CConstaterende datHendrik-Ido-Ambacht
Koppel je AI →
Document · PDF

Nr. 14 Bijlage toelichting maatregelen maatschappelijke effecten

raadsvergadering openbaar 6 juli 2026, gemeente Hendrik-Ido-AmbachtBij agendapunt: Lijst van ingekomen stukken en eventuele mededelingen6.279 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Toelichting op maatschappelijke effecten ombuigingsmaatregelen GR Sociaal Hieronder de maatregelen waar uw raad in haar zienswijze heeft aangegeven zich in te kunnen vinden en akkoord te geven:

Maatregelnummer Maatregel

3

Referteperiode naar 2 jaar (Persoonlijk Minimabudget) Toelichting maatregel: Om in aanmerking te komen voor een persoonlijk minimabudget moeten inwoners aantonen dat zij één jaar een laag inkomen hebben gehad. Deze maatregel betekent dat inwoners twee jaar een laag inkomen moeten hebben gehad. Hierdoor inwoners minder snel in aanmerking voor het PMB. Argumentatie: Ten opzichte van het landelijk gemiddelde blijkt dat onze regio ruimhartig is. Om die reden wordt dit als een acceptabele maatregel gezien. Wel vragen wij aandacht voor de samenhang met andere voorgestelde maatregelen op PMB en het risico van stapeling.

7

Stoppen met extra bedrag voor kinderen tot 18 jaar (Persoonlijk Minimabudget) Toelichting maatregel: Inwoners met kinderen krijgen op dit moment een aanvullend bedrag. In Hendrik-Ido-Ambacht ontvangen gezinnen met kinderen tot 18 jaar dit aanvullende bedrag van €100,- (ongeacht het aantal kinderen). Voorgesteld wordt dit bedrag te schrappen. Argumentatie: We zijn voorstander van het ambtshalve (automatisch) verstrekken van de bijzondere bijstand. De extra uitkering voor kinderen tot 18 jaar wordt dan erg complex. Bovendien constateren we dat deze gezinnen er, door diverse maatregelen, er in de afgelopen jaren op vooruit zijn gegaan. Daarom ondersteunen wij deze maatregel.

14

Terugwerkende kracht van zes maanden naar drie maanden (Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid BB)

Verwachte maatschappelijke impact

Minder mensen komen in aanmerking want een inwoner moet langere tijd een laag inkomen en vermogen hebben. Dit maakt de regeling gerichter. Landelijke inkomensverbeteringen (bijvoorbeeld verhoging van het minimumloon, verruiming van toeslagen, belasting- en heffingskortingen) beperken de negatieve gevolgen. Het inkomen van de mensen met de laagste inkomens zijn sinds de herijking al verhoogd naar het landelijk niveau. Dus het beperken van het PMB heeft een beperkte invloed op het besteedbaar inkomen.

Inwoners met kinderen krijgen op dit moment een aanvullend bedrag. Dit is bedoeld voor kinderen tot 18 jaar. Dit bedrag is ook bedoeld om kosten te compenseren die deze inwoners maken. Het bedrag is niet dusdanig hoog dat het grote gevolgen heeft voor het besteedbare inkomen. Daarbij komt dat er sinds de regionale invoering van dit kindbedrag landelijke inkomensverbeteringen zijn doorgevoerd voor gezinnen met kinderen (o.a. verhoging kindgebonden budget)

Inwoners zullen deze maatregel merkbaar ervaren, omdat zij momenteel gewend zijn dat bijzondere bijstand met maximaal zes maanden terugwerkende kracht kan worden aangevraagd

19

20

Toelichting: Momenteel kunnen inwoners met zes maanden terugwerkende kracht bijzondere bijstand aanvragen. Voorgesteld wordt deze termijn terug te brengen naar drie maanden.

en verstrekt. In de nieuwe situatie zal vaker sprake zijn van afwijzingen vanwege een te late aanvraag. In die gevallen komen de kosten voor rekening van de inwoner zelf.

Argumentatie: Uit een landelijke vergelijking blijkt dat we als regio ruimhartig zijn op dit gebied en meer doen dan wettelijk is toegestaan. Gezien de opgave om tot een draagbare begroting te komen en het feit dat deze termijn aansluit bij de Participatiewet (die maximaal drie maanden hanteert) zijn we voor de invoering van deze maatregel.

Dit risico speelt met name bij bijzondere bijstand voor maandelijkse bewindvoeringskosten, die ongeveer de helft van de totale uitgaven aan bijzondere bijstand vormen. Hoewel de bewindvoerder verantwoordelijk is voor het tijdig indienen van de aanvraag, ligt het financiële risico van een te late aanvraag uiteindelijk volledig bij de inwoner.

Ambtshalve verstrekken minimabudget Toelichting maatregel: Met ingang van 1 januari 2027 wordt aan de Participatiewet de mogelijkheid toegevoegd om de individuele inkomenstoeslag ambtshalve te verstrekken. In de Drechtsteden heet deze toeslag het Persoonlijk Minimabudget. Tot op heden is het wettelijk niet mogelijk om een ambtshalve verstrekking (automatische verstrekking) te doen. Dit betekent dat iedere inwoner een aanvraag moet indienen als hij of zij in aanmerking wil komen voor het PMB. Gezien de voorwaarden is het zo dat de SDD al op basis van de informatie in de uitkeringssystemen kan zien wie recht heeft op deze toeslag. Argumentatie: We zijn voor deze maatregel. Het sluit aan bij doelstellingen om niet gebruik van regelingen tegen te gaan. Dit vereenvoudigt de aanvraagprocedures en vermindert de administratieve lasten. Ook hier zien we ook graag wat de effecten op de formatie van de organisatie zijn. Loonkostenpremie uitbreiden Toelichting maatregel: Voor de inzet van de loonkostenpremie loopt momenteel een pilot. Het gaat om een inzet van forfaitaire loonkostensubsidie (vooraf vastgesteld (vast) bedrag of percentage voor inwoners zonder indicatie voor banenafspraak of beschut werk voor een periode van 6 maanden. Deze inzet richt zich vooral op de doelgroep statushouders en blijkt na aanpassing succesvol. De inzet van de pilot was

De maatschappelijke impact van deze maatregel is hoog. Het is voor inwoners een hele prettige ervaring als zij automatisch krijgen waar ze recht op hebben. Dit kan gezien worden als een voorloper van proactieve dienstverlening. Inwoners kunnen deze regeling eens in de twaalf maanden aanvragen.

