CConstaterende datHendrik-Ido-Ambacht
Koppel je AI →
Document · PDF

Nr. 20 Bijlage 2 NRIJ Bestuursvoordracht AB Uitgangspunten Programmabegroting 2027

raadsvergadering openbaar 6 mei 2026, gemeente Hendrik-Ido-AmbachtBij agendapunt: Lijst van ingekomen stukken en eventuele mededelingen1.993 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

VOORDRACHT ALGEMEEN BESTUUR

Onderwerp: Kenmerk: Bijlagen: Besluitdatum: Voorbereid door:

Uitgangspunten Programmabegroting 2027 Z26-988 / D26-4463 25 februari 2026 P. Olivier en F. van der Meer

BESLISPUNTEN 1. Instemmen met de uitgangspunten voor de Ontwerp‑Programmabegroting 2027 en de meerjarenbegroting 2028 - 2031.

AANLEIDING • Artikel 34b van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr) bepaalt dat het Dagelijks Bestuur vóór 30 april van het jaar voorafgaande aan dat waarvoor de begroting dient, de algemene financiële en beleidsmatige kaders en de voorlopige jaarrekening aan de raden van de deelnemende gemeenten zendt. BEOOGD EFFECT Met dit voorstel worden de financiële en inhoudelijke uitgangspunten kaders voor de Programmabegroting 2027 en de meerjarenbegroting 2028–2031 vastgesteld. Uitgangspunten Programmabegroting 2027 1. Bij de opstelling van de Programmabegroting 2027 staat het borgen van financiële stabiliteit voor het schap en de deelnemende gemeenten centraal. In lijn met de signalen vanuit gemeenten wordt bij alle begrotingskeuzes, inclusief de toepassing van indexatie, expliciet bezien wat dit betekent voor de financiële positie en draagkracht van deelnemers. Indexatie volgens regionale afspraken vormt een technisch uitgangspunt, maar wordt steeds geplaatst binnen een bredere bestuurlijke afweging, waarbij terughoudendheid wordt betracht zolang de financiële positie van het schap kwetsbaar is en de herziening van de Samenwerkingsovereenkomst met Staatsbosbeheer nog loopt.

Dit overkoepelende uitgangspunt beoogt rust, voorspelbaarheid en bestuurlijke consistentie te waarborgen in een fase waarin wordt gewerkt aan zowel financiële stabiliteit als een herijking van de samenwerking met uitvoerende partners ten aanzien van de rollen, taken en positionering.

2. De Programmabegroting 2027 wordt opgesteld op basis van het bestaande en aanvaarde beleid, zoals vastgelegd in de Programmabegroting 2026, de Najaarsrapportage 2025 en de besluiten van het Algemeen Bestuur tot 1 maart 2026 van Natuur- en recreatieschap IJsselmonde. Daarbij worden ook besluiten die betrekking hebben op de implementatie van het programma Toekomstbestendig NRIJ meegenomen. De besparingsreserve wordt uitsluitend ingezet voor het realiseren voor besparingen binnen het programma en niet voor andere ontwikkelingen. 3. In de Najaarsrapportage 2025 zijn de afwijkingen ten opzichte van de Programmabegroting 2025 opgenomen. In lijn met de zienswijzen van de raden en de wens om richting en daadkracht te tonen in het begrotingsproces, wordt bij de opstelling van de Programmabegroting 2027 uitgegaan van een taakstellend kader waarbij 75% van het in de Najaarsrapportage 2025 geconstateerde positieve saldo van € 107.000 (zijnde € 80.250) wordt betrokken als structurele opgave binnen de bestaande taakstelling. Deze opgave beperkt zich niet uitsluitend tot de huidige scope van het programma toekomstbestendig NRIJ, maar vraagt tevens nadrukkelijk om optimalisatie en kostenbeheersing binnen reguliere processen en beheeractiviteiten. Dit betreft een richtinggevend uitgangspunt voor de uitwerking van de begroting.

