Nr. 43 College van B&W Raadsinformatiebrief Stand van zaken Participatiewet in Balans 2025
Tekst van het document
Aan: De leden van de gemeenteraad
uw brief van
uw kenmerk
datum
onderwerp
ons kenmerk Stand van zaken Participatiewet in Balans
Geachte leden van de gemeenteraad, Op 30 september 2024 hebben we u met een raadsinformatiebrief geïnformeerd over een aantal ontwikkelingen in het kader van de regionale uitvoering en daarin optredende knelpunten van de Participatiewet. Tevens hebben we u met deze RIB geïnformeerd over het landelijke besluitvormingstraject rondom de nieuwe Participatiewet, de gevolgen van de vertraagde landelijke besluitvorming voor de regionale besluitvorming en de regionale implementatie van de voorgenomen wijzigingen van de Participatiewet door de SDD. In de raadscommissie WOS van november 2024 is op deze ontwikkelingen door de SDD een nadere toelichting gegeven. Met deze raadsinformatiebrief willen we u informeren over de ontwikkelingen die in de afgelopen periode hebben plaatsgevonden in het kader van het landelijk programma Participatiewet in Balans en de nieuwe Participatiewet. Tevens willen we u met deze RIB aanvullend inhoudelijk houvast bieden voor het maken van keuzes voor besluitvorming over de lokale verordening Werk en Inkomen, die in 2026 gewijzigd gaat worden als gevolg van de vaststelling van de nieuwe Participatiewet. 1. Waarom het wetsvoorstel Participatiewet in Balans Het demissionair kabinet geeft aan het belangrijk te vinden dat zoveel mogelijk mensen meedoen in de samenleving. Bij voorkeur via betaald werk.
Als betaald werk niet lukt dan is er een vangnet nodig waarop je kunt terugvallen. Dit vangnet moet goed te begrijpen zijn en werken vanuit vertrouwen. We moeten af van het denken in systemen en de menselijke maat vooropstellen. Dit geldt in bijzonder voor de participatiewet. Dit was en is nog steeds het laatste vangnet van ons sociale zekerheidstelsel. Verschillende onderzoeken tonen echter aan dat de huidige wet (en stelsel) uit balans is. De huidige Participatiewet is te complex geworden en bereikt de gestelde doelen niet. Dit is de reden dat de Participatiewet wordt herzien wordt en er landelijk gestart is met het programma Participatiewet in Balans. 2. Wat zijn de doelen van de nieuwe Participatiewet • De wet biedt een passend perspectief op werk en participatie • De rechten en plichten in de wet zijn begrijpelijk en goed na te leven • Mensen voelen zich ondersteund door de wet als het gaat om participatie en inkomen
1
• • •
De wet biedt een doelmatig vangnet zeker en voorspelbaar De wet biedt een toereikend inkomen De wet sluit goed aan bij de brede vormgeving van het sociaal domein en het inkomensstelsel
3. Landelijk Programma Participatiewet in balans op hoofdlijnen Het landelijk programma Participatiewet in balans kent 3 sporen: Spoor 1 De wet direct verbeteren Het nieuwe wetsvoorstel in spoor 1 is op 22 april 2025 behandeld en aangenomen door de Tweede Kamer. Het is een samenhangend pakket met maatregelen die zijn gericht op vereenvoudiging van regelgeving. De meeste wijzigingen in spoor 1 vereisen voor de GR Sociaal een aanpassing van de regionale beleidsregels en een technische wijziging van de lokale verordening Werk en Inkomen. In 2026 zullen door de GR Sociaal echter ook beleidsinhoudelijke wijzigingen worden voorgesteld, die een besluit over wijzigingen van de lokale verordening Werk & Inkomen van u vragen. Deze voorgestelde wijzigingen hebben vooral te maken met het opnieuw formuleren van uitgangspunten voor maatschappelijke participatie. Spoor 2 De brede context en doelen van de Participatiewet fundamenteel herzien Het versterken van bestaanszekerheid is een andere speerpunt. Hiertoe wordt gewerkt aan een herziening van het toeslagen- en belastingstelsel. Deze en ook andere aangekondigde hervormingen worden binnen het landelijk programma Hervormingen in Samenhang bekeken. Dit traject gebeurt in samenwerking met gemeenten en partners en zal een langere tijd in beslag nemen.