Met de pilot wordt het voor werkgevers aantrekkelijker om inwoners uit de doelgroep en met name statushouders in dienst te nemen, waarbij een eventuele lagere arbeidsproductiviteit door taalachterstand en/of (culturele) omgangsvormen tijdelijk wordt gecompenseerd. De mogelijkheden voor de inwoner om de stap te zetten naar

gericht op een doelgroep van 50 inwoners (Voor de kosten van 50 inwoners zijn middelen gereserveerd in de meerjarenbegroting) waarbij het aantal vrijwel bereikt is. Voorgesteld wordt deze pilot minimaal met een jaar te verlengen en afhankelijk van de verdere resultaten nader te continueren en eventueel uit te breiden c.q. te verbreden. Argumentatie: De inzet van Loonkostenpremie ten gunste van een doelgroep die een extra ondersteunend zetje nodig heeft richting betaald werk vinden is positief. Uit eerdere ervaringen blijkt dat dit middel vruchten heeft afgeworpen. Wij ondersteunen daarom deze maatregel. Baanbonus uitbreiden Toelichting maatregel: Om de baanbonus beter te laten aansluiten, wordt de norm verlaagd naar 28 uur en komt er een bonus voor parttime werk (16–27 uur): € 1.000 na 6 maanden en € 2.000 na 12 maanden werken. Hierdoor gaan meer mensen uit de uitkering aan het werk. Het budget hiervoor is al beschikbaar en de uitkeringskosten nemen daardoor af. 21

22

Argumentatie: De Baanbonus inzetten bij werkgevers ten behoeve van parttime werk vinden wij positief. Het stimuleert werkgevers om parttimebanen aan te bieden en vergroot de kans dat inwoners in de bijstand, voor wie full time werken een brug te ver is, toch deels kunnen uitstromen en op die wijze mee kunnen doen. Het verlaagt ook het gemiddelde bijstandsbedrag. Wij ondersteunen daarom deze maatregel. Inzet Werk Ontwikkelpunt (WOP) voor uitvoering MAP Toelichting maatregel: De uitvoering van de Module Arbeidsmarkt en Participatie (MAP), onderdeel van de inburgering, wordt momenteel op basis van aanbesteding uitgevoerd door een externe partij (SoSy Training). De huidige overeenkomst kent een formele looptijd tot en met 31 december 2026 met een optie tot verlenging met 2 maal 1 jaar. De inhoudelijke invulling hiervan kent een overlap met het aanbod van het Werk Ontwikkelpunt (WOP) voor de doelgroep statushouders. Voorgesteld wordt om de uitvoering van de MAP volledig onder te brengen bij het Werk Ontwikkelpunt.

betaald werk en een duurzaam dienstverband worden hiermee vergroot.

Inzet van de aangepaste baanbonus levert meer baanopeningen op voor de inwoners van de Drechtsteden die (nog) niet volledig in staat zijn uit te stromen naar een fulltime baan. Zeker voor statushouders die een inburgeringstraject volgen biedt dit meer mogelijkheden om gelijktijdig werkervaring op te doen en hun taalontwikkeling te stimuleren.

Hier is geen sprake van een maatschappelijk effect maar van een kostentechnische maatregel door de uitvoering niet meer extern te beleggen.

Argumentatie: Wij hebben een positief beeld om de MAP in het vervolg door de GR Sociaal zelf aan te bieden (via het Werk Ontwikkel Punt). Per saldo wordt dezelfde dienstverlening geboden, maar tegen een lager bedrag. We merken op dat de financieel positieve effecten er niet of beperkt zijn, omdat dit bekostigd moet worden vanuit de SPUK en omdat de SPUK-middelen die we krijgen nu al voldoen. Voorwaarde is wel dat deze uitbreiding van taken van het MAP niet strijdig is met de toekomstige plannen van Drechtwerk. Bemiddelen bij de poort Toelichting bij maatregel: Op dit moment zetten medewerkers van de poort het proces bestaanszekerheid in gang en doen een melding bij Ontwikkelen naar Werk. Er zit vaak veel tijd (weken tot maanden) tussen voordat het proces Ontwikkelen naar Werk wordt opgestart. Vervolgens moet de consulent ONW de inwoner aanmelden bij bemiddeling voordat deze naar werk bemiddeld kan worden.

23

24

Voorgesteld wordt dat de poortmedewerkers bij de SDD bij de eerste kennismaking inschatten of iemand mogelijk al naar werk bemiddeld kan worden. Vervolgens kan bemiddeling direct in gang worden gezet. Op die manier zorgen we ervoor dat inwoners met potentie om op korte termijn aan het werk te gaan, dat ook zo snel mogelijk gaan doen. Argumentatie: Al eerder de ontwikkeling naar werk bij nieuwe instroom in gang zetten en uw processen hierop inrichten, vinden wij positief. We beschouwen dit als een logische en noodzakelijke ontwikkeling in de dienstverlening van de GR Sociaal. Langere periodes van inactiviteit kunnen namelijk leiden tot verlies van arbeidsmarktpotentieel. Doorrekenen Nuggers-beleid Toelichting maatregel: In het AB van 27 november 2025 is het besluit genomen om het instrumentarium van de participatiewet uit te breiden naar een verschillende doelgroepen nuggers: kwetsbare jongvolwassenen (<27 jaar, wettelijk verplicht door wet van school naar duurzaam werk), UWV-doelgroepen en alle nuggers die zich in 2026 melden bij het RWC, waaronder statushouders. Daarbij is de opdracht gegeven dit eind 2026 te

Hoe langer een inwoner in de bijstand blijft, hoe groter de afstand tot de arbeidsmarkt. Uit onderzoek blijkt dat bemiddeling naar werk het meest succesvol is wanneer het binnen een jaar na aanvraag van de uitkering plaatsvindt. Langere periodes van inactiviteit kunnen namelijk leiden tot verlies van arbeidsmarktpotentieel. De maatschappelijke impact van uitstroom uit de bijstand is groot; het is goed voor de economie, arbeidsmarkt, kwaliteit van leven, druk op de zorg en veiligheid.

