Bijlage bij nr. 12 RAS Commentaar en advies n.a.v. MER NIBUD RAS 12-9-2024
Tekst van het document
Commentaar en advies naar aanleiding van Minima Effect Rapportage NIBUD Algemeen De RAS waardeert het positief dat een rapport is opgesteld over de financiële positie van inwoners met een laag inkomen. Het NIBUD heeft veel ervaring op dit vlak en heeft een realistische kijk op allerlei soorten inkomsten en uitgaven van huishoudens. In het rapport worden de financiën van 8 typen huishoudens uitgewerkt. Hoewel de verscheidenheid aan huishoudenssamenstellingen groter is, begrijpen wij dat je je enigszins moet beperken. De uitwerking vindt plaats per gemeente, omdat er verschillen zijn tussen de gemeenten bij het minimabeleid. De aanpak is volgens de NIBUD-methode: voor allerlei soorten uitgaven worden genormeerde bedragen gehanteerd, die aan de praktijk getoetst zijn. We komen daar later nog op terug. Ook overigens wordt gewerkt met standaarden en gemiddelden die zoveel mogelijk aansluiten bij de betreffende huishoudens. Op deze manier ontstaan er goed vergelijkbare overzichten per type huishouden en per gemeente. Uitgangspunten Het is voor de inzichtelijkheid en de duiding prima dat de gehanteerde uitgangspunten expliciet zijn aangegeven. Dan kun je vaststellen dat niet elk huishouden precies past bij één van de 8 besproken typen. De werkelijkheid is vermoedelijk zo dat nagenoeg geen enkel huishouden te maken heeft met dezelfde omstandigheden.
Maar het is uiteraard onmogelijk om de situatie van alle huishoudens in de Drechtsteden te behandelen. Wij begrijpen dus de modelmatige manier waarop de berekeningen zijn gemaakt. Wel maken we kanttekeningen bij een aantal uitgangspunten. Huurwoning Inderdaad zullen de meesten uit de doelgroep een woning huren. Gemiddelden Zoals al eerder aangegeven zijn de omstandigheden van huishoudens zelden gelijk. Het is echter redelijk uit te gaan van gemiddelden. Schulden Met schulden is geen rekening gehouden. Bij een modelmatige benadering is dat ook niet mogelijk. De werkelijkheid is dat best wel veel huishoudens uit de doelgroep te maken hebben met schulden. In veel gevallen zijn de uitkomsten van de berekening dus ongunstiger!
1
Alimentatie Net als bij schulden kan in het model geen rekening worden gehouden met specifieke omstandigheden zoals alimentatie. Dat kan overigens twee kanten opgaan: alimentatie ontvangen (gunstig effect) of betalen (ongunstig effect). Benutten van regelingen Het model gaat uit van het maximaal benutten van minimaregelingen. Het is algemeen bekend dat al decennialang regelingen niet maximaal worden benut. Eén van de regelingen die heel goed benut werd was recent de energietoeslag. Die regeling kon bijna niemand ontgaan vanwege de brede publiciteit én de hoge rekening die op de deurmat viel. Daarnaast speelde schaamte geen rol omdat elk huishouden te maken had met de enorme stijging van de energieprijzen. Een regeling die een behoorlijk groot bereik kent (van 80 à 90 %) is het SMS-kinderfonds. Maar de feitelijke benutting blijft beperkt tot zo’n 60 à 70% van het beschikbare budget. De onderbenutting van regelingen heeft een negatief effect op de uitkomsten. Huisdieren en roken Huisdieren houden en roken zijn specifieke omstandigheden die niet passen in de modelmatige benadering. Maar als men een huisdier heeft of rookt, zijn er wel extra uitgaven waar geen rekening mee is gehouden. En algemeen bekend is dat roken vaker voorkomt bij mensen met een laag inkomen. Zeer goed met geld kunnen omgaan Tja, dit uitgangspunt is vermoedelijk het meest problematische.
Velen voldoen niet aan deze strenge eis. Als men regelmatig verkeerde financiële keuzes maakt, heeft dit een groot negatief effect op de financiële situatie.
Conclusie: de modelmatige benadering is te begrijpen, maar uit bovenstaande blijkt dat de resultaten in veel gevallen slechter zijn dan de uitkomsten uit het rapport. Colleges en gemeenteraden moeten dit zich goed realiseren bij besluitvorming over het minimabeleid, zeker nu de gemeentelijke financiën fors onder druk staan.