Spoor 3 Versterken vakkundigheid & vakmanschap Spoor 3 is een doorlopende ontwikkeling en richt zich enerzijds op vakmanschap van professionals, maar ook op aspecten van de totale dienstverlening van uitvoeringsorganisaties 4. Huidige uitvoeringspraktijk Drechtsteden Ruim 6500 klanten in de regio Drechtsteden (in Hendrik-Ido-Ambacht rond de 300) ontvangen een bijstandsuitkering. Dit is ongeveer 3,5% van de inwoners in de Drechtsteden tussen de 18 en 67 jaar. Onder andere door instroom in de bijstand van inwoners, die voorheen in aanmerking kwamen voor bijvoorbeeld een Wajong-uitkering1 en de toevoeging van mensen in het kader van de banenafspraak is de samenstelling van ons klantenbestand veranderd. Verschillende onderzoeken en ervaring hebben uitgewezen dat veel cliënten uit het bijstandsbestand kampen met een stapeling van problematiek. Dit vormt steeds meer een belemmering om aan het werk te gaan.
1 Wajong staat voor de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening Jonggehandicapten. Het is een uitkering voor
jongeren die op jonge leeftijd een ziekte of handicap hebben gekregen, waardoor ze niet of nauwelijks kunnen werken.
2
Voor het maken van beleid en het vormgeven van de uitvoeringspraktijk van de Participatiewet onderscheidt de GR Sociaal grofweg 3 typen cliënten: 1. Cliënten die, soms met enige vorm van ondersteuning, de potentie hebben om betaald werk te verrichten. (1/3 van het cliëntenbestand) 2. Cliënten die op een andere manier kunnen participeren dan via betaald werk, bijvoorbeeld via vrijwilligerswerk. Ontwikkeling naar betaald werk is met de nodige begeleiding misschien mogelijk. (1/3 van het cliëntenbestand) 3. Cliënten voor wie volledig betaald werk niet mogelijk lijkt. Dit zijn voornamelijk mensen zonder of met beperkt arbeidsvermogen, bijvoorbeeld door een chronische ziekte. (1/3 van het cliëntenbestand) 5. Welke consequenties heeft de nieuwe Participatiewet voor de werkwijze van de GR Sociaal en gemeenten? Met de brede visie Sociaal Domein en het opgavegericht werken heeft de GR Sociaal in de afgelopen jaren al voorgesorteerd op de ontwikkelingen, die er aan komen in het kader van de nieuwe Participatiewet. Met de komst van de nieuwe Participatiewet en overige wetswijzigingen is het nodig om bepaalde ambities verder aan te scherpen. • Meer tijd en aandacht voor klantgroepen door SDD en gemeenten Vanuit het wetsvoorstel Participatiewet in balans wordt er van de SDD meer aandacht en tijd gevraagd om te investeren in de klantgroepen die niet meteen naar betaald werk kunnen.
Dit vraagt om een nauwe samenwerking en afstemming tussen de GR Sociaal (centrale aanbod) en de lokale sociale infrastructuur van de betrokken gemeenten (lokaal aanbod). • Meer investeren in maatschappelijke participatie In 2024 is de SDD al gestart met het in beeld brengen en onderverdelen van hun cliënten in de 3 hierboven genoemde hoofdcategorieën. Met de Drechtstedengemeenten heeft de GR Sociaal afspraken gemaakt over het realiseren en in stand houden van participatieplekken voor de groep mensen die niet direct aan het werk kunnen. • Werken lonend maken en houden Hoewel uitstroom niet voor elke bijstandsgerechtigde mogelijk is, is het voor cliënten die gedeeltelijk of geheel uitstromen wel belangrijk, dat werken lonend moet zijn. Dit is onderdeel van spoor 2 van de stelselherziening. Op korte termijn is de SDD al bezig om maatregelen te introduceren die bijvoorbeeld de verrekening van parttime inkomsten aantrekkelijker maakt. Verder heeft de eerdere invoering van de garantieknop er al voor gezorgd dat mensen eenvoudig kunnen switchen tussen tijdelijk betaald werk en bijstand indien nodig. • Budgettaire keuzes Met de start van het programma waarin ook meer fundamentele vraagstukken ter discussie staan moeten ook budgettaire keuzes overwogen worden.