Indien bij de uitwerking blijkt dat volledige structurele borging niet haalbaar is, wordt het bestuur daarover expliciet geïnformeerd en vindt separate bestuurlijke afweging plaats. Conform de bespreking in het Dagelijks Bestuur van 12 november 2025 wordt separaat een nadere bestuurlijke analyse opgesteld van de incidentele en structurele effecten uit de Najaarsrapportage 2025. Deze analyse heeft een onderbouwend karakter van de verdere uitwerking van de Programmabegroting 2027 en laat het vastgesteld taakstellend kader onverlet. Deze bestuurlijke analyse richt zich op: • • • • •

de oorzaak van afwijkingen; de kwalificatie structureel/incidenteel met onderbouwing; de mate van beïnvloedbaarheid; de momenten waarop expliciete bestuurlijke keuzes aan de orde zijn. de structurele doorwerking van significante afwijkingen op het meerjarenperspectief.

In onderstaande tabel is weergegeven hoe de afwijkingen in de Najaarsnota doorwerking krijgen in de Programmabegroting 2027.

2

V = voordelig, N = nadelig S = structureel, I = incidenteel Afwijking 2025 Uitvoeren terreinbeheer (162.193) (M en 30% P)

V

Subsidie natuurbeheer

(6.000)

V

Huren en pachten

(17.753)

V

Financiële diensten (accoun-tantskosten, advieskosten rechtmatigheid en overige financiële controle en advieskosten)

15.900

N

Rente

30.000

N

S/I Toelichting / doorwerking in begroting 2027 I De afwijking is ontstaan en door o.a. gunstige weersomstandigheden en aanbestedings-voordelen. Voor de begroting 2027 wordt gebruik gemaakt van actuele informatie uit het Terrein Beheer Model. Hiermee wordt de doorwerking van het effect van structurele maatregelen geborgd. S Betreft verhoging van de subsidie door indexering. Vanwege het voorzichtigheidsbeginsel op de baten werkt dit voordeel niet door in de begroting 2027. S Voor de begroting 2027 wordt gebruik gemaakt van actuele informatie uit het contractenregister. Hiermee wordt de doorwerking van structurele effecten op economisch beheer geborgd. S/I In 2025 en 2026 zijn/worden maatregelen door-gevoerd om de kosten te beheersen. Niettemin is door gewijzigde regelgeving een structurele verhoging van de budgetten nodig. Voor de begroting 2027 wordt een realistische inschatting van de kosten gemaakt. I Voor de begroting 2027 wordt een realistische inschatting van de rentebaten gemaakt.

4. In de voortgangsrapportage Q4 2025 is het te verwachten resultaat eind 2026 van het Programma Toekomstbestendig NRIJ geprognosticeerd op €245.000. Zie onderstaande planning. Op basis van de meest recente inzichten wordt volledige invulling van de taakstelling in 2027 realistisch ingeschat. De geactualiseerde planning en onderbouwing worden verwerkt in de Programmabegroting 2027.

3

5. De Programmabegroting 2027 behoort, conform de uitgangspunten in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) structureel en reëel in evenwicht te zijn. Dit houdt in dat structurele lasten kunnen worden gedekt met structurele baten. 6. Toepassing van indexatie conform de door het Wethoudersoverleg Financiën Regio Rijnmond afgegeven indexatie van 3,41%. De indexatie heeft betrekking op alle lasten, met uitzondering van belastingen, verzekeringen, rentelasten en afschrijvingen. De indexering wordt in principe niet toegepast op de baten (voorzichtigheidsbeginsel), een uitzondering hierop zijn de baten uit economisch beheer. 7. De begroting onderhoudskosten wordt gebaseerd op het Terrein Beheer Model (TBM), waarin als rekenuitgangspunt 30% personele inzet over de materiële onderhoudskosten opgenomen is. In 2026 zal meer inzicht in en grip worden verkregen op dit rekenuitgangspunt. Indien dit leidt tot aanpassing van de systematiek zal dit worden verwerkt in de Programmabegroting 2027. 8. De inkomsten (huren, pachten, e.d.) worden conform actuele contracten bijgesteld en opgenomen in de Programmabegroting 2027. 9. De dienstverlening voor de begroting 2027 zal, als basis, conform de dienstverlening 2026 worden opgenomen inclusief een indexering van 3,41%.

