CConstaterende datHendrik-Ido-Ambacht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij raadsvoorstel 7.7 Aanvraag Vangnetuitkering HIA 2022 def

commissie ABA-Financiën openbaar 21 juni 2023, gemeente Hendrik-Ido-AmbachtBij agendapunt: Aanvraag vangnetuitkering Participatiewet 20226.187 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verklaring Vangnetuitkering 2022 gemeente Hendrik-Ido-Ambacht

Samenvatting van de verklaring Onderdeel A: Samenvatting analyse van de oorzaken van het tekort 1. Hogere instroom van statushouders in de gemeente 2. De afstand van de doelgroep tot de arbeidsmarkt neemt met de introductie van de Participatiewet steeds verder toe. 3. Gemeente-specifieke bijzonderheden bestandsopbouw: Hoger percentage gehuwdenuitkeringen (waardoor hoger gemiddelde kosten per uitkering) en relatief groot aandeel uitkeringsgerechtigden met grote afstand tot de arbeidsmarkt. 4. Toename kosten loonkostensubsidie en substantiële toename uitkeringen Bbz

Onderdeel B: Samenvatting getroffen maatregelen om het tekort te reduceren 1. Inzet van het pallet maatregelen dat gericht is op beperken instroom, bevorderen doorstroom en uitstroom, handhaving op rechtmatigheid en gerichte inzet op statushouders; 2. Verdiepende analyse van het zittend bestand (met grote afstand tot de arbeidsmarkt) om kansen en ontwikkelperspectieven in beeld te brengen; 3. Herijking en aanpassing methodieken en instrumentarium op de (toenemende) zwaarte van het uitkeringsbestand; 4. Verbetering en aanpassing van het ontwikkelprogramma voor uitkeringsgerechtigden; 5. Proactief benaderen van kwetsbare jongeren. Hiermee wordt beoogd jongeren een zo groot mogelijke kans te geven op een zo zelfstandig mogelijk bestaan; 6. Bevorderen maatschappelijke participatie en parttime werk; 7. Meer focus op versterken bestaanszekerheid om de perspectieven te vergroten; 8. Onderzoek mogelijkheden samenwerking Drechtwerk voor groep met grote afstand tot de arbeidsmarkt; 9. Versterken samenwerking SDD - gemeente 10. Deelname in landelijke netwerken en leergroepen.

Onderdeel C: Samenvatting beoogd effect van de genoemde maatregelen Doelstelling uitkeringsbestand Hendrik-Ido-Ambacht per 31/12/2023: 363 inwoners met een bijstandsuitkering (gebaseerd op een daling van 1,4% van het bestand van 1 januari 2023 – CPBnorm gebaseerd op rapportage CEP).

1

Beschrijving van de wijze waarop de gemeenteraad is geïnformeerd door het college Moment in het proces X Kadernota/ begroting X Voorjaars-najaar bericht en jaarrekening X Maand-, kwartaal- of halfjaarrapportage Beleidsplannen, strategie- of koersdocumenten, plannen van aanpak of evaluaties Informatie over bestandsontwikkelingen of de voortgang van maatregelen Nieuwsbrieven, bijeenkomsten en/of presentaties

1. Verklaring College A. Analyse van de oorzaken van het tekort Mogelijke BUIG-gerelateerde oorzaken Oorzaken voor eventuele tekorten op de BUIG kunnen – in theorie – zowel worden gevonden in (de componenten van) de verdeelsleutel van het Rijk, als in de ontwikkeling van het bestand aan bijstandsgerechtigden, de gemiddelde kosten voor een uitkering en het aantal inwoners dat loonkostensubsidie ontvangt ten opzichte van de landelijke trend in het betreffende jaar. Kleine gemeenten zijn in de praktijk gevoeliger dan grote voor deze landelijke ontwikkelingen, aangezien kleine aantallen relatief grotere impact hebben. In de praktijk zal het vaak een combinatie van beide factoren (verdeelmodel en bestandsontwikkeling) betreffen, waarbij de in het verdeelmodel gelegen factoren zo goed als niet na te gaan zijn. Wel opvallend is in dit kader, dat het binnen de Drechtsteden juist de kleinere gemeenten zijn, die in 2022 tegen relatief hoge budgetoverschrijdingen aanlopen.

Omvang van het tekort Voor de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht bedraagt het tekort (dat wil zeggen het verschil tussen inkomsten en uitgaven) voor het jaar 2022 op de BUIG € 601.759. Het tekort betreft 12% van het ontvangen Rijksbudget. Voor de historische ontwikkeling van het tekort wordt verwezen naar onderstaande tabel.

Lasten Baten Tekort voor VU

2020 5.122.593 5.084.148 -38.445

2021 5.246.165 4.973.670 -272.495

2022 5.515.049 4.913.290 -601.759

Voor de komende jaren wordt de gemeente via de reguliere P&C cyclus van de Sociale Dienst Drechtsteden (SDD) op de hoogte gehouden van ontwikkelingen In 2023 is meer aandacht voor de financiële ontwikkeling per gemeente omdat de SDD zich vanaf 1-1-2023 niet meer alleen op financieel niveau van de Drechtsteden verantwoordt, maar ook op gemeenteniveau. Rol en informatiepositie college De collegebevoegdheden in het kader van de Participatiewet (en de eerdergenoemde aanpalende wetten) zijn gedelegeerd aan de GR Sociaal/Sociale Dienst Drechtsteden. Formele informatieverstrekking over de voortgang van de uitvoering geschiedt via de reguliere begrotings- en viermaandelijkse verantwoordingscyclus, maar ook via ambtelijke afstemming. Het feitelijke tekort op de BUIG voor 2022 is bepaald bij het opmaken van de jaarrekening 2022 door de GR Sociaal (januari 2023).

