen van verordeningen niet rechtstreeks appellabel zijn, kan slechts indirect via een besluit waartegen bezwaar en beroep openstaat, iets in rechte van een APV bepaling worden gevonden.

20

PvdA

Agendapunt 7.3, Bijlage II (art. 2:50a APV) Welke bevoegdheden hebben boa’s ten aanzien van het handhaven van artikel 2:50a?

Dit doet aan de voorkant niet af aan de handhaafbaarheid van het artikel. Evenzo als bij andere bepalingen uit de APV kunnen Boa’s handhavend optreden. Zo kunnen zij bij constatering van overtredingen van bepalingen uit de APV onder andere procesverbaal opmaken van overtredingen, staande houden en boetes opleggen.

Vragen die maandag 31 maart 2025 voor 9.00 uur zijn ingediend, worden uiterlijk woensdag 2 april 2025 om 16.00 uur beantwoord. De antwoorden worden bij het betreffende agendapunt van de betreffende vergadering geplaatst. Wees zorgvuldig en concreet in de vraagstelling en geef duidelijk aan op welke pagina van het raadsvoorstel uw vraag betrekking heeft.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15358906/3