Nr. 43 Stichting Drechtse Stromen - Advies collegeprogramma mbt energietransitie Drechtsteden
Tekst van het document
Aan: de formateurs voor het colleges in de Drechtsteden Van: Coöperatie Drechtse Energie, Coöperatie Zon op Zwijndrecht en Stichting Drechtse Stromen, d.d.: 15 april 2026
Aanbevelingen voor collegeprogramma In de Drechtsteden wordt veel samengewerkt aan de verduurzaming van het energiegebruik met als inzet dat uiterlijk 2050 alle gemeenten klimaatneutraal zijn. Om dat te bereiken is op allerlei fronten voortvarend gewerkt, zoals de verdere uitbouw van het Warmtenet, aanpak energiearmoede, activiteiten op basis van het Nationaal Isolatieprogramma, de aanleg van zonneparken. Voor de komende periode is er alle reden om dit voort te zetten en nieuwe zaken ter hand te nemen. Zeker gezien de steeds duidelijk zichtbare gevolgen voor het klimaat en gezien ook de huidige energiecrisis is het versterken van onze energieonafhankelijkheid essentieel. Graag geven wij hier aan wat er volgens ons nodig is. 1) De burger centraal Nog meer dan een technische is de energietransitie een sociale opgaven. Om alle burgers mee te krijgen is het zaak aan te sluiten bij de noden en wensen van de burger, zowel bewoners als bedrijven. Daarvoor is het goed om niet alleen gemeentelijke plannen aan te bieden met de vraag of de burger mee doet, maar ook ruimte te laten voor eigen inbreng en voor burgerinitiatieven. Hoe kleiner de afstand naar de burger hoe beter. Denk bijvoorbeeld aan het inrichten van energiehuiskamers in de wijken en buurten. Het ruimer financieel ondersteunen van burgerinitiatieven betaald zich in de toekomst uit door een grotere burgerparticipatie.
2) Meer zicht op de lange termijn Een belangrijk aspect is om de weerbaarheid op energiegebied te vergroten. De noodzaak hiertoe is intussen nog verder toegenomen. De opwarming van de aarde lijkt te versnellen. Ook de noodzaak om qua energie onafhankelijk te zijn van andere landen is, gezien de geopolitieke situatie, verder toegenomen. Wenselijk is om beter in beeld te hebben welke stappen daarvoor ook op de lange termijn moeten worden genomen. Tot aan 2030 vertaald in concrete plannen, daarna meer richtinggevend, maar wel scherp genoeg met oog op haalbaarheid en vereiste procedures.
3) Meer differentiatie duurzame opwek In de regio is vooralsnog sterk ingezet op zonne-energie. Voor een meer gedifferentieerd stroomaanbod en betere benutting van het stroomnet is aanbod van windenergie een onmisbare schakel. Vanuit het bedrijfsleven wordt hier ook op gewezen, ook al om te voorkomen dat nieuwe aansluitingen aan het stroomnet worden geblokkeerd. Het verdient nader onderzoek hoe hier, ondanks de bezwaren ertegen, toch waar mogelijk aan tegemoet kan worden gekomen. 4) Versnelling voorzien in warmtebronnen Woningen kunnen in de toekomst verwarmd worden vanuit het warmtenet van HVC of met een all-electric-oplossing, al dan niet collectief. Het warmtenet is in op diverse plaatsen al aangelegd. In het Warmteprogramma’s van de gemeente staat dat dit in veel wijken beschikbaar zal komen. Particulieren kunnen momenteel echter veelal nog geen aansluiting krijgen. Zaak is, om uit oogpunt van versnelling van de energietransitie, de aansluitmogelijkheden aan het warmtenet sneller mogelijk te maken, en waar dit vooralsnog niet het geval is, meer ruimte aan andere oplossingen te geven. Denk daarbij all-electric (warmtepompen, maar ook aan het lokaal en kleinschalig benutten van aqua- en geothermie, al of niet met warmte-koudeopslag oplossingen. Dat kan door het stimuleren van pilots.
5) Voorkomen netcongestie Op twee manieren kan gewerkt worden aan het voorkomen van netcongestie: uitbreiding van het stroomnet, en het beter benutten er van. Door het lokale opwekken en gebruik van stroom beter op elkaar af te stemmen is een veel betere benutting mogelijk. Op bedrijfsterreinen zijn er intussen coöperaties hiervoor actief. Ook in woonwijken kan hier veel worden bereikt. In Land van Valk in Dordrecht is intussen het oprichten van een energiegemeenschap in voorbereiding. Dergelijke energiegemeenschappen dragen bij aan meer draagvlak voor de energietransitie en het samen zoeken naar oplossingen, maar vooral ook aan het tegengaan van netcongestie. 6) Reductie energievraag Elektrificatie zal een steeds grotere vlucht nemen. Om deze vraag goed en voldoende te accommoderen blijft zuiniger energiegebruik belangrijk.