2

Ambtelijk zijn de Drechtstedengemeenten als geheel via het Regionaal Controllersoverleg in november 2022 op de hoogte gesteld van het tekort en dat een aantal gemeenten mogelijk in aanmerking zou komen voor het aanvragen van een vangnetuitkering. Op basis van de resultaten over de eerste acht maanden (2e Voortgangsrapportage 2022) was dit echter nog niet voorzien. Dit was mede ingegeven vanwege het feit dat op basis van de regio brede geconstateerde bestandsdaling die in de tweede helft van 2022 was ingezet ook voor Hendrik-Ido-Ambacht in de laatste verslagperiode een daling van het uitkeringsbestand werd verwacht. Deze bleef echter uit. Informatie over de bestandsontwikkeling in de Drechtsteden en de eigen gemeente is in de periode 2020-2022 maandelijks met het college per mail gedeeld. Medio 2022 is dit veranderd met de openstelling van het gemeentedashboard, waarmee de informatiepositie van het college verder is versterkt en de betreffende bestandsgegevens ambtelijk en bestuurlijk kunnen worden geraadpleegd. Voor de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht specifiek geldt dat er een nauw ambtelijk contact is.

Rol en informatiepositie Dagelijks Bestuur GR Sociaal Zoals eerder gesteld zijn de collegebevoegdheden gedelegeerd aan de GR Sociaal en belegd bij het Dagelijks Bestuur van de SDD. Dit betreft ook het beleid en de sturing op de resultaten. Het beleid op het gebied van de Participatiewet is geharmoniseerd en daarmee voor alle gemeenten gelijk. In incidentele gevallen (bijvoorbeeld ten aanzien van pilots) wordt gemeente-specifiek beleid gevoerd. Voor de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht was dat in het kader van de Participatiewet in de verslagperiode niet het geval. Binnen de SDD is de afgelopen jaren de informatiepositie versterkt, met de ontwikkeling van een online dashboard dat realtime de bestandsontwikkeling weergeeft. Hierdoor kan goed worden gemonitord hoe het uitkeringsbestand zich qua aantallen en opbouw ontwikkelt en welke factoren daarbij een rol spelen. Dit geldt zowel voor de instroom als de uitstroom. Tot op heden is dit echter nog niet gekoppeld aan realtime financiële monitoring. Financiële monitoring vindt periodiek plaats in de viermaandelijkse rapportagecyclus. Sturing op de in de begroting vastgestelde doelen en de geconstateerde voortgang vond in 2022 en de voorgaande jaren – mede gezien het geharmoniseerde beleid en de onderliggende financiële afspraken – primair plaats op Drechtstedenniveau.

De ontwikkeling van het bijstandsbestand Hendrik-Ido-Ambacht (exclusief IOAW/IOAZ)

Bijstandsbestand in relatie tot inwonersaantal Op 31 december 2022 waren er 368 inwoners1 met een bijstandsuitkering. In 2021 betrof dit aandeel 1,07% en in 2020 1,09%. Het aantal IOAW en IOAZ-uitkeringen is in de afgelopen jaren nagenoeg constant gebleven. Het uitkeringsbestand betreft 1,14% van de totale bevolking. Landelijk en regionaal is dat gemiddeld 2,3% van de bevolking. In het jaar 2022 zijn er in de bijstand 87 inwoners ingestroomd en zijn er 68 inwoners uitgestroomd.

1

Lichte afwijkingen in de cijfers zijn mogelijk, doordat cijfers op verschillende momenten uit het systeem gehaald zijn en aanvragen/beëindigingen met terugwerkende kracht geregistreerd kunnen worden.

3

In de periode van 1996 tot 2023 is het aantal inwoners van de gemeente aanzienlijk gestegen van 20.239 naar 32.176 inwoners: dit betreft een groei van 63%. In de periode van 2018 tot en met 2023 betreft dit een groei van bijna 5%. De voornaamste verklaring van deze groei is te vinden in de ruime uitbreiding van het beschikbare woningaanbod tezamen met de krapte op de woningmarkt, waardoor inwoners uit andere woonplaatsen naar Hendrik-Ido-Ambacht toetrekken.

Figuur Jaarkaart Divosa benchmark 2022 voor de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht

Onderdeel B: Verklaring tekort 1e verklaring tekort BUIG: Hoge instroom statushouders Het verkrijgen van een verblijfsvergunning is veruit de meest voorkomende instroomreden per uitkeringsaanvraag. Het aandeel statushouders binnen het bijstandsbestand van Hendrik-Ido-Ambacht is daarmee de afgelopen jaren toegenomen. Aangezien Hendrik-Ido-Ambacht een gemeente is met een gering bijstandsvolume, heeft een relatief groot aandeel statushouders direct impact op het bijstandsbestand en de kosten die hiermee gemoeid zijn. Dit effect geldt ook voor de langere termijn omdat een deel van deze doelgroep niet snel uitstroomt. Naast de Participatiewet vallen statushouders onder de Wet inburgering 2021. Deze nieuwe wet is in werking getreden op 1 januari 2022. Hoewel uitstroom naar werk via de module Arbeidsmarkt en participatie (MAP) een belangrijk onderdeel is van de uitvoering van deze wet, hebben we gemerkt dat de focus in de beginperiode van de uitvoering van de wet, vooral is gericht op de inzet van verschillende leerroutes, de welkomstprogramma's en het leren van de taal en daarvoor minder op het zo snel mogelijk vinden van (vaak kortdurend) betaald werk. Uitvoering geven aan de wet vroeg met name in de beginperiode van het traject de prioriteit, waardoor de focus nog niet op het realiseren van uitstroom lag.

Daarnaast vraagt de Wet Inburgering 2021 een inburgeringstraject waarbij de focus ligt de kwaliteit van het inburgeringstraject en niet op zo snel mogelijk (vaak kortdurend) betaald werk vinden.

4

Een hogere instroom leidt normaliter ook tot een hogere uitstroom, maar door het hoge aandeel inburgeraars in de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht, geldt deze stelregel nu niet. Dat effect is dan ook direct zichtbaar in de lagere uitstroom dan het landelijk gemiddelde.