Het betreft een financieel technische wijziging zonder maatschappelijke impact.

evalueren. Deze financieel technische maatregel houdt in dat de verwachte besparing op de BUIG ingeboekt wordt in de meerjarenbegroting. Het gaat hierbij om de doelgroepen vanuit de scenario’s 2 en 3 (uitvoering WVSNDW), UWV-doelgroepen en nuggers, niet zijnde statushouders.

28

30

Argumentatie: Betreft een financieel technische maatregel. Uitgangspunt bij vastgesteld beleid is om de financiële effecten te verwerken in de P&C stukken. In dit geval gaat het om vastgesteld beleid. Inzet WOP voor uitvoering participatiedeel van de Z-route Toelichting maatregel: De uitvoering van het participatiedeel van de Zroute wordt momenteel op basis van aanbesteding uitgevoerd door een externe partij en beslaat minimaal inzet van 800 uur. Het participatiedeel van de Z-route houdt in dat inburgeraars via activiteiten zoals vrijwilligerswerk of een werkervaringsplek meedoen in de samenleving en praktische vaardigheden opdoen. De invulling hiervan kent een overlap met het aanbod van het Werk Ontwikkelpunt (WOP) voor de doelgroep statushouders. Wenselijk is om de uitvoering van het participatiedeel van de Z- route en de uitvoerende capaciteit van het Werk ontwikkelpunt (WOP) op termijn samen te voegen en formeel te beleggen bij het WOP. Argumentatie: Wij hebben een positief beeld om het participatiedeel van de Z-route in het vervolg door de GR Sociaal zelf aan te bieden (via het Werk Ontwikkelpunt). Per saldo wordt dezelfde dienstverlening geboden, maar tegen een lager bedrag. We merken op dat de financieel positieve effecten er niet of beperkt zijn, omdat dit bekostigd moet worden vanuit de SPUK en omdat de SPUK-middelen die we krijgen nu al voldoen.

Voorwaarde is wel dat deze uitbreiding van taken niet strijdig is met de toekomstige plannen van Drechtwerk. Scootmobiel als algemene voorziening verstrekken i.p.v. als maatwerkvoorziening Toelichting maatregel: Een scootmobiel niet meer als maatwerkvoorziening verstrekken maar als een algemene voorziening. Hierdoor kan er een

De deelnemers aan de Z-route kennen in principe een grote afstand tot de arbeidsmarkt en maken gebruik van toeleiding naar participatieplekken, vrijwilligerswerk, ontwikkelplekken en betaald werk (ook via banenafspraak en beschut werk). Met de positionering van het Werk Ontwikkel Punt (WOP) als uitvoerende partij van het participatiedeel van de Z-route wordt voor de deelnemers een duidelijke doorgaande lijn van toeleiding naar participatie en werk gecreëerd. De deelnemers krijgen dan minder te maken met verschillende uitvoerende organisaties.

Inwoners betalen meer voor hun (vaak enige) vervoermiddel. Dit kan een impact hebben voor inwoners.

hogere eigen bijdrage gevraagd worden (artikel 2.1.4 lid 3 Wmo). Dit zorgt voor verhoging van de baten.

34

35

Argumentatie: Wij staan positief tegenover deze maatregel. De maatregel kan een forse ombuiging realiseren. Hiertegenover staat wel werk en kosten bij de gemeente om de huidige maatwerkvoorziening om te buigen (o.a. inrichten innen eigen bijdrage). De cliënt betaalt een flink hogere bijdrage welke de gemeente via haar minimabeleid gedeeltelijk kan compenseren naar draagkracht Maximaliseren gebruik technologie/ slimme woninginrichting bij huishoudelijke ondersteuning Toelichting maatregel: De inzet van technologie en een slimme woninginrichting kan helpen dure arbeidstijd te besparen. Het bandbreedtemodel laat ruimte om de toegekende tijd óm de week in te zetten (efficiënter). Argumentatie: Aan het doel ‘een schoon huis’ doen we niets af. Inzet van technologie, zoals bv. een robotstofzuiger, kan leiden tot een lagere indicatie (zelf doen). Huidige cliënten moeten waarschijnlijk wennen door minder menselijk contact. Afspraken maken met woningcorporaties over woningaanpassingen die ten dienste komen van het gehele complex Toelichting maatregel: In sommige gevallen kunnen woningaanpassingen waarde verhogend werken. Buiten het feit dat zij compensatie bieden voor beperkingen, leveren zij (indien permanent) de woningcorporatie ook een financieel voordeel op (bijvoorbeeld bij verkoop of doorverhuur).

Het is niet onlogisch om de woningcorporatie te laten bijdragen aan de kosten van deze woningaanpassing. Hiervoor kunnen afspraken gemaakt worden met woningcorporaties. Argumentatie: Dit is een maatregel die alle inwoners ten goede komt en toekomstbestendig omgaat met de kosten voor woningaanpassingen. We

De maatregel leidt tot lagere indicaties voor huishoudelijke ondersteuning, terwijl een schoon en leefbaar huis geborgd blijft. Een aandachtspunt is dat cliënten mogelijk minder contactmomenten hebben, wat effect kan hebben op sociaal contact.

De maatregel raakt woningcorporaties, die worden gevraagd bij te dragen aan voorzieningen die hun vastgoed verrijken.

