CConstaterende datHendrik-Ido-Ambacht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij raadsvoorstel 5 Begroting 2024-2027

raadsvergadering openbaar 9 november 2023, gemeente Hendrik-Ido-AmbachtBij agendapunt: Besluitvorming programmabegroting 2024-202729.204 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 4

In 2024 intensiveren we de samenwerking met de andere gemeenten in Drechtsteden-Buiten op het gebied van ondermijning. De gemeenten trekken hierbij samen op in communicatiecampagnes en de aanpak van grensoverstijgende problematiek. - Smart Delta Drechtsteden - groeiagenda In 2024 is de herijkte Groeiagenda de basis voor het samenwerken in het ruimtelijk-economisch domein. De herijkte Groeiagenda zet een nieuw accent, waarbij de ambitie om brede welvaart te realiseren centraal staat. In de Drechtsteden bouwen we gezamenlijk aan een economisch sterke regio, waar het fijn wonen, werken, studeren en leven is. Daarbij horen een gezonde, groene en veilige omgeving, financiële stabiliteit, en sociale verbondenheid. In de komende jaren zetten we daarom in op een meer kwalitatieve en integrale benadering van opgaven, het versterken van de uitvoeringskracht en een hechtere samenwerking met onderwijs en ondernemers. In het Uitvoeringsprogramma 2024 zijn de ambities geconcretiseerd en financieel vertaald. Naast nieuwe ambities bevat het uitvoeringsprogramma ook doorlopende activiteiten. Op basis van de herijkte Groeiagenda zijn structurele intensiveringen in het Uitvoeringsprogramma opgenomen. In 2023 is gewerkt aan een hernieuwd en meer flexibel financieringsmodel, uitgaande van een basisfinanciering met aanvullende programmafinanciering op de thema's.

In de Kadernota 2025 kan hiermee rekening worden gehouden.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

30

Indicatoren begroting 2024 Let op: alle getallen, bedragen en percentages zijn afgerond Programma 4 Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen

Hendrik-IdoAmbacht

Hendrik-IdoAmbacht

Papendrecht

Sliedrecht

Zwijndrecht

2021

Alblasserdam

Dordrecht

HardinxveldGiessendam

Bron

Toelichting

2022

Veiligheid Diefstal/inbraak woningen (per 10.000 inwoners) 7 Vernielingen c.q. zaakbeschadigingen (per 10.000 inwoners) 44

6

6

10

11

5

8

2

Waarstaatjegemeente.nl

Aantal diefstallen en inbraak woningen

29

34

27

38

25

38

17

Waarstaatjegemeente.nl

Specifiek het aantal vernielingen c.q. zaakbeschadigingen

2.807 € 785 €

2.592 € 880 €

1.310 € 1.625 €

1.138 € 101 €

2.527 € 662 €

2.119 NB 522 NB

€ €

1.108 Jaarstukken gemeenten 605 Jaarstukken gemeenten

Middelen Netto schuld (per inwoner) Reserves (per inwoner)

€ €

Berekeningen netto schuld per inwoner

Hendrik-IdoAmbacht 2021

Vaste schulden met looptijd > 1 jaar Uitstaande leningen Netto schuld

€ € €

91.875.000 4.152.000 87.723.000

Aantal inwoners Schuld per inwoner

€

Berekeningen reserves per inwoner

Hendrik-IdoAmbacht 2021

Algemene reserves per 1-1-2021 Aantal inwoners per 1-1-2021 Reserves per inwoner

€

€

Hendrik-IdoAmbacht 2022

Sliedrecht

84.917.000 € 59.875.000 € 2.836.000 € 17.744.000 € 82.081.000 € 42.131.000 €

31.255 2.807 €

Zwijndrecht

Alblasserdam

33.684.000 € 4.228.000 € 29.456.000 €

119.835.000 € 6.632.000 € 113.203.000 €

Dordrecht

46.337.000 NB 3.767.000 NB 42.570.000 NB

31.665

32.170

25.895

44.795

20.090 NB

2.592 €

1.310 €

1.138 €

2.527 €

2.119 NB

Hendrik-IdoAmbacht 2022

24.529.000 31.255 785 €

Hendrik-Ido-Ambacht

Papendrecht

Papendrecht

Sliedrecht

27.880.000 € 52.291.000 € 31665 32.170 880 € 1.625 €

Zwijndrecht

2.625.000 € 25.895 101 €

Alblasserdam

29.671.000 € 44.795

662 €

Dordrecht

10.477.000 NB 20.090 NB 522 NB

Begroting 2024

Vaste schulden met een looptijd >1 jaar minus uitstaande leningen, afgezet tegen het totaal aantal inwoners. Alleen algemene reserves (weerstandsvermogen)

HardinxveldGiessendam

€ € €

21.375.000 858.000 20.517.000 18.515

€

1.108

HardinxveldGiessendam

€ €

11.209.000 18.515 605

31

Wat mag het kosten ? Begroting Begroting Begroting Begroting 2024 2025 2026 2027

(bedragen x € 1.000)

PMA4 Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen 2024 Taakveld Lasten per taakveld 0.1 Bestuur 2.590 0.10 Mutaties reserves 2.066 0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten 549 0.2 Burgerzaken 1.372 0.4 Overhead 8.590 0.5 Treasury -105 0.61 OZB woningen 1.037 0.62 OZB niet-woningen 253 0.64 Belastingen overig 15 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds 463 0.8 Overige baten en lasten 256 0.9 Vennootschapsbelasting (VpB) 0 1.1 Crisisbeheersing en brandweer 2.396 1.2 Openbare orde en veiligheid 711 Totaal lasten Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middele 20.193

2025

2026

2027

2.611 2.630 589 1.383 8.563 112 476 260 16 -113 256 0 2.478 711 19.972

2.617 212 12 1.429 8.463 18 66 260 16 -459 256 0 2.478 586 15.954

2.617 66 89 1.447 8.279 -37 66 260 16 -462 256 0 2.478 586 15.661

Taakveld Baten per taakveld 0.10 Mutaties reserves -347 -288 -121 -97 0.2 Burgerzaken -627 -643 -737 -762 0.4 Overhead -26 -26 -26 -26 0.5 Treasury -161 -159 -157 -157 0.61 OZB woningen -4.830 -4.830 -4.830 -4.830 0.62 OZB niet-woningen -2.235 -2.015 -2.015 -2.015 0.64 Belastingen overig -257 -257 -257 -257 0.7 Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds -54.378 -54.463 -50.931 -50.656 0.8 Overige baten en lasten 0 0 0 0 1.2 Openbare orde en veiligheid -24 -24 -24 -24 Totaal baten Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen-62.885 -62.705 -59.098 -58.824 Geraamd totaal saldo van baten en lasten Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

-42.692

-42.733

-43.144

-43.163

32

Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen (bedragen x € 1.000) Apparaatskosten 6.202 Begrotings- of exploitatie saldo 549 Materieel 3.236 Rente & Afschrijving 79 Reserve mutaties 2.066 Rijksbijdragen 241 Subsidies en overdrachten 1.834 Verbonden Partijen 5.901 Voorzieningen 86 Eindtotaal 20.193

Uitgaven 2024

Apparaatskosten Begrotings- of exploitatie saldo Materieel

86

5.901

Rente & Afschrijving

6.202

Reserve mutaties

1.834 3.236

2.066

549

241 79

Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen (bedragen x € 1.000) Dividenden 92 Lokale heffingen 7.973 Overige inkomsten 26 Rente & Afschrijving 69 Reserve mutaties 347 Rijksbijdragen 54.378 Voorzieningen 0 Eindtotaal 62.884

Hendrik-Ido-Ambacht

Inkomsten 2024

Dividenden Lokale heffingen Overige inkomsten Rente & Afschrijving Reserve mutaties Rijksbijdragen Voorzieningen

Begroting 2024

33

Totaal

Uitgaven 2024

Apparaatskosten Begrotings- of exploitatie saldo Materieel Mutaties onderhandenwerk Rente & Afschrijving Reserve mutaties Rijksbijdragen Subsidies en overdrachten Verbonden Partijen Voorzieningen Eindtotaal

(bedragen x € 1.000) 13.074 549 21.496 13.470 4.587 2.066 241 10.682 36.040 2.445 104.649

Appara…

2.445 549

13.074 36.040

21.496

10.682

13.470 4.587

241 2.066

Totaal

Inkomsten 2024

Dividenden Lokale heffingen Materieel Mutaties onderhandenwerk Overige inkomsten Rente & Afschrijving Reserve mutaties Rijksbijdragen Subsidies en overdrachten Voorzieningen Eindtotaal

Hendrik-Ido-Ambacht

(bedragen x € 1.000) 92 17.629 30

Dividenden Lokale heffingen Materieel Mutaties onderhandenwerk

14.654 69 347 61.728 10.101 0 104.649

Overige inkomsten Rente & Afschrijving Reserve mutaties Rijksbijdragen Subsidies en overdrachten Voorzieningen

