Beantwoording technische vragen CDA raadsvergadering 18 april 2024
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen bestemmingsplan “Molenstraat ong.”, 11 april 2024 N.a.v. commissie Ruimte 4 april 2024
1. Welke objectieve gronden liggen ten grondslag aan het toestaan van woningbouw op deze locatie en het verlenen van medewerking aan het aanpassen van het bestemmingsplan? De Structuurvisie Lierdal was kaderstellend tijdens de voorbereiding van het plan. Erin zijn zoekgebieden aangegeven voor potentiële woningbouw. Deze volgen o.a. een gedeelte van de Rijksweg en Molenstraat. De locatie van het plan “Molenstraat ong.” ligt buiten een bestaande bebouwingscontour, maar is wel gelegen in een dergelijk zoekgebied. Het beleid voor deze zoekgebieden is dat een woningbouwontwikkeling kan plaatsvinden indien er per saldo een kwaliteitsverbetering van het landschap plaatsvindt. Deze kwaliteitsverbetering moet worden afgekocht door storting in een fonds, op grond van de voorwaarden en prijsbepaling in de Structuurvisie Lierdal. N.B. is dat voor twee woningen van 800 m³ dus tweemaal €100.000,- (prijspeil 2010). Voor het plan “Molenstraat ong.” is gebruik gemaakt van deze verruimde mogelijkheid om in Buitengebied, waar woningbouwontwikkelingen in principe ongewenst zijn, toch twee woningen toe te kunnen voegen. De aanwijzing als zoekgebied voor (beperkte) woningbouw vormde het stedenbouwkundige c.q. planologische argument om deze locatie voor de ontwikkeling ook geschikt te achten, en hiervoor een aanvraag in behandeling te nemen.
Hierna is de reguliere procedure voor een bestemmingsplan onder de Wro gevolgd. Er is beoordeeld dat er sprake is van een goede ruimtelijke ordening, onderbouwd door de plantoelichting met bijbehorende onderzoeken. Er is een anterieure overeenkomst opgesteld voor afwenteling van planschade en eventuele financiële risico’s in het verlengde van het plan. Het plan heeft ter inzage gelegen en hiertegen zijn geen zienswijzen ingediend. De volgende grond voor toestemming is vaststelling door uw raad. Na onherroepelijkheid kan een omgevingsvergunning voor de bouw van de woningen worden verleend. 2. Welke objectieve gronden liggen ten grondslag aan het toepassen van geen natuur compensatie door de initiatiefnemer(s)ten behoeve van de beoogde woningbouw? Het beleid voor het Lierdal is dat er bij (bouw) ontwikkelingen per saldo sprake is van kwaliteitsverbetering van het landschap. Bij de beoordeling van het plan “Molenstraat ong.” is de landschappelijke inpassing ten behoeve van de ontwikkeling op zichzelf toereikend geacht in het kader van deze kwaliteitsverbetering. Het plan voor de landschappelijke inrichting is gekoppeld aan de regels van het plan, waardoor een wettelijke verplichting bestaat dat de erfinrichting binnen een jaar na de bouwaanvraag wordt uitgevoerd. 3.
Op basis van welke objectieve gronden hoeven de initiatiefnemers geen donatie te doen in het Lierdalfonds ter versterking van de natuur in het Lierdal? Bij de terinzagelegging van het ontwerpplan heeft het college besloten om af te wijken van de in de Structuurvisie verplicht gestelde compensatie c.q. storting in het fonds. De motivering hiervoor is dat het college de verplichte bijdrage aan het fonds voor deze ontwikkeling buitenproportioneel acht. Het college meende dat deze verplichting niet in verhouding staat tot de negatieve landschappelijke impact van dit plan, mede door de ligging van dit perceel aan een kennelijk stedenbouwkundig lint. De natuurontwikkeling in het kader van de afgesproken landschappelijke inpassing werd voldoende ruim geacht om op zichzelf voor de
woningbouwontwikkeling te compenseren. Verder is in deze afweging betrokken dat er tot op heden voor geen enkel initiatief een bijdrage is geleverd aan het fonds. 4. Op basis van welke objectieve gronden mogen andere grondeigenaren onder dezelfde voorwaarden als de initiatiefnemers van de Molenstraat ook woningbouw realiseren? Dit onder het motto van “gelijke monniken, gelijke kappen.” Voor deze locatie is het college uitgegaan van maatwerk. Er zijn geen objectieve gronden op basis waarvan bij (nieuwe) aanvragen op dezelfde manier kan worden gehandeld. De Structuurvisie Lierdal, waarvan de uitgangspunten zijn overgenomen in onze Omgevingsvisie, blokkeert woningbouwontwikkelingen in het gebied, tenzij een ontwikkeling binnen de zoekzone Rijksweg/ Molenstraat ligt en financieel wordt gecompenseerd volgens de voorwaarden en prijsbepalingen in het fonds. Gemotiveerd afwijken is mogelijk maar moet worden aangepakt volgens de beginselen die bij het afwijken op de Omgevingsvisie horen.