36

gaan als gemeente hiervoor in gesprek om tot (financiële) afspraken te komen met de woningcorporaties. Arbeidsmatige en ontwikkelgerichte dagbesteding gedeeltelijk vervangen door participatieplekken Toelichting maatregel: Vanuit de Wmo kan iemand dagbesteding krijgen als het niet lukt om de dag zelfstandig zinvol in te vullen, er begeleiding nodig is of om mantelzorgers te ontlasten. Dit kan in verschillende vormen, zoals belevingsgerichte, arbeidsmatige of ontwikkelingsgerichte dagbesteding. Voor cliënten met een arbeidsmatige of ontwikkelingsgerichte indicatie kan dit (deels) worden vervangen door een participatieplek: een onbetaalde werkervaringsplek. Omdat dit goedkoper is, leidt dit tot lagere kosten voor maatwerkvoorzieningen. Argumentatie: We beschouwen dit als een kansrijke maatregel, in het bijzonder voor nieuwe instroom. Wasservice als algemene voorziening inrichten

37

39

De impact is beperkt voor nieuwe cliënten. Voor bestaande cliënten die moeten overstappen naar een andere plek kan de impact groter zijn.

Toelichting maatregel: Op dit moment wordt de wasservice vanuit de Wmo uitgevoerd door Drechtwerk/Werkvisie de Hoop in de vorm van een maatwerkvoorziening. Door de wasservice als algemene voorziening te positioneren kan er een hogere eigen bijdrage gevraagd worden. Daarnaast biedt het inrichten van een wasservice als algemene voorziening de mogelijkheid om een bredere doelgroep te bedienen. Argumentatie: Alhoewel de ombuiging naar een algemene voorziening lokale uitvoeringstaken met zich meebrengt staan wij hier positief tegenover. De Wmo omvat ook een wasservice. Door het inrichten als algemene voorziening kan de eigen bijdrage worden verhoogd waardoor onnodig gebruik naar verwachting afneemt en de inkomsten toenemen. Deelscootmobiel/ scootmobielpool als algemene voorziening in het leven roepen Toelichting maatregel: Een scootmobielpool is een voorziening waarbij mensen met een mobiliteitsbeperking een scootmobiel kunnen lenen of

De hogere eigen bijdrage kan aanzienlijke financiële gevolgen hebben voor huidige gebruikers van de wasservice. Uit het wachtlijstenonderzoek is naar voren gekomen dat cliënten er veel waarde aan hechten om een zorgaanbieder uit te kiezen. Verder is het bestuurlijk uitgangspunt in deze regio ook dat inwoners identiteitsgebonden ondersteuning

huren. Hierbij worden er dus geen scootmobielen op individuele basis verstrekt, maar krijgen cliënten toegang tot een scootmobiel waar meerdere mensen gebruik van kunnen maken. Hierbij worden er dus in totaal minder scootmobielen verstrekt en hoeft er voor minder scootmobielen onderhoud en reparatie plaats te vinden. Anderzijds moeten hierbij wel scootmobielen ingezet worden waar zoveel mogelijk mensen gebruik van kunnen maken. Hierdoor zijn dit duurdere scootmobielen. Er zal een verschuiving van kosten optreden vanuit de individuele maatwerkvoorzieningen vanuit de SDD naar de collectieve algemene voorziening die door de gemeente wordt bekostigd.

41

42

belangrijk vinden en in belangrijke mate bepalend laten zijn bij hun keuze voor een aanbieder. Gebiedsgerichte inrichting kan deze keuzevrijheid beperken.

Argumentatie: De maatregel zorgt voor een toekomstbestendige en duurzame oplossing voor de verstrekking van scootmobielen. De maatregel vergt wel de nodige inspanningen om tot een dekkend netwerk te komen. (Meer) gebruik maken van het regresrecht (artikel 2.4.3 Wmo) Toelichting maatregel: Het Wmo-regresrecht houdt in dat een gemeente de kosten van een Wmo-maatwerkvoorziening kan verhalen op een aansprakelijke derde die verantwoordelijk is voor de schade van de inwoner. Dit speelt bijvoorbeeld bij letselschade door een ongeval waarvoor een verzekerde partij aansprakelijk is. Het regresrecht voorkomt dat publieke middelen worden ingezet terwijl een private partij juridisch gehouden is de schade te vergoeden.

De impact voor cliënten is minimaal. Zij ontvangen de benodigde ondersteuning; de kosten worden achteraf verhaald op de aansprakelijke partij.

Argumentatie: Wij stemmen in met deze maatregel. Wanneer de gemeente aan een inwoner Wmo verstrekt ingevolge een ongeval, waarvoor een derde aansprakelijk is, kunnen de kosten teruggevorderd worden. We maken meer werk van ‘verhaal’. Dit levert altijd iets op, hoeveel is niet te voorspellen. Intensiveren WMO toezicht Toelichting maatregel: Door het intensiveren/ uitbreiden/ professionaliseren/ integreren van het huidige toezicht op de Wmomaatwerkvoorzieningen, kan er op termijn wellicht (meer) geld teruggevorderd worden. Ook kan dit tot gevolg hebben dat er minder

De maatregel draagt bij aan een doelmatiger inzet van publieke middelen, betere bescherming van kwetsbare inwoners en versterking van vertrouwen in het zorgstelsel en de overheid.

onrechtmatige betalingen gedaan worden aan zorgaanbieders (preventieve werking).

43

Argumentatie: Wij stemmen in met deze maatregel. Een gemeente dient ervoor te waken dat zorggelden worden besteed waarvoor ze bedoeld zijn. Landelijk zijn er signalen van malafide zorgpartijen die misbruik maken van kwetsbare cliënten. Door intensiever te controleren op rechtmatige verstrekking rekenen we erop het oneigenlijk gebruik cq de Wmo-uitgaven terug te dringen. Plan is goedgekeurd op het AB van de GRS op 28 mei jl. Verwachting is een besparing op de lange termijn, maar de eerste jaren vragen vooral investeringen. Nieuw planningssysteem Stroomlijn Toelichting maatregel: Stroomlijn heeft sinds half oktober 2025 een nieuw planningsysteem in gebruik. Door slim, flexibel en kort van tevoren te plannen kunnen meer individuele ritten binnen dezelfde tijd worden gecombineerd. Doordat de financiële effecten van de sluiting van de Papendrechtse brug van juli 2026 t/m april 2027 op de vervoerskosten nog zeer onzeker zijn wordt de ombuiging pas vanaf 2027 in de begroting verwerkt. Argumentatie: Wij hebben begrepen dat deze maatregel reeds in gang is gezet en stemmen in met deze maatregel. Een efficiënter planningssysteem verbetert de bezetting van de Drechthopper. Het eerste jaar zal dit nog niet naar wens functioneren gezien de sluiting van de Papendrechtse brug. Stroomlijn neemt het vanaf 2027 op in de begroting. Inzetten op nabije en goedkopere vormen van dagbesteding