Begroting 2024

34

II - Paragrafen

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

35

Paragraaf 1. Weerstandsvermogen en risicoparagraaf Inleiding Om de financiële positie van de gemeente te kunnen beoordelen, moeten we ook de risico’s in kaart brengen. Deze paragraaf geeft inzicht in (mogelijke) risico’s voor de gemeente Hendrik-IdoAmbacht en de weerstandscapaciteit om die risico’s op te vangen. Het weerstandsvermogen is het vermogen om financiële risico’s op te kunnen vangen. De weerstandsratio is de weerstandscapaciteit gedeeld door de omvang van de risico’s. Weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit algemene reserves en onbenutte belastingcapaciteit. Bestemmingsreserves en voorzieningen zijn in feite niet vrij beschikbaar en tellen niet mee voor de weerstandscapaciteit. In de Nota Reserves en Voorzieningen 2011 is het beleid voor het gewenste weerstandsvermogen vastgesteld. Onbenutte belastingcapaciteit De onbenutte belastingcapaciteit richt zich op de gemeentelijke heffingen: de OZB, de afvalstoffenheffing, het rioolrecht en de overige rechten. Er is sprake van onbenutte belastingcapaciteit wanneer het gemeentelijke OZB-tarief lager is dan het normtarief dat geldt voor artikel 12-gemeenten en/of wanneer de ander genoemde tarieven niet kostendekkend zijn. Voor een toelichting op de kostendekking verwijzen we naar de paragraaf Lokale Heffingen.

Weerstandscapaciteit (x 1.000)

1-1-2023

1-1-2024

per inw.

Algemene reserves

25.304

20.922

742

Incidenteel beschikbaar

25.304

20.922

742

25

25

1

493

4

9

0

0

0

Opbrengst volgens art. 12 norm

7.874

9.772

276

Opbrengst volgens tarief HIA

6.352

7.066

188

Vrije ruimte

2.014

2.706

97

Marktgelden

62

63

2

Begraafplaatsen

0

0

0

Wabo

985

1.084

4

Burgerzaken

824

846

26

overige leges

243

153

6

Totaal vrije ruimte belastingen

4.128

4.852

135

Totaal weerstandsvermogen

29.457

25.799

877

Beschikbaar voor "Onvoorzien" Onbenutte belastingcapaciteit Afvalstoffenheffing Riolering OZB

(Incidenteel + Structureel)

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

36

Risicobeleid De doelstellingen voor risicomanagement zijn:  tijdig inzicht krijgen in de risico’s en het beheersen van deze risico’s  het beperken van de gevolgen van risico’s;  het risicobewust maken, ter voorkoming van risico’s of het beperken van de gevolgschade;  de beoordeling van het weerstandsvermogen in het kader van de BBV. Definitie: In dit kader gaat het om financiële risico’s, dat wil zeggen: gebeurtenissen die onze vermogenspositie positief of negatief beïnvloeden. Het risico wordt daarbij nader geconcretiseerd met de formule “kans x impact”. Risico´s met een structureel karakter hebben structurele maatregelen nodig, zoals het afsluiten van verzekeringen, het treffen van voorzieningen, het bijsturen van de administratieve organisatie, het aanpassen van beleid en de begroting etc. Tegenvallers met een structureel karakter kunnen we incidenteel opvangen met het weerstandsvermogen, maar moeten vervolgens van structurele maatregelen worden voorzien. Exploitatierisico´s die samenhangen met een recessie worden daarom (incidenteel) gerekend tot de risico´s die relevant zijn voor het weerstandsvermogen: het risico op lagere rijksbijdragen, bijstandsverlening, bouwleges etc., maar moeten structureel worden aangepakt. Het bepalen van de risico’s is altijd een momentopname en moet daarom regelmatig worden herijkt (liefst binnen de P&C cyclus).

Bij de inventarisatie van de risico’s in deze paragraaf betreft het de actuele risico’s die relevant zijn voor het weerstandsvermogen. Dit zijn risico’s:  die niet op een andere manier zijn te ondervangen;  die een financieel nadelig gevolg kunnen hebben;  die relevant zijn (lees: risico van materieel belang);  die met redelijke zekerheid zich gaan voordoen en  niet direct beïnvloedbaar zijn. Voor de inventarisatie van de risico’s gelden de volgende criteria:  In het kader van het weerstandsvermogen zijn in principe alleen de financiële risico’s van toepassing waarvoor vooralsnog geen of onvoldoende beheersmaatregelen aanwezig zijn.  Voor invulling van het begrip ‘risico van materiële betekenis’ is gekozen voor een norm van 0,5% van de totale uitgaven van de gemeente, t.w. € 0,3 mln. Dus richten we ons op risico’s die een financiële impact kunnen hebben van € 0,3 miljoen of meer. Door clustering van een aantal kleinere risico’s binnen een programma, kan eventueel een al te strikt gebruik van deze minimum norm worden ondervangen.  Voor de beschouwing van de risico’s wordt een tijdshorizon gehanteerd van 4 jaar. De risicoberekening Per risico wordt op hoofdlijnen toegelicht wat het risico inhoudt. Vervolgens maken we op basis van de beschikbare informatie een inschatting over de omvang van het risico en de mate van zekerheid dat het risico zich voordoet.

De mate van zekerheid duiden we als volgt: zeer laag (10%), laag (30%), gemiddeld (50%) en hoog (80%). Daarnaast wordt bekeken of het risico structurele of incidentele gevolgen heeft. Risico verbonden partijen Wij zijn eigenaar van een aantal verbonden partijen. Daardoor lopen wij ook indirecte risico's. Voor onze grote verbonden partijen maken we een inschatting welk risico wij als eigenaar in onze eigen risicoparagraaf moeten opnemen. Dit zijn:

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

37

     

De GR Sociaal: onze bijdrage is circa 17,1 miljoen (5,5%), waarvan 5,5 miljoen doeluitkering inkomensvoorziening (BUIG). De bijdrage aan de gemeente Dordrecht voor het service onderdeel, de GBD, de OCD, Drechtsteden Dienstverlening, Boa's en de groei agenda is circa 4,6 miljoen De OZHZ: onze bijdrage is circa 7 ton (2,2%). De VRZHZ: onze bijdrage is circa 2,2 mln (5,4%). De Dienst Gezondheid & Jeugd: onze bijdrage is zo’n 2,1 mln en SOJ 9,1 mln (6,5%). Natuur- en recreatieschap IJsselmonde: circa 2 ton (16%).

In de begrotingen van deze partijen zijn de risico's niet altijd in cijfers uitgedrukt en zeker niet opgeteld tot een gewogen gemiddelde. Inhoudelijk hebben veel risico’s een relatie met rijksmaatregelen en/of decentralisaties, m.n. op het gebied van sociale zekerheid. Extra aandacht gaat daarbij uit naar de (prognose van de) tekorten op de inkomensvoorziening bij de GRD/SDD en de verwachte tekorten bij de Serviceorganisatie van de DG&J. Ons risico schatten wij in als maximaal 10% van onze bijdragen. Conclusie verbonden partijen Alles tezamen resulteert een cumulatief bedrag van ongeveer € 2,9 miljoen. Beheersmaatregel: het actief bewaken in de ambtelijk en bestuurlijke overlegvormen. Risico Grondexploitaties Voor de grondbedrijf complexen geldt dat het niet alleen om negatieve, maar ook om positieve risico’s gaat. De begrote eindwaarde kan door marktrisico's immers zowel nadeliger als voordeliger uitvallen dan de prognose. Daarnaast zijn er verschillende mogelijkheden tot bijsturing, bijvoorbeeld in tempo, programmering etc. Ook eventuele subsidies kunnen een positief risico met zich meebrengen. Jaarlijks leggen we de risico’s van de lopende grondexploitaties ter kennisname voor aan de raad in de geactualiseerde GREX’en. Als we een verlies voorzien, wordt een 'voorziening' gevormd.

Voor de algemene en specifieke risico’s is een algemene reserve Grondbedrijf gevormd (en een 'voorziening' voor ons aandeel in het voorziene verlies De Volgerlanden). Grondexploitaties kennen algemene risico’s zoals rente- en prijsmutaties, tijdsplanningen en afzetrisico’s en specifieke projectrisico’s. Bovendien geldt dat de risico's in zo’n grex op basis van onderzoek zo goed mogelijk, maar enigszins voorzichtig worden geraamd. Hierdoor kunnen zowel voor- als nadelen optreden. Voor een uitgebreide toelichting op de Grex'en en risico’s verwijzen we naar de paragraaf Grondbeleid en de Grex'en zelf. Volgerlanden De Grex 2023 kent een maximale risicobuffer van 1,4 mln (met 90% zekerheid), en een negatief verwacht saldo op netto contante waarde van 6,5 miljoen. Ambachtsezoom De Grex 2023 fase 1 kent een maximale risicobuffer van 1,1 miljoen (met 90% zekerheid), en een verwacht positief saldo van 3,8 miljoen (waarvan reeds voor 1,8 mln winst is genomen). Genieterrein-Waterbusplein De Grex 2023 kent een maximale risicobuffer van 0,3 miljoen (met 90% zekerheid), en een verwacht negatief saldo van 4,3 miljoen op netto contante waarde, dat door een voorziening is afgedekt. Conclusie grondexploitaties Om het gecombineerde risico te bepalen, moet ook rekening worden gehouden met de verwachte positieve resultaten. Dat is ten dele in de boeken verwerkt.

