Raadsvoorstel 7.5 Wet versterking decentrale rekenkamers instellen rekenkamer
Tekst van het document
Zaaknummer:
Vul uw zaaknummer in
Agendanummer: Datum raadsvergadering: Aan: Verzenddatum: Betreft:
7.5 3 juli 2023 De gemeenteraad 8 juni 2023 Wet versterking decentrale rekenkamers: instellen rekenkamer
Voorgesteld besluit: 1. 2. 3.
Te kiezen voor een onafhankelijke rekenkamer per 1 april 2023 (terugwerkende kracht) De nieuwe verordening Rekenkamer 2024 vast te stellen De huidige externe leden met terugwerkende kracht naar 1 april te benoemen voor 6 jaar - De heer A.J.A. Wijten (voorzitter) - Mevrouw L.M. Nijkamp (lid) - Mevrouw N. Guduk (lid)
____________________________________________________________________________ Samenvatting Op 1 januari 2023 is de Wet versterking decentrale rekenkamers in werking getreden. Dit betekent dat alle gemeenten uiterlijk op 1 januari 2024 een onafhankelijke rekenkamer moeten hebben. Een rekenkamerfunctie of -commissie is niet meer mogelijk. De gemeente Hendrik-Ido-Ambacht kent nog een rekenkamercommissie met drie onafhankelijke leden (waaronder de onafhankelijke voorzitter) en twee raadsleden. Dit betekent dat de huidige rekenkamercommissie uiterlijk per 1 januari 2024 zal moeten transformeren naar een onafhankelijke rekenkamer. ____________________________________________________________________________________ Toelichting Met de inwerkingtreding van de nieuwe wet zal de verordening ingetrokken moeten worden en zal een nieuwe verordening nodig zijn. Raadsleden en externe leden die de rekenkamerfunctie uitoefenen, verliezen na intrekking van de verordening dan wel uiterlijk op 1 januari 2024 van rechtswege het lidmaatschap van de rekenkamercommissie. De raad kan deze externe leden opnieuw benoemen als lid van de onafhankelijke rekenkamer, voor de wettelijke termijn van 6 jaar.
Voor bestaande rekenkamerfuncties is het niet mogelijk om in de verordening overgangsrecht op te nemen op grond waarvan een oude rekenkamercommissie nog werkzaamheden afrondt of op grond waarvan de nieuwe rekenkamer gehouden is een onderzoek af te ronden. Dat zou in strijd komen met de wet. De onafhankelijke rekenkamer (als rechtsopvolger van de rekenkamerfunctie) kan lopende onderzoeken wel voortzetten, of kan besluiten dat niet te doen. Op basis van de nieuwe wetgeving zijn er drie mogelijkheden om een lokale rekenkamer in te richten:
1
a. Een gezamenlijke rekenkamer met een aantal gemeenten De belangrijkste argumenten om niet over te gaan tot het inrichten van een gezamenlijke rekenkamer is de afstand van de rekenkamer tot de gemeenteraad en het gemis aan gevoel voor wat er in de gemeente leeft (couleur local). Daarnaast is er onvoldoende inzicht in het financiële reilen en zeilen van de rekenkamer. Ook ervaringen uit het verleden met gezamenlijke onderzoeken is gebleken dat er verschillende inzichten bestaan per gemeente. Ook in kader van de Drechtsteden is gekozen voor meer lokale betrokkenheid bij diverse beleidsterreinen waardoor de regionale samenwerking "De Drechtsteden" nu ingericht is als Smart Delta Drechtsteden. b. Een rekenkamer met één extern lid: het directeursmodel In dit model is er sprake van één aanspreekpunt (het gezicht van de rekenkamer). Vaak wordt de directeur ondersteund door een (vast) onderzoeksbureau en is de secretariële ondersteuning ingeregeld. Voordelen: • combinatie van onafhankelijkheid en betrokkenheid • ‘ontzorgt’ de organisatie • één aanspreekpunt: daadkrachtig • het onderzoeksbudget is flexibel in te zetten Nadelen: • •
verplichting voor 6 jaar continuïteit mogelijk kwetsbaar
c. Een rekenkamer met (meerdere) externe leden Dat behelst de huidige regeling, echter zonder leden vanuit de raad. In dit model blijven we werken zoals we al deden, de onderzoeksopdrachten worden geformuleerd door de rekenkamer, er worden offertes gevraagd bij verschillende onderzoeksbureaus. De keuze van bureaus wordt afgestemd op de opdracht. Op basis van het rapport van BMC met betrekking tot de onderzoeken van de afgelopen jaren kunnen er aanbevelingen uit komen die we in de werkwijze van de onafhankelijke rekenkamer kunnen betrekken. Voordelen: • • • • •
onafhankelijke positie continuïteit gewaarborgd (door tussenkomst van de griffie) een goede binding met raad en organisatie per opdracht te kiezen voor de beste prijs/kwaliteitsverhouding en afgestemd op het onderwerp griffie blijft ondersteunen, evenals nu. Continuering is dan gewaarborgd. De griffier functioneert ook als onderzoeksbegeleider/-aanspeekpunt voor het bureau dat een specifieke opdracht op dat moment uitvoert