45

Toelichting maatregel: Bij de toekenning van dagbesteding wordt naast de passendheid ook de nabijheid van de dagbesteding meegewogen. Deze maatregel levert in potentie zowel een besparing op dagbesteding en op de kosten voor het Wmo-vervoer. Argumentatie: Dit betreft huidig beleid. We vragen u dan ook dit consequent toe te passen.

Deze maatregel heeft tot gevolg dat de bezetting van de Drechthopper efficiënter wordt.

Deze maatregel heeft tot gevolg dat ook naar de nabijheid van de dagbesteding wordt gekeken. Het maatschappelijke effect hiervan is dat inwoners minder ver hoeven te reizen voor hun dagbesteding.

Hieronder de maatregelen waarvan uw raad in haar zienswijze heeft aangegeven zich mogelijk in te kunnen vinden, maar die nog nadere uitwerking behoeven. In afwachting van deze uitwerking is de raad met de volgende maatregelen nog niet akkoord gegaan:

Maatregelnummer Maatregel

Verwachte maatschappelijke effecten Budgetbeheer is een effectieve manier om inwoners te ondersteunen wanneer bewindvoering niet noodzakelijk is.

Extern budgetbeheer (Stoppen met buitenwettelijk begunstigend beleid BB) Toelichting maatregel: gemeenten kennen geen bijzondere bijstand meer toe aan inwoners om gebruik te kunnen maken van een externe budgetbeheerder. 1

Argumentatie: Deze maatregel vraagt verdere uitwerking om in beeld te krijgen wat de effecten zijn wanneer deze maatregel alleen geldt voor nieuwe aanvragen dan wel voor iedereen die (op dit moment) gebruik maakt van budgetbeheer. We vragen bij de uitwerking aandacht voor de communicatie met de betrokken inwoners zodat zij weten dat de kosten van externe partijen niet meer vergoed worden.

We zien een sterke groei in het gebruik van extern budgetbeheer. Dit komt mede door strenger toezicht op bewindvoering, terwijl de controle op budgetbeheer beperkt is. De SDD beschikt over intern budgetbeheer voor inwoners die deze ondersteuning nodig hebben. Wanneer bijzondere bijstand voor extern budgetbeheer wordt stopgezet voor nieuwe aanvragen, ontstaat mogelijk een waterbedeffect: meer inwoners kunnen overstappen naar intern budgetbeheer. De kwaliteit van budgetbeheerders verschilt bovendien sterk, waardoor het aannemelijk is dat schuldenproblematiek toeneemt bij inwoners die geen toegang meer hebben tot extern budgetbeheer. Tegelijkertijd kan het voorliggend veld, met laagdrempelige vormen van ondersteuning, mogelijk een deel van de inwoners opvangen die niet langer in aanmerking komen voor bijzondere bijstand voor extern budgetbeheer. Voor budgetbeheerderskantoren in de regio heeft de maatregel gevolgen voor hun financiële positie en continuïteit.

2

4

11

Verlagen inkomensgrens naar 110% Wettelijk Sociaal Minimum (Persoonlijk Minimabudget) Toelichting maatregel: Bij deze maatregel wordt de inkomensgrens voor het kunnen aanvragen van een persoonlijk minimabudget verlaagd naar (bijvoorbeeld) 110% van het Wettelijk Sociaal Minimum. Het persoonlijk minimabudget is een bedrag dat mensen met een laag inkomen kunnen gebruiken voor noodzakelijke extra kosten. Argumentatie: Deze maatregel vereist nadere uitwerking om in beeld te krijgen wat de effecten zijn voor onze inwoners. Daarbij moet rekening worden gehouden met mogelijke stapeleffecten met andere voorgestelde maatregelen. Hoogte 35% WSM (Persoonlijk Minimabudget) Toelichting maatregel: Deze maatregel betekent dat het persoonlijk minimabudget wordt verlaagd naar 35% van het sociaal minimum (bijstandsniveau). Concreet ontvangen inwoners dan 35% van het normbedrag als persoonlijk minimabudget. Argumentatie: Voor deze maatregel is verdere uitwerking nodig op de gevolgen voor inwoners (ontstaat er bijvoorbeeld een armoedeval). Tevens is beter zicht nodig hoe deze maatregel zich verhoudt tot de andere maatregelen gericht op PMB. Collectieve zorgverzekering minima: Vermogensgrens hanteren (met behulp van BIDN) (bedrag verwerkt in maatregel 13) Toelichting maatregel: De Collectieve zorgverzekering is bedoeld om inwoners met een laag inkomen toegang te bieden tot goede en betaalbare zorg.

Er wordt géén vermogensgrens gehanteerd (in tegensteling tot bijvoorbeeld algemene en bijzondere bijstand). Het idee is om een vermogensgrens te hanteren die gelijk is aan de algemene bijstand.

Minder mensen komen in aanmerking. Landelijke inkomensverbeteringen beperken de negatieve gevolgen.

Alle inwoners die een persoonlijk minimabudget (PMB) ontvangen krijgen voortaan een lager PMB. Landelijke inkomensverbeteringen beperken de negatieve gevolgen. Met dat laatste wordt bedoeld dat de inkomens van inwoners met een laag inkomen op landelijk niveau al gecorrigeerd/ verhoogd zijn. Het maatschappelijke effect hiervan is dat inwoners met een laag inkomen en een té hoog vermogen mogelijk zorg zullen gaan vermijden. Eventuele effecten hiervan zijn zorgschulden met de daarbij behorende gevolgen zoals een bestuurlijke premie en/of schuldhulp. De groep die geraakt wordt kan voor medische kosten niet in aanmerking komen voor bijzondere bijstand omdat daarvoor dezelfde vermogensgrens geldt. Deze maatregel raakt vooral de groep chronisch zieken en gehandicapten.

