24.A41 Raadsmededeling Addendum kadernota
Tekst van het document
RAADSMEDEDELING Onder embargo Onderwerp: Datum:
Addendum Kadernota 2025 - 2028 25 juni 2024
Samenvatting Sinds het opstellen van de Kadernota en de beraadslaging ervan in uw raad zijn er diverse ontwikkelingen geweest die financiële impact hebben op het meerjarenperspectief. De meicirculaire is hierbij het meest in het oog springend, maar ook de begroting van Munitax is inmiddels bekend en de maandrapportage over maart en april is door het college vastgesteld. Hierdoor ontstaat het volgende geactualiseerde financieel meerjarenperspectief. Omschrijving Saldo concept Kadernota Maandrapportage maart - april Begroting Munitax Saldo meicirculaire Actueel meerjarenperspectief Waarvan incidenteel
2025 -324.345 8.457 -246.000 -428.709 -990.596 1.056.000
2026 -684.894 7.844 -98.000 137.956 -637.094 100.000
2027 -539.445 11.703 -98.000 171.293 -454.448 -
2028 -264.521 11.703 -98.000 416.331 65.514 -
Zoals te zien sluit 2025 met bijna € 1 miljoen tekort. Structureel is 2025 overigens wel sluitend, omdat met name de uitname in 2025 van € 675.000 uit het gemeentefonds als incidenteel beschouwd mag worden. De jaren 2026 en 2027 laten een structureel tekort zien. In 2028 is een licht positief resultaat zichtbaar. Dit lichte positieve resultaat is broos, zeker gezien onzekerheden over de ontwikkelingen die vanuit het Rijk en verbonden partijen nog op ons af komen. Het college heeft daarom in de bijlage knoppen in beeld gebracht waaraan kan worden gedraaid die kostenbesparend en/of inkomstenverhogend werken.
Toelichting Financieel effect meicirculaire 2024: Het bruto verschil tussen deze meicirculaire 2024 en de voorgaande decembercirculaire 2023 is als volgt: (+ = een budgettair voordeel en - een budgettair nadeel). Omschrijving Algemene uitkering na decembercirculaire Uitkomsten meicirculaire 2024 Verschil decembercirculaire vs meicirculaire
2024 29.362.078 29.972.419 610.341
2025 30.820.986 30.606.923 -214.063
2026 29.592.925 29.993.540 400.615
2027 30.735.140 31.003.240 268.100
2028 31.754.425 32.085.751 331.326
De belangrijkste in het mutaties zijn de volgende; Volume accres In de meicirculaire 2024 is de nieuwe financieringssystematiek vervroegd van 2027 naar 2024. Het betekent dat de koppeling van het accres aan de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (bbp) per 2024 al is ingevoerd. Het volume accres wordt vanaf 2024 gebaseerd op een 8-jaars historisch gemiddelde (t-9 t/m t-2) van de ontwikkeling van het bbp. Door het toepassen van de Zaak Document
: :
222506 222508
ontwikkeling van het bbp vanaf 2024 zijn de tranches voor de jaren 2024 en 2025 lager dan in de Miljoenennota 2024. Verder worden de tranches voor de jaren 2024 en 2025 structureel opgenomen in plaats van incidenteel. Hierdoor is het volume accres voor de jaren 2024 en 2025 lager dan in de septembercirculaire 2023 en vanaf 2026 en verder hoger. LPO accres In de meicirculaire 2024 is het LPO accres eerst geactualiseerd voor de macro-economische cijfers van het Centraal Economisch Plan (CEP) 2024. Vervolgens is de indexatie voor loon- en prijsontwikkeling vanaf 2024 gebaseerd op de prijs bruto binnenlandse product (pbbp). Onderstaande tabel toont het volume accres en het LPO accres voor gemeente Heumen in de meicirculaire. Incidentele compensatie In verband met het vervroegen van de gewijzigde bbp-indexatie van 2027 naar 2024 dalen het volume en LPO accres voor de jaren 2024 tot en met 2029. Voor 2024 wordt dit volledig gecompenseerd en voor 2025 voor ongeveer 50%, zodat een tekort van € 675 miljoen resteert. Voor de jaren 2026 tot en met 2029 vindt compensatie plaats, zodat uiteindelijk voor de gemeenten een positief saldo resulteert van macro € 675 miljoen, gelijk aan het bedrag van het schrappen van de oploop van de opschalingskorting. Voor Heumen gelden onderstaande bedragen voor de compensatie.