2e verklaring tekort BUIG: De afstand tot de arbeidsmarkt van de bijstandsdoelgroep neemt toe Doelgroepen die in het verleden terecht konden binnen de Wajong en WSW zijn nu afhankelijk van bijstand als zij niet zelfstandig een baan kunnen vinden. In combinatie met de toenemende complexiteit in de maatschappij en een grotere groep nieuwkomers is de toename van een groeiende groep bijstandsklanten onafwendbaar. De afstand tot werk neemt toe als zij langdurig afhankelijk worden. Ook de landelijke ontwikkeling is dat de uitstroom in de afgelopen tien jaar niet eerder zo laag was als in 2022. Dit laat zien dat er een afgenomen dynamiek is in het bijstandsbestand. De coronaperiode en de overige stress-verhogende ontwikkelingen zoals de koopkrachtdaling en energiecrisis hebben ervoor gezorgd dat perspectieven voor kwetsbare inwoners verder afnemen.

3e verklaring tekort BUIG: Gemeente-specifieke bijzonderheden bestandsopbouw Het bestand kent een groot aandeel uitkeringsgerechtigden met een lang uitkeringsverleden (66% van de bijstandsgerechtigden in Hendrik-Ido-Ambacht is meer dan 2 jaar afhankelijk van een uitkering) en een grote afstand tot de arbeidsmarkt. Het grootste deel van alle bijstandsbijstandsgerechtigden (59,0%) ontvangt drie jaar of langer een bijstandsuitkering. In kleinere gemeenten geldt dat er sneller sprake is van een relatief grotere stijging of daling. Doordat het totaal aantal bijstandsgerechtigden lager ligt, is het effect in procenten zowel negatief als positief groter dan in bijvoorbeeld een stad met een hoog bijstandsbestand. Voor deze groep is uitstroom naar betaalde of gesubsidieerde arbeid op afzienbare termijn niet aan de orde. In Hendrik-Ido-Ambacht geldt een hoger percentage gehuwde uitkeringsgerechtigden. De bijstandsnorm voor gehuwden is formeel hoger dan voor ongehuwden. Dit zorgt voor een hogere prijs van de uitkering (aandeel gehuwdennorm HIA 19,4% t.o.v. 17,3% vergelijkingsgroep Divosa Benchmark en 14,4% SDD).

4e verklaring tekort BUIG: Toename kosten Besluit bijstandsverlening zelfstandigen (Bbz) en loonkostensubsidie (LKS). Er heeft een substantiële groei van kosten voor Bbz plaatsgevonden in 2022. De oorzaak van deze, naar verwachting tijdelijke, ontwikkeling is toe te schrijven aan de versoepelde Bbz-regeling die bij de afloop van de andere coronamaatregelen door het Rijk werd ingevoerd en die via de BUIG bekostigd werd. De kostenstijging is in Hendrik-Ido-Ambacht relatief gezien hoger dan in andere Drechtstedengemeenten. Er wordt nog onderzoek gedaan naar een verklaring hiervoor.

Buiten de ontwikkelingen in de bijstandspopulatie is in 2022 een toename geweest in de kosten voor loonkostensubsidie bij een nagenoeg gelijkblijvend bestand subsidieontvangers. De oorzaak van deze uitgaven heeft grotendeels te maken met een wetswijziging rondom de vereenvoudiging van loonkostensubsidie per 1 januari 2022. Met deze wetswijziging blijft de gemeente de loonkostensubsidie doorbetalen aan de werkgever bij ziekte, waardoor de kosten hoger uitvallen dan de jaren daarvoor. In het verleden betaalden gemeenten niet door bij ziekte en moesten de kosten voor doorbetaling van het salaris door de werkgever gedeclareerd worden bij UWV. Daarnaast wordt de loonkostensubsidie sinds 1 januari 2022 automatisch betaald in plaats van via declaratie. Ook dit zorgt voor hogere uitgaven (maar wel minder bureaucratie). Gezien het feit dat in de Drechtsteden (waaronder in Hendrik-Ido-Ambacht) al langere tijd ruim bijdragen aan de landelijke Banenafspraak

5

voor mensen met een arbeidsbeperking en dus ruimer dan andere gemeenten inzetten op loonkostensubsidie is het effect van deze wetwijziging relatief groter in de Drechtsteden. Zeker in kleinere gemeenten levert dit een groter effect op. Het gaat voor Bbz om een bedrag van € 105.079 dat boven de begroting valt en voor LKS om een tekort van € 52.119.- Dit tekort bedraagt tezamen € 157.198 en is daarmee verantwoordelijk voor 26% van het totale tekort op de BUIG. De verklaring van het tekort is daarmee voor een aanzienlijk deel te vinden in de toename in kosten voor Bbz en LKS.

B. Getroffen maatregelen om tekort reduceren. Beheersmaatregelen 2020-2022 – DRECHTSTEDENBREED Zoals eerder aangegeven zijn de collegebevoegdheden gedelegeerd aan de GR Sociaal en voert het Dagelijks Bestuur van de SDD een geharmoniseerd beleid. De belangrijkste prioriteit van dat beleid lag in de jaren 2020-2022 bij de participatiedoelstelling binnen de Participatiewet. Bij de ontwikkeling van de ‘’Regionale visie sociaal domein Drechtsteden’’ is erkend dat de focus binnen de Drechtsteden moet worden verlegd van directe plaatsing van bijstandsklanten op de arbeidsmarkt naar het ontwikkelen van arbeidsmarktwaarde. De eerste activiteiten hiertoe startten tijdens de coronaperiode, waardoor de ontwikkeling vertraging opliep. Na deze periode bleek dat de ontwikkeling naar werk voor bijstandsklanten intensiever is en langer duurt dan voor de coronaperiode werd verwacht. Ook is uit inventariserend onderzoek gebleken dat het grootste deel van de doelgroep laag op de participatieladder staat en dat met name lichamelijke en mentale beperkingen het perspectief van inwoners op arbeid beperkt. Dit levert een constante zoektocht op van SDD, gemeenten en partners naar het beperken van de instroom en het bevorderen van doorstroom en uitstroom. Onderstaand worden de maatregelen beschreven op het gebied van: 1. Het beperken van de instroom 2. Het bevorderen van de uitstroom naar werk 3.