Ons aandeel in het risico's Volgerlanden, Ambachtsezoom en Waterbusplein, minus het nog niet geboekte positieve resultaat

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

38

Ambachtsezoom en Volgerlanden resulteert in een gecombineerd risico van 1,9 miljoen met een gemiddelde kans van optreden (50%). Risico Algemene uitkering / decentralisaties De effecten van rijksmaatregelen zijn voor de middellange termijn allerminst zeker. De macroeconomische ontwikkelingen zijn moeilijk te voorspellen, laat staan de bestuurlijke vertaling door het Rijk naar de uitkeringen voor gemeenten en/of verdeelmodellen. Dat geldt in het bijzonder voor het sociale domein. Voor de drie decentralisaties Jeugdhulp, WMO en Participatiewet met hun kortingen zijn de effecten zorgwekkend, zowel voor het totaal als voor een individuele gemeente (het verdeelmodel). Deze middelen zijn onderdeel geworden van de algemene uitkering. Specifiek risico Het gemeentefonds heeft een herijking ondergaan. Vanaf 2026 wordt het gemeentefonds op een andere wijze berekent dan we voorheen gewend waren. Tot die tijd zijn we redelijk zeker van onze inkomsten, mede door het vastzetten van het zogeheten accres. Het Coelo heeft het effect van de herijking van het gemeentefonds becijferd op een gezamenlijk tekort van 3,9 miljard euro vanaf het jaar 2026. Het Rijk heeft besloten de gemeenten tegemoet te komen met een incidentele bijdrage in het gemeentefonds van 1 miljard euro in het jaar 2026.

In het afgelopen jaar is een principe akkoord bereikt tussen het Rijk en de gemeenten omtrent het financieel kader van de Hervormingsagenda Jeugd. De effecten hiervan (bevriezen van rijksinkomsten voor de jaren 2024 en 2025) zijn verwerkt in de meicirculaire 2023. De jaren na 2025 blijft de besparing ingeboekt. Conclusie algemene uitkering en doeluitkeringen In onze P&C instrumenten anticiperen we zo goed mogelijk op plannen van het Rijk (taakstellingen). Dat geldt ook voor eventuele herverdelingseffecten. Voor deze risicoparagraaf houden we rekening met een nadelig restrisico ter grootte van 5% van ons taakveld Algemene Uitkering = € 2,7 miljoen. Incidentele, algemene risico’s Naast de specifieke risico's kennen we ook incidentele, algemene risico's, zoals een beroep op onze achtergestelde garantieverstrekkingen. Deze bedragen in totaal circa € 50 miljoen. Ook een hogere loon- of prijsstijging dan geraamd valt hieronder: een omzet van circa € 105 miljoen, inclusief GREX’en en verbonden partijen. De kans bovenop de al eerder beschreven risico's wordt ingeschat op extreem laag, oftewel 1 procent. De gemeente is zelf verantwoordelijk voor de pensioenen van (oud-)wethouders, voor dit risico hebben we een voorziening gevormd.

Recapitulatie Omdat de risico's van verbonden partijen en rijksuitkeringen semi-structureel zijn worden deze tweemaal meegeteld in de hierna opgenomen totaal telling.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

39

SAMENVATTING (x € 1.000) Programma 1 ‐ Sociaal, Welzijn en Educatie Verbonden partijen algemeen Verbonden partijen SDD en SOJ specifiek

BG 2023 BG 2024 4.656 2.973

5.796

900

950

2.450 1.540 12.519 29.457 2,4

2.700 1.550 10.996 25.799 2,3

Programma 2 ‐ Ruimtelijke Ordening, Economie en Wonen Grondexploitaties Programma 4. Veiligheid, dienstverlening, bestuur en middelen Algemene uitkering en overige rijksbijdragen Algemeen Totaal risico's Weerstandscapaciteit Weerstandsratio

Financiële kengetallen in relatie tot de financiële positie. Hierna volgt een overzicht gegeven van de verplichte, financiële kengetallen afgezet tegen de normen van de VNG. Zoals bekend is onze schuldquote hoog door onze relatief grote grondexploitatie Volgerlanden. Tegelijkertijd zien we dat door ons voorzichtige, solide, financiële beleid de trend van alle financiële kengetallen positief is. Dat geldt ook voor onze weerstandsratio die we hiervoor berekend hebben. Wanneer we de onderlinge verhouding tussen de kengetallen in relatie tot de financiële positie bekijken, kunnen we concluderen dat de gemeente financieel gezond is. Recapitulatie

voldoende

onvoldoende

2024

2025 2026 2027

Netto schuldquote

<100%

>130%

83%

68%

55%

53%

Netto schuldquote gecorr. voor verstrekte leningen

<100%

>130%

81%

66%

53%

50%

Solvabiliteitsratio

>50%

<30%

26%

27%

32%

36%

30%

17%

5%

Grondexploitatie

>100%

<130%

42%

Structurele exploitatieruimte

<50%

>100%

17,2% 18,6% 13,7% 3,8%

Belastingcapaciteit

<100%

>120%

106%

114% 114% 114%

Voor de gedetailleerde berekening van bovenstaande kengetallen wordt verwezen naar de bijlage.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

40

Paragraaf 2 Financiering Inleiding In deze paragraaf komen de onderwerpen aan de orde die behoren tot het geldstromenbeleid van de gemeente, zoals de stand van de leningen portefeuille, de rente ontwikkeling, de kasgeldlimiet en de garantstellingen. Het kader voor het geldstromenbeleid is het op 8 december 2015 door de gemeenteraad vastgestelde Financieringsstatuut en de algemene wet financiering decentrale overheden (Wet fido). Het uitgangspunt bij het aantrekken van vermogen is dat dit zo goedkoop mogelijk gebeurt door de kasgeldlimiet optimaal te benutten en dat zoveel mogelijk (goedkoop) kort vermogen wordt aangetrokken. Bij het aantrekken van lang geld proberen we zoveel mogelijk te anticiperen op de meerjarige kapitaalbehoefte en het spreiden van rente risico's. Rente ontwikkelingen De tarieven op de geldmarkt (kortlopende leningen) laten de afgelopen maanden een sterk oplopende trend zien. Dit houdt nauw verband met de beleidsrente van de ECB, omdat die meerdere keren is verhoogd. Dit doet de ECB om de inflatie te beteugelen en terug te brengen naar 2%. De verwachting is dat de stijging van de kortlopende rente zal afvlakken en dat de ECB de beleidsrente nog maar een half procentpunt gaat verhogen. De 10-jaarsrente is begin juni gestegen naar een niveau van 2,92%.

Banken berekenen bij het verstrekken van langjarige financiering liquiditeitsopslagen bovenop de IRS-niveaus. Voor bijvoorbeeld een 10-jaars lening bedraagt deze opslag medio juni 2023 circa 0,20% (20 basispunten). Het afgelopen jaar heeft de rente zicht als volgt ontwikkeld:

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

41

Langlopende leningen De totale gemeentelijke langlopende leningenportefeuille valt in twee delen uiteen, te weten een deel voor de Algemene Dienst en een deel voor De Volgerlanden. Voor 2024 verwachten we een langlopende lening aan te trekken van 5 miljoen euro voor De Volgerlanden. De aflossingen van de leningen voor De Volgerlanden kunnen volgens de meest recente grondexploitatie opgebracht worden door de grondverkopen in 2024. Conclusie: In verhouding tot de grootte van de gemeente kennen wij met het project De Volgerlanden een bijzonder grote grondexploitatie, waardoor onze gemeente één van de hoogste schuldquote van Nederland kent (zie voor de kengetallen in de paragraaf 1. Weerstandsvermogen). Nu dit project vergevorderd is, neemt onze schuldpositie en schuldquote flink af. Voor een gedetailleerd meerjarenoverzicht van al onze geldleningen verwijzen naar de bijlagen, daarin is te zien dat we eind 2026 circa 40 miljoen aan langlopende geldleningen verwachten. Verwachte leningenportefeuille

