CConstaterende datHendrik-Ido-Ambacht
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage bij nr. 17 Bestuursnotitie zienswijzen begroting 2023 AB 7 juli 2022

raadsvergadering openbaar 3 oktober 2022, gemeente Hendrik-Ido-AmbachtBij agendapunt: Lijst van ingekomen stukken en eventuele mededelingen2.524 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Agendapunt: 7

Bestuursnotitie Datum 27 juni 2022 Onderwerp Zienswijzen begroting 2023 De ontwerpbegroting 2023 van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ) is voor 15 april 2022, overeenkomstig de Wet gemeenschappelijke regelingen, aangeboden aan de vertegenwoordigende organen van de deelnemers voor het geven van een zienswijze. De deelnemers zijn tevens in de gelegenheid gesteld om een reactie te geven op het resultaat uit de jaarstukken 2021 en deze te betrekken bij de zienswijze op de ontwerpbegroting 2023. Verzocht is de zienswijzen voor 10 juni 2022 aan OZHZ toe te zenden. Deze bestuursnotitie geeft het algemene beeld van de zienswijzen 1 en de reactie van OZHZ. Overzicht zienswijzen Onderstaand een overzicht van aangeleverde zienswijzen: Zienswijze Provincie Zuid-Holland

X

Alblasserdam

X

Dordrecht

X

Gorinchem

X

Hardinxveld-Giessendam

X

H-I-Ambacht

X

Hoeksche Waard

X

Molenlanden

X

Papendrecht

X

Sliedrecht

X

Zwijndrecht

X

De ingebrachte zienswijzen spitsen zich toe op de volgende onderwerpen: (1)

Geen zienswijze

(2)

Bestemming rekeningresultaat 2021

(3)

Overdracht bodemtaken

(4)

Ontwikkelingen externe omgeving (begrotingsrichtlijnen 2023)

(5)

Overig

1

In een enkel geval betreft dit de zienswijze die al wel door het college is vastgesteld maar formeel nog niet door de raad.

(1)

Geen zienswijzen

Strekking zienswijzen De gemeenten Alblasserdam, Hoeksche Waard en Molenlanden hebben ambtelijk aangegeven dat de raad (waarschijnlijk) geen aanleiding ziet voor het indienen van een zienswijze. De gemeente Dordrecht kan zich vinden in de uitgangspunten en de ontwikkelingen die OZHZ benoemt als relevant voor de begroting. De Provincie Zuid-Holland geeft expliciet aan in te stemmen met de ontwerpbegroting 2023 van OZHZ en de meerjarenraming 2024-2026 voor kennisgeving aan te nemen. (2)

Bestemming rekeningresultaat 2021

Het rekeningresultaat van 2021 bedraagt € 267.000. Conform de regionale afspraken wordt € 47.000 aan het weerstandsvermogen toegevoegd op grond van een risicocalculatie. Het DB van OZHZ sprak daarnaast in april jl. de voorkeur uit om het restant (€ 220.000) eveneens toe te voegen aan het weerstandsvermogen. Reden is de hoge inflatie en onzekerheid in het verloop hiervan. Dit leidt tot een financieel risico voor de exploitatie. Strekking zienswijzen De provincie Zuid-Holland en de gemeenten Alblasserdam (geen zienswijze), Gorinchem, HardinxveldGiessendam en Hoeksche Waard (geen zienswijze) steunen het voorstel van OZHZ. De gemeente Molenlanden vraagt om een onderbouwing van de noodzaak voor de toevoeging aan het weerstandsvermogen, het effect van deze toevoeging op het weerstandsvermogen c.q. voor hoelang de Omgevingsdienst daarmee op peil is en hoeveel financiële risico’s daarmee gedekt dienen te worden. De gemeenten Dordrecht, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht zien geen aanleiding om op basis van verwachting en onzekerheden het weerstandsvermogen groter te maken dan noodzakelijk. De gemeenten baseren zich op de eerdergenoemde regionale afspraken. Deze gemeenten erkennen de risico's, maar juist de onzekerheden maken dat zij de ontwikkelingen willen afwachten.