Het bevorderen van doorstroom 4. Handhaving op rechtmatigheid 5. Gerichte inzet op statushouders 6. Beheersmaatregelen gemeente-specifiek

Ad1. Het beperken van de instroom Bij de aanvang van de coronacrisis in 2020 heeft de SDD ingezet op het voorkomen van instroom in de bijstand. Door deze maatregelen en de Tozo-, NOW- en WW-regelingen is de instroom in de bijstand beperkt gebleven. De overige regionale maatregelen voor instroombeperking, die in de jaren 2020 tot met 2022 zijn genomen, behelzen onder andere: • Binnen het leerontwikkelbedrijf Perspct is een Werkfit-aanpak ontwikkeld die werkfitte inwoners direct vanaf de poort ondersteunt bij het behouden en verder ontwikkelen van arbeidsmarktwaarde. • Met sociale partners in de arbeidsmarktregio is het mobiliteitsplatform Kickstart opgericht. • Werkgevers die kandidaten uit de doelgroep loonkostensubsidie aan het werk hebben, zijn direct bij aanvang van de crisis actief benaderd. Zo konden worden voorkomen dat de kwetsbare doelgroep werkenden te maken zou krijgen met ontslag en indien nodig kon worden herplaatst. Voor deze doelgroep is heeft het werkgeversservicepunt Baanbrekend een doorplaatsingsunit ingericht. • De Drechtsteden hebben als een van de eerste regio's ingezet op de doelgroep zelfstandigen. De rol van het Ondernemersloket was gericht op het benaderen van zelfstandigen die door de crisis wellicht hulp nodig hadden. • We boden en bieden nazorg bij klanten die via Perspct en Baanbrekend uitstromen naar werk.

Dit leidde in de afgelopen jaren tot een flinke beperking van de her-instroom. • Daarnaast werkt de SDD verder aan reguliere taken zoals project MAX WW, doorbetalen van lonen via Baanbrekend detacheren, samenwerken in jongerennetwerken, multidisciplinair samenwerken voor dak en thuislozen en maatschappelijke zorg, een poortproces gericht op het ontwikkelen naar werk, goede voorlichting, toetsing en directe hulp waar nodig alsmede een specifieke jongerenaanpak. Ook deze taken zorgden ervoor dat de instroom in de bijstand beperkt is gebleven.

6

Het gecombineerde effect van de coronacrisis enerzijds, en de instroombeperkende maatregelen anderzijds, was dat – Drechtstedenbreed – de instroom gedurende de coronajaren ondanks een wat grillig verloop een lichte daling vertoonde. Vanaf augustus 2022 is er sprake van een verdere doorzetting van deze daling, die zich tot het einde van 2022 heeft verscherpt. De nieuwe instromers in de coronaperiode hadden vaak een groter uitstroompotentieel dan inwoners die langer in het bestand verbleven. Met de verdere daling van de instroom valt echter op, dat de instroom die zich in de loop van 2022 heeft gemeld bij de SDD juist kampt met een relatief grotere problematiek. Dit nog los van de statushouders die vanwege de opwaarts bijgestelde taakstellingen als gevolg van de asielcrisis instromen.

Ad2. Het bevorderen van uitstroom naar werk Gedurende de jaren 2020 en 2021 is de uitstroom, ondanks de coronaperiode, gestaag opgelopen. In deze periode is de uitstroom vooral bevorderd door: • De arbeidstoeleiding van inwoners te richten op kansrijke sectoren en maatschappelijk verantwoorde ondernemingen. Op basis van uitgebreide arbeidsmarktanalyses zijn verschillende kansrijke beroepen onderscheiden binnen de sectoren Zorg, Logistiek, Retail, Vervoer, Bouw, Afvalverwerkende Industrie en het Groen. Aanvankelijk nam het aantal vacatures af, maar na het beëindigen van de lockdowns steeg de vraag naar werknemers aanzienlijk. • In te zetten op de arbeidsmarktwaardeontwikkeling van inwoners en te investeren in intensieve begeleiding na bemiddeling. Binnen het leerontwikkelbedrijf Perspct worden in verschillende leerlijnen inwoners ontwikkeld en begeleid naar betaald werk, middels een integraal en methodisch dienstverleningsconcept gericht op de mogelijkheden van de inwoner en relatie tot de beschikbare kansen op de arbeidsmarkt. De capaciteit is dankzij de programma's Perspectief op Werk en de Regio Deal Drechtsteden-Gorinchem vergroot. Deze programma’s hadden wel te lijden onder de coronacrisis, omdat, zeker voor het gedeelte "ontwikkelen van werknemersvaardigheden", fysieke aanwezigheid van belang was.

Als de uitstroom van Perspct stagneert, dan stagneert de instroom bij Baanbrekend en als de instroom stagneert bij Baanbrekend stagneert de uitstroom naar de arbeidsmarkt. Inmiddels is het programma weer volledig op gang en wordt het aanbod aanhoudend aangepast op de mogelijkheden van de arbeidsmarkt en de kansen van de kandidaten. Denk hierbij ook aan de toenemende problematiek en kwetsbaarheid. Voldoende aandacht per klant is hierbij een vereiste. • De Drechtstedelijke inzet op de loonkostensubsidie maakt dat de Drechtsteden landelijk koploper waren en dat dit voor de komende jaren een financieel voordeel zal opleveren daar de financieringsgrondslag met ingang van 2022 ten gunste de Drechtsteden is veranderd (op basis van realisatie in plaats van objectief) (Bron: Dashboard banenafspraak per arbeidsmarktregio - UWV) • Daarnaast is ingezet op ontwikkelbedrijven als Opnieuw & Co en Stroomlijn. Perspct is daarbij de methodiek die binnen de ontwikkelbedrijven centraal staat. • Voor parttime uitgestroomde bijstandsgerechtigden is een project ingezet met als doel deze inwoners fulltime te laten uitstromen. • Om de kansen voor alleenstaande ouders te vergroten is vanuit het programma ontwikkelen naar werk een groepsgerichte aanpak voor alleenstaande ouders opgericht.