Stand per

Nieuwe lening

1-1-2024 € 49.625

Algemene Dienst

Aflossingen

Stand per

2024

2024

31-12-2024

€-

€ 4.125

€ 45.500

De Volgerlanden

€ 27.333

€ 5.000

€ 12.333

€ 20.000

Totaal

€ 76.958

€ 5.000

€ 16.458

€ 65.500

Renterisico korte termijn: de kasgeldlimiet De externe financieringsbehoefte wordt ingevuld met kortlopende en langlopende leningen. Bij het aantrekken van kortlopende geldleningen met een looptijd tot 1 jaar, moeten we rekening ouden met de kasgeldlimiet, gemaximeerd in de Wet fido. De kasgeldlimiet is gelijk aan 8,5% van het begrotingstotaal. De Wet fido bepaalt ook dat maximaal drie achtereenvolgende kwartaaloverschrijdingen zijn toegestaan. Oogmerk van het door de servicegemeente uit te voeren gemeentelijke saldobeheer is om de limietruimte optimaal te benutten. Berekening kasgeldlimiet

Bedragen x € 1.000 1e kwartaal

Begrotingstotaal 2024 Limiet 8,5% van Totaal begroting

2e kwartaal

3e kwartaal

4e kwartaal

€ 105.000 € 8.925

€ 8.925

€ 8.925

€ 8.925

Gemiddeld. netto vlottende schuld (+) of gemiddeld netto vlottend overschot (-)

€ 8.925

€ 4.000

€ 6.000

€ 7.000

€ 6.000

Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)

€ 4.925

€ 2.925

€ 1.925

€ 2.925

Renterisico lange termijn: de renterisiconorm De Wet fido definieert vaste schuld als opgenomen geldleningen met een rentetypische looptijd groter of gelijk aan 1 jaar. Met de renterisiconorm biedt de Wet fido een richtsnoer om renteaanpassingen van financieringen en beleggingen goed in de tijd te spreiden. De norm heeft als doel om het toekomstig renterisico op de lange financiering te beperken door spreiding in de aflossingen en renteherzieningen af te dwingen. Deze norm bedraagt 20% van het begrotingstotaal. Uit deze tabel blijkt dat de gemeente in 2024 de renterisiconorm niet zal overschrijden.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

42

Renterisiconorm

Renterisico's Renteherzieningen

Bedragen x € 1.000

2024

2025

2026

2027

€-

€-

€-

€-

Aflossingen

€ 16.458

€ 18.875

€ 14.785

€ 7.875

Renterisico

€ 16.458

€ 18.875

€ 14.785

€ 7.875

€ 105.000

€ 105.000

€ 100.000

€ 86.000

20%

20%

20%

20%

Renterisiconorm

€ 21.000

€ 21.000

€ 20.000

€ 17.200

Toetsing aan norm:

€ 4.542-

€ 2.125-

€ 5.215-

€ 9.325-

Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal 2024-2027 Percentage regeling

Liquiditeitsrisico Liquiditeitsrisico is het risico dat de gemeente door een tekort aan geldmiddelen niet meer aan haar verplichtingen kan voldoen. Voor de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht is dit risico beperkt, onder meer door een kredietlimiet van € 8 miljoen met de Bank Nederlandse Gemeenten (BNG). Dit krediet is per 1 januari 2019 herzien. Kredietrisico's De gemeente Hendrik-Ido-Ambacht loopt kredietrisico op verstrekte geldleningen en leningen waarop een borgstelling is afgegeven. Het totaalbedrag aan verstrekte geldleningen per eind 2024 is: • Leningen aan woningcorporatie Rhiant: € 0,04 miljoen • Woningfinancieringen gemeentepersoneel: € 1,2 miljoen • Veiligheidsregio ZHZ (kazerne): € 1,2 miljoen • Startersleningen: € 0,01 miljoen • Lening VVOG: € 0,2 miljoen • Totaal: € 2,7 miljoen In april 2023 heeft de raad een budget van € 2.000.000,- beschikbaar gesteld om gefaseerd te storten in het fonds voor duurzaamheidsleningen bij het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting Nederlandse gemeenten (SVn) voor het verstrekken van leningen. Beging september 2023 zijn er vier gemeentelijke investeringsleningen duurzaamheid aangevraagd. In het kader van de uitvoering van het IHP zijn we bezig met de realisatie van schoolgebouwen, waarin het onderwijsgedeelte ook ruimte voor kinderopvang komt.

We hebben met de schoolbesturen afgesproken dat de gemeente hiervoor aan de schoolbesturen geldleningen verstrekt. Voor de scholen in aanbouw zullen we geldleningen verstrekken voor totaal € 1,2 miljoen. Voor de scholen die nog gerealiseerd gaan worden, moeten we de bedragen nog bepalen.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

43

Daarnaast staat de gemeente per 31 december 2024 voor € 67,3 miljoen garant. • aan directe borgstellingen € 8,8 miljoen. Deze zijn verstrekt aan 2 organisaties: o HVC Alkmaar (1,15 procent-belang; "getrapt" via GR Gevudo): € 7 miljoen o Woningstichting Rhiant € 1,8 miljoen (1 lening) • aan indirecte borgstelling € 58,5 miljoen, dat heeft betrekking op de achtervangpositie in het Waarborgfonds Sociale Woningbouw (WSW). Gezien de zekerheidsstructuur rond de WSW is aan deze garantstellingen een relatief laag risico verbonden. Voor de specificatie van onze gewaarborgde leningen verwijzen we naar de Staat van gewaarborgde geldleningen. Schatkistbankieren Bij het verplicht schatkistbankieren mogen we een bedrag van 2 procent van het begrotingstotaal buiten de Schatkist houden, het zogenoemde drempelbedrag. Het drempelbedrag mag als gemiddeld creditbedrag per kwartaal niet overschreden worden. Wanneer we het drempelbedrag overschrijden, moet het meerdere afgestort worden in de Schatkist. Op het schatkistsaldo wordt de daggeldrente (EuroSTR) vergoed en bedraagt op het moment van schrijven 3,4%. Berekening drempel Begrotingstotaal

€ 105.000

Relevant percentage

2,00%

Drempelbedrag (afgerond)

€ 2.100.000

Rente toerekening Voor de interne doorberekening van de rentekosten naar de investeringen hanteren we in de begroting een omslagrente van 1,0 %. Berekening rente omslag percentage

1-1-2024

Boekwaarde investeringen per 1/1

153.752.541

- grex Volgerlanden en het voorzien verlies

-38.022.623

A. Totaal boekwaarde

115.729.918

AF: Boekwaarde investeringen niet in omslag betrekken

-13.729.548

B. Boekwaarde waarover rente wordt verdeeld

102.000.370

C. Totaal financiering

107.080.126

D. Financieringstekort + of overschot - (A-C)

8.649.793

E. Totale rentelasten

1.041.012

AF: Rente niet in omslag te betrekken:

-115.457

F. Te verdelen rente

925.554

Werkelijk percentage omslagrente is F/ B *100

0,91%

Afgerond percentage omslagrente*

1%

rentetarief grex (VV/BT * gewogen %)

0,95%

afgerond

Hendrik-Ido-Ambacht

1%

Begroting 2024

44

Paragraaf 3 Lokale heffingen Inleiding Lokale heffingen kunnen we onderverdelen in gebonden en ongebonden heffingen. Gebonden wil zeggen dat de besteding is gekoppeld aan een direct aanwijsbare tegenprestatie van de gemeente. Dit zijn retributies (bijvoorbeeld leges, marktgeld) of bestemmingsheffingen (bijvoorbeeld afvalstoffenheffing, rioolheffing). Deze heffingen worden verantwoord op de desbetreffende gemeentelijke programma’s en worden niet tot de algemene dekkingsmiddelen gerekend. Ongebonden lokale heffingen zijn zogenaamde zuivere belastingen. De opbrengsten hieruit kunnen door de gemeenteraad vrijelijk worden ingezet. Het gaat hierbij om de onroerendezaakbelastingen (OZB) en hondenbelasting. Deze heffingen behoren tot de algemene dekkingsmiddelen. Deze paragraaf bevat conform artikel 10 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV): a. het beleid ten aanzien van de lokale heffingen; b. de geraamde inkomsten; c. een duiding van de lokale lastendruk en tarieven; d. een overzicht op hoofdlijnen van de diverse heffingen plus kostendekkendheid; e. een beschrijving van het kwijtscheldingsbeleid.