Nadelen: • • •
werving, selectie en rechtspositionele zaken verplichting voor 6 jaar ondersteuning door de griffie kan onder druk komen te staan: menskracht, faciliteiten
Gevolgen: -
de huidige externe leden dienen opnieuw benoemd te worden met ingang van uiterlijk 1 januari 2024. Op dit moment is de benoemingstermijn van de huidige twee leden feitelijk verlopen (31 maart 2023). Voorgesteld wordt om met terugwerkende kracht de huidige twee
2
-
-
externe leden alsmede de huidige voorzitter (zittingstermijn loopt tot 7 november 2024) met terugwerkende kracht te benoemen als leden van de nieuwe onafhankelijke rekenkamer voor een periode van 6 jaar (wettelijke termijn). De rekenkamer kan dan zelf nadenken over een vorm van rooster van aftreden in kader continuïteit. Let wel, de wet geeft (vooralsnog) geen beperking over het aantal verlengingen. De termijn van de huidige voorzitter loopt dus nog door, maar conform de wet houdt ook zijn benoemingstermijn automatisch per 1 januari 2024 op, tenzij hij in de nieuwe rekenkamer wordt benoemd. De nieuwe rekenkamer zal nog wel formeel moeten bepalen dat ze de opdracht voor effectiviteit jeugdhulp overnemen en doorzetten naar aanleiding van het BMC rapport over de onderzoeken van de afgelopen jaren kan de raad het belang van een goed functionerende rekenkamer als hulptroep van de raad bevestigen en daarbij nog aanvullende wensen en doelstellingen meegeven aan de nieuwe rekenkamer punt van aandacht is dat de huidige rekenkamercommissie de opdracht voor effectiviteit jeugdhulp met elkaar tot stand heeft gebracht en de huidige interne leden te kennen hebben gegeven dit proces graag van dichtbij willen volgen. In dit specifieke geval is het voorstelbaar dat de nieuwe rekenkamer beide interne leden als waarnemer bij de vergaderingen betreffende dit onderwerp aanwezig laten zijn.
Ze kunnen immers op basis van de nieuwe wet geen deel meer uitmaken van de nieuwe Rekenkamer. Op basis van de conclusies en aanbevelingen van het eerder genoemde BMC rapport zal de nieuwe Rekenkamer na gaan denken hoe zij de onderwerpen wil (blijven) bepalen en in hoeverre het wenselijk is de mogelijkheid te bieden in de vorm van de verordening of huishoudelijk reglement waarnemers/toeschouwers vanuit de raad aanwezig te laten zijn bij de vergaderingen en of de vergaderingen van de Rekenkamer (gedeeltelijk) openbaar zouden dienen te zijn
De verordening Bijgevoegd is de nieuwe verordening met een vergelijking van de huidige verordening van de rekenkamercommissie, de modelverordening en de vergelijking met beide. Hierbij is gebruik gemaakt van hetgeen goed is geregeld in de huidige verordening en overgenomen in de nieuwe verordening. Tevens is de mogelijkheid opgenomen om de rekenkamer uit te breiden naar 5 personen. Op dit moment zijn er vijf personen, drie externe leden en twee raadsleden. Dat laatste is niet meer toegestaan. Vooralsnog wordt voorgesteld om de huidige drie externe leden van de Rekenkamercommissie door te gaan en te kijken hoe dit gaat. Op een later moment kan dit uitgebreid worden naar vijf leden. Dit past wellicht ook in het nog op te stellen huishoudelijk reglement en met een rooster van aftreden te combineren.
Voorgesteld wordt: 1.
te kiezen voor een onafhankelijke rekenkamer per 1 april 2023 (terugwerkende kracht)
2.
de nieuwe verordening Rekenkamer 2024 vast te stellen
3.
de huidige externe leden met terugwerkende kracht naar 1 april te benoemen voor 6 jaar
-
De heer A.J.A. Wijten (voorzitter)
-
Mevrouw L.M. Nijkamp (lid)
-
Mevrouw N. Guduk (lid)
De griffier
de voorzitter
drs. ing. G.H. Logt CMC
J. Heijkoop
3
De raad van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht; Gezien het voorstel van 8 juni 2023 Vul uw B&W zaaknummer in Overwegende dat: -
op 1 januari 2023 de Wet versterking decentrale rekenkamers in werking is getreden; dit betekent dat alle gemeenten uiterlijk op 1 januari 2024 een onafhankelijke rekenkamer dienen te hebben; een rekenkamerfunctie of -commissie met interne en externe leden zoals de huidige rekenkamercommissie niet meer is toegestaan;
besluit:
1. 2. 3. -
te kiezen voor een onafhankelijke rekenkamer per 1 april 2023 (terugwerkende kracht) de nieuwe verordening Rekenkamer 2024 vast te stellen. de huidige externe leden met terugwerkende kracht naar 1 april te benoemen voor 6 jaar De heer A.J.A. Wijten (voorzitter) Mevrouw L.M. Nijkamp (lid) Mevrouw N. Guduk (lid)
Aldus besloten door de raad der gemeente Hendrik-Ido-Ambacht in zijn openbare vergadering van 3 juli 2023Kies een item.
De griffier,
de voorzitter
drs. ing. G.H. Logt CMC
J. Heijkoop
4