Conform de regionale afspraken is het weerstandsvermogen bedoeld om de risico's in eerste aanleg op te vangen. Als dat onvoldoende blijkt, dan fungeren de deelnemers als financiële achtervang voor OZHZ. Reactie OZHZ Het merendeel van de deelnemers steunt het voorstel, maar een aanzienlijk deel is van mening dat het resterende resultaat moet terugvloeien naar de deelnemers. Gezien de verschillen van mening tussen de deelnemers stelt OZHZ voor om het voorstel expliciet voor te leggen aan het AB. De directie van OZHZ geeft nadrukkelijk in overweging om een extra toevoeging te doen aan het weerstandsvermogen. Het CPB prognosticeert een inflatie van 5,2% in 2022. Het effect van de oorlog in Oekraïne op de energieprijzen is daarbij een bijkomende majeure onzekerheid. In de begroting 2022 is rekening gehouden met een prijsontwikkeling van 1,85%. Een hogere inflatie betekent met name een risico voor de exploitatie in 2022 en 2023. De inflatie werkt in de volle breedte van de exploitatie door. In eerste aanleg wordt het risico zoveel mogelijk opgevangen in de huidige exploitatie door eventuele incidentele meevallers in te zetten. In tweede aanleg wordt een beroep gedaan op het weerstandsvermogen. In de berekening van het weerstandsvermogen is een risicobedrag opgenomen voor de inflatie.

Daarmee kan een inflatie van circa 5,4 % op de inhuur- en materiële kosten, gedurende één begrotingsjaar, worden opgevangen.

2

Aanvullend risico gedurende het lopende begrotingsjaar 2022 heeft betrekking op de gespannen arbeidsmarkt. Ook OZHZ wordt geconfronteerd met hoge uitstroom die, om wel de afgesproken producten te kunnen leveren, deels met inhuur tegen nieuwe (hogere) tarieven moet worden ingevuld. Het niet of later invullen van vacatures is een financieel risico. Indien 10 vacatures op jaarbasis minder zijn ingevuld dan geraamd, dan betekent dit een extra kostenpost van circa € 300.000. Natuurlijk zal OZHZ bezien welke maatregelen mogelijk zijn om het effect zo beperkt mogelijk te laten zijn. In geval van een financieel nadeel zijn er 2 opties. Ten eerste kan OZHZ in november 2022 voorstellen om het tarief 2023 aan te passen. Dit zou echter onmiddellijk inhoudelijke gevolgen hebben voor het jaarprogramma 2023. Deelnemers moeten dan in een laat stadium inhoudelijke keuzes maken om de tariefstijging op te vangen. Daarbij is het regionale uitvoeringsniveau (RUN) de ondergrens. Optie 2 is om het tarief 2023 niet aan te passen en eenmalig een beroep doen op het weerstandsvermogen om het prijseffect op te vangen. Het weerstandsvermogen kan daarmee onder de norm komen. De deelnemers moeten dan ofwel het weerstandsvermogen aanvullen (via een zienswijzeprocedure), ofwel het tekort opvangen in het eigen weerstandsvermogen in de eigen begroting.

