B102 Zienswijze college Wijchen op Actualisatieplan Omgevingsverordening provincie Gelderland (2021-004919)
Tekst van het document
Gemeente Wijchen
Provincie Gelderland T.a.v. het college van Gedeputeerde Staten (zaaknummer 2021-004919) Postbus 9090 6800 CK Arnhem
Domein Fysieke leefomgeving Team Gebiedsontwikkeling
Kasteellaan 27 Postbus 9000 6600 HA Wijchen t 088 432 70 00 e gemeente@wijchen.nl
contactpersoon contactpersoon Patrick Aelmans Patrick Aelmans t 088 432 7172 t 088 432 7172
datum 29 juni 2021 onderwerp Zienswijze van gemeente Wijchen op Actualisatieplan Omgevingsverordening 8 (zaaknummer 2021-004919). verzonden
ons kenmerk ons kenmerk Z/21/063200 Z/21/063200
Geacht College, Op 10 mei heeft u het ontwerp-actualisatieplan 8 van de Omgevingsverordening 2022 ter inzage gelegd tot en met 21 juni 2021. Tijdens deze periode kon iedereen een zienswijze indienen. Wij hadden hiervoor meer tijd nodig en daarom uitstel gevraagd. U heeft ons die gegeven. Met deze brief geven wij onze inhoudelijke reactie op het ontwerpactualisatieplan 8 van de Omgevingsverordening 2022. Op de volgende pagina van deze brief lichten wij onze zienswijze toe. Voor eventuele vragen kunt u contact opnemen met de heer Josten, team Milieu (E: r.josten@drutenwijchen.nl M: 06-38299100). Hoogachtend, College van burgemeester en wethouders,
Drs. R. Boer
Mw. M. van Beek
www.wijchen.nl
Zienswijze op Actualisatieplan 8 en ontwerp Omgevingsverordening 2022 provincie Gelderland Gemeente Wijchen Datum: 29 juni 2021 Wij constateren een mismatch tussen de ontwerp-Omgevingsverordening en het definitief bod RES 1.0 ten aanzien van verkenningsgebieden voor windturbines Bij de concept Omgevingsverordening 2022, Actualisatieplan 8 zijn kaarten bijgevoegd. Op de kaart ‘Verkenningsgebied voorwaarden windturbines Gelders Natuurnetwerk’ worden verkenningsgebieden aangewezen op Wijchens grondgebied, te weten een lang lint langs de Maas tussen spoor en Loonsche Waard nabij Niftrik en twee zones nabij Knooppunt Bankhoef en dichtbij het dorp Lienden. En tot slot een verzameling aan zones tussen Hernen en Leur. Ontwikkelaars voor windparken mogen dus in deze gebieden de mogelijkheden voor windenergie verkennen. De gebieden tussen Hernen en Niftrik vinden wij geen goede gebieden voor windenergie omdat er geen draagvlak is bij vele inwoners van dit gebied (er is veel actie gevoerd). Daarom hebben wij ons hard gemaakt om deze verkenningsgebieden niet op te nemen in het definitief bod RES 1.0. Wel heeft de gemeenteraad toestemming gegeven voor de realisatie van een windpark ten noordwesten van bedrijventerrein Bijsterhuizen en voor 30 hectare zonneparken.
De afspraken die zijn opgenomen in het bod RES 1.0, zijn tot stand gekomen na een intensief participatieproces en een bestuurlijk proces. Dit bod is door zowel de gemeenteraden van alle regiogemeenten, als de provincie vastgesteld. Vanwege dit intensief bestuurlijk en politiek proces, gaan we er vanuit dat alle bestuurlijke afspraken en kaarten die zijn gemaakt in het kader van het bod RES 1.0, leidend zijn. Wij vinden het aanwijzen van verkenningsgebieden voor windenergie op grondgebied van Wijchen in de Omgevingsverordening verwarrend en niet gewenst. Deze gebieden moeten overeenkomen met de verkenningsgebieden die zijn opgenomen in het bod RES 1.0. Want als dit niet zo is, kunnen ontwikkelaars van windparken via een Provinciaal Inpassings Plan (PIP) aan de slag op Wijchens grondgebied, zonder dat daarvoor politiek draagvlak is. Bovendien concurreren deze initiatieven op het onderstation van het elektriciteitsnetwerk, met de initiatieven van het RES bod waarvoor wel draagvlak is. Dit komt een breed gedragen RES bod niet ten goede en voldoet niet aan de eisen van het Nationaal Klimaatakkoord. Wij verzoeken u om de volgende afspraak op te nemen in de Omgevingsverordening: De definitieve afspraken en kaarten die in het kader van het RES proces zijn gemaakt, zijn leidend voor het handelen van de provincie.
Het betreft de definitieve afspraken en kaarten die worden aangeboden aan het Nationaal Programma RES). Daarnaast roepen wij de provincie op om alles in het werk te zetten om provinciale inpassingsplannen op grondgebied van Wijchen (en andere gemeenten) te voorkomen. Na een intensief participatieproces hebben we namelijk in bod RES 1.0, goede (ruimtelijke) afspraken gemaakt over en kaarten gemaakt voor de verkenningsgebieden voor windenergie (o.a. paragraaf 3.3.3 en 4.1.2). Wij vinden het onverstandig als van deze RES afspraken wordt afgeweken.