Argumentatie: Voor deze maatregel is nadere uitwerking nodig. Het is nu niet duidelijk welke inkomensgrens gehanteerd wordt en wat de precieze effecten op inwoners gaan zijn.

12

Collectieve zorgverzekering minima: Inkomensgrens verlagen van 130% naar 120% wettelijk minimumloon Knop herijking minimabeleid 2023 (bedrag verwerkt in maatregel 13) Toelichting maatregel: De CZM is bedoeld om inwoners met een laag inkomen toegang te bieden tot goede en betaalbare zorg. De gemeenten betalen een deel (€ 13,50 of € 27,00) van de maandelijkse premie. De inkomensgrens van de Gemeentepolis bedraagt voor het verzekeringsjaar 2026 130% van het Wettelijk minimumloon. Voorgesteld wordt De inkomensgrens te verlagen naar 120% van het wettelijk minimumloon. Argumentatie: Voor deze maatregel is verdere uitwerking nodig of dit individueel afweegbaar is. Tevens is uitwerking nodig op het mogelijk effect op de kosten voor (medische) bijstand.

15

Persoonlijk minimabudget (PMB) als voorliggende voorziening voor bijzondere bijstand voor woninginrichting Toelichting maatregel: De wetgeving biedt ruimte om het persoonlijk minimabudget (PMB) aan te merken als voorliggende voorziening op de bijzondere bijstand. Dit betekent dat iemand die aanspraak kan maken op het PMB eerst dat PMB moet gebruiken om de bijzondere kosten te betalen. Argumentatie: Deze maatregel veronderstelt dat inwoners goed met geld kunnen omgaan en geld opzij leggen voor een noodgeval. Verdere uitwerking is nodig op het risico van (toenemen) schulden, de omvang van de doelgroep en de hoogte van de besparing.

Zodra de inkomensgrens van de Gemeentepolis wordt verlaagd zal er minder toegang zijn tot uitgebreidere zorg voor een inwoners en een toename van schuldenproblematiek. De groep die wordt geraakt, kan voor medische kosten geen bijzondere bijstand ontvangen, omdat hun inkomen boven de daarvoor geldende grens ligt. Vooral de groep chronisch zieken en gehandicapten worden geraakt. Een belangrijk aspect hierin is dat de Gemeentepolis zowel een basis als ook een aanvullende verzekering heeft. Dat houdt dus ook in dat mondzorgkosten worden vergoed, een probleem wat vorig jaar nog landelijke aandacht heeft gehad i.v.m. mondzorgmijding. Bij een verlaging van 130% naar 120% WML zal dit effect beperkt zijn omdat de inkomensgrens momenteel vrij hoog ligt. Het kan zijn dat inwoners worden genoodzaakt hun PMB te gebruiken voor kosten waar ze normaal bijzondere bijstand voor konden aanvragen. Wanneer PMB wordt gezien als een voorliggende voorziening, kan dit ertoe leiden dat het ontvangen PMB in mindering wordt gebracht op latere toekenningen voor bijzondere bijstand. Dit brengt het risico met zich mee dat inwoners kosten niet meer kunnen betalen omdat het ontvangen PMB reeds is uitgegeven. Hierdoor ontstaat een reëel risico op een toename van schuldhulpverlening, omdat meer inwoners betalingsachterstanden of schulden ontwikkelen.

Dit vormt een aanzienlijk risico voor de doelgroep, terwijl de structurele financiële opbrengst van de maatregel onzeker/beperkt is. Wanneer een inwoner bijvoorbeeld in januari PMB heeft ontvangen en in augustus bijzondere bijstand aanvraagt, rijst de vraag of de gemeente mag veronderstellen dat het eerder ontvangen PMB nog

beschikbaar is. In de praktijk is dit onzeker en grotendeels afhankelijk van keuzes in beleidsuitvoering. De mate waarin de gemeente hierin streng wil zijn, vraagt om expliciete afweging. De verwachting is dat meer inwoners zich zullen melden bij SUN Drechtsteden.

16

17

Vermogenstoets vereenvoudigen en vermogensgrens verlagen voor bijzondere bijstand Toelichting maatregel: Bij de bijzondere bijstand bepalen gemeenten zelf welk vermogen inwoners moeten inzetten. Nu moeten inwoners veel informatie aanleveren, ook over bezittingen die lastig om te zetten zijn in geld. Van inwoners kun je niet verwachten dat zij bijvoorbeeld hun huis of auto verkopen. Door alleen te kijken naar direct beschikbare middelen (zoals banksaldo en crypto), wordt de aanvraag eenvoudiger voor inwoners en medewerkers. Een lagere vermogensgrens kan eventueel gemist vermogen corrigeren. Dit kan gelden voor alle kosten of alleen voor algemene kosten waarvoor inwoners geacht worden te sparen. Argumentatie: Deze maatregel omvat twee onderdelen. Wij zijn voor het vereenvoudigen van de vermogenstoets, omdat dit de administratieve last voor inwoners en consulenten verminderd. Bij het verlagen van de vermogenstoets zien wij risico’s, omdat de vermogensgrens dan afwijkt van andere vermogensgrenzen. Dit sluit niet aan bij onze ambitie om het beleid eenvoudiger te maken. We vragen u in beeld te brengen wat de besparing is als gekozen wordt voor alleen vereenvoudiging. Stoppen met (stortingen in) het Sociaal Leenfonds (zie samenhang met maatregel 5) Toelichting maatregel: Het Sociaal Leenfonds is een gezamenlijk initiatief van SUND en de Sociale Dienst Drechtsteden (SDD).