Ontwikkelingen en rijksbeleid Herziening gemeentelijk belastinggebied In het Coalitieakkoord 2021 – 2025 van het Rijk “Omzien naar elkaar, vooruitkijken naar de toekomst” is opgenomen dat partijen een nieuwe financieringssystematiek voor medeoverheden voor de periode na 2025 willen uitwerken. Een en ander om een stabielere financiering voor de medeoverheden te realiseren en hun autonomie te vergroten. Daarbij wordt ook de mogelijkheid voor een groter gemeentelijk belastinggebied betrokken, inclusief alternatieven voor OZB. Vervangen macronorm OZB door benchmark lokale lasten Vanaf 2020 is de macronorm OZB vervangen door de jaarlijkse benchmark, waarin naast de OZB ook de riool- en afvalstoffenheffing worden vergeleken. De benchmark beoogt door meer vergelijking, de informatievoorziening over de ontwikkeling van de lokale lasten te bevorderen. De benchmark vergelijkt voor alle gemeenten binnen een provincie de hoogte van de woonlasten voor meerpersoonshuishoudens met een koopwoning. De woonlasten zijn de som van de gemiddeld betaalde OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing minus een eventuele heffingskorting. Hierna is deze benchmark voor 2023 opgenomen uit de Coelo atlas 2023. De landelijke evaluatie van de benchmark staat gepland voor 2025. Ook zal gekeken worden naar de relatie tussen de afschaffing van de macronorm en de ontwikkeling van de lokale woonlasten.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

45

Ondernemersfonds Onroerendezaakbelastingen (OZB) De OZB zijn na de uitkering uit het Gemeentefonds de belangrijkste inkomstenbron en bestaan uit een eigenarenbelasting voor zowel woningen als nietwoningen en een gebruikersbelasting voor de niet woningen. De opbrengst vloeit naar de algemene middelen van de gemeente. Daarnaast is een gedeelte, namelijk € 294.000 in 2024, bestemd voor het Ondernemersfonds. Dit bedrag komt tot stand door een extra verhoging van de OZB-belasting op niet-woningen voor eigenaren en gebruikers. Dit betreft wel een voorlopige berekening, het definitieve bedrag wordt vastgesteld bij de vaststelling van de verordeningen in december. De gemeente keert de opbrengst als subsidie uit aan de Stichting Ondernemersfonds, die deze als 'trekkingsrecht' toewijst aan de gebieden of sectoren evenredig met wat deze opgebracht hebben. Overzicht belastingopbrengsten en belastingdruk Onderstaande tabel geeft een overzicht met de opbrengsten. De verschillen worden op de eerste plaats veroorzaakt door indexatie en groei van de gemeente. Bij de afvalstoffenheffing vindt een gedeeltelijke doorbelasting plaats van de (rijks)afvalstoffenbelasting. In het begrotingsjaar is circa 17% van de inkomsten van de gemeente afkomstig uit lokale heffingen. De lokale heffingen vormen daarom een belangrijke inkomstenbron voor de gemeente.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

46

Belastingopbrengsten (x € 1.000)

JR 2022

BG 2023

BG 2024

perc van totaal

6.009

6.286

7.065

40%

Hondenbelasting

193

198

257

1%

Precariobelasting

0

0

0

0%

6.234

6.484

7.322

42%

Afvalstoffenheffing

4.297

4.669

5.064

29%

Rioolheffing

2.408

2.593

2.834

16%

441

523

565

3%

Algemene dekkingsmiddelen (ongebonden heffingen) Onroerendezaakbelastingen

Subtotaal

Gebonden heffingen

Lijkbezorgingsrechten Bouwleges

1.282

755

1.056

6%

Burgerzaken + overige leges

481

383

712

4%

Marktgeld

39

50

54

0%

Subtotaal

8.948

8.973

10.286

58%

TOTAAL

15.182

15.457

17.608

100%

2020

2021

2022

2023

2024

Gemiddelde WOZ-waarde

281.000

309.000

336.000

391.000

402.000

OZB-eigenaar

311,34

325,37

327,26

358,93

375,41

Afvalstoffenheffing (meerpers.)

334,56

350,64

373,68

404,16

436,44

Rioolheffing eigenaar

125,76

128,52

130,31

138,38

149,45

Rioolheffing gebruiker (meerpers.)

58,32

59,52

60,24

Belastingdruk

Bijdrage woonlasten Ontwikkeling lastendruk % stijging tov vorig jaar

830

63,96

68,88

-63,00

-76,00

864

891

902

954

4,1%

3,2%

1,2%

5,7%

Toelichting Tot de lokale woonlasten worden gerekend de OZB, de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. Deze heffingen bepalen het grootste deel van de gemeentelijke opbrengsten en bepalen daarmee ook grotendeels de lokale lastendruk. De gemiddelde woonlast OZB is berekend door de gemiddelde WOZ-waarde (kolom 2024 is een voorlopige schatting) te vermenigvuldigen met het geldende tariefpercentage. Onroerendezaakbelastingen (OZB) De OZB is na de Algemene Uitkering uit het gemeentefonds de belangrijkste inkomstenbron voor de gemeente. De OZB bestaat uit een eigenarenbelasting voor zowel woningen als niet-woningen en een gebruikersbelasting voor niet-woningen (bedrijven, enz.). De gemeenteraad bepaalt de tarieven en daarmee de door belastingplichtigen te betalen belasting. De heffingsgrondslag is de waarde van de onroerende zaak. Deze wordt vastgesteld op basis van de Wet waardering onroerende zaken (WOZ). Voor 2024 gelden de WOZ-waarden met als waarde-peildatum 1 januari 2023. De verschuldigde OZB is een percentage van de waarde van de onroerende zaak. Afvalstoffenheffing Afvalstoffenheffing wordt geheven om de kosten voor het inzamelen en verwerken van huishoudelijk afval te dekken. Wettelijk uitgangspunt is dat de opbrengst niet hoger mag zijn dan de kosten voor inzameling en verwerking van het huishoudelijk afval. Vanaf 2024 geldt het recycletarief.

Dan wordt een vast bedrag betaald plus een variabel deel op basis van het aantal worpen.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

47

Rioolheffing Met ingang van 2010 hebben gemeenten de mogelijkheid gekregen om de kosten voor het hemel- en grondwater en het afvalwater te verhalen via de rioolheffing. Welke kosten via de rioolheffing worden verhaald, wordt in het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) vastgesteld. Hondenbelasting De Gemeentewet regelt dat gemeenten een belasting mogen heffen op het houden van honden. De hondenbelasting is een zuivere belasting, die net als onroerendezaakbelasting, naar de algemene middelen van de gemeente vloeit. In 2024 stellen we het nieuwe beleid voor aan de gemeenteraad. Vanaf 2023 is het tarief voor een tweede hond of meer gelijkgetrokken met het tarief voor de eerste hond. Hiervoor was het tarief van de tweede hond of meer hoger dan voor de eerste hond. Precariobelasting Precariobelasting wordt geheven over de kabels, buizen en leidingen van nutsbedrijven die in gemeentegrond liggen. Op 1 juli 2017 is wetgeving in werking getreden die bepaalt dat gemeenten geen precariobelasting meer kunnen heffen over netwerken van nutsbedrijven. Tarieven In het algemeen zijn de woonlasten voor 2024 met 8% geïndexeerd. Het tarief van de OZB daalde de laatste jaren om de stijging van de WOZ-waarde te compenseren. Het tarief van de afvalstoffenheffing is met ingang van 2021 iets extra verhoogd om de kosten van de rijks afvalstoffenbelasting in 3 jaar / in 3 stappen te compenseren.

Voor de rioolheffing betalen eigenaren van panden een vast bedrag per jaar. Hierbij is de situatie van 1 januari bepalend. Daarnaast betalen ook gebruikers van panden rioolheffing. De OZB percentages voor 2024 kunnen pas definitief worden berekend wanneer de stijging of daling van de WOZ-waarden bekend zijn. Deze zijn op dit moment onvoldoende bekend. In de tabel is een voorlopig tarief opgenomen. De verwachte stijging van de waarde van de woningen, leidt tot aanpassing van het tarief. Hierdoor geeft een stijging van de waarde, geen stijging van de belastingen. Met de jaarlijkse voorstellen tot wijziging van de belastingverordeningen, worden de nieuwe tarieven voorgelegd. Op dat moment zijn de stijgingen van de WOZ-waarden bekend en kan het nieuwe tarief berekend worden.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

48

OZB

2021

2022

2023

2024

Eigenaar woning

0,1088

0,0974

0,0918

n.n.b.

Eigenaar niet-woning

0,2593

0,2808

0,2993

n.n.b.

Gebruiker niet-woning

0,2093

0,2288

0,2387

n.n.b.

Afval

2021

2022

2023

2024

Meerpersoons

350,64

373,68

404,16

436,44

Eenpersoons

246,72

265,20

288,96

312,08

4,8%

7,0%

8,5%

8,0%

Stijging

Riool

2021

2022

2023

2024

Eigendom

128,52

130,31

138,38

149,45

Gebruik meerpersoons

59,52

60,24

63,84

68,88

Gebruik eenpersoons

29,76

30,12

31,92

34,44

Stijging

2,1%

1,3%

6,1%

8,0%

Honden

2021

2022

2023

2024

Tarief 1ste hond

125,28

126,96

134,76

145,44

Tarief 2e e.v. hond

205,56

208,44

134,76

145,44

Tarief kennel

746,88

757,32

804,24

868,56

2%

1%

-2%

8%

Stijging

Vergelijking andere gemeenten Om inzicht te krijgen in het algemene verloop van de hoogte van de woonlasten (OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing) is het goed een vergelijking met andere gemeenten te maken. Ook het landelijk gemiddelde is hierin opgenomen. Deze gegevens zijn gebaseerd op de actuele gegevens van de Digitale Atlas van de lokale lasten 2023 van COELO ( www.coelo.nl) en geven de woonlasten voor een meerpersoonshuishouden weer op basis van de gemiddelde WOZ-waarde van een koopwoning. Tege-

Rangnr.