Beide varianten zijn relatief omslachtig en komen ook onder de aandacht van BZK als toezichthouder. Met een extra toevoeging aan het weerstandsvermogen van OZHZ is de kans kleiner dat een van de scenario's zich voordoet. (3)

Overdracht bodemtaken

Strekking zienswijzen De gemeente Hardinxveld-Giessendam maakt nogmaals kenbaar het onaanvaardbaar te vinden dat er opnieuw een taakoverdracht plaatsvindt vanuit het Rijk zonder voldoende financiële middelen. Daarnaast uit de gemeente haar zorgen over het ontbreken van een globale meerjarige doorkijk in de ontwerpbegroting 2023 van OZHZ. "Er wordt aangegeven dat 2023 een overgangsjaar is. Afspraken over structurele uitvoering van de bodemtaken worden later gemaakt. [..] Daarmee vragen wij ons vanzelfsprekend ook af of de gemeente (en in mandaat de omgevingsdienst) in 2023 al in staat is om deze taken van de provincie over te nemen en de komende jaren op een goede manier uit te voeren. [..] Wij zouden het daarom waarderen als de provincie in ieder geval in 2023 gedeeltelijk voorziet in de benodigde financiering om zo de overgang van de bodemtaken richting de gemeente te bespoedigen." De gemeenten Hendrik-Ido-Ambacht, Sliedrecht en Zwijndrecht hebben begrip voor de kosten van de overdracht van de bodemtaken, maar verzoeken OZHZ scherper in gesprek te gaan met de landelijk betrokken partijen over de financiering. De gemeente Molenlanden vraagt een maximale inspanning van OZHZ. De gemeente Papendrecht doet een beroep op de deelnemers om hierbij regionaal op te trekken.

De gemeente Dordrecht merkt op dat de overdracht van de bodemtaken van de provincie Zuid-Holland naar de gemeenten ook voor Dordrecht een risico betekent. Dordrecht is al vele jaren zelf bevoegd gezag voor de bodemtaken, die door OZHZ worden uitgevoerd. In de begroting beperkt OZHZ zich in de ogen van Dordrecht ten onterechte tot de overige gemeenten. "Voor de financiering van het Dordtse aandeel van de bodemtaken geldt echter dezelfde dreiging dat daarvoor aanzienlijk minder geld beschikbaar komt. Zoals u in de begroting aangeeft voor de overige gemeenten zullen we dat ook vanuit Dordrecht meewegen bij het maken van regionaal beleid voor een uitvoeringskader voor de bodemtaken."

3

Reactie OZHZ OZHZ deelt de zorgen van de deelnemers. Het Rijk, IPO, VNG en UvW overleggen al langere tijd met elkaar over de financiering van de overgaande bodemtaken. Er zijn op dit moment nog geen definitieve afspraken gemaakt. Verwachting is wel dat de beschikbare rijksmiddelen substantieel afnemen. De argumentatie is dat de grote bodemsaneringen inmiddels achter de rug zijn. Het Rijk legt daarbij echter onvoldoende de verbinding met actuele onderwerpen zoals woningbouwopgaven, ontwikkeling van industrie en het verduurzamen van de omgeving. Het risico dat de bodemtaak niet kostendekkend overgaat naar de gemeenten is derhalve nog actueel. Het AB heeft hierover reeds in 2021 zijn zorgen uitgesproken. Ook is namens de Zuid-Hollandse omgevingsdiensten een brief gestuurd naar de minister en hebben VNG en provincie hun zorgen geuit bij het Rijk. OZHZ volgt de lobbyactiviteiten op de voet en levert hierin input voor Omgevingsdienst NL en de provincie ZuidHolland. OZHZ ziet 2023 inderdaad als een overgangsjaar. Doel is om aan de hand van de eerste ervaringen met de Omgevingswet meer inzicht te krijgen in de omvang van de uitvoering en de beschikbare middelen. Op basis van dit inzicht zullen op later moment structurele afspraken over uitvoeringsbeleid en benodigde middelen worden gemaakt.