Opschalingskorting Sinds 2015 worden gemeenten geconfronteerd met een korting op het gemeentefonds, die oploopt tot € 975 miljoen in 2026. Deze korting is opgelegd omdat gemeenten door gedwongen opschaling kosten zouden besparen. Sinds 2019 is een stand van de opschalingskorting bereikt van € 300 miljoen. In de meicirculaire 2024 is de oploop van de opschalingskorting vanaf 2026, een structurele uitname van € 675 miljoen, geschrapt. Voor Heumen is dit effect structureel € 486.000 vanaf 2026. BTW-Compensatie Fonds (BCF) Het BTW-Compensatiefonds (BCF) heeft een plafond. Indien minder gedeclareerd wordt dan dit plafond, wordt dat teruggestort in het gemeentefonds. Gemeenten zijn in 2023 € 573 miljoen onder dit plafond gebleven met declaraties. In de septembercirculaire 2023 werd al een voorschot van € 359 miljoen uitbetaald. De definitieve afrekening BCF bedraagt hierdoor € 214 miljoen extra en dit bedrag wordt in 2024 incidenteel toegevoegd. Voor gemeente Heumen bedraagt deze afrekening € 154.000. Op basis van de ruimte onder het plafond over het jaar 2023 van € 573 miljoen, mag in de begroting 2025-2028 een structurele stelpost worden opgenomen. Dit komt overeen met 19 punten uitkeringsfactor, voor Heumen ca. €408.500. Gemeente Heumen kiest ervoor om 50% op te nemen, afgerond € 200.000 structureel. Dit levert structureel een voordeel op van € 90.000.
Hoeveelheidsverschillen Als gevolg van het bijstellen van de aantallen, is er sprake van een lichte daling van de algemene uitkering (jaarlijks maximaal € 90.000) ten opzichte van de decembercirculaire. De belangrijkste bijstellingen betreft het aantal inwoners van 75+, inwoners met een laag opleidingsniveau en huishoudens met laag inkomen. Er is wel een extra dorpskern (volgens de definitie voor het gemeentefonds), wat een voordeel oplevert van zo’n € 170.000.
Besparingsverlies Jeugd In het coalitieakkoord Rutte IV is een aanvullende besparing op Jeugdzorg opgenomen die oploopt naar structureel € 511 miljoen vanaf 2027. De geraamde besparing van € 500 miljoen in 2025 kan nog niet gerealiseerd worden, omdat de maatregelen die tot besparing moeten leiden nog niet zijn gerealiseerd. Daarom wordt incidenteel € 500 miljoen toegevoegd aan de algemene uitkering van het gemeentefonds. NB: veel gemeenten hebben hier een stelpost aan de lastenkant tegenover. Deze moet dan ook voor 2025 vervallen. Het effect is dan per saldo budgettair neutraal. WOZ Als gevolg van actualisatie van de WOZ-waarden, ontstaat een voordeel van € 20.000 in 2024. Vanaf 2025 geeft de inschatting van de waarden en de ontwikkeling van het rekentarief een nadeel van € 163.000 per jaar. Reserveringen/ verrekeningen Zoals bij elke circulaire wordt een aantal posten gereserveerd of verrekend voor het doel van de uitkering. Bij de meicirculaire worden tevens de stelposten voor loon- en prijsontwikkeling bijgesteld aan de door het Rijk beschikbaar gestelde ruimte hiervoor. Omschrijving Bruto uitkomst meicirculaire 2024 Reserveringen/verrekeningen Actualiseren toegevoegde jaarschijf 2028 naar stand decembercirculaire 2023 Stelpost loon- en prijsontwikkeling Afschaffing oploop opschalingskorting Besparingsverlies Jeugd Implementatie omgevingswet Totaal reserveringen
2024 610.341
2025 -214.063
2026 400.615
2027 268.100
