Raadsvoorstel 9.1 Zienswijze gemeenschappelijke regeling NRIJ
Tekst van het document
Zaaknummer
2024-0006943
Agendanummer
9.1
Datum vergadering
maandag 4 maart 2024 om 20:00 uur
Aan
Gemeenteraad
Betreft
Zienswijze gemeenschappelijke regeling NRIJ
Portefeuillehouder
J. Oelfke-ten Seldam
Vertrouwelijk:
Nee
Voorgesteld besluit de zienswijze op de ontwerpwijziging gemeenschappelijke regeling natuur- en Recreatieschap IJsselmonde vast te stellen
Beknopte samenvatting De Wet Gemeenschappelijke Regelingen is op 1 juli 2022 in werking getreden. Als gevolg hiervan zijn op 1 juli 2022 direct enkele wijzigingen in de teksten van gemeenschappelijke regelingen in werking getreden. Een aantal onderdelen zal binnen twee jaar moeten worden verwerkt in alle gemeenschappelijke regelingen, waaronder in de Gemeenschappelijke Regeling Natuur- en Recreatieschap IJsselmonde.
Toelichting Inleiding Op 1 juli 2022 is de Wet gemeenschappelijke regelingen gewijzigd. Deze wijziging heeft als doel de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen en de kaderstellende en controlerende rol van de gemeenteraden en Provinciale Staten in relatie tot hun gemeenschappelijke regelingen te versterken. Een aantal van deze wijzigingen is op 1 juli 2022 direct in werking getreden, maar een ander deel zal binnen twee jaar na inwerkingtreding verwerkt moeten worden in alle gemeenschappelijke regelingen. Bij het voorstel over de zienswijzen op de verbonden partijen (raadsbesluit 5 juni 2023) hebben wij aangekondigd dat de gemeenschappelijke regelingen (GR-en) naar verwachting in het najaar van 2023 met voorstellen voor aanpassingen van de teksten zouden komen. De wijzigingen in de tekst van de Gemeenschappelijke Regeling natuur- en Recreatieschap IJsselmonde liggen nu voor. Het college van de gemeente Barendrecht heeft op 16 januari een brief (bijlage) gestuurd over de wijziging van de gemeenschappelijke regeling. Daarin wordt aandacht gevraagd voor hetgeen in de ontwerpwijziging is opgenomen over het uittredingsplan en specifiek de eigendomspositie van de gronden bij uittreding. Barendrecht verzoekt dit mee te nemen in uw overwegingen.
Beoogd effect Het voldoen aan de Wet Gemeenschappelijke Regelingen die op 1 juli 2022 in werking is getreden en het sturing geven aan de inhoud van de gemeenschappelijke regeling. 1
Argumenten Deelnemers kunnen hun zienswijze kenbaar maken De raden worden in de gelegenheid gesteld hun zienswijze over de ontwerpwijziging van de gemeenschappelijke regeling kenbaar te maken. De colleges worden verzocht de door de raden ingebrachte zienswijzen aan het NRIJ te sturen. Het algemeen bestuur besluit daarna (in meerderheid) tot een definitief wijzigingsvoorstel dat vervolgens wederom aan de deelnemers zal worden voorgelegd. Voor een definitief besluit van de deelnemers om de regeling te wijzigen, is toestemming van de deelnemers vereist. Dit betekent dat de raden twee keer in het proces tot wijziging van de regeling worden betrokken. Niet elke verandering hoeft te worden opgenomen in de tekst van de gemeenschappelijke regeling In de bijlage 'Wijziging wet gemeenschappelijke regelingen' is aangegeven welke wijzigingen per 1 juli 2022 automatisch van kracht zijn gegaan en welke wetswijziging een wijziging van de gemeenschappelijke regeling NRIJ voor 1 juli 2024 tot gevolg heeft. De zienswijzeprocedure blijft, rekening houdend met de wettelijke termijnen, gelijk aan de praktijk van de afgelopen jaren De wijzigingen in de begrotingscyclus zoals nu opgenomen in de Wgr, kent een aantal praktische bezwaren, waaronder een zienswijze termijn die valt in het zomerreces.
Ook is de aanlevering van de kadernota van gemeenschappelijke regelingen verplaatst van 15 april tot 30 april. Deze datum ligt laat ten opzichte van de planning van de gemeentelijke kadernota. Door aan te sluiten bij de huidige praktijk, wordt een zienswijzeprocedure in de zomermaanden voorkomen en wordt de begroting voor de zomer vastgesteld waardoor gemeenten de definitieve bijdrage in de gemeentelijke begroting kunnen verwerken. De zienswijzetermijn is verruimd van 8 weken naar 12 weken. De termijn van 8 weken was expliciet voor de gemeenteraden om na aanbieding van de stukken te reageren. De termijn van 12 weken telt terug vanaf het moment dat het dagelijks bestuur uw zienswijze met reactie aanbiedt aan het Algemeen Bestuur. In de praktijk wijzigt uw reactietijd niet veel.