Om de inzet voor de bodemtaak te reguleren ontwikkelt OZHZ thans samen met gemeenten een risicomodel (RUN-bodem) voor vergunningverlening, toezicht en handhaving. De toelichting in de begroting is aangescherpt op grond van de reactie van de gemeente Dordrecht. Een tekort aan rijksmiddelen voor de gemeente Dordrecht kan zich inderdaad ook vertalen in een lager uitvoeringsniveau en minder beschikbare middelen in het jaarprogramma van de gemeente Dordrecht. (4) Ontwikkelingen in de externe omgeving (begrotingsrichtlijnen 2023) In de begrotingsrichtlijnen 2023 sorteert OZHZ voor op de nieuwe opgaven in de externe leefomgeving. Het gaat daarbij om: de implementatie van de Omgevingswet, de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen en de overgang van bodemtaken van provincie naar gemeente. Daarnaast is OZHZ individueel met de gemeenten in gesprek inzake de Zeer zorgwekkende stoffen, energieagenda en de aanpak van ondermijning. Landelijk en op provinciaal niveau is een traject gestart inzake de doorontwikkeling van de VTH-taken. Op de achtergrond speelt de miljoenennota een rol, waarin extra middelen staan voor woningbouw, klimaat en bestrijding van milieucriminaliteit. OZHZ heeft de ontwikkelingen financieel vertaald per deelnemer en als input aangeleverd voor de respectievelijke voorjaarsnota's.

De uitkomst van de interne bestuurlijke besluitvoering van de deelnemers zal worden verwerkt in de definitieve begroting. Strekking zienswijzen De gemeente Gorinchem merkt op dat de financiële effecten van bovengenoemde ontwikkelingen nog niet allemaal zijn verwerkt in de ontwerpbegroting. De gemeente Hendrik-Ido-Ambacht ziet dit als een beperking om een integrale afweging te kunnen maken over de begroting 2023. "Voor de toekomst verwachten wij een begroting waaruit een compleet beeld naar voren komt van de activiteiten die de OZHZ in dat begrotingsjaar gaat uitvoeren." De gemeente merkt op dat ook het effect van de Omgevingswet op het weerstandsvermogen nog onzeker is.

4

De gemeente Dordrecht vindt de beschrijving over de gevolgen van de Wet kwaliteitsborging bouwen (Wkb) niet volledig. "In de eerste plaats blijft het wegvallen van taken onderbelicht. In de praktijk van Dordrecht en Alblasserdam is het effect hiervan gering, omdat reeds eerder is besloten, op basis van een risicoanalyse, een groot deel van dit werk niet langer te doen. In de tweede plaats geeft u terecht aan dat de Wkb ook nieuwe taken met zich meebrengt. De kosten daarvan mogen niet vanuit legesinkomsten wordt gedekt. De kosten van deze nieuwe taken hangen in sterke mate af van het uitvoeringsniveau, dat wil zeggen met welke intensiteit deze nieuwe taken worden uitgevoerd. Wij vragen u om hiervoor een sobere en doelmatige insteek te kiezen als basis voor een (regionaal) uitvoeringskader voor deze nieuwe taken." Reactie OZHZ OZHZ verwerkt in de begroting de collectieve besluiten van het AB en de individuele bestuurlijke besluiten van de deelnemers, veelal via de jaarprogramma's. Dat betekent dat de ontwerpbegroting alleen de bestuurlijke besluiten bevat en geen voorstellen voor additionele financiering. De financiële effecten van bovengenoemde ontwikkelingen zijn veelal afhankelijk van bestuurlijke keuzes van de deelnemers. OZHZ heeft in het voorjaar per deelnemer de financiële effecten inzichtelijk gemaakt als input voor de respectievelijke voorjaarsnota's.

Daarbij is actief meegedacht hoe de bestuurlijke keuzes zijn in te passen in het jaarprogramma en welke alternatieve financieringsbronnen mogelijk zijn. Voor zover de bestuurlijke besluitvorming bij de deelnemers is afgerond, is deze verwerkt in de ontwerpbegroting 2023. Indien nog geen besluitvorming heeft plaatsgevonden, dan vindt verwerking plaats op een later moment in de bestuursrapportages 2022 en begroting. De toelichting in de begroting 2023 op de Wkb is aangescherpt, in lijn met de reactie van de gemeente Dordrecht. (5)