2028 331.326
-29.937
99.354
243.341 -506.000
405.193 -502.000
1.019.285 -435.280 -499.000
-93.000 -122.937
-214.646
-262.659
-96.807
85.005
Budgettair effect meicirculaire na reserveringen
487.404
-428.709
137.956
171.293
416.331
-314.000
In de kadernota is de jaarschijf 2028 toegevoegd als laatste jaar van de meerjarenraming. In feite worden de structurele budgetten doorgetrokken van 2027 naar 2028. Voor wat betreft de algemene uitkering wordt daardoor uitgegaan van het saldo van 2027, terwijl dat voor de algemene uitkering niet klopt. Bij de verwerking van de meicirculaire wordt daardoor een verrekening gemaakt, zodat de saldi van de circulaires weer aansluiten bij het meerjarenperspectief. De stelpost loon en prijsontwikkeling wordt bijgesteld naar de BBP percentages, zoals het Rijk die voortaan toepast voor de indexering naar gemeenten. De afschaffing van de oploop van de opschalingskorting was in de kadernota reeds voorzien. Die bedragen worden nu tegen geboekt om te voorkomen dat we tweemaal het voordeel inboeken. Zoals al aangegeven staat tegenover de besparing op jeugdzorguitgaven een stelpost. Nu de besparing niet mogelijk is en wij extra middelen vanuit het Rijk ter compensatie ontvangen wordt met hetzelfde bedrag de stelpost verlaagd, waardoor het per saldo budgettair neutraal verloopt. Voor de implementatie van de omgevingswet is een bestemmingsreserve ingesteld. Voorgesteld wordt om deze middelen ook beschikbaar te houden voor de implementatie en te doteren in deze bestemmingsreserve.
Actualisatie financieel perspectief Na instemming van het college met de concept Kadernota 2025-2028 hebben de volgende ontwikkelingen plaatsgevonden; Omschrijving Saldo concept Kadernota Maandrapportage maart - april Begroting Munitax Saldo meicirculaire Actueel meerjarenperspectief Waarvan incidenteel
2024 -795.505 -206.548 487.404 -514.649
2025 -324.345 8.457 -246.000 -428.709 -990.596 1.056.000
2026 -684.894 7.844 -98.000 137.956 -637.094 100.000
2027 -539.445 11.703 -98.000 171.293 -454.448 -
2028 -264.521 11.703 -98.000 416.331 65.514 -
Zoals te zien sluit 2025 met bijna € 1 miljoen tekort. Structureel is 2025 overigens wel sluitend, omdat met name de uitname in 2025 van € 675.000 uit het gemeentefonds als incidenteel beschouwd mag worden. De jaren 2026 en 2027 laten een structureel tekort zien. In 2028 is een licht positief resultaat zichtbaar. Dit lichte positieve resultaat is broos, zeker gezien onzekerheden over de ontwikkelingen die vanuit het Rijk en verbonden partijen nog op ons af komen. Het college heeft daarom in de bijlage knoppen in beeld gebracht waaraan kan worden gedraaid die kostenbesparend en/of inkomstenverhogend werken. Vervolg Tussen het vaststellen van de kadernota en het opstellen van de begroting zullen nog de nodigde budgettaire ontwikkelingen plaatsvinden. Het college zal daardoor nu nog geen keuze voor besparingen maken, maar bovenstaande mogelijkheden wel betrekken bij het opstellen van de begroting. Waar het nodig blijkt zal het college dan passende besparingsmogelijkheden aan uw raad voorstellen.
25 juni 2024 burgemeester en wethouders
mr. J. de Graaf Gemeentesecretaris
mr. J.W.M.S. Minses Burgemeester
Bijlage: Bijlage 1 Knoppen voor besparingsmogelijkheden c.q. inkomstenverhogingen