Een aantal punten geeft aanleiding tot het indienen van een zienswijze Wij kunnen ons grotendeels vinden in de voorgestelde wijzigingen van de GR-tekst. Een aantal onderdelen geeft aanleiding tot een reactie. A. Inspraak In de regeling is nu geen mogelijkheid opgenomen om in te spreken. In de zienswijze stellen wij voor dit alsnog te doen. Voor belanghebbenden moet het mogelijk kunnen zijn in te spreken op openbare en niet-vertrouwelijke onderwerpen die zijn geagendeerd in de vergaderingen van het Algemeen Bestuur. Dit is uitgezonderd de verslagen van de vergaderingen van het Algemeen Bestuur. Het verzoek is hierover een artikel op te nemen in de regeling, namelijk: Wij bieden de mogelijkheid tot inspraak in de AB vergadering. Dit moet minimaal 10 dagen van te voren met opgave van onderwerp aangevraagd worden. De voorzitter past dit in in de vergaderorde. Onderwerpen waar minder dan een 1 jaar geleden besluitvorming over heeft plaatsgevonden in het AB komen niet voor inspraak in aanmerking. B. Evaluatie In artikel 3 zijn bepalingen geformuleerd over de evaluatie van de regeling. Het is verplicht hierover afspraken te maken. Wij stellen voor dit nader te duiden en aan te vullen. We verzoeken om daartoe lid 3 van artikel 3 te vervangen door de volgende tekst: het AB stelt vooraf het doel en de reikwijdte van de evaluatie vast, alsmede de wijze van evalueren.
Daarbij worden de deelnemers gehoord. C. Afspraken over uittreding In artikel 43 staat de procedure over uittreding beschreven. Hierin staat dat een conceptuittredingsplan voor een zienswijze aan de raad wordt voorgelegd. Daarna wordt het definitieve uittredingsplan nogmaals voor zienswijze aan de raden voorgelegd. Het twee maal
2
aanbieden voor een zienswijze neemt veel tijd in beslag. Wij stellen voor om het conceptuittredingsplan voor zienswijze voor te leggen aan de deelnemende colleges. Dit neemt minder tijd in beslag, maar biedt wel de mogelijkheid te reageren op het concept-uittredingsplan. Wij stellen voor artikel 43, lid 4 dusdanig aan te passen. De gemeente Barendrecht vraagt aandacht voor de overdracht van gronden na uittreding De gemeente Barendrecht heeft op 16 januari een brief gestuurd over de wijziging van de gemeenschappelijke regeling. In deze brief wordt aandacht gevraagd voor hetgeen in de ontwerpwijziging is opgenomen over het uittredingsplan. Daarbij is opgenomen dat de gevolgen van het uittreden voor de eigendomspositie van de gronden van het NRIJ buiten beschouwing worden gelaten (artikel 42, lid 2). De deelnemers moeten hier apart over onderhandelen. De gemeente Barendrecht geeft hierop aan dat de gronden daarmee mogelijk in eigendom kunnen blijven van het NRIJ. De overblijvende deelnemers blijven daarmee verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van de gronden. Barendrecht vindt dat niet wenselijk en wil in de nieuwe regeling opgenomen zien dat het eigendom van gronden in beginsel overgaat naar de uittredende gemeente. Barendrecht vraagt dit mee te nemen in uw overwegingen.
Wij stellen voor de door Barendrecht gewenste wijziging niet over te nemen, om de volgende redenen: • Wij hechten zeer veel waarde aan de instandhouding van natuur en recreatie in de NRIJgebieden. De natuur- en recreatiegebieden zijn van groot belang voor de gezondheid van onze inwoners. Deze gebieden staan echter onder druk. • De balans van het geheel staat voorop. Het goed verdelen van gebruik van gebieden en de natuur de kans geven om te herstellen zijn urgenter dan ooit. • Het belang om evenwicht te bewaren tussen de verschillende gebieden en het benodigd onderhoud. • Het op voorhand hanteren van gemeentegrenzen is nadelig voor de doelstellingen van het NRIJ. • Het voorstel van Barendrecht is een ongewenste prikkel om tot uittreden over te gaan. • De artikelen die in de ontwerpwijziging zijn opgenomen over een uittredingsplan zijn toereikend. Bovenstaande is nader uitgewerkt en onderbouwd in de zienswijze
Kanttekeningen Besluitvorming in uw raad voor 1 maart is niet mogelijk Verzocht wordt om uw zienswijze vóór 1 maart kenbaar te maken. Gezien de aanleverdatum van dit verzoek en de doorlooptijd van de reguliere besluitvorming, is dit niet mogelijk. Wij stellen daarom voor om de concept-zienswijze te verzenden aan het DB NRIJ na behandeling in de commissie Ruimtelijke Zaken van 27 februari. Dit gebeurt onder voorbehoud van vaststelling in uw raadsvergadering van 4 maart 2024.
Consequenties van het voorstel Begrotingswijziging Nee
Duurzaamheid N.v.t.
Financiën n.v.t.
3
Juridisch Op 1 juli is de nieuwe Wet Gemeenschappelijke Regelingen in werking getreden. Een aantal wijzigingen is op 1 juli direct in werking getreden, maar een ander deel moet binnen twee jaar worden verwerkt in alle gemeenschappelijke regelingen.
Communicatie en participatie n.v.t.
Vervolgstappen Planning van de vervolgstappen De zienswijzen van alle raden van de deelnemende gemeenten worden gestuurd naar het dagelijks bestuur van de regeling. De zienswijzen zullen daar worden afgewogen. Dit zal uiteindelijk leiden tot een aangepaste gemeenschappelijke regeling die aan de raden, colleges en burgemeesters zal worden aangeboden ter vaststelling.
Verantwoordelijkheid voor uitvoering Team bedrijfsvoering, bestuursadvies.
Burgemeester en wethouders van Hendrik-Ido-Ambacht De secretaris,
De burgemeester,
4
RAADSBESLUIT De raad van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht;
Gezien het voorstel van burgemeester en wethouders, voorstelnr. 2024-0006943
besluit:
de zienswijze op de ontwerpwijziging gemeenschappelijke regeling natuur- en Recreatieschap IJsselmonde vast te stellen
Aldus besloten door de raad der gemeente Hendrik-Ido-Ambacht in zijn openbare vergadering van 4 maart 2024
De griffier,
De voorzitter,
Drs. Ing. G.H. Logt
Mr. P. van der Giessen
5