Overig

Strekking zienswijzen Prijsstijgingen De gemeente Papendrecht constateert dat de prijzen stijgen en de kosten oplopen. Dit zal ook gevolgen hebben voor cao-besprekingen en de omvang van loonkosten. Daarbij komen ook de na-ijleffecten van Covid en een eventuele nieuwe Covid-golf eind 2022 en begin 2023. Dit kan de budgetten verder onder druk zetten. "Wij gaan ervan uit dat u deze ontwikkelingen zo veel als mogelijk binnen de eigen exploitatie probeert op te vangen. Wij vragen u dit goed te monitoren en ons tijdig te informeren. Wij begrijpen dat naast efficiencywinst ook aanpassing van beleid aan de orde zal zijn. Aanpassing die om bestuurlijke keuzes vraagt en waarbij stapeling van effecten voorkomen moet worden. Wij verzoeken u in deze ontwikkeling proactief de gemeenten op te zoeken om zo gezamenlijk te kijken naar optimale oplossingen." Duurzame mobiliteit In het kader van de stijgende energieprijzen wijst de gemeente Gorinchem op het belang van duurzame mobiliteit. In de gemeente hebben we deelfietsen en deelauto’s, en stimuleren we het openbaar vervoer. Een auto zorgt inderdaad voor gemak en flexibiliteit bij uw medewerkers, maar voor de benoemde risico’s kan een deel wellicht opgevangen worden door andere duurzame mobiliteitsvormen. Ons advies is dat u uw organisatie daar ook in zou kunnen stimuleren en faciliteren.

5

Specifieke aandachtspunten Provinciale Staten PZH merkt op dat de specifieke aandachtspunten van Provinciale Staten (externe inhuur, HRM-beleid, digitalisering en duurzaam inkopen) voldoende aan bod komen. PZH gaat ervan uit dat deze onderwerpen in het vervolg een integraal onderdeel zullen uitmaken van de P&C producten van OZHZ. Reactie OZHZ OZHZ is zich bewust van de financiële opgave die bij de deelnemers en OZHZ spelen. Zoals aangegeven in (1) is de verwachte inflatie in 2022 fors hoger dan de gehanteerde loon- en prijsindex en is er sprake van een grote onzekerheid ten aanzien van de ontwikkeling van de energieprijzen. OZHZ probeert de effecten zoveel mogelijk op te vangen in de eigen bedrijfsvoering, maar op de langere termijn lijkt een bijstelling van het tarief onvermijdelijk. OZHZ heeft de afgelopen jaren diverse besparingen doorgevoerd en het voordeel ten gunste laten komen van de deelnemers. Indien opdrachtgevers zoeken naar mogelijkheden tot verdere bezuinigingen ligt het in de rede om dit te doen door inkrimping van het jaarprogramma OZHZ, mits men blijft voldoen aan het vastgestelde lokale en regionale minimumniveau (RUN). De bijdrageverordening geeft hiervoor diverse mogelijkheden. OZHZ onderschrijft uiteraard het belang van een duurzame mobiliteit. Het wagenpark is vrijwel volledig elektrisch.

De locatie van het kantoorpand is dicht bij het Centraal Station Dordrecht en het gebruik van openbaar vervoer wordt extra gestimuleerd door de OV-kosten, conform de regionaal geldende regeling, volledig te vergoeden. Daarnaast zijn diverse dienstfietsen beschikbaar. Onderdeel van het hybride werken is alleen ook dat medewerkers vanuit huis naar externe afspraken gaan, waaronder inspecties. Soms is het doelmatig om daarbij gebruik te maken van de eigen auto. Niet alle locaties zijn namelijk even goed bereikbaar per OV. Ook heeft het soms weinig zin om eerst naar kantoor te komen, als een externe afspraak is gepland. De elektrificatie van het wagenpark zal de komende jaren verder toenemen.

6

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11694936/1