Op het moment van deze raadsinformatiebrief heeft het demissionair kabinet nog geen concrete budgettaire keuzes gemaakt of aankondigingen gedaan. Er zijn geen middelen beschikbaar. Wel komt er een
3
implementatiebudget voor spoor 1 van het programma beschikbaar van 70 miljoen en extra BUIG middelen van circa 65 miljoen gerelateerd aan de 21 maatregelen. Naast bovenstaande ambities gaat de GR Sociaal in het verlengde van Spoor 3 van het Landelijk Programma Participatiewet in balans aan de slag met verbetering van vakmanschap en professionalisering via intervisies en integrale collegiale consultatie op casusniveau. Tevens wordt door de GR Sociaal gewerkt aan het eenvoudiger maken van processen en procedures via digitalisering en het nog meer sturen op kwaliteit van participatie en op een dienstverlening, die uitgaat van vertrouwen, willekeur tegengaat, eenvoudig is ingericht, begrijpelijk is en gericht is op meedoen. 6. Overige relevante ontwikkelingen Zoals in de intro omschreven vraagt een fundamentele herziening ook een brede blik naar ons (vangnet)stelstel. Het programma Participatiewet in balans mag dan ook niet los gezien worden van overige ontwikkelingen zoals de herijking van handhaving binnen de sociale zekerheid, hervorming van de arbeidsmarktstructuur, de toekomst in het kader van de Banenafspraak2 en de landelijke ontwikkeling proactieve dienstverlening en vereenvoudiging. Hieronder lichten we een aantal ontwikkelingen toe en geven een korte toelichting hoe de GR Sociaal hierop anticipeert met beleidsontwikkeling en dienstverlening.
• Sociaal Handhaven Handhaving binnen de sociale zekerheid is een middel om te zorgen voor naleving van de regels van de Participatiewet, zodat uitkeringen verstrekt worden aan mensen die er recht op hebben en het echt nodig hebben. In Nederland is handhaving in de loop van de jaren steeds repressiever geworden. De strikte regels vanuit de Participatiewet en de Fraudewet (Wet aanscherping handhaving en sanctiebeleid SZW-wetgeving, 2013) maken het moeilijk om te doen wat nodig is om inwoners vooruit te helpen. Vanuit het ministerie van SZW wordt daarom gewerkt aan de herijking. In lijn met het wetsvoorstel Participatiewet in balans is het doel van deze herijking een gebalanceerd stelsel met zowel ruimte voor maatwerk als mogelijkheden om passend op te treden bij misbruik. Onderdeel van deze herijking is het wetsvoorstel handhaving sociale zekerheid. Anticiperend op de landelijke ontwikkelingen en aansluitend bij de visie van de GR Sociaal wil de GR Sociaal meer uitgaan van de mogelijkheden en persoonlijke en sociale omstandigheden van inwoners, zodat de dienstverlening erop gericht is om te ondersteunen waar nodig en om onrechtmatigheden te voorkomen.
2 De Banenafspraak is een afspraak tussen de Nederlandse overheid en werkgevers om extra banen te creëren
voor mensen met een arbeidsbeperking. Het doel is om meer mensen met een ziekte of handicap aan het werk te helpen en ervoor te zorgen dat zij een volwaardige plek op de arbeidsmarkt krijgen. De afspraak houdt in dat er in totaal 125.000 extra banen beschikbaar moeten komen voor deze doelgroep, waarvan 100.000 bij het bedrijfsleven en 25.000 bij de overheid.