Ondanks de krapte op de arbeidsmarkt en de inspanningen uitstroom naar betaalde arbeid te bevorderen, valt op dat gedurende 2022 de uitstroom een daling vertoont, die vanaf augustus doorzet en naar het einde van het jaar toe verder verscherpt. Als wordt gekeken naar de doelgroep die uitgestroomd is in 2022 valt op dat betrokkenen allemaal relatief lang een uitkering ontvingen: gemiddeld 29 maanden. Dit zegt iets over de intensievere dienstverlening die – met het zwaarder worden van het bestand – nodig is om inwoners te activeren en te ontwikkelen naar werk. Daarbij valt ook op dat de toegenomen onrust rond de energie- en koopkrachtontwikkelingen leidt tot meer instabiliteit en stress bij de klanten. Deze verzwaring van de problematiek heeft zowel gevolgen voor de inwoners, als de inzet vanuit de dienstverlening. Werkgevers in de Drechtsteden worden zich steeds meer bewust worden van de sociale impact die zij kunnen maken door bijvoorbeeld inwoners met een bijstandsuitkering een kans te bieden in hun bedrijf. Dit was al zichtbaar doordat in deze regio zoveel inwoners met loonkostensubsidie bij regulier

7

werkgevers aan de slag zijn, maar dit besef verspreidt zich inmiddels verder. Werkgeversservicepunt Baanbrekend Drechtsteden organiseert dan ook niet voor niets de Social Impact Award.

Ad3. Bevorderen van doorstroom De grote uitdaging van de afgelopen coronajaren bleek niet gelegen in de beperkte kansen op de arbeidsmarkt, maar in het stabiliseren, activeren en participeren van het zittende bestand. De maatschappelijke participatie is door corona fors afgenomen (Bron: Onderzoek Wmo – Onderzoekscentrum Drechtsteden). Dit openbaarde zich vooral bij de kwetsbare doelgroepen. Ook had dit een zeer negatief effect op inburgeringstrajecten. De uitstroomkansen voor deze doelgroepen zijn daardoor, ook voor de langere termijn, afgenomen. Om deze reden wordt het instrumentarium aangepast aan de doelgroep. Om goed inzicht te krijgen in het bijstandsbestand zijn in 2021 en 2022 alle inwoners met een bijstandsuitkering gesproken. Hierbij is informatie vergaard over de positie op de participatieladder en de beperkingen die inwoners ervaren om ontwikkelingen te maken, vervolgd door een verdiepende analyse van meer specifieke groepen in het bestand (inwoners met beperkingen, jongeren en statushouders). De uitkomsten van deze onderzoeken worden in 2023 verwacht.

Figuur: Inwoners met een bijstandsuitkering Hendrik-Ido-Ambacht ingedeeld op de participatieladder (getal ligt hoger dan bestandscijfer doordat hier het aantal personen, dus inclusief partners wordt meegeteld).

Ook de dienstverlening is aangepast om een beter effect te kunnen bereiken. Al onze medewerkers zijn getraind in motiverende gespreksvoering en stress-sensitieve dienstverlening. Voor inwoners die zich ontwikkelen naar werk wordt sinds 2020 gewerkt aan diagnostiek in het arbeidsonderzoekscentrum. Deze methodiek levert de inwoner veel inzicht over zichzelf op waarna gewerkt kan worden aan een passend plan van aanpak met een realistisch en duurzaam arbeidsmarktperspectief. Inmiddels worden zowel de aandacht voor stress-sensitieve dienstverlening als de ontwikkelaanpak van de SDD als landelijk voorbeeld beschouwd. Onder de doelgroep is in 2022 ook een onderzoek gestart naar mogelijke onderbenutting van voorliggende voorzieningen. Hiermee kunnen uitkeringslasten mogelijk ook worden beperkt.

Ad4. Handhaving op rechtmatigheid In de periode 2020 en 2021 is het aantal inwoners dat specifiek uitstroomde als gevolg van handhaving opgelopen. Vanwege de contactbeperkende maatregelen konden in 2020 minder handhavingsprojecten worden uitgevoerd. In 2021 konden weer meer projecten worden uitgevoerd vanwege het – gedeeltelijk en tijdelijk – vervallen van deze maatregelen. In deze periode is een extra project uitgevoerd gericht op opsporing van bijstandsfraude in het buitenland. Ook is gewerkt aan

8

innovatie zoals afgestemde handhaving door middel van de Landelijke Stuurgroep Interventieteams LSI (handhaving afgestemd met partners). In 2022 is dit aantal weer wat afgenomen. Dit als gevolg van een wijziging in het karakter van de aanpak, waarbij handhaving in de afgelopen jaren geleidelijk is veranderd van streng naar meer zorgzaam en gericht op het realiseren van publieke waarde. Ook de integrale handhaving helpt om onderliggende problematiek eerder te onderkennen en aan te pakken. De handhaving heeft hiermee een meer preventief gericht karakter gekregen. Mede door deze omslag is de uitstroom door handhaving dan ook lager dan in voorgaande perioden.