Het fonds is bedoeld om grotere schulden te voorkomen door tijdelijke

Voor inwoners heeft deze maatregel naar verwachting vooral een positief effect. Door alleen te toetsen op direct beschikbare geldmiddelen wordt de aanvraagprocedure eenvoudiger en toegankelijker. Inwoners hoeven minder gegevens aan te leveren en het onderzoek naar vermogen wordt minder belastend. Daarnaast kan de aanvraag sneller worden afgehandeld, wat de dienstverlening ten goede komt.

De maatschappelijke effecten zijn moeten nog nader in beeld worden gebracht.

financiële ondersteuning te bieden in de vorm van leningen. SUN Drechtsteden beheert het fonds, en de looptijd van een lening bedraagt doorgaans drie jaar.

18

25

Argumentatie: Nadere uitwerking is nodig om te bepalen wat de omvang van de besparing is en wat de gevolgen zijn voor de ondersteuning aan inwoners. Werken met afwijkende toekennings- en draagkrachtperiodes bij bijzondere bijstand. Toelichting maatregel: De draagkrachtperiode is de periode waarin wordt bepaald hoeveel iemand zelf kan bijdragen aan de kosten. De toekenningsperiode is de periode waarvoor de bijzondere bijstand wordt toegekend. Meestal geldt een draagkracht- en toekenningsperiode van twaalf maanden. Voor sommige doelgroepen of kosten kan bewust een langere periode worden gekozen, zowel voor klanten als niet-klanten. Argumentatie: We vragen u dit voorstel verder uit te werken omdat het de administratieve last voor zowel de inwoners als de consulent vermindert. Wel zouden we graag meer zicht hebben op de doelgroepen waarop dit van toepassing zou zijn. En ook wel effecten dit heeft op de workload van de consulenten. Stoppen met de ik-doe-mee-premie Toelichting maatregel: De ik-doe-mee-premie is een bedrag van €250,per jaar voor inwoners die onbetaalde activiteiten uitvoeren voor maatschappelijke organisaties. Hieronder vallen bijvoorbeeld vrijwilligerswerk, participatieplekken en bepaalde ontwikkelplekken. In 2025 zijn in totaal 589 premies verstrekt, waarvan 493 aan bijstandsgerechtigden en 96 aan nuggers (niet uitkeringsgerechtigden).

Argumentatie: We vragen u dit voorstel verder uit te werken omdat meer zicht nodig is op de maatschappelijke effecten van deze maatregel. Met

Deze maatregel is met name prettig voor inwoners die nu jaarlijks opnieuw dezelfde aanvraag moeten indienen. Bij een langere draagkracht- en toekenningsperiode vervalt de noodzaak om telkens opnieuw een aanvraag in te dienen voor gelijkblijvende omstandigheden en kosten. Daarmee worden de administratieve lasten voor zowel inwoners als de SDD beperkt.

De maatschappelijke effecten van deze maatregel worden door de SDD in kaart gebracht.

name omdat deze maatregel in lijkt te gaan tegen de doelen die de Participatiewet in Balans beoogt. Stoppen met subsidie aan Stichting MBO Toelichting maatregel: Stichting MBO Drechtsteden heeft een netwerk- en platformfunctie voor werkgevers in de Drechtsteden.

26

29

Argumentatie: We stellen voor dat u inzet op het laten renderen van deze subsidie. Werkgevers zijn immers potentieel een belangrijke partner in het domein van participatie en ontwikkelen naar werk. Als zij zich openstellen voor de doelgroep en waar nodig ook (enige) begeleiding bieden, heeft dat ook nog eens een kostenbesparend effect op uw begroting. Mocht u er niet in slagen om via de subsidie aan stichting MBO beter te laten renderen, dan vragen we van u deze subsidie te beëindigen. Doortrekken Vroege Start Toelichting maatregel: Met de openstelling van het AZC Dordrecht wordt het mogelijk om het inburgeringsproces al in het AZC te starten i.p.v. bij daadwerkelijke huisvesting in de Drechtsteden. Dit betekent dat er voorgefinancierd moet worden op inzet van uitvoerende formatie en een eerdere inzet van middelen uit de SPUK Wet inburgering. Anderzijds wordt met deze vroege inzet van inburgering tot het moment van huisvesting de kosten van de uitkering en de reiskosten tijdens het verblijf in het AZC bespaard. . Argumentatie: We menen dat dit niet de juiste plek is om input te geven op dit voorstel. Het netto financieel effect voor de komende twee jaren is namelijk negatief. Dat wil niet zeggen dat we per definitie niet akkoord gaan met dit voorstel, maar wel dat we dit niet de juiste plek vinden om nu ons oordeel te geven over dit voorstel.

Wij verwachten een financieel beter onderbouwd voorstel om een besluit te kunnen nemen.

Het in stand houden van een actief werkgeversnetwerk dat sociaal ondernemerschap promoot, is in het belang van de GR Sociaal en deelnemende gemeenten. We zijn afhankelijk van werkgevers voor het plaatsen van (kwetsbare) inwoners. Stichting MBO inspireert, adviseert en faciliteert werkgevers. Om die reden is het partnerschap met de stichting relevant, het schrappen van de subsidie schaadt de relatie. Daarnaast zien we de kans groot dat Stichting MBO alsnog op andere manieren zal proberen om de subsidie te verzamelen bij de individuele gemeenten of aanpalende organisaties.

Door al op het AZC te starten met de inburgering (eventueel in combinatie met werk) wordt een nuttige dagbesteding geboden en worden ook risico’s van eventuele overlast voorkomen. Ook kan dit leiden tot een hogere slagingskans bij het voltooien van het inburgeringsproces.