4
Tegelijkertijd wil de GR Sociaal misbruik en oneigenlijk gebruik aanpakken. Het streven is een handhavingsaanpak die zowel rechtmatig als mensgericht is, door ons te richten op naleving van de regels en preventie. Handhaving zorgt daarmee voor publieke waarde. Met deze koers zet de GR Sociaal een belangrijke stap naar een eerlijker en effectiever handhavingsbeleid, waarin rechtmatigheid en menselijkheid hand in hand gaan. Ze noemen dit sociaal handhaven. De visie, missie en de bijbehorende uitgangspunten van sociaal handhaven binnen de GR Sociaal zijn omschreven in het beleidsplan Sociaal Handhaven (zie bijlage). • Wet van School Naar Duurzaam Werk (VSNDW) Het doel van de wet VSNDW (ingang 1-1-2026) is om kansengelijkheid onder jongeren te vergroten door betere begeleiding mogelijk te maken bij de overgang van school naar werk en bij het behouden van werk. De GR Sociaal krijgt bij de uitvoering van de wet VSNDW een uitgebreidere rol en meer preventieve bevoegdheden bij het ondersteunen van jongeren naar werk vanaf het laatste schooljaar. Door de wetswijziging ontstaan belangrijke nieuwe doelgroepen voor de Sociale Dienst: • Jongeren van het Da Vinci College • Voortijdig Schoolverlaters. • Jongeren vanuit het Doorstroompunt Zuid-Holland Zuid. Ook mogen HBO’ers en WO’ers vanaf 2026 zelf bij de SDD aankloppen.
Deze nieuwe doelgroepen zorgen voor extra instroom, onder wie veel kwetsbare jonge Nuggers (Niet-uitkeringsgerechtigden, zonder uitkering en/of indicatie banenafspraak). Het instrumentarium van de P-wet komt met de wet VSNDW ook beschikbaar voor deze nieuwe doelgroep. Binnen het regionale programma Vroegtijdig Schoolverlaten en Jeugdwerkloosheid werken ketenpartners (DG&J, Onderwijs, Sociale Dienst) samen aan het opzetten van nieuwe ondersteuning. De wet VSNDW brengt, net zoals het wetsvoorstel Participatiewet in Balans, wijzigingen aan in de Participatiewet (nieuw artikel 7a). Dit maakt dat de GR Sociaal verplicht is beleid te maken voor de ondersteuning bij arbeidsinschakeling van kwetsbare jongeren. Deze wijzigingen binnen de wet VSNDW worden met beleidsregels Werk en Inkomen eind 2025 door het AB van de GR Sociaal, conform de gefaseerde planning van het regionaal programma Groegtijdig Schoolverlaten en Jeugdwerkloosheid,vastgesteld. 7. Voorstel technische wijzigingen lokale Verordening Werk en Inkomen in 2025 Vooruitlopend op de nieuwe Participatiewet in 2026 zullen wij u in het vierde kwartaal van dit jaar middels een integraal voorstel van de GR Sociaal met technische wijzigingen van de lokale verordening Werk en Inkomen Hendrik-Ido-Ambacht, vragen om in te stemmen met deze aanpassingen.
5
8. Planning lokale besluitvorming nieuwe Participatiewet Regionale informatiebijeenkomst voor raadsleden op 1 oktober 2025 Als voorbereiding op het vaststellen van de lokale verordeningen Werk en Inkomen organiseert de SDD op 1 oktober 2025 een regionale bijeenkomst voor raadsleden uit de Drechtstedengemeenten in het kader van het Landelijk programma Participatiewet in balans. U wordt door de griffie geïnformeerd over het programma, datum, tijdstip en locatie. Aanpassen en vaststellen lokale verordening Werk en Inkomen in juli 2026 Het is de bedoeling om u op basis van de nieuwe Participatiewet voor het zomerreces 2026 de gewijzigde verordening Werk en Inkomen met de daarbij behorende beleids-/uitgangspuntennotities over maatschappelijke participatie en dienstverlening ter besluitvorming aan te bieden.
Hoogachtend, het College van Burgemeester en Wethouders,
De burgemeester,
De secretaris,
bijlage(n): • •
Detailplanning spoor 1 Programma Participatiewet in Balans Beleidsplan Sociaal Handhaven GR Sociaal
6