Ad5. Gerichte inzet op statushouders Vóór 2021 was de prognose dat met de inzet van Impuls Statushouders 170 statushouders (Drechtsteden-breed) onafhankelijk van een uitkering zouden worden en een plek op de arbeidsmarkt krijgen. Ondanks de crisis is dit gelukt. Als gevolg van de coronamaatregelen zijn in 2020 de groepsactiviteiten opgeschort en is omgeschakeld naar individuele begeleiding van statushouders of, indien mogelijk, naar digitale groepsbijeenkomsten. Gevolg hiervan is dat ook in 2021 een minder groot beroep gedaan is op de inzet van fysieke groepsactiviteiten zoals de VCA-opleiding, heftruckcertificaten of taalwerk-stages. Door de focus te verschuiven naar individuele begeleiding zijn de nadelige gevolgen voor de statushouders zoveel mogelijk beperkt. Met de invoering van de nieuwe Wet inburgering 2021 met ingang van 1 januari 2022 is de prioriteit bij de aanpak van de doelgroep statushouders vooral gericht op het vinden van aansluiting op het reguliere (beroeps)onderwijs. Op basis van de leerbaarheid en het competentieniveau staan ons daarvoor verschillende inburgeringstrajecten ter beschikking. De inzet van werk dient daarbij zoveel mogelijk ondersteunend te zijn aan de inburgeringstrajecten. De keuze voor het best passende inburgeringstraject wordt vastgesteld op basis van voor dit doel ontwikkelde testen.

Binnen de Drechtsteden zijn de individuele gemeenten verantwoordelijk voor de inburgering van statushouders. De GR Sociaal voert namens de gemeenten de regie over het inburgeringsproces. Om deze taak goed te kunnen uitvoeren, werken gemeenten en de GR Sociaal nauw samen. Zo zijn samenwerkingsafspraken gemaakt over de maatschappelijke begeleiding (in opdracht van gemeenten), samenwerking met sociale teams en regievoering op de inburgering (GR Sociaal), zijn inkoopafspraken gemaakt met onderwijsinstellingen, is een welkomstprogramma ontwikkeld dat past bij de opdracht en is een klantreis vormgegeven. Ondanks de invoering van de Wet inburgering 2021 per 1 januari 2022 blijkt dat statushouders onder het regime van de nieuwe wet feitelijk pas vanaf de zomer 2022 zijn ingestroomd. De impuls statushouders heeft lang goed gewerkt. De periode van corona en de voorbereiding op de Wet Inburgering heeft wel schade aangebracht aan de kwaliteit van de uitvoering impuls. De bijbehorende inburgeringstrajecten zijn daarbij pas vanaf september van start gegaan. De instroom gedurende het jaar 2022 bestaat hierdoor nog voor een deel uit statushouders, vallend onder de Wet inburgering 2013 en daarmee qua uitvoering onder Impuls statushouders. Dit heeft de uitvoering gecompliceerd.

Ad 6. Beheersmaatregelen 2020-2022 – GEMEENTESPECIFIEK Specifiek voor Hendrik-Ido-Ambacht geldt dat gemeente, SDD en Vluchtelingenwerk Nederland nauw samenwerken. Er is nauw contact over de knelpunten die de nieuwe wetgeving met zich meebrengt. Daarnaast blijkt dat Hendrik-Ido-Ambacht een aantal participatieplekken beschikbaar heeft, Omdat deze vooral groepsgericht zijn, passen ze niet altijd bij iedereen in de doelgroep. Voor een aantal mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt is het passender om individueel bezig te zijn, begeleiding wat meer op afstand te hebben, of ander type werk in een andere omgeving te doen. In de afgelopen jaren zijn er oplossingen gevonden in buurgemeente Zwijndrecht, maar in de toekomst is aanpassing van participatiemogelijkheden aan de behoefte van het bestand zeker van belang. Het gaat hier om inwoners zonder of met een beperkt eigen netwerk die niet in staat zijn zelfstandig vrijwilligerswerk uit te voeren. Meedoen levert vaak een toenemend perspectief op waardoor ook vervolgstappen op de participatieladder mogelijk zijn. In het Preventieplan De Kracht van Ambacht en

9

het Actieplan Lokale Economie is in 2023 aandacht voor de doorontwikkeling van participatieplekken. Het is één van de actiepunten die we dit jaar uitvoeren. Meer aandacht voor participeren, juist ook bij de groeiende groep statushouders, gaat helpen bij het blijvend activeren van mensen, via elke vorm van participatie in onze samenleving richting betaald werk. De gemeente en haar partners leggen de nadruk op vroegsignalering. Hieruit is bijvoorbeeld het Ambachts Verbond en de Ambachtse bond opgericht. Het manifest Ambachts Verbond Vroegsignalering is door de gemeente gestart om er samen met lokale partijen voor te zorgen dat we hulpvragen van inwoners zo snel mogelijk horen en zo vroeg en goed mogelijk hulp kunnen bieden. Het Ambachts Verbond wisselt kennis en ervaring uit en werkt samen met het Sociaal Wijkteam en het Jeugdteam. Hoe meer (maatschappelijke) organisaties vroeg signaleren, hoe steviger het vangnet. Inmiddels zijn meer dan 30 lokale partijen aangesloten bij dit manifest. Omdat we veel belang hechten aan het zo vroeg mogelijk oppakken van Multiproblematiek, heeft de SDD in het kader hiervan een pilot met een integrale consulent Sociaal in onze gemeente ingezet. Ook wordt er constant gezocht naar gemeentegerichte dienstverlening vanuit de SDD. Om die reden werken klantenservicemedewerkers en consulenten lokaal samen in de gemeente Hendrik-IdoAmbacht.

We zijn gestart met een lokaal welkomstprogramma voor statushouders die in onze gemeente komen wonen. Middels een aantal wandelingen maken ze kennis met sportclubs en maatschappelijke organisaties. In de ontwikkeling van dit welkomstprogramma hebben we aandacht voor participatie. Ook is in het Actieplan Lokale Economie van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht (2023) aandacht voor het vergroten van perspectief voor de doelgroep bijstandsgerechtigden in samenwerking met lokale ondernemers en maatschappelijke partners.

