Bijlage 2 bij Raadsvoorstel 7.4 Wijzigingsbesluit APV
Tekst van het document
Algemene Plaatselijke Verordening, eerste wijziging De raad van de gemeente Hendrik-Ido-Ambacht, Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 31 oktober 2023, Overwegende dat Bepalingen uit het Standplaatsenbeleid Hendrik-Ido-Ambacht juridisch gezien beter passen in de APV en in nadere regels op de APV; Dat deze bepalingen en een grond voor het opstellen van nadere regels nu ontbreken in de APV; Gelet op artikel 11 van de Europese Dienstenrichtlijn, artikel 33 van de Dienstenwet en artikel 149 van de Gemeentewet; Gezien het advies van de Commissie RZ- De Volgerlanden; Besluit vast te stellen: Algemene Plaatselijke Verordening, eerste wijziging
Artikel 1 De Algemene Plaatselijke Verordening, eerste wijziging wordt als volgt gewijzigd:
•
Bij artikel 5:17 Definitie wordt lid 2 als volgt toegevoegd: 'Hendrik-Ido-Ambacht kent de volgende soort standplaatsen: a. Vaste standplaatsen; b. Incidentele standplaatsen; c. Seizoensgebonden standplaatsen.'
•
Bij artikel 5:17 Definitie wordt lid 3 als volgt toegevoegd: 'In deze afdeling wordt onder vaste standplaats verstaan een door de gemeente aangewezen locatie die gedurende het gehele jaar voor maximaal twee dagen per week mag worden ingenomen door een vergunninghouder.'
•
Bij artikel 5:17 Definitie wordt lid 4 als volgt toegevoegd: 'In deze afdeling wordt onder seizoensgebonden standplaats verstaan een door de gemeente aangewezen standplaatslocatie die slechts gedurende een bepaalde periode per jaar wordt ingenomen voor de verkoop van seizoensgebonden waren en goederen. De periode is productafhankelijk.'
•
Bij artikel 5:17 Definitie wordt lid 5 als volgt toegevoegd: 'In deze afdeling wordt onder incidentele standplaats verstaan een standplaats op een locatie die in de gemeente kan worden ingenomen voor maximaal zes dagen per kalenderjaar door dezelfde vergunninghouder.' Bij artikel 5:17 Definitie wordt lid 6 als volgt toegevoegd: Onder standplaats wordt niet verstaan: a. Een vaste plaats op een jaarmarkt of markt als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet; b. Een vaste plaats op een evenement als bedoeld in artikel 2:24.
•
Bij artikel 5:18 Standplaatsvergunning wordt lid 2 vervangen door: 'Het college wijst locaties aan voor het innemen van een vaste- of seizoensgebonden standplaats.'
1
•
Bij artikel 5:18 Standplaatsvergunning wordt lid 3 vervangen door: 'Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.'
•
Bij artikel 5:18 Standplaatsvergunning wordt lid 4 vervangen door: 'De vergunning is niet overdraagbaar, de standplaats moet persoonlijk door de vergunninghouder ingenomen worden.'
•
Artikel 5:18 a Nadere regels standplaatsvergunning wordt als volgt toegevoegd: 1. In aanvulling op het bepaalde in artikel 1: 4 kan het college nadere regels stellen ter zake van de vergunning zoals bedoeld in artikel 5:18 eerste lid en over het gebruik van de standplaats. 2. De vergunning voor een vaste standplaats wordt verleend voor vijftien jaar. 3. De vergunning voor een vaste standplaats wordt verstrekt voor maximaal twee dagen per week. 4. De vergunning voor een seizoensgebonden standplaats wordt verstrekt voor maximaal vier aangesloten weken per kalenderjaar. Per aanvrager kan maximaal één vergunning voor een seizoensgebonden standplaats worden verleend. 5. In afwijking van lid 4 van dit artikel wordt de vergunning voor seizoensgebonden standplaatsen voor de verkoop van oliebollen verstrekt voor de periode van 1 oktober tot en met 31 januari. 6. De vergunning voor incidentele standplaatsen wordt verstrekt voor maximaal zes dagen per kalenderjaar door dezelfde vergunninghouder. 7. Per persoon wordt niet meer dan één seizoensgebonden standplaats verleend. 8. Voor het innemen van een incidentele standplaats mag door eenzelfde persoon maximaal zes dagen per kalenderjaar een standplaats worden ingenomen. 9. Lid 8 van dit artikel is niet van toepassing voor het innemen van een standplaats voor gezondheidsonderzoek en wetenschap.
•
Artikel 5:18 b Weigeringsgronden wordt als volgt toegevoegd: 1. Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 kan de vergunning worden geweigerd als: a. De standplaats, hetzij op zichzelf, hetzij in verband met de omgeving niet voldoet aan de redelijke eisen van welstand; of b. Een kwantitatieve of territoriale beperking als gevolg van bijzondere omstandigheden in de gemeente of in een deel van de gemeente noodzakelijk is in verband met een dwingende reden van algemeen belang. c. Het college kan de vergunning weigeren wegens strijd met een geldend bestemmingsplan.
•
Artikel 5:18 c wordt als volgt toegevoegd: 1. Besluiten op grond van eerdere versies van deze verordening op het gebied van standplaatsen blijven na inwerkingtreding van deze verordening gelden, totdat het college deze ambtshalve hebben gewijzigd of ingetrokken. 2. In afwijking van lid 1 worden alle verstrekte vergunningen ingetrokken die: a. verleend zijn voor onbepaalde tijd; b. verleend zijn een duur langer of korter dan de vergunningstermijn zoals bepaald in artikel 5:18a, tweede lid. 3. De vergunningen die ingetrokken zijn conform lid 2 van dit artikel worden vervangen met een nieuwe vergunning met de duur conform artikel 5:18a tweede lid, plus een overgangstermijn van vijf jaar.
Artikel 2 Dit wijzigingsbesluit treedt in werking op het moment dat de Omgevingswet in werking treedt.
2
Artikel 3 Dit wijzigingsbesluit wordt aangehaald als Algemene Plaatselijke Verordening Hendrik-Ido-Ambacht, eerste wijziging.
Aldus vastgesteld in de vergadering van 4 december 2023.
De griffier,
De voorzitter,
Drs. Ing. G.H. Logt
P. van der Giessen
3