Na de nieuw af te sluiten samenwerkingsovereenkomst vanaf 01 juli 2026 tussen Natuur- en recreatieschap IJsselmonde en Staatsbosbeheer wordt de nieuwe dienstverlening als begrotingswijziging verwerkt in de begroting 2027 en voorgelegd worden aan het bestuur. 10. In het kader van de herziening van de Samenwerkingsovereenkomst wordt een vaste herijkingskalender geïntroduceerd. Deze voorziet minimaal in twee vaste bestuurlijke momenten per jaar waarin strategische, kwalitatieve en financiële keuzes integraal worden gewogen, voorafgaand aan de opstelling van de uitgangspuntennota van de programmabegroting. De kalender voorziet in een vooruitblik van ten minste 24 maanden. Ten behoeve van deze herijkingsmomenten wordt het bestuur via de bestuurssecretaris voorzien van een actueel overzicht van lopende contracten, relevante afspraken en financiële verplichtingen. De uitwerking van de herijkingskalender vindt plaats in 2026 en wordt betrokken bij de verdere inrichting van de P&C-cyclus. 11. De deelnemersbijdragen wordt geïndexeerd met maximaal 3,41%. De bijdragen van Provincie Zuid-Holland en de gemeente Rotterdam zullen als subsidie worden gecategoriseerd. Binnen de kaders van de Gemeenschappelijke Regeling kan het zich uitsluitend in uitzonderlijke en gemotiveerde omstandigheden voordoen dat de deelnemersbijdrage meer stijgt dan het afgegeven indexeringspercentage.

Van een dergelijke situatie is geen sprake zonder voorafgaande expliciete bestuurlijke weging en besluitvorming door het Algemeen Bestuur, waarbij inzichtelijk wordt gemaakt: - waardoor de afwijking onvermijdelijk is; - waarom deze past binnen het uitgangspunt van financiële stabiliteit en draagkracht van de deelnemers; - op welke manier alternatieven zijn onderzocht.

4

Het bestuur wordt hier tijdig over geïnformeerd, zodat hierover voorafgaand aan de aanbieding van de begroting een besluit over kan worden genomen. 12. De kredieten (inclusief bijdragen derden/subsidies) worden in de Programmabegroting 2027 opgenomen. Uitgangspunten meerjarenbegroting 2028–2031 1. De meerjarenbegroting 2028–2031 wordt opgesteld op basis van het bestaande en aanvaarde beleid, zoals vastgelegd in de Programmabegroting 2026, de Najaarsrapportage 2025 en de besluiten van het Algemeen Bestuur tot 1 maart 2026 van Natuur- en recreatieschap IJsselmonde. Daarbij worden ook besluiten die betrekking hebben op de implementatie van het programma Toekomstbestendig NRIJ, worden meegenomen. 2. De prognose van de resultaten van het programma Toekomstbestendig NRIJ is uitgangspunt voor de meerjarenbegroting 2028–2031. 3. De meerjarenbegroting 2028 tot en met 2031 behoort, conform de uitgangspunten in het BBV, structureel en reëel in evenwicht te zijn. Dit houdt in dat structurele lasten kunnen worden gedekt met structurele baten; 4. Toepassing van 0% indexatie op de meerjarenbegroting 2028 tot en met 2031. 5. De inkomsten (huren, pachten, e.d.) worden conform actuele contracten bijgesteld en opgenomen in de meerjarenbegroting 2028-2031. 6. De kredieten (inclusief bijdragen derden/subsidies) in de meerjarenbegroting 2028 t/m 2031 opgenomen.

Daarnaast worden van de kredieten de jaarschijven verwerkt in de meerjarenbegroting 2028 t/m 2031. Weerstandsvermogen en reserves 1. De omvang van het weerstandsvermogen wordt op basis van een risico‑inventarisatie vastgesteld. 2. De Algemene reserve fungeert primair als buffer en moet minstens gelijk zijn aan de omvang van het weerstandsvermogen. 3. Surplus boven buffer kan incidenteel gebruikt worden, maar structurele dekking moet uit structurele baten komen. 4. De ratio weerstandsvermogen bedraagt minimaal 1,0 (= voldoende), waarbij versterking nagestreefd wordt. 5. De Financiële verordening, de Controleverordening en het Normenkader rechtmatigheid bevatten definities, bandbreedtes en verslagleggingsverplichtingen. ARGUMENTEN 1.1. Wettelijke borging en financiële rechtmatigheid Het opstellen van uitgangspunten is noodzakelijk om de Programmabegroting 2027 en meerjarenraming 2028–2031 conform de Wgr en het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) tijdig en correct op te stellen. Dit waarborgt dat de begroting structureel en reëel in evenwicht is en juridisch houdbaar blijft.