Wij hebben vragen over de afwijkingsmogelijkheden bij windturbines In de concept tekst van Omgevingsverordening 2022, artikel 5.7 op pagina 120 staat dat er geen alternatieventoets nodig is in de verkenningsgebieden voor windturbines. Wij willen graag weten waarom hiervoor geen alternatieventoets nodig is. In het Gelders Natuurnetwerk gaat het niet alleen om oppervlakte en kwaliteit maar ook over natuurwaarden van flora en fauna. Graag ontvangen wij hierop een toelichting. In de tweede alinea staat dat de verloren oppervlakte aan natuur voor 200 procent moet worden gecompenseerd. Wij willen graag weten met welke methode wordt bepaald hoe de oppervlakte, samenhang en kwaliteit van het natuurnetwerk behouden blijft. Wij hebben diverse vragen over het thema water
In het ontwerp-actualisatieplan 8 van Omgevingsverordening (versie 15-04-2021), pagina 12 onder het kopje ‘Zwemwater’ staat dat als de provincie een zwemlocatie heeft aangewezen en er géén sprake is van exploitatie van de zwemlocatie, de gemeente als houder wordt aangewezen. De houder moet ervoor zorgen dat de zwemlocatie wordt beheerd en onderhouden (afval inzamelen, terrein schoonhouden, hondenverbod, terreinonderhoud, enz.). Hier is verduidelijking nodig hoe zo’n aanwijzing tot stand komt en of de gemeente daarin geraadpleegd wordt. Het kan niet de bedoeling zijn dat de gemeente tot houder wordt aangewezen, terwijl de gemeente geen financiële middelen heeft voor het beheer en onderhoud.
In het ontwerp-actualisatieplan 8 van Omgevingsverordening (versie 15-04-2021), pagina 13 onder het kopje ‘Financiële bepalingen grondwaterbescherming’ is aangegeven dat de financiële bepalingen over de schadevergoedingsregeling van de Wet milieubeheer niet in de nieuwe Omgevingsverordening staat. De nieuwe regels voor nadeelcompensatie in de Omgevingswet en de Algemene wet bestuursrecht zouden bijna hetzelfde kader bieden, waardoor het niet langer noodzakelijk is om dit specifiek in de omgevingsverordening te regelen. De kaders zijn blijkbaar niet hetzelfde. Niet duidelijk is, waar het verschil precies in schuilt. Het kan niet de bedoeling zijn dat de gemeente daardoor benadeeld wordt en in voorkomende gevallen schade lijdt, maar geen aanspraak op enige vergoeding meer kan maken.
In de concept tekst Omgevingsverordening 2022, artikel 4.20 lid 2, pagina 24 staat dat in een grondwaterbeschermingsgebied zónder melding géén baggerspecie mag worden toegepast, waarvan de kwaliteit de achtergrondwaarde overschrijdt overeenkomstig het Besluit bodemkwaliteit. Maar volgens lid 2 mag diezelfde baggerspecie wél zonder melding over de aan de watergang grenzende percelen worden verspreid. Als de gemeente de eigenaar is van een aan de watergang grenzend perceel en de ontvangen baggerspecie (ingedikt) wil toepassen als bijvoorbeeld bermaanvulling langs een weg in het grondwaterbeschermingsgebied, moet zij wél melding doen. Op grond waarvan wordt dit onderscheid gemaakt? Het gaat hier om dezelfde baggerspecie en feitelijk dezelfde grondwaterbedreigende activiteiten? www.wijchen.nl
In de concept tekst Omgevingsverordening 2022, artikel 6.14 en 6.15 op pagina 53 staat: In de ‘Instructieregels rangorde bij waterschaarste’ is géén van de wateren van Waterschap Rivierenland aangewezen. Zover bekend hanteert Waterschap Rivierenland voor zijn beheergebied wél een rangorde bij waterschaarste. Is dit een omissie in de Omgevingsverordening?
Wij hebben enkele aanvullende voorstellen voor het thema Zonneparken.
Naar aanleiding van de concept tekst Omgevingsverordening 2022, artikel 5.73 op pagina 133 (oogmerk instructieregels over zonneparken) stellen wij voor om als laatste regel van dit artikel de volgende regel toe te voegen: ‘Het realiseren van zonneparken in het buitengebied en langs de gemeentegrenzen, dient afgestemd te worden met de buurgemeenten’.
In de concept tekst Omgevingsverordening 2022, artikel 5.74 onder lid 1 op pagina 134 staat dat de gemeente rekening moet houden met de capaciteit van het elektriciteitsnet. Hiermee kan de gemeente geen rekening houden, want de gemeente heeft geen inzicht in de netcapaciteit. De netbeheerder heeft dit inzicht. Door de diverse vastgestelde regionale energie strategieën in de provincie, worden er de komende jaren meerdere zonneparken tegelijk ontwikkeld. Deze projecten kunnen niet tegelijk worden aangesloten op het elektriciteitsnet van Liander. Fasering van de ontwikkeling van zonneparken rondom een onderstation dient gereguleerd te worden. Dit voorkomt frustratie bij de realisatie van zonneparken. De rol van de netbeheerder dient een plaats te krijgen als onderdeel van deze instructieregel. Voorstel wijziging artikel 5.74, lid 1, derde alinea: de regel ‘De ontwikkeling van zonneparken heeft impact op de beschikbare netcapaciteit, zowel voor andere functies als voor de netbeheerder die hiervoor mogelijk investeringen moet doen’. wijzigen in: ‘Bij elk initiatief voor een zonnepark of voor een grootschalig zon op bedrijfsdak project, dient de gemeente in gesprek te gaan met de netbeheerder. Zij gaan samen na wanneer het zonne-initiatief op het elektriciteitsnet kan worden aangesloten. De vergunningverleningsprocedure dient hierop te worden afgestemd .