Aanvullende beheersmaatregelen 2023 – DRECHTSTEDENBREED Het is een blijvende uitdaging om de opwaartse doorstroom op de participatieladder en uitstroom van het bijstandsbestand te vergroten. Ook het voorkomen van instroom blijft aandacht hebben. In bovenstaande tekst zijn een aantal maatregelen gestart waarvan het effect zich in 2023 moet voordoen. Buiten deze maatregelen gaat het in 2023 om de volgende aanvullende acties: • Het aantal vroegtijdig schoolverlaters neemt toe. Om instroom te voorkomen gaat de SDD, samen met de Dienst Gezondheid en Jeugd (DGJ), verder met de doorontwikkeling van het proactief benaderen van kwetsbare jongeren. Dit zijn jongeren die niet bekend zijn bij een werkgever, geen inschrijving hebben op school en nog niet bekend is bij een uitkeringsinstantie. Ook het benaderen van jongeren op praktijkonderwijs en voortgezet speciaal onderwijs zorgt ervoor dat jongeren niet vroegtijdig afhankelijk worden van een uitkering. De wetgeving gaat veranderen waardoor ook jongeren op het MBO in minder kansrijke sectoren benaderd kunnen worden. Bovendien komt in alle arbeidsmarktregio's een regionaal werkcentrum waar iedereen die een werkvraag heeft geholpen kan worden. Ook dit moet ervoor zorgen dat er minder ingestroomd wordt in de bijstand.

• Tijdens de coronaperiode is ten behoeve van toekomstige uitstroombevordering primair ingezet op het in verbinding blijven met klanten en zijn, waar mogelijk, ontwikkeltrajecten geboden. De dienstverlening (o.a. trainingen en taallessen) heeft daarbij aanvankelijk een digitale invulling gekregen. In 2022 is ingezet op de verbetering van de kwaliteit van het trainingsprogramma, het verbeteren van methodieken en het ontwikkelen van een digitaal leerplatform, waarmee voor uiteenlopende doelgroepen met de leermethode een passend en compleet ontwikkelprogramma wordt aangeboden. Deze methodiek wordt breder uitgerold in 2023. • Omdat de groep die een grote afstand heeft tot de arbeidsmarkt binnen de bijstandspopulatie een steeds groter aandeel inneemt en de vraagstukken waarmee men te maken krijgt steeds complexer worden, is het van belang om de huidige methodieken en het huidige instrumentarium meer en meer op deze doelgroep aan te passen. Het gaat, buiten de groeiende groep statushouders die in het kader van de Wet inburgering 2021 langdurige trajecten doorlopen, Drechtsteden-breed om een grote groep van ca. 5.000 klanten met lichamelijke en/of psychische klachten. De doorstroom willen we vergroten door:

10

▪

•

•

•

•

•

•

Het eerste jaar van de uitvoering van de wet inburgering te evalueren en daarvan te leren en de dienstverlening samen met de gemeenten te verbeteren; ▪ De mogelijkheden van de groep met lichamelijke en/of psychische klachten nader in kaart te brengen is in 2022 gestart met het uitvoeren van verdiepende analyses van het zittende bestand. Deze analyses richten zich onder meer op een aantal specifieke doelgroepen: - Een analyse van de doelgroep met lichamelijke klachten door een extern bureau; - Een scan naar het gebruik van voorliggende voorzieningen; - Een uitgebreide nadere analyse van de doelgroep van het jongerenteam; - Een gefaseerde analyse van de doelgroep statushouders, vallend onder de Wet inburgering 2013. Het aantal parttimers (inwoners die deels afhankelijk zijn van een uitkering en deels werken) blijft op Drechtstedenniveau achter. Hier ligt een belangrijk ontwikkelpunt voor de komende jaren. Parttime werk biedt uitkeringsgerechtigden de mogelijkheid werkervaring op te doen, een netwerk op te bouwen, zichzelf te ontwikkelen en (idealiter) hun financiële positie te verbeteren. Bovendien is bewezen dat parttime werk voor een deel van de doelgroep een "stepping stone" vormt voor duurzame uitstroom op termijn. Financieel gezien betekent parttime werk voor gemeenten een voordeel, omdat bijstandsgerechtigden een deel van hun uitkering 'terugverdienen'.

En op een later moment mogelijk volledig uitstromen. Echter, de stap naar parttime werk is voor uitkeringsgerechtigden niet eenvoudig te maken. Financieel gezien heeft dit zowel te maken met de verrekensystematiek (van werkinkomen en uitkering), als het recht op toeslagen en daarmee mogelijke negatieve gevolgen bij de belastingaangifte in het volgende jaar. In tegenstelling tot wat eigenlijk zou moeten, gaat parttime werken daardoor gepaard aan toenemende inkomensonzekerheid. Zowel op korte als op lange termijn. Om dit te voorkomen wordt in 2023 gestart met een pilot om deze vorm van werken aantrekkelijker te maken. De opzet van deze pilot is gericht op inkomensvrijlating (van een deel van de inkomsten) en toepassing van een bufferbudget in het kader van de aanstaande wetswijziging van de Participatiewet (Participatiewet in Balans), waarmee negatieve fluctuaties in het maandelijkse totaalinkomen worden voorkomen. Buiten parttime werk, zal meer focus worden gelegd op maatschappelijke participatie. Daarmee wordt niet alleen vooruitgelopen op de aanstaande wijziging van de Participatiewet (in het wetsvoorstel is momenteel nog een participatieplicht opgenomen), maar vooral omdat participatie voor deze doelgroep cruciaal wordt geacht als een eerste stap richting herstel van perspectief en zelfvertrouwen en het opbouwen van een (nieuw) netwerk.

