CConstaterende datHendrik-Ido-Ambacht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij raadsvoorstel 7.1 - 7.4 memo overdracht bodemtaken

raadsvergadering openbaar 7 juni 2021, gemeente Hendrik-Ido-AmbachtBij agendapunt: Zienswijzen jaarstukken 2020 en begroting 2022 - de GR Drechtsteden en GR Veiligheidsregio, GR Bureau Openbare Verlichting, GR Natuur- en Recreatieschap IJsselmonde, Omgevingsdienst ZHZ, GR Dienst Gezondheid & Jeugd en Drechtwerk759 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Memo

Aan:

Gemeenteraad Hendrik-IdoAmbacht

Van:

Wethouder Lafleur

Betreft:

beantwoording vraag commissie ABA/Fin over bodemtaken

Datum:

4-6-2021

Vraag In de commissie van 26 mei 2021 is de concept zienswijze op de begroting 2022 en de bestemming van het jaarresultaat 2020 van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid besproken. De commissie is in principe akkoord gegaan met de inhoud van de concept zienswijze op de begroting 2022, maar verzoekt om meer informatie over de overdracht van bodemtaken van provincie naar gemeenten. Gevraagd is of kan worden toegelicht wat deze overdracht precies inhoudt, hoe deze in zijn werk gaat en wat de gevolgen voor onze gemeente zijn. Antwoord Om welke bodemtaken gaat het? Bodemtaken die nu al bij de gemeente horen, zijn taken met betrekking tot het Besluit Bodemkwaliteit. Daarbij gaat het over hergebruik van grond en toetsingen van bodemonderzoeken in het kader van bouw of vergunningverlening (nul- en eindsituatieonderzoeken). Onder de Omgevingswet, verschuift het bevoegd gezag voor de aanpak van bodemverontreinigingen van de provincies naar de gemeenten. Dit betreft de bodemtaken die provincies nu hebben onder de Wet Bodembescherming. Dit betreft o.a. toetsing van saneringsplannen en BUS-meldingen (kleine saneringen) en toezicht op saneringen en het monitoringslocaties van grondwater. Van de Provincie komen alleen nieuwe zaken over. Dus alle zaken die in behandeling zijn (ook slapende zaken) blijven bij de Provincie. Het aantal saneringen is voor H-I-Ambacht niet groot.

Wat houdt dit in voor de gemeente? Er zijn nu 30 gemeenten die al bevoegd gezag zijn op het gebied van bodembeleid, waaronder Dordrecht. Voor deze gemeenten veranderd er niet veel. De overdracht heeft voornamelijk effect op de overige 350 gemeenten, waaronder de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht. Voor deze gemeenten is de verantwoordelijkheid voor de bemensing van de uitvoering van taken op het gebied van bodembeleid nieuw voor zover dat onderdeel is van de huidige Wet Bodembescherming.

Memo

Door deze verschuiving krijgen gemeenten te maken met de volgende kostenposten: 1. Zij moeten kennisnemen van de specifieke veranderingen en de inhoud van het onderwerp bodem in de Omgevingswet. Deze eenmalige kosten zijn onderdeel van het eerder uitgevoerde onderzoek naar de kosten van invoeringsondersteuning. 2. De overdracht van de taken van de provincie naar de gemeenten. 3. De uitvoering van de bodemtaken uit de Wet bodembescherming. 4. De verdere uitwerking van de financiële effecten door de specifieke aanpassingen in het Aanvullingsbesluit. 5. Daarnaast staat in de Omgevingswet de activiteit centraal en is bodemkwaliteit een integraal onderdeel van het gebiedsgericht werken. Dit maakt het voor beleidsmedewerkers complexer omdat zij dan, in overleg met andere collega’s, een bredere afweging moeten maken. Er zijn eenmalige kosten voor de opleidingen van deze medewerkers, nodig de noodzakelijke kennis en vaardigheden te geven. 6. Daarnaast zullen alle partijen ook enige tijd moeten leren werken in het nieuwe wetgevingsstelsel. 7. Met het vervallen van de Wet bodembescherming (Wbb) moeten gemeenten een eigen invulling geven aan een aantal onderwerpen die in de Wbb zijn opgenomen maar niet terugkomen in het aanvullingsbesluit. Gemeenten kunnen bijvoorbeeld een eigen invulling geven aan het onderwerp ecologie. 8.

Het kost tijd om te komen tot de benodigde lokale afweging en om dit te verwerken in het Omgevingsplan. Middels de bruidsschat hebben de gemeenten ook ruime tijd om te kijken of zij hier invulling aan willen geven en op welke wijze. Doordat deze onderwerpen niet meer nationaal worden aangestuurd in de Omgevingswet, betreft dit een volledig lokale afweging. Het effect op de lasten voor gemeenten is daarom niet meegenomen in dit onderzoek. Bron: Financiële effectentoets Aanvullingswet bodem; Onderzoek naar de financiële gevolgen van het Aanvullingsbesluit bodem; Versie 1.0 (definitief) 2019 Stand van Zaken Op dit moment worden de bodemtaken van de Provincie voornamelijk uitgevoerd door de omgevingsdiensten. De OZHZ werkt samen met de Provincie Zuid-Holland en de andere Omgevingsdiensten aan een zogenaamde "warme overdracht". Hiermee moet een soepele overgang geregeld worden. Het idee is dat de OZHZ dezelfde taken blijft doen, maar dan in opdracht van de gemeenten. Daardoor worden veel van de eerder genoemde kostenposten geregeld door de omgevingsdiensten. Met de overdracht van taken naar een ander bevoegd gezag, zouden echter ook de financiën moeten overgaan. Geconstateerd is dat het financiële aspect nog niet geregeld is. Dit geeft onduidelijkheid en onzekerheid.

De omgevingsdiensten hebben een gezamenlijke brief naar het ministerie gestuurd, waarin aandacht is gevraagd voor de financiële kant van de overdracht. Daar is tot op heden nog geen reactie op gekomen. De financiële kant blijft daardoor nog onzeker. Het uitstel van de invoering van de Omgevingswet met een half jaar, geeft ruimte om dit op te lossen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10229562/1