Gemiddelde Tarief

OZB

heffing stoffen- moet-

Riool-

Afval-

meerpers.

Gemeente

WOZwaarde OZB ei

genaar eig/gebr heffing koming Totaal

huish.

Dordrecht

368.000 0,0890

328

217

332

802

35

Sliedrecht

364.000 0,0712

260

277

351

888

112

Hardinxveld-G'dam

389.000 0,1048

407

204

332

943

174

-75

Hendrik-Ido-Ambacht

442.000 0,0918

406

202

404

-63

949

180

Zwijndrecht

375.000 0,0862

323

322

347

-35

957

191

Alblasserdam

387.000 0,1004

388

159

418

965

201

Papendrecht

385.000 0,1158

446

165

432

1043

281

Landelijk gemiddelde

474.000 0,0890

402

213

329

944

De indicatie in de laatste kolom betekent hoe lager het rangnummer hoe lager de woonlasten.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

49

Kwijtschelding Als een belastingplichtige door financiële omstandigheden niet in staat is een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk te betalen, kan kwijtschelding worden verleend. De regels voor het toekennen worden bepaald door de rijksoverheid. Deze regels komen erop neer dat kwijtschelding mag worden verleend aan belastingplichtigen die een inkomen hebben dat niet hoger ligt dan 90% van de bijstandsnorm. Gemeenten mogen deze inkomensgrens verruimen naar 100% van de bijstandsnorm. Onze gemeente hanteert de zogeheten 100%-norm, wat betekent dat inwoners met een inkomen op bijstandsniveau in principe voor kwijtschelding in aanmerking komen. Er vindt ook een vermogenstoets plaats. Een groot deel van de kwijtscheldingen wordt geautomatiseerd getoetst om op deze manier de administratieve lasten voor de burger te verminderen en de afhandeltermijn te verkorten. Gemeenten mogen zelf bepalen voor welke belastingen kwijtschelding wordt verleend. De bedragen aan kwijtschelding zijn: (x € 1.000)

JR 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

Rioolheffing

20

24

29

Afvalstoffenheffing

136

148

160

Totaal

156

172

189

Kostendekking kostendekkendheid Kosten taakveld incl. kwijtschelding mutatie reserve

riool

afval

begraven

markt

bouwleges

burgerzk

overig

2.006.840

4.353.316

661.006

92.869

1.108.408

1.307.220

108.602

535.654

-

-

-

-

-

-

Inkomsten excl. heffingen

-118.535

-328.784

-178.336

-7.206

-

-

-

Netto kosten taakveld

2.423.958

4.024.532

482.670

85.663

1.108.408

1.307.220

108.602

Overige toe te rekenen kosten: Overhead

202.791

207.331

290.415

13.638

1.005.042

163.001

129.519

btw

207.251

835.910

-

17.989

27.154

3.034

-

Totale kosten (a)

2.834.000

5.067.774

773.085

117.290

2.140.604

1.473.255

238.121

Opbrengst heffingen (b)

2.834.000

5.064.151

564.664

50.435

754.904

627.418

84.894

0

3.623

208.421

66.855

1.385.700

845.837

153.227

100%

100%

73%

43%

35%

43%

36%

Onbenut Dekking (b/a*100)

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

50

Paragraaf 4 Onderhoud kapitaalgoederen Inleiding Wegen, riolering, water, openbaar groen, gebouwen en afval-inzamelvoorzieningen vormen niet alleen belangrijke schakels in de gemeentelijke infrastructuur, maar leveren ook een belangrijke bijdrage aan de leefbaarheid van de gemeente. Ze hebben daarmee waarde voor de bereikbaarheid, de economie, de omgevingskwaliteit en de veiligheid. Om die waarde duurzaam en efficiënt in stand te houden, is een systematisch en planmatig beheer noodzakelijk. Het beheer is dan ook gericht op het duurzaam in stand houden van de gemeentelijke voorzieningen. Dit houdt in dat we kapitaalgoederen op een zodanige manier onderhouden dat tegen zo beperkt mogelijke kosten de voorzieningen voortdurend goed functioneren en er geen kapitaalvernietiging plaatsvindt. Uitgangspunt voor het gewenste kwaliteitsniveau is dat de veiligheid en begaanbaarheid van de openbare ruimte op voldoende wijze gewaarborgd blijven en daar waar mogelijk een vorm van burgerparticipatie wordt ingebouwd. Volgens het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV), artikel 12, lid 2, moet in de begroting over het onderhoud van kapitaalgoederen worden aangegeven: 1. het actueel beleidskader (met betrekking tot beheerplannen: wanneer vastgesteld of geactualiseerd); 2. het van toepassing zijnde kwaliteitsniveau; 3.

de vertaling van de financiële consequenties van het vastgestelde kwaliteitsniveau in de begroting. Voor het beheer zijn beheersystemen beschikbaar om de beheertaak te ondersteunen en om goede financiële ramingen te maken. De beheersystemen hebben als doel het beheer binnen vastgestelde kwalitatieve normen zo effectief en efficiënt mogelijk in te richten. Dat betekent: op het aan te houden kwaliteitsniveau gerichte maatregelen op de juiste plaats en op de juiste momenten tegen de laagst mogelijke kosten. Bij het bepalen van prioriteiten worden risico's afgewogen. In de beleidsplannen maken we alle afwegingen en de consequenties daarvan inzichtelijk . Op deze manier komen wij tot effectief en efficiënt beheer. Leidend voor het daadwerkelijke onderhoudsprogramma zijn de resultaten van de jaarlijkse inspecties van kapitaalgoederen. Voor de financiële aspecten van het beheer verwijzen we naar de programma's (met name "3. Buitenruimte") en de staat 'reserves en voorzieningen' (reserve Wegen en voorziening Riolering). Kapitaalgoederen Onderstaand overzicht geeft de actuele beleid- en beheerplannen weer. In de beleidsplannen zijn de kaders en ambities opgenomen. De beheerplannen geven aan hoe we het beheer en onderhoud uitvoeren.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

51

Onderdeel openbare ruimte 1. Wegen

Beleid- en beheerplan

Vastgesteld

Planning/ actualisering

Beleidsplan wegenbeheer 2013-2023

13-5-2013

2024

Wegenbeheerplan (inclusief civiele kunstwerken, verkeersvoorzieningen en straatmeubilair) 2022 -2026

10-5-2022

2026

Mobiliteitsplan 2021-2030

8-11-2021

2030

Beleidsplan openbare verlichting 2020-2024

7-10-2019

2024

Beheerplan openbare verlichting 2021-2025

10-5-2022

2025

Beleidsplan infrastructurele kunstwerken 2015-2023

12-1-2017

2024

Beleidsplan verkeersvoorzieningen 2015-2023

25-8-2015

2024

Beleidsplan straatmeubilair 2015-2023

25-8-2015

2024

2. Riolering

Gemeentelijk rioleringsplan (GRP) 2019-2023

3-12-2018

2024

3. Water

Baggerplan 2019

8-7-2019

2024

Beheer- en onderhoudsplan oeverbeschermingen 2018-2026

5-3-2018

2026

Beeldkwaliteitsplan Groen 2015-2019

1-12-2016

2024

Beleidsplan bomen 2019-2033

3-12-2018

2033

Groenstructuurplan 2013- 2023

21-5-2013

2024

Groenbeheerplan plus 2022-2026

15-3-2022

2026

Beleidsplan begraafplaatsen 2020-2030

2-3-2020

2030

Beheerplan begraafplaatsen 2009-2014

17-3-2008

2022

Speelruimteplan 2020-2030

15-6-2020

2030

Beheerplan speelvoorzieningen 2021-2026

8-3-2022

2026

5. Gebouwen

Meerjarenonderhoudsplannen gemeentelijke gebouwen 2022-2026

24-5-2022

2026

6. Afvalinzameling

Grondstoffenbeleidsplan 2019-2023; uitwerking in Implementatieplan recycle-tarief 2024

7-2-2022

2025

Zwerfafval- uitvoeringsplan 2019-2023

2-7-2019

2024

4. Openbaar groen

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

52

Kerncijfers Onderwerp

Kerncijfers

Wegen

Totaal areaal 1.456.107 m2 Asfalt 389.576 m2 Elementen 1.055.120 m2 Half verharding (wandelpaden) 7.531 m2

Kunstwerken

Bruggen 101 Viaducten 2 Tunnels 2 Overige kunstwerken 125

Riolering

Vrijverval riolering

gemengd riool: 57 km vuilwaterriool: 51 km regenwaterriool: 66 km drainage: 15 km totaal: 189 km Rioolgemalen

rioolgemalen: 27 in beheer van het waterschap: 2 Drukrioleringen

pompunits: 122 drukriolering: 28 km Peilbuizen 33 Lengte watergangen 33 km (in beheer bij gemeente) Groen