32

38

Invulling geven aan reablement binnen de HO door middel van inzet ergotherapeut Toelichting maatregel: Reablement is een persoonsgerichte benadering in de zorg, met name voor ouderen, gericht op het herstellen of behouden van zelfredzaamheid en autonomie. Er kan op verschillende manieren invulling worden gegeven aan reablement, bijvoorbeeld door inzet van een ergotherapeut (maatregel 31). Een tweede maatregel houdt in dat er een speciaal opgeleide huishoudcoach wordt ingezet die samen met de inwoner kijkt naar wat de beperkingen zijn in het huishouden en handvatten aanreikt zodat de cliënt (deels) zelf de beperkingen op het gebied van het huishouden kan opheffen (maatregel 32). Een derde manier is de inzet van Powerful Ageing (krachtig ouder worden) (maatregel 33). Argumentatie: Alle drie de voorstellen richten zich op dezelfde doelgroep. Het gelijktijdige inzetten van alle drie de maatregelen leidt naar verwachting niet tot een cumulatief ombuigingsresultaat. Inhoudelijk verwachten wij dat maatregel 32 tot het grootste effect zal leiden. Naar wij hebben begrepen zal over alle maatregelen (31 t/m 33) nog een beeldvormende sessie met alle gemeenteraden plaatsvinden. Deze wachten wij af alvorens wij een definitief besluit nemen.

Pgb tarief voor ondersteuners uit het netwerk baseren op het minimumloon Toelichting maatregel: De Centrale Raad van Beroep heeft uitgesproken dat het pgb tarief voor ondersteuners vanuit het netwerk (weer) gebaseerd mag worden op het minimumloon in plaats van op de CAO. Op basis hiervan mogen gemeenten juridisch gezien de tarieven voor sociaal netwerk naar beneden brengen. Argumentatie: De maatregel betekent dat we teruggaan naar de voorheen gangbare werkwijze en vergt nadere uitwerking. Specifiek wordt u gevraagd na te gaan wat dit betekent voor inwoners die nu

Inwoners verwachten vaak directe huishoudelijke ondersteuning, maar krijgen eerst begeleiding gericht op zelfredzaamheid. Eerdere inzet van reablement (Powerful Ageing) leidde tot maatschappelijke en politieke weerstand; draagvlak vraagt nadrukkelijke aandacht bij implementatie. Daarnaast is relevant dat het voornemen bestaat om per 1-1-2029 huishoudelijke ondersteuning uit de Wmo te halen.

De maatregel heeft aanzienlijke gevolgen voor cliënten en hun netwerk. Door de lagere vergoeding kan de inzet van ondersteuning verminderen. Van de cliënt kan een bijbetaling worden verwacht danwel de ondersteuner ontvangt een lager inkomen. Dit kan effect hebben op kwaliteit en continuïteit van de ondersteuning.

ondersteuning ontvangen van Pgb-hulpverleners. Hoe groot is het risico op verslechtering van de situatie van kwetsbare cliënten).

40

Huishoudelijke ondersteuning gebiedsgericht inrichten Toelichting maatregel: Gebiedsgerichte inrichting van huishoudelijke ondersteuning zou efficiencywinst kunnen opleveren in verband met reistijd, planbaarheid en combinatiemogelijkheden met andere vormen van zorg en ondersteuning. Indien de huishoudelijke ondersteuning gebiedsgericht wordt ingericht, dan zou dit een beperkingen van de keuzevrijheid voor een bepaalde zorgaanbieder kunnen betekenen. Argumentatie: De maatregel kan leiden tot efficiëntie in de vorm van minder reistijd voor de professionals maar ook tot inperking van de keuzevrijheid van de inwoner. Nadere uitwerking is nodig voor wat betreft het draagvlak onder andere gemeenten (voorwaarde is dat alle gemeenten meedoen). Tevens is uitwerking nodig op haalbaarheid en de beoogde besparing voor onze gemeente. Maatregel 44: Arbeids- en maatschappelijke participatie: Doorrekenen transformatieplan sociale infrastructuur

44

Toelichting maatregel: Het transformatieplan sociale infrastructuur beschrijft hoe de ondersteuning en participatiemogelijkheden in het kader van Ontwikkelen naar Werk integraler (lokaal/regionaal) en dichter bij inwoners georganiseerd kan worden. Argumentatie: Momenteel lopen de inkomsten van gemeenten en de uitgaven voor de sociale infrastructuur ontwikkelen naar werk en voor het verstrekken van bijstandsuitkeringen ver uiteen. De zeven gemeenten ontvangen vele miljoenen minder dan ze voor dit domein uitgeven aan de betreffende dienstverlening van de GR Sociaal. We vinden het dan ook van groot belang dat de inkomsten en uitgaven

Uit het wachtlijstenonderzoek is naar voren gekomen dat cliënten er veel waarde aan hechten om een zorgaanbieder uit te kiezen. Verder is het bestuurlijk uitgangspunt in deze regio ook dat inwoners identiteitsgebonden ondersteuning belangrijk vinden en in belangrijke mate bepalend laten zijn bij hun keuze voor een aanbieder. Gebiedsgerichte inrichting kan deze keuzevrijheid beperken.

Met deze deze maatregel wordt via integrale, slim georganiseerde ondersteuning en aanbod dichterbij, beoogd om met meer "maatwerk” met aandacht voor wat iemand wel kan, ontwikkelen naar werk en participatie te bewerkstelligen en daarmee kosten en baten in balans te brengen.

binnen afzienbare termijn gelijk worden geschakeld. We zien uit naar heldere en financieel onderbouwde plannen die hierin voorzien. Inzetten lokale voorzieningen zoals inloopvoorzieningen in te zetten als voorliggende voorziening

46

Toelichting maatregel: Voorgesteld wordt de kosten voor de Wmo te dempen door het realiseren van een lokale inloopvoorziening voor inwoners met beginnende dementie en het aanbieden van individuele begeleiding als voorliggende voorziening. In het laatste geval wordt een deel van de begeleiding geïntegreerd in het dienstverleningsaanbod van Sophia Sociaal Team. Hierdoor neemt het gebruik van dagbesteding en individuele begeleiding als maatwerkvoorziening af. Argumentatie: We vragen u nadrukkelijk consequent gebruik te maken van het voorliggende veld in onze gemeente omdat we van mening zijn dat dit beter is voor onze inwoners en ook een positief financieel effect heeft.

Met het aanbod van lokale Wmo-voorzieningen als voorliggende voorzieningen vanuit de gemeente wordt een dempend effect bereikt op de kosten van de Wmo-maatwerkvoorzieningen .

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17092439/1