5

1.2. Bestuurlijke sturing en transparantie Door vooraf uitgangspunten vast te stellen krijgt het Algemeen Bestuur helderheid over de financiële en beleidsmatige kaders. Dit voorkomt verrassingen tijdens de begrotingsopstelling en zorgt dat uitvoering, beleid en middelen in samenhang worden afgewogen. 1.3. Risicobeheersing en weerbaarheid Het opnemen van duidelijke kaders voor weerstandsvermogen en reserves geeft inzicht in de financiële risico’s en de mate waarin deze kunnen worden opgevangen. Zo kan het bestuur gericht sturen op een gezonde financiële positie en de weerbaarheid van het schap versterken. 2. Vaststelling van de uitgangspunten voor de Ontwerp‑Programmabegroting 2027 en de meerjarenbegroting 2028–2031 is een bevoegdheid van het Algemeen Bestuur. KANTTEKENINGEN 1.1 Onvoorziene externe ontwikkelingen Economische omstandigheden, indexaties of beleidswijzigingen vanuit provincie of gemeenten kunnen financiële effecten hebben die buiten de huidige uitgangspunten vallen. Het bestuur moet hier flexibel op kunnen inspelen via begrotingswijzigingen. 1.2 Afhankelijkheid van de nog af te sluiten samenwerkingsovereenkomst De invulling van de dienstverlening in 2027 is afhankelijk van de nieuwe samenwerkingsovereenkomst vanaf 1 juli 2026. Mogelijke vertraging of afwijkingen hierin kunnen doorwerken in de begroting.

VOORGAANDE BESLUITVORMING - Het DB-besluit van 12 november 2025 o Besluit over de Najaarsrapportage 2025 ▪ Afspraak dat een nadere bestuurlijke analyse incidenteel/structureel volgt. ▪ Verkenning of andere basis voor indexatie optioneel is. - Het DB-besluit van 28 januari 2026 o Besluit bestuursvoorstel parkeerplaatsen ▪ Vaststelling toevoeging overkoepelend uitgangspunt: Als algemeen en overkoepelend uitgangspunt vast te stellen dat het op orde brengen en houden van de financiële basis een randvoorwaarde is voor alle besluitvorming en voorstellen van het schap. (ter vervanging van besluitpunt 3). ▪ Vaststelling dat wordt gezocht naar alternatieve besparingsmogelijkheden om de verminderde besparing op te vangen, waarbij het AB, indien dit onvoldoende blijkt, vanuit zijn financiële verantwoordelijkheid kan bezien welke aanvullende maatregelen noodzakelijk zijn. (aanvullend op besluitpunt 2) - Het DB besluit van 11 februari 2026

6

o

Besluit vaststelling uitgangspunten van de programmabegroting 2027 ▪ Taakstellend kader (75% van € 107.000 als structurele opgave) ▪ Aankondiging aanvullende bestuurlijke analyse

JURIDISCHE PARAGRAAF De uitgangspunten voldoen aan de BBV‑regels.

7

FINANCIËLE PARAGRAAF Niet van toepassing VERVOLGSTAPPEN EN COMMUNICATIE Na vaststelling door het Algemeen Bestuur worden de uitgangspunten voor de Programmabegroting 2027 op hoofdlijnen gedeeld met de gemeenteraden via een raadsinformatiebrief. Hiermee worden de raden geïnformeerd over de wijze waarop hun zienswijzen zijn betrokken bij de vaststelling van de financiële kaders voor de programmabegroting 2027. Vervolgens worden de vastgestelde uitgangspunten uitgewerkt in de ontwerpProgrammabegroting 2027. De ontwerp-Programmabegroting 2027 wordt conform de planning aan het Algemeen Bestuur aangeboden en aansluitend ter zienswijze aan de gemeenteraden voorgelegd. BIJLAGEN Geen

Hoogachtend, I Korting

8

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16786865/1