Aantal bomen 12.281 Gras (gazon, grasveld, ruwgras) 807.035 m2 Plantsoen (beplanting) 138.354 m2 Bosplantsoen 105.457 m2 Aantal speelplekken 166

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

53

Gebouwen

Aantal gebouwen in onderhoud 20

Afval

Aantal ondergrondse afval inzamelsysteem 606 Aantal afvalbakken 581

Verlichting

Aantal lichtpunten 7.681

Toelichting 1. Wegen 1.A Wegenbeheer Wat gaan we in 2024 doen? Volgend jaar willen we het onderhoud aan de verhardingen van de Laan van Welhorst (als onderdeel van de reconstructie), Het Volgerland, Kruiswiel fase 5 (gelijktijdig met de rioolwerkzaamheden), De Zelling en de Amandelgaarde en de Bramengaarde uitvoeren. Daarnaast voeren we nog (integrale) onderhoudswerkzaamheden uit naar aanleiding van de inspectieresultaten van de laatste weginspectie. Hier is op dit moment nog geen zicht op. Beleidskader De algemene doelstelling voor het wegbeheer is het voeren van een duurzaam wegbeheer waarbij we de veiligheid voor de verkeersdeelnemers in stand houden. Comfort en aanzien van de weg spelen hierbij een beperkte rol. In 2022 is het Beheerplan Wegen 2022-2026 vastgesteld. 1.B Verkeer en vervoer Wat gaan we in 2024 doen? In 2021 hebben we het Mobiliteitsplan 2021-2030 opgesteld. In het Mobiliteitsplan staat hoe wij in Hendrik-Ido-Ambacht in de periode 2021-2030 om willen gaan met autoverkeer, langzaam verkeer (o.a. voetgangers en fietsers), openbaar vervoer, parkeren, verkeersveiligheid en duurzaamheid (o.a. elektrische auto en fiets). Bij het Mobiliteitsplan is een uitvoeringsplan opgesteld waarin de onderzoeken en maatregelen zijn opgenomen die we de komende jaren zouden moeten gaan uitvoeren.

Het is echter gebleken dat het uitvoeren van het Mobiliteitsplan en de andere taken niet binnen de huidige formatie past. Daarom zullen er keuzes gemaakt worden. De intentie is dat het Mobiliteitsplan, desnoods deels, wordt uitgevoerd. Beleidskader De raad heeft in december 2021 het Mobiliteitsplan 2021-2030 vastgesteld. Hierin zijn de kaders opgenomen voor het beleid voor de komende jaren. Naast het mobiliteitsplan zijn er ook andere beleidsplannen voor het verkeer in Hendrik-Ido-Ambacht. Hierbij valt te denken aan het "actieplan geluid", "beleidsregels oplaad infrastructuur elektrische voertuigen gemeente Hendrik-IdoAmbacht", “Parkeernota Nieuwe ontwikkelingen 2018” en het “Inrittenbeleid” uit 2006. Een aantal van deze plannen zijn achterhaald. Het is dan ook wenselijk dat deze een update krijgen of dat we ze integreren in de nieuwe structuur van de Omgevingswet. Ook hiervoor geldt dat we, rekening houdend met de beperkte beschikbare formatie, keuzes moeten maken.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

54

1. C Openbare verlichting Wat gaan we in 2024 doen? In 2019 is het nieuwe beleidsplan vastgesteld met daarbij een budget per jaar voor het vervangen en het verduurzamen van ons areaal. Door de hoge energiekosten en de groei van nieuwe technieken op het gebied van smart lighting stellen we de raad voor om ons conventionele verlichtingsareaal versneld te vervangen voor duurzame Led-armaturen met een goed dimprofiel. Met dit voorstel moeten we op jaarbasis ongeveer 554 MWh gaan besparen. Beleidskader In 2019 is het Beleidsplan Openbare Verlichting 2020-2024 door de raad vastgesteld. 1.D Infrastructurele kunstwerken Wat gaan we in 2024 doen? In 2024 vervangen we de brug tussen de Gemeentelandskade en de Pruylenborg. Ook vervangen we de damwand langs De Hil (ter hoogte van de Ring). De damwand langs Burgemeester Hofplein vervangen we door een natuurlijke oever. Beleidskader Binnen de openbare ruimte bevinden zich infrastructurele kunstwerken, die de kruising van (water)wegen of andere natuurlijke barrières mogelijk maken. Dit zijn onder andere bruggen, keermuren, trappen, tunnels en viaducten. Het huidige beleid is erop gericht de kunstwerken op het kwaliteitsniveau "basis" te onderhouden. Uitgangspunt is een zodanig kwaliteitsniveau dat de kunstwerken en bruggen naar behoren functioneren en er dus geen sprake is van achterstallig onderhoud of gevaarlijke situaties.

Bij het beheer heeft het voorkomen van gevaarlijke situaties eerste prioriteit. Tweede prioriteit is zorg dragen voor het goed functioneren van de voorzieningen, gevolgd door het wegwerken van eventueel achterstallig onderhoud. In 2022 is het "Uitvoeringsplan Civiele Kunstwerken", als onderdeel van het "Beheerplan Wegen 2022-2026", vastgesteld. 1.E Verkeersvoorzieningen Wat gaan we in 2024 doen? De buitendienst voert het dagelijks onderhoud uit inclusief eventuele vervangingen met uitzondering van (integrale) projecten waarin het onderhoud gelijk wordt meegenomen. Beleidskader Verkeersvoorzieningen zijn verkeersborden, straatnaamborden, ANWB-bebording, schrikhekken en verkeerspalen. Vanuit het oogpunt van verkeersveiligheid, bruikbaarheid en aanzien worden deze onderdelen beheerd en onderhouden volgens het uitvoeringsplan. We onderhouden de verkeersvoorzieningen op het basisniveau, waarbij we niet meer uitgaan van een kwaliteitsdifferentiatie per gebied. Reden hiervoor is dat verkeersvoorzieningen qua plaatsing, beheer en onderhoud moeten voldoen aan wettelijke bepalingen en landelijke richtlijnen. In het uitvoeringsplan zijn uitgangspunten voor de verkeersvoorzieningen geformuleerd. In 2022 is het "Uitvoeringsplan Verkeersvoorzieningen", als onderdeel van het "Beheerplan Wegen 2022-2026", vastgesteld.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

55

1.F Straatmeubilair Wat gaan we in 2024 doen? De buitendienst voert het dagelijks onderhoud uit inclusief eventuele vervangingen met uitzondering van (integrale) projecten waarin het onderhoud gelijk wordt meegenomen. Beleidskader Straatmeubilair, zoals banken, afvalbakken, fietsenstallingen en abri's, is een wezenlijk onderdeel van de openbare ruimte. We onderhouden en beheren deze onderdelen vanuit het oogpunt van veiligheid en bruikbaarheid.. Essentieel hierbij is het te hanteren kwaliteitsniveau voor het onderhoud. Op basis van de landelijke wetgeving en richtlijnen onderhouden we de betreffende voorzieningen in de openbare ruimte op het kwaliteitsniveau "basis". In 2022 is het "Uitvoeringsplan Straatmeubilair", als onderdeel van het "Beheerplan Wegen 2022-2026", vastgesteld. 2. Riolering Wat gaan we in 2024 doen? Naast het reguliere onderhoud aan riolering gaan we verder in buurt Kruiswiel met onze rioolvervangingsopgave. Beleidskader Met het Gemeentelijk Rioleringsplan 2019-2023 (GRP) geven wij vorm aan de gemeentelijke zorgplichten voor afvalwater, hemelwater en grondwater. Met de Omgevingswet verdwijnt het GRP. Hiervoor komt het Water- en Rioleringsprogramma (WRP) in de plaats. Volgens de huidige planning willen wij dit nieuwe WRP voor de zomer 2024 aan de raad aanbieden. Ontwikkelingen Duidelijk is dat het klimaat verandert.