Daarnaast zal, conform de Visie sociaal domein Drechtsteden, de komende jaren het versterken van bestaanszekerheid (in de brede zin) een meer prominente plaats krijgen in de dienstverlening van de SDD, door passende financiële voorlichting, het optimaal benutten van financiële voorzieningen en aandacht voor issues op het gebied van veiligheid, gezondheid en wonen. Dit mede in de verwachting dat stabiliteit op deze terreinen (op termijn) meer ruimte maakt voor perspectief en ontwikkeling. 2023 is in dit opzicht een transitiejaar, ook wat betreft de inrichting van de organisatie, en inregelen zal de nodige tijd vergen, waardoor positieve effecten vooral pas in latere jaren te verwachten zijn. Sinds 1 januari 2023 valt ook de Drechtwerk onder de GR Sociaal. De komende tijd wordt de samenwerking verder versterkt en onderzocht welke kansen kunnen worden gevonden voor (de doorontwikkeling van) de doelgroep Participatiewet. Er wordt toegewerkt naar een omslag binnen de GR Sociaal waarbij de regionale inzet meer verbonden wordt met het lokale niveau. Onder de oude governance was dat minder aan de orde. Dit dient in 2023 nog nader samen met de gemeenten worden vormgegeven. Onderdeel hiervan is de omslag naar meer gemeente-specifieke sturing op de ontwikkeling van het bijstandsbestand.

Gezien het feit dat over het jaar 2022 in totaal drie gemeenten in de Drechtsteden in aanmerking komen voor een aanvraag voor de vangnetuitkering, wordt in 2023 de monitoring en resultaatsturing op gemeenteniveau versterkt. Aanvullend zijn wij actief in landelijke netwerken en leergroepen zoals VNG, Cedris, Divosa en andere gelegenheidscoalities om van elkaar te leren.

11

C. Beoogd effect van de onder B genoemde maatregelen op de tekortreductie De doelstelling op het bijstandsbestand wordt in de jaarlijkse Begroting, om ten aanzien van de landelijke trend financieel in de pas te blijven, bepaald op basis van de meest recente Macro Economische Verkenning (MEV, verschijnt jaarlijks in september) van het Centraal Planbureau (CPB). Bijsturing vindt gedurende het jaar tijdens de eerste bestuursrapportage plaats op basis van het meest recente Centraal Economisch Plan (CEP, verschijnt per kwartaal) en bij de tweede bestuursrapportage op basis van de nieuwe MEV. Het beoogd effect is om alle gemeenten in de Drechtsteden te laten presteren op de CPB-norm. De CPB-norm is op dit moment een bestandsdaling van 1,4 %. Deze norm kan gedurende het jaar nog worden aangepast op basis van de landelijke trends en ontwikkelingen. Voor de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht betekent dit beoogd effect dat het bestand op 31 december 2023 daalt tot 363 (ten opzichte van 368 nu). Zoals hierboven omschreven moet wel worden toegevoegd dat ondanks het treffen van maatregelen het behalen van de doelstelling uitdagend wordt. Bijvoorbeeld de instroom van statushouders heeft in kleinere gemeenten een groot effect. Gezien de taakstelling huisvesting statushouders moet er rekening mee worden gehouden dat ook 2023 geen meevallend jaar wordt.

Zoals in het voorgaande is aangegeven, is het een blijvende uitdaging om de opwaartse doorstroom op de participatieladder en de uitstroom van het uitkeringsbestand te vergroten. Dit tegen de achtergrond van een toenemende verzwaring van het uitkeringsbestand. Het realiseren van doorstroom en uitstroom wordt voor de resterende doelgroepen een kwestie van lange adem. De in de vorige paragraaf geschetste maatregelen zijn nog in ontwikkeling en het effect kan – noch individueel, noch gezamenlijk - niet worden gekwantificeerd. Onder de oude governance (GR Drechtsteden) werd ten aanzien van de bijstandsontwikkeling primair gestuurd op budgetbeheersing voor de zeven gemeenten gezamenlijk. Dit had niet alleen met de verantwoordingssystematiek richting de Drechtraad te maken, maar ook met de onderliggende financiële afspraken binnen de GR (solidariteit). Deze lijn is in het overgangsjaar 2022 onder de nieuwe governance (GR Sociaal) voortgezet.

Ondertekening Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht verklaart dat het voor 15 augustus 2023 de genoemde maatregelen heeft getroffen om te komen tot tekortreductie. Datum ….

De secretaris,

Naam van de ondertekenaar: ………………………………………………………….

De burgemeester,

Naam van de ondertekenaar: ………………………………………………………….

12

Instemming gemeenteraad Aanvullingen gemeenteraad bij de beschrijving van de wijze waarop de gemeenteraad is geïnformeerd door het college n.v.t.

Samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad Typering van de reacties die in de raadsbesluiten zijn opgenomen gedurende het gehele proces Expliciet goedkeurend waardering over analyse en maatregelen uitgesproken Impliciet goedkeurend, is behandeld als hamerstuk Afkeurend en gevraagd het plan te herzien Verzoek om onderdelen van de globale analyse te herzien of aan te vullen Verzoek om bepaalde maatregelen te schrappen of aanvullend maatregelen te treffen Verzoek om het tempo van de invoering en/of uitvoering van maatregelen te versnellen Verzoek om extra informatie over maatregelen Verzoek om meer informatie t.a.v. de beoogde effecten van maatregelen Verzoek om gerealiseerde effecten te monitoren en terug te koppelen

Ondertekening De gemeenteraad van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht stemt in met de onder 1 afgegeven verklaring door het college van deze gemeente. Met de ondertekening gaat de gemeenteraad akkoord met de beschrijving van de wijze waarop hij is geïnformeerd door het college en de weergave van de samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad.

De voorzitter,

Naam van de ondertekenaar: ……J. Heijkoop…………………………………………………….

De griffier,

Naam van de ondertekenaar: ………drs. ing. G.H. Logt………………………………………………….

13

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12843008/1