De gehanteerde normen In de uitwerking per typen huishouden en per gemeente kun je zien welke normen zijn gehanteerd voor de uitgaven. Als je de bedragen goed op je laat inwerken, kom je tot de conclusie dat het niet eenvoudig is om met deze bedragen rond te komen. Zo is er voor een alleenstaande zo’n € 260 per maand voor levensonderhoud. Dat is € 8,50 per dag. Voor een abonnement op een krant (ruim € 40 per maand) is in veel gevallen ook nauwelijks ruimte: de norm varieert van € 3 tot € 10 per maand! Zeker voor de laagste inkomens is er weinig manoeuvreerruimte en kun je concluderen dat men inderdaad heel goed met geld moet kunnen omgaan!
Politici: laat de normen goed tot je doordringen bij discussies en besluitvorming over minimabeleid.
2
De uitkomsten Bij de berekeningen is nog niet meegenomen dat Papendrecht (net als Zwijndrecht) een sport- en cultuurfonds 18+ heeft. Voor een aantal typen huishoudens heeft dit een positief effect. De berekeningen geven een goed inzicht in de financiële situatie van de verschillende typen huishoudens. Ten opzicht van enkele jaren geleden is de situatie verbeterd. Dit is ook het landelijke beeld. Er zijn twee typen huishoudens die er bekaaid vanaf komen: een paar onder de AOW-leeftijd zonder kinderen én een paar met oudere kinderen. De vrije ruimte is voor deze huishoudens zeer beperkt.
Het verdient aanbeveling om in het minimabeleid vooral deze huishoudens in staat te stellen om maandelijks ‘rond’ te komen. Een 18+-fonds kan daaraan bijdragen (Zwijndrecht en Papendrecht) net als de verbreding van de doelgroep paren met oudere kinderen tot 150% van het wettelijke sociaal minimum bij het SMSkinderfonds (Dordrecht).
De armoedeval in Hardinxveld-Giessendam is een gevolg van de keuze voor beperking van de doelgroep van het SMS-kinderfonds tot max. 130% van het wettelijke sociaal minimum.
Het is verstandig als Hardinxveld-Giessendam deze keuze heroverweegt. Het gaat niet om grote aantallen huishoudens en de meerkosten zijn dus beperkt.
De positieve effecten van het persoonlijk minimabudget (PMB) en ‘Ik doe mee’ zijn duidelijk en het is van belang om de betreffende huishoudens te stimuleren om van deze regelingen gebruik te maken. Adviezen Het rapport besluit met een achttal adviezen. 1. Stimuleer goed financieel beheer Eens. Hier ligt een mooie taak van de sociale wijkteams of vergelijkbare organisaties. Ook particuliere initiatieven vanuit de samenleving (Stichtingen, kerken,…) kunnen hieraan een bijdrage leveren. 2. Verminder niet-gebruik van regelingen Eens. Een deel van de doelgroep is gemakkelijk te benaderen, zoals allen met een bijstandsuitkering. Zij kunnen persoonlijk attent gemaakt worden op de regelingen en het belang ervan voor henzelf. De groep van ‘werkende armen’ is moeilijker te vinden. Maak dus als gemeente en uitvoeringsorganisatie de regelingen breed bekend en maak gebruik van alle mogelijke media. Gebruik eenvoudige, maar duidelijke taal. 3. Verlagen energie- en woonlasten Het grootste deel van de doelgroep is aangewezen op een huurwoning. Voor dit advies ligt er dus vooral een taak voor de woningcorporaties. 4. Maak de voordelen van de collectieve zorgverzekering duidelijk Uiteraard mee eens.
3
5. Kies daarbij het juiste pakket Prima advies. 6. Bevorder sociale participatie van 18+’ers De Drechtstedengemeenten kunnen de aanpak van Zwijndrecht en Papendrecht overnemen. 7. Aandacht voor paren met oudere kinderen Is inderdaad een belangrijke doelgroep voor ondersteuning. Wijs hun actief op allerlei regelingen en stimuleer deelname aan het arbeidsproces om in elk geval ver te blijven van de 100% grens van het wettelijk sociaal minimum. 8. Voorkom armoedeval Eens. Hiervoor gaven wij al het advies om het SMS-kinderfonds te laten gelden tot in elk geval 140% van het wettelijk sociaal minimum. Overigens is het onontkoombaar dat op een gegeven moment ondersteunende regelingen wegvallen en men aangewezen is op vooral het reguliere salaris. Dat is over het algemeen aan de orde bij de meer hogere inkomens waar men wel een stootje kan hebben. Samengevat Colleges en gemeenteraden: wees bewust van de kwetsbare positie van veel inwoners van uw gemeente, zorg voor een passend niveau van bestaanszekerheid en houd uw inwoners met een laag inkomen buiten de bezuinigingen.
Dordrecht, 9 september 2024, de Regionale Adviesraad Sociaal Drechtsteden
4