De zomers worden heter en de kans op extreme neerslag wordt steeds groter. Daarom gaan wij de aanpak van klimaatadaptatie verder verankeren in ons beleid. Verder blijven wij betrokken bij de lopende regionale samenwerking. Bij stedelijke ontwikkelingen en herstructurering van bestaande gebieden nemen wij klimaatadaptatie zoveel mogelijk mee. Klimaatadaptatie is een van de thema's binnen programma het duurzaamheid. Voorziening riolering De voorziening riolering heeft als doel het gelijkmatig verdelen van kosten in de tijd om tariefschommelingen te voorkomen. De voorziening wordt gevoed met het verschil tussen de jaarlijkse exploitatiekosten van de riolering en de inkomsten uit rioolheffing. De verwachte omvang van de voorziening per 31 december 2023 is circa € 7,4 miljoen. Bestemmingsreserve riolering In deze bestemmingsreserve zijn de precariogelden van 2018, 2019 , 2020 en 2021 gestort van in totaal €1,0 miljoen.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

56

3. Water Wat gaan we in 2024 doen? In 2024 hebben wij een baggeropgave in de buurten Dorp en De Sandeling. Daarnaast bestaat de verplichting om deze wateren vrij te maken van los vuil en waterplanten. Conform het Beheer- en onderhoudsplan oeverbeschermingen voeren wij onderhoud uit aan de oeverbescherming op diverse locaties in onze gemeente. Beleidskader Op het gebied van waterbeheer hebben wij diverse plannen. Dit zijn het Baggerplan voor de periode 2019 tot en met 2024 en het Beheer- en onderhoudsplan oeverbeschermingen 2018-2026. In het Gemeentelijk Rioleringsplan (GRP) is de koppeling met waterbeheer opgenomen. 33 procent van de baggeropgave bekostigen wij vanuit de rioolheffing. Het baggerwerk voeren wij samen met waterschap Hollandse Delta uit, afhankelijk van de onderhoudsverplichting van de watergangen. 4. Groen 4.A Groenstructuurplan Wat gaan we in 2024 doen? In 2021 zijn we gestart met het onderhouden van de groenarealen volgens het nieuwe integrale groenbestek, wat in december 2020 is aanbesteed. Het onderhoud van bomen en de renovaties van groenvakken, die niet voldoen aan de gestelde kwaliteitseisen, zijn onderdeel van de overeenkomst. Er zijn meerdere bloemenlinten gerealiseerd en op een aantal locaties wordt anders gemaaid om meer biodiversiteit te verkrijgen.

Daarnaast worden bestaande oevers omgevormd naar natuurvriendelijke oevers en zijn diverse nestkasten geplaatst voor een elkaar versterkend ecosysteem. Thema's als klimaatadaptatie, duurzaamheid en biodiversiteit krijgen steeds meer aandacht. Naast deze belangrijke thema's doet de Omgevingswet in 2024 zijn intrede. Dit betekent een nieuwe visie op ons groene kapitaal. Dit vraagt om flexibiliteit, waardering en verankering van groenwaarden bij ruimtelijke ontwikkelingen om invulling te kunnen geven aan een groene en leefbare gemeente. Beleidskader Om het groene karakter van de gemeente te behouden en te versterken, zijn we bezig met opstellen van een nieuw groenbeleidsplan. Voor het opstellen kijken we naar het beheerplan +, het duurzaamheidsprogramma en het coalitieprogramma. Deze vormen gezamenlijk de basis voor het vernieuwde groenbeleidsplan. De daadwerkelijke vaststelling van dit plan vindt naar verwachting plaats¬ in het eerste kwartaal van 2024. Bomenbestand In het coalitieakkoord staat dat we 500 extra bomen gaan planten. Hierbij is de inzet om de impact van deze 500 bomen op de openbare ruimte te maximaliseren door de ecosysteemdiensten van de bomen optimaal te benutten. Gedurende de herfst- en voorjaarsperiode van deze coalitieperiode zullen de 500 bomen geplant worden.

Ontwikkelingen Bij de aanplant van nieuwe bomen, maar ook bij vervanging, kijken we steeds meer naar de toekomstwaarde van de locatie en de boomsoort (de juiste boom op de juiste plek). Ook houden we rekening met de bijdrage aan biodiversiteit en ecosysteemdiensten. Thema's die steeds belangrijker worden bij het inrichten en beheren van de openbare ruimte.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

57

4.B Begraafplaatsen Wat gaan we in 2024 doen? We hebben in 2020 het begraafplaatsenbeleid geactualiseerd en vastgesteld. Op basis van dit beleidsplan zullen we de begraafplaatsen en het uitvaartcentrum de komende jaren exploiteren. Specifieke aandacht gaat hierbij naar het in stand houden van het dienstverleningsniveau en het toewerken naar een toekomstbestendig uitvaartcentrum. Beleidskader Het Begraafplaatsenbeleidsplan 2020-2030 heeft als doelstelling het realiseren van een toekomstbestendige begraafplaats. Het uitgangspunt is dat we begraven toegankelijk en betaalbaar houden. Omdat de keuze tussen begraven en cremeren niet financieel gedreven moet zijn, gaan we terughoudend om met het verhogen van de tarieven. Om een toekomstbestendige begraafplaats te realiseren, wordt in dit beleidsplan beschreven hoe de gemeente Hendrik-Ido- Ambacht: - zorgt voor voldoende grafcapaciteit voor de komende jaren; - omgaat met trends en ontwikkelingen in de lijkbezorging; - toewerkt naar een meer kostendekkende begraafplaats. Ontwikkelingen/activiteiten In het kader van participatie blijven we de ervaringen van nabestaanden en uitvaartondernemers monitoren om daar in de toekomst op te anticiperen. 4.C Speelvoorzieningen Wat gaan we in 2024 doen? In 2024 gaan we 7 speelplekken renoveren conform het Speelruimteplan 2020-2030.

Beleidskader Het Speelruimteplan 2020-2030 heeft als doelstelling om jaarlijks 7 speelplekken te renoveren. We zetten in op een breder en diverser speelaanbod. Inwoners van alle leeftijden moeten kunnen sporten en spelen op onze speelplekken. Hierbij hebben we extra aandacht voor oudere kinderen (10+) op grotere speelplekken en sportvoorzieningen. Daarbij zetten we in op meer groen, natuurlijk spelen en inclusieve speelruimtes waar iedereen mee kan doen. 5. Gebouwenbeheer Wat gaan we in 2024 doen? In 2021 hebben we alle onderhoudsplannen van de gemeentelijke gebouwen geactualiseerd. Ook hebben we de duurzaamheidsmaatregelen in beeld gebracht die nodig zijn om de gebouwen in 2030-2035 energieneutraal te maken. We voeren het onderhoud uit op basis van deze plannen. Voor de gebouwen die binnen 10 jaar worden afgestoten of gesloopt, voeren we alleen het onderhoud uit dat noodzakelijk is om het gebouw in stand te houden. Beleidskaders In het Meerjarig Onderhoudsplan (MOP) 2022-2031 wordt voor de middellange termijn richting gegeven aan een effectief en efficiënt beheer en onderhoud van de 14 gemeentelijke gebouwen. In dit meerjarige plan is aangegeven welke onderhoudswerkzaamheden noodzakelijk zijn in de komende periode. Het MOP is in 2021 geactualiseerd en in 2022 vastgesteld.

Met het instellen van een egalisatiefonds ("voorziening") voor beheer en onderhoud van gemeentelijke gebouwen zijn middelen beschikbaar hiervoor. Zo kan tussen gebouwen en over de jaren heen geschoven worden met middelen.

Hendrik-Ido-Ambacht

Begroting 2024

58

Egalisatiereserve meerjarig onderhoudsplan Op 31 december 2021 was het saldo nagenoeg nihil. Een nieuw MOP werd in 2021 geactualiseerd en vastgesteld in 2022 met daarin duurzaamheidsaspecten die plaatsvinden op zgn. natuurlijke momenten. Ontwikkelingen De plannen om Cultureel Centrum Cascade een facelift te geven (project "Revitalisatie") zijn opgestart in 2022 en op dit moment in de Voorlopig-Ontwerp-fase. De voormalige gymzaal aan de Weteringsingel was in gebruik voor vluchtelingen met een nietOekraïense achtergrond. Op termijn slopen we de gymzaal samen de Meander aan de Witte de Withstraat om zo plaats te maken voor een nieuwe energie neutrale school . Voor alle schoolgebouwen is een Integraal Huisvestingsplan vastgesteld. De komende acht jaar vervangen we veel oude schoolgebouwen door nieuwe toekomstgerichte onderwijsgebouwen/kindcentra. De school aan de P.C. Hooftsingel 7 gebruiken we voor tijdelijke huisvesting van scholen, op termijn ontwikkelen we hiervoor een gebiedsvisie. Duurzaamheid Ontwikkelingen over het toepassen van (HVC-) Warmtenet bij gemeentelijk/maatschappelijk vastgoed zijn in de haalbaarheidsfase. De uitkomsten van deze haalbaarheidsstudie zijn bepalend voor de toekomstige duurzame keuzes voor het vervangen van gasgestookte cv-installaties. Namelijk of aansluiting op het warmtenet of vervangen door elektrisch aangedreven warmtepompen.

Waarbij aansluiting op het warmtenet onze voorkeur heeft vanuit de grote maatschappelijke opgave voor warmte. Bij aanpassingen van gebouwen maken we zoveel mogelijk gebruik van circulaire en herbruikbare materialen. Daarnaast kopen we stroom voor openbare verlichting en voor onze gebouwen 100% groen in via DVEP. Bij het actualiseren van de meerjarenonderhoudsplannen nemen we duurzaamheidsmaatregelen mee. Bij scholen en de gebouwen in beheer van stichting Cascade hebben we een stimulerende rol voor wat betreft